<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR480418_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene Subsidieverordening Gemeente Gulpen-Wittem 2018</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Gulpen-Wittem</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Gulpen-Wittem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-233812.html">Gemeenteblad, 2017, 233812</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene Subsidieverordening 2018</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;g=2018-01-01">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-04-10</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BP/361</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Algemene Subsidieverordening Gulpen-Wittem, in werking getreden op 01-01-2009. (Dit in tegenstelling tot de in artikel 40 lid 2 genoemde Algemene Subsidieverordening 2015.)</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene Subsidieverordening Gemeente Gulpen-Wittem 2018</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>INHOUDSOPGAVE</titel></kop><structuurtekst><al><vet>DEEL I ALGEMENE BEPALINGEN</vet></al><al/><al>1. ALGEMEEN </al><al> 2. FINANCIËN </al><al> 3. AANVRAAG SUBSIDIE </al><al> 4. WEIGERING SUBSIDIE </al><al> 5. VERLENING SUBSIDIE </al><al> 6. VERPLICHTINGEN SUBSIDIEONTVANGER </al><al>7. VERANTWOORDING EN VASTSTELLING SUBSIDIE </al><al>8. SANCTIES </al><al> 9. BEËINDIGING SUBSIDIE </al><al/><al><vet>DEEL II VERBINDENDE VOORSCHRIFTEN SUBSIDIEVORMEN</vet></al><al/><al>1. REGELING BASISSUBSIDIE </al><al> 2. REGELING SAMEN DOEN SUBSIDIE </al><al>3. REGELING BUDGETSUBSIDIE </al><al>4. REGELING INCIDENTELE SUBSIDIE </al><al/><al><vet>DEEL III SLOTBEPALINGEN </vet></al><al/><al><vet>Bijlage: Begripsbepalingen </vet></al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>DEEL</label><nr>I</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><afdeling><kop><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Algemene begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>College: college van burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente Gulpen-Wittem;</al></li><li nr="b."><al>Raad: raad van de gemeente Gulpen-Wittem;</al></li><li nr="c."><al>Subsidie: een door de gemeente aan een organisatie verleende
                                        geldelijke bijdrage of in geld waardeerbare bijdrage ter
                                        uitvoering van activiteiten, waaraan van gemeentewege belang
                                        wordt toegekend;</al></li><li nr="d."><al>Jaarlijkse subsidie: subsidie die per (boek-)jaar aan een
                                        organisatie voor een periode van maximaal één jaar wordt
                                        verstrekt;</al></li><li nr="e."><al>Meerjarige subsidie: subsidie die voor twee, drie of
                                        maximaal vier (boek-)jaren aan een organisatie wordt
                                        verstrekt;</al></li><li nr="f."><al>Eenmalige subsidie: subsidie die incidenteel of eenmalig ten
                                        behoeve van bijzondere projecten of activiteiten met een
                                        looptijd van maximaal vier jaar wordt verstrekt. De meest
                                        gehanteerde begrippen behorende bij deze subsidieverordening
                                        zijn opgenomen in de bijlage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze subsidieverordening is van toepassing op het verstrekken
                                    van subsidies, zoals bedoeld in artikel 4:21 van de Algemene Wet
                                    Bestuursrecht en artikel 149 van de Gemeentewet, waarvoor geen
                                    regeling is getroffen in afzonderlijke verordeningen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de activiteiten van de volgende beleidsterreinen kan
                                    subsidie worden verstrekt:</al><lijst><li nr="a)"><al>algemeen bestuur;</al></li><li nr="b)"><al>openbare orde en veiligheid;</al></li><li nr="c)"><al>verkeer, vervoer en waterstaat;</al></li><li nr="d)"><al>economische zaken;</al></li><li nr="e)"><al>onderwijs/educatie;</al></li><li nr="f)"><al>cultuur, sport en recreatie;</al></li><li nr="g)"><al>sociale voorzieningen en maatschappelijke
                                            dienstverlening;</al></li><li nr="h)"><al>volksgezondheid en milieu;</al></li><li nr="i)"><al>ruimtelijke ordening en volkshuisvesting.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Bevoegdheid college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan – met inachtneming van de ingevolge artikel 4
                                    van deze verordening, door de raad vastgestelde subsidieplafonds
                                    – nadere regels stellen omtrent de verdeling van de beschikbare
                                    gelden binnen de beleidsterreinen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college is bevoegd te besluiten over het verstrekken van
                                    subsidies met in achtneming van de in de gemeentebegroting
                                    opgenomen financiële middelen of subsidieplafonds en – indien de
                                    begroting nog niet is vastgesteld, dan wel goedgekeurd – onder
                                    de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden
                                    gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college is bevoegd om voorwaarden aan de beschikking tot
                                    subsidieverlening te verbinden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan nadere (beleids-)regels opstellen of modellen en
                                    richtlijnen voor aanvragen tot subsidieverlening en (directe)
                                    subsidievaststelling vaststellen.</al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>2.</nr><titel>FINANCIËN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieplafonds en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan jaarlijks bij de vaststelling van de
                                    gemeentebegroting besluiten tot het instellen van
                                    subsidieplafonds.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de vaststelling van de subsidieplafonds wordt aangegeven op
                                    welke wijze de beschikbare gelden over de beleidsterreinen
                                    worden verdeeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de bekendmaking van de subsidieplafonds wordt gewezen op de
                                    mogelijkheid van verlaging van en de gevolgen daarvan voor reeds
                                    ingediende aanvragen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Indexering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jaarlijks wordt het in de gemeentebegroting gehanteerde
                                    indexcijfer toegepast op basis van de prijsmutatie BBP van de
                                    meicirculaire gemeentefonds voorafgaand aan het
                                    subsidiejaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De indexering is niet van toepassing op het variabele deel van
                                    de subsidie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in lid 1 kan de raad besluiten in
                                    enig jaar af te zien van indexering van de gemeentelijke
                                    subsidie.</al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>3.</nr><titel>AANVRAAG SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Bij aanvraag in te dienen gegevens</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een subsidie wordt schriftelijk/digitaal
                                    ingediend bij het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Subsidieaanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst
                                    tenzij in het betreffende beleidskader is bepaald dat de
                                    beschikbare gelden op een andere wijze worden verdeeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij een aanvraag om subsidie overlegt de aanvrager de volgende
                                    gegevens:</al><lijst><li nr="a)"><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie
                                            wordt aangevraagd, alsmede voor welke
                                            doelgroep(en);</al></li><li nr="b)"><al> de doelstellingen en de resultaten die daarmee worden
                                            nagestreefd, hoe de activiteiten aan dat/die doel(en) en
                                            aan de gemeentelijke doelen of beleidsterreinen
                                            bijdragen, alsmede in welke mate de activiteiten zijn
                                            gericht op de gemeente of haar ingezetenen;</al></li><li nr="c)"><al> een begroting met een overzicht van de geraamde
                                            inkomsten en uitgaven en voor zover van toepassing, een
                                            vergelijking van de begroting van het lopende boekjaar
                                            en de gerealiseerde inkomsten en uitgaven van het jaar
                                            voorafgaand aan het lopende jaar.</al></li><li nr="d)"><al>Indien er sprake is van cofinanciering door derden dient
                                            eveneens hierover informatie te worden verstrekt
                                            (dekkingsplan). Het dekkingsplan bevat een opgave van
                                            bij andere bestuursorganen of private organisaties of
                                            personen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten
                                            behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van
                                            de stand van zaken daarvan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien een aanvrager voor de eerste maal een jaarlijkse subsidie
                                    aanvraagt, voegt hij/zij een exemplaar van de oprichtingsakte,
                                    de statuten en indien van toepassing het jaarverslag, de
                                    jaarrekening en de balans van het voorgaande jaar als bijlagen
                                    toe aan de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college is bevoegd om ook andere dan, of slechts enkele van,
                                    de in het derde en vierde lid genoemde gegevens te verlangen,
                                    indien die voor het nemen van een beslissing op de aanvraag
                                    noodzakelijk, respectievelijk voldoende, zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een jaarlijkse of meerjarige subsidie wordt
                                    ingediend vóór 1 juni in het jaar voorafgaand aan het
                                    (boek-)jaar, of de (boek-)jaren waarop de subsidieaanvraag
                                    betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan andere termijnen stellen voor het indienen van
                                    een aanvraag voor daarbij aan te wijzen subsidies.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn en toetsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een eenmalige subsidie
                                    binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag voor een jaarlijkse of
                                    meerjarige subsidie vóór 31 december van het voorafgaande
                                    (boek-)jaar of (boek-)jaren waarop de aanvraag betrekking
                                    heeft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college toetst de aanvraag aan:</al><lijst><li nr="a)"><al>volledigheid en juistheid van ingediende aanvraag met
                                            bijlagen;</al></li><li nr="b)"><al>deze verordening;</al></li><li nr="c)"><al>het gemeentelijke beleid;</al></li><li nr="d)"><al>de meerjarige programmabegroting;</al></li><li nr="e)"><al>de door de raad (jaarlijkse) vastgestelde
                                            gemeentebegroting en subsidieplafonds.</al></li></lijst></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>4.</nr><titel>WEIGERING SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan een aanvraag voor subsidie weigeren indien de
                                    activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate
                                    gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of niet of
                                    nauwelijks ten goede komen aan de gemeente of haar
                                    ingezetenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag voor subsidie kan, naast de in artikelen 4:25 en
                                    4:35 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen, in
                                    ieder geval worden geweigerd indien gegronde reden bestaat om
                                    aan te nemen dat:</al><lijst><li nr="a)"><al> de gelden niet of in onvoldoende mate zullen worden
                                            besteed voor het doel waarvoor de subsidie is
                                            aangevraagd;</al></li><li nr="b)"><al>de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal
                                            ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen
                                            belang of de openbare orde;</al></li><li nr="c)"><al>de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over
                                            voldoende gelden – hetzij uit eigen middelen, hetzij uit
                                            middelen van derden – kan beschikken om de kosten van de
                                            activiteiten te dekken;</al></li><li nr="d)"><al>de subsidieverlening anderszins niet past binnen het
                                            beleid van de gemeente Gulpen-Wittem;</al></li><li nr="e)"><al>de aanvraag voor subsidie beschouwd moet worden als een
                                            ongeoorloofde steunmaatregel in de zin van artikel 107
                                            van het VWEU (het Verdrag betreffende de Werking van de
                                            Europese Unie), dan wel in strijd is met een
                                            verplichting als gevolg van een ander door de staat
                                            gesloten verdrag;</al></li><li nr="f)"><al>de aanvrager geregistreerd staat wegens misbruik en/of
                                            oneigenlijk gebruik van een eerder verstrekte
                                            subsidie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De aanvraag kan voorts worden geweigerd indien de aanvraag in
                                    strijd is met enige andere bepaling van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Wet BIBOB</titel></kop><al>Het college kan voor subsidies binnen door de raad vast te stellen
                                beleidsterreinen of onderdelen daarvan bepalen dat de gevraagde
                                subsidie kan worden geweigerd of de verleende subsidie kan worden
                                ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel
                                3 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar
                                bestuur.</al></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>5.</nr><titel>VERLENING SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Verlening subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het besluit tot verlening van de subsidie geeft het college
                                    aan op welke wijze de verantwoording van het te ontvangen
                                    subsidiebedrag plaatsvindt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de beschikking tot verlening van een gemeentelijke subsidie
                                    worden de volgende elementen opgenomen voor zo ver van
                                    toepassing:</al><lijst><li nr="a."><al>de hoogte van het subsidiebedrag;</al></li><li nr="b."><al>de termijn waarvoor dit bedrag wordt toegekend;</al></li><li nr="c."><al>de prestaties waartoe de instelling zich verbindt;</al></li><li nr="d."><al>de gevolgen van het niet nakomen van de te verrichten
                                            prestaties;</al></li><li nr="e."><al>de gevolgen van eventuele over- en onderschrijding van
                                            het toegekende subsidiebedrag;</al></li><li nr="f."><al>de wijze waarop tussentijds over de voortgang van de
                                            overeengekomen prestaties dient te worden
                                            gerapporteerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de beschikking kan het college aangegeven uit welke
                                    onderdelen het inhoudelijk en financieel verslag dient te worden
                                    opgebouwd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Betaling en bevoorschotting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>1. Indien een beschikking tot subsidievaststelling als bedoeld
                                    in artikel 16, eerste lid van deze verordening wordt gegeven,
                                    vindt de betaling van het toegekende subsidiebedrag in één keer
                                    plaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>2. Indien een beschikking tot subsidieverlening als bedoel in
                                    artikel 11 van deze verordening wordt gegeven, wordt in de
                                    subsidieverlening de hoogte en de termijnen van de voorschotten
                                    bepaald en eventueel het percentage van het toegekende
                                    subsidiebedrag dat na definitieve subsidievaststelling wordt
                                    uitbetaald.</al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>6.</nr><titel>VERPLICHTINGEN SUBSIDIEONTVANGER</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Tussentijdse rapportage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van in totaal € 2.500 of hoger, welke worden
                                    verleend voor activiteiten die meer dan een jaar in beslag
                                    nemen, kan het college de verplichting opleggen tot het
                                    tussentijds afleggen van rekening en verantwoording omtrent de
                                    verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en
                                    inkomsten. Een dergelijke tussentijdse verantwoording wordt niet
                                    vaker dan één keer per jaar gevraagd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij meerjarige subsidies lager dan in totaal € 2.500 , kan het
                                    college de verplichting opleggen tot tussentijds inhoudelijke
                                    verslaglegging. Een dergelijke tussentijdse verantwoording wordt
                                    niet vaker dan één keer per jaar gevraagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan nadere regels stellen over de wijze van
                                    rapporteren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Meldingsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger doet onverwijld melding aan het college,
                                    zodra aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor de subsidie
                                    is verleend, niet of niet geheel zullen worden verricht of dat
                                    niet of niet geheel aan de aan de beschikking tot
                                    subsidieverlening verbonden verplichtingen zal worden
                                    voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien gedurende het boekjaar aanmerkelijke verschillen ontstaan
                                    of dreigen te ontstaan tussen de werkelijke uitgaven en
                                    inkomsten en de begrote uitgaven en inkomsten doet de
                                    subsidieontvanger daarvan onverwijld mededeling aan het college
                                    onder vermelding van de oorzaken van de verschillen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Overige verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger verricht de activiteiten, waarvoor de
                                    subsidie is verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidieontvanger informeert het college zo spoedig mogelijk
                                    schriftelijk/digitaal over:</al><lijst><li nr="a)"><al>besluiten of procedures die zijn gericht op de
                                            beëindiging van de activiteiten, waarvoor subsidie is
                                            verleend, dan wel ontbinding van de rechtspersoon;</al></li><li nr="b)"><al>relevante wijzigingen in de financiële en
                                            organisatorische verhouding met derden;</al></li><li nr="c)"><al>ontwikkelingen die er toe kunnen leiden dat aan de
                                            beschikking tot subsidieverlening verbonden voorwaarden
                                            geheel of gedeeltelijk niet kunnen worden
                                            nagekomen;</al></li><li nr="d)"><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm
                                            van de rechtspersoon, de persoon van de bestuurder(s) en
                                            het doel van de rechtspersoon.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De subsidieontvanger voert een zodanig administratie, dat
                                    daaruit ten allen tijde kunnen worden nagegaan:</al><lijst><li nr="a)"><al>de voor de vaststelling van de subsidie van belang
                                            zijnde rechten en verplichtingen;</al></li><li nr="b)"><al>de betalingen en de ontvangsten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De administratie en de daartoe behorende bescheiden worden
                                    gedurende minimaal zeven jaren bewaard.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De subsidieontvanger is verplicht verzekeringen af te sluiten
                                    tegen wettelijke aansprakelijkheid, evenals ter bescherming van
                                    beroepskrachten en deelnemers die bij de uitvoering van de
                                    activiteiten zijn betrokken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In afwijking van lid vijf van dit artikel kunnen
                                    vrijwilligersorganisaties gebruik maken van de gemeentelijke
                                    aansprakelijkheidsverzekering voor vrijwilligers.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor
                                    handelingen als vermeld in artikel 4:71, lid a, b, c, d, i, j en
                                    g, van de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het college kan naast de in dit artikel genoemde verplichtingen
                                    nadere voorwaarden opleggen aan de subsidieontvanger, in
                                    overeenstemming met artikel 4:38 en/of 4:39 van de Algemene wet
                                    bestuursrecht.</al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>7.</nr><titel>VERANTWOORDING EN VASTSTELLING SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tot 2.500 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot 2.500 euro worden door het college direct
                                    vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college verplicht de aanvrager om op de door haar aangegeven
                                    wijze aan te tonen dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is
                                    verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de
                                    subsidie verbonden verplichtingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies vanaf 2.500 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de subsidieverlening 2.500 euro of meer bedraagt, dient
                                    de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het
                                    college:</al><lijst><li nr="a)"><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken nadat de
                                            activiteiten zijn verricht;</al></li><li nr="b)"><al>bij een jaarlijkse of meerjarige verstrekte subsidie,
                                            vóór 1 juni in het jaar na afloop van het (boek-)jaar,
                                            respectievelijk 4 maanden na het subsidietijdvak,
                                            waarvoor de subsidie is verleend.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag tot vaststelling zoals bedoeld in lid 1a bevat een
                                    inhoudelijk verslag en financieel verslag (of jaarrekening). Bij
                                    de aanvraag zoals bedoeld in lid 1b bevat de aanvraag een
                                    overzicht van het aantal leden en/of een overzicht van de
                                    gerealiseerde activiteiten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat ook andere, dan de in dit artikel
                                    bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van
                                    belang zijn, worden overgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Vaststelling subsidies vanaf 2.500 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag
                                    tot subsidievaststelling de subsidie vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien uit de aard van de subsidie, dan wel de verantwoording
                                    daarvan, volgt dat voor de beslissing op de vaststelling van de
                                    subsidie een langere termijn nodig is dan de in het eerste lid
                                    genoemde termijn, dan bericht het college de subsidieontvanger
                                    daarvan zo spoedig mogelijk na ontvangst van de aanvraag tot
                                    subsidievaststelling.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan categorieën van subsidies of subsidieontvangers
                                    aanwijzen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder
                                    dat de subsidieontvanger een aanvraag voor subsidievaststelling
                                    hoeft in te dienen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het in het
                                    artikel 17 lid 1genoemd tijdstip is ontvangen, gaat het college
                                    zes weken na een eenmalige rappel over tot ambtshalve
                                    vaststelling.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In de beschikking tot vaststelling van een gemeentelijke
                                    subsidie kunnen de volgende elementen worden opgenomen:</al><lijst><li nr="a)"><al>de hoogte van het vastgestelde subsidiebedrag;</al></li><li nr="b)"><al>de maatregelen verbonden aan een ambtshalve
                                            vaststelling.</al></li></lijst></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>8.</nr><titel>SANCTIES</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Maatregelen</titel></kop><al>Het college kan besluiten tot opschorting van het verstrekken van
                                voorschotten of tot wijziging of intrekking van de
                                subsidiebeschikking in de gevallen genoemd in de artikelen 4:48
                                en/of 4:49 en/of 4:50 van de Algemene wet bestuursrecht.</al></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>9.</nr><titel>BEËINDIGING SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Maatregel beëindiging jaarlijkse of meerjarige
                                    subsidie</titel></kop><al>Wanneer de gemeente als gevolg van veranderde omstandigheden of
                                veranderde inzichten besluit een jaarlijkse of meerjarige subsidie
                                aan een organisatie te beëindigen, wordt deze organisatie hierover -
                                met inachtneming van een redelijke termijn - tijdig
                                geïnformeerd.</al></artikel></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>DEEL</label><nr>II</nr><titel>VERBINDENDE VOORSCHRIFTEN SUBSIDIEVORMEN</titel></kop><afdeling><kop><nr>1.</nr><titel>REGELING BASISSUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Basissubsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De basissubsidie is uitsluitend van toepassing op
                                    vrijwilligersorganisaties waaraan:</al><lijst><li nr="a)"><al>een subsidie voor één tot maximaal vier jaar wordt
                                            verleend en</al></li><li nr="b)"><al>waarbij bij de uitvoering van de kernactiviteiten sprake
                                            is van een structureel karakter.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De organisatie bezit rechtspersoonlijkheid, is gevestigd in de
                                    gemeente Gulpen-Wittem en is actief binnen de beleidsterreinen
                                    onderwijs/educatie, cultuur, sport en recreatie, sociale
                                    voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening en/of
                                    volksgezondheid, milieu en leefbaarheid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De basissubsidie is bedoeld om een bijdrage te leveren in de
                                    kosten van een organisatie die voortvloeien uit de uitvoering
                                    van de kernactiviteiten als blijk van waardering voor de inzet
                                    voor de lokale samenleving. Deze activiteiten voldoen aan de
                                    volgende voorwaarden:</al><lijst><li nr="a)"><al>sluiten aan op gemeentelijk beleid, en;</al></li><li nr="b)"><al>zijn gericht op de eigen leden c.q. doelgroep, en;</al></li><li nr="c)"><al>vinden plaats zonder professionele doeleinden, en;</al></li><li nr="d)"><al>kunnen zonder gemeentelijke subsidie niet worden
                                            uitgevoerd, of;</al></li><li nr="e)"><al>er bestaat op grond van rijksvoorschriften of op grond
                                            van door de gemeente verstrekte opdrachten een
                                            verplichting tot subsidiëren.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Er wordt geen subsidie verstrekt voor activiteiten die:</al><lijst><li nr="a)"><al>niet tot de hoofd- c.q. kernactiviteiten behoren – ook
                                            wel nevenactiviteiten genoemd - en de hiermee
                                            samenhangende kosten, of;</al></li><li nr="b)"><al>reeds op een andere wijze dan ingevolge deze verordening
                                            worden gesubsidieerd, of;</al></li><li nr="c)"><al>niet haalbaar, uitvoerbaar en betaalbaar zijn, of;</al></li><li nr="d)"><al>een commercieel doel dienen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Categorieën:</al><lijst><li nr="a)"><al>Jeugd en/of ouderen, vrouwen;</al></li><li nr="b)"><al>Maatschappelijke zorg (zorg &amp; welzijn);</al></li><li nr="c)"><al>Sport en bewegen;</al></li><li nr="d)"><al>Kunst, Cultuur en recreatie;</al></li><li nr="e)"><al>Gemeenschapsontwikkeling en leefbaarheid.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Subsidieplafond en -berekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste de in de
                                    gemeentebegroting opgenomen subsidiegelden
                                    (subsidieplafond).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan – met inachtneming van de ingevolge artikel 4
                                    van deze verordening, door de raad vastgestelde subsidieplafonds
                                    – nadere regels stellen omtrent de verdeling van de beschikbare
                                    gelden binnen deze regeling.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien uit de subsidieaanvraag blijkt dat minder dan 40% van de
                                    contribuerende leden c.q. deelnemers van een organisatie
                                    woonachtig is in Gulpen-Wittem wordt de vereniging uitgesloten
                                    van gemeentelijke subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Aanvraag basissubsidie</titel></kop><al>In afwijking van artikel 6 lid 3 van deze verordening worden bij de
                                aanvraag de volgende stukken overgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>een aanvraagformulier met bijbehorende bijlagen;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van het aantal actieve en passieve leden
                                        inclusief woonplaats, indien van toepassing onderverdeeld
                                        naar doelgroepen (jeugdigen en jongeren, senioren en/of
                                        kwetsbare groepen burgers). Het College kan deze
                                        ledenlijsten verifiëren middels een vergelijk met een door
                                        de koepelorganisatie te verstrekken gewaarmerkte
                                        ledenlijst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Overleg met organisatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan in overleg treden met de organisatie om tot
                                    overeenstemming te komen over:</al><lijst><li nr="a)"><al>de van die organisatie te verlangen
                                            activiteiten/prestaties;</al></li><li nr="b)"><al> de door de gemeente ter beschikking te stellen
                                            middelen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De resultaten van dit overleg en de daarbij afgesproken
                                    wederzijdse verplichtingen zullen worden vastgelegd in een
                                    afspraken- en besluitenlijst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Vermogensvorming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie-ontvanger is voor zover het verstrekken van de
                                    subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, een vergoeding
                                    verschuldigd aan de gemeente in de in artikel 4.41 tweede lid
                                    van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding houdt het
                                    college rekening met de mate waarin de subsidie heeft
                                    bijgedragen tot het verwerven van eigendommen en/of relateert
                                    het college de hoogte van de vergoeding aan de reeds geleverde
                                    activiteiten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het besluit tot vaststelling van de vergoeding geeft de hoogte
                                    van de vergoeding aan en verrekent deze, indien mogelijk, met de
                                    subsidie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het vormen van een algemene reserve als gevolg van de
                                    subsidieverstrekking mag jaarlijks niet meer bedragen dan 10%
                                    van de jaarlijkse subsidiesom.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Dit artikel is niet van toepassing in gevallen waarin de
                                    activiteiten door een derde worden voortgezet en activa en
                                    passiva, met toestemming van het college, tegen boekwaarde aan
                                    die derde worden overgedragen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Ontsnappingsbepaling meerjarigheid</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Zolang de subsidie nog niet is vastgesteld, kan het college een
                                    meerjaarlijkse subsidieverlening tussentijds beëindigen of
                                    wijzigen met inachtneming van een redelijke termijn, indien
                                    veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten zich in
                                    overwegende mate verzetten tegen voortzetting of ongewijzigde
                                    voortzetting van de subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij tussentijdse wijziging van de subsidie worden de verlangde
                                    activiteiten, voorzieningen en/of producten/diensten in overleg
                                    met de organisatie aangepast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij tussentijdse beëindiging of wijziging van de subsidie als
                                    bedoeld in het eerste lid vergoedt het college de organisatie de
                                    kosten, zoals genoemd in artikel 4:50 tweede lid van de Algemene
                                    wet bestuursrecht</al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>2.</nr><titel>REGELING SAMEN DOEN</titel></kop><structuurtekst><al>Deze regeling bestaat uit vier deelregelingen, te weten:</al><lijst><li nr="-"><al>Samen Doen- Subsidie</al></li><li nr="-"><al> Subsidie Hoeskamer</al></li><li nr="-"><al>Subsidie Zelfsturing Samen Doen</al></li><li nr="-"><al>Subsidie Laaggeletterdheid</al></li></lijst></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.1.1.</nr><titel>Samen Doen Subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Samen Doen Subsidie is van toepassing op stichtingen,
                                    organisaties, verenigingen en burgerinitiatieven afkomstig uit
                                    en actief in Gemeente Gulpen-Wittem;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De organisatie is gevestigd en/of werkzaam in de gemeente
                                    Gulpen-Wittem en is actief binnen de beleidsterreinen
                                    onderwijs/educatie, cultuur, sport en recreatie, sociale
                                    voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening en/of
                                    volksgezondheid en milieu.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Samen Doen Subsidie is bedoeld om een bijdrage te leveren in
                                    (activiteiten-)kosten van een organisatie die een
                                    maatschappelijke meerwaarde hebben voor de lokale samenleving.
                                    Deze activiteiten voldoen aan de volgende voorwaarden:</al><lijst><li nr="a)"><al>Er wordt nadrukkelijk een impuls geven aan de eigen
                                            verantwoordelijkheid van de samenleving op het brede
                                            sociale domein;</al></li><li nr="b)"><al>Het vergroten van zowel het bewustzijn van de eigen
                                            zelfredzaamheid van burgers, alsmede het stimuleren van
                                            een actieve(re) bijdrage aan de maatschappij;</al></li><li nr="c)"><al>De activiteiten inspireren, faciliteren en stimuleren
                                            (andere) inwoners;</al></li><li nr="d)"><al>Versterken van zelf- en samenredzaamheid op
                                            communicatieniveau (bewustwording) en
                                            voorzieningenniveau (activiteiten);</al></li><li nr="e)"><al>Versterken van leefbaarheid en sociale cohesie;</al></li><li nr="f)"><al> Maatschappelijke activiteiten ontplooien die een
                                            meerwaarde hebben voor de inwoners van Gulpen-Wittem en
                                            de kwetsbare inwoners in het bijzonder</al></li><li nr="g)"><al>vinden plaats zonder professionele doeleinden, en;</al></li><li nr="h)"><al>kunnen zonder gemeentelijke subsidie niet worden
                                            uitgevoerd, of;</al></li><li nr="i)"><al>bestaat op grond van rijksvoorschriften of op grond van
                                            door de gemeente verstrekte opdrachten een verplichting
                                            tot subsidiëren.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Er wordt geen subsidie verstrekt voor activiteiten die:</al><lijst><li nr="a)"><al>reeds op een andere wijze dan ingevolge deze verordening
                                            worden gesubsidieerd of;</al></li><li nr="b)"><al>niet haalbaar, uitvoerbaar en betaalbaar zijn, of;</al></li><li nr="c)"><al>een commercieel doel dienen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al> Aanvragen voor Samen Doen Subsidie worden beoordeeld op grond
                                    van de Nadere Regels Samen Doen Subsidie .</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.1.2</nr><titel>Subsidieplafond en -berekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste de in de
                                    gemeentebegroting opgenomen subsidiegelden
                                    (subsidieplafond).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt – met inachtneming van de ingevolge artikel 4
                                    van deze verordening, door de raad vastgestelde subsidieplafonds
                                    – nadere regels omtrent het wegingskader.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Er zijn drie categorieën aan te vragen bedragen: €100,-, €250,-
                                    en €500,- of meer.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.1.3.</nr><titel>Aanvraag Samen Doen Subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> In afwijking van van artikel 7 lid 1 van deze verordening wordt
                                    een aanvraag voor een Samen Doen Subsidie bij het college
                                    ingediend binnen 1 van de 4 tranches. De tranches zijn als volgt
                                    ingedeeld:</al><lijst><li nr="•"><al>Tranche 1: 1 februari tot en met 31 maart</al></li><li nr="•"><al> Tranche 2: 1 april tot en met 30 juni</al></li><li nr="•"><al>Tranche 3: 1 juli tot en met 30 september</al></li><li nr="•"><al>Tranche 4: 1 oktober tot en met 31 januari</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Activiteiten moeten plaatsvinden na afloop van de tranche
                                    waarin de aanvraag voor Samen Doen Subsidie wordt
                                    ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> In afwijking van artikel 6 lid 3 van deze verordening wordt de
                                    Samen Doen Subsidie via de gemeentelijke website aangevraagd,
                                    middels het digitale aanvraagformulier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.1.4.</nr><titel>Overleg met organisatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan periodiek in overleg treden met de organisatie
                                    om tot overeenstemming te komen over:</al><lijst><li nr="a)"><al>de van die organisatie te verlangen
                                            activiteiten/prestaties;</al></li><li nr="b)"><al> de door de gemeente ter beschikking te stellen
                                            middelen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De resultaten van dit overleg en de daarbij afgesproken
                                    wederzijdse verplichtingen zullen worden vastgelegd in een
                                    afspraken- en besluitenlijst.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Regeling Zelfsturing</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>Burgers nemen eigen verantwoordelijk voor hun
                                        leefomgeving;</al></li><li nr="-"><al>Versterking leefbaarheid</al></li><li nr="-"><al>Kennis, ervaring en menskracht bundelen en elkaar
                                        inspireren</al></li><li nr="-"><al>De voorwaarden scheppen om te kunnen bouwen aan
                                        gemeenschapsontwikkeling</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.2</nr><titel>Subsidieplafond en -berekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste de in de
                                    gemeentebegroting opgenomen subsidiegelden
                                    (subsidieplafond).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt – met inachtneming van de ingevolge artikel 4
                                    van deze verordening, door de raad vastgestelde subsidieplafonds
                                    – nadere regels omtrent het wegingskader.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.3</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><al>Actieve inwoners die:</al><lijst><li nr="-"><al>bijdragen aan de ontwikkeling van de kern (overleggen);</al></li><li nr="-"><al>En/of eigenaar zijn van een of meerdere in het
                                        kern(overleggen ) genoemde prioriteiten c.q.
                                        activiteiten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.4</nr><titel>Aanvraag regeling Zelfsturing</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>Een aanvraag dient schriftelijk te gebeuren door middel van
                                        een volledig ingevuld aanvraagformulier Subsidie
                                        Burgerinitiatieven (eventueel met bijlagen).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.5</nr><titel>Voorwaarden</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>een initiatief voldoet aan bepalingen zoals benoemd in de
                                        Algemene Bepalingen van de Algemene
                                        Subsidieverordening;</al></li><li nr="-"><al>Burgerinitiatieven uit gemeente Gulpen-Wittem kunnen
                                        aanspraak maken op deze subsidie;</al></li><li nr="-"><al>De burgerinitiatieven bepalen zelf waarvoor ze de gelden
                                        willen inzetten met dien verstande dat de aanvraag aan de
                                        criteria van de Algemene Subsidieverordening moet voldoen.
                                    </al></li><li nr="-"><al>Bij de eerste aanvraag op basis van deze regeling dient het
                                        aantal actieve bewoners inzichtelijk te worden gemaakt. Voor
                                        het opvolgend kalenderjaar geldt dat er aantoonbaar sprake
                                        moet zijn van een redelijke groei van het aantal actieve
                                        bewoners;</al></li><li nr="-"><al>draagt bij aan de (sociale of fysieke) leefbaarheid in de
                                        kern;</al></li><li nr="-"><al>Resultaat van de activiteit moet blijvend zijn; </al></li><li nr="-"><al>Actieve participatie van de doelgroep (mensen doen zelf
                                        mee); </al></li><li nr="-"><al>wordt aantoonbaar gedragen door bewoners;</al></li><li nr="-"><al>stimuleert de zelf/samenredzaamheid van bewoners (bewoners
                                        organiseren/doen/regelen zaken zelf).</al></li><li nr="-"><al>stimuleert de sociale samenhang in de kern;</al></li><li nr="-"><al>komt van individuele of georganiseerde inwoners of
                                        rechtspersonen (dus geen professionele instelling of
                                        bedrijven);</al></li><li nr="-"><al>Bij de weging van de aanvraag worden ook de hoogte van de
                                        kosten en opbrengsten die met het organiseren en uitvoeren
                                        van de activiteit gemoeid zijn en hoe deze in verhouding
                                        staan tot de gevraagde bijdrage meegewogen; </al></li><li nr="-"><al>geeft inzicht in de bijdragen van andere partijen. Zoals
                                        subsidies of bijdragen van andere instellingen of fondsen.
                                        Maar ook sponsoring of giften in natura van
                                        ondernemers/winkeliers (goederen/diensten) en eigen
                                        bijdragen van bewoners;</al></li><li nr="-"><al>wordt (waar mogelijk binnen de geldende regelgeving en
                                        veiligheidsvoorschriften) door de aanvragers zelf
                                        uitgevoerd;</al></li><li nr="-"><al>Maximaal drie jaar financiering. Initiatiefnemers werken toe
                                        naar andere vormen van financiering van hun activiteiten en
                                        mogen niet afhankelijk blijven van een bijdrage van de
                                        gemeente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.6</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>De activiteiten worden uitgevoerd door politieke en
                                        levensbeschouwelijke organisaties;</al></li><li nr="-"><al>De activiteiten worden uitgevoerd door initiatieven en/of
                                        organisaties die niet algemeen toegankelijk zijn vanwege
                                        bijvoorbeeld ideologie of levensbeschouwing, hoge kosten van
                                        deelname of ballotage);</al></li><li nr="-"><al>De activiteiten strijdig zijn met duurzaamheid;</al></li><li nr="-"><al>Activiteiten die overwegend politiek, economisch of
                                        kerkelijk van aard zijn;</al></li><li nr="-"><al>Activiteiten die reeds op een andere wijze dan ingevolge
                                        deze verordening worden gesubsidieerd komen niet in
                                        aanmerking voor subsidie uit deze regeling;</al></li><li nr="-"><al>Activiteiten die reeds op een andere wijze dan ingevolge
                                        deze verordening worden gesubsidieerd komen niet in
                                        aanmerking voor subsidie uit deze regeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.7</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>dient schriftelijk te gebeuren door middel van een volledig
                                        ingevuld aanvraagformulier Subsidie Burgerinitiatieven
                                        (eventueel met bijlagen).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.8</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>Jaarverslag zelfsturing waarin de activiteiten/projecten in
                                        staan opgenomen;</al></li><li nr="-"><al>Vanaf een toegekend bedrag ad. €10.000,- is een
                                        geaccordeerde jaarrekening verplicht.</al></li><li nr="-"><al>Evaluatie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Regeling Laaggeletterdheid</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>het ontplooien van (ver)nieuwe(nde) projecten met en door het
                                bibliotheekwerk, teneinde de toekomstbestendigheid door te
                                ontwikkelen en te versterken. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.2</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>De subsidie kan aangevraagd worden door
                                        Bibliotheekorganisaties binnen de gemeente
                                        Gulpen-Wittem.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.3</nr><titel>Subsidieplafond</titel></kop><al>Het subsidieplafond is 21.750,- per jaar, vanaf 2016 gedurende een
                                periode van 6 jaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.4</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lijst><li nr="-"><al>Aanvragen kunnen het gehele jaar worden ingediend;</al></li><li nr="-"><al>Een aanvraag wordt niet in behandeling genomen als de
                                        activiteit al plaats heeft gevonden;</al></li><li nr="-"><al>De aanvraag wordt (digitaal) ingediend via het digitale
                                        aanvraagformulier zoals op de website van gemeente
                                        Gulpen-Wittem staat.</al></li><li nr="-"><al>Aanvragen die op andere wijzen binnenkomen worden niet in
                                        behandeling genomen</al></li></lijst></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>3.</nr><titel>REGELING BUDGETSUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Awb, afdeling 4.2.8 Awb </titel></kop><al>Op de verstrekking van budgetsubsidies is Afdeling 4.2.8 (Per
                                boekjaar verstrekte subsidies aan rechtspersonen) van de Awb van
                                toepassing. Deze kunt u digitaal inzien op <extref doc="http://www.overheid.nl">www.overheid.nl</extref>. Het
                                college kan bepalingen uit Afdeling 4.2.8 Awb ook op incidentele
                                subsidies van toepassing verklaren. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Aanvraag tot subsidieverlening </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aanvragen voor een budgetsubsidie dienen schriftelijk bij het
                                    college te worden ingediend. In afwijking van de Awb (artikel
                                    4:60) dient dit uiterlijk te gebeuren op 1 oktober voorafgaand
                                    aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in de Awb (artikel 4:5) kan het
                                    college besluiten om de aanvraag buiten behandeling te laten als
                                    een aanvraag niet tijdig is ingediend, op voorwaarde dat de
                                    aanvrager in de gelegenheid is gesteld om binnen de door het
                                    college gestelde termijn de aanvraag alsnog in te dienen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan ten aanzien van lid 1 van dit artikel nadere
                                    regels stellen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Vereisten aanvraag </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat een aanvraag voor een
                                    budgetsubsidie, naast de formele vereisten conform de Awb
                                    (artikel 4:2), en de gegevens conform de Awb artikelen 4:61 tot
                                    en met 4:63 Awb en artikel 4:65, de volgende gegevens
                                    bevat:</al><lijst><li nr="a)"><al> een beschrijving van de doelgroep en het beoogde
                                            resultaat van de activiteiten in relatie tot de gestelde
                                            doelen, waar mogelijk uitgedrukt in meetbare
                                            resultaten;</al></li><li nr="b)"><al> voorgenomen en doorgevoerde wijzigingen van het bestuur
                                            c.q. van de statuten; </al></li><li nr="c)"><al>een opgave van de met de instelling gelieerde
                                            rechtspersonen en de aard van betrekking met die
                                            rechtspersoon;</al></li><li nr="d)"><al>een overzicht van de ruimtelijke voorziening(en), waar
                                            de activiteit(en) word(t)(en) uitgevoerd. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een eerste aanvraag moet de aanvrager, naast het bepaalde in
                                    het eerste lid en in artikel 4:64 van de Awb, de volgende
                                    gegevens verschaffen:</al><lijst><li nr="a)"><al>een bewijs van inschrijving bij de Kamer van
                                            Koophandel;</al></li><li nr="b)"><al>een opgave van de bestuurssamenstelling. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Beschikking tot subsidieverlening </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer het college de aangevraagde subsidie toekent, geeft zij
                                    een beschikking tot subsidieverlening af. Dit gebeurt uiterlijk
                                    31 december voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie is
                                    aangevraagd. Deze beschikking tot subsidieverlening bevat, naast
                                    het bepaalde in de Awb-artikelen 4:30 tot en met 4:32, de
                                    verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> In de beschikking tot subsidieverlening kan worden
                                    opgenomen:</al><lijst><li nr="a)"><al>een begrotingsvoorwaarde, conform artikel 4:34 Awb;</al></li><li nr="b)"><al> dat er een uitvoeringsovereenkomst wordt gesloten voor
                                            de uitvoering van de beschikking, conform artikel 4:36
                                            Awb; </al></li><li nr="c)"><al> een vergoedingsplicht bij vermogensvorming, conform
                                            artikel 4:41 Awb, waarin ook is aangegeven hoe de hoogte
                                            van de vergoeding wordt bepaald; </al></li><li nr="d)"><al> de wijze van (tussentijdse) rapportage: de
                                            gegevensverstrekking over de voortgang van de realisatie
                                            van activiteiten, waar mogelijk geformuleerd in
                                            prestatie-indicatoren;</al></li><li nr="e)"><al> de betalingstermijn; </al></li><li nr="f)"><al> de wijze van bevoorschotting; </al></li><li nr="g)"><al> de vereiste reikwijdte en intensiteit van de
                                            accountantscontrole. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Verplichtingen van de subsidieontvanger </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd de uit de wet voortvloeiende verplichtingen in
                                    artikel 4:69 en artikel 4:70 Awb kan het college de
                                    subsidieontvanger een toestemmingsvereiste opleggen voor de in
                                    artikel 4:71 lid 1 Awb genoemde (rechts)handelingen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de subsidieontvanger ook andere verplichtingen
                                    opleggen, conform artikel 4:38 lid Deze verplichtingen gaan over
                                    het doel van de subsidie (doelgebonden verplichtingen) en kunnen
                                    onder meer gaan over: </al><lijst><li nr="a)"><al>de kennis en ervaring van personeel dat betrokken is bij
                                            de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten; </al></li><li nr="b)"><al>de wijze waarop gebruikers, vrijwilligers en
                                            beroepskrachten betrokken zijn bij het ontwikkelen en
                                            uitvoeren van beleid van de subsidieontvanger; </al></li><li nr="c)"><al>aard, deugdelijkheid, inrichting, beheer en
                                            toegankelijkheid van voorzieningen. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan tevens niet doel gebonden verplichtingen
                                    opleggen, conform artikel 4:39 lid 1 van de Awb. Deze kunnen
                                    onder meer gaan over: </al><lijst><li nr="a)"><al>milieubelangen; </al></li><li nr="b)"><al>bescherming van minderheden; </al></li><li nr="c)"><al>emancipatorische aangelegenheden;</al></li><li nr="d)"><al>publicatie over de door de gemeente Gulpen-Wittem
                                            verstrekte subsidie. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De subsidieontvanger is verplicht alle medewerking te verlenen
                                    aan een toezichthouder die toezicht houdt op naleving van de
                                    opgelegde verplichtingen, conform artikel 4:59 Awb. Ook is de
                                    subsidieontvanger verplicht mee te werken aan eventuele
                                    onderzoeken van de Rekenkamercommissie. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Subsidievaststelling </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beschikking tot subsidievaststelling stelt het bedrag van de
                                    subsidie vast en geeft aanspraak op betaling van het
                                    vastgestelde bedrag; </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als er geen beschikking tot subsidieverlening is, is op de
                                    vaststellingsbeschikking het bepaalde in artikel 59 van
                                    overeenkomstige toepassing;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan direct tot vaststelling besluiten; </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van Awb artikel 4:74 dient de ontvanger van een
                                    beschikking tot verlening van een budgetsubsidie, een aanvraag
                                    in tot subsidievaststelling bij het college. Dit gebeurt vóór 1
                                    juli volgend op het jaar waarvoor subsidie is verleend; </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als de aanvraag niet is ingediend na afloop van genoemde
                                    termijn, stelt het college een termijn van vier weken,
                                    waarbinnen de aanvraag alsnog moet zijn ingediend; </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als na afloop van de in lid 5. genoemde termijn geen aanvraag
                                    tot vaststelling is ingediend, stelt het college de subsidie
                                    ambtshalve vast. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Beschikking tot subsidievaststelling </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beschikking tot subsidievaststelling volgt binnen drie
                                    maanden na ontvangst van alle vereiste bescheiden, maar
                                    uiterlijk 31 december van het jaar volgend op het jaar waarvoor
                                    subsidie is verleend, tenzij anders bepaald in de beschikking
                                    tot subsidieverlening als bedoeld in artikel 59;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de beschikking niet binnen drie maanden kan worden gegeven,
                                    deelt het college dit aan de aanvrager mee en noemt een
                                    redelijke termijn waarbinnen de beschikking kan worden verwacht;
                                </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen beschikking tot subsidieverlening is gegeven, is op
                                    de beschikking tot vaststelling het bepaalde in artikel 59, van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Jaarrapportage </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger overlegt jaarlijks een financieel verslag
                                    aan het college;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in Awb artikelen 4:75 en 4:76, bevat
                                    het financieel verslag een gespecificeerde verantwoording van
                                    aanwending van de door de gemeente Gulpen-Wittem verstrekte
                                    subsidiegelden, in het geval dat de subsidieaanvrager subsidie
                                    en/of financiële middelen ontvangt van andere overheden en/of
                                    van additionele financiers;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Artikel 4:76 Awb is van overeenkomstige toepassing als de
                                    subsidieontvanger zijn inkomsten in overwegende mate ontleent
                                    aan de subsidie; </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De subsidieontvanger overlegt de gecontroleerde jaarrekening
                                    uiterlijk op 1 juli. Het college bepaalt in de
                                    subsidiebeschikking of de gecontroleerde jaarrekening moet zijn
                                    voorzien van een accountantsrapport dan wel enige andere
                                    beoordeling. Het college kan nadere verplichtingen opnemen waar
                                    de accountantscontrole aan moet voldoen: dit legt zij vast in de
                                    subsidiebeschikking, dan wel de uitwerkingsovereenkomst bij de
                                    subsidiebeschikking. </al></lid></artikel></afdeling><afdeling><kop><nr>4.</nr><titel>REGELING INCIDENTELE SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.</nr><titel>Incidentele subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De incidentele subsidie is van toepassing op (semipublieke)
                                    professionele organisaties, vrijwilligersorganisaties,
                                    ondernemers en burgerinitiatieven voor de uitvoering van
                                    eenmalige of incidentele gebeurtenissen, activiteiten of
                                    investeringen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De organisatie is gevestigd en/of werkzaam in de gemeente
                                    Gulpen-Wittem en is actief binnen de beleidsterreinen
                                    onderwijs/educatie, cultuur, sport en recreatie, sociale
                                    voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening en/of
                                    volksgezondheid en milieu.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> De incidentele subsidie is bedoeld voor:</al><lijst><li nr="a)"><al>kleinschalige activiteiten, zijnde (zeer) uitzonderlijke
                                            prestaties of viering van een jubileum of andere
                                            heugelijke gebeurtenissen, ter waardering vanwege de
                                            inzet die ze in de lokale samenleving plegen, of;</al></li><li nr="b)"><al> (grootschalige) projecten, zaken of objecten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Activiteiten of projecten die in aanmerking kunnen komen voor
                                    subsidie:</al><lijst><li nr="a."><al>sluiten aan op gemeentelijk beleid (maatschappelijke
                                            activiteiten) en/of ter uitvoering van een gemeentelijke
                                            beleidsprioriteit, en;</al></li><li nr="b."><al>zijn bijzonder en niet regulier, en;</al></li><li nr="c."><al>zijn niet jaarlijks terugkerend, en;</al></li><li nr="d."><al>moeten een openbaar karakter hebben of betrekking hebben
                                            op een nieuwe activiteit waarmee eerst proef wordt
                                            gedraaid (innovatief), of;</al></li><li nr="e."><al>er bestaat op grond van rijksvoorschriften of op grond
                                            van door de gemeente verstrekte opdrachten een
                                            verplichting tot subsidie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Er wordt geen subsidie verstrekt voor activiteiten of projecten
                                    die:</al><lijst><li nr="a."><al>gericht zijn op burgers niet woonachtig in de gemeente
                                            Gulpen-Wittem, of;</al></li><li nr="b."><al>reeds op een andere wijze dan ingevolge deze verordening
                                            worden gesubsidieerd, of;</al></li><li nr="c."><al>niet haalbaar, uitvoerbaar en betaalbaar zijn, of;</al></li><li nr="d."><al>een commercieel doel dienen, of;</al></li><li nr="e."><al>niet vernieuwend zijn en/of een regulier c.q.
                                            structureel karakter hebben.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.1</nr><titel>Subsidieplafond en -berekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie voor kleinschalige activiteiten bedraagt maximaal 250
                                    euro per aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Subsidie voor kleinschalige activiteiten wordt per organisatie
                                    maximaal een keer per drie jaren verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.2</nr><titel>Aanvraag incidentele subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 7 lid 1 van deze verordening wordt een
                                    aanvraag voor een incidentele subsidie bij het college ingediend
                                    ten minste 13 weken voordat een start wordt gemaakt met de
                                    activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde termijn geldt niet indien de
                                    subsidieaanvraag op verzoek van de gemeente wordt
                                    ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van artikel 6 lid 3 van deze verordening wordt bij
                                    de aanvraag voor kleine activiteiten een aanvraagformulier met
                                    bijbehorende bijlagen overlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38.3</nr><titel>Tussentijdse rapportage projecten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 13 van deze verordening kan het college
                                    de subsidieontvanger verplichten tot het afleggen van (een)
                                    tussentijdse rapportage(s) over de voortgang van een project,
                                    mede in relatie tot de uitputting van beschikbare middelen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan per project nadere regels stellen omtrent de
                                    aard en de inhoud van de tussentijdse rapportage.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Zo spoedig mogelijk na de ontvangst van de tussentijdse
                                    rapportage treedt het college in overleg met de
                                    subsidieontvanger indien de rapportage daartoe aanleiding geeft
                                    dan wel indien de subsidieontvanger daartoe een verzoek
                                    indient.</al></lid></artikel></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>DEEL</label><nr>III</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van
                            deze verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken, met
                            uitzondering van de artikelen 1, 2, 3 en 9 voor zover toepassing gelet
                            op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot
                            onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit
                            artikel wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek
                            verslag gedaan aan de raad. Daarbij wordt met de toepassing van dit
                            artikel zorgvuldig en spaarzaam omgegaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
                                2018.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening, wordt de
                                Algemene Subsidieverordening 2015 ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41.</nr><titel>Begrenzing verordening of onduidelijkheid</titel></kop><al>In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet of onduidelijk
                            is, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Algemene Subsidieverordening
                            2018”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Gulpen-Wittem in zijn vergadering
                        van 21 december 2017. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Wnd. griffier, </ondertekening><ondertekening>A.F.M. Askamp. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening> de voorzitter, </ondertekening><ondertekening> Ing. N.H.C. Ramaekers-Rutjens.</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>BIJLAGE</label><titel>BEGRIPSBEPALINGEN</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Actief lid: een lid is iemand die ingeschreven staat bij een vereniging
                            of stichting en hiervoor contributie betaalt. Een actief lid maakt
                            gebruik van de faciliteiten en/of de activiteiten van de organisatie
                            en/of is bereid zijn of haar ervaringen/kwaliteiten in te zetten voor de
                            (vrijwilligers-)organisatie. Bijvoorbeeld vrijwillige inzet plegen voor
                            activiteiten, projecten of programma’s ofwel deelnemen aan het
                            bestuur.</al></li><li nr="2."><al>Activiteiten: in deel I wordt verwezen naar ‘activiteiten’. Hiermee
                            wordt eveneens voorzieningen, producten/diensten, projecten en
                            zaken/objecten bedoeld die in deel II aan bod komen bij de
                            subsidievormen.</al></li><li nr="3."><al>Samen Doen Subsidie: een Samen Doen Subsidie kenmerkt zicht door een
                            jaarlijkse of meerjarige activiteiten die door een
                            vrijwilligersorganisatie of burgerinitiatief worden uitgevoerd bestemd
                            voor alle burgers en/of bijzondere (kwetsbare) doelgroepen.</al></li><li nr="4."><al>Basissubsidie: een jaarlijkse of meerjarige subsidie die wordt verleend
                            aan vrijwilligersorganisaties (vereniging, stichting) als tegemoetkoming
                            in de bepaalde kosten die voortvloeien uit de uitvoering van
                            kernactiviteiten van de betreffende organisatie.</al></li><li nr="5."><al>Boekjaar: een kalenderjaar, tenzij met de subsidieontvanger een ander
                            tijdvak is overeengekomen.</al></li><li nr="6."><al>Budgetsubsidie: een budgetsubsidie voor (semipublieke) professionele
                            organisaties kenmerkt zich door een duidelijke omschrijving van
                            activiteiten, voorzieningen en/of producten/diensten, een toegekend
                            subsidiebedrag voor een bepaalde periode, bepaalde mate van vrijheid
                            binnen het subsidiekader en subsidieovereenkomst, toegestane
                            reserve/fondsvorming (tot op bepaalde hoogte) en tot slot vindt
                            subsidievaststelling op basis van een rapportage met resultaten c.q.
                            prestaties en mogelijk effecten plaats (output, outcome).</al></li><li nr="7."><al>Burgerinitiatief: een particulier die activiteiten uitvoert met een
                            maatschappelijk doel en zonder (commercieel) winstoogmerk. Een veel
                            gehanteerd werkbegrip is ‘een initiatief van één of meer burgers dat
                            onverplicht wordt gestart ten behoeve van anderen of de samenleving’.
                            Burgerinitiatieven beginnen meestal informeel, maar worden met regelmaat
                            formeel vanwege vereisten uit de omgeving (sociale ondernemingen,
                            organisatievormen zijn bijv. stichting, vereniging of coöperatie).</al></li><li nr="8."><al>Commercieel doel: uitgaven die tot doel hebben inkomsten te werven.</al></li><li nr="9."><al>Dekkingsplan: dit plan biedt inzicht in de wijze waarop de kosten van
                            een activiteit, voorziening, product/dienst, zaak of object wordt
                            gefinancierd. Met andere woorden het biedt inzicht in de organisaties
                            waarbij subsidies zijn aangevraagd of vergoedingen ten behoeve van
                            dezelfde activiteiten of subsidieaanvraag, plus indien van toepassing de
                            stand van zaken met betrekking tot de financieringsstroom van
                            derden.</al></li><li nr="10."><al>Directe kosten: kosten van een kostendrager en kosten derden, die
                            rechtstreeks aan de subsidiabele activiteit worden toegerekend.</al></li><li nr="11."><al>Directe subsidievaststelling: het vaststellen van de subsidie voor de
                            aanvang van het subsidietijdvak, zonder dat er voorafgaand een
                            subsidieverlening plaatsvindt.</al></li><li nr="12."><al>Hoofd- of kernactiviteit: diensten of activiteiten die de
                            (vrijwilliger-)organisatie aan haar leden verricht. Het betreffen
                            activiteiten die de (vrijwilliger-)organisatie bestaansrecht geven en
                            die de organisatie typeren. Bijvoorbeeld de voetbalvereniging draait om
                            samen voetballen en de fanfare om samen muziek maken.</al></li><li nr="13."><al>Incidentele subsidie: een subsidie ten behoeve van bijzondere
                            incidentele activiteiten en projecten niet behoren tot de reguliere
                            bezigheden van de aanvrager en waarvoor het college slechts voor een van
                            tevoren bepaalde tijd van maximaal vier jaar subsidie wil verstrekken.
                            Het betreffen ook investeringen (zaken/objecten) die een
                            vrijwilligersorganisatie (vereniging, stichting) moet plegen voor de
                            uitvoering van haar kernactiviteiten, zoals uniformen, instrumenten of
                            (ver-)bouw accommodatie. Ook wel eenmalige subsidie genoemd.</al></li><li nr="14."><al>Indirecte kosten of overhead: kosten die niet rechtstreeks aan een
                            subsidiabele activiteit worden toegerekend, maar via toerekening van een
                            kostendrager.</al></li><li nr="15."><al>Jaarlijkse subsidie: subsidie die per (boek-)jaar aan een organisatie
                            voor een periode van maximaal één jaar wordt verstrekt.</al></li><li nr="16."><al>Meerjarige subsidie: subsidie die voor twee, drie of maximaal vier
                            (boek-)jaren aan een organisatie wordt verstrekt.</al></li><li nr="17."><al>Jeugdigen en jongeren: personen in de leeftijd van 0 tot 24 jaar oud,
                            woonachtig in de gemeente Gulpen-Wittem;</al></li><li nr="18."><al>Jeugdlid: een lid die op 1 januari van het betreffende subsidiejaar 18
                            jaar of jonger is, tenzij het college anders bepaalt.</al></li><li nr="19."><al>Lid met een beperking: een lid met een verstandelijke, lichamelijke,
                            zintuiglijke beperking of een lid met psychiatrische of psychosociale
                            problemen die extra of gespecialiseerde begeleiding nodig heeft en/ of
                            gebruik maakt van aangepast materiaal/ voorzieningen om de activiteit te
                            kunnen doen, tenzij het college anders bepaalt.</al></li><li nr="20."><al>Kostendrager: kostenplaats of volume-eenheid voor kostenberekening.</al></li><li nr="21."><al>Kwetsbare burgers: zijn mensen die onvoldoende zelfredzaam zijn en de
                            regie over hun leven door omstandigheden deels of geheel zijn kwijt
                            geraakt. Het zijn mensen die vaak kampen met meer problemen en krijgen
                            deze niet zelf opgelost.</al></li><li nr="22."><al>Maatschappelijke activiteiten: activiteiten die een (sociale) meerwaarde
                            hebben voor de lokale samenleving en kwetsbare burgers in het
                            bijzonder.</al></li><li nr="23."><al>Nevenactiviteit: diensten of activiteiten die de
                            (vrijwilligers-)organisatie naast de hoofdactiviteiten of –diensten
                            verricht zoals de exploitatie van een kantine, maken van reclame
                            (sponsoring), verlenen van toegang tot wedstrijden en verstrekken van
                            ledenbladen, sportieve activiteiten van derden (diensten), of verkoop
                            van artikelen (levering).</al></li><li nr="24."><al>Ouderen: personen in de leeftijd van 60 jaar en ouder, woonachtig in de
                            gemeente Gulpen-Wittem.</al></li><li nr="25."><al>Passief lid: een lid is iemand die ingeschreven staat bij een vereniging
                            of stichting en hiervoor contributie betaald. Een passief lid maakt geen
                            gebruik van de faciliteiten en/of de activiteiten van de organisatie,
                            dan wel is niet bereid zich persoonlijk in te zetten voor de
                            (vrijwilligers-)organisatie.</al></li><li nr="26."><al>Project: een reeks van activiteiten die binnen gestelde condities een
                            vooraf bepaald resultaat moeten opleveren. Meestal wordt er een
                            tijdelijke organisatie ingericht ten behoeve van de uitvoering van het
                            project.</al></li><li nr="27."><al>Rechtspersoon: een organisatie die bevoegd is bepaalde rechtshandelingen
                            te verrichten (bijvoorbeeld vennootschap, verenging, stichting).</al></li><li nr="28."><al>Reserve: een reserve als bedoeld in artikel 2:373 van het Burgerlijk
                            Wetboek.</al></li><li nr="29."><al> Senior lid: een lid die op 1 januari van het betreffende subsidiejaar
                            ouder is dan 54 jaar, tenzij het college anders bepaalt.</al></li><li nr="30."><al> Stichting: een rechtspersoon als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek
                            werkzaam in de gemeente Gulpen-Wittem met een maatschappelijk doel en
                            gevormd door een vrijwilligersorganisatie.</al></li><li nr="31."><al>Structurele subsidie: een subsidie die in principe elk (boek-)jaar of
                            elke twee, drie of vier boekjaren aan een organisatie wordt verstrekt
                            voor de uitvoering van reguliere activiteiten, voorzieningen of
                            producten/diensten.</al></li><li nr="32."><al>Subsidiabele kosten: kosten die bij het verlenen en vaststellen van de
                            subsidie worden meegenomen c.q. kosten die voor gemeentelijke subsidie
                            in aanmerking komen.</al></li><li nr="33."><al>Subsidie(aan-)vrager: een natuurlijk persoon of rechtspersoon met
                            volledige rechtsbevoegdheid die een subsidieaanvraag doet.</al></li><li nr="34."><al>Subsidieontvanger: een natuurlijk persoon of rechtspersoon met volledige
                            rechtsbevoegdheid aan wie subsidie is verleend.</al></li><li nr="35."><al>Subsidieplafond: het subsidiebudget dat gedurende een bepaald tijdvak
                            ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van de subsidies
                            krachtens een bepaald wettelijk voorschrift.</al></li><li nr="36."><al>Subsidietijdvak: het in de subsidieverlening genoemde tijdvak, zijnde
                            (boek-)jaar of (boek-) jaren, waarvoor de subsidie is verleend.</al></li><li nr="37."><al>Subsidievaststelling: een beschikking waarin definitief wordt beslist
                            dat de subsidie(aan-)vrager subsidie ontvangt ter hoogte van een bepaald
                            bedrag, hetgeen het gemeentebestuur tot uitbetaling verplicht.</al></li><li nr="38."><al>Subsidieverlening: een beschikking met een omschrijving van de
                            activiteiten, voorzieningen producten/diensten en/of zaken/objecten
                            waarvoor subsidie wordt verleend en waarin het maximaal toegekende
                            subsidiebedrag wordt vermeld, alsmede de aan de subsidieverlening
                            verbonden verplichtingen c.q. voorwaarden.</al></li><li nr="39."><al>Vereniging: een rechtspersoon als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek,
                            werkzaam in de gemeente Gulpen-Wittem met een maatschappelijk doel en
                            gevormd door een vrijwilligersorganisatie.</al></li><li nr="40."><al>Vrijwilliger: iemand die uit vrije wil werkzaamheden verricht, buiten
                            een vast dienstverband. In het algemeen zijn deze werkzaamheden
                            onbetaald of staat er een vergoeding tegenover die lager ligt dan het
                            minimumloon bij betaald werk. Een vrijwilliger verricht
                            vrijwilligerswerk.</al></li><li nr="41."><al>Welzijn: welbevindingen en de ontplooiing van de burger voor zover deze
                            wordt bevorderd door onderwijs/educatie, opvang, sport, cultuur,
                            recreatie, (sociale) arbeid en welzijn en zorg.</al></li></lijst></bijlage></regeling></body></cvdr>