<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR479610_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2018</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Texel</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Texel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://www.texel.nl/mozard/!suite86.scherm0325?mVrg=6019&amp;mNch=1904807">Gemeentebald Texel 2017 nr 46</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening forensenbelasting 2018</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=223">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-12-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>086</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening is per 1 januari 2019 ingetrokken. Dit is gepubliceerd in het gemeenteblad van 27 december 2018, nr 26</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2018</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Texel:</al><al/><al>Gelezen het advies van burgemeester en wethouders van 14 november 2017;</al><al/><al>Gehoord de raadscommissie van 11 december 2017;</al><al/><al>Besluit</al><al>Vast te stellen de</al><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting
                            2018</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een
                            gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam ‘forensenbelasting’ wordt een directe belasting
                                geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente
                                hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het
                                belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning
                                beschikbaar houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de
                                omstandigheden beoordeeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een
                            openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een
                            vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan
                            wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn
                            hoofdverblijf vertoeft. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de
                                onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject
                                waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het
                                belastingjaar valt, is vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de
                                waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de
                                onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de
                                woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met
                                toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering
                                onroerende zaken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is
                                vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vaststelling van de waarde bedoeld in het tweede en derde lid
                                geschiedt overeenkomstig de artikelen 220 tot en met 220d van de
                                Gemeentewet, met dien verstande dat daarbij artikel 16, onderdeel e,
                                van de Wet waardering onroerende zaken niet wordt toegepast.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In afwijking van het in de vorige leden bepaalde wordt tevens een
                                belasting geheven van caravans met een vaste standplaats voor
                                meerdere jaren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Tarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 4 lid 1 tot en
                                met lid 4 bedraagt de belasting 0,3648% van deze heffingsmaatstaf,
                                met dien verstande dat het te betalen bedrag minimaal € 464 is en
                                niet meer zal bedragen dan € 1.444.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 4 lid 5 bedraagt het
                                tarief per vaste standplaats € 417.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening
                                van het aanslagbiljet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de
                                voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Nadere regels door het college van Burgemeester &amp;
                                Wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en invordering van de forensenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 2 is gehouden, voordat hij voor
                            de 1<sup>e</sup> maal een gemeubileerde woning beschikbaar gaat houden,
                            dit schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester
                            &amp; wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231,
                            tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>De ‘Verordening forensenbelasting 2017’ van 21 december 2016 wordt
                            ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum
                            van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing
                            blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                            voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening forensenbelasting
                            2018’. </al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december 2017</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>M. de Porto M.C. Uitdehaag</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>