<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR48858_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening langdurigheidstoeslag Delfzijl, Appingedam en Loppersum 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Loppersum</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Loppersum</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening langdurigheidstoeslag Delfzijl, Appingedam en Lopersum 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Werk en Bijstand; artikel 8, eerste lid en artikel 36</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet; artikel 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-03-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-12-13</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Sociale Zaken en Werkgelegenheid</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening langdurigheidstoeslag Delfzijl, Appingedam en Loppersum 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Delfzijl, Appingedam en Loppersum; </al><al>gelezen het voorstel van het burgemeester en wethouders van 10 maart
                        2009;</al><al>gelet op artikel 8, eerste lid, en artikel 36 van de Wet werk en bijstand en
                        artikel 149 van de Gemeentewet; </al><al/><al><vet>b e s l u i t :</vet></al><al>vast te stellen: </al><al/><al><vet>“VERORDENING LANGDURIGHEIDTOESLAG DELFZIJL, APPINGEDAM EN
                            </vet><vet>LOPPERSUM </vet><vet>2009”</vet><vet>.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>wet: Wet Werk en Bijstand; </al></li><li nr="b."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Delfzijl, Appingedam en Loppersum; </al></li><li nr="c."><al>netto bijstandsnorm: de op de gezinssituatie van toepassing
                                    zijnde bijstandsnorm zoals bedoeld in artikel 21 van de wet plus
                                    volledige gemeentelijke toeslag, exclusief eventuele
                                    heffingskortingen; </al></li><li nr="d."><al>langdurigheidtoeslag: toeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de
                                    wet; </al></li><li nr="e."><al>vermogen: vermogen als bedoeld in artikel 34 van de wet; </al></li><li nr="f."><al>langdurig: gelijk aan de duur van de referteperiode; </al></li><li nr="g."><al>referteperiode: 60 maanden voorafgaand aan de peildatum; </al></li><li nr="h."><al>peildatum: de datum waarop in enig jaar het recht op de
                                    Langdurigheidtoeslag ontstaat. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>VOORWAARDEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tot de doelgroep van deze regeling behoren personen van 21 jaar of
                                ouder doch jonger dan 65 jaar, die langdurig een laag inkomen en
                                geen in aanmerking te nemen vermogen hebben en door gebrek aan
                                arbeidsperspectief geen uitzicht hebben op inkomensverbetering, als
                                bedoeld in artikel 36, eerste lid van de wet, én ten tijde van de
                                aanvraag in de gemeente Delfzijl, Appingedam en Loppersum woonachtig
                                zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Geen recht op de langdurigheidtoeslag hebben personen die op de
                                peildatum of in de referteperiode een uitkering op grond van de Wet
                                op de Studiefinanciering of de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage
                                en Schoolkosten hebben genoten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Laag inkomen</titel></kop><al>Als laag inkomen in de zin van artikel 36 van de wet wordt aangemerkt,
                            een ononderbroken netto inkomen dat gedurende de referteperiode
                            gemiddeld niet meer bedraagt dan 100 % van de van toepassing zijnde
                            bijstandsnorm. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Gebrek aan arbeidsmarktperspectief</titel></kop><al>Er is een gebrek aan arbeidsmarktperspectief als gedurende de
                            referteperiode sprake is van een laag inkomen als bedoeld in artikel 3
                            en belanghebbende geen perspectief heeft diens inkomen door
                            arbeidsinschakeling te vergroten, of geen perspectief heeft op
                            progressie op de arbeidsmarkt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Hoogte Langdurigheidtoeslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De hoogte van de langdurigheidtoeslag is gelijk aan 38% van de van
                                toepassing zijnde bijstandsnorm voor een gezin, alleenstaande ouder
                                en alleenstaande per maand, naar boven afgerond op hele tientallen.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De hoogte van deze bijstandsnorm van de maand juli in het jaar
                                voorafgaand aan het kalenderjaar waarin de aanvraag wordt ingediend,
                                is de basis voor deze berekening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De hoogte van de langdurigheidtoeslag wordt jaarlijks in januari
                                bekendgemaakt en geldt het gehele kalenderjaar.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><al>Het college stelt beleidsregels vast met betrekking tot de uitvoering
                            van deze regeling. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere omstandigheden afwijken van het bepaalde
                            in deze verordening. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2009. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: <vet>“Verordening
                                Langdurigheidtoeslag Delfzijl, Appingedam en Loppersum
                                </vet><vet>2009”</vet><vet>.</vet></al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering </ondertekening><ondertekening>van de raad van de gemeente Loppersum</ondertekening><ondertekening>gehouden op 16 maart 2009, nr. 8.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>A.Rodenboog, burgemeester.</ondertekening><ondertekening>J.H. Bonnema, loco-secretaris.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Concept versie 9 januari
                        2009</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting bij de Verordening Langdurigheidtoeslag Delfzijl, Appingedam
                    en Loppersum 2009 </tussenkop><al>Deze verordening is tot stand gekomen als gevolg van een wetswijziging in de Wet
                    werk en bijstand waarin van de Langdurigheidtoeslag een bijzondere vorm van
                    (categoriale) bijzondere bijstand is gemaakt. Hiermee staat de regeling open
                    voor eigen beleidsregels van de gemeente. </al><al>Deze benadering sluit aan bij het uitgangspunt om, daar waar het kan, de
                    gemeente de vrijheid en verantwoordelijkheid te geven zelf invulling te geven
                    aan een regeling en op die manier optimaal maatwerk te kunnen leveren. Een
                    aantal punten vult de wetgever zelf in, onder meer de wijziging van de minimale
                    leeftijd van 23 jaar naar 21 jaar. </al><al>De doelstelling van de Langdurigheidtoeslag blijft onveranderd, te weten het op
                    aanvraag bieden van financiële ondersteuning wanneer men langdurig op een laag
                    inkomen is aangewezen en geen perspectief heeft op verbetering van dit inkomen
                    door bijvoorbeeld werkaanvaarding of -uitbreiding. </al><al>De gemeente kan zelf de hoogte van de langdurigheidtoeslag vaststellen en de
                    doelgroep bepalen. Een belanghebbende komt slechts eenmaal per 12 maanden voor
                    de Langdurigheidtoeslag in aanmerking. </al><al>Om de doelgroep af te bakenen dient de gemeente een aantal criteria nader in te
                    vullen, zoals het begrip ‘laag inkomen’, wanneer of er sprake is van ‘geen
                    arbeidsperspectief’ en welke termijn aan het begrip ‘langdurig’ verbonden wordt. </al><al>Op grond van artikel 8, in combinatie met artikel 36 van de Wet werk en
                    bijstand, stelt de gemeenteraad van Delfzijl, Appingedam en Loppersum de
                    Verordening Langdurigheidtoeslag Delfzijl, Appingedam en Loppersum 2009 vast. </al><tussenkop>Artikelgewijze toelichting </tussenkop><al>In onderstaande toelichting wordt ingegaan op een aantal artikelen, dat
                    toelichting behoeft. </al><tussenkop>Artikel 1 Begripsbepalingen </tussenkop><al>In dit artikel worden definities gegeven van begrippen die meer dan eens in de
                    verordening voorkomen, en waarvan het van belang is dat er telkens hetzelfde
                    onder wordt verstaan. In een aantal gevallen wordt verwezen naar definities in
                    de wet om ervoor te zorgen dat er zoveel mogelijk aansluiting blijft bij de
                    wetgeving die van toepassing is. </al><al>Gekozen is, de referteperiode vast te stellen op 5 jaar, ofwel 60 maanden
                    voorafgaand aan de peildatum. Hiermee is meteen invulling gegeven aan het begrip
                    ‘langdurig’. Dus over de duur van de referteperiode wordt bepaald of iemand
                    langdurig een laag inkomen en een gebrek aan arbeidsmarktperspectief heeft. </al><tussenkop>Artikel 2 Doelgroep </tussenkop><al>De doelgroep is in feite iedereen die aan de criteria voldoet welke in deze
                    verordening nader zijn ingevuld. </al><al>Studenten en scholieren zijn uitgesloten van het recht op de
                    Langdurigheidtoeslag. Het gaat hier om personen die in principe wel aan de
                    voorwaarden zouden voldoen maar van wie gesteld kan worden dat een recht op de
                    Langdurigheidtoeslag niet overeen zou komen met de aard en doelstelling ervan. </al><al>Van studenten wordt per definitie gesteld dat zij arbeidsmarktperspectief
                    hebben. Om te voorkomen dat degene met een baan met een minimuminkomen, die zijn
                    positie middels avondstudie probeert te verbeteren, niet in aanmerking zou
                    komen, is bepalend of de studerende in de referteperiode studiefinanciering
                    heeft genoten. Studiefinanciering is immers alleen mogelijk bij een dagstudie en
                    bij studenten beneden een bepaalde leeftijd. Als het gaat om gehuwden, of
                    degenen die daarmee gelijk te stellen zijn, waarvan één van beiden een uitkering
                    op grond van de Wet op de Studiefinanciering heeft genoten in een periode waarin
                    beiden niet als gehuwd zijn aan te merken, komt het recht de ander toe, voor
                    zover aan de overige voorwaarden is voldaan. </al><tussenkop>Artikel 3 Laag inkomen </tussenkop><al>Onder laag inkomen wordt verstaan een netto maandinkomen tot 100 % van de
                    bijstandsnorm. Hiermee wordt aangesloten bij de inkomensgrens zoals die tot 2009
                    is gehanteerd.</al><tussenkop>Artikel 4 Gebrek aan arbeidsmarktperspectief </tussenkop><al>Er is een gebrek aan arbeidsmarktperspectief als gedurende de referteperiode
                    sprake is van een laag inkomen als bedoeld in artikel 3 en belanghebbende geen
                    perspectief heeft diens inkomen door arbeidsinschakeling te vergroten of geen
                    perspectief heeft op progressie op de arbeidsmarkt. </al><al>Dus burgers met inkomsten uit arbeid of in verband met arbeid kunnen ook in
                    aanmerking komen voor Langdurigheidtoeslag zolang zij aan de inkomenseis
                    voldoen. Deze burgers hebben een gebrek aan perspectief om door middel van
                    progressie op de arbeidsmarkt het inkomen te vergroten en de wetgever heeft deze
                    groep niet willen uitsluiten van het recht op de Langdurigheidtoeslag. </al><tussenkop>Artikel 5 Hoogte Langdurigheidtoeslag </tussenkop><al>De Langdurigheidtoeslag is een percentage (38%) van de norm gehuwden,
                    alleenstaande ouder en alleenstaande. </al><al>De hoogte van de bijstandsnormen wordt echter enkele malen per jaar vastgesteld.
                    Om geen verschillende Langdurigheidtoeslagen te krijgen is besloten voor alle
                    aanvragen de norm van één vaste maand als uitgangspunt te nemen voor de
                    berekening. Dit is de bijstandsnorm van de maand juli voorafgaand aan het jaar
                    van aanvraag. </al><al>Het bedrag wat vervolgens uit de berekening volgt, wordt naar boven afgerond op
                    hele tientallen. </al><al>Dit bedrag wordt jaarlijks in januari bekendgemaakt en geldt voor het gehele
                    kalenderjaar. </al><tussenkop>Artikel 6 Uitvoering </tussenkop><al>Het college stelt beleidsregels met betrekking tot de uitvoering van deze
                    regeling. </al><tussenkop>Artikel 8 Inwerkingtreding </tussenkop><al>Bij de inwerkingtreding is aangesloten bij de inwerkingtreding van het
                    wetsontwerp, namelijk 1 januari 2009. In het wetsontwerp is een bepaling over
                    overgangsrecht opgenomen, zodat dit niet in deze verordening geregeld hoeft te
                    worden.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>