<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR48560_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Ferwerderadiel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ferwerderadiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-12-02</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ferwerderadiel</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ferwerderadiel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, t.w. Sawn Stjerren Nijs van 19
                november 2007 </dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Ferwerderadiel</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-11-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-02-26</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>9/54.07</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Ferwerderadiel, vastgesteld bij raadsbesluit van 16 december 1993 en gewijzigd bij raadsbesluit van 20 maart 1997, is ingetrokken.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Ferwerderadiel</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>1 Inleiding</vet></al><al/><al>Veel gemeenten zijn op dit moment druk bezig zich voor te bereiden op de
                        inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebestuur. De ontvlechting van
                        het wethouderschap en het raadslidmaatschap, de overheveling van
                        bestuursbevoegd-heden van de raad aan het college, de mogelijkheid van een
                        onafhankelijke rekenkamer of rekenkamerfunctie en de benoeming van de
                        griffier vormen de kern van de Wet dualisering gemeentebestuur. </al><al>In het plan van aanpak is aangegeven dat er voor 7 maart 2002 een aantal
                        werkzaam-heden moet worden verricht die hoofdzakelijk betrekking hebben op
                        de structuur van het bestuursmodel. Een onderdeel daarvan betreft het
                        vaststellen van een nieuw Reglement van Orde. </al><al/><al>De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft inmiddels een dualistisch
                        modelreglement van orde uitgebracht. Dit ontwerp heeft model gestaan voor
                        het Reglement van orde van onze gemeente. De oorspronkelijke tekst uit 1993
                        van ons eigen reglement hebben wij naast het nieuwe model van de V.N.G,
                        gelegd. Daarbij zijn tevens betrokken de uitkomsten van de
                        stuurgroepvergaderingen. Op basis van die exercitie komen wij tot een nieuw
                        ontwerp-reglement van orde voor onze gemeente dat wij thans aan de nieuwe
                        raad ter vaststelling aanbieden.</al><al/><al>De invoering van dualisering in de gemeenten heeft verschillende
                        consequenties voor het reglement van orde. Het recht van initiatief,
                        amendement en interpellatie van individuele raadsleden wordt wettelijk
                        vastgelegd. Het is voortaan de raad die de wethouder voor zijn vergaderingen
                        uitnodigt en bepaalt of de wethouder deelneemt aan de beraadslagingen. De
                        verplichte invoering van de griffier heeft ook diverse gevolgen.</al><al>De griffier neemt de ondersteunende functie van de secretaris ten behoeve
                        van de raad over. Dat betekent dat de griffier onder meer zorg draagt voor
                        de notulen en voor de stembriefjes. Ook is het niet meer vanzelfsprekend dat
                        de secretaris in de vergadering aanwezig is. Daarnaast is deze aanpassing
                        van het reglement van orde gebruikt om een aantal andere, grotendeels
                        redactionele, wijzigingen op het reglement aan te brengen.</al><al/><al>Deze notitie bestaat uit vier hoofdstukken. De inleiding is het eerste
                        hoofdstuk. Hierin is tevens een index opgenomen, waarin de dualistische
                        veranderingen op een rijtje worden gezet. Het tweede hoofdstuk geeft
                        artikelsgewijs de wijzigingen weer, die ervoor zorgen dat het modelreglement
                        van orde overeenstemt met het voorstel dualisering gemeentebestuur. Bij elk
                        gewijzigd artikel wordt een verklarende toelichting gegeven. Het derde
                        hoofdstuk bevat het reglement van orde zoals dit er na inwerkingtreding van
                        de Wet dualisering gemeentebestuur uit zou kunnen zien. Bij het nieuwe
                        reglement van orde in een dualistisch stelsel hoort ook een integrale
                        toelichting, die u in hoofdstuk 4 aantreft. </al><al>In de bijlage tenslotte staat een overzicht van de artikelen uit de
                        Gemeentewet, welke gerelateerd zijn aan het reglement van orde.</al><al/><al><vet>2. Dualistische index</vet></al><al/><al>Ontvlechting raadslidmaatschap en wethouderschap</al><al>Eén van de centrale elementen van een dualistisch stelsel is dat een
                        wethouder geen raadslid meer kan zijn. Dat betekent onder meer dat een
                        wethouder niet in de raadsvergaderingen kan stemmen. Ook is het niet langer
                        vanzelfsprekend dat een wethouder in de vergadering aanwezig is. Dit heeft
                        gevolgen voor de orde van de vergadering. Onderstaande opsomming geeft de
                        artikelen uit het nieuwe reglement van orde aan, waarin de ontvlechting van
                        het raadslidmaatschap en het wethouderschap concreet is uitgewerkt.</al><al/><al><cursief>Artikelen 8a, 12, 16, 17, 19, 23, 25, 36a, 37, 41</cursief></al><al/><al><vet>Recht van amendement/ initiatief/ interpellatie</vet></al><al>Dualisering biedt allerlei kansen voor raadsleden om hun positie te
                        versterken. Daarvoor krijgen raadsleden ook een aantal instrumenten, dat zij
                        in de raadsvergadering kunnen toepassen om invloed uit te oefenen op
                        beleidsvoorstellen (recht van amendement). Raadsleden kunnen in de raad een
                        voorstel doen voor (nieuw) beleid (recht van initiatief) of vragen stellen
                        over zaken die niet op de agenda staan, maar wel aan de orde van de dag zijn
                        (recht van interpellatie).</al><al/><al/><al><vet>De griffier</vet></al><al>Ambtelijke bijstand is van groot belang voor een raadslid, zeker in een
                        dualistisch stelsel. De griffier gaat hierin een belangrijke rol spelen. In
                        zijn functie kan de raadsgriffier variëren van een administratief
                        ondersteuner die notuleert en brieven ondertekent tot een counterpart van de
                        secretaris met een eigen bureau onder zich. De griffier neemt in ieder geval
                        tijdens de raadsvergadering alle taken van de secretaris ter ondersteuning
                        van de raad over. Hij ondertekent onder meer de notulen; hij heeft de zorg
                        voor de presentielijst en de notulen.</al><al/><al><cursief>Artikelen 3, 11, 12, 14, 16, 23, 24, 29, 30, 43</cursief></al><al/><al><vet>Het presidium</vet></al><al>In een dualistisch stelsel stelt de raad de agenda voor de raadsvergadering
                        vast. De raad bepaalt ook welke punten op de agenda komen te staan. De
                        fractievoorzitters kunnen samen met de burgemeester hier een coördinerende
                        rol in vervullen. In de gemeente Ferwerderadiel heeft de raad gekozen voor
                        het presidium als agenda-commissie (procedurele rol), welke in de startfase
                        zal bestaan uit de fractievoorzitters, de burgemeester, de secretaris en de
                        griffier. Na de startfase (ongeveer een jaar) zullen de fractievoorzitters
                        uit het presidium terugtreden en daarvoor in de plaats de vice-voorzitter
                        van de raad en de voorzitter van de raadscommissies in het presidium zitting
                        nemen.</al><al/><al>Het presidium bepaalt de raadsagenda en beslist over het uitnodigen van
                        wethouders. De overige taken van het presidium vindt u in de hierna genoemde
                        artikelen.</al><al/><al><cursief>Artikelen 3b, 6, 8, 8a, 12 </cursief></al><al/><al><vet>Het spreekrecht van burgers</vet></al><al>Het spreekrecht van de burgers is niet geregeld in de wet, maar past wel in
                        het streven van vernieuwing van het gemeentelijk bestuur. Het spreekrecht
                        geeft burgers de gelegenheid hun betrokkenheid te tonen bij het lokaal
                        bestuur. Zaken die zij van belang achten, kunnen zij tijdens de
                        raadsvergadering toelichten. De voorzitter of een raadslid doet een voorstel
                        voor verdere behandeling van de inbreng van de burger, zodat de inbreng van
                        de burger niet op zichzelf blijft staan. Het spreekrecht was ook al in het
                        huidige reglement van orde opgenomen (artikel 14).</al><al/><al><cursief>Artikel 14</cursief></al><al/><al><vet>De rondvraag</vet></al><al>De rondvraag of het vragenhalfuur biedt raadsleden de mogelijkheid om op een
                        vast tijdstip (bijvoorbeeld aan het einde van de vergadering) het college
                        over uiteenlopende zaken vragen te stellen. Raadsleden kunnen tijdens de
                        rondvraag vragen stellen over actuele onderwerpen, die van minder politiek
                        gewicht zijn dan bij een interpellatie. Vragen, welke naar inschatting nader
                        onderzoek behoeven of om een nader standpunt vragen, moeten vóór de
                        vergadering van het college worden gemeld. Met of zonder hulp van het
                        ambtelijk apparaat kan op die manier een goed antwoord worden
                        geformuleerd.</al><al/><al><cursief>Artikel 37a</cursief></al><al/><al><vet>Actieve en passieve informatieplicht college</vet></al><al>In een dualistisch stelsel heeft het college de actieve plicht om de raad
                        van relevante en voldoende informatie te voorzien. Het kan zijn dat het
                        college onvoldoende informatie verstrekt of over bepaalde onderwerpen geen
                        informatie geeft. De raad heeft dan een aantal mogelijkheden om zelf de
                        gewenste informatie van het college te verkrijgen.</al><al/><al><cursief>Artikelen 9, 38, 45</cursief></al><al/><al/><lijst><li nr="3."><al><vet>Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de
                                    gemeente Ferwerderadiel.</vet></al><al/><al/><al>Sector: III</al><al>Nr. : 37</al><al/><al/><al>De raad der gemeente Ferwerderadiel; </al><al/><al>overwegende, dat het wenselijk is het Reglement van orde voor de
                                vergaderingen van de raad der gemeente Ferwerderadiel, vastgesteld
                                op 16 december 1993, gewijzigd bij raadsbesluit van 20 maart 1997,
                                te herzien in verband met de invoering van de Wet Dualisering
                                Gemeentebestuur, die op 7 maart 2002 in werking treedt;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 27 maart
                                2002, nummer 10/37.02;</al><al/><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet; </al><al/><al>besluit:</al><al/><al>vast te stellen het volgende: </al></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens
                                    vervanger(s);</al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerpverordening of
                                    ontwerpbeslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te
                                    worden opgenomen;</al></li><li nr="c."><al>subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                    amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen
                                    in het amendement, waarop het betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                    waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="e."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="f."><al>initiatiefvoorstel: voorstel voor een verordening of een ander
                                    voorstel;</al></li><li nr="g."><al>interpellatie: het recht van een raadslid om tijdens een
                                    vergadering aan het college of de burgemeester inlichtingen te
                                    vragen over een niet geagendeerd onderwerp. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="1."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="2."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="3."><al>het doen naleven van het reglement van orde;</al></li><li nr="4."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder
                                    opdraagt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig.</al></li><li nr="2."><al>Bij zijn verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen
                                    door een door de raad daartoe aangewezen ambtenaar.</al></li><li nr="3."><al>Hij kan, indien hij daartoe door de voorzitter wordt
                                    uitgenodigd, aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement
                                    deelnemen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de secretaris in de vergadering
                            aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als
                            bedoeld in dit reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3b</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad heeft een presidium, dat onder andere belast is met het
                                    opstellen van de raads- en commissieagenda’s.</al></li><li nr="2."><al>Het presidium bestaat uit de voorzitter, de fractievoorzitters
                                    of hun vervangers en de griffier of diens vervanger.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor
                                    het presidium.</al></li><li nr="4."><al>Het presidium wijst een lid van de raad aan, dat de voorzitter
                                    vervangt bij zijn afwezigheid in het presidium.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad
                                    een commissie in bestaande uit drie leden van de raad.</al></li><li nr="2."><al>De commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking
                                    hebbende stukken van nieuw benoemde leden en de
                                    processen-verbaal van de stembureaus.</al></li><li nr="3."><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                    schriftelijk verslag uit aan de raad en doet daarbij een
                                    voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding
                                    gemaakt van een minderheidsstandpunt.</al></li><li nr="4."><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden
                                    van de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                    samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                    voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.</al></li><li nr="5."><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de
                                    voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de
                                    vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt
                                    beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te
                                    leggen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Fractie</titel></kop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De leden van de raad, die door het centraal
                                                stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn
                                                verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als
                                                één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer
                                                slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een
                                                afzonderlijke fractie beschouwd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was
                                                geplaatst, voert de fractie in de raad deze
                                                aanduiding als naam. Indien geen aanduiding boven de
                                                kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie in
                                                de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter
                                                mee welke naam deze fractie in de raad wil
                                                voeren.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De namen van degenen die als voorzitter van de
                                                fractie en als diens plaatsvervanger optreden worden
                                                zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de
                                                voorzitter.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>Indien:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>1° één of meer leden van een fractie als
                                                zelfstandige fractie gaan optreden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>2° twee of meer fracties als één fractie gaan
                                                optreden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>3° één of meer leden van een fractie zich aansluiten
                                                bij een andere fractie; wordt hiervan zo spoedig
                                                mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de
                                                voorzitter.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>Met de onder a beschreven veranderde situatie wordt
                                                rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende
                                                vergadering van de raad na de mededeling
                                                daarvan.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op de
                                        derde donderdag van de maand, vangen aan om 20.00 uur en
                                        worden gehouden in het gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende
                                        situatie, overleg met het presidium.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste 14 dagen voor een vergadering
                                        de leden van de raad een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering.
                                        De schriftelijke oproep bevat de voorlopige agenda, bedoeld
                                        in artikel 8, eerste lid.</al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 25, tweede lid, van de
                                        Gemeentewet bedoelde stukken (ten aanzien waarvan
                                        geheimhouding is opgelegd) worden tegelijkertijd met de
                                        schriftelijke oproep aan de leden van de raad
                                        verzonden.</al></li><li nr="3."><al>Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld
                                        in artikel 8, tweede lid, worden deze agenda en de daarop
                                        vermelde voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
                                        uur voor aanvang van de vergadering aan de leden van de raad
                                        gezonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt het
                                        presidium de voorlopige agenda van de vergadering vast.</al></li><li nr="2."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de
                                        aanvang van een vergadering een aanvullend agendapunt
                                        opstellen.</al></li><li nr="3."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast.
                                        Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de
                                        raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de
                                        agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                        beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp
                                        verwijzen naar de commissie of aan het college nadere
                                        inlichtingen of advies vragen.</al></li><li nr="5."><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan
                                        de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                        wijzigen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8a</nr><titel>De wethouder</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het presidium kan een of meer wethouders uitnodigen om in de
                                        raadsvergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen
                                        deel te nemen. De wethouders worden geacht in de
                                        raadsvergadering aanwezig te zijn. </al></li><li nr="2."><al>Indien een wethouder bij een raadsvergadering aanwezig wil
                                        zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij
                                        hiertoe voor de vaststelling van de voorlopige agenda een
                                        verzoek aan de voorzitter, tenzij lid 1 reeds van toepassing
                                        is.</al></li><li nr="3."><al>Voor de verzending van de schriftelijke oproep beslist het
                                        presidium op het verzoek.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis
                                        ter inzage gelegd. De voorzitter maakt van de ter inzage
                                        legging melding in de openbare kennisgeving bedoeld in
                                        artikel 10. Indien na het verzenden van de schriftelijke
                                        oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan
                                        mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk in
                                        een openbare kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier de leden
                                        van de raad inzage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt door aankondiging in de gemeentelijke
                                        rubriek van Sawn Stjerren Nijs, op de voor afkondigingen in
                                        de gemeente gebruikelijke wijze (in de publicatiekasten) en
                                        door plaatsing op de internetsite van de gemeente ter
                                        openbare kennis gebracht.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                                vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de
                                                voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken
                                                kan inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                                spreekrecht als bedoeld in artikel 14.</al><al/></li></lijst></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van de raad
                                onmiddellijk de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering
                                wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben
                                        een vaste zitplaats, door de voorzitter na overleg in het
                                        presidium bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van
                                        de raad aangewezen.</al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de
                                        indeling herzien na overleg in het presidium.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de
                                        wethouders, secretaris en overige personen, die voor de
                                        vergadering zijn uitgenodigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="4*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="95*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry colname="col2"><al>De voorzitter opent de vergadering op het
                                                  vastgestelde uur, indien het daarvoor door de wet
                                                  vereiste aantal leden van de raad blijkens de
                                                  presentielijst aanwezig is.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Vervolgens wordt het volgende gebed
                                                  uitgesproken, hetzij in het Fries, hetzij in het
                                                  Nederlands:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al><vet>Friese tekst:</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>O God, alle oanbidding wurdich, Jo dy troch Jins
                                                  Godlike almacht it hielal skepen hawwe en yn wêzen
                                                  hâlde, dy troch Jins ûneinige wiisheid alles
                                                  regearje en ús roppen hawwe ta it bestjoer fan
                                                  dizze gemeente, Jo bidde wy, wol ús liede troch
                                                  Jins Geast, dat wy de belangen fan ‘e gemeente
                                                  wiis, ûnpartidich en frijmoedich behertige meie en
                                                  har sà bestjoere, dat Jins namme der troch
                                                  ferhearlike wurdt en it gemeentlik wolwêzen
                                                  befoardere. Dat freegje wy Jo yn de namme en om ‘e
                                                  wille fan ús Heare Jezus Kristus. Amen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al><vet>Nederlandse tekst:</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Aanbiddenswaardige God, die door Uw Goddelijke
                                                  almacht het heelal hebt geschapen en in stand
                                                  houdt, die door Uw oneindige wijsheid alles
                                                  regeert en ons geroepen hebt tot het bestuur van
                                                  deze gemeente, U bidden wij, dat Gij ons door Uw
                                                  Geest wilt leiden, opdat wij met wijsheid,
                                                  onpartijdig en vrijmoedig de belangen der gemeente
                                                  mogen behartigen en haar zo besturen, dat Uw naam
                                                  daardoor worde verheerlijkt en haar welzijn
                                                  bevorderd. Dit vragen wij van U, in de Naam en om
                                                  der wille van onze Here Jezus Christus, Amen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry colname="col2"><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde
                                                  tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig
                                                  is, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de
                                                  namen der afwezige leden, dag en uur van de
                                                  volgende vergadering, met inachtneming van artikel
                                                  20 van de Gemeentewet.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige
                                        burgers gezamenlijk gedurende maximaal 30 minuten het woord
                                        voeren over geagendeerde onderwerpen.</al></li><li nr="2."><al>Het woord kan niet gevoerd worden:</al><lijst><li nr="a."><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                                opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of
                                                aanbevelingen van personen;</al></li><li nr="c."><al>indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                                bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                        ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering aan de
                                        griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en
                                        telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil
                                        voeren.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                        voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                        belang is van de orde van de vergadering.</al></li><li nr="5."><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                        voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers
                                        als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens
                                        in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van
                                        de spreektijd.</al></li><li nr="6."><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
                                        heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet
                                        een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de
                                        burger.</al></li><li nr="7."><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen tegen wie dan ook veroorlooft, wordt hij door
                                        de voorzitter vermaand.</al></li><li nr="8."><al>Indien een spreker volhardt zich beledigende of
                                        onbetamelijke uitdrukkingen te veroorloven, kan de
                                        voorzitter hem het woord ontnemen.</al></li><li nr="9."><al>De spreker aan wie het woord door de voorzitter is ontnomen,
                                        kan hiervan terstond in beroep gaan bij de raad. De raad
                                        behandelt dit beroep in besloten vergadering, waarna de
                                        beslissing in openbare vergadering aan de inspreker wordt
                                        meegedeeld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>De volgorde van de mondelinge stemmen gedurende de vergadering is
                                die van de presentielijst. De stemming begint met het nummer dat de
                                voorzitter bij de eerst te houden stemming van de vergadering trekt
                                uit een bus of een ander geschikt voorwerp, waarin zich zoveel
                                nummers bevinden als er leden tegenwoordig zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Notulen</titel></kop><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="33*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="33*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="33*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De ontwerp-notulen van de voorgaande vergadering
                                                  worden, zo mogelijk, aan de leden van de raad
                                                  toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke
                                                  oproep. De ontwerp-notulen worden gelijktijdig aan
                                                  de overige personen die het woord gevoerd hebben,
                                                  toegezonden.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>Bij het begin van de vergadering worden, zoveel
                                                  mogelijk, de notulen van de vorige vergadering
                                                  vastgesteld.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, de
                                                  griffier en de secretaris hebben het recht, een
                                                  voorstel tot verandering aan de raad te doen,
                                                  indien de notulen onjuistheden bevatten of niet
                                                  duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is.
                                                  Een voorstel tot verandering dient voor het
                                                  vaststellen van de notulen bij de griffier te
                                                  worden ingediend.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De notulen moeten inhouden:</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>a.</al></entry><entry colname="col3"><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                  secretaris, de wethouders en de ter vergade-ring
                                                  aanwezige leden, alsmede van de leden die afwezig
                                                  waren en overige personen die het woord gevoerd
                                                  hebben;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>b.</al></entry><entry colname="col3"><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                                  geweest;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>c.</al></entry><entry colname="col3"><al>een zakelijke samenvatting van het gesprokene
                                                  met vermelding van de namen van de aanwezigen die
                                                  het woord voerden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>d.</al></entry><entry colname="col3"><al>een overzicht van het verloop van elke stemming,
                                                  met vermelding bij hoofdelijke stemming van de
                                                  namen van de leden die voor of tegen stemden,
                                                  onder aantekening van de namen van de leden die
                                                  zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming
                                                  hebben onthouden;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>e.</al></entry><entry colname="col3"><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                                  initiatiefvoorstellen en
                                                  burgerinitiatief-voorstellen, voorstellen van
                                                  orde, moties, amendementen en
                                                  sub-amendementen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>f. </al></entry><entry colname="col3"><al>bij het desbetreffende agendapunt de naam en de
                                                  hoedanigheid van die personen aan wie het op grond
                                                  van het bepaalde in artikel 25 door de raad is
                                                  toegestaan deel te nemen aan de
                                                  beraadslagingen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De notulen worden opgesteld onder de zorg van de
                                                  griffier.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6.</al></entry><entry nameend="col3" namest="col2"><al>De vastgestelde notulen worden door de
                                                  voorzitter en de griffier ondertekend.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                        mededelingen van het college aan de raad, worden op een
                                        lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de leden van de raad
                                        toegezonden en ter inzage gelegd.</al></li><li nr="2."><al>Na de vaststelling van de notulen stelt de raad op voorstel
                                        van de voorzitter de wijze van afdoening van de ingekomen
                                        stukken vast..</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf hun
                                        plaats en richten zich tot de voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de
                                        leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere
                                        plaats spreken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Volgorde sprekers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
                                        gevraagd en van hem verkregen te hebben.</al></li><li nr="2."><al>De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer een
                                        lid van de raad het woord vraagt over de orde van de
                                        vergadering.</al></li><li nr="3."><al>Een voorstel van orde kan door de voorzitter of een lid
                                        worden gedaan. Over een voorstel van orde beslist de raad
                                        terstond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Het derde lid is niet van toepassing op:</al><lijst><li nr="a."><al>de rapporteur van een commissie;</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>b. het lid dat een (sub)amendement, een motie of een
                                        initiatiefvoorstel heeft in- gediend, voor wat betreft dat
                                        amendement, die motie of dat voorstel.</al></li><li nr="6."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>Een lid van de raad kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                                leden en de overige aanwezigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
                                        tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het
                                                opvolgen van dit reglement te herinneren;</al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen
                                                dat de spreker zonder verdere interrupties zijn
                                                betoog zal afronden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>2. Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                        voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                        heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
                                        ontzeggen.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de
                                        raad beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.</al></li><li nr="2."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                        voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een
                                        door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of
                                        de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad.
                                        De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering
                                        aanwezige leden van de raad, de wethouders, de secretaris,
                                        de griffier of de voorzitter deelnemen aan de
                                        beraadslaging.</al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of één der leden van de raad genomen alvorens met de
                                        beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde
                                        agendapunt een aanvang wordt genomen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, heeft ieder lid het recht zijn uit te brengen stem kort te
                                motiveren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raad anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, vindt na een stemming
                                        over eventuele amendementen, de stemming plaats over het
                                        voorstel in zijn geheel, zoals het dan luidt, tenzij geen
                                        stemming wordt gevraagd.</al></li><li nr="3."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                        plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de
                                        te nemen eindbeslissing.</al><al/></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien
                                        geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet
                                        verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder
                                        hoofdelijke stemming is aangenomen.</al></li><li nr="2."><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in de
                                        notulen vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                        tegengestemd of zich van stemming te hebben onthouden.</al></li><li nr="3."><al>Indien door één of meer leden stemming wordt gevraagd, doet
                                        de voorzitter daarvan mededeling.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter roept de leden van de raad bij naam op om hun
                                        stem uit te brengen. De stemming begint bij het lid dat
                                        daarvoor overeenkomstig artikel 15 is aangewezen. Vervolgens
                                        geschiedt de oproeping naar de volgorde van de
                                        presentielijst.</al></li><li nr="5."><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig
                                        lid dat zich niet van deelneming aan de stemming moet
                                        onthouden verplicht zijn stem uit te brengen.</al></li><li nr="6."><al>De leden brengen hun stem uit door het woord ‘voor/foar’ of
                                        ‘tegen/tsjin’ uit te spreken, zonder enige toevoeging.</al></li><li nr="7."><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                        dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het
                                        volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing
                                        pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de
                                        stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij
                                        zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit
                                        echter geen verandering.</al></li><li nr="8."><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming
                                        mede, met vermelding van het aantal voor en tegen
                                        uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van
                                        het genomen besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is
                                        ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd.</al></li><li nr="2."><al>Indien op een amendement een subamendement is ingediend,
                                        wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens
                                        over het amendement.</al></li><li nr="3."><al>Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een
                                        aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de
                                        volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt
                                        de regel, dat het meest verstrekkende amendement of
                                        subamendement het eerst in stemming wordt gebracht.</al></li><li nr="4."><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is
                                        ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en
                                        vervolgens over de motie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een
                                        voordracht of het opstellen van een voordracht of
                                        aanbeveling moet plaatshebben, vormt de voorzitter met twee
                                        door hem aan te wijzen leden het stembureau.</al></li><li nr="2."><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond
                                        van de Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht
                                        een stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen
                                        identiek te zijn.</al></li><li nr="3."><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen
                                        worden samengevat op één briefje.</al></li><li nr="4."><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                        stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge
                                        het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren.
                                        Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes
                                        vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe
                                        stemming gehouden.</al></li><li nr="5."><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje
                                        hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld
                                        stembriefje wordt verstaan:</al><lijst><li nr="a."><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="b."><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="c."><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                                tenzij de stemming verschillende vacatures
                                                betreft;</al></li><li nr="d."><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                                voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                                niet is voorgedragen;</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>e. een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                        gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li><li nr="7."><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad, op voorstel van de voorzitter.</al></li><li nr="8."><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                        onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte
                                        meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming
                                        overgegaan.</al></li><li nr="2."><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de
                                        volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde
                                        stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede
                                        stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij
                                        de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee
                                        personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
                                        uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal
                                        plaatshebben.</al></li><li nr="3."><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de
                                        stemmen staken, beslist terstond het lot.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen
                                        tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de
                                        voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes
                                        geschreven.</al></li><li nr="2."><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                        gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                        gedeponeerd en omgeschud.</al></li><li nr="3."><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                        stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is
                                        gekozen.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                    amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden
                                    om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te
                                    splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming zal
                                    plaatsvinden. Alleen beraadslaagd kan worden over amendementen
                                    die ingediend zijn door leden van de raad, die de presentielijst
                                    getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                    amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                    stellen (subamendement).</al></li><li nr="3."><al>Elk (sub)amendement en elk voorstel moet om in behandeling
                                    genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter worden
                                    ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige
                                    karakter van het voorgestelde -oordeelt, dat met een mondelinge
                                    indiening kan worden volstaan.</al></li><li nr="4."><al>Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is
                                    mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                    plaatsgevonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie
                                    indienen.</al></li><li nr="2."><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                    schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                    voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp
                                    of voorstel plaats.</al></li><li nr="4."><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda
                                    opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda
                                    voorkomende onderwerpen zijn behandeld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de
                                    vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan
                                    worden toegelicht.</al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                    worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de
                                    eerstvolgende vergadering, tenzij de schriftelijke oproep
                                    hiervoor reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het
                                    voorstel op de agenda van de daaropvolgende vergadering
                                    geplaatst.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de
                                    agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld,
                                    tenzij de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde
                                    van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of
                                    onderwerp dient te worden behandeld, het voorstel eerst dient te
                                    worden behandeld in de raadscommissie of voor advies naar het
                                    college dient te worden gezonden. In het laatste geval bepaalt
                                    de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd
                                    wordt.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan nadere voorwaarden stellen aan de indiening en
                                    behandeling van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een
                                    verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35a</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een voorstel voor een verordening of een ander voorstel van het
                                    college aan de raad, dat vermeld staat op de agenda van de
                                    raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken zonder toestemming
                                    van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in
                                    het eerste lid voor advies terug aan het college moet worden
                                    gezonden, bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel
                                    opnieuw geagendeerd wordt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35b</nr><titel>Mondelinge vragen (interpellatie)</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt,
                                    behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende
                                    gevallen, ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering
                                    schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het verzoek bevat een
                                    duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen
                                    worden verlangd alsmede de te stellen vragen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig
                                    mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en de
                                    wethouders. Bij de behandeling van de ingekomen stukken van de
                                    eerstvolgende vergadering na indiening van het verzoek wordt het
                                    verzoek in stemming gebracht. De raad bepaalt op welk tijdstip
                                    tijdens de vergadering de interpellatie zal worden
                                    gehouden.</al></li><li nr="3."><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de
                                    overige leden van de raad, de burgemeester en de wethouders niet
                                    meer dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
                                    vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen
                                    wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording
                                    wordt verlangd.</al></li><li nr="2."><al>De vragen worden bij de voorzitter van de raad ingediend. Deze
                                    draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis
                                    van de overige leden van de raad en het college worden
                                    gebracht.</al></li><li nr="3."><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
                                    ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn
                                    binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen
                                    deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid
                                    van het college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis,
                                    waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording
                                    zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een
                                    antwoord.</al></li><li nr="4."><al>De antwoorden worden door het verantwoordelijk lid van het
                                    college aan de leden van de raad medegedeeld.</al></li><li nr="5."><al>De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als
                                    bedoeld in artikel 17 aan de leden van de raad toegezonden.</al></li><li nr="6."><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
                                    in dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de
                                    agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
                                    omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
                                    antwoord, tenzij de raad anders beslist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36a</nr><titel>Rondvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad kan het college (of een collegelid) aan het
                                    eind van de vergadering tijdens de rondvraag mondeling vragen
                                    stellen over het door hen (hem) gevoerde bestuur, voor zover dat
                                    niet bij geagendeerde onderwerpen aan de orde komt.</al></li><li nr="2."><al>Het lid van de raad dat tijdens de rondvraag vragen wil stellen,
                                    welke naar inschatting nader onderzoek behoeven of om een nader
                                    standpunt vragen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp
                                    ten minste drie dagen voor aanvang van de rondvraag bij de
                                    voorzitter. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan in overleg met de raad bepalen dat de
                                    rondvraag vanwege bijzondere omstandigheden aan het begin van de
                                    vergadering wordt gehouden.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter bepaalt op welk tijdstip de rondvraag
                                    eindigt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                    bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van
                                    de Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe schriftelijk
                                    ingediend bij het college of de burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>Een afschrift van dit verzoek wordt door de indiener in
                                    afschrift toegezonden aan de raad.</al></li><li nr="3."><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                    eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.</al></li><li nr="4."><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                    vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4a</nr><titel>Burgerinitiatief (Dit hoofdstuk is gewijzigd bij raadsbesluit van 15
                            november 2007).</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37a</nr><titel/></kop><al>In dit hoofdstuk wordt onder een burgerinitiatief verstaan: een voorstel
                            van een initiatiefgerechtigde om een onderwerp of een voorstel op de
                            agenda van de vergadering van de raad te plaatsen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37b</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad plaatst een burgerinitiatief op de agenda van zijn
                                    vergadering, indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een
                                    geldig verzoek is ingediend. </al></li><li nr="2."><al>Ongeldig is het verzoek dat: </al><lijst><li nr="a."><al>niet door ten minste 5 initiatiefgerechtigden wordt
                                            ondersteund;</al></li><li nr="b."><al>een onderwerp als bedoeld in artikel 37d bevat, of </al></li><li nr="c."><al>niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 37e.
                                        </al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37c</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>Initiatiefgerechtigd zijn alle ingezetenen en belanghebbenden.
                                </al></li><li nr="2."><al>Voor de beoordeling of iemand belanghebbende is, is de situatie
                                    op de dag van indiening van het verzoek bepalend. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37d</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>Een burgerinitiatief kan geen betrekking hebben op: </al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van
                                            het gemeentebestuur; </al></li><li nr="b."><al>een vraag over het gemeentelijk beleid; </al></li><li nr="c."><al>een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet
                                            bestuursrecht; </al></li><li nr="d."><al>een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene
                                            wet bestuursrecht tegen een besluit van het
                                            gemeentebestuur; </al></li><li nr="e."><al>onderwerpen die privé-belangen betreffen;</al></li><li nr="f."><al>onderwerpen die een wijziging van beleid betreffen dat
                                            al in een ver gevorderd stadium van ontwikkeling of
                                            reeds in uitvoering is; </al></li><li nr="g."><al>een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode waarin
                                            indiening van het onderwerp plaatsvindt door de raad een
                                            besluit is genomen, tenzij nieuwe argumenten tot een
                                            nieuwe afweging zouden kunnen leiden. </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Een burgerinitiatief over een onderwerp of voorstel dat niet
                                    behoort tot de bevoegdheid van de raad, maar wel valt onder de
                                    bevoegdheid van het gemeentebestuur, zal door de raad, eventueel
                                    vergezeld van zijn advies, worden doorgezonden naar het college
                                    of naar de burgemeester in de hoedanigheid van
                                    portefeuillehouder. </al></li><li nr="3."><al>Het college of de burgemeester zal een onderwerp of voorstel als
                                    bedoeld in lid 2 behandelen als ware het een burgerinitiatief.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37e</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek tot plaatsing van een burgerinitiatief op de agenda
                                    van de vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij
                                    de voorzitter van de raad. Formulieren voor indiening van een
                                    burgerinitiatief zijn bij de griffier verkrijgbaar en kunnen –
                                    na invulling – weer bij de griffier worden ingediend. De
                                    griffier zal de initiatiefnemer gedurende de verdere procedure
                                    adviseren en begeleiden. </al></li><li nr="2."><al>Het verzoek bevat ten minste: </al><lijst><li nr="a."><al>een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatief;
                                        </al></li><li nr="b."><al>een toelichting op het burgerinitiatief, en </al></li><li nr="c."><al>de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum
                                            en de handteke-ning(en) van de initiatiefnemer(s) en van
                                            de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen.
                                        </al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Voor de indiening van het verzoek wordt gebruik gemaakt van
                                    hiervoor vastgestelde model. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37f</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter van de raad beslist binnen twee weken na de datum
                                    van indiening van het burgerinitiatief of het verzoek voldoet
                                    aan de vereisten zoals gesteld in artikel 37b. </al></li><li nr="2."><al>Indien het verzoek aan de vereisten voldoet, agendeert de raad
                                    het burgerinitiatief binnen zes weken na de datum van indiening
                                    van het verzoek </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter van de raad nodigt de initiatiefnemer schriftelijk
                                    uit voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatief is
                                    geagendeerd. De initiatiefnemer of zijn plaatsvervanger heeft
                                    tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn
                                    burger-initiatief mondeling nader toe te lichten en te reageren
                                    op hetgeen in eerste termijn ten aanzien van het voorstel naar
                                    voren is gebracht.</al></li><li nr="4."><al>De raad kan een burgerinitiatief om advies voorleggen aan het
                                    college. Hij stelt daarbij in overleg met het college een
                                    termijn vast waarbinnen dit advies moet zijn uitgebracht. De
                                    raad kan er ook voor kiezen het besluit over het
                                    burgerinitiatief in de raadscommissie inhoudelijk voor te
                                    bereiden.</al></li><li nr="5."><al>Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatief een
                                    besluit heeft genomen, wordt dit besluit op de gebruikelijke
                                    wijze gepubliceerd. </al></li><li nr="6."><al>Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit
                                    mededeling gedaan aan de initiatiefnemer. </al></li><li nr="7."><al>De initiatiefnemer wordt daarna ingelicht over de vervolgstappen
                                    inzake de uitwerking van het burgerinitiatief. </al></li><li nr="8."><al>Indien een burgerinitiatief is afgewezen, is sprake van een
                                    besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waartegen
                                    bezwaar en beroep open staat. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37g</nr><titel/></kop><al>De burgemeester brengt in het burgerjaarverslag verslag uit over de
                            werking van het recht van burgerinitiatief in de praktijk.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting
                            volgens een procedure die de raad vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening volgens een procedure die de raad
                            vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Verslag; verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                    secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van
                                    het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander
                                    gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                    gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in
                                    aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                    òf voor het sluiten van de vergadering) verslag te doen over
                                    zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                    Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de
                                    voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie.</al></li><li nr="2."><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het
                                    stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 36,
                                    zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze
                                    van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld
                                    in artikel 37, zijn van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere
                                    organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden
                                    heeft benoemd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Notulen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld,
                                    maar liggen uitsluitend voor de leden ter inzage.</al></li><li nr="2."><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet
                                    openbaar maken van deze besluitenlijst. De vastgestelde
                                    besluitenlijst worden door de voorzitter en de griffier
                                    ondertekend.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad
                            overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel 55,
                            tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt, indien
                            daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd,
                            in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                            gevoerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44a</nr><titel>Sluiting vergadering</titel></kop><al>Nadat de agenda en hetgeen daaraan eventueel is toegevoegd is behandeld,
                            spreekt de voorzitter het volgende gebed uit hetzij in het Fries, hetzij
                            in het Nederlands:</al><al/><al><onderstreept>Friese tekst</onderstreept></al><al>Genedige God, wa’t takomt eare, oanbidding en hearlikheid, tank mei Jins
                            Namme hawwe, dat Jo ús bekwaam meitsje woenen ta dit wurk. Lit Jins
                            seine rêste op itjinge wy besluten hawwe. Ferjou ús alles dat net wie
                            neffens Jins hillige wil. Tink sûnder ophâlden oan ús allegearre yn
                            leafde en sjoch ús altyd oan yn’e Heare Kristus. Amen.</al><al/><al><onderstreept>Nederlandse tekst</onderstreept></al><al>Genadige God, wie toekomt ere, aanbidding en heerlijkheid, Uw Naam zij
                            dank, dat Gij ons tot deze arbeid hebt willen bekwamen. Laat Uw zegen
                            rusten op hetgeen door ons is besloten. Vergeef ons alles dat niet was
                            naar Uw heilige wil. Blijf in liefde ons aller gedenken en zie ons
                            steeds aan in de Here Jezus Christus. Amen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen.</al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45a</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de raadsvergadering geluid- dan
                            wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de
                            voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter, niet
                            toegestaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Rookverbod</titel></kop><al>In de vergaderzaal mag niet worden gerookt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>In werking treden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt in werking op de eerste dag, volgende op
                                    het verstrijken van een termijn van 6 weken na de
                                    bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde voor de
                                    vergaderingen van de raad van de gemeente Ferwerderadiel,
                                    vastgesteld bij raadsbesluit van 16 december 1993 en zoals dat
                                    bij raadsbesluit van 20 maart 1997 is gewijzigd.</al><al/><al>CJC</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>ALDUS</ondertekening><ondertekening>besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Ferwerderadiel van 18 april 2002, nadien gewijzigd bij rbs. van 15</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>,voorzitter.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>,griffier.</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><vet>Inhoudsopgave</vet></al><al/><al><vet>1. Inleiding </vet></al><al/><al><vet>2. Dualistische index </vet></al><al/><al><vet>3 Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de
                        gemeenteraad</vet></al><al>Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen </al><al>Hoofdstuk 2 Toelating van nieuwe leden; fracties </al><al>Hoofdstuk 3 Vergaderingen </al><al>Hoofdstuk 4 Rechten van leden </al><al>Hoofdstuk 4a Burgerinitiatief</al><al>Hoofdstuk 5 Begroting en rekening </al><al>Hoofdstuk 6 Lidmaatschap van andere organisaties </al><al>Hoofdstuk 7 Besloten vergadering </al><al>Hoofdstuk 8 Toehoorders en pers </al><al>Hoofdstuk 9 Slotbepalingen </al><al/><al><vet>4 Toelichting reglement van orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad
                        van Ferwerderadiel. </vet></al><al/><al><vet>5 Bijlage: Relevante artikelen uit de Gemeentewet </vet></al></bijlage></regeling></body></cvdr>