<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR465413_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Rioolaansluiting 2017 Gemeente Mook en Middelaar</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Mook en Middelaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Mook en Middelaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-42076.html">Gemeenteblad, 2017, 42076</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Rioolaansluiting 2017 gemeente Mook en Middelaar</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-02-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-03-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Openbare Ruimte</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Rioolaansluiting 2017 Gemeente Mook en Middelaar</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad der gemeente Mook en Middelaar,</al><al>Gelezen het voorstel van het College van burgemeester en wethouders d.d. 31
                        januari 2017</al><al>Gelet op het advies van de raadscommissie d.d. 15 februari 2017</al><al>Besluit:</al><al>De "Verordening Rioolaansluiting gemeente Mook en Middelaar 2017' vast te
                        stellen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>- Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Aansluitleiding: Het particuliere riool, het aansluitpunt en de
                                    perceelaansluitleiding tezamen, inclusief de hiervan onderdeel
                                    uitmakende voorzieningen;</al></li><li nr="b."><al>Aansluitpunt: </al><lijst><li nr="1."><al>het ontstoppingsstuk- of punt gelegen op of binnen 0,5
                                            meter afstand van de kadastrale eigendomsgrens van het
                                            aan te sluiten perceel;</al></li><li nr="2."><al>bij het ontbreken van een ontstoppingsstuk- of punt: de
                                            perceelsgrens;</al></li><li nr="3."><al>bij een drukriool: het punt waar het particuliere riool
                                            wordt aangesloten op de pompput;</al></li><li nr="4."><al>bij een installatie voor individuele behandeling van
                                            afvalwater (iba): het punt waar het particuliere riool
                                            wordt aangesloten op de pompput</al></li><li nr="5."><al>indien een vetafscheider, olieafscheider of andere
                                            voorziening die onderdeel uitmaakt van het particuliere
                                            riool in openbare grond is gelegen: het punt waar die
                                            voorziening wordt aangesloten op de
                                            perceelaansluitleiding;</al></li><li nr="6."><al>indien het openbaar riool in particuliere grond is
                                            gelegen: het punt dat als aansluitpunt is aangeduid in
                                            de overeenkomst tot het vestigen van een recht van
                                            opstal, of op enig andere wijze schriftelijk aan de
                                            eigenaar van het particulier riool door de gemeente is
                                            aangeduid;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Aansluitvergunning: schriftelijke goedkeuring voor het tot stand
                                    brengen van een aansluiting op het openbaar rioolstelsel;</al></li><li nr="d."><al>Afvalwater: alle water waarvan de houder zich ontdoet,
                                    voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen;</al></li><li nr="e."><al>Aquaflow: ondergronds watervoerend steenpakket voor infiltratie
                                    en berging van hemelwater;</al></li><li nr="f."><al>Infiltratie systemen: hulpmiddelen ten behoeve van berging en
                                    infiltratie van regenwater ter plaatse;</al></li><li nr="g."><al>Bedrijfsafvalwater: afvalwater dat vrijkomt bij door de mens
                                    bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was,
                                    ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater,
                                    afvloeiend hemelwater of grondwater is;</al></li><li nr="h."><al>Bronneringswater: grondwater, onttrokken ten behoeve van
                                    tijdelijke verlaging van de grondwaterstand;</al></li><li nr="i."><al>Drainagewater: grondwater, ingezameld door een ingegraven
                                    doorlatend buizensysteem;</al></li><li nr="j."><al>Drukriool: het openbaar riool, voor de afvoer van afvalwater,
                                    exclusief hemel- en grondwater, waarbij het transport plaats
                                    vindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte
                                    druk;</al></li><li nr="k."><al>Dwa Riool: het openbaar rioolstelsel voor vuil water, exclusief
                                    hemel- en grondwater;</al></li><li nr="l."><al>Gemeente: de gemeente Mook en Middelaar;</al></li><li nr="m."><al>Gebruiker: de perceeleigenaar, de zakelijk gerechtigde van het
                                    perceel, de huurder die gebruik maakt van de aansluiting op het
                                    openbaar rioolstelsel;</al></li><li nr="n."><al>Gemengd rioolstelsel: het openbaar riool voor de afvoer van
                                    afvalwater inclusief hemelwater ;</al></li><li nr="o."><al>Gescheiden rioolstelsel: het stelsel van openbare voorzieningen
                                    voor de afvoer van hemelwateren een apart stelsel voor de
                                    afvoer van het vuilwater;</al></li><li nr="p."><al>Het college: Het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Mook en Middelaar;</al></li><li nr="q."><al>Hemelwater: verzamelnaam voor water dat uit de hemel valt zoals
                                    regen, sneeuw en hagel;</al></li><li nr="r."><al>Hemelwaterstelsel: het openbaar rioolstelsel, bestemd voor de
                                    inzameling en verdere verwerking van afvloeiend hemelwater, niet
                                    zijnde een gemengd stelsel;</al></li><li nr="s."><al>Huishoudelijk afvalwater: afvalwater dat overwegend afkomstig is
                                    van menselijke stofwisseling en huishoudelijke
                                    werkzaamheden;</al></li><li nr="t."><al>IBA: een bij de gemeente, waterschap of door hen aangewezen
                                    partij in beheer zijnde particuliere voorziening voor de
                                    individuele behandeling van afvalwater;</al></li><li nr="u."><al>Openbaar rioolstelsel: het gedeelte van het rioolstelsel dat bij
                                    de gemeente in beheer is voor inzameling en transport van
                                    afvalwater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen,
                                    persleidingen, IBA’s en werken resp. installaties van
                                    overeenkomstige aard, met uitzondering van de
                                    aansluitleidingen;</al></li><li nr="v."><al>Particulier riool: de binnen de kadastrale eigendomsgrenzen van
                                    het aan te sluiten perceel gelegen binnen- buiten, of
                                    terreinrioolleidingen tot aan het aansluitpunt;</al></li><li nr="w."><al>Perceelaansluitleiding: het riool en de voorzieningen die deel
                                    uit maken van dit riool; gelegen tussen het openbaar riool en
                                    het aansluitpunt, in beheer bij de gemeente;</al></li><li nr="x."><al>Rechthebbende: </al><lijst><li nr="1."><al>de eigenaar, Vereniging van Eigenaren of zakelijk
                                            gerechtigde van het perceel waarvoor de aansluiting op
                                            het openbaar riool wordt gerealiseerd en in stand
                                            gehouden;</al></li><li nr="2."><al>de rechtverkrijgende(n) onder algemene of bijzondere
                                            titel van onder 1. bedoelde personen;</al></li></lijst></li><li nr="y."><al>Stedelijk afvalwater: huishoudelijk afvalwater of een mengsel
                                    daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater,
                                    grondwater of ander afvalwater;</al></li><li nr="z."><al>Vergunning: aansluitvergunning voor het tot stand brengen, in
                                    stand houden of wijzigen van een aansluiting tussen het
                                    particulier riool en de openbare perceelaansluiting;</al></li><li nr="aa."><al>Vuilwater: afvalwater bestaande uit huishoudelijk afvalwater,
                                    bedrijfsafvalwater en overig afvalwater, exclusief hemelwater en
                                    grondwater.</al></li><li nr="bb."><al>Vuilwaterstelsel: het openbaar riool, bestemd voor de inzameling
                                    en het transport van vuilwater.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>- De Vergunning</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergunningsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder een daartoe verleende aansluitvergunning een
                                aansluiting van een particulier riool op het openbaar riool tot
                                stand te brengen of te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college verleent alleen aansluitvergunning voor:</al><lijst><li nr="a."><al>de afvoer van afvalwater inclusief hemelwater naar het
                                        daarvoor bedoelde buizenstelsel indien ter plaatse een
                                        gemengd stelsel aanwezig is tenzij hemelwater geïnfiltreerd
                                        kan worden op particulier terrein;</al></li><li nr="b."><al>de afvoer van afvalwater zonder hemelwater naar het daarvoor
                                        bedoelde rioolstelsel, indien ter plaatse een drukriolering,
                                        DWA-riool, gescheiden stelsel, gemengd stelsel of IBA
                                        aanwezig is;</al></li><li nr="c."><al>de afvoer van hemelwater naar het hemelwaterstelsel indien
                                        er een gescheiden stelsel aanwezig is tenzij infiltratie op
                                        particulier terrein mogelijk is;</al></li><li nr="d."><al>de afvoer van hemelwater indien er aquaflow en / of andere
                                        infiltratie voorzieningen aanwezig zijn;</al></li><li nr="e."><al>de (tijdelijke) afvoer van bronneringswater naar het
                                        openbaar rioolstelsel.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien meer dan één aansluiting van een particulier riool op het
                                openbaar riool tot stand dient te komen, alsmede wanneer meer dan
                                één aansluiting moet worden gewijzigd is het eerste lid voor iedere
                                aansluiting of wijziging afzonderlijk van toepassing;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met
                                betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>het tot stand brengen van de aansluiting;</al></li><li nr="b."><al>het onderhoud, de renovatie of vervanging van de
                                        perceelaansluitleiding;</al></li><li nr="c."><al>sloopwerkzaamheden op het perceel van de rechthebbende;</al></li><li nr="d."><al>de periode waarvoor de vergunning wordt verleend, indien het
                                        een tijdelijke aansluiting betreft bedoeld voor de afvoer
                                        van bronneringswater.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels
                                stellen;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan beleidsregels vaststellen ter uitvoering van:</al><lijst><li nr="a."><al>deze verordening, of</al></li><li nr="b."><al>de nadere regels.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aansluitvergunning als bedoeld in artikel 2, eerste lid wordt
                                digitaal of schriftelijk met behulp van een door het college
                                vastgesteld aanvraagformulier ingediend bij de gemeente door of
                                namens de rechthebbende van het aan te sluiten perceel;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag worden de volgende gegevens door de rechthebbende
                                vermeld:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de naam en het adres van de rechthebbende;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de dagtekening;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de aanduiding dat het verzoek om een aansluitvergunning
                                betreft;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de ligging van het aan te sluiten perceel aan de hand van straat en
                                huisnummer of, indien er nog geen huisnummer is toegekend, aan de
                                hand van het kadastraal nummer van het betreffende perceel;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>een situatietekening schaal 1:1000 of groter met daar op
                                aangegeven:</al></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>het leidingverloop, de hoogteligging en de dimensionering;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>de wijze waarop de functies van de verschillende leidingen van het
                                particulier riool ter plaatse van het aansluitpunt zullen worden
                                gemarkeerd;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>het materiaal ter plaatse van het aansluitpunt;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>onderscheid in functie van de leidingen of het particulier riool een
                                aansluiting betreft op het gemengd rioolstelsel (waaronder evt.
                                drukriool), gescheiden rioolstelsel;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>een duidelijk verschil in kleur of symbolen tussen vuilwater- en
                                hemelwaterafvoeren. De in de gemeente Mook en Middelaar te hanteren
                                kleuren zijn voor DWA leidingen rood/bruin en voor HWA leidingen
                                grijs;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>de gewenste datum van uitvoering;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>voor zover het lozing van bedrijfsafvalwater of bronneringswater
                                betreft, de aard en de hoeveelheid van de af te voeren vloeistoffen
                                in m3/uur waarbij aangegeven moet worden of het huishoudelijk,
                                industrieel, grond-, regen- of koelwater betreft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de gegevens, zoals bedoeld in het tweede lid, reeds zijn
                                vastgelegd in een voor het perceel afgegeven omgevingsvergunning of
                                een vergunning op grond van de Wet milieubeheer, kan bij de aanvraag
                                worden volstaan met een verwijzing naar die vergunning onder
                                toevoeging van een kopie van de gegevens uit die vergunning; </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De aanvraag van een aansluitvergunning wordt slechts in behandeling
                                genomen nadat bij de aanvraag alle in het tweede lid vermelde
                                gegevens zijn verstrekt. Bij het ontbreken van de gegevens wordt de
                                rechthebbende daarover geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld de
                                gegevens binnen vier weken na kennisgeving alsnog aan te
                                vullen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag
                                voor een aansluitvergunning. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de beslissing voor ten hoogste zes weken
                                verdagen.</al><lijst><li nr="a."><al>De beslissing op de aanvraag voor de aansluitvergunning
                                        wordt aangehouden door het college als er geen reden is de
                                        vergunning te weigeren, terwijl voor het aan te sluiten
                                        perceel:</al></li><li nr="b."><al>nog een aanvraag voor omgevingsvergunning moet worden
                                        ingediend of, als die wel is ingediend, nog niet op die
                                        aanvraag is beslist;</al></li><li nr="c."><al>nog een melding op basis van de woningwet moet worden
                                        gedaan;</al></li><li nr="d."><al>nog een aanvraag om milieuvergunning moet worden ingediend
                                        of, als die wel is ingediend, nog niet op die aanvraag is
                                        beslist;</al></li><li nr="e."><al>nog een kennisgeving op basis van de wet milieubeheer moet
                                        worden gedaan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rechthebbende wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk van de
                                aanhouding op de hoogte gesteld. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Gedurende de aanhouding worden de termijnen zoals bedoeld in het
                                eerste en tweede lid opgeschort totdat op de aanvraag van de
                                omgevingsvergunning is beslist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Na verlening van de omgevingsvergunning beslist het college zo
                                spoedig mogelijk op de aanvraag, en in ieder geval binnen de
                                termijnen zoals genoemd in het eerste en tweede lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Weigering van de aansluitvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aansluitvergunning wordt geweigerd indien aansluiting of
                                wijziging van het particulier riool op het openbaar riool of
                                wijziging wegens technische, juridische of milieutechnische of
                                economische redenen ongewenst is;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aansluiting of wijziging van het particulier riool op het openbaar
                                riool is in ieder geval ongewenst en de aansluitvergunning wordt
                                geweigerd als:</al><lijst><li nr="a."><al>de gemeente voor het perceel waarvoor de aansluitvergunning
                                        wordt aangevraagd, van Gedeputeerde Staten ontheffing heeft
                                        verkregen op grond van artikel 10.33 lid 3 Wet
                                        milieubeheer;</al></li><li nr="b."><al>de gevraagde aansluiting een afvoerleiding betreft die niet
                                        voldoet aan de eisen die daaraan krachtens de
                                        bouwregelgeving zijn gesteld;</al></li><li nr="c."><al>de gevraagde aansluiting een lozing van afvalwater betreft,
                                        die niet voldoet aan de eisen die daaraan krachtens de
                                        milieuwetgeving zijn gesteld;</al></li><li nr="d."><al>de hoogteligging van het aansluitpunt (binnen onderkant
                                        buis) lager ligt dan de bovenzijde van het riool,
                                        vermeerderd met 200 mm plus de benodigde hoogte voor het
                                        afschot van de aansluitleiding;</al></li><li nr="e."><al>de bovenzijde van een lozingstoestel lager is dan 150 mm
                                        boven de kruin van de straat, tenzij deze is voorzien van
                                        een pompinstallatie of terugslagklep;</al></li><li nr="f."><al>de gevraagde aansluiting een samengevoegde voorziening is,
                                        terwijl er een gescheiden openbaar riool aanwezig is;</al></li><li nr="g."><al>de gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater en/of
                                        bronneringswater betreft waarvoor krachtens de geldende
                                        milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar niet is
                                        verleend, of niet aan de geldende algemene regels is
                                        voldaan;</al></li><li nr="h."><al>het openbaar riool ter plaatse van de aansluitleiding niet
                                        over voldoende capaciteit beschikt om de te lozen
                                        hoeveelheid vloeistoffen af te kunnen voeren;</al></li><li nr="i."><al>de gevraagde aansluiting een afvoerleiding voor niet
                                        verontreinigd bronnerings- en/of grondwater betreft die
                                        zonder bezwaar op het oppervlaktewater kan lozen of middels
                                        retourbemaling kan worden afgevoerd;</al></li><li nr="j."><al>de gevraagde aansluiting een afvoerleiding voor hemelwater
                                        betreft, die zonder bezwaar op het oppervlaktewater kan
                                        lozen;</al></li><li nr="k."><al>het een lozing van niet verontreinigd drainagewater
                                        betreft;</al></li><li nr="l."><al>de gevraagde aansluiting een afvoer van hemelwater betreft
                                        terwijl de bebouwingsdichtheid en bodemgesteldheid
                                        infiltratie op eigen terrein toelaat;</al></li><li nr="m."><al>het een lozing betreft van drainagewater op een gemengd
                                        stelsel voor de afvoer van afvalwater inclusief
                                        hemelwater;</al></li><li nr="n."><al>de behandeling van hemelwater niet doelmatig is en beter in
                                        de bodem kan infiltreren en/of op oppervlaktewater kan
                                        lozen;</al></li><li nr="o."><al>het particulier riool of de wijziging hieraan, niet voldoet
                                        aan de eisen van het Bouwbesluit;</al></li><li nr="p."><al>een omgevingsvergunning op grond van de Wet milieubeheer
                                        voor het aan te sluiten perceel is geweigerd;</al></li><li nr="q."><al>de rechthebbende bij het aanbrengen van de benodigde
                                        voorzieningen op particulier terrein geen recht van opstal
                                        of andere erfdienstbaarheid wil vestigen ten behoeve van de
                                        gemeente.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een weigering van een aansluitvergunning is met redenen omkleed,
                                waarbij het college nadere eisen aangeven waaraan het particulier
                                riool moet voldoen om voor vergunningverlening in aanmerking te
                                komen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7:</nr><titel>Wijziging en intrekking van de vergunning</titel></kop><al>Het college kan de vergunning wijzigen of intrekken, indien:</al><lijst><li nr="a."><al>bij de aanvraag van de vergunning onjuiste of onvolledige
                                    gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>de bepalingen van deze verordening of de aan de vergunning
                                    verbonden voorschriften niet zijn of worden nagekomen.</al></li><li nr="c."><al>het gebruik van de aansluiting waarvoor vergunning is verleend
                                    wordt beëindigd;</al></li><li nr="d."><al>het gebruik van de aansluiting niet overeenkomt met de bij de
                                    vergunningsaanvraag verstrekte gegevens;</al></li><li nr="e."><al>op grond van gewijzigde omstandigheden of gewijzigde inzichten,
                                    opgetreden na het verlenen van de vergunning, moet worden
                                    aangenomen dat intrekken of wijzigen van de vergunning wordt
                                    gevorderd ter bescherming van het algemeen belang waarvoor de
                                    vergunning is vereist;</al></li><li nr="f."><al>de rechthebbende binnen een jaar na verlening van de
                                    aansluitvergunning geen verzoek heeft gedaan de aansluiting of
                                    wijziging van de aansluiting uit te voeren waarop die
                                    aansluitvergunning betrekking heeft.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>- De aansluiting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Kosten voor de aansluiting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de aansluiting of wijziging van de aansluiting op het openbaar
                                rioolstelsel is de rechthebbende de kosten voor de eventuele aanleg
                                van nieuw openbaar riool, het aansluiten op het openbaar
                                rioolstelsel en de aanleg of wijziging van de aansluitleiding aan de
                                gemeente verschuldigd. Ook worden legeskosten in rekening
                                gebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de kosten van de werkzaamheden zoals bedoeld in
                                lid 1 alsmede de kosten voor de eventuele aanleg van nieuw openbaar
                                rioolstelsel vast op grond van de werkelijk gemaakte kosten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De gemeente kan in ieder geval niet gehouden worden tot de
                                feitelijke uitvoering over te gaan voordat:</al><lijst><li nr="a."><al>de op grond van de legesverordening verschuldigde leges
                                        volledig zijn voldaan;</al></li><li nr="b."><al>en de vooraf geraamde kosten van aanleg en aansluiting en
                                        over die kosten verschuldigde omzetbelasting door of namens
                                        de rechthebbende zijn voldaan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien na de feitelijke uitvoering blijkt dat werkelijk gemaakte
                                kosten inclusief omzetbelasting lager zijn dan vooraf geraamd, zal
                                de gemeente dit verschil aan de rechthebbende terugbetalen. Indien
                                de werkelijk gemaakte kosten inclusief omzetbelasting hoger zijn dan
                                vooraf geraamd, zal de gemeente dit bedrag naderhand bij de
                                rechthebbende in rekening brengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Uitvoering aanleg of wijziging van de perceelaansluiting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De uitvoering van de aanleg of wijziging van de
                                perceelaansluitleiding, inclusief het tot stand brengen van de
                                aansluiting van het particulier riool op de perceelaansluitleiding,
                                vindt niet plaats anders dan door of vanwege de gemeente op
                                schriftelijk verzoek van en in afstemming met de rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het tot stand brengen van de aansluiting van het particulier riool
                                op de perceelaansluitleiding vindt slechts plaats als het aan te
                                sluiten particulier riool tot aan het aansluitpunt aanwezig is en
                                voldoet aan de daaraan op grond van de bouwregelgeving gestelde
                                eisen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij meerdere percelen op één pompput, wordt een aansluitpunt op
                                eigen perceel aangeboden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Beheer en vervanging</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Beheer, onderhoud, renovatie en vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het beheer en onderhoud, de renovatie dan wel de vervanging van de
                                perceelaansluitleiding wordt uitgevoerd door of namens de gemeente
                                en voor rekening van de gemeente, tenzij de betreffende
                                werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd ten gevolge van een
                                onjuist gebruik van het particulier riool, in welk geval de kosten
                                voor rekening van de rechthebbende of veroorzaker komen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder onjuist gebruik wordt in ieder geval begrepen:</al><lijst><li nr="a."><al>het via de aansluiting lozen van stoffen die, vanwege hun
                                        aard, hoeveelheid en/of samenstelling, verstoppingen in de
                                        perceelaansluitleiding of het openbaar riool
                                        veroorzaken;</al></li><li nr="b."><al>het via de aansluiting lozen van stoffen die, door hun aard
                                        of concentratie, de constructie van de
                                        perceelaansluitleiding aantasten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor het onderhoud van het particulier riool komen voor
                                rekening van de rechthebbende, tenzij onomstotelijk vaststaat dat de
                                noodzaak tot onderhoud is veroorzaakt door inspoeling vanuit het
                                openbaar riool. In dat geval worden redelijk gemaakte kosten
                                vergoed.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Zorgplicht en beëindiging gebruik</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij sloopwerkzaamheden of andere werkzaamheden op, aan of in een op
                                het openbaar rioolstelsel aangesloten perceel, worden door de
                                rechthebbende zodanige voorzieningen aan het particulier riool
                                getroffen dat schade aan het openbare rioolstelsel en de
                                perceelaansluitleiding wordt voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de rechthebbende bij sloopwerkzaamheden niet voldoet aan de
                                in het eerste lid omschreven zorgplicht, heeft de gemeente de
                                bevoegdheid de perceelaansluiting op het openbaar riool af te
                                sluiten en de hieraan verbonden kosten te verhalen op de
                                rechthebbende. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het gebruik van een perceelaansluitleiding definitief wordt
                                beëindigd, wordt de op de aansluitleiding betrekking hebbende
                                vergunning ingetrokken, waarna de aansluitleiding op kosten van de
                                rechthebbende door de gemeente wordt verwijderd. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het gebruik van een perceelaansluitleiding definitief wordt
                                beëindigd, is de rechthebbende verplicht de gemeente hiervan in
                                kennis te stellen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Grensafbakening particuliere aansluitleiding en het openbare
                            riool</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Bepaling grens</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De grens tussen de particuliere aansluitleiding en het openbare
                                rioolstelsel is, afhankelijk van de situatie ter plaatse,
                                gelegen:</al><lijst><li nr="a."><al>binnen 50 centimeter van de perceelgrens; of</al></li><li nr="b."><al>op of nabij de perceelgrens ter hoogte van het
                                        ontstoppingsstuk; of</al></li><li nr="c."><al>bij het aansluitpunt zoals bedoeld in artikel 1, onder
                                        b.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de voorgevel van een bouwwerk op of nabij de perceelgrens staat,
                                vervalt het in het eerste lid bedoelde onderscheid voor de eerste
                                twee categorieën voor dat bouwwerk.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In gevallen waarin de grens als bedoeld in het eerste lid niet te
                                bepalen is, beslist het college.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een strikte toepassing van deze verordening zou leiden tot
                                een beslissing die onmiskenbaar als onbillijk of onredelijk moet
                                worden aangemerkt, kan het college in bijzondere gevallen van het
                                gestelde in deze verordening afwijken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Toezicht</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van de bepalingen bij of krachtens deze
                            verordening gesteld zijn belast de bij besluit van het college aan te
                            wijzen personen of groep van personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvragen voor een aansluiting of wijzigingen van een
                                aansluiting, die voor de datum van inwerkingtreding van deze
                                verordening zijn ingediend en waar op die datum nog niet over is
                                besloten, vallen onder de bepalingen van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op aansluitingen die voor het tijdstip van de inwerkingtreding van
                                deze verordeningen krachtens de tot dan geldende wetgeving en
                                voorschriften tot stand zijn gebracht, zijn de bepalingen van
                                afdeling IV, V en VI rechtstreeks van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij strijd van deze verordening met bepalingen in overeenkomsten
                                gesloten tussen de gemeente en de rechthebbende, prevaleert het
                                bepaalde in deze overeenkomsten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na de
                            bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17:</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening Rioolaansluiting 2017
                            gemeente Mook en Middelaar’.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in zijn openbare vergadering d.d. 23 februari 2017</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, </ondertekening><ondertekening>mr. L.W.A.M. Berben</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>mr. drs. W. Gradisen</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage - Toelichting</titel></kop><tussenkop>1.1 opzet van de verordening</tussenkop><al>Uitgangspunt van deze verordening is dat voor een nieuwe aansluiting op het
                    rioolstelsel of een wijziging van de bestaande aansluiting, goedkeuring van
                    burgemeester en wethouders is vereist. In de goedkeuring worden voorwaarden
                    gesteld waaraan de aansluiting moet voldoen. Deze voorwaarden betreffen
                    allereerst de technische eisen waaraan de aansluiting moet voldoen. De
                    technische eisen betreffen het leidingverloop en de dimensionering, de
                    hoogteligging van de aansluitleiding en het materiaal ter plaatse van het
                    aansluitpunt.</al><al>Ook worden nadere voorwaarden gesteld voor het geval er een gescheiden
                    rioolstelsel is. Een gescheiden rioolstelsel houdt in dat er een aparte
                    aansluiting voor een hemelwaterriool en een aparte aansluiting voor een
                    vuilwaterriool worden aangelegd. Hierbij dient rekening te worden gehouden met
                    de in het Bouwbesluit opgenomen bouwtechnische eisen. Tenslotte zijn er
                    voorwaarden opgenomen over onderhoud, renovatie en vervanging van de aansluiting
                    en beëindiging van het gebruik van de aansluiting. </al><al>Het gemeentelijk rioolstelsel wordt op een drietal plaatsen begrensd: het punt
                    waar afvalwater of overtollige neerslag wordt overgenomen van de rechthebbende
                    (doorgaans daar waar het particulier riool overgaat in gemeentelijk eigendom),
                    het punt waar afvalwater of de overtollige neerslag wordt overgedragen aan de
                    beheerder van de zuiveringstechnische werken en het punt waar overstortingen op
                    het oppervlaktewater plaatsvinden. </al><al>Deze verordening heeft alleen betrekking op de begrenzing van het eerstgenoemde
                    punt. Deze begrenzing, de plaats waar het particulier riool is aangesloten op de
                    perceelaansluitleiding (de uitlegger), wordt het aansluitpunt genoemd. Het
                    aansluitpunt wordt in de verordening gesitueerd op de kadastrale eigendomsgrens
                    van het aan te sluiten perceel of niet meer dan een halve meter daarbinnen.
                    Ingeval van drukriolering is dit het punt waar het particulier riool is
                    aangesloten op de pompput. De pompput is normaliter onderdeel van het openbaar
                    rioolstelsel.</al><al>De leiding bestaat dus vanaf het hoofdriool achtereenvolgens uit de
                    perceelaansluitleiding, het aansluitpunt en het particuliere riool. Het deel van
                    de leiding vanaf het aansluitpunt naar het hoofdriool van het gemeentelijk
                    rioolstelsel (de perceelaansluitleiding) wordt beheerd door de gemeente. Dit
                    deel van de aansluiting ligt onder de openbare weg. Als er nu een verstopping is
                    ontstaan in het particuliere riool, dan moet de rechthebbende zelf en voor eigen
                    rekening zorgdragen voor het verhelpen van het probleem. Dit kan bijvoorbeeld
                    door het inschakelen van een installateur. Is er een verstopping ontstaan in de
                    aansluitleiding, bijvoorbeeld door ingroeiende boomwortels (van een boom op
                    openbaar terrein) of door verzakking, dan draagt de gemeente zorg voor de
                    reparatie.</al><al>De kosten van onderhoud, renovatie en vervanging van de perceelaansluitleiding
                    zijn voor de gemeente. Hierop is echter wel een uitzondering gemaakt. Als het
                    aannemelijk is dat de betreffende onderhouds- of herstelwerkzaamheden moeten
                    worden uitgevoerd als gevolg van een onjuist gebruik van het riool, dan zijn de
                    kosten voor rekening van de rechthebbende of de veroorzaker van de schade.</al><al>De aanleg van de perceelaansluitleiding geschiedt door de gemeente of door een
                    namens de gemeente in te schakelen aannemer. Deze legt de perceelaansluitleiding
                    aan voor rekening van de eigenaar. De kosten die de eigenaar moet betalen zijn
                    in beginsel de daadwerkelijke kosten van de aanleg.</al><al>De goedkeuring kan door de gemeente worden geweigerd indien aansluiting van het
                    particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die aansluiting vanwege
                    technische, juridische, milieuhygiënische of economische redenen bezwaarlijk is.
                    In de verordening is geen uitputtende regeling opgenomen met betrekking tot
                    weigeringsgronden voor het verlenen van de goedkeuring. Wel zijn situaties
                    opgenomen die in ieder geval worden aangemerkt als bezwaarlijk voor het verlenen
                    van een goedkeuring voor de aansluiting. </al><al>Als een aanvraag wordt geweigerd moet deze weigering voorzien zijn van een goede
                    motivering. </al><al>Deze verordening is opgebouwd uit 17 artikelen, die zijn ondergebracht in zes
                    afdelingen. In afdeling I worden de begripsbepalingen gegeven. Afdeling II
                    regelt de vergunning: een omschrijving van de voorwaarden voor goedkeuring, de
                    mogelijkheid van het college tot het stellen van nadere regels, de aanvraag,
                    beslistermijn, weigeringsgronden en tot slot de wijzigingsgronden van de
                    vergunning.</al><al>In afdeling III komt de aansluiting aan de orde. Hierin worden de kosten voor
                    het verzoek tot aanleg of wijziging en de uitvoering geregeld. </al><al>Het beheer en vervanging komen in afdeling IV aan de orde waaronder ook sloop is
                    begrepen. Afdeling V geeft weer waar de grens is tussen openbaar en particulier
                    riool. Als laatste geeft afdeling VI de overgangs- en slotbepalingen aan.</al><tussenkop>1.2 ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING</tussenkop><tussenkop>ARTIKEL 1: Begripsbepalingen</tussenkop><al>In artikel 1 worden de begripsbepalingen gegeven. De begrippenlijst is nogal
                    uitgebreid om te voorkomen dat onnodige discussie kan ontstaan over de betekenis
                    van bepaalde begrippen. Voor de uitleg van de bepalingen in de
                    Aansluitverordening en de voorschriften in een goedkeuring van aansluiting op
                    het openbare riool, gelden de definities van artikel 1. In de vorige paragraaf
                    is al stilgestaan bij de begrippen aansluitleiding, particulier riool en
                    aansluitpunt. Omdat het aansluitpunt de scheidingslijn vormt tussen de
                    beheerverantwoordelijkheid van gemeente en perceeleigenaar is het belangrijk dat
                    er een goede definitie wordt gegeven van het aansluitpunt. Een praktische
                    oplossing is ontstoppingsstuk in artikel 1 aan te wijzen als aansluitpunt.</al><al>De rechthebbende is degene die een goedkeuring voor de aansluiting op het
                    openbare riool kan aanvragen. Verder wordt een vereniging van eigenaren als
                    rechthebbende aangemerkt, aangezien bij appartementsgebouwen vaak slechts één
                    aansluiting aanwezig is voor het gehele gebouw. De vereniging van eigenaren
                    wordt dan de houder van de goedkeuring voor de betreffende aansluiting en zal
                    vervolgens met de leden moeten regelen hoe binnen het gebouw met verstoppingen
                    en storingen wordt omgegaan. Dit geldt ook voor een rechthebbende die zijn
                    eigendom verhuurt. Hij dient er zelf voor te zorgen dat de huurder de
                    voorschriften van de goedkeuring naleeft.</al><al>Dit laatste geldt ook, als de verhuurder (rechthebbende in de zin van de
                    Aansluitverordening) een woningbouwvereniging is. De woningbouwvereniging is
                    degene die een goedkeuring voor de aansluiting op het openbare riool kan
                    aanvragen. Zij zal dan met haar huurders onderling afspraken kunnen maken
                    omtrent het gebruik van de aansluiting, maar de woningbouwvereniging is als
                    rechthebbende het aanspreekpunt in de relatie tot de gemeente.</al><al>De huurders van de woningbouwvereniging zijn gebruikers in de zin van de
                    Aansluitverordening. Als rechthebbende wordt niet alleen aangemerkt de
                    (perceel)eigenaar, maar ook de zakelijke gerechtigde van een aan te sluiten
                    perceel.</al><al>Ook de rechtsopvolgers van deze eigenaren of zakelijk gerechtigden worden
                    aangemerkt als rechthebbende, zodat de goedkeuring geldig blijft in geval het
                    perceel bijvoorbeeld wordt verkocht.</al><tussenkop>ARTIKEL 2: Vergunningsplicht</tussenkop><al>In artikel 2 wordt bepaald dat aansluiting van een particulier riool op het
                    openbaar riool of wijziging van een dergelijke aansluiting, verboden is zonder
                    vergunning. Deze vergunningplicht vormt de kern van de aansluitverordening.
                    Zonder de vergunningseis kan de gemeente niet voorkomen dat ‘foute
                    aansluitingen’ (eigenlijke foute lozingen als gevolg van een verkeerde
                    aansluiting) op de riolering tot stand worden gebracht. Als voorbeeld van een
                    verkeerde aansluiting kan worden gedacht aan een lozing van hemelwater terwijl
                    infiltratie op eigen terrein mogelijk is (zie ook artikel 6 lid 2 sub l). De
                    vergunningplicht geeft de gemeente een middel om foute aansluitingen op de
                    riolering te voorkomen, in plaats van achteraf te moeten handhaven. In de
                    vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen over de aanleg van de
                    aansluiting, het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de
                    perceelaansluitleiding. </al><al>Volgens het tweede lid kunnen burgemeester en wethouders alleen
                    aansluitvergunningen verlenen voor aansluitingen die overeenstemmen met het
                    openbaar riool ter plaatse. Dit betekent dat er bijvoorbeeld geen vergunning kan
                    worden verkregen voor de gemengde afvoer van hemelwater en afvalwater als ter
                    plaatse een gescheiden stelsel ligt. Ook kan geen vergunning worden verkregen
                    voor de aansluiting van hemelwaterleidingen op drukriolering of op een openbaar
                    stelsel dat uitsluitend is bedoeld voor de afvoer van huishoudelijk en
                    bedrijfsafvalwater (DWA-stelsel). </al><al>Lid 3 geeft nog een toevoeging aan lid 2 door te stellen dat voor elke
                    aansluiting afzonderlijk, bijvoorbeeld bij een gemengd stelsel voor de afvoer
                    van vuilwater en de afvoer van hemelwater een vergunning moet worden
                    aangevraagd. Bij het aansluiten van een perceel op een gemengd stelsel zullen
                    deze aansluitingen doorgaans gelijktijdig worden gerealiseerd zodat in dat geval
                    natuurlijk de voorwaarden voor dat perceel in één vergunning kunnen worden
                    opgenomen.</al><tussenkop>ARTIKEL 3: Nadere regels</tussenkop><al>Als blijkt dat de verordening toch nog onduidelijkheden bevat, heeft het college
                    door artikel 3 de mogelijkheid om middels beleidsregels dat nader in te vullen
                    om zo een eenduidige lijn te hanteren.</al><tussenkop>ARTIKEL 4: Aanvraag</tussenkop><al>De aanvraag wordt gedaan met een daartoe bestemd formulier, dat op de website
                    van de gemeente ter beschikking wordt gesteld. In het tweede lid is vastgelegd
                    waaraan de aanvraag moet voldoen. Omdat het mogelijk is dat de gegevens die
                    nodig zijn om een aansluitvergunning aan te vragen, reeds bekend zijn bij de
                    gemeente, is in het tweede lid bepaald dat de aanvrager in dergelijke gevallen
                    niet nogmaals de gegevens hoeft aan te leveren. Dit speelt met name indien voor
                    het betreffende perceel recent een omgevingsvergunning voor bouwen is
                    aangevraagd, waarbij al gedetailleerde rioleringstekeningen zijn
                    aangeleverd.</al><al>Verder is in dit artikel opgenomen (lid 2, sub e, onder 5) dat de
                    vergunningsaanvrager een duidelijk verschil in kleur of andere
                    onderscheidingssymbolen aanbrengt tussen de vuilwaterafvoerleidingen en de
                    hemelwaterafvoerleidingen. </al><tussenkop>ARTIKEL 5: Beslistermijn</tussenkop><al>Het college dient op grond van artikel 5 lid 1 binnen acht weken te beslissen op
                    de aanvraag, een en ander conform artikel 3.9 lid Wabo. Deze termijn zou
                    voldoende moeten zijn om een aanvraag voor een aansluitvergunning te behandelen.
                    Ingeval de rechthebbende een aanvraag voor een omgevingsvergunning heeft lopen
                    (voor zover het een omgevingsvergunning bouwen en/of een milieuvergunning
                    betref), wordt de aanvraag voor de aansluitvergunning aangehouden totdat deze
                    vergunning is verleend. Een weigering van de omgevingsvergunning vormt een
                    directe weigeringsgrond voor de aansluitvergunning op grond van artikel 6. </al><tussenkop>ARTIKEL 6: Weigering van de aansluitvergunning</tussenkop><al>In artikel 6 is vastgelegd op welke gronden de goedkeuring geweigerd kan worden.
                    In lid 1 is aangegeven dat het moet gaan om technische, juridische,
                    milieuhygiënische of economische weigeringsgronden. In lid 2 worden voorbeelden
                    gegeven van mogelijke weigeringsgronden. </al><al>Sub a ziet op de situatie dat in het buitengebied het college ontheffing kan
                    aanvragen en verkrijgen voor de inzameling en transportplicht van stedelijk
                    afvalwater van gedeputeerde staten. Hierbij moet gedacht worden aan de situatie
                    van een camping in het buitengebied die ver van alle openbare rioleringen is
                    verwijderd. Dit kan namelijk en capaciteitsproblemen opleveren van het openbare
                    riool wanneer de camping wordt aangesloten. Ook kan het leiden tot hoge
                    aanpassingskosten van het openbaar riool die in principe voor rekening van de
                    gemeente blijven. Zodoende betreft dit een juridisch maar ook economische
                    weigeringsgrond.</al><al>Sub h en l zijn voorbeelden van een technische weigeringsgronden. Uitgangspunt
                    is dat afvoer van hemelwater niet wordt toegestaan tenzij infiltratie op eigen
                    terrein absoluut onmogelijk is. Een uitwerking van sub h is bijvoorbeeld dat
                    hemelwater voorts nooit op een drukriool afgevoerd dient te worden, wegens
                    onvoldoende capaciteit.</al><al>De in lid 2 genoemde weigeringsgronden zijn niet limitatief bedoeld en moeten
                    worden gezien als ondersteuning van de motivering om een goedkeuring te
                    weigeren. Bij een weigering wordt altijd aangegeven aan welke eisen moet worden
                    voldaan om alsnog voor de goedkeuring in aanmerking te komen.</al><tussenkop>ARTIKEL 7: Wijzigen en intrekken van de vergunning</tussenkop><al>Om te voorkomen dat de gemeente aansluitvergunningen verleent voor percelen waar
                    uiteindelijk geen aansluiting tot stand komt, kan het college indien na een jaar
                    na de vergunningverlening nog geen verzoek tot aansluiting is gedaan, de
                    vergunning intrekken. Omdat, net als een vergunningverlening, de intrekking is
                    aan te merken als een beschikking in de zin van de algemene wet bestuursrecht,
                    dient de rechthebbende in de gelegenheid te worden gesteld toe te lichten waarom
                    nog geen verzoek tot aansluiting is gedaan. De intrekking moet worden voorzien
                    van een deugdelijke motivering.</al><tussenkop>ARTIKEL 8: Kosten voor de aansluiting</tussenkop><al>Het bedrag dat de aanvrager voor de aansluiting dient te betalen, moet worden
                    aangemerkt als een recht dat wordt geheven ter zake van het genot van door of
                    vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten (artikel 229 lid 1 sub b
                    Gemeentewet). Dit betekent dat het in rekening gebrachte bedrag niet hoger mag
                    zijn dan de kosten die de gemeente in werkelijkheid moet maken. </al><al>In lid 3 is de bepaling vastgelegd dat het college niet is gehouden tot
                    feitelijke uitvoering als de kosten voor de aanleg niet zijn voldaan en als de
                    leges voor het behandelen van de vergunningsaanvraag niet zijn voldaan. De
                    hoogte van de leges die hiervoor in rekening gebracht worden, zijn vastgelegd in
                    de legesverordening.</al><tussenkop>ARTIKEL 9: Uitvoering aanleg of wijziging van de
                    perceelaansluiting</tussenkop><al>In dit artikel wordt bepaald dat de aanleg van de perceelaansluiting geschiedt
                    door of vanwege de gemeente. Lid 2 geeft aan dat een aansluiting niet plaats
                    vindt, wanneer het particulier riool niet voldoet aan de daaraan te stellen
                    bouwtechnische eisen. Deze bepaling moet gezien worden als een zogenaamde
                    vangnetbepaling. In de meeste gevallen zal op basis van de eisen die gesteld
                    zijn in de omgevingsvergunning ‘Bouwen’ een particulier riool aanwezig zijn dat
                    voldoet aan de eisen. Daarnaast is een particulier riool dat niet goed is
                    aangelegd ook een grond om de aansluitvergunning te weigeren. In het geval dat
                    er toch een aansluitvergunning is verleend en nadien bijvoorbeeld het
                    particulier riool nog is verlegd of beschadigd, kan op grond van lid 2 toch
                    worden afgezien van aansluiting.</al><al>In lid 3 wordt aangegeven dat wanneer er meerdere percelen op één aansluitpunt
                    zitten, aangeboden wordt een eigen aansluitpunt op het perceel te realiseren.
                    Dit is vanuit praktisch oogpunt gedaan, omdat bij verstoppingen in het
                    particulier riool in die gevallen niet snel duidelijk is waar de verstopping
                    zit. </al><tussenkop>ARTIKEL 10: Beheer, onderhoud, renovatie en vervanging</tussenkop><al>Artikel 10 geeft nadere regels over het beheer, onderhoud, de renovatie en
                    vervanging. Deze worden door en voor rekening van de gemeente uitgevoerd tot het
                    aansluitpunt, tenzij het aannemelijk is dat de betreffende onderhouds- of
                    herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist
                    gebruik van de aansluitleiding. In dat geval komen de kosten voor rekening van
                    de rechthebbende. De rechthebbende moet zorgen dat de door hem gebruikte
                    aansluiting vrij blijft van aanslag, slib en dergelijke, waardoor op den duur de
                    leiding verstopt kan raken. De rechthebbende is verantwoordelijk voor het beheer
                    en onderhoud van het particulier riool, tenzij aannemelijk is dat de noodzaak
                    tot onderhoud is veroorzaakt door terugstroming van afvalwater uit het openbaar
                    riool.</al><tussenkop>ARTIKEL 11: Zorgplicht en beëindiging gebruik</tussenkop><al>In artikel 11 zijn bepalingen opgenomen over de zorg die betracht moet worden
                    bij werkzaamheden die schade kunnen veroorzaken aan het openbaar riool. In lid 3
                    en 4 is vastgelegd dat bij definitieve beëindigen van het gebruik van een
                    aansluitleiding , de aansluitvergunning wordt ingetrokken en de leiding wordt
                    verwijderd.</al><tussenkop>ARTIKEL 12: Bepaling grens</tussenkop><al>Dit artikel bakent de beheergrens af tussen het openbaar en het particulier
                    riool. Van belang is dat er duidelijkheid bestaat over deze grens omdat dit ook
                    de onderhoudsverplichting bepaald tussen rechthebbende en de gemeente. Wanneer
                    de grens onduidelijk is, beslist het college blijkens lid 4.</al><tussenkop>ARTIKEL 13: Hardheidsclausule</tussenkop><al>Om te voorkomen dat toepassing van de bepalingen van deze verordening in een
                    concreet geval zou leiden tot een beslissing in strijd met de redelijkheid en
                    billijkheid, is in artikel 13 een hardheidsclausule opgenomen. </al><tussenkop>ARTIKEL 14: Toezicht</tussenkop><al>In artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt aangegeven dat
                    onder toezichthouder wordt verstaan: een natuurlijk persoon, die bij of
                    krachtens een wettelijk voorschrift is belast met het houden van toezicht op de
                    naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift. Een
                    persoon die aangewezen is als toezichthouder beschikt in beginsel over alle in
                    afdeling 5.2 van de Awb opgenomen bevoegdheden. Op grond van artikel 5:14 van de
                    Awb kunnen deze bevoegdheden bij verordening of bij besluit van het college
                    worden beperkt. </al><al>Het college wijst in de regel een gemeentelijke afdeling of dienst aan waarvan
                    de ambtenaren zijn belast met het toezicht op de naleving van de verordening.
                    Voorts kan het college ambtenaren aanwijzen van andere afdelingen of
                    diensten.</al><tussenkop>ARTIKEL 15: Overgangsrecht</tussenkop><al>Omdat met het van kracht worden van de aansluitverordening juridisch een nieuwe
                    situatie ontstaat, zijn in artikel 15 een aantal overgangsbepalingen opgenomen.
                    Aanvragen tot aansluiting of wijziging van aansluitingen die na inwerkingtreding
                    van de verordening nog in behandeling moeten worden genomen, worden behandeld
                    volgens de regeling in deze verordening. </al><al>In lid 2 zijn op alle reeds bestaande aansluitingen de bepalingen met betrekking
                    tot het beheer en onderhoud, de zorgplicht en grensbepaling rechtstreeks van
                    toepassing verklaard. Uiteraard mag deze toepassing geen strijd opleveren met de
                    algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Bij wijziging van een bestaande
                    aansluiting bestaat uiteraard de plicht om daarvoor een aansluitvergunning te
                    krijgen waarop deze verordening van toepassing is.</al><al>Omdat het denkbaar is dat voor het tot stand brengen van rioolaansluitingen in
                    het verleden met rechthebbenden overeenkomsten zijn gesloten waarin afspraken
                    zijn gemaakt die strijdig zijn met deze aansluitverordening, is in lid 3
                    opgenomen dat in dergelijke situaties de bepalingen van de overeenkomst
                    prevaleren. Het zou anders in strijd zijn met het rechtszekerheidsbeginsel
                    wanneer de contractuele oudere afspraken opzij zouden worden geschoven.</al><tussenkop>ARTIKEL 16: Inwerkingtreding </tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al><tussenkop>ARTIKEL 17: Citeertitel</tussenkop><al>Dit artikel spreekt voor zich.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>