<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR4625_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor de controle op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Dongen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dongen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dongen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Controleverordening gemeente Dongen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 149 en 213 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2004-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2009-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Publicatiedatum onbekend</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voor de controle op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Dongen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a.accountant </al><al>een door de raad benoemde:</al><lijst><li nr="·"><al>registeraccountant of</al></li><li nr="·"><al>accountant-administratieconsulent met een aantekening in het
                                inschrijvingsregister als bedoeld in artikel 36, lid 3, Wet op de
                                Accountant-Administratieconsulenten of</al></li><li nr="·"><al>organisatie waarin voor de accountantscontrole bevoegde accountants
                                samenwerken,</al></li></lijst><al>belast met de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde
                        jaarrekening.</al><al/><al>b.accountantscontrole</al><al>de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening
                        uitgevoerd door de door de raad benoemde accountant ten behoeve van:</al><lijst><li nr="1."><al>de accountantsverklaring als bedoeld in artikel 213 Gemeentewet, lid
                                3</al><lijst><li nr="§"><al>het getrouwe beeld van de in de jaarrekening gepresenteerde
                                        baten en lasten en de grootte en samenstelling van het
                                        vermogen;</al></li><li nr="§"><al>het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en
                                        balansmutaties;</al></li><li nr="§"><al>het in overeenstemming zijn van de door het college
                                        opgestelde jaarrekening met de bij of krachtens algemene
                                        maatregel van bestuur te stellen regels bedoeld in artikel
                                        186 Gemeentewet;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>het verslag van bevindingen als bedoeld in artikel 213 Gemeentewet,
                                lid 4</al><lijst><li nr="§"><al>de inrichting van het financieel beheer en de financiële
                                        organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe en
                                        rechtmatige verantwoording mogelijk maken;</al></li><li nr="§"><al>onrechtmatigheden in de jaarrekening; </al></li></lijst></li></lijst><al>waarbij de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur
                        worden gesteld op grond van artikel 213, lid 6, Gemeentewet, in acht worden
                        genomen. </al><al/><al>c.rechtmatigheid in het kader van accountantscontrole</al><al>Het in overeenstemming zijn met de begroting en van toepassing zijnde
                        wettelijke regelingen, waaronder gemeentelijke regelingen.</al><al/><al>d.deelverantwoording</al><al>een ten behoeve van de verslaglegging opgestelde verantwoording van een
                        afzonderlijke organisatie-eenheid binnen de gemeentelijke organisatie, welke
                        verantwoording onderdeel uit maakt van de jaarrekening. </al><al/><al>e.rekeningcommissie</al><al>de commissie, op basis van artikel 82 GW, die zich bezig houdt met het
                        onderzoek naar de jaarrekening en hierover de raad adviseert.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Aanbesteding accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountantscontrole van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213,
                            lid 2, Gemeentewet, wordt opgedragen aan een door de raad te benoemen
                            accountant. De benoeming van de accountant geschiedt voor een periode
                            van 5 jaar. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bereidt in overleg met de raad de aanbesteding van de
                            accountantscontrole voor.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad stelt voor de aanbesteding van de accountantscontrole het
                            programma van eisen en de selectiecriteria vast. In het programma van
                            eisen en het aansluitende contract worden voor de jaarlijkse
                            accountantscontrole opgenomen:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de toe te passen goedkeuringstoleranties en rapporteringstoleranties bij
                            de controle van de jaarrekening;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen
                            goedkeuringstoleranties en rapporteringstoleranties; <cursief>Voor de
                                onder a en b genoemde toleranties wordt uitgegaan van de huidige
                                wettelijk vastgelegde minimumeisen, d.i. 1% voor fouten in de
                                jaarrekening en 3% voor onzekerheden in de jaarrekening; indien
                                hiervan afgeweken wordt dient dit expliciet in het programma van
                                eisen en het af te sluiten contract te zijn
                            opgenomen.</cursief></al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de eventueel aanvullend uit te voeren tussentijdse controles; </al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse
                            rapportering en van de standaard tussentijdse controle; </al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>het tijdstip van de aanlevering van de rapportage over de controle van
                            de jaarrekening op basis van de jaarlijks vast te stellen planning.
                        </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Informatieverstrekking door college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de
                            jaarrekening conform de geldende interne - en externe wet- en
                            regelgeving en overlegt deze aan de accountant voor controle.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat alle aan de jaarrekening ten
                            grondslag liggende verordeningen, nota’s, collegebesluiten,
                            deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten,
                            berekeningen e.d. voor de accountant ter inzage liggen en goed
                            toegankelijk zijn. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de
                            accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de
                            oordeelsvorming van de accountant is verstrekt; het te hanteren model
                            wordt door de accountant verstrekt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college overlegt de gecontroleerde jaarrekening tijdig, samen met de
                            accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan de raad,
                            zodanig dat vaststelling door de raad uiterlijk 14 juli van elk jaar
                            volgend op het begrotingsjaar kan plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor
                            behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van
                            invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door
                            het college aan de raad en de accountant gemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Inrichting accountantscontrole</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                            wijze, waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en
                            de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de
                            frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan in
                            voorkomende gevallen de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande
                            kennisgeving uitvoeren. In onderleg overleg en rekening houdend met de
                            raadsagenda worden de tijdstippen van aanvang en rapportering jaarlijks
                            bepaald.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole
                            vindt periodiek overleg plaats tussen de accountant en een
                            vertegenwoordiging van de rekeningcommissie, de portefeuillehouder
                            financiën, de diensthoofden Services en Concernstaf.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Toegang tot informatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
                            en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
                            computerbestanden en overige bescheiden waarvan hij inzage voor de
                            accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor, dat
                            de accountant voor de uitvoering van zijn controlewerkzaamheden een
                            onbelemmerde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, werkplaatsen,
                            terreinen en informatiedragers van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
                            schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
                            uitvoering van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college draagt
                            er zorg voor, dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking
                            verlenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt er zorg voor, dat de ambtenaren van de gemeente zijn
                            gehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de
                            accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over de
                            rechtmatige totstandkoming van baten, lasten en balansmutaties en het
                            gevoerde beheer en over de getrouwheid van de daarover verstrekte
                            informatie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Specifieke controles en opdrachten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot
                            het uitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
                            rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover de
                            onafhankelijkheid van de accountant daarmee niet in het geding komt. Het
                            college informeert de raad vooraf over deze aan de accountant te
                            verstrekken opdrachten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de rechtmatige uitvoering van het beleid
                            van de specifieke uitkeringen van het Rijk. Het college is voor de
                            controle van de rechtmatige besteding van specifieke uitkeringen bevoegd
                            de opdracht te verlenen aan een andere dan de door de raad benoemde
                            accountant, indien dit in het belang van de gemeente is. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
                            (Belastingdienst, ABP, Sociale verzekeringsbank, e.d.) en neemt hierbij
                            de gestelde controle-eisen in acht. Indien een deel van deze
                            verantwoording dient te worden uitgevoerd door een accountant, is het
                            college bevoegd hiervoor de opdracht verlenen aan een andere dan de door
                            de raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente
                            is. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Rapportage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de accountant bij een controle afwijkingen constateert die leiden
                            tot het niet afgeven van een goedkeurende verklaring bij de
                            gemeenterekening, meldt hij deze terstond schriftelijk aan de raad en
                            zendt een afschrift hiervan aan het college. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen
                            brengt de accountant over de door hem uitgevoerde tussentijdse en
                            eindejaarscontroles verslag uit over zijn bevindingen van niet van
                            bestuurlijk belang rechtstreeks aan de ambtenaar van wie het geldelijk
                            beheer, de administratie en of de beheersdaden zijn gecontroleerd
                            alsmede het hoofd van de dienst waar de ambtenaar werkzaam is en het
                            hoofd van de concernstaf dan wel andere daarvoor in aanmerking komende
                            ambtenaren. Frequentie en tijdstip van aanlevering zijn contractueel
                            bepaald en kunnen afhankelijk van de jaarlijks in overleg samen te
                            stellen planning worden aangepast. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De accountantsverklaring en het verslag van bevindingen worden voor
                            verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met
                            de mogelijkheid voor het college om op deze stukken te reageren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de
                            jaarstukken het verslag van bevindingen met de rekeningcommissie in het
                            auditoverleg.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2004, met
                            dien verstande dat zij van toepassing is op de accountantscontrole van
                            de jaarrekening (en deelverantwoordingen) van het verslagjaar 2004 en
                            later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op dat tijdstip vervalt de “Controleverordening Dongen 2003”, zoals
                            vastgesteld op 5 februari 2004.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Controleverordening
                        gemeente Dongen”. </al></artikel></regeling-tekst><nota-toelichting><tussenkop>Toelichting</tussenkop><tussenkop>Artikel 2. Aanbesteding accountantscontrole</tussenkop><al>Na afloop van ieder begrotingsjaar moet het college verantwoording afleggen aan
                    de raad over het gevoerde bestuur door overlegging van de jaarrekening en het
                    jaarverslag (artikel 197, lid 1, GW). Voor het overleggen van deze stukken aan
                    de raad moet de jaarrekening door een bevoegde accountant zijn gecontroleerd
                    (artikel 197, lid 2 GW). De accountant controleert de jaarrekening in opdracht
                    van de raad. Het is dan ook de raad, die de accountant aanwijst (artikel 213,
                    lid 2 GW). De raad is echter niet het bestuursorgaan, dat de overeenkomst met de
                    accountant ondertekent. Het is de burgemeester, die de overeenkomst voor de
                    accountantscontrole met de accountant op grond van artikel 171, lid 1 GW
                    ondertekent. De burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte,
                    luidt artikel 171, lid 1 GW.</al><al>Artikel 2 van de verordening regelt de opdrachtverlening van de
                    accountantscontrole van de gemeentelijke jaarrekening. Het eerste lid legt de
                    periode van de verbintenis met de accountant voor de controle van de
                    jaarrekening vast. Het tweede lid regelt, dat het college verantwoordelijk is
                    voor de uitvoering van de aanbesteding van de accountantscontrole van de
                    jaarrekening. De periode van de verbintenis met de accountant uit het eerste lid
                    impliceert niet, dat daarna van accountant wordt gewisseld en/of een nieuwe
                    aanbesteding plaatsvindt.</al><al/><al>Voor de accountantscontrole geldt het “Besluit accountantscontrole provincies
                    gemeenten” (BAPG) dat krachtens artikel 213, lid 6 GW door de minister is
                    vastgesteld. Het BAPG bevat onder andere regels voor de goedkeuringstoleranties
                    voor de accountantsverklaring en de rapporteringtoleranties voor het verslag van
                    bevindingen. </al><al>Een goedkeuringstolerantie is een tolerantie voor fouten in de jaarrekening of
                    onzekerheden in de controle in de vorm van een percentage van de totale lasten
                    van de gemeente (de omvangsbasis). De goedkeuringstoleranties worden door de
                    accountant gehanteerd ten behoeve van zijn oordeelsvorming over de jaarrekening.
                    In het BAPG worden maximale percentages voor de goedkeuringstoleranties gegeven
                    (1% voor fouten in posten van de jaarrekening en eventuele door de raad aan te
                    wijzen deelverantwoordingen en 3% voor onzekerheden in de controle). De
                    goedkeuringstoleranties kunnen door de raad lager worden vastgesteld. </al><al>Een rapporteringtolerantie is het bedrag dat voortvloeit uit een
                    goedkeuringstolerantie en dient als tolerantie voor rapportage in het verslag
                    van bevindingen. Rapporteringtoleranties kunnen door de raad lager worden
                    gesteld dan de uit de goedkeuringstoleranties voortvloeiende bedragen. </al><al>Bij Europese aanbesteding zijn het de selectiecriteria en bijbehorende
                    wegingsfactoren, die uiteindelijk de selectie van de accountant voor de controle
                    van jaarrekening bepalen. De raad is het bestuursorgaan, dat de accountant
                    aanwijst en moet dus de selectiecriteria en bijbehorende wegingsfactoren
                    vaststellen. Dit wordt geregeld in het vierde lid van artikel 2. </al><tussenkop>Artikel 3. Informatieverstrekking door college </tussenkop><al>In de nieuwe gedualiseerde verhoudingen is het college verantwoordelijk voor de
                    samenstelling van de jaarrekening en het jaarverslag. Ten opzichte van de raad
                    is het college ook verantwoordelijk voor de samenstelling van eventuele door de
                    raad geëiste deelverantwoordingen. Artikel 3 van de verordening regelt de
                    verplichtingen van het college voor de verstrekking van de achterliggende
                    informatie aan de accountant.</al><al>Voor de controle van de jaarrekening doet de accountant onderzoek naar de
                    achterliggende documenten. Het tweede lid draagt aan het college op deze
                    achterliggende documenten goed toegankelijk ter inzage aan de accountant
                    beschikbaar te stellen. </al><al>Het derde lid verplicht het college een verklaring af te geven aan de
                    accountant, waarin het college verklaart geen informatie die van belang is voor
                    de beoordeling van de jaarrekening, te hebben achtergehouden. De verklaring
                    wordt ook wel een LOR (Letter Of Representation) genoemd. Hoewel een dergelijke
                    verklaring geen wettelijke verplichting is, bepaalt deze verordening om dit wel
                    te doen.</al><al>In het vierde lid wordt een uiterlijke datum aan het college gesteld voor de
                    overlegging van de gecontroleerde jaarrekening aan de raad. De jaarrekening moet
                    namelijk binnen twee weken na vaststelling, maar in elk geval voor 15 juli
                    worden toegezonden aan gedeputeerde staten (artikel 200 GW). </al><al>De accountant verzendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen
                    rechtstreeks aan de raad. Artikel 197, lid 2 GW bepaalt echter, dat het college
                    bij de overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag aan de raad daarbij
                    moet toevoegen de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen. </al><al>Het vijfde lid van het artikel gebiedt het college alle informatie die van
                    invloed is op het beeld van de jaarrekening en pas na de afgifte van de
                    accountantsverklaring, maar voor de vaststelling van de jaarrekening door de
                    raad aan het college bekend is geworden, terstond te melden aan de raad en de
                    accountant. Het sluit verrassingen tijdens de raadsbehandeling uit. </al><tussenkop>Artikel 4. Inrichting accountantscontrole </tussenkop><al>Artikel 4 van de verordening regelt de bevoegdheidsverdeling tussen de
                    accountant en het college ten aanzien van de inrichting van de
                    accountantscontrole. De accountant is leidend ten aanzien van de inrichting en
                    uitvoering van de accountantscontrole. Hij mag zelfs onaangekondigd controles
                    uitvoeren. Het college is hierin volgend. Wel moet er ter bevordering van een
                    soepele accountantscontrole periodiek overleg worden gevoerd tussen de
                    accountant en de verschillende vertegenwoordigers van de gemeente. Ook is
                    uitwisseling van informatie gewenst over specifieke aandachtsgebieden bij de
                    accountantscontrole. </al><tussenkop>Artikel 5. Toegang tot informatie </tussenkop><al>In het vorige artikel hebben we gezien dat de accountant leidend is voor wat
                    betreft de inrichting van de accountantscontrole. Om een goede controle uit te
                    voeren moet hij echter ook onbelemmerd onderzoek kunnen doen. Artikel 5 van de
                    verordening kent de bevoegdheid om onbelemmerd onderzoek te doen toe aan de
                    accountant. Dit natuurlijk met in achtneming van de afspraken met de raad, zoals
                    neergelegd in het programma van eisen bij de opdrachtverstrekking. Het artikel
                    legt aan het college de zorgplicht op om er voor te zorgen, dat de accountant
                    een onbelemmerde toegang heeft tot alle burelen van de gemeente en de ambtenaren
                    van de gemeente volledig meewerken aan de accountantscontrole. Indien dit
                    noodzakelijk is voor een goede controle moet de accountant dus inzage kunnen
                    hebben in alle stukken, inclusief vertrouwelijke stukken als daar aanleiding
                    voor is.</al><tussenkop>Artikel 6. Specifieke controles en opdrachten </tussenkop><al>Naast de controle van de jaarrekening zijn er meer werkzaamheden binnen de
                    gemeente die de inzet van een accountant (kunnen) vereisen. Zo eisen ministeries
                    voor de verantwoording over specifieke uitkeringen vaak een aparte
                    accountantsverklaring. De aanwijzing van de accountant voor onder andere dit
                    soort accountantscontroles is een bevoegdheid van het college. Ook kan het
                    college besluiten om advieswerkzaamheden over de rechtmatigheid, de
                    doelmatigheid en de doeltreffendheid uit te besteden aan een accountant. </al><al>Het eerste lid van artikel 6 van de verordening regelt, hoe het college moet
                    omgaan met de uitbesteding van “advieswerkzaamheden” zoals de verbetering van de
                    administratieve organisatie, aan de door de raad benoemde accountant. Door deze
                    werkzaamheden te gunnen aan de door de raad benoemde accountant kan de
                    onafhankelijkheid en daarmee de integriteit van de accountant ten aanzien van
                    zijn controlewerkzaamheden voor de raad in het geding komen. Op de loer liggende
                    belangenverstrengeling tussen college en accountant kan mogelijk een weerslag
                    hebben op de kwaliteit van de controle van de jaarrekening. Hetzelfde geldt voor
                    die gevallen, waarbij de accountant bij de accountantscontrole zijn eigen werk
                    moet controleren. Het lid bepaalt, dat het college voor werkzaamheden op het
                    gebied van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van
                    onderdelen van de gemeente de door de raad benoemde accountant kan inschakelen.
                    Indien het college dit voornemen heeft, dient hij de raad hier vooraf over te
                    informeren. Dit biedt de raad de mogelijkheid om over de desbetreffende
                    uitbesteding van werkzaamheden zijn oordeel te vormen en zijn bedenkingen aan
                    het college kenbaar te maken.</al><al>Het tweede en het derde lid regelen, dat het college voor de overige
                    controlewerkzaamheden in het algemeen de door de raad benoemde accountant
                    inschakelt. Het college mag hiervan afwijken, indien dit in het belang van de
                    gemeente is. De accountant die de jaarrekening controleert, is vaak beter bekend
                    met de gemeentelijke administraties. Daarbij kunnen controles van de
                    jaarrekening en controles van medebewindstaken tegelijkertijd door één
                    accountant worden uitgevoerd (single audit). Dit levert een aanzienlijke
                    besparing op. In bepaalde gevallen is inschakeling van een andere accountant
                    raadzaam en soms zelfs onoverkomelijk. De reden hiervoor kan van prijstechnische
                    aard zijn, maar ook van bijvoorbeeld organisatorische aard (zo kunnen de
                    controlewerkzaamheden gemeenschappelijke activiteiten met een andere gemeente
                    betreffen en de accountantscontrole hiervan door de accountant van de andere
                    gemeente worden uitgevoerd). De verordening regelt dat het college in deze
                    gevallen vrij is in de keuze van de accountant.</al><al>Het is een zelfstandige bevoegdheid van het college zonder voorafgaand de raad
                    te informeren. Wel is ook hierbij de meldingsplicht van toepassing. </al><tussenkop>Artikel 7. Rapportage </tussenkop><al>Het derde en vierde lid van artikel 213 GW regelt de rapportering en de inhoud
                    daarvan van de accountant aan de raad en het college. Naast de uiteindelijke
                    eindcontrole van de jaarrekening verricht de accountant meestal meerdere
                    controles. Dit kunnen door de raad in het programma van eisen van de
                    aanbesteding geëiste tussentijdse controles (interim-controles) zijn. Het eerste
                    lid van artikel 7 regelt, dat het college in elk geval bij geconstateerde
                    afwijkingen door de accountant die leiden tot het niet afgeven van een
                    goedkeurende verklaring bij de jaarrekening, een afschrift krijgt van de
                    schriftelijke mededeling hierover aan de raad. Dit opdat het college (in overleg
                    met de raad en de accountant) mogelijk nog tijdig maatregelen tot herstel kan
                    treffen. </al><al>Het tweede lid van artikel 7 regelt, dat het management een rapportage krijgt
                    van de door de accountant uitgevoerde (deel-)controles. In deze rapportage
                    worden kleine afwijkingen en tekortkomingen die niet leiden tot het niet afgeven
                    van een goedkeurende verklaring en niet van bestuurlijk belang zijn, aan het
                    management meegedeeld. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld opmerkingen over
                    (kleine) rubriceringfouten en (kleine) onvolkomenheden in de administratieve
                    organisatie, welke eenvoudig in onderling overleg met het management van de
                    dienst kunnen worden opgelost. Het management kan op grond van de rapportage
                    actie ondernemen voor herstel van de afwijkingen en onvolkomenheden.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>