<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR46819_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening inrichting antidiscriminatievoorziening gemeente Waterland 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ons Streekblad, 18-02-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening inrichting antidiscriminatievoorziening gemeente Waterland 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet gemeentelijke antidisciminatievoorzieningen, art. 1</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-02-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-02-19</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2010-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening inrichting antidiscriminatievoorziening gemeente Waterland 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> De raad van de gemeente Waterland</al><al/><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al/><al>Gelet op artikel 1 van de Wet gemeentelijke
                        antidisciminatievoorzieningen;</al><al/><al>Overwegende dat de raad bij verordening regels kan stellen met betrekking
                        tot de inrichting van de antidiscriminatievoorziening en de uitvoering door
                        die voorziening van de taak.</al><al/><al> B E S L U I T : </al><al/><al>Vast te stellen de Verordening inrichting antidiscriminatievoorziening
                        gemeente Waterland 2009</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel 1. Begripsbepalingen </label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>De wet: de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen</al></li><li nr="b."><al>Besluit: het Besluit gemeentelijke
                                antidiscriminatievoorzieningen</al></li><li nr="c."><al>De antidiscriminatievoorziening: antidiscriminatievoorziening als
                                bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeentelijke
                                antidiscriminatievoorzieningen.</al></li><li nr="d."><al>Klacht: klacht bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, van de
                                wet;</al></li><li nr="e."><al>Klachtbehandelaar: klachtbehandelaar als bedoeld in artikel 1 van
                                het besluit;</al></li><li nr="f."><al>Klager: klager als bedoeld in artikel 1 van het besluit;</al></li><li nr="g."><al>Ingezetene: ingezetene als bedoeld in artikel 2 van de
                                Gemeentewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2. Zorgplicht college van burgemeester en wethouders </label></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders biedt de ingezetenen toegang tot
                        een antidiscriminatievoorziening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3. Inrichting antidiscriminatievoorziening </label></kop><al>Bij de inrichting van de antidiscriminatievoorziening worden in ieder geval
                        de deskundigheid van klachtbehandelaars en de toegankelijkheid van de
                        voorziening gewaarborgd.</al><lijst><li nr="a."><al>De antidiscriminatievoorziening draagt er zorg voor dat de
                                klachtbehandelaars voldoen aan de voor klachtenbehandeling vereiste
                                deskundigheid en biedt de klachtbehandelaars de mogelijkheid hun
                                deskundigheid te onderhouden en verder te ontwikkelen.</al></li><li nr="b."><al>De klager heeft in ieder geval de mogelijkheid om een klacht te
                                melden:</al><lijst><li nr="-"><al>Per post</al></li><li nr="-"><al>Per e-mail</al></li><li nr="-"><al>Telefonisch</al></li><li nr="-"><al>Op een door de gemeente beschikbaar gestelde locatie als
                                        bedoeld in artikel 5 van deze verordening.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4. Protocol klachtenbehandeling </label></kop><al>Het protocol voor de behandeling van klachten als bedoeld in artikel 6 van
                        het besluit regelt in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>De afdoeningstermijn van klachten;</al></li><li nr="b."><al>De wijze van afdoening van klachten;</al></li><li nr="c."><al> De registratie van klachten<cursief>.</cursief></al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5. Laagdrempeligheid antidiscriminatievoorziening </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Ingezetenen worden in de gelegenheid gesteld een klacht in hun directe
                            leefomgeving te melden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gemeenten die aansluiting hebben bij een regionaal
                            antidiscriminatiebureau kunnen overeenkomen dat deze melding op een
                            locatie in de betreffende gemeente kan plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt zorg voor de deskundigheid van de medewerkers die
                            deze meldingen op adequate manier opnemen en doorverwijzen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Klager wordt door de medewerkers doorgeleid naar de
                            antidiscriminatievoorziening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6. Verslag geregistreerde klachten </label></kop><al>Het verslag, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet, omvat
                        geanonimiseerde gegevens over het aantal klachten dat door de
                        antidiscriminatievoorziening in het voorafgaande kalenderjaar is
                        geregistreerd en deze worden onderverdeeld naar:</al><lijst><li nr="a."><al>grond of gronden van onderscheid of discriminatie;</al></li><li nr="b."><al>maatschappelijk terrein;</al></li><li nr="c."><al>aard van de klacht;</al></li><li nr="d."><al>plaats van het voorval;</al></li><li nr="e."><al>wijze van behandeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7. Inwerkingtreding </label></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 8. Citeertitel </label></kop><al>Deze verordening kan aangehaald worden als: Verordening inrichting
                        antidiscriminatievoorziening gemeente Waterland 2009.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Waterland, gehouden op 4 februari 2010</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. E.G.H. Dijk mr. E.F. Jongmans</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting op de verordening inrichting antidiscriminatievoorziening Waterland</label></kop><al/><al><vet>Algemeen</vet></al><al>Artikel 1 van de wet legt het college van burgemeester en wethouders op om
                    toegang te bieden tot een antidiscriminatievoorziening. Zie ook de toelichting
                    bij artikel 2 van deze verordening. In artikel 2, tweede lid, van de wet is
                    opgenomen dat de gemeenteraad “met inachtneming van het bepaalde bij of
                    krachtens deze wet bij verordening regels vaststelt omtrent de inrichting van de
                    antidiscriminatievoorziening, bedoeld in artikel 1, en de uitvoering van de
                    taak, bedoeld in het eerste lid, onder a.” De wet is als bijlage toegevoegd aan
                    deze verordening.</al><al/><al>De wet is nader ingevuld in een Algemene Maatregel van Bestuur vastgesteld op 16
                    september 2009, het Besluit gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen. Het
                    besluit is als bijlage toegevoegd aan deze verordening. Nu veel van de nadere
                    invulling die de wet behoeft is geregeld in het besluit, kan deze verordening
                    beknopt blijven.</al><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al/><al><onderstreept>Artikel 1</onderstreept></al><al>Deze bepaling behoeft geen toelichting.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 2</onderstreept></al><al>Zoals in het algemene deel van deze toelichting al aangegeven, is deze
                    zorgplicht opgenomen in artikel 1 van de wet. In wetstechnische zin is het dan
                    ook niet noodzakelijk om deze hier te herhalen. Er is voor gekozen om dat wel te
                    doen, nu deze zorgplicht zozeer de kern van deze regelgeving uitmaakt, dat het
                    opnemen ervan sterk bijdraagt aan de begrijpelijkheid van deze verordening.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 3</onderstreept></al><al>Met deze bepaling wordt nader invulling gegeven aan artikel 3 van het besluit,
                    dat luidt: “Bij de inrichting van de antidiscriminatievoorziening worden in
                    ieder geval de deskundigheid van de klachtbehandelaars en de toegankelijkheid
                    van de antidiscriminatievoorziening gewaarborgd”. Ook op de verantwoordelijkheid
                    met de omgang met gegevens zal worden toegezien. Er is gekozen voor een minimale
                    invulling om gemeenten en de antidiscriminatievoorziening alle ruimte te geven
                    voor maatwerk. </al><al>De antidiscriminatievoorziening dient aan te geven of ze beschikt over een
                    opleidingprotocol waar klachtbehandelaars gebruik van kunnen maken. Ook moet de
                    antidiscriminatievoorziening aangeven hoe vaak van behandelaars wordt verwacht
                    aan een opleiding deel te nemen. Het landelijke expertisebureau van Art.1 kan de
                    opleidingen en cursussen verzorgen.</al><al>De gemeente draagt er zorg voor dat de burger zich zowel fysiek als niet-fysiek
                    kan melden. De mogelijkheid om zich fysiek op locatie te kunnen melden betekent
                    tevens dat een burger redelijkerwijs op de hoogte kan zijn waar hij of zij
                    terecht kan om te melden. De gemeente draagt</al><al>zorg voor de aanwezigheid van een locatie. Daarbij kan gebruik worden gemaakt
                    van een bestaande balie (zie ook de toelichting bij artikel 5). Uiteraard kan
                    ook worden afgesproken dat de antidiscriminatievoorziening op locatie aanwezig
                    is, zodat klachten direct bij de voorziening kunnen worden ingediend. Bij
                    niet-fysiek wordt verstaan dat de mogelijkheid bestaat voor de burger via sms,
                    telefoon, brief of email om de klacht te melden of in te dienen. Ook hier geldt
                    dat op de gemeente een zorgplicht rust om ervoor zorg te dragen dat burgers
                    kennis kunnen nemen van deze mogelijkheden.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 4</onderstreept></al><al>Met deze bepaling wordt invulling gegeven aan artikel 6 van het besluit dat
                    luidt: “De antidiscriminatievoorziening heeft een protocol voor de behandeling
                    van klachten”. Daarbij is gekozen voor een minimale invulling om gemeenten en de
                    antidiscriminatievoorziening alle ruimte te geven voor maatwerk. </al><al/><al><onderstreept>Artikel 5</onderstreept></al><al>De wet vermeldt dat de antidiscriminatievoorziening zich in de leefomgeving van
                    burgers moet bevinden. De memorie van toelichting geeft aan dat het gemeenten
                    vrij staat om daar op een praktische wijze invulling aan te geven. De
                    voorziening hoeft dan ook niet in de gemeente zelf aanwezig te zijn. Een
                    gemeente kan zich bijvoorbeeld aansluiten bij een (bestaande) regionale
                    antidiscriminatievoorziening. Ook kan de gemeente aansluiting zoeken bij het
                    regionaal discriminatieoverleg (RDO) waar politie, openbaar ministerie en
                    antidiscriminatievoorzieningen overleg voeren over discriminatie incidenten en
                    deze in zaaksoverzichten opnemen. Voor de nodige laagdrempeligheid kan dan
                    worden gezorgd door een doorverwijsfunctie of meldpunt te creëren bij bestaande
                    gemeentelijke voorzieningen, zoals bijvoorbeeld een loket burgerzaken,
                    slachtofferhulp of WMO-loket. Een gemeente kan er ook voor kiezen deze toegang
                    een meer inhoudelijk karakter te geven door een eigen frontoffice in te richten.
                    Daarbij moet het voor klagers ondubbelzinnig duidelijk zijn dat een gemeentelijk
                    loket een luisterend oor en de nodige deskundigheid kan bieden, maar dat het
                    zijn taak is om de klager door te geleiden naar de antidiscriminatievoorziening.
                    In de wet is uitdrukkelijk aangegeven dat de antidiscriminatievoorziening
                    onafhankelijk is en op geen enkele wijze onder het gezag van de (gemeentelijke)
                    overheid kan vallen. Het gemeentelijk loket kan dan ook op geen enkele manier in
                    de plaats treden van de antidiscriminatievoorziening.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 6</onderstreept></al><al>Artikel 13 betreft de verslaglegging door de gemeenten over de door de
                    antidiscriminatievoorziening geregistreerde klachten. In het verslag wordt een
                    onderverdeling gemaakt naar grond van onderscheid of discriminatie,
                    maatschappelijk terrein, aard van de klacht, plaats van het voorval en wijze van
                    behandeling. De grond van onderscheid of discriminatie betekent een verwijzing
                    naar de wettelijke grondslag die in het geding is, zoals opgesomd in artikel 2,
                    eerste lid, onder a, van de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen. </al><al/><al>Het maatschappelijk terrein kan zijn: arbeidsmarkt, collectieve voorzieningen,
                    buurt/wijk, commerciële dienstverlening, horeca, politie, publieke of politieke
                    opinie, publieke ruimte, onderwijs, media, privésfeer of sport en recreatie. De
                    aard van de klacht is bijvoorbeeld: omstreden behandeling, vijandige bejegening,
                    geweld, bedreiging, vernieling, mishandeling, gewelddadige groepsconfrontatie of
                    overig. Plaats van het voorval betreft: gemeente of stadsdeel waar het incident
                    heeft plaatsgevonden. Wijze van behandeling houdt in op welke manier de klacht
                    afgehandeld is, bijvoorbeeld informatie, advies, registratie, luisterend oor,
                    ondersteuning bij procedures, bemiddeling of onderzoek. Er wordt een formulier
                    ontwikkeld waarop de gronden van onderscheid of discriminatie, de
                    maatschappelijke terreinen, de aarden van de klacht, plaatsen van voorval en
                    wijzen van behandeling worden opgesomd, zodat ze kunnen worden aangevinkt. Dit
                    formulier zal bij ministeriële regeling op grond van artikel 2, vierde lid, van
                    de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen worden vastgesteld.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 7</onderstreept></al><al>Deze bepaling behoeft geen toelichting</al><al/><al><onderstreept>Artikel 8</onderstreept></al><al>Deze bepaling behoeft geen toelichting</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>