<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR479609_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reclamebelasting Texel 2018</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Texel</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-23</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Texel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://www.texel.nl/mozard/!suite86.scherm0325?mVrg=6019&amp;mNch=8166722">Gemeenteblad Texel 2017 nr 45</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reclamebelasting Texel 2018</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=227">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-12-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>080</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze verordening is per 1 januari 2019 ingetrokken. Dit is gepubliceerd in het gemeenteblad op 27 december 2018, nr 34</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reclamebelasting Texel 2018</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Texel:</al><al/><al>Gelezen het advies van burgemeester en wethouders van 10 oktober 2017;</al><al/><al>Gehoord de commissie van 11 december 2017;</al><al/><al>Gelet op</al><al>artikel 227 van de gemeentewet</al><al/><al>Besluit</al><al>Vast te stellen de:</al><al><vet>Verordening Reclamebelasting Texel 2018</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><table><tgroup cols="2"><tbody><row><entry><al>a. Reclameobject</al></entry><entry><al>Een openbare aankondiging in letters, symbolen of
                                                kleuren, of een voorwerp, of een combinatie daarvan,
                                                zichtbaar vanaf de openbare weg</al></entry></row><row><entry><al>b. Bouwwerk</al></entry><entry><al>Elke constructie van enige omvang van hout, steen,
                                                metaal of ander materiaal, welk op de plaats van
                                                bestemming hetzij direct of indirect met de grond
                                                verbonden is, hetzij directe of indirecte steun
                                                vindt in of op de grond</al></entry></row><row><entry><al>c. Wet WOZ</al></entry><entry><al>De Wet waardering onroerende zaken</al></entry></row><row><entry><al>d. Onroerende zaak</al></entry><entry><al>De onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de
                                                Wet waardering onroerende zaken</al></entry></row><row><entry><al>e. Waarde</al></entry><entry><al>De op voet van hoofdstuk IV van de Wet WOZ voor het
                                                kalenderjaar, als bedoeld in artikel 7, voor de
                                                onroerende zaak vastgestelde waarde. Indien met
                                                betrekking tot een onroerende zaak geen waarde op de
                                                voet van hoofdstuk IV van de Wet WOZ is vastgesteld,
                                                is de waarde de met overeenkomstige toepassing van
                                                het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en
                                                20 tweede lid van de Wet WOZ vastgestelde
                                                waarde</al></entry></row><row><entry><al>f. Vestiging</al></entry><entry><al>1. de onroerende zaak als bedoeld onder hoofdstuk
                                                III van de ‘Wet waardering onroerende zaken’, die
                                                niet tot woning dient, dan wel het
                                                niet-woning-gedeelte van een onroerende zaak die tot
                                                woning dient</al><al>2. 2 of meer onroerende zaken die direct naast of
                                                boven elkaar gelegen zijn en die tezamen door 1
                                                organisatie of bedrijf voor 1 doel worden
                                                gebruikt</al></entry></row><row><entry><al>g. Voorziening</al></entry><entry><al>Specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen,
                                                tonen of vertonen van één of meer (al dan niet
                                                wisselende) openbare aankondigingen</al></entry></row><row><entry><al>h. Jaar</al></entry><entry><al>Een kalenderjaar</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Voorwerp van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing binnen de bebouwde kom van de kern
                            Den Burg met twee tariefgebieden, conform de beschrijving in artikel 8
                            en zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende kaart.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de titel ‘reclamebelasting’ wordt onder de bij deze verordening
                            gestelde voorwaarden, binnen de gebieden als bedoeld in artikel 2 een
                            directe belasting geheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar
                            vanaf de openbare weg.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven van de gebruiker van de vestiging
                            waarop, waaraan, waarin of waarbij 1 of meer reclameobjecten zijn
                            aangebracht dan wel zijn geplaatst.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare
                            aankondigingen:</al><lijst><li nr="a."><al>die korter dan 13 weken per jaar aanwezig zijn, tenzij deze
                                    openbare aankondigingen zijn aangebracht, getoond of vertoond in
                                    een voorziening waarin, waaraan of waarop wisselende openbare
                                    aankondigingen worden aangebracht, die individueel korter dan 13
                                    weken per jaar aanwezig zijn, getoond of vertoond maar waarbij
                                    de verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken
                                    per jaar of meer aanwezig zijn;</al></li><li nr="b."><al>die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang
                                    wordt gediend, kunnen worden aangemerkt;</al></li><li nr="c."><al>die zonder commercieel oogmerk aanwezig zijn; </al></li><li nr="d."><al>die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst
                                    of aangebracht, indien en zover de openbare aankondiging
                                    geschiedt ter uitvoering van de publieke taak;</al></li><li nr="e."><al>die door (semi)overheden of maatschappelijke of daarmee gelijk
                                    te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn aangebracht
                                    en betrekking hebben op activiteiten die uitsluitend een
                                    charitatief of ideëel belang dienen;</al></li><li nr="f."><al>aangebracht door of namens ondernemersverenigingen of
                                    centrummanagement, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat
                                    uit een vlag, banier of zuil met de naam van de
                                    ondernemersvereniging of het centrummanagement;</al></li><li nr="g."><al>aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften
                                    rechtsreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering
                                    zijnde bouwwerkzaamheden; </al></li><li nr="h."><al>die onderdeel uitmaken van de verkoop of verhuur van onroerende
                                    zaken, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid
                                    van de te verkopen of verhuren zaak (makelaarsborden);</al></li><li nr="i."><al>aangebracht op scholen, zorginstellingen en culturele
                                    instellingen en die uitsluitend betrekking hebben op de functie
                                    van het gebouw;</al></li><li nr="j."><al>aangebracht op religieuze gebouwen die nog voor de eredienst
                                    worden gebruikt;</al></li><li nr="k."><al>waarvoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst
                                    betaling aan de gemeente moet geschieden onderscheidenlijk een
                                    vergoeding aan de gemeente verschuldigd is (abri’s, zuilen,
                                    driehoeksborden, mupi’s);</al></li><li nr="l."><al>die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel
                                    belang dienen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De reclameheffing wordt geheven per vestiging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De heffingsmaatstaf is een vast bedrag per vestiging vermeerderd met
                                een bedrag dat afhankelijk is van de voor de vestiging vastgestelde
                                waarde het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor een vestiging als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, sub 1 is
                                de heffingsmaatstaf een vast bedrag en een bedrag dat afhankelijk is
                                van de waarde van de vestiging.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor een vestiging als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, sub 2, is
                                de heffingsmaatstaf een vast bedrag en een bedrag dat afhankelijk is
                                van de waarden die aan de vestiging kunnen worden toegerekend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf wordt buiten aanmerking
                                gelaten de waarde van delen van de vestiging die in hoofdzaak tot
                                woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan
                                woondoeleinden.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het vaste bedrag van de reclamebelasting bedraagt in tariefgebied A
                                – binnen de ring van de kern Den Burg - € 300 per vestiging.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Voor zover de waarde van de vestiging meer bedraagt dan € 200.000
                                wordt het in vorige lid genoemde bedrag in tariefgebied A
                                vermeerderd met € 1.50 per € 1.000 aan waarde.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De heffing in tariefgebied A bedraagt maximaal € 1500 per
                                vestiging.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Het vaste bedrag van de reclamebelasting bedraagt in tariefgebied B
                                – buiten de ring, doch binnen de bebouwde kom van de kern Den Burg -
                                € 50.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Voor zover de waarde van de vestiging meer bedraagt dan € 200.000,
                                wordt het in het vorige lid genoemde bedrag in tariefgebied B
                                vermeerderd met € 0.25 per € 1000 aan waarde.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>De heffing in tariefgebied B bedraagt maximaal € 250 per
                                vestiging.</al></lid><lid><lidnr>12.</lidnr><al>Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar
                                beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd
                                indien de lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor
                                de reclamebelasting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak
                                of, zo dit later is, bij aanvang van de belastingplicht. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak
                                aanvangt, is de reclamebelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde
                                gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting als er
                                in dat jaar, na het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht,
                                nog volle kalendermaanden overblijven. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak
                                eindigt, wordt de aanslag op verzoek van belastingplichtige
                                verminderd met zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
                                verschuldigde reclameheffing als er in dat jaar, na het tijdstip van
                                de beëindiging van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de vermindering minder
                                bedraagt dan € 10. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De reclameheffing wordt geheven bij wege van aanslag. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Betalingstermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moeten de aanslagen worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening
                                van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde
                                bedragen via automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de
                                aanslag moet worden betaald in maximaal 10 gelijke termijnen. De
                                eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                                maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk
                                van de volgende termijnen telkens een maand later.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Van deze belasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van
                                de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening
                                reclamebelasting Texel 2018’.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december 2017,</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter</ondertekening><ondertekening>M. de Porto M.C. Uitdehaag</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label>Bijlage</label><titel>Kaart Den Burg</titel></kop><al>Tariefgebied A – binnenring </al><al>Daaronder rekenende alle reclamevoerende panden van de dorpskern tot aan de
                    middenbaan van de Beatrixlaan, Bernhardlaan en Emmalaan.</al><al/><al>Tariefgebied B – buitenring </al><al>Alle reclamevoerende panden binnen de bebouwde kom van Den Burg exclusief de
                    panden gevestigd in tariefgebied A.</al><al/><al>Verbeelding tariefgebieden A en B</al><al><plaatje><illustratie id="iee6391fb-330f-4204-9481-542a04e9cb37" naam="i299559iee6391fb-330f-4204-9481-542a04e9cb37.png" type="foto" breedte="15.9cm" hoogte="16.05cm"/></plaatje></al></bijlage></regeling></body></cvdr>