<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR47372_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening bestuursrechtelijke geldschulden gemeente Enschede.</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-10-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Huis aan Huis d.d. 21 oktober 2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening bestuursrechtelijke geldschulden gemeente Enschede.</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 4:87 van de Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-10-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-10-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Gemeenteblad Nr. 331</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financien</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Ingangsdatum: 22 oktober 2009</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening bestuursrechtelijke geldschulden gemeente Enschede.
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>
            <vet>Gemeenteblad van Enschede</vet>
          </al>
          <al>De Raad van de gemeente Enschede, </al>
          <al>gelezen het voorstel van Burgemeester en Wethouders van … 2009,</al>
          <al>Concernstaf, stuknr. …,</al>
          <al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 4:87 van de Algemene
                        wet bestuursrecht,</al>
          <al>b e s l u i t:</al>
          <al>vast te stellen de</al>
          <al>
            <vet>Verordening bestuursrechtelijke geldschulden</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Begripsbepalingen</titel>
          </kop>
          <al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>de wet: de Algemene wet bestuursrecht;</al></li>
            <li nr="b."><al>bestuursorgaan: de raad, de burgemeester en het college van
                                    Enschede;</al></li>
            <li nr="c."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                    Enschede.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Reikwijdte</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening is niet van toepassing voor zover het onderwerp
                            bestuursrechtelijke geldschulden in een andere verordening is
                            geregeld.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Betalingstermijn</titel>
          </kop>
          <al>In afwijking van artikel 4:87 lid 1 van de wet geschiedt de betaling
                            binnen 30 dagen nadat de beschikking op de voorgeschreven wijze is
                            bekendgemaakt, tenzij de beschikking een later tijdstip vermeldt.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Inwerkingtreding</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening treedt in werking op de dag na de datum van
                            bekendmaking. </al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Overgangsbepaling</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>Op een verplichting tot betaling van een geldsom aan of door een
                            bestuursorgaan die is vastgesteld of ontstaan vóór het tijdstip van
                            inwerkingtreding van deze verordening, blijft het recht zoals dat gold
                            vóór dat tijdstip van toepassing.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>Op een verplichting tot betaling
                            van een geldsom aan of door een bestuursorgaan in verband met een
                            subsidie die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
                            is verleend, blijft het recht zoals dat gold vóór dat tijdstip van
                            toepassing.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Citeertitel</titel>
          </kop>
          <al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestuursrechtelijke
                            geldschulden gemeente Enschede.</al>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <nota-toelichting>
        <tussenkop>Toelichting Verordening bestuursrechtelijke geldschulden</tussenkop>
        <tussenkop>Algemeen</tussenkop>
        <al>Met de inwerkingtreding van de vierde tranche van de Algemene wet bestuursrecht
                    (Awb) per 1 juli 2009 is het onderwerp bestuursrechtelijke geldschulden
                    toegevoegd aan de Awb. Titel 4.4 van de Awb is van toepassing op geldschulden
                    die voortvloeien uit de wet, een wettelijk voorschrift of een besluit van een
                    bestuursorgaan waartegen bezwaar gemaakt kan worden of beroep kan worden
                    ingesteld (=beschikking).</al>
        <al>Met betrekking tot een aantal onderwerpen bestaat de vrijheid om de wettelijke
                    regeling aan te vullen of daarvan af te wijken door een gemeentelijke
                    verordening. Van die mogelijkheid wordt met deze verordening gebruik gemaakt ten
                    aanzien van de betalingstermijn van geldschulden die voortvloeien uit een
                    beschikking. Deze betalingstermijn betreft zowel schulden aan als schulden van
                    de overheid.</al>
        <tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop>
        <tussenkop>Artikel 1</tussenkop>
        <al>In dit artikel zijn begripsomschrijvingen opgenomen van begrippen die in deze
                    verordening</al>
        <al>worden gehanteerd.</al>
        <tussenkop>Artikel 2</tussenkop>
        <al>In specifieke verordeningen kan het onderwerp bestuursrechtelijke
                    geldschulden</al>
        <al>ook aan de orde komen. Daarbij valt te denken aan de diverse
                    belastingverordeningen.</al>
        <al>In die gevallen is deze (algemene) verordening niet van toepassing, maar geldt
                    hetgeen</al>
        <al>geregeld is in de specifieke verordening.</al>
        <tussenkop>Artikel 3</tussenkop>
        <al>In artikel 4:87 lid 1 Algemene wet bestuursrecht hanteert de wetgever een
                    betalingstermijn van 6 weken. Betaling dient te geschieden binnen 6 weken nadat
                    de beschikking is bekendgemaakt. Een langere betalingtermijn mag in de
                    beschikking zelf worden vermeld. Een kortere betalingstermijn dan</al>
        <al>6 weken is alleen toegestaan als dat in een wet of verordening is geregeld.</al>
        <al>In dit artikel van de verordening is bepaald dat betaling aan en door de
                    gemeente geschiedt binnen 30 dagen nadat de beschikking bekend is gemaakt. Deze
                    kortere termijn is met name van belang voor invordering van Wet Werk en
                    Bijstand-schulden, onder andere om sneller beslag te kunnen leggen en te
                    voorkomen dat invordering onmogelijk wordt gemaakt. Om binnen de gemeente één
                    uniforme termijn te hanteren is er voor gekozen om gemeentebreed een
                    betalingstermijn van 30 dagen te hanteren. Dit komt de overzichtelijkheid en
                    duidelijkheid ten goede. Het artikel laat onverlet dat in beschikkingen een
                    langere betalingstermijn kan worden opgenomen, de verordening stelt slechts de
                    minimumtermijn vast.</al>
        <tussenkop>Artikel 4</tussenkop>
        <al>Dit artikel spreekt voor zich.</al>
        <tussenkop>Artikel 5</tussenkop>
        <al>Artikel 6 bevat het overgangsrecht. Daarbij is aangesloten bij het
                    overgangsrecht behorende bij titel 4.4 Algemene wet bestuursrecht inzake
                    bestuursrechtelijke geldschulden. Er is voor gekozen de verordening
                    eerbiedigende werking te geven. Op geldschulden die vóór de inwerkingtreding van
                    deze verordening bij beschikking zijn vastgesteld blijft het oude recht van
                    toepassing. Het tweede lid geeft om praktische redenen een aanvullende
                    voorziening voor subsidies: het oude recht blijft ook van toepassing op
                    betalingsverplichtingen die weliswaar na inwerkingtreding van de wet zijn
                    ontstaan, maar samenhangen met vóór inwerkingtreding ervan verleende subsidies.
                    Dit is met name van belang als een vóór inwerkingtreding verleende subsidie na
                    inwerkingtreding wordt vastgesteld. Het tweede lid waarborgt dat in zo’n geval
                    op het gehele subsidieproces hetzelfde recht van toepassing is. </al>
        <tussenkop>Artikel 6</tussenkop>
        <al>Dit artikel spreekt voor zich.</al>
      </nota-toelichting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>