<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR46537_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Sittard-Geleen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Sittard-Geleen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Trompetter, 20 okt. 2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 2a van de Wegenverkeerswet 1994</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-10-07</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-10-07</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2010/70</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Parkeerverordening 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Sittard-Geleen,</al><al>Gezien het voorstel van het college van 10 november 2010, gemeenteblad
                        2010,</al><al>nummer 70 , </al><al>Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 2a van de
                        Wegenverkeerswet 1994:</al><al>b e s l u i t :</al><al>De Parkeerverordening 2010 vast te stellen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I.</nr><titel>Definities en begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990: het Reglement verkeersregels en
                                    verkeerstekens1990;</al></li><li nr="b."><al>motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV
                                    1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1
                                    onder ia van het RVV 1990;</al></li><li nr="c."><al>parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten
                                    staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die
                                    nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of
                                    uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
                                    van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
                                    verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen
                                    of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                    verboden;</al></li><li nr="d."><al>houder: degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven
                                    kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het
                                    krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van
                                    opgegeven kentekens;</al></li><li nr="e."><al>parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip
                                    van verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke
                                    opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></li><li nr="f."><al>parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarvoor
                                    parkeerbelasting wordt geheven door middel van
                                    parkeerapparatuur;</al></li><li nr="g."><al>belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die</al></li><li nr="a."><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990, of</al></li><li nr="b."><al>gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit bijlage 1
                                    van het RVV 1990 met het opschrift zone, voor zover deze plaats
                                    niet is uitgezonderd;</al></li><li nr="h."><al>vergunning: een door het college verleende vergunning, krachtens
                                    welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op daartoe
                                    aangewezen parkeerapparatuur- of belanghebbendenplaatsen;</al></li><li nr="i."><al>vergunninghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan
                                    wie een vergunning is verleend;</al></li><li nr="j"><al>autodate: het herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruik van
                                    motorvoertuigen op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke
                                    personen en een aanbieder of tussen natuurlijke personen uit
                                    meer dan één huishouden;</al></li><li nr="k."><al>autodateplaats: een parkeerplaats aangewezen voor een
                                    motorvoertuig bestemd voor autodate.</al></li><li nr="l."><al>krasvergunning: een kraskaart ten behoeve van het parkeren van
                                    bezoekers aan bewoners of bedrijven binnen het gebied dat in
                                    aanmerking komt voor een kraskaart;</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II.</nr><titel>Plaatsen voor vergunninghouders, vergunningen en
                            vergunningbewijzen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, weggedeelten
                                aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door vergunninghouders.
                                Het college kan hierbij onderscheid maken in de categorieën als
                                bedoeld in artikel 3, derde lid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, de tijdstippen
                                vaststellen waarop het parkeren alleen aan vergunninghouders is
                                toegestaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan op een daartoe strekkende aanvraag een vergunning
                                verlenen voor het parkeren op belanghebbendenplaatsen of
                                parkeerapparatuurplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan regels stellen voor het aanvragen en verlenen van
                                een vergunning.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een vergunning kan worden verleend aan:</al><lijst><li nr="a."><al>een eigenaar of houder van een motorvoertuig die woont in
                                        een gebied waar belanghebbendenplaatsen of mede door
                                        vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen
                                        aanwezig zijn (categorie I);</al></li><li nr="b."><al>een eigenaar of houder van een motorvoertuig die een beroep
                                        of bedrijf uitoefent in een gebied waar
                                        belanghebbendenplaatsen of mede door vergunninghouders te
                                        gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en die
                                        aantoont dat het in het belang van diens beroep- of
                                        bedrijfsuitoefening noodzakelijk is in dat gebied een
                                        motorvoertuig te parkeren (categorie II);</al></li><li nr="c."><al>een eigenaar of houder van een motorvoertuig bestemd voor
                                        autodate, waarvan de autodateplaats is gelegen in een gebied
                                        waar belanghebbendenplaatsen of mede door vergunninghouders
                                        te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn
                                        (categorie III).</al></li><li nr="d."><al>een bezoeker van een bewoner die woont in een gebied waar
                                        belanghebbendenplaatsen of mede door vergunninghouders te
                                        gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn (categorie
                                        IV);</al></li><li nr="e."><al>een mantelzorger van een bewoner die woont in een gebied
                                        waar belanghebbendenplaatsen of mede door vergunninghouders
                                        te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn
                                        (categorie V).</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan in bijzondere gevallen een vergunning ook verlenen
                                aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig die niet voldoet
                                aan één van de in het derde lid genoemde vereisten.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, een maximum aantal
                                uit te geven vergunningen per aaneengesloten gebied en per categorie
                                vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college kan aan een vergunning voorschriften en beperkingen
                                verbinden die strekken tot bescherming van het belang van een goede
                                verdeling van de beschikbare parkeerruimte. Aan een vergunning voor
                                categorie III kan het college voorschriften en beperkingen verbinden
                                die strekken tot bescherming van het belang van het voorkomen of
                                beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of
                                schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet
                                milieubeheer, waaronder mede wordt begrepen het stimuleren van
                                selectief autogebruik.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist binnen 4 weken na ontvangst van een aanvraag om
                                een vergunning.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Door het college wordt een vergunning, uitgezonderd een
                                mantelzorgvergunning, voor maximaal 1 kalenderjaar verleend,
                                vervolgens vindt een automatische verlenging plaats;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="c."><al>de naam van de vergunninghouder of het kenteken van het
                                        motorvoertuig waarvoor de vergunning is verleend.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Het college kan een vergunning intrekken of wijzigen:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></li><li nr="b."><al>wanneer de vergunninghouder niet meer woonachtig is of geen
                                    beroep of bedrijf meer uitoefent in het gebied, waarvoor de
                                    vergunning is verleend;</al></li><li nr="c."><al>wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de
                                    omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de
                                    vergunning;</al></li><li nr="d."><al>wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen
                                    komt te vervallen;</al></li><li nr="e."><al>wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn
                                    betalingsverplichting voor zijn vergunning heeft voldaan;</al></li><li nr="f."><al>wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de
                                    vergunning verbonden voorschriften;</al></li><li nr="g."><al>wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste
                                    gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="h."><al>om redenen van openbaar belang.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III.</nr><titel>Verbodsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                                belanghebbendenplaats of een autodateplaats slechts aan
                                vergunninghouders is toegestaan aldaar een motorvoertuig te parkeren
                                of geparkeerd te houden:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder vergunning;</al></li><li nr="b."><al>zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien
                                        van de voor dat motorvoertuig afgegeven vergunning;</al></li><li nr="c."><al>in strijd met de aan de vergunning verbonden
                                        voorschriften.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                            middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving op
                            de parkeerapparatuur staan aangegeven in werking te stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig, te
                                plaatsen of te laten staan:</al><lijst><li nr="a."><al>op een parkeerapparatuurplaats;</al></li><li nr="b."><al>op een belanghebbendenplaats.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                                zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te
                                laten staan, dat daardoor een normaal gebruik daarvan wordt
                                belemmerd of verhinderd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV.</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening wordt
                            gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de
                            eerste categorie.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de door het college aangewezen personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Parkeerverordening 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 7 oktober 2010.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij inwerkingtreding van deze verordening vervalt de
                                parkeerverordening 2008.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Vergunningen die zijn verleend krachtens de parkeerverordening 2008
                                worden geacht te zijn verleend krachtens deze verordening.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus besloten door de raad der gemeente Sittard-Geleen in zijn vergadering
                        van 7 oktober 2010.</al></slotformulering><ondertekening>De griffier</ondertekening><ondertekening>drs. J.Vis</ondertekening><ondertekening>De voorzitter</ondertekening><ondertekening>drs. G.J.M.Cox</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>