<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR461988_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel Gebiedsontzegging in de gemeente Almere</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-11-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almere</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad Almere, nr. 543, 30-11-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel Gebiedsontzegging in de gemeente Almere</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene Wet Bestuursrecht, art. 4:81, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene Plaatselijke Verordening 2011, art. 2:68</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">burgemeester</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-11-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-11-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2026-07-07</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel Gebiedsontzegging in de gemeente Almere</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Beleidsregel Gebiedsontzegging in de gemeente Almere </titel></kop><artikel><kop><titel/></kop><al>De burgemeester van Almere;</al><al/><al>Gelet op het bepaalde in:</al><al/><lijst><li nr=""><al>artikel 4:81, lid 1, van de Algemene wet bestuursrecht waarin is bepaald dat een bestuursorgaan beleidsregels kan vaststellen met betrekking tot een hem toekomende of onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefende, dan wel door hem gedelegeerde bevoegdheid;</al></li><li nr=""><al>artikel 2:68 van de Algemene plaatselijke verordening 2011 (APV 2011); </al></li></lijst><al/><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>Vast te stellen de hierna volgende beleidsregel gebiedsontzegging in de gemeente Almere.</al></artikel><artikel><kop><nr>1.</nr><titel>Inleiding</titel></kop><al>In de Algemene plaatselijke verordening van de gemeente Almere (APV 2011) is een bepaling opgenomen over de gebiedsontzegging. Deze ontzegging wordt door of namens de burgemeester opgelegd aan personen die strafbare feiten plegen of openbare orde verstorende handelingen verrichten. Doel van de bepaling is om notoire overlastveroorzakers aan te pakken. </al><al/><al>Daarbij moet worden opgemerkt dat het hierbij gaat om een ultimum remedium. Eerst moeten andere (juridische) mogelijkheden worden nagegaan voordat dit instrument wordt ingezet.</al><al/><al>Om de bepaling te kunnen toepassen moet deze, in verband met de rechtszekerheid, nader uitgewerkt worden. In deze beleidsregel wordt daarop verder ingegaan.</al><al/></artikel><artikel><kop><nr>2.</nr><titel>Aanleiding</titel></kop><al>Ingevolge artikel 2:68 van de APV 2011 is het degene aan wie door of namens de burgemeester in het belang van de openbare orde schriftelijk is bekendgemaakt, verboden zich gedurende een in de bekendmaking genoemd tijdvak van ten hoogste acht weken te bevinden op of aan door de burgemeester aangewezen wegen of plaatsen gedurende uren daarbij genoemd. In verband met overlastsituaties die zich met enige regelmaat voordoen op bepaalde locaties in de stad, zoals op het Festivalplein, is verzocht om voornoemde bepaling nader uit te werken, met als doel om meer duidelijkheid te krijgen over de toepassing van het instrument.</al><al/></artikel><artikel><kop><nr>3. Wettelijk Kader Gebiedsontzegging</nr></kop><al>Artikel 2:68 van de APV 2011 bepaalt het volgende.</al><al/><al><vet>1.</vet> Het is degene aan wie dit door of namens de burgemeester in het belang van de openbare orde schriftelijk is bekendgemaakt, verboden zich gedurende een in de bekendmaking genoemd tijdvak van ten hoogste acht weken te bevinden op of aan door de burgemeester aangewezen wegen en plaatsen gedurende de uren daarbij genoemd.</al><al><vet>2. </vet>De burgemeester beperkt het in het eerste lid genoemde verbod indien dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is.</al><al/><al>Onder welke voorwaarden kan nu een gebiedsontzegging worden toegepast?</al><al/></artikel><artikel><kop><nr>4.</nr><titel>Gebiedsontzegging nader toegelicht</titel></kop><al/></artikel><artikel><kop><nr>4.1</nr><titel>Nadere definitie gebiedsontzegging</titel></kop><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel/></kop><structuurtekst><al>Het begrip ‘ gebiedsontzegging’ kan als volgt worden gedefinieerd.</al><al/><al>“Het besluit van een burgemeester om in het belang van de openbare orde iemand de toegang tot een bepaald gebied voor een bepaalde termijn te ontzeggen.”</al><al/><al>De vraag die daarbij gesteld kan worden is of iemand wel de toegang tot een gedeelte van de openbare ruimte kan worden ontzegd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het recht van bewegingsvrijheid uit de Europese Verklaring van de Rechten van de Mens (EVRM).</al><al/><al>Ondanks dit gegeven zijn gemeenten, omdat zij daadkrachtig willen optreden in situaties die de openbare orde in gevaar brengen, gaan experimenteren met dit fenomeen. De burger eist ook steeds meer een daadkrachtige overheid.</al><al>Hoewel de rechterlijke macht erg kritisch is geweest, heeft zij toch niet besloten dat een gebiedsontzegging nooit toegepast zou mogen worden.</al><al/><al> Sterker nog, de rechterlijke macht heeft duidelijke kaders aangegeven waarbinnen een gebiedsontzegging mogelijk moet zijn. Deze kaders hebben betrekking op:</al><lijst><li nr="■"><al>het beginsel van proportionaliteit: de maatregel moet in verhouding staan tot de mate van verstoring van de openbare orde (voorbeelden hiervan zijn de grootte van het gebied dat bepaald is en de duur van de maatregel);</al></li><li nr="■"><al>het beginsel van subsidiariteit: de maatregel moet zijn afgewogen tegen anderen mogelijke maatregelen.</al><al/></li></lijst><al>Een ander aspect waar de bovenstaande definitie niet expliciet iets over zegt, is dat het hierbij gaat om een preventieve maatregel. Deze wordt opgelegd ter voorkoming van overlast in de toekomst en niet als straf voor hetgeen een persoon op zijn kerfstok heeft.</al><al/></structuurtekst><artikel><kop><label>4.2.Strafbare feiten</label></kop><al>Een gebiedsontzegging moet worden gezien als een ultimum remedium. Andere (juridische) mogelijkheden moeten eerst worden toegepast alvorens een gebiedsontzegging wordt opgelegd. Voorafgaande aan de gebiedsontzegging moeten dus strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen zijn gepleegd. Zoals eerder aangegeven kan gebiedsontzegging worden opgelegd in het belang van de openbare orde in de toekomst en niet als straf voor hetgeen een persoon op zijn kerfstok heeft. </al></artikel><artikel><kop><label>4.3 Termijnen</label></kop><al>Als een gebiedsontzegging wordt opgelegd moet de duur van de gebiedsontzegging zorgvuldig worden afgewogen. Het beginsel van proportionaliteit is hier van groot belang. Wanneer wordt gekozen voor een langere periode, moet ook kunnen worden onderbouwd waarom dat de beste oplossing is. Met een oplossing wordt hier overigens bedoeld een oplossing voor de verstoringen van de openbare orde en niet een oplossing van de problemen die er zijn met een specifiek persoon.</al><al/><al>Bij wet is niets geregeld ten aanzien van de duur van de gebiedsontzegging. De proportionaliteit wordt wel getoetst door de rechter. In jurisprudentie (LJN: </al><al>GHSGR:2006:AV6352) werd een gebiedsontzegging van 12 weken proportioneel geacht. De overlast van die persoon bestond met name uit bedelen, slapen en het doen van natuurlijke behoeften in portieken van buurtbewoners. De veroorzaakte overlast was aannemelijk en structureel.</al><al/><al>De bevraagde gemeenten die het instrument gebiedsontzegging toepassen hanteren verschillende termijnen. Ook maken zij onderscheid in termijnen in relatie tot de zwaarte en hoeveelheid overtredingen die zijn begaan in een bepaalde periode. De gemeente Rotterdam hanteert bijvoorbeeld een termijn van tussen de 24 uur en 8 weken. De gemeente Nijmegen hanteert een termijn van tussen de 2 en 12 weken. Daarnaast zijn uren per dag vastgesteld. Dus bijvoorbeeld van 12.00 tot 06.00 uur. Bij het bepalen van de termijnen geldt een zekere beleidsvrijheid. </al></artikel><artikel><kop><label>4.4 Besluit gebiedsontzegging</label></kop><al>Het opleggen van een gebiedsontzegging is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit houdt in dat de algemene procedure uit de Awb moet worden gevolgd. Dit betekent onder andere dat een voornemen tot het opleggen van een gebiedsontzegging kenbaar moet worden gemaakt; de betrokkene moet worden gehoord, als bedoeld in artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht; een beschikking moet worden opgesteld en de beschikking moet worden bekendgemaakt aan de overtreder (artikel 3.41 Awb). De beschikking van de oplegging van een gebiedsontzegging moet zijn gericht aan een persoon. Het is niet mogelijk om de beschikking aan een groep personen op te leggen.</al><al/><al>Om aan te kunnen tonen dat er een zorgvuldig besluit is genomen, moeten de volgende onderwerpen in de beschikking voor het opleggen van een gebiedsontzegging worden opgenomen:</al><al/><lijst><li nr=""><al>■ De bevoegdheid om gebiedsontzegging op te leggen (artikel 2:68 van de APV 2011);</al><lijst><li nr="■"><al>Wanneer de ordeverstoring heeft plaatsgevonden;</al></li><li nr="■"><al>Waar de ordeverstoring heeft plaatsgevonden;</al></li></lijst></li><li nr=""><al>■ De gedragingen waarop de gebiedsontzegging is gebaseerd;</al><al>■ De ernst van de gedragingen;</al><al>■ Motivatie tot opleggen gebiedsontzegging;</al><al>■ Periode van de gebiedsontzegging;</al><al>■ Eventuele tijdsduur (bijvoorbeeld uitgaanstijd) van de gebiedsontzegging;</al><al>■ Gebied van de ontzegging;</al><al>■ Bezwaarschriftenclausule;</al><al>■ Clausule inzake de procedure voorlopige voorziening;</al><al>■ Kaart van het gebied als bijlage (er mogen geen misverstanden ontstaan over de grenzen van het gebied).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>4.5.Handhaving</label></kop><al>Uitreiking van de gebiedsontzegging is een bestuurlijke maatregel. Wanneer de betreffende persoon zich niet houdt aan de ontzegging en ook niet voldoet aan het bevel van de politie om het gebied te verlaten, overtreedt hij daarmee artikel 184 van het Wetboek van Strafrecht (opzettelijk niet voldoen aan een bevel of een vordering, krachtens wettelijk voorschrift gedaan door een ambtenaar ……). </al></artikel><artikel><kop><label>4.6.Gebiedsontzegging APV 2011 en gebiedsontzegging Wet Maatregelen Bestrijding Voetbalvandalisme en Ernstige Overlast (MBVEO)</label></kop><al>De burgemeester heeft, naast de gebiedsontzegging van de APV 2011, ook de bevoegdheid om op grond van de MBVEO (artikel 172a Gemeentewet) een gebiedsverbod op te leggen. Ook heeft hij de mogelijkheid een groepsverbod op te leggen en een avondklok in te stellen voor kinderen onder de 12 jaar, die ’s avonds alleen op straat overlast veroorzaken. De officier van justitie heeft door deze wet soortgelijke bevoegdheden als het gaat om verdachten van een strafbaar feit. Met de bevoegdheden kan de burgemeester en de officier van justitie voetbalvandalen die stelselmatig bij voetbalwedstrijden de orde verstoren strenger aanpakken. Verder kunnen zij sneller ingrijpen als raddraaiers regelmatig buurtbewoners treiteren, zich hinderlijk gedragen of de boel vernielen, maar ook als slachtoffers of getuigen van strafbare feiten worden geïntimideerd.</al><al/><al>Ook heeft de burgemeester onder andere de mogelijkheid een gebiedsverbod, meldplicht of groepsverbod op te leggen gespreid over een langere periode aan voetbalsupporters en andere overlastplegers, die herhaaldelijk de openbare orde verstoren of voor het eerst worden betrapt op ernstige verstoring van de openbare orde.</al><al/><al>Wat is nu het verschil tussen een gebiedsverbod op grond van de MBVEO en het gebiedsverbod op grond van de APV 2011?</al><al/><al>Veelal ligt de lat voor het opleggen van de gebiedsverboden op grond van de APV 2011 laag. Een of enkele eerdere APV-overtredingen kunnen leiden tot een gebiedsverbod. Een gebiedsverbod op grond van de MBVEO vereist een langduriger patroon van herhaaldelijk (ernstig) overlastgevend gedrag dan wel een ernstige verstoring van de openbare orde.</al><al/><al>De gebiedsverboden op grond van de APV 2011 kunnen, als ze van korte duur zijn, in mandaat door de politie worden opgelegd. Bij de gebiedsverboden op grond van de MBVEO is geen mandatering mogelijk. De MBVEO kent een meldingsplicht. De gebiedsontzegging van de APV 2011heeft dat niet.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>5.Gebiedsontzegging in Almere</label></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>5.1.Uitgangspunten</label></kop><al>De uitgangspunten van deze beleidsregel zijn dat deze zal worden toegepast: </al><al/><lijst><li nr="■"><al>in de gebieden die bekend staan als overlastgebieden, de hotspots. Deze hotspots zijn locaties die in het belang van de openbare orde al meer dan een gemiddelde aandacht vragen van politie, Stadstoezicht en andere betrokken partijen, zoals jongerenwerk, Tactus verslavingszorg, etc.. Er wordt extra toezicht gehouden door politie en/of Stadstoezicht. Vaak worden ook andere maatregelen genomen om de overlast tegen te gaan, zoals de JIT aanpak of de Plus Min Mee methode. Ook worden hotspots besproken en gemonitord in stafgroep Veiligheid en het operationele overleg tussen de politie, het team Stadstoezicht en de Veiligheidsmanager van de stadsdelen. De gebiedsontzegging wordt gebruikt voor personen waarbij de andere maatregelen die in het gebied worden toegepast niet werken;</al><al/></li><li nr="■"><al>in incidentele gevallen op locaties waar door één of meerdere personen strafbare feiten zijn gepleegd en waarbij andere instrumenten dan een gebiedsontzegging niet effectief genoeg geacht worden om het belang van de openbare orde te beschermen</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>5.2. Strafbare feiten en openbare orde verstorende handelingen</label></kop><al>Zoals in paragraaf 4.1. aangegeven moet het opleggen van een gebiedsontzegging voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Welke maatregel wordt getroffen, hangt af van de gebeurtenis. Het ene strafbare feit is de andere niet. Daarom worden de verschillende strafbare feiten in twee categorieën ingedeeld:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>Bij categorie 1 is er sprake van ernstige strafbare feiten waarbij direct moet worden opgetreden naar betrokkene.</al><al/></li><li nr="-"><al>Bij categorie 2 is sprake van overtredingen waarbij niet direct sprake is van een acuut gevaar voor de openbare orde. </al><al/></li></lijst><al>Bij constatering van de volgende strafbare feiten wordt een gebiedsontzegging opgelegd.</al><al/><al><vet>Categorie 1</vet></al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="50*"/><colspec colname="col2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>APV 2011</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:62</al></entry><entry colname="col2"><al>Drugshandel op straat </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:63</al></entry><entry colname="col2"><al>Hinderlijk gebruik softdrugs</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:69</al></entry><entry colname="col2"><al>Schietwapens</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:70</al></entry><entry colname="col2"><al>Messen en andere vormen van steekwapens</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 3:9</al></entry><entry colname="col2"><al>Straatprostitutie </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Wetboek van strafrecht</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 131</al></entry><entry colname="col2"><al>Opruiing</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 141</al></entry><entry colname="col2"><al>Openlijke geweldpleging </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 179</al></entry><entry colname="col2"><al>Ambtsdwang </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 180</al></entry><entry colname="col2"><al>Wederspannigheid </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 181</al></entry><entry colname="col2"><al>Ambtsdwang en wederspannigheid met letsel</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 182</al></entry><entry colname="col2"><al>Ambtsdwang en wederspannigheid in </al><al>vereniging</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 246</al></entry><entry colname="col2"><al>Feitelijke aanranding van de eerbaarheid </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 252</al></entry><entry colname="col2"><al>Toedienen bedwelmende drank</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 285</al></entry><entry colname="col2"><al>Bedreiging </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 300</al></entry><entry colname="col2"><al>Eenvoudige mishandeling </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 301</al></entry><entry colname="col2"><al>Mishandeling met voorbedachten rade</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 302</al></entry><entry colname="col2"><al>Zware mishandeling</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 303</al></entry><entry colname="col2"><al>Zware mishandeling met voorbedachten rade</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 306</al></entry><entry colname="col2"><al>Deelneming aan aanval of vechtpartij </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 317</al></entry><entry colname="col2"><al>Afpersing</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Opiumwet</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2</al></entry><entry colname="col2"><al>Verbodsbepaling </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 3</al></entry><entry colname="col2"><al>Verbodsbepalingen lijst II </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Wet Wapens en Munitie</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 13</al></entry><entry colname="col2"><al>Vervaardigen etc.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 26</al></entry><entry colname="col2"><al>Verbodsbepaling</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 27</al></entry><entry colname="col2"><al>Dragen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Categorie 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>APV 2011</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:1</al></entry><entry colname="col2"><al>Samenscholing ongeregeldheden </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:2</al></entry><entry colname="col2"><al>Ordeverstoring </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:47</al></entry><entry colname="col2"><al>Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:48</al></entry><entry colname="col2"><al>Verboden drankgebruik </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2.4.9</al></entry><entry colname="col2"><al>Verboden gedrag bij of in gebouwen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:50</al></entry><entry colname="col2"><al>Hinderlijk gedrag in voor publiek toegankelijke ruimten </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 2:58</al></entry><entry colname="col2"><al>Bedelarij</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 4:7</al></entry><entry colname="col2"><al>Natuurlijke behoefte doen </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Wetboek van strafrecht</al></entry><entry colname="col2"><al>Strafbare feit</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 137c</al></entry><entry colname="col2"><al>Belediging van groep mensen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 138</al></entry><entry colname="col2"><al>Huisvredebreuk</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 184</al></entry><entry colname="col2"><al>Niet opvolgen van een ambtelijk bevel </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 186</al></entry><entry colname="col2"><al>Samenscholen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 239</al></entry><entry colname="col2"><al>Schennis van de eerbaarheid </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 266</al></entry><entry colname="col2"><al>Eenvoudige belediging</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 267</al></entry><entry colname="col2"><al>Belediging van het openbaar gezag </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 318</al></entry><entry colname="col2"><al>Afdreiging</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 350</al></entry><entry colname="col2"><al>Beschadiging goederen </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 424</al></entry><entry colname="col2"><al>Straatschenderij</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 426</al></entry><entry colname="col2"><al>Verkeersbelemmering in staat van </al><al>dronkenschap </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 431</al></entry><entry colname="col2"><al>Rumoer/burengerucht</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Artikel 453</al></entry><entry colname="col2"><al>Openbaar dronkenschap </al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>5.3. Duur van de gebiedsontzegging</label></kop><al/><al>In het volgende overzicht wordt de duur van de gebiedsontzegging aangegeven</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Categorie 1, ernstige strafbare feiten waarbij direct moet worden opgetreden</titel></kop><structuurtekst><al>Bij ernstige strafbare feiten die de openbare orde en veiligheid raken, moet direct worden opgetreden. In deze beleidsregel is daarom ook gekeken naar de ernst van de situatie. Incidenten die een grote impact hebben nopen tot direct ingrijpen met als doel om de openbare orde te laten herstellen. Een waarschuwing is in deze niet op zijn plaats. Bij categorie 1 feiten wordt deze stap overgeslagen en wordt er direct een gebiedsontzegging opgelegd van 24 uur. </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="50*"/><colspec colname="col2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1e constatering </al></entry><entry colname="col2"><al>24 uur</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>48 uur</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3e constatering binnen 6 maanden na de 2e constatering </al></entry><entry colname="col2"><al> 1 week</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>3e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>2 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>4e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>4 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>5e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>6 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7e constatering en daarna volgende constateringen binnen 6 maanden</al></entry><entry colname="col2"><al>8 weken</al></entry></row></tbody></tgroup></table></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Categorie 2, overtredingen waarbij niet direct sprake is van een acuut gevaar voor de openbare orde</titel></kop><structuurtekst><al>Het veroorzaken van overlast in de openbare ruimte wordt niet getolereerd in Almere. Op plekken waar veel overlast wordt veroorzaakt, wordt dan ook samen met betrokken instanties geïnvesteerd om deze overlast tegen te gaan. Ondanks dat zijn er personen die overlast blijven veroorzaken. Tegen deze personen wordt het instrument van de gebiedsontzegging ingezet, met als doel om het gedrag van deze personen te veranderen en om de overlast die zij veroorzaken tegen te gaan. </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="50*"/><colspec colname="col2" colwidth="50*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>1e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>Waarschuwing</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>24 uur</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>2e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>48 uur</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>3e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>1 week</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>4e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>2 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>5e constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>4 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7e constatering binnen 6 maanden na de </al><al>6e constatering </al></entry><entry colname="col2"><al>6 weken</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>8e en daarna volgende constateringen binnen 6 maanden na de vorige constatering</al></entry><entry colname="col2"><al>8 weken</al></entry></row></tbody></tgroup></table></structuurtekst><artikel><kop><label>5.4. Toelichting procedure gebiedsontzegging.</label></kop><lijst><li nr="1."><al>De gedragingen waarvoor een gebiedsontzegging kan worden opgelegd zijn opgenomen in paragraaf 5.2. De duur van de ontzegging is opgenomen onder paragraaf 5.3. </al><al/></li><li nr="2."><al>Bij categorie 1 overtredingen moet, zoals aangegeven, direct worden opgetreden. Voordat deze gebiedsontzegging wordt opgelegd door de politie vindt er collegiale afstemming plaats tussen de teamchef en betreffende politiefunctionaris. Ook moet vooraf gecontroleerd worden of desbetreffende persoon niet al eerder een gebiedsontzegging heeft gekregen. Het is mogelijk dat dan een langere ontzegging opgelegd kan worden of dat de ontzegging door de burgemeester opgelegd moet worden (zie punt 9). De gebiedsontzegging wordt uitgereikt nadat een persoon, na ene aanhouding, weer vrijkomt. Ook dan pas start de termijn van de ontzegging. Een afschrift van de gebiedsontzegging wordt gezonden aan de afdeling Kabinet en Veiligheid. Verder wordt de ontzegging geregistreerd en besproken in het operationele overleg van de politie, Stadstoezicht en de veiligheidsmanager. </al><al/></li><li nr="3."><al>Bij categorie 2 overtredingen wordt door de politie eerst een waarschuwing uitgereikt waarin de werkwijze ten aanzien van de gebiedsontzegging staat aangegeven. De waarschuwing wordt door de politie schriftelijk vastgelegd. Bij de uitvoering van de gebiedsontzegging is het uitgangspunt dat deze bedoeld is voor personen, die ondanks alle maatregelen die zijn genomen, doorgaan met het veroorzaken van overlast. De praktijk is dat deze personen al herhaaldelijk mondeling zijn aangesproken op hun gedrag door politie en/of Stadstoezicht. Voordat de schriftelijke waarschuwing wordt uitgereikt, wordt dit besproken in het operationele overleg van de politie, Stadstoezicht en de veiligheidsmanager. In dit overleg wordt ook gecontroleerd of de persoon al eerder is geregistreerd voor een strafbaar feit of een gebiedsontzegging. Belangrijk is dat goed gekeken wordt naar de proportionaliteit en subsidiariteit. Ook voor deze categorie geldt dat de termijn van de ontzegging begint te lopen nadat de persoon vrijkomt na een eventuele aanhouding.</al><al/></li><li nr="4."><al>Het team Stadstoezicht voert taken uit op het gebied van de APV 2011. Deze taken zijn mede gericht op de aanpak van veel voorkomende ergernissen zoals genoemd in de categorie 2 overtredingen. De uitvoering van deze taken hebben, vanwege de inzet van Stadstoezicht op deze onderwerpen, minder prioriteit bij de politie. Om die reden kan team Stadstoezicht ook bijdragen aan de uitvoering van de gebiedsontzegging door een proces verbaal van bevindingen op te stellen met betrekking tot de gedragingen van notoire overlastveroorzakers. Een dergelijk proces verbaal wordt besproken in het in punt 2 genoemde operationele overleg, waarna de politie kan overgaan tot het opleggen van een waarschuwing dan wel het opleggen van een gebiedsontzegging.</al><al/></li><li nr="5."><al>Het verstrekken van een gebiedsontzegging voor een periode van 24 en 48 uur is gemandateerd aan ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder a, van de Politiewet 2012, en de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder c en d, van die wet, voor zover zij zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak.</al><al/></li><li nr="6."><al>Bij het opleggen van de gebiedsontzegging voor 24 en 48 uur, wordt deze uitgereikt door de politie. Dit document is een besluit in de zin van de Awb en moet voldoen aan d eisen die staan aangegeven in paragraaf 4.4. Een waarschuwing is nog geen besluit in de zin van de Awb. </al><al/><al>Als aan een betrokkene een gebiedsontzegging wordt uitgereikt, wordt deze door degene die deze gebiedsontzegging uitreikt direct in de gelegenheid gesteld een zienswijze kenbaar te maken. Als daarvan gebruik wordt gemaakt, wordt deze zienswijze door de politiefunctionaris vastgelegd.</al><al/><al>Bij overtreding van deze gebiedsontzegging wordt een proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 2:68 van de APV 2011.</al><al/></li></lijst><lijst><li nr="7."><al>Als een persoon zich binnen 6 maanden na het opleggen van de vorige gebiedsontzegging opnieuw schuldig maakt aan een gedraging zoals is opgenomen in paragraaf 5.2., wordt een volgende gebiedsontzegging opgelegd zoals opgenomen in het overzicht van paragraaf 5.3. Bij een overtreding van de gebiedsontzegging wordt een proces-verbaal opgesteld op grond van artikel 2:68 van de APV 2011.</al><al/></li><li nr="8."><al>Indien in het desbetreffende gebied cameratoezicht aanwezig is kunnen gedragingen ook door middel van cameratoezicht geconstateerd worden. Op grond van artikel 151c van de Gemeentewet kan cameratoezicht ingesteld worden indien dit in het belang van de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is.</al><al/><al>Gebiedsontzeggingen langer dan 48 uur</al></li><li nr="9."><al>Gebiedsontzeggingen langer dan 48 uur worden door de burgemeester opgelegd. Dit gebeurt op dezelfde wijze als in punt 6. genoemd.</al><al/><al>Inwerkingtreding gebiedsontzegging</al></li><li nr="10."><al>Een gebiedsontzegging treedt in werking op het moment dat het besluit aan de betrokkene wordt uitgereikt. </al><al/><al>Inhoud gebiedsontzegging</al></li><li nr="11."><al>De gebiedsontzegging voldoet aan de eisen zoals genoemd in paragraaf 4.4.</al><al/><al>Dossiervorming</al></li><li nr="12."><al>Voor het opleggen van een gebiedsontzegging langer dan 48 uur levert de politie binnen twee weken na het gepleegde strafbare feit een bestuurlijke rapportage aan bij de afdeling Kabinet en Veiligheid. Deze rapportage bevat in ieder geval:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>Een gemotiveerd verzoek tot opleggen van een gebiedsontzegging;</al></li><li nr="-"><al>Het gebied waarvoor de gebiedsontzegging moet worden opgelegd;</al></li><li nr="-"><al>De waarschuwing en het onderliggende proces-verbaal van het strafbare feit;</al></li><li nr="-"><al>Het verslag van het uitreiken van de waarschuwing;</al></li><li nr="-"><al>De eerder opgelegde gebiedsontzeggingen inclusief proces-verbaal en eventuele zienswijzen.</al></li></lijst></li></lijst><lijst><li nr="13."><al>De politie legt bij gebiedsontzeggingen middels een proces-verbaal van bevindingen alle bij de politie bekend en geregistreerde gedragingen van verdachte vast. Dit met als doel om een totaalbeeld van de gedragingen van de betrokkene te schetsen en de rechtbank inzicht te geven in de wijze van totstandkoming van de gebiedsontzeggingen.</al><al/></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>5.5.Evaluatie</label></kop><lijst><li nr=""><al>De beleidsregel gebiedsontzegging wordt één jaar na inwerkingtreding geëvalueerd. </al><al/><al>Aldus vastgesteld door de burgemeester van Almere, d.d. 22 november 2016</al></li><li nr=""><al/><al>de burgemeester,</al><al> F.M. Weerwind</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>