<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR46950_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Financieringsstatuut gemeente Steenwijkerland 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Steenwijkerland</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Steenwijkerland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2009, 13</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financieringsstatuut gemeente Steenwijkerland 2006</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 147, eerste lid</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet financiering decentrale overheden</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Financiële verordening gemeente Steenwijkerland</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-02-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-07-13</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging artikel 6 lid 1</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2009/15</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Financieringsstatuut gemeente Steenwijkerland 2006</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Steenwijkerland;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van ....., nummer /
                        ;</al><al/><al>gelet op artikel 147 eerste lid van de Gemeentewet, de Algemene wet
                        bestuursrecht, de Wet financiering decentrale overheden en artikel 14 van de
                        “Financiële verordening gemeente Steenwijkerland”;</al><al/><al>b e s l u i t :</al><al/><al>Vast te stellen het </al><al/><al>“<vet>Financieringsstatuut gemeente Steenwijkerland 2006” </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippenkader</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="-"><al>Certificate of Deposit (CD): Verhandelbare schuldbekentenis aan
                                    toonder met een looptijd korter dan twee jaar, uitgegeven door
                                    een kredietinstelling.</al></li><li nr="-"><al>Commercial Paper (CP): Verhandelbare schuldbekentenis aan
                                    toonder met een looptijd korter dan twee jaar, uitgegeven door
                                    een niet-kredietinstelling.</al></li><li nr="-"><al>Derivaten: Financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan
                                    een bepaalde onderliggende waarde. De onderliggende waarden
                                    kunnen financiële producten, zoals leningen of obligaties zijn.
                                    Derivaten worden onder andere gebruikt om renterisico’s te
                                    sturen en financieringskosten te minimaliseren;</al></li><li nr="-"><al>Financiering: Het aantrekken van benodigde financiële middelen
                                    voor een periode van minimaal één jaar. Deze middelen kunnen
                                    bestaan uit zowel eigen vermogen als vreemd vermogen;</al></li><li nr="-"><al>Geldstromenbeheer: Al die activiteiten die nodig zijn om
                                    liquiditeiten te verplaatsen zowel binnen de organisatie zelf
                                    als tussen de organisatie en derden (betalingsverkeer);</al></li><li nr="-"><al>Intern liquiditeitsrisico: De risico’s van mogelijke wijzigingen
                                    in de liquiditeitenplanning en meerjaren investeringsplanning
                                    waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de
                                    verwachtingen;</al></li><li nr="-"><al>Kasgeldlimiet: Een bedrag op basis van de Wet FIDO ter grootte
                                    van een percentage van het totaal van de jaarbegroting van de
                                    gemeente bij aanvang van het jaar;</al></li><li nr="-"><al>Koersrisico: Het risico dat de financiële activa van de
                                    organisatie in waarde verminderen door negatieve
                                    koersontwikkelingen;</al></li><li nr="-"><al>Kredietrisico: De risico’s op een waardedaling van een vordering
                                    ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de
                                    verplichtingen door de tegenpartij als gevolg van insolventie of
                                    deficit;</al></li><li nr="-"><al>Liquiditeitenbeheer: Het aantrekken en uitzetten van middelen
                                    voor een periode tot één jaar;</al></li><li nr="-"><al>Liquiditeitenplanning: Een gestructureerd overzicht van de
                                    toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld per
                                    tijdseenheid;</al></li><li nr="-"><al>Medium Term Note: Verhandelbare schuldbekentenis aan toonder.
                                    Maakt onderdeel uit van een medium term note programma en wordt
                                    veelal uitgegeven door een bank.</al></li><li nr="-"><al>Rating: De inschatting van de kans op eventuele wanbetalingen
                                    bij toekomstige rente- en aflossingsbetalingen op
                                    schuldpapier;</al></li><li nr="-"><al>Renterisico: Het gevaar van ongewenste veranderingen van de
                                    (financiële) resultaten van de gemeente door
                                    rentewijzigingen;</al></li><li nr="-"><al>Renterisiconorm: Een bij de aanvang van enig jaar op basis van
                                    de Wet FIDO gefixeerd percentage van het totaal van de vaste
                                    schuld van de gemeente dat bij de realisatie niet mag worden
                                    overschreden;</al></li><li nr="-"><al>Rentetypische looptijd: Het tijdsinterval gedurende de looptijd
                                    van een geldlening, waarin op basis van de voorwaarden van de
                                    geldlening sprake is van een door de verstrekker van de
                                    geldlening niet beïnvloedbare, constante rentevergoeding;</al></li><li nr="-"><al>Saldobeheer: Het beheer van de dagelijkse saldi op de
                                    rekeningen;</al></li><li nr="-"><al>Rentevisie: Toekomstverwachting over de rente-ontwikkeling;</al></li><li nr="-"><al>Solvabiliteitsratio van 0%: Status die door een bancaire
                                    toezichthouder in een lidstaat van de Europese Economische
                                    Ruimte (lidstaten van de Europese Unie uitgebreid met Noorwegen,
                                    IJsland en Liechtenstein) aan het schuldpapier van een
                                    instelling kan worden toegekend;</al></li><li nr="-"><al>Treasury: Treasury omvat alle activiteiten die zich richten op
                                    het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het
                                    toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële
                                    stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden
                                    risico’s. Treasury bestaat uit vier deelfuncties: risicobeheer,
                                    gemeentefinanciering, kasbeheer en debiteuren- en
                                    crediteurenbeheer;</al></li><li nr="-"><al>Uitzetting: Het tijdelijk toevertrouwen van liquiditeiten aan
                                    derden tegen vooraf overeengekomen condities en bedingen.
                                    Kortlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode tot
                                    één jaar en langlopende uitzettingen hebben betrekking op een
                                    periode van één jaar of langer.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Treasury van de gemeente Steenwijkerland dient tot:</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>het aantrekken van voldoende financiële middelen en het
                                    uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de
                                    door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te kunnen
                                    voeren;</al></li><li nr="2."><al>het beheersen van de risico’s verbonden aan de
                                    financieringsfunctie zoals rentersico’s, koersrisico’s en
                                    kredietrisico’s;</al></li><li nr="3."><al>het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en
                                    het bereiken van een voldoende rendement op de
                                    uitzettingen;</al></li><li nr="4."><al>het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten
                                    bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.</al><al/></li></lijst><tussenkop><vet><onderstreept>Risicobeheer</onderstreept></vet></tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Uitgangspunten risicobeheer</titel></kop><al>Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene
                            uitgangspunten:</al><lijst><li nr="1."><al>Garanties aan derde partijen worden slechts verstrekt uit hoofde
                                    van de “publieke taak”. </al></li><li nr="2."><al>De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van treasury
                                    indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet
                                    zijn gericht op het genereren van inkomen door het lopen van
                                    overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen
                                    wordt gewaarborgd middels de richtlijnen van dit
                                    financieringsstatuut;</al></li><li nr="3."><al>Het gebruik van derivaten is toegestaan, maar deze worden
                                    uitsluitend toegepast ter beperking van financiële
                                    risico’s.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Renterisicobeheer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Conform de Wet FIDO wordt de kasgeldlimiet niet overschreden;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Conform de Wet FIDO wordt de renterisiconorm niet overschreden;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande
                                financiële positie en de liquiditeitenplanning;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende
                                lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele
                                rentestand en de rentevisie;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De rentevisie van de gemeente wordt jaarlijks opgesteld op basis van
                                de gemiddelde rentevisie van minimaal twee vooraanstaande financiële
                                instellingen;</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Binnen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de gemeente
                                naar spreiding in de rentetypische looptijden van uitzettingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Koersrisicobeheer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeente beperkt de koersrisico’s op uitzettingen uit hoofde van
                                treasury door conform artikel 7 de looptijd van de uitzettingen af
                                te stemmen op de liquiditeitenplanning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tevens worden de koersrisico’s beperkt door daarbij uitsluitend de
                                volgende producten te hanteren: rekening courant, spaarrekening,
                                daggeld, deposito’s, commercial paper (CP), certificates of deposit
                                (CD), obligaties, medium term notes (MTN) en garantieproducten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Kredietrisicobeheer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het uitzetten van middelen uit hoofde van treasury geldt dat
                                uitzettingen uitsluitend plaatsvinden bij:</al><lijst><li nr="-"><al>Nederlandse overheden en andere publiekrechtelijke lichamen
                                        met een solvabiliteitsratio van 0%;</al></li><li nr="-"><al>Financiële instellingen met ten minste een AA-rating van
                                        tenminste twee van de volgende erkende rating-bureau’s:
                                        Moody’s, Standard &amp; Poors of Fitch IBCA;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het verstrekken van garanties uit hoofde van de publieke taak
                                worden indien mogelijk zekerheden of garanties geëist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Intern liquiditeitsrisicobeheer</titel></kop><al>De interne liquiditeitsrisico’s worden beperkt door treasuryactiviteiten
                            te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot één
                            jaar), alsmede een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van
                            minimaal 4 jaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Valutarisicobeheer</titel></kop><al>Valutarisico’s worden uitgesloten door uitsluitend leningen te
                            verstrekken, aan te gaan of te garanderen in euro.</al><al/><tussenkop><vet><onderstreept>Gemeentefinanciering</onderstreept></vet></tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Financiering</titel></kop><al>Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en
                            langer gelden de volgende uitgangspunten:</al><lijst><li nr="1."><al>Financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de
                                    uitoefening van de publieke taak;</al></li><li nr="2."><al>Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel
                                    mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne
                                    financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) te gebruiken
                                    teneinde het renteresultaat te optimaliseren;</al></li><li nr="3."><al>Toegestane instrumenten bij het aantrekken van financieringen
                                    zijn onderhandse leningen en medium term notes (MTN).</al></li><li nr="4."><al>Alvorens een financiering wordt aangetrokken, wordt bij minimaal
                                    3 financiële instellingen schriftelijk een schriftelijke offerte
                                    gevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Langlopende uitzettingen</titel></kop><al>Bij het uitzetten van middelen uit hoofde van treasury voor een periode
                            van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten:</al><lijst><li nr="1."><al>Uitzettingen worden uitsluitend gedaan onder de in artikel 4, 5
                                    en 6 genoemde voorwaarden;</al></li><li nr="2."><al>Alvorens een langlopende uitzetting wordt gedaan, wordt bij
                                    minimaal 2 instellingen een offerte gevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Relatiebeheer</titel></kop><al>Beoogd wordt het realiseren van gunstige c.q. marktconforme condities
                            voor af te nemen financiële diensten. Hiervoor geldt het volgende:</al><al>Financiële instellingen (kredietinstellingen, beleggingsinstellingen,
                            effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) dienen onder
                            Nederlands of anderszins EER-toezicht* te vallen, zoals De Nederlandsche
                            Bank en de Verzekeringskamer. Tussenpersonen dienen geregistreerd te
                            staan bij de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) en daarvan een
                            vergunning als makelaar te hebben ontvangen.</al><al/><al>* Onder de Europese Economische Ruimte (EER) vallen naast de lidstaten
                            van de Europese Unie ook Noorwegen, IJsland en Liechtenstein.</al><tussenkop><vet><onderstreept>Kasbeheer</onderstreept></vet></tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Geldstromenbeheer</titel></kop><al>Teneinde de kosten van het geldstromenbeheer te beperken wordt: </al><lijst><li nr="1."><al>Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op
                                    gemeenteniveau op elkaar en de liquiditeitenplanning af te
                                    stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie
                                    voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig
                                    kunnen worden nagekomen.</al></li><li nr="2."><al>Het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd
                                    door één bank;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Saldo- en liquiditeitenbeheer</titel></kop><al>Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende
                            specifieke richtlijnen:</al><lijst><li nr="1."><al>Gestreefd wordt naar concentratie van de overtollige
                                    liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met
                                    de gunstigste condities;</al></li><li nr="2."><al>Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat kan de gemeente
                                    kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt – conform artikel
                                    4 lid 1 - de kasgeldlimiet niet overschreden;</al></li><li nr="3."><al>Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende
                                    middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op
                                    rekening courant;</al></li><li nr="4."><al>Toegestane instrumenten bij het uitzetten van gelden voor een
                                    periode korter dan één jaar zijn rekening-courant, daggeld,
                                    spaarrekeningen, deposito’s en obligatiefondsen;</al></li><li nr="5."><al>Bij het extern uitzetten van gelden korter dan één jaar zijn
                                    slechts de in artikel 6 genoemde tegenpartijen toegestaan.</al></li><li nr="6."><al>Alvorens middelen worden aangetrokken of uitgezet met een
                                    looptijd korter dan één jaar, wordt bij minimaal 2 instellingen
                                    een offerte gevraagd.</al><al/></li></lijst><tussenkop><vet><onderstreept>Administratieve organisatie en interne
                                    controle</onderstreept></vet></tussenkop></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Uitgangspunten administratieve organisatie en interne
                                controle</titel></kop><al>In het kader van treasury gelden de volgende algemene uitgangspunten op
                            het gebied van administratieve organisatie en interne controle:</al><lijst><li nr="1."><al>De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van
                                    treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk
                                    vastgelegd*;</al></li><li nr="2."><al>Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk
                                    vastgelegd;</al></li><li nr="3."><al>Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding
                                    doorgevoerd met alsbelangrijkste voorwaarden:</al><lijst><li nr="a."><al>iedere transactie wordt door minimaal twee
                                            functionarissen geautoriseerd
                                            (hetvier-ogen-principe);</al></li><li nr="b."><al>de uitvoering en controle geschiedt door afzonderlijke
                                            functionarissen;</al></li><li nr="c."><al>de uitvoering en registratie in de financiële
                                            administratie geschiedt door afzonderlijke
                                            functionarissen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere
                                    transactie te versturen naar de financiële administratie zonder
                                    tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van
                                    de transacties;</al></li><li nr="5."><al>De transacties worden onmiddellijk geregistreerd door de
                                    functionaris die de transactie heeft afgesloten en gecontroleerd
                                    door de functionaris die belast is met de interne controle.</al></li></lijst><al/><al>* De schriftelijke vastlegging van de verantwoordelijkheden en
                            bevoegdheden wordt geregeld in artikel 15 respectievelijk artikel 16.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verantwoordelijkheden</titel></kop><al>De verantwoordelijkheden met betrekking tot treasury van de gemeente
                            staan in onderstaande tabel gedefinieerd.</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="30*"/><colspec colname="col2" colwidth="70*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Functie</al></entry><entry colname="col2"><al>Verantwoordelijkheden</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De Gemeenteraad</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het vaststellen van treasurydoelstellingen, het
                                                treasurybeleid, beleidskaders en limieten;</al><al>·Het vaststellen van de paragraaf financiering in de
                                                begroting en de jaarrekening;</al><al>·Het houden van toezicht op het treasurybeleid en de
                                                uitvoering hiervan;</al><al>·Het evalueren en als gevolg daarvan (eventueel)
                                                bijstellen van het treasurybeleid aan de hand de
                                                paragraaf financiering bij de jaarrekening.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Commissie BMO</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het uitbrengen van advies over beleidsvoorstellen
                                                en rapportages op het gebied van treasury aan de
                                                Gemeenteraad.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Het college van B&amp;W</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het uitvoeren van het treasurybeleid (formele
                                                verantwoordelijkheid);</al><al>·Het achteraf bekrachtigen van de afgesloten
                                                transacties (voor zover dit niet aan de Gemeenteraad
                                                is voorbehouden);</al><al>·Het rapporteren aan de Gemeenteraad over de
                                                uitvoering van het treasurybeleid.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De portefeuillehouder Financiën</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het uitvoeren van het treasurybeleid (politieke
                                                verantwoordelijkheid).</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De directeur Middelen</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het uitvoeren van de aan haar/hem gemandateerde
                                                treasuryactiviteiten conform het
                                                financieringsstatuut;</al><al>·Het zorgdragen voor juiste verantwoording van de
                                                uitvoering van de door hem/haar gemandateerde
                                                treasuryactiviteiten;</al><al>·Het afleggen van verantwoording aan het college van
                                                B&amp;W. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Coördinator begroting</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het opzetten van administratieve richtlijnen op het
                                                gebied van treasury;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Coördinator bedrijfsprocessen</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het bewaken van de kwaliteit van
                                                dasuryprocessen;</al><al>·Het controleren van de volledigheid en
                                                betrouwbaarheid van de informatievoorziening van
                                                treasury en hierover rapporteren aan het college van
                                                B&amp;W.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De afdelingshoofden</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het zorgdragen voor het tijdig aanleveren van
                                                betrouwbare operationele informatie over toekomstige
                                                geldstromen aan de afdeling Middelen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De medewerker treasury </al></entry><entry colname="col2"><al>·Het uitvoeren van de activiteiten met betrekking
                                                tot de volgende deelfuncties: het risicobeheer,
                                                gemeentefinanciering (financiering, uitzetting en
                                                relatiebeheer) en kasbeheer. Deze activiteiten
                                                moeten conform dit financieringsstatuut worden
                                                uitgevoerd; </al><al>·Het opstellen van de rentevisie;</al><al>·Het aantrekken en uitzetten van gelden in het kader
                                                van het saldo- en liquiditeitenbeheer;</al><al>·Het beheren van de geldstromen;</al><al>·Het onderhouden van contacten met banken,
                                                geldmakelaars en overige financiële
                                                instellingen;</al><al>·Het afsluiten van financiële contracten
                                                voortvloeiend uit bovenstaande deelfuncties;</al><al>·Het vastleggen van de transacties en het doorgeven
                                                hiervan aan de medewerker interne controle;</al><al>·Het voorbereiden van beleidsvoorstellen op
                                                treasurygebied;</al><al>·Het afleggen van verantwoording aan de directeur
                                                van de afdeling Middelen over de uitvoering van de
                                                aan hem/haar gemandateerde activiteiten.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De kassier</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het overboeken van saldi tussen
                                                bankrekeningen;</al><al>·Het afhandelen van het contante en girale
                                                betalingsverkeer;</al><al>·Het aanleveren van tijdige, volledige en juiste
                                                gegevens aan de gemeentelijke administratie;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De senior medewerker administratie</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het juist en volledig administreren van de
                                                bezittingen, schulden, rechten, verplichtingen,
                                                inkomsten, uitgaven, ontvangsten en betalingen in de
                                                verplichtingen- en financiële administratie;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De medewerker interne controle</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het ontvangen van de orderbevestiging van derden en
                                                het controleren of deze overeenkomt met de
                                                transactie-informatie zoals verstrekt door de
                                                treasury medewerker;</al><al>·Het voeren van de interne controle op de
                                                uitgevoerde treasurytransacties en hierover
                                                rapporteren aan de directeur van de afdeling
                                                Middelen;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De afdelingscontrollers </al></entry><entry colname="col2"><al>·Het adviseren van de afdelingen over de financiële
                                                gevolgen van hun activiteiten en projecten;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>De externe accountant</al></entry><entry colname="col2"><al>·Het in het kader van haar reguliere controletaak
                                                adviseren en controleren omtrent de feitelijke
                                                naleving van het financieringsstatuut. </al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Bevoegdheden</titel></kop><al>In onderstaande tabel staan bevoegdheden met betrekking tot
                            treasuryactiviteiten weergegeven alsmede de daarbij benodigde
                            fiattering.</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="6*"/><colspec colname="col2" colwidth="41*"/><colspec colname="col3" colwidth="26*"/><colspec colname="col4" colwidth="27*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>Bevoegd functionaris</al></entry><entry colname="col4"><al>Autorisatie door</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al><vet><cursief>Saldo-, liquiditeiten- en
                                                  geldstromenbeheer</cursief></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>1.Het uitzetten van middelen via callgeld, deposito
                                                en spaarrekening</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Begrotingscoördinator</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>2.Het aantrekken van middelen via callgeld of
                                                kasgeld</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Begrotingscoördinator</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>3.Betalingsopdrachten voorbereiden en versturen
                                            </al></entry><entry colname="col3"><al>Kassier</al></entry><entry colname="col4"><al>Senior medewerker administratie</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al><vet><cursief>Bankrelatiebeheer</cursief></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>4.Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen</al></entry><entry colname="col3"><al>Senior medewerker administratie</al></entry><entry colname="col4"><al>Directeur afdeling Middelen</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>5.Bankcondities en tarieven afspreken</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Directeur afdeling Middelen</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al><vet><cursief>Risicobeheer</cursief></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>6.Het afsluiten van derivatentransacties</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>College van B&amp;W</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1"><al><vet><cursief>Financiering en
                                                  uitzetting</cursief></vet></al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>7.Het aantrekken van middelen via onderhandse
                                                leningen en MTN’s </al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Begrotingscoördinator</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>8.Het uitzetten van middelen via (staats)obligaties,
                                                MTN’s, CP’s, CD’s, onderhandse geldleningen en
                                                garantieproducten </al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Begrotingscoördinator</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>9.Het (voorstel tot) garanderen van middelen uit
                                                hoofd van de publieke taak</al></entry><entry colname="col3"><al>Medewerker primaathoudende afdeling/
                                                begrotingscoördinator </al></entry><entry colname="col4"><al>College van B&amp;W</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Informatievoorziening</titel></kop><al>Met betrekking tot de treasuryactiviteiten dient tenminste de in de
                            onderstaande tabel opgenomen informatie te worden verstrekt door de
                            betreffende functionarissen: </al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="44*"/><colspec colname="col2" colwidth="17*"/><colspec colname="col3" colwidth="22*"/><colspec colname="col4" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Informatie</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Frequentie</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Informatie-verstrekker</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Informatie-ontvanger</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.Gegevens m.b.t. toekomstige uitgaven en
                                                ontvangsten voor de liquiditeitenplanning</al></entry><entry colname="col2"><al>Kwartaal / Incidenteel*</al></entry><entry colname="col3"><al>Afdelingshoofden</al></entry><entry colname="col4"><al>Treasury medewerker</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.Liquiditeitenplanning</al></entry><entry colname="col2"><al>Kwartaal</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker</al></entry><entry colname="col4"><al>Directeur afdeling Middelen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.Beleidsplannen treasury in paragraaf financiering
                                                van begroting</al></entry><entry colname="col2"><al>Jaarlijks</al></entry><entry colname="col3"><al>Begrotings-coördinator</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemeenteraad</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.Evaluatie treasuryactiviteiten in paragraaf
                                                financiering van de jaarrekening</al></entry><entry colname="col2"><al>Jaarlijks</al></entry><entry colname="col3"><al>Coördinator jaarrekening</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemeenteraad</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5.Voortgang onderdelen paragraaf financiering via de
                                                bestuursrapportage</al></entry><entry colname="col2"><al>n.t.b.</al></entry><entry colname="col3"><al>Coördinator jaarrekening</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemeenteraad</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6.Verantwoording n.a.v. paragraaf financiering via
                                                het jaarverslag</al></entry><entry colname="col2"><al>Jaarlijks</al></entry><entry colname="col3"><al>Coördinator jaarrekening</al></entry><entry colname="col4"><al>Gemeenteraad</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7.Informatie aan derden (toezichthouder en CBS)
                                                zoals genoemd in art. 8 Wet FIDO</al></entry><entry colname="col2"><al>Kwartaal</al></entry><entry colname="col3"><al>Treasury medewerker / Medewerker</al><al> P en C</al></entry><entry colname="col4"><al>Derden</al></entry></row><row><entry colname="col1" nameend="col4" namest="col1" rotate="0"><al>* Afdelingen dienen "incidenteel" informatie te
                                                verschaffen op de momenten waarop zich significante
                                                wijzigingen voordoen in hun verwachtingen omtrent
                                                tijdstip of omvang van toekomstige betalingen of
                                                ontvangsten (bijvoorbeeld bij uitstel van een grote
                                                investering).</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                    die van de vaststelling door de gemeenteraad.</al></li><li nr="2."><al>Per gelijke datum wordt ingetrokken de “Verordening
                                    Treasurystatuut Steenwijk” zoals die is vastgesteld door de
                                    gemeenteraad op 13 november 2001.</al></li><li nr="3."><al>Deze regeling kan worden aangehaald als “Financieringsstatuut
                                    gemeente Steenwijkerland 2006”. </al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Steenwijkerland in zijn
                        openbare vergadering van 25 april 2006. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><tussenkop>2. Memorie van toelichting</tussenkop><al/><al>In dit financieringsstatuut wordt het treasurybeleid van de gemeente op
                            hoofdlijnen vastgelegd. Dat gebeurt in de eerste plaats door het
                            aangeven van de doelstellingen van treasury (in artikel 2). Vervolgens
                            geeft het bestuur in het statuut aan binnen welke richtlijnen de
                            doelstellingen dienen te worden gerealiseerd. Een richtlijn is een
                            bindend voorschrift voor een handelswijze die gevolgd moet worden. Een
                            belangrijk deel van de richtlijnen is bepaald door de Wet FIDO. Middels
                            de richtlijnen wordt het “risicoprofiel” van de gemeente bepaald,
                            waarbinnen de treasuryactiviteiten dienen te worden uitgevoerd.</al><al/><al>De <cursief>paragraaf financiering </cursief>in de begroting geeft
                            debeleidsplannen voor treasury voor de komende jaren en in het
                            bijzonder voor het eerstkomende jaar weer. Het bevat onder meer gegevens
                            over de algemene ontwikkelingen en de concrete beleidsplannen binnen de
                            kaders van het statuut. Het gaat hierbij vooral om de plannen voor het
                            risicobeheer, de gemeentefinanciering (analyse financieringspositie,
                            leningen- en garantieportefeuille en uitzettingsportefeuille) en het
                            kasbeheer. Uit de toelichting zal moeten blijken dat de plannen binnen
                            de kaders van de Wet FIDO en het financieringsstatuut blijven. De
                            paragraaf financiering in het jaarverslag geeft in het bijzonder een
                            verschillenanalyse tussen de plannen zoals deze zijn opgenomen in de
                            begroting en de realisatie in het verslagjaar.</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="18*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="82*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2</al></entry><entry colname="col2"><al>In artikel 2 worden de doelstellingen van treasury
                                                van de gemeente weergegeven, hieronder worden deze
                                                doelstellingen afzonderlijk toegelicht.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>In de eerste plaats dient de treasury ervoor te
                                                zorgen dat de gemeente voldoende financiële middelen
                                                aantrekt en overtollige gelden uitzet om de
                                                programma’s binnen de door de raad gestelde kaders
                                                van de begroting uit te voeren. De condities die
                                                daar bij worden bedongen dienen, in het licht van de
                                                op het betreffende moment gebruikelijke condities,
                                                acceptabel (tenminste marktconform) te zijn.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Door haar activiteiten loopt de gemeente financiële
                                                risico’s, zoals: renterisico’s, koersrisico’s en
                                                kredietrisico’s. Het is de taak van de treasury
                                                dergelijke risico’s zo veel mogelijk te beperken. In
                                                de artikelen 4 tot en met 8 wordt aangegeven op
                                                welke wijze dit wordt gewaarborgd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2 lid 3</al></entry><entry colname="col2"><al>De derde doelstelling van treasury is het
                                                minimaliseren van de kosten van de leningen en het
                                                bereiken van een voldoende rendement op de
                                                uitzettingen. Dit betekent dat de gemeente geen
                                                middelen onbenut laat maar streeft naar zo hoog
                                                mogelijke renteopbrengsten (c.q. zo laag mogelijk
                                                rentekosten) zonder dat daarbij overmatige risico’s
                                                worden gelopen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2 lid 4</al></entry><entry colname="col2"><al>De gemeente streeft naar het beperken van de interne
                                                verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren
                                                van geldstromen en financiële posities. Deze kosten
                                                bestaan o.a. uit provisies en kosten van het
                                                betalingsverkeer. Het is de taak van de treasury het
                                                beheer zo efficiënt mogelijk uit te voeren. De
                                                prioriteiten van treasury liggen in eerste instantie
                                                bij het beheersen en beperken van financiële
                                                risico’s, treasury is immers géén winstgerichte
                                                afdeling (“profit center”). Binnen het acceptabele
                                                risicoprofiel zoals vastgesteld in de Wet FIDO en
                                                dit financieringsstatuut kan desondanks worden
                                                gestreefd naar optimalisatie van de renteresultaten.
                                            </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 3 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>De Wet FIDO geeft twee belangrijke beleidsmatige
                                                uitgangspunten met betrekking tot treasury. Dit
                                                betreft de “publieke taak” waarvoor leningen en
                                                garanties dienen enerzijds en het prudente karakter
                                                van (overige) uitzettingen anderzijds. Er wordt
                                                hierbij dus een specifiek onderscheid gemaakt tussen
                                                het verstrekken van leningen “uit hoofde van de
                                                publieke taak” en het uitzetten van middelen “uit
                                                hoofde van treasury”.</al><al>De wet stelt geen eisen aan het verstrekken van
                                                  <onderstreept>leningen en garanties uit hoofde van
                                                  de publieke taak.</onderstreept> Wel wordt in de
                                                toelichting op de Wet FIDO het volgende aangegeven:
                                                “Het gemeentebestuur bepaalt de publieke taak. De
                                                begroting en de begrotingswijzigingen bepalen het
                                                budgettaire kader voor de uitoefening van de
                                                publieke taak”. De gemeente verstrekt geen leningen
                                                aan derden partijen uit hoofde van haar publieke
                                                taak.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 3 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Conform de Wet FIDO, dienen
                                                  <onderstreept>uitzettingen “uit hoofde van
                                                  treasury”</onderstreept> (zie toelichting artikel
                                                3 lid 1) een prudent karakter te hebben. </al><al>In de Wet FIDO en de bijbehorende ministeriële
                                                regelingen wordt het begrip “prudent” nader
                                                uitgewerkt. Het aangaan van financiële transacties
                                                met als oogmerk die financiële waarden te zijner
                                                tijd eventueel met winst te verkopen, is
                                                nadrukkelijk niet toegestaan (zie artikel 2 lid 2
                                                Wet FIDO en de memorie van toelichting op de Wet
                                                FIDO). Bankachtige activiteiten – het aantrekken en
                                                uitzetten van middelen met als doel het genereren
                                                van inkomen – zijn als gevolg van deze bepaling
                                                verboden. De richtlijnen van dit
                                                financieringsstatuut vallen binnen de kaders van de
                                                Wet FIDO.</al><al>De richtlijnen van dit financieringsstatuut zijn
                                                specifiek geformuleerd om het prudente karakter van
                                                de uitzettingen uit hoofde van treasury te
                                                garanderen en hebben derhalve géén betrekking op
                                                (eventueel) verstrekte leningen of garanties uit
                                                hoofde van de “publieke taak” van de gemeente .</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 3 lid 3</al></entry><entry colname="col2"><al>Derivaten zijn financiële instrumenten die hun
                                                bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende
                                                waarde. Derivaten kennen een breed toepassingsgebied
                                                en worden onder andere gebruikt om renterisico’s te
                                                sturen en financieringskosten te minimaliseren. De
                                                Wet FIDO stelt dat derivaten uitsluitend mogen
                                                worden gebruikt ter beperking van financiële
                                                risico’s. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="19*"/><colspec colname="col2" colwidth="81*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4 lid </al><al>1</al></entry><entry colname="col2"><al>Renterisicobeheer omvat het beperken van de invloed
                                                van (externe-) rentewijzigingen op de financiële
                                                resultaten van de gemeente;</al><al>Een belangrijk uitgangspunt van de Wet FIDO is het
                                                vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten
                                                van openbare lichamen. Teneinde een grens te stellen
                                                aan korte financiering (met een rentetypische
                                                looptijd tot één jaar) is in de Wet FIDO de
                                                kasgeldlimiet opgenomen. Juist voor korte
                                                financiering geldt dat het renterisico aanzienlijk
                                                kan zijn, aangezien fluctuaties in de rente bij
                                                korte financiering direct een relatief grote invloed
                                                hebben op de rentelasten. De kasgeldlimiet wordt
                                                berekend als een percentage van het totaal van de
                                                jaarbegroting van de gemeente bij aanvang van het
                                                jaar. Dit percentage wordt vastgesteld door de
                                                Minister van Financiën en bedraagt voor 2006
                                                8,5%.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Het doel van de renterisiconorm is het beheersen van
                                                de renterisico’s op de vaste schuld (schuld met een
                                                rentetypische looptijd van één jaar of langer) door
                                                het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de
                                                leningenportefeuille. De renterisiconorm kan worden
                                                berekend door een vastgesteld percentage te
                                                vermenigvuldigen met de totale vaste schuld. Dit
                                                percentage wordt vastgesteld door de Minister van
                                                Financiën en bedraagt voor 2006 20%.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4 lid 3</al></entry><entry colname="col2"><al>Afstemming op de liquiditeitenplanning beoogt
                                                bedragen slechts te lenen cq. uit te zetten
                                                gedurende de periode dat zij daadwerkelijk nodig
                                                respectievelijk beschikbaar zijn.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4 lid 4</al></entry><entry colname="col2"><al>Door spreiding aan te brengen in de rentetypische
                                                looptijd (de periode dat de rente van een uitzetting
                                                vast is) van uitzettingen, wordt de invloed van een
                                                rentedaling op de renteresultaten gespreid over
                                                meerdere jaren. Deze spreiding is slechts mogelijk
                                                indien uit de liquiditeitenplanning blijkt dat
                                                middelen gedurende een langere periode beschikbaar
                                                zijn.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4 lid 5</al></entry><entry colname="col2"><al>Een rentevisie is een toekomstverwachting over de
                                                rente-ontwikkeling, op basis waarvan een
                                                financierings- en beleggingsbeleid wordt gevoerd.
                                                Afhankelijk van de (interne- of externe)
                                                ontwikkelingen zal de gemeente haar rentevisie
                                                actualiseren. De rentevisie kan daarbij gebaseerd
                                                worden op de rentevisie van enkele gezaghebbende
                                                financiële instellingen, zoals de huisbankier.
                                                Afstemming van het beleid op de rentevisie betekent
                                                bijvoorbeeld het uitstellen van uitzettingen met een
                                                lange looptijd op het moment dat men een
                                                rentestijging verwacht.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 5 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>Koersrisico’s kunnen nooit volledig worden
                                                uitgesloten. Als de organisatie in een vastrentend
                                                product heeft belegd maar – wegens wijziging in de
                                                liquiditeitenplanning - voor de afloopdatum deze
                                                uitzetting moet verkopen, dan wordt niet 100% van de
                                                hoofdsom terugbetaald, maar de huidige waarde van de
                                                uitzetting afhankelijk van de rente en resterende
                                                looptijd. Om deze koersrisico’s zoveel mogelijk te
                                                beperken stemt de gemeente de looptijd van de
                                                uitzetting af met de liquiditeitenplanning.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 5 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Ten aanzien van de financiële instrumenten die
                                                kunnen worden gehanteerd voor uitzettingen in het
                                                kader van treasury, geldt in de Wet FIDO als
                                                belangrijkste uitgangspunt dat de hoofdsom van de
                                                betreffende uitzetting in tact blijft. Bij alle in
                                                dit artikel genoemde producten wordt aan het einde
                                                van de looptijd ten minste de hoofdsom (bij
                                                vastrentende waarden de “nominale waarde”)
                                                uitgekeerd. </al><al>Bij het uitzetten van gelden op rekening courant,
                                                spaarrekening, daggeld of deposito’s worden géén
                                                koersrisico’s gelopen. Het kan bij dergelijke
                                                producten echter voorkomen dat de
                                                opnamemogelijkheden beperkt zijn (in het bijzonder
                                                bij deposito’s en soms bij een spaarrekening).
                                                Certificates of deposit, commercial papers,
                                                obligaties en medium term notes zijn vastrentende
                                                waarden die (tussentijds) verhandelbaar zijn. Bij
                                                tussentijdse verkoop kunnen koersrisico’s worden
                                                gelopen. Wanneer deze waarden tot het einde van hun
                                                looptijd worden aangehouden zal minimaal de nominale
                                                waarde worden uitgekeerd. </al><al>Garantieproducten zijn beleggingsproducten waarbij
                                                de uitgevende (financiële) instelling garandeert dat
                                                op de <cursief>afloopdatum</cursief> (een bepaald
                                                percentage van) de hoofdsom wordt uitgekeerd.
                                                Garantieproducten keren vaak minder of geen rente
                                                uit en bieden in plaats daarvan bijvoorbeeld een
                                                rendement dat gebaseerd is op een aandelen-index
                                                (zoals de AEX-index). Garantieproducten waarbij
                                                minder dan 100% van de hoofdsom wordt gegarandeerd
                                                zijn expliciet niet toegestaan onder de Wet FIDO. </al><al>Bij garantieproducten is vaak enkel de hoofdsom
                                                gegarandeerd. Aangezien de reële waarde (de
                                                koopkracht) van de hoofdsom door inflatie kan
                                                verminderen, verdient het de aanbeveling om bij een
                                                langere looptijd naast een hoofdsomgarantie een
                                                minimaal rendement (bijv. ter hoogte van het
                                                inflatieniveau) te eisen.</al><al>Voor uitzettingen uit hoofde van de publieke taak
                                                van de gemeente worden in dit financieringsstatuut
                                                geen richtlijnen met betrekking tot producten
                                                opgenomen. Van belang is dat de Gemeenteraad bepaalt
                                                dat de betreffende uitzetting tot de “publieke taak”
                                                van de gemeente behoort. In dit kader is het
                                                bijvoorbeeld mogelijk dat uitzettingen in de vorm
                                                van aandelen tot de publieke taak behoren. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 6 </al><al>lid 1a.</al></entry><entry colname="col2"><al>Ter beperking van kredietrisico’s zijn in dit
                                                artikel richtlijnen opgenomen voor de minimale
                                                kredietwaardigheid van de partijen waar de gemeente
                                                middelen uitzet / belegt. </al><al>Een (credit-) rating is een beoordeling van de
                                                kredietwaardigheid van een instelling, die voor
                                                zowel de korte als voor de lange termijn wordt
                                                verschaft door gerenommeerde rating “agencies” zoals
                                                Standard &amp; Poor’s, Moody’s en Fitch IBCA. De
                                                hoogste kredietwaardigheid wordt bij Standard &amp;
                                                Poor’s en Fitch IBCA weergegeven met AAA, gevolgd
                                                door AA en A. Moody’s kwalificeert van hoog naar
                                                laag Aaa, Aa en A. Daarnaast kent men kwalificaties
                                                met letters B, C en D. Een A-rating staat voor “zeer
                                                kredietwaardig”. </al><al>Een solvabiliteitsratio van 0% (ofwel een
                                                “solvabiliteitsvrije status”) is een status die door
                                                een bancaire toezichthouder in een EER-lidstaat
                                                (bijv. De Nederlandsche Bank) wordt toegekend aan
                                                het schuldpapier van een instelling. Deze status
                                                houdt in dat een bank voor desbetreffend papier geen
                                                reserves (0%) hoeft aan te houden en wordt onder
                                                meer toegekend aan papier uitgegeven of gegarandeerd
                                                door (centrale) overheden. Het is de gemeente dus
                                                toegestaan om bij andere overheden geld uit te
                                                zetten, of om te beleggen in papier waaraan een
                                                overheidsgarantie is verbonden (zoals door het WSW
                                                geborgde leningen van woningcorporaties). </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 6 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>De Wet FIDO stelt geen eisen aan de kwaliteit van de
                                                debiteuren bij het verstrekken van leningen of
                                                garanties aan derden in het kader van de publieke
                                                taak. Omdat de Gemeenteraad de publieke taak
                                                bepaalt, worden garanties uitsluitend verstrekt aan
                                                door de Gemeenteraad goedgekeurde partijen. Teneinde
                                                de kredietrisico’s te verkleinen kunnen zekerheden
                                                of garanties worden verlangd van de debiteuren.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 7</al></entry><entry colname="col2"><al>Interne liquiditeitsrisico’s doen zich bijvoorbeeld
                                                voor wanneer de gemeente gelden voor een bepaalde
                                                periode heeft uitgezet en gedurende de looptijd van
                                                de uitzetting blijkt dat de gelden (onverwacht)
                                                nodig zijn voor het doen van een investering. Dit
                                                kan tot gevolg hebben dat de gemeente tijdelijk een
                                                lening moet aantrekken (wanneer de uitzettingen vast
                                                staan in bijvoorbeeld een deposito) ofwel
                                                tussentijds een uitzetting moet verkopen
                                                (bijvoorbeeld een obligatie). In beide gevallen kan
                                                dit negatieve gevolgen hebben voor de financiële
                                                resultaten. </al><al>Ter beperking van dit risico baseert de gemeente
                                                haar financiële transacties op een
                                                liquiditeitenplanning waarin de toekomstige
                                                inkomsten en uitgaven van de gehele organisatie zijn
                                                gepland. Teneinde aansluiting te zoeken op de
                                                meerjarige investeringsplanning van de gemeente is
                                                gekozen een liquiditeitenplanning met een periode
                                                van 4 jaar op te stellen. </al><al>In de praktijk is het opstellen van een betrouwbare
                                                en nauwkeurige liquiditeitenplanning niet eenvoudig.
                                                Dit heeft te maken met de inherente onzekerheden die
                                                verbonden zijn aan de activiteiten van de gemeente
                                                en de hieraan verbonden financiële gevolgen. Het is
                                                daarom van groot belang dat de afdeling Middelen
                                                juist, tijdig en volledig wordt geïnformeerd door de
                                                overige afdelingen over de financiële gevolgen van
                                                hun activiteiten.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 8</al></entry><entry colname="col2"><al>Dit betreft een ongewijzigde voortzetting van het
                                                beleid binnen de gemeente.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 9 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>Het aantrekken van gelden met als doel deze met
                                                winstoogmerk te beleggen is door artikel 2 lid 2 van
                                                de Wet FIDO (zie ook memorie van toelichting op de
                                                Wet FIDO) nadrukkelijk niet toegestaan. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 9 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Teneinde de renteresultaten te optimaliseren wordt
                                                zoveel mogelijk intern gefinancierd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 9 lid 3</al></entry><entry colname="col2"><al><cursief>Onderhandse geldleningen </cursief>zijn
                                                leningen waarbij de voorwaarden van de lening in
                                                onderling overleg met de geldgevende partij kunnen
                                                worden vastgesteld. Voor <cursief>Medium Term Notes
                                                  (MTN)</cursief> wordt verwezen naar de toelichting
                                                op artikel 5 lid 2.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 9 lid 4</al></entry><entry colname="col2"><al>Deze richtlijn beoogt de marktconformiteit van
                                                financieringen te waarborgen, voor bijv. te betalen
                                                rentepercentages, provisies, (boete-) clausules bij
                                                vervroegde aflossing etc. Middels het opvragen van
                                                meerdere offertes wordt bereikt dat de gemeente een
                                                beter beeld heeft van de op dat moment gebruikelijke
                                                tarieven en voorwaarden op de financiële markten. Op
                                                basis daarvan kan een afgewogen keuze worden
                                                gemaakt.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 10 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>Uitzetting betreft het uitzetten van middelen (uit
                                                hoofde van treasury) voor een periode langer dan één
                                                jaar. In het onderdeel Risicobeheer (artikel 3 tot
                                                en met 8) is gedefinieerd op welke wijze de gemeente
                                                het prudente karakter van haar uitzettingen
                                                waarborgt. In dit artikel worden aanvullende
                                                richtlijnen met betrekking tot uitzettingen
                                                geformuleerd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 10 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Deze richtlijn beoogt de marktconformiteit van
                                                uitzettingen te waarborgen, voor bijv. Het ontvangen
                                                rentepercentage, de hoogte van transactiekosten etc.
                                                Middels het opvragen van meerdere offertes wordt
                                                bereikt dat de gemeente een beter beeld heeft van de
                                                alsdan gebruikelijke tarieven en voorwaarden op de
                                                financiële markten. Op basis daarvan kan een
                                                afgewogen keuze worden gemaakt.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 12 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>Geldstromenbeheer omvat met name het zorgdragen voor
                                                een efficiënt betalingsverkeer. Geldstromen kunnen
                                                bijvoorbeeld op elkaar worden afgestemd door een
                                                betalingsdatum af te stemmen op bepaalde verwachte
                                                ontvangsten. Hiermee wordt voorkomen dat de gemeente
                                                tijdelijk middelen aan moet trekken (cq. middelen
                                                aan haar uitzettingenportefeuille moet onttrekken)
                                                teneinde de betreffende betaling (tijdelijk) te
                                                financieren.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 12 lid 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Het laten uitvoeren van het betalingsverkeer door
                                                één bank heeft als voordeel dat er geen kosten
                                                hoeven te worden gemaakt om gelden tussen
                                                verschillende banken over te boeken. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 13 lid 1</al></entry><entry colname="col2"><al>Het saldo en liquiditeitenbeheer betreft het beheer
                                                van de dagelijkse saldi op de rekeningen (-courant)
                                                van de gemeente. Teneinde de noodzaak tot het doen
                                                van interne overboekingen te beperken, worden
                                                verschillende rekeningen die de gemeente bij één
                                                bank aanhoudt opgenomen in een
                                                  <cursief>rentecompensatiecircuit</cursief>.
                                                Ditis een systeem waarbij de (valutaire)
                                                debet en creditsaldi van alle rekeningen van een
                                                organisatie worden samengevoegd tot één gecombineerd
                                                saldo, waarover de rente wordt berekend.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 13 lid 3</al></entry><entry colname="col2"><al>In dit lid worden limitatief de mogelijke korte
                                                termijn financieringsinstrumenten benoemd. De term
                                                  <cursief>daggeld</cursief> (ook wel callgeld
                                                genoemd) staat voor een opgenomen of uitgezette
                                                lening voor onbepaalde tijd die dagelijks gewijzigd
                                                kan worden. <cursief>Kasgeldleningen </cursief>zijn
                                                niet verhandelbare leningen voor een vast bedrag en
                                                een vaste periode (maximaal 2 jaar) en tegen een
                                                vast rentepercentage. <cursief>Kredietlimiet op de
                                                  rekening courant</cursief> betreft de mogelijkheid
                                                debet (“rood”) te staan op de rekening courant.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 14</al></entry><entry colname="col2"><al>Bij treasury zijn veel personen en organen
                                                betrokken. Het statuut legt expliciet het delegatie-
                                                en mandateringspatroon vast, in casu welke taken,
                                                verantwoordelijkheden en bevoegdheden de betrokken
                                                partijen hebben. Met het oog op de omvang van de
                                                transacties en de hiermee samenhangende risico’s,
                                                zijn in dit artikel een aantal specifieke
                                                uitgangspunten opgenomen teneinde een transparante
                                                functiescheiding aan te brengen tussen
                                                beleidsbepaling en de uitvoering en tussen de
                                                administratie en controle op financiële transacties.
                                            </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 15</al></entry><entry colname="col2"><al>De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de
                                                functionarissen die binnen de gemeente betrokken
                                                zijn bij de treasuryactiviteiten zijn in artikel 15
                                                respectievelijk artikel 16 beschreven. De toekenning
                                                van de genoemde functies en bijbehorende
                                                bevoegdheden en verantwoordelijk-heden aan functies
                                                en/of functionarissen vindt plaats via de hiertoe
                                                dienende documenten (mandaten, besluiten e.d.). Deze
                                                verantwoordelijkheden dienen te worden
                                                gecommuniceerd naar de betrokkenen. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 16</al></entry><entry colname="col2"><al>De eindverantwoordelijkheid voor het treasurybeleid
                                                ligt primair bij het bestuur van de gemeente .
                                                Teneinde niet onnodig te worden belast met het
                                                dagelijkse treasurybeheer draagt het bestuur een
                                                deel van haar bevoegdheden over aan de ambtelijke
                                                organisatie. De praktische uitvoering van het beleid
                                                heeft dus vooral op ambtelijk niveau plaats, wat als
                                                voordeel heeft dat er slagvaardiger kan worden
                                                geopereerd. Bij de toewijzing van bevoegdheden is
                                                zoveel mogelijk rekening gehouden met de vereiste
                                                functiescheiding tussen besluitvorming, uitvoering,
                                                administratie en controle. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 17 </al></entry><entry colname="col2"><al>De tabel in dit artikel geeft weer op welke wijze de
                                                informatievoorziening wordt gewaarborgd voor:
                                                  <cursief>operationele informatie</cursief> (punt 1
                                                en 2), <cursief>beleidsmatige informatie</cursief>
                                                (punt 3) en
                                                  <cursief>verantwoordingsinformatie</cursief> (punt
                                                4, 5, 6 en 7). Het verstrekken van juiste, tijdige,
                                                volledige en relevante verantwoordingsinformatie
                                                moet gerekend worden tot de belangrijkste
                                                voorwaarden voor het kunnen beheersen van de
                                                financiële en interne risico’s van de gemeente
                                                .</al></entry></row></tbody></tgroup></table></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>