<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR456448_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Notitie Inkoop en Aanbesteden 2014 Vervoerregio Amsterdam</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Vervoerregio Amsterdam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Aalsmeer</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amstelveen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amsterdam</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Beemster</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Diemen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Edam-Volendam</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haarlemmermeer</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Landsmeer</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oostzaan</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ouder-Amstel</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Purmerend</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Uithoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wormerland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zaanstad</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2017-398.html?zoekcriteria=%3fzkt%3dUitgebreid%26pst%3dBladGemeenschappelijkeRegeling%26dpr%3dAlle%26spd%3d20170724%26epd%3d20170724%26sdt%3dDatumPublicatie%26org%3dVervoerregio%2bAmsterdam%26orgt%3dregionaal%2bsamenwerkingsorgaan%26planId%3d%26pnr%3d1%26rpp%3d10&amp;resultIndex=0&amp;sorttype=1&amp;sortorder=4">Blad gemeenschappelijke regeling 20 juli 2017, nr. 398 </dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Notitie Inkoop en Aanbesteden 2014 Vervoerregio Amsterdam</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0032203&amp;g=2017-01-01">Aanbestedingswet 2012</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">dagelijks bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-02-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-07-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2017-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging naar aanleiding van wijziging naam Stadsregio Amsterdam in Vervoerregio Amsterdam</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BBV/2017/3687</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De gemeenschappelijke regeling Stadsregio Amsterdam heeft met ingang van 1 januari 2017 de naam gewijzigd in “Vervoerregio Amsterdam”. De geldende regelgeving van de Stadsregio Amsterdam in de periode van 1 januari 2014 tot 1 januari 2017 is terug te vinden onder regelgeving van de Vervoerregio Amsterdam.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Notitie Inkoop en Aanbesteden 2014 Vervoerregio Amsterdam</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label/><nr/><titel>Definities</titel></kop><structuurtekst><al>In dit Inkoop- en aanbestedingsbeleid wordt verstaan onder:</al><al/><al><vet>Contractant</vet>: De in de overeenkomst genoemde wederpartij van
                            de Vervoerregio.</al><al/><al><vet>Diensten</vet>: Diensten als bedoeld in artikel 1.1
                            Aanbestedingswet.</al><al/><al><vet>Vervoerregio</vet>: De Vervoerregio Amsterdam, KvK 34374879,
                            Jodenbreestraat 25, 1011 NH Amsterdam, Postbus 626, 1000 AP
                            Amsterdam.</al><al/><al><vet>Inkoop</vet>: (Rechts)handelingen van de Vervoerregio gericht op de
                            verwerving van Werken, Leveringen of Diensten en die een of meerdere
                            facturen van een Ondernemer met betrekking tot bedoelde Werken,
                            Leveringen of Diensten tot gevolg hebben.</al><al/><al><vet>Leveringen</vet>: Leveringen als bedoeld in artikel 1.1
                            Aanbestedingswet.</al><al/><al><vet>Offerte</vet>: Een aanbod in de zin van het Burgerlijk
                            Wetboek.</al><al/><al><vet>Offerteaanvraag</vet>: Een enkelvoudige of meervoudige aanvraag van
                            de Vervoerregio voor te verrichten prestaties of een (Europese)
                            aanbesteding conform de Aanbestedingswet en de Europese
                            Aanbestedingsrichtlijnen 2004/17/EG en 2004/18/EG.</al><al/><al><vet>Ondernemer</vet>: Een ‘aannemer’, een ‘leverancier’ of een
                            ‘dienstverlener’.</al><al/><al><vet>Werken</vet>: Werken als bedoeld in artikel 1.1
                            Aanbestedingswet.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>1</nr><titel>Inleiding</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio spant zich continu in voor een (verdere)
                            professionalisering van de Inkoop- en aanbestedingspraktijk. In dit
                            Inkoop- en aanbestedingsbeleid wordt het inkoopproces inzichtelijk en
                            transparant gemaakt door de doelstellingen, uitgangspunten en kaders te
                            schetsen waarbinnen Inkoop in de Vervoerregio plaatsvindt. De
                            Vervoerregio leeft daarbij een aantal centrale doelstellingen na (zie
                            verder hoofdstuk 2). Aangezien Inkoop plaatsvindt in een dynamische
                            omgeving, dient de Vervoerregio continu bezig te zijn met het doorvoeren
                            van verbeteringen in de inkoopprocessen. De doelstellingen van de
                            Vervoerregio zijn hierbij leidend. Dit beleid sluit zoveel mogelijk aan
                            op het algemene beleid van de Vervoerregio.</al><al/><al>Daarnaast gaat de Vervoerregio bij het Inkopen van Werken, Leveringen of
                            Diensten uit van:</al><lijst><li nr="-"><al>Juridische uitgangspunten: hoe gaat de Vervoerregio om met de
                                    relevante regelgeving? (zie hoofdstuk 3)</al></li><li nr="-"><al>Ethische en ideële uitgangspunten: hoe gaat de Vervoerregio om
                                    met de maatschappij en het milieu in haar inkoopproces? (zie
                                    hoofdstuk 4)</al></li><li nr="-"><al>Economische uitgangspunten: hoe gaat de Vervoerregio om met de
                                    markt en Ondernemers? (zie hoofdstuk 5)</al></li><li nr="-"><al>Organisatorische uitgangspunten: hoe koopt de Vervoerregio in?
                                    (zie hoofdstuk 6)</al></li><li nr="-"><al>Inkoop human resources: welke afwegingen maakt de Vervoerregio
                                    en op welke wijze kan de inkoop van human resources
                                    plaatsvinden? (zie hoofdstuk 7)</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>2</nr><titel>Doelstellingen van de Vervoerregio</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio wil met dit Inkoop- en aanbestedingsbeleid de volgende
                            doelstellingen realiseren:</al><al/><lijst><li nr="a."><al><vet>Rechtmatig en doelmatig Inkopen zodat gemeenschapsgelden op
                                        controleerbare en verantwoorde wijze worden aangewend en
                                        besteed.</vet></al><al>De Vervoerregio leeft daartoe bestaande wet- en regelgeving en
                                    de bepalingen van het Inkoop- en aanbestedingsbeleid na.
                                    Daarnaast koopt de Vervoerregio efficiënt en effectief in. De
                                    inspanningen en uitgaven moeten daadwerkelijk bijdragen aan de
                                    realisatie van het beoogde doel. De kosten staan in redelijke
                                    verhouding tot de opbrengsten en het beheersen en verlagen van
                                    de uitgaven van de Vervoerregio staan centraal. De Vervoerregio
                                    houdt daarbij in het oog dat er voldoende toegang is voor
                                    Ondernemers tot opdrachten van de Vervoerregio. Verantwoorde
                                    inkoop betekent dat er aandacht is voor MVO (Maatschappelijk
                                    Verantwoord Ondernemen) en dat de bij de afweging tussen
                                    meerdere alternatieven MVO criteria worden meegenomen.</al></li><li nr="b."><al><vet>Een integere, betrouwbare, zakelijke en professionele
                                        inkoper en opdrachtgever zijn.</vet></al><al>Professionaliteit houdt in dat op bewuste en zakelijke wijze
                                    wordt omgegaan met Inkoop. Continu wordt geïnvesteerd in
                                    inhoudelijke kennis over de in te kopen Werken, Leveringen en
                                    Diensten, de marktomstandigheden en de relevante wet- en
                                    regelgeving. Het streven naar professioneel opdrachtgeverschap
                                    komt tot uitdrukking in een betrokkenheid bij de inkoopambitie,
                                    slagvaardige besluitvorming, adequaat risicomanagement,
                                    vertrouwen in de Contractant en in wederzijds respect tussen de
                                    Vervoerregio en de Contractant. De Vervoerregio spant zich in om
                                    alle inlichtingen en gegevens te verstrekken aan de Ondernemer
                                    voor zover die nodig zijn in het kader van het
                                    inkoopproces.</al><al/><al>De Vervoerregio wil enkel zaken doen met integere Ondernemers
                                    die zich niet bezighouden met criminele of illegale praktijken.
                                    Een toetsing van de integriteit van Ondernemers is bij Inkoop
                                    (en aanbesteding) in beginsel mogelijk, bijvoorbeeld door de
                                    toepassing van uitsluitingsgronden of een screening op grond van
                                    de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                    bestuur (wet Bibob).</al></li><li nr="c."><al><vet>Inkopen tegen de meest optimale (integrale) prijs-kwaliteit
                                        verhouding.</vet></al><al>Bij het Inkopen van Werken, Leveringen en Diensten kan de
                                    Vervoerregio ook interne en andere (externe) kosten betrekken in
                                    de afweging. Hierbij speelt de kwaliteit van de in te kopen
                                    Werken, Leveringen en Diensten een belangrijke rol.</al></li><li nr="d."><al><vet>Een continue positieve bijdrage leveren aan het gehele
                                        prestatieniveau van de Vervoerregio.</vet></al><al>Inkoop moet tenslotte ondersteunend zijn aan het gehele
                                    prestatieniveau van de Vervoerregio en daar direct en
                                    voortdurend aan bijdragen. De concrete doelstellingen van Inkoop
                                    zijn daarbij steeds rechtstreeks afgeleid van de doelstellingen
                                    van de Vervoerregio.</al></li><li nr="e."><al><vet>De Vervoerregio stelt een administratieve lastenverlichting
                                        voor zowel zichzelf als voor Ondernemers voorop.</vet></al><al>Zowel de Vervoerregio als Ondernemers verrichten vele
                                    administratieve handelingen tijdens het inkoopproces. De
                                    Vervoerregio verlicht deze lasten door bijvoorbeeld
                                    proportionele eisen en criteria te stellen en door een efficiënt
                                    inkoopproces uit te voeren. Concreet kan de Vervoerregio hiertoe
                                    digitaal Inkopen (en aanbesteden). De Vervoerregio</al><al>maakt, waar mogelijk, gebruik van de uniforme ‘eigen
                                    verklaring’.</al></li><li nr="f."><al><vet>Dit Inkoop- en aanbestedingsbeleid sluit zoveel mogelijk
                                        aan op het algemene beleid van de Vervoerregio.</vet></al><al>In het bijzonder sluit het beleid aan op de volgende
                                    beleidsstukken:</al><lijst><li nr="1."><al>Het Regionaal Verkeer- en Vervoersplan (algemene
                                            doelstellingen)</al></li><li nr="2."><al>Het UVP (jaarlijkse uitwerking doelstellingen)</al></li><li nr="3."><al>Het Werkplan (uitwerking van plannen per jaar voor de
                                            Vervoerregio)</al></li><li nr="4."><al>Het “Spoorboekje” (aansluiting op de P&amp;C
                                            cyclus)</al></li><li nr="5."><al>De “Handleiding voor de budgetbeheerder” (detaillering
                                            beleidsafspraken inkoop).</al></li></lijst><al/></li></lijst><al>Veel van de doelstellingen van de Vervoerregio worden uiteindelijk
                            gerealiseerd in samenwerking met andere partijen (b.v. wegbeheerders)
                            die de daadwerkelijke inkoop en aanbestedingen uitvoeren. Op het moment
                            dat de doelstellingen uit RVVP en UVP door de Vervoerregio zelf
                            projectmatig worden uitgevoerd en aanbesteed is er sprake van inkoop
                            door de Vervoerregio. Het beleid uit RVVP en UVP zal dan betrokken
                            worden op de manier waarop de inkoop en aanbestedingen in die projecten
                            plaats vinden. Daarnaast vinden bij de projecten die binnen de
                            Vervoerregio zelf uitgevoerd worden en beschreven staan in het werkplan
                            inkoop plaats.</al><al/><al>In het Spoorboekje en in de “Handleiding voor de budgetbeheerder” staat
                            beschreven hoe de P&amp;C cyclus plaatsvindt, welke informatie op welke
                            momenten nodig is en hoe de procedures gevolgd horen te worden met
                            betrekking tot de drempelbedragen en typen inkoop. Dit wordt verder
                            toegelicht in paragraaf 5.5.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>3</nr><titel>Juridische Uitgangspunten</titel></kop><paragraaf><kop><label/><nr>3.1</nr><titel>Algemeen juridisch kader</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio leeft de relevante wet- en regelgeving na.
                                Uitzonderingen op (Europese) wet- en regelgeving zullen door de
                                Vervoerregio restrictief worden uitgelegd en toegepast om te
                                voorkomen dat het toepassingsbereik van deze wet- en regelgeving
                                wordt uitgehold. De voor het Inkoop- en aanbestedingsbeleid meest
                                relevante wet- en regelgeving volgen uit:</al><lijst><li nr="-"><al><vet>De Aanbestedingswet</vet><noot id="d2131e237"><noot.nr> 1 </noot.nr><noot.al>Datum inwerkingtreding: 1 april 2013</noot.al></noot> : dit nieuwe wettelijke kader implementeert de
                                        Europese Richtlijnen 2004/18/EG en 2004/17/EG
                                        (‘Aanbestedingsrichtlijnen’) en Richtlijn 2007/66/EG
                                        (‘Rechtsbeschermingsrichtlijn’). Deze wet biedt één kader
                                        voor overheidsopdrachten boven en – beperkt – onder de
                                        (Europese) drempelwaarden en de rechtsbescherming bij
                                        (Europese) aanbestedingen.</al></li><li nr="-"><al><vet>Europese wet- en regelgeving</vet>: wet- en regelgeving
                                        op het gebied van aanbesteden is afkomstig van de Europese
                                        Unie. De ‘Aanbestedingsrichtlijnen’ vormen momenteel de
                                        belangrijkste basis. De interpretatie van deze
                                        Aanbestedingsrichtlijnen kan volgen uit Groenboeken,
                                        Interpretatieve Mededelingen etc. van de Europese
                                        Commissie.</al></li><li nr="-"><al><vet>Burgerlijk Wetboek</vet>: het wettelijke kader voor
                                        overeenkomsten.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>3.2</nr><titel>Uniforme documenten</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio streeft er naar om uniforme documenten te hanteren,
                                tenzij een concreet geval dit niet toelaat. Uniformiteit in de
                                uitvoering draagt eraan bij dat Ondernemers weten waar ze aan toe
                                zijn en landelijk gezien niet steeds met verschillende
                                procedureregelingen worden geconfronteerd. De Vervoerregio past bij
                                de betreffende Inkoop in ieder geval toe: </al><lijst><li nr="-"><al>Aanbestedingsreglement werken 2012 ('ARW 2012')<noot id="d2131e267"><noot.nr> 2</noot.nr><noot.al>Het Aanbestedingsreglement Werken 2012 zal
                                                verplicht worden gesteld in het
                                                Aanbestedingsbesluit; dit is een bij de
                                                Aanbestedingswet horende AMvB, die gelijktijdig met
                                                de Aanbestedingswet in werking zal
                                                treden.</noot.al></noot> , </al></li><li nr="-"><al>Richtsnoeren Leveringen en Diensten van het Ministerie van
                                        Economische Zaken, Landbouw en Innovatie<noot id="d2131e276"><noot.nr> 3</noot.nr><noot.al>De Richtsnoeren Leveringen en Diensten van het
                                                Ministerie EL&amp;I vormen flankerend beleid en
                                                gelden sinds mei 2013.</noot.al></noot> ,</al></li><li nr="-"><al>Uniforme klachtenregeling van het Ministerie van Economische
                                        Zaken, Landbouw en Innovatie<noot id="d2131e285"><noot.nr> 4</noot.nr><noot.al>Idem voetnoot 3.</noot.al></noot> , </al></li><li nr="-"><al>Algemene Inkoopvoorwaarden / standaardovereenkomst
                                        Vervoerregio voor adviesdiensten, arbeidsbemiddeling en ZZP<noot id="d2131e294"><noot.nr> 5</noot.nr><noot.al>De Vervoerregio heeft geen algemene
                                                inkoopvoorwaarden die zijn gedeponeerd bij de Kamer
                                                van Koophandel. Wel wordt gewerkt met
                                                standaardovereenkomsten voor de 3 meest voorkomende
                                                opdrachtverleningen: adviesdiensten,
                                                arbeidsbemiddeling en ZZP. In deze
                                                standaardovereenkomsten zijn algemene voorwaarden
                                                verwerkt. Onderzocht moet nog worden in hoeverre de
                                                Vervoerregio ook gebruik zal gaan maken van algemene
                                                inkoopvoorwaarden (bijvoorbeeld met gebruikmaking
                                                van de model inkoopvoorwaarden van de VNG), in
                                                aanvulling op de nu gebruikte
                                                standaardovereenkomsten.</noot.al></noot> , </al></li><li nr="-"><al>Gids Proportionaliteit<noot id="d2131e303"><noot.nr> 6</noot.nr><noot.al>Bij aanbesteden moet het beginsel van
                                                proportionaliteit in acht worden genomen; dit houdt
                                                in dat eisen, voorwaarden en criteria aan
                                                inschrijvers / inschrijvingen in redelijke
                                                verhouding moeten staan tot de opdracht. In het
                                                Aanbestedingsbesluit wordt de Gids Proportionaliteit
                                                als verplicht te volgen richtsnoer
                                                aangewezen.</noot.al></noot> , </al></li><li nr="-"><al>Criteria voor duurzaam inkopen van Agentschap NL.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>3.3</nr><titel>Algemene beginselen bij Inkoop</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> a. Algemene beginselen van het aanbestedingsrecht</tussenkop><al>De Vervoerregio neemt bij overheidsopdrachten en
                                    concessieovereenkomsten boven de (Europese) drempelwaarden en
                                    bij overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten onder de
                                    (Europese) drempelwaarden met een duidelijk grensoverschrijdend
                                    belang de volgende algemene beginselen van het
                                    aanbestedingsrecht in acht:</al><lijst><li nr="-"><al><vet>Gelijke behandeling</vet>: Gelijke omstandigheden
                                            mogen niet verschillend worden behandeld, tenzij dat
                                            verschil objectief gerechtvaardigd is. Ook verkapte of
                                            indirecte discriminatie is verboden.</al></li><li nr="-"><al><vet>Non-discriminatie</vet>: Discriminatie op grond van
                                            nationaliteit mag niet.</al></li><li nr="-"><al><vet>Transparantie</vet>: De gevolgde procedure dient
                                            navolgbaar (en dus controleerbaar) te zijn. Dit is een
                                            logisch uitvloeisel van het beginsel van gelijke
                                            behandeling. Normaal zorgvuldige en oplettende
                                            inschrijvers moeten weten waar ze aan toe zijn.</al></li><li nr="-"><al><vet>Proportionaliteit (evenredigheid)</vet>: De
                                            gestelde eisen, voorwaarden en criteria aan de
                                            inschrijvers mogen niet onevenredig zijn in verhouding
                                            tot het voorwerp van de opdracht. De Vervoerregio past
                                            het beginsel van proportionaliteit toe bij de te stellen
                                            eisen, voorwaarden en criteria aan inschrijvers en
                                            inschrijvingen en met</al><al>betrekking tot de contractvoorwaarden.</al></li><li nr="-"><al><vet>Wederzijdse erkenning</vet>: Diensten en goederen
                                            van ondernemingen uit andere lidstaten van de Europese
                                            Unie moeten worden toegelaten voor zover die Diensten en
                                            goederen op gelijkwaardige wijze kunnen voorzien in de
                                            legitieme behoeften van de Vervoerregio.</al></li></lijst><tussenkop> b. Algemene beginselen van behoorlijk bestuur</tussenkop><al>De Vervoerregio neemt bij haar Inkopen de algemene beginselen
                                    van behoorlijk bestuur in acht, zoals het gelijkheidsbeginsel,
                                    motiveringsbeginsel en vertrouwensbeginsel.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>3.4</nr><titel>Grensoverschrijdend belang</titel></kop><structuurtekst><al>Voorafgaand aan Inkoop vindt een objectieve toets plaats of sprake
                                is van een duidelijk grensoverschrijdend belang. Bij
                                overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten met een duidelijk
                                grensoverschrijdend belang past de Vervoerregio de algemene
                                beginselen van het aanbestedingsrecht toe. Overheidsopdrachten en
                                concessieovereenkomsten met een duidelijk grensoverschrijdend belang
                                zijn overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten waarbij buiten
                                Nederland gevestigde Ondernemers interesse hebben of kunnen hebben.
                                Dit kan blijken uit de uitgevoerde marktanalyse. Of een
                                overheidsopdracht of een Concessieovereenkomst een duidelijk
                                grensoverschrijdend belang heeft, zal afhangen van verschillende
                                omstandigheden, zoals de waarde van de opdracht, de aard van de
                                opdracht en de plaats waar de opdracht moet worden uitgevoerd. Voor
                                overheidsopdrachten of concessieovereenkomsten met een duidelijk
                                grensoverschrijdend belang, zal de Vervoerregio een passende mate
                                van openbaarheid in acht nemen. Dit vloeit voort uit het
                                transparantiebeginsel. Een aankondiging van de te verstrekken
                                opdracht zal de Vervoerregio op haar website plaatsen en/of in
                                andere gebruikelijke platforms, zoals dagbladen.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>3.5</nr><titel>Mandaat en volmacht</titel></kop><structuurtekst><al>Inkoop vindt plaats met inachtneming van de vigerende mandaat- en
                                volmachtregeling van de Vervoerregio. De Vervoerregio wil slechts
                                gebonden zijn aan verbintenissen en verplichtingen op basis van
                                rechtsgeldige</al><al>besluitvorming en civielrechtelijke vertegenwoordiging.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>3.6</nr><titel>Afwijkingsbevoegdheid</titel></kop><structuurtekst><al>Afwijkingen van dit Inkoop- en aanbestedingsbeleid zijn slechts
                                mogelijk en toegestaan op basis van een deugdelijk gemotiveerd
                                besluit van het Dagelijks Bestuur van de Vervoerregio en voor zover
                                een en ander op basis van de geldende wet- en regelgeving toegestaan
                                is.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>4</nr><titel>Ethische en Ideële uitgangspunten</titel></kop><paragraaf><kop><label/><nr>4.1</nr><titel>Integriteit</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="a."><al><vet>De Vervoerregio stelt bestuurlijke en ambtelijke
                                            integriteit voorop</vet>.</al><al>De Vervoerregio heeft hoog in het vaandel dat haar
                                        bestuurders en ambtenaren integer handelen. De bestuurders
                                        en ambtenaren houden zich aan de vastgestelde gedragscodes
                                        en algemene normen en wetgeving. Zij handelen zakelijk en
                                        objectief, waardoor bijvoorbeeld belangenverstrengeling
                                        wordt voorkomen.</al></li><li nr="b."><al><vet>De Vervoerregio contracteert enkel met integere
                                            Ondernemers.</vet></al><al>De Vervoerregio wil enkel zaken doen met integere
                                        Ondernemers die zich niet bezighouden met criminele of
                                        illegale praktijken. Een toetsing van de integriteit van
                                        Ondernemers is bij Inkoop (en aanbesteding) in beginsel
                                        mogelijk, bijvoorbeeld door de toepassing van
                                        uitsluitingsgronden of het hanteren van de
                                        ‘Gedragsverklaring Aanbesteden’.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>4.2</nr><titel>Duurzaam Inkopen</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="a."><al><vet>Bij Inkopen neemt de Vervoerregio duurzaamheids- en
                                            milieu/omgevingsaspecten in acht.</vet></al><al>De Vervoerregio heeft een voorbeeldfunctie in het
                                        maatschappelijk verkeer. De Vervoerregio streeft er naar om
                                        waar mogelijk duurzaam in te kopen. Duurzaam Inkopen is het
                                        meenemen van sociale en milieuaspecten in het inkoopproces.
                                        Dit komt o.a. tot uitdrukking door het volgende:</al><lijst><li nr="-"><al>Bij de product- en marktanalyse inventariseert de
                                                Vervoerregio welke Werken, Leveringen of Diensten op
                                                het gebied van duurzaamheid op de markt worden
                                                aangeboden.</al></li><li nr="-"><al>In de aanbestedingsstukken (bijvoorbeeld in de
                                                selectie- en gunningscriteria) en in de te sluiten
                                                overeenkomst worden duurzaamheidscriteria
                                                opgenomen.</al></li><li nr="-"><al>De Vervoerregio kan kiezen om digitaal in te kopen
                                                (E-procurement, gebruik van e-mail etc.).</al></li><li nr="-"><al>De Vervoerregio zal de aangeboden duurzame
                                                oplossingen monitoren. Op deze wijze kan zij een
                                                duurzame oplossing inbedden in de eigen organisatie
                                                van de Vervoerregio en haar werkwijze.</al></li></lijst><al>Met betrekking tot een aantal ‘productgroepen’ zijn door
                                        Agentschap.nl zogenaamde ‘duurzaamheidscriteria’ opgesteld.
                                        Het CROW (nationaal kennisplatform voor infrastructuur,
                                        verkeer, vervoer en openbare ruimte) heeft bijvoorbeeld de
                                        duurzaamheidscriteria die betrekking hebben op de GWW-sector
                                        geschikt gemaakt voor toepassing in RAW-bestekken door
                                        middel van het opstellen van de ‘RAW-Catalogus Bepalingen –
                                        Duurzaam Inkopen’.</al></li><li nr="b."><al><vet>Social Return; Inkoop vindt op maatschappelijk
                                            verantwoorde wijze plaats.</vet></al><al>Hierbij spelen onderwerpen als arbeidsreïntegratie,
                                        arbeidsomstandigheden en – indien passend – Social</al><al>Return. Social Return houdt in dat er sociale voorwaarden,
                                        eisen en wensen in een inkoop- of aanbestedingstraject
                                        worden opgenomen, en heeft als doel een bijdrage te leveren
                                        aan het vergroten van de arbeidsparticipatie van mensen met
                                        een afstand tot de arbeidsmarkt. Leveranciers kunnen op deze
                                        manier een bijdrage leveren aan de werkgelegenheid binnen de
                                        Vervoerregio, waardoor dit, naast het “gewone” rendement,
                                        ook een concreet sociaal rendement oplevert.</al><al>Per inkoop en aanbesteding wordt gekeken of Social Return
                                        mogelijk is en kan worden toegepast, rekening houdend met
                                        proportionaliteit en rechtmatigheid; dit geldt voor zowel
                                        onder als boven de drempel voor Europese aanbestedingen.
                                        Wanneer dit niet mogelijk is wordt dit gemotiveerd. De
                                        kwaliteitseisen bij de uitvoering van in- of aanbestede
                                        werkzaamheden blijven gehandhaafd.</al><al>Daarnaast worden Werken, Leveringen en/of Diensten geweerd
                                        die o.a. onder niet aanvaardbare arbeidsomstandigheden
                                        (zoals kinderarbeid, dwangarbeid, discriminatie van
                                        werknemers, niet-betaling van leefbaar loon) tot stand komen
                                        of zijn gekomen.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>4.3</nr><titel>Innovatie</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio moedigt – daar waar mogelijk – innovatiegericht
                                Inkopen (en aanbesteden) aan. Bij innovatiegericht Inkopen wordt
                                gezocht naar een innovatieve oplossing of laat de Vervoerregio
                                ruimte aan de Ondernemer om een innovatieve oplossing aan te bieden.
                                Het kan bijvoorbeeld gaan om een volledig nieuwe innovatieve
                                oplossing, maar ook om de verdere ontwikkeling van de eigenschappen
                                van een bestaand ‘product’.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>5</nr><titel>Economische uitgangspunten</titel></kop><paragraaf><kop><label/><nr>5.1</nr><titel>Product- en marktanalyse</titel></kop><structuurtekst><al>Inkoop vindt plaats op basis van een voorafgaande product- en
                                marktanalyse, tenzij dit gelet op de waarde of de aard van de
                                opdracht niet wordt gerechtvaardigd. De Vervoerregio acht het van
                                belang om de markt te kennen door – indien mogelijk – een product
                                en/of marktanalyse uit te voeren. Een productanalyse leidt tot
                                inzicht in de aard van het ‘product’ en de relevante markt(vorm).
                                Een marktanalyse leidt tot het inzicht in de relevante markt(vorm),
                                de Ondernemers die daarop opereren en hoe de markt- en mogelijke
                                machtsverhoudingen zijn (bijvoorbeeld: kopers- of verkopersmarkt).
                                Een marktconsulatie met Ondernemers kan hier onderdeel van
                                uitmaken.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.2</nr><titel>Onafhankelijkheid en keuze voor de ondernemersrelatie</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="a."><al><vet>De Vervoerregio acht een te grote afhankelijkheid van
                                            Ondernemers niet wenselijk.</vet></al><al>De Vervoerregio streeft naar onafhankelijkheid ten opzichte
                                        van Ondernemers (Contractanten) zowel tijdens als na de
                                        contractperiode. De Vervoerregio moet in beginsel vrij zijn
                                        in het maken van keuzes bij haar Inkoop (waaronder de keuze
                                        van Ondernemer(s) en Contractant(en), maar ook vanwege de
                                        naleving van de (Europese) wet- en regelgeving.</al></li><li nr="b."><al><vet>De Vervoerregio kiest voor de meest aangewezen
                                            ondernemersrelatie.</vet> Gedurende de contractperiode
                                        kan bij de Contractant afhankelijkheid ontstaan van de
                                        Vervoerregio door bijvoorbeeld de te behalen doelstellingen,
                                        resultaten, productontwikkelingen (innovatie) of het creëren
                                        van prikkels. De mate van (on)afhankelijkheid in een
                                        ondernemersrelatie wordt onder andere bepaald door de
                                        financiële waarde van de opdracht, switchkosten, mate van
                                        concurrentie in de sector (concentratiegraad) en
                                        beschikbaarheid van alternatieve Ondernemers.</al></li><li nr="c."><al><vet>Met inachtneming van bovenstaande uitgangspunten en
                                            regelgeving respecteert de Vervoerregio het opgebouwde
                                            vertrouwen met bestaande leveranciers</vet>, in die zin
                                        dat zij worden uitgenodigd om mee te dingen naar voor hen
                                        relevante opdrachten.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.3</nr><titel>Lokale economie en MKB</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="a."><al><vet>De Vervoerregio heeft oog voor de lokale economie,
                                            zonder dat dit tot enigerlei vorm van discriminatie van
                                            Ondernemers leidt.</vet> In gevallen waar een
                                        enkelvoudig onderhandse Offerteaanvraag en/of een meervoudig
                                        onderhandse Offerteaanvraag volgens de geldende wet- en
                                        regelgeving is toegestaan, kan rekening worden gehouden met
                                        de lokale economie en lokale Ondernemers. Discriminatie moet
                                        daarbij worden voorkomen en de Vervoerregio moet niet
                                        onnodig regionale, nationale, Europese of mondiale kansen
                                        laten liggen.</al></li><li nr="b."><al><vet>De Vervoerregio heeft oog voor het midden- en
                                            kleinbedrijf (MKB). </vet></al><al>Uitgangspunt is dat alle Ondernemers gelijke kansen moeten
                                        krijgen. De Vervoerregio houdt echter bij haar Inkoop de
                                        mogelijkheden voor het midden- en kleinbedrijf in het oog.
                                        Dit kan de Vervoerregio doen door gebruik te maken van
                                        percelen in aanbestedingen, het toestaan van het aangaan van
                                        combinaties en onderaanneming, het verminderen van de lasten
                                        en het voorkomen van het hanteren van onnodig zware
                                        selectie- en gunningscriteria.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.4</nr><titel>Samenwerkingsverbanden</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio hanteert als uitgangspunt dat zij oog heeft voor
                                samenwerking bij Inkoop. Dit geldt zowel voor samenwerkingen binnen
                                de eigen organisatie als voor samenwerkingen met andere plusregio’s
                                of aanbestedende diensten. Deze samenwerkingsverbanden kunnen
                                bijvoorbeeld betrekking hebben op inkoopsamenwerking of Inkoop van
                                human resources (zie verder hoofdstuk 7). Daar waar er kansen en
                                mogelijkheden zijn voor de Vervoerregio, zal er met de partijen in
                                de regio worden aanbesteed. Per aanbesteding wordt dan door middel
                                van een marktanalyse onderzocht of gezamenlijk aanbesteden tot de
                                mogelijkheden behoort.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.5</nr><titel>Bepalen van de inkoopprocedure</titel></kop><structuurtekst><al>Onder de Europese drempelwaarde bestaan in principe geen wettelijk
                                voorgeschreven procedures, maar zal steeds van geval tot geval
                                bekeken moeten worden welke procedure het beste aansluit bij het
                                onderwerp van de aanbesteding, in relatie tot het karakter van de
                                markt van de potentiele inschrijvers. Uit de Gids proportionaliteit
                                volgen een aantal voorschriften, die door aanbestedende diensten in
                                ieder geval dienen te worden nageleefd, of – bij afwijking van
                                (onderdelen van) deze voorschriften - worden toegelicht in de
                                aanbestedingsstukken van het concrete geval. Eén van die
                                voorschriften (voorschrift 3.4 A) luidt: De aanbestedende dienst
                                beziet <onderstreept>per opdracht</onderstreept> welke
                                aanbestedingsprocedure geschikt en proportioneel is.</al><al/><al>Dit betekent dat de Vervoerregio bij het bepalen van de
                                Inkoopprocedure de volgende 2 methoden hanteert:</al><al/><lijst><li nr="1."><al><vet>Aan de hand van de waarde van de opdracht</vet></al><al>De Vervoerregio zal – met inachtneming van de Gids
                                        Proportionaliteit, waarbij tevens de bedragen genoemd in de
                                        “Handleiding voor de Budgetbeheerder” van de Vervoerregio
                                        van toepassing zijn – de volgende procedures hanteren,
                                        tenzij blijkt dat dit niet aansluit bij het type Inkoop en
                                        karakter van de markt waarin de Ondernemers opereren (zie
                                        onder punt 2):</al><lijst><li nr="-"><al><vet>Enkelvoudig onderhandse offerte
                                                uitvraag</vet></al><al>De Vervoerregio vraagt aan één Ondernemer een
                                                offerte.</al></li><li nr="-"><al><vet>Meervoudig onderhandse offerte
                                                uitvraag</vet></al><al>De Vervoerregio vraagt ten minste aan 3 Ondernemers
                                                een offerte.</al></li><li nr="-"><al><vet>Nationaal aanbesteden</vet></al><al>Onder de Europese drempelbedragen zal de
                                                Vervoerregio nationaal openbaar aanbesteden. De
                                                Vervoerregio zal voorafgaand aan de
                                                opdrachtverlening een aankondiging plaatsen.</al></li><li nr="-"><al><vet>Europees aanbesteden</vet></al><al>Boven de Europese drempelbedragen zal de
                                                Vervoerregio in beginsel Europees aanbesteden,
                                                tenzij dit in een bepaald geval niet nodig is op
                                                grond van de geldende wet- en regelgeving.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al><vet>Aan de hand van</vet><vet> een schriftelijke motivering
                                            op basis van een Inkoopstrategie</vet></al><al>Wanneer een bepaalde Inkoop niet te kwantificeren is in een
                                        vast bedrag, zal de Vervoerregio per Inkoop bepalen welke
                                        strategie zij hanteert. Hierbij wordt met name acht geslagen
                                        op de volgende aspecten: </al><lijst><li nr="-"><al>Aantal potentiële inschrijvers;</al></li><li nr="-"><al>Gewenst eindresultaat;</al></li><li nr="-"><al>Complexiteit van de opdracht;</al></li><li nr="-"><al>Type van de opdracht en het karakter van de
                                                markt.</al><al/><al>Deze Inkoopstrategie wordt via de verantwoordelijke
                                                portefeuillehouder aan het Dagelijks Bestuur van de
                                                Vervoerregio ter goedkeuring voorgelegd.</al></li></lijst><al/></li></lijst><al>In de “Handleiding voor de Budgetbeheerder” van de Vervoerregio
                                Amsterdam is met name de procedure voor enkelvoudig en meervoudig
                                onderhandse offerte uitvraag opgenomen. Voor de opdrachten voor
                                Leveringen of Diensten tussen de € 100.000,- en € 207.000,- (Werken
                                tussen € 100.000,- en € 5.186.000,-)<noot id="d2131e627"><noot.nr> 7</noot.nr><noot.al>De
                                        Europese drempelbedragen gelden voor de periode van 1
                                        januari 2014 tot en met 31 december 2015.</noot.al></noot> mag in uitzonderingsgevallen enkelvoudig onderhands
                                ingekocht worden. In dat geval zal in het Inkoopdossier een
                                onderbouwing moeten worden opgenomen met motivatie waarom afgeweken
                                wordt. In deze motivatie zal aannemelijk gemaakt moeten worden dat
                                de keuze voor enkelvoudig onderhandse Inkoop verdedigbaar is vanuit
                                het oogpunt van transparantie, objectiviteit, non-discriminatie en
                                proportionaliteit. Tevens is schriftelijke goedkeuring van de
                                afwijkende procedure door de verantwoordelijke portefeuillehouder
                                vereist. Tijdens het interne controleproces zal deze onderbouwing
                                getoetst worden.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.6</nr><titel>Raming en financiële budget</titel></kop><structuurtekst><al>Inkoop vindt plaats op basis van een deugdelijke en objectieve
                                voorafgaande schriftelijke raming van de opdracht. De raming is ook
                                van belang om de financiële haalbaarheid van de opdracht te bepalen.
                                De Vervoerregio wil immers niet het risico lopen dat zij
                                verplichtingen aangaat die zij niet kan nakomen.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>5.7</nr><titel>Eerlijke mededinging en commerciële belangen</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio bevordert eerlijke mededinging. De betrokken
                                Ondernemers moeten een eerlijke kans krijgen om de opdracht gegund
                                te krijgen. Door in principe objectief, transparant en
                                non-discriminerend te handelen, bevordert de Vervoerregio een
                                eerlijke mededinging. Dit zal bijdragen aan het in stand houden van
                                een gezonde marktwerking (ook op de lange termijn). De Vervoerregio
                                wenst geen Ondernemers te betrekken in haar inkoopproces die de
                                mededinging vervalsen.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>6</nr><titel>Organisatorische uitgangspunten</titel></kop><paragraaf><kop><label/><nr>6.1</nr><titel>Tactische en Operationele inkoop</titel></kop><structuurtekst><al>Het inkoopproces bestaat uit verschillende fasen, startend vanaf het
                                voortraject. In het algemeen is het inkoopproces op te delen in zes
                                onderdelen:</al><al/><al><plaatje><illustratie id="icfc7d8ec-186c-4523-bc11-e80c17859cc6" naam="i292900icfc7d8ec-186c-4523-bc11-e80c17859cc6.png" type="foto" breedte="13.4cm" hoogte="5.2cm"/></plaatje></al><al/><al>Bij alle producten, diensten of werken die ingekocht worden, zullen
                                deze stappen expliciet of impliciet doorlopen worden. Bij de
                                projecten waar de Vervoerregio mee te maken heeft, bestaat meestal
                                de inhuur uit diensten en in mindere mate uit goederen en werken.
                                Wanneer de Vervoerregio meer projecten zelf zou gaan trekken, kan de
                                consequentie hiervan zijn dat zowel de grootte van de inkoop door de
                                Vervoerregio toe gaat nemen als ook de typen inkoop. Er zouden dan
                                bijvoorbeeld meer werken (infrastructuur) ingekocht kunnen gaan
                                worden. Afhankelijk van de grootte van het project zal er meer of
                                minder energie gestoken worden in het uitwerken van de afzonderlijke
                                fasen.</al><tussenkop> 1. (Functioneel) Specificeren</tussenkop><al>In deze stap wordt in kaart gebracht wat de inkoopbehoefte is.
                                    Het heeft de voorkeur om niet te snel in oplossingen te gaan
                                    denken. In deze fase kan het zinvol zijn om brainstormsessies te
                                    organiseren om creativiteit de ruimte te geven. Aan het begin
                                    van het inkoopproces is de meeste ruimte om van koers te
                                    wijzigen. Soms kunnen simpele oplossingen veel effectiever zijn
                                    dan complexe oplossingen die in eerste instantie voor de hand
                                    lijken te liggen.</al><tussenkop> 2. Selecteren</tussenkop><al>De selectiefase heeft betrekking op de criteria die gesteld
                                    worden aan de nieuwe leverancier. In sommige gevallen zal het
                                    noodzakelijk zijn om zekerheden te hebben over de financiële
                                    positie van een leverancier. In andere gevallen zal dit minder
                                    belangrijk zijn. Door objectief deze criteria vast te stellen
                                    kan de markt groter gemaakt worden en minder beperkt worden tot
                                    een aantal vertrouwde leveranciers. Dit vergroot de marktmacht
                                    van de Vervoerregio en de kans dat er een passende leverancier
                                    wordt gevonden.</al><tussenkop> 3. Contracteren</tussenkop><al>In een Europese aanbesteding is onderhandelen (in de meeste
                                    procedures) niet mogelijk. De aanbesteding doorloopt dan een
                                    vooraf beschreven proces en valt in principe niet te
                                    beïnvloeden. Bij aanbestedingen onder de aanbestedingsdrempel
                                    verdient het aanbeveling om ook een gestructureerd proces te
                                    doorlopen. Bij Inkoop van kleinere opdrachten of bij opdrachten
                                    die in specifieke marktsituaties plaatsvinden (bijvoorbeeld een
                                    monopolist) zal er op een gestructureerde manier onderhandeld
                                    kunnen worden om een voor beide partijen goed resultaat te
                                    bereiken, op basis van Total Cost of Ownership.</al><tussenkop> 4. Bestellen</tussenkop><al>Wanneer de opdracht vergeven is, zal het contract uitgenut
                                    worden gedurende het project. Hierbij zal opgelet moeten worden
                                    of de eisen zoals die eerder geformuleerd waren ook echt
                                    nagekomen worden. Wanneer dit niet zo is, zal hiervoor actie
                                    ondernomen moeten worden. Eén van de redenen is het voorkomen
                                    van precedentwerking. Wanneer bekend wordt dat bij de
                                    Vervoerregio het eenvoudig is om wel ja te zeggen maar niet ja
                                    te doen, kan dit consequenties hebben voor de lange termijn
                                    onderhandelingspositie van de Vervoerregio.</al><tussenkop> 5. Bewaken</tussenkop><al>Door het inplannen van regelmatige overleggen met de leverancier
                                    kan, afhankelijk van het type product of dienst, vroegtijdig
                                    geanticipeerd kunnen worden op signalen en mogelijke problemen.
                                    Wanneer er sprake is van kleinere opdrachten kan het verstandig
                                    zijn om regelmatig te controleren of de condities worden
                                    nagekomen.</al><tussenkop> 6. De nazorg en evaluatie</tussenkop><al>Wanneer afscheid genomen wordt van een leverancier, bijvoorbeeld
                                    wanneer een opdracht ten einde is gekomen, is het verstandig met
                                    beide partijen de periode te evalueren. Voor zowel leverancier
                                    als klant levert dit leereffecten op. Vaak komt de kans om te
                                    leren niet snel terug. Afhankelijk van de grootte van de
                                    opdracht kan de evaluatie grootschalig of kleinschalig aangepakt
                                    worden.</al><al/><al>In het kader van nazorg en evaluatie zal de Vervoerregio
                                    jaarlijks haar leveranciers auditen. Voor de leveranciers die
                                    vanaf dan € 207.000,- omzetten bij de Vervoerregio zal dit
                                    standaard gebeuren. Voor de leveranciers die minder dan €
                                    207.000,- omzetten zal dit steekproefsgewijs plaatsvinden.
                                    Tijdens de audit zullen in ieder geval aspecten als tevredenheid
                                    over de leverancier en de prijs-kwaliteitverhouding aan bod
                                    komen. De uitkomst van deze audit dient als input voor stap 1 in
                                    het Inkoopproces, het (her)definiëren van de
                                    Inkoopbehoefte.</al><al/><al>Aan de hand van deze zes onderdelen is het Inkoopproces ook naar
                                    niveau in te delen. Omdat het al om de daadwerkelijke Inkoop
                                    gaat is er geen sprake meer van strategische beslissingen.
                                    Uiteraard veranderen ook tijdens het proces enkele zaken. Zo kan
                                    er in het begin worden gekozen uit vele specificaties terwijl er
                                    naarmate er meer keuzes worden gemaakt minder mogelijkheden
                                    overblijven. In de praktijk is de grootste meerwaarde in het
                                    Inkoopproces te behalen in de beginfasen, waarin besloten wordt
                                    wat er precies nodig is (specificeren) en welke criteria gesteld
                                    worden aan de leverancier(s). Liggen deze eisen onnodig hoog,
                                    dan kan dit leiden tot minder doelmatige Inkoop.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>7</nr><titel>Human resources</titel></kop><paragraaf><kop><label/><nr>7.1</nr><titel>Inleiding</titel></kop><structuurtekst><al>De Vervoerregio maakt gebruik van verschillende soorten
                                dienstverlening om haar doelen te realiseren. De human resources die
                                hiervoor ingezet worden, zijn deels intern (de eigen mensen) en
                                deels extern. Bij het gebruik van externe menskracht zijn er
                                verschillende opties die situatieafhankelijk kunnen worden
                                toegepast. In dit hoofdstuk worden de verschillende vormen
                                beschreven en wordt ingegaan op de situaties waarin deze
                                verschillende vormen passend en effectief kunnen zijn. Een
                                achterliggende doelstelling hierbij is dat de samenwerking tussen de
                                gemeenten hiermee versterkt wordt. Uitgangspunt is dat – naast het
                                plaatsen van de vraag naar human resources op de markt – ook binnen
                                de eigen organisatie en bij de aangesloten gemeenten, als ook binnen
                                bestaande raamovereenkomsten gekeken wordt of de vraag naar human
                                resources kan worden ingevuld. Een en ander uiteraard met
                                inachtneming van de aanbestedingsregelgeving.</al><al/><al>Onderstaande inkoopvormen van human resources zijn gecategoriseerd
                                op de eigenschappen type relatie, inhoudelijke betrokkenheid en
                                niveau van de dienstverlening, alsook meer individuele dan wel meer
                                collectieve vormen van dienstverlening. De inkoopvormen lopen op van
                                relatief laag opleidingsniveau naar hoger opleidingsniveau. Lager
                                niveau personeel wordt eerder ingekocht door middel van
                                uitzendconstructies, hoger niveau personeel zal eerder ingekocht
                                worden door middel van contracteringstypen die meer recht doen aan
                                de intensievere betrokkenheid bij de strategische doelstellingen van
                                de Vervoerregio.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>7.2</nr><titel>Vormen van inkoop personeel</titel></kop><structuurtekst><al>De volgende contractvormen voor externe inhuur worden binnen de
                                Vervoerregio Amsterdam gebruikt:</al><tussenkop> 1. Uitzendovereenkomst / payrollovereenkomst</tussenkop><al>Dit is een arbeidsovereenkomst waarbij de werknemer door het
                                    uitzendbureau/de payrollonderneming aan de inlener ter
                                    beschikking wordt gesteld om krachtens een met de
                                    uitzendorganisatie gesloten inleenovereenkomst arbeid te
                                    verrichten onder toezicht en leiding van de inlener. Het betreft
                                    een overeenkomst voor een bepaalde tijd. Door middel van
                                    gesloten raamcontracten (die volgens de geldende regels moeten
                                    worden aanbesteed ), kunnen van één bepaald uitzendbureau /
                                    payrollonderneming meerdere malen mensen worden ingehuurd, zoals
                                    via SGA Personeelsdiensten. Deze vorm is met name geschikt voor
                                    de inhuur van facilitair personeel, zoals voor
                                    secretariaatswerkzaamheden.</al><tussenkop> 2. Standaard overeenkomsten arbeidsbemiddelaar
                                    (2B-diensten)</tussenkop><al>Voor inhuur van mensen met specifieke, inhoudelijke kennis,
                                    maakt de Vervoerregio Amsterdam gebruik van een drietal
                                    standaardovereenkomsten: voor arbeidsbemiddeling en ZZP (beiden
                                    2B-diensten) en adviesdiensten (2A-diensten). Het onderscheid is
                                    van belang, omdat voor 2B-diensten meestal geen duidelijk
                                    grensoverschrijdend belang bestaat, en voor 2A-diensten wel.
                                    2A-diensten zijn aanbestedingsplichtig, 2B-diensten zonder
                                    duidelijk grensoverschrijdend belang niet. Opdrachten voor
                                    2B-diensten boven de Europese drempel waarvoor duidelijk
                                    grensoverschrijdend belang bestaat, zijn wel
                                    aanbestedingsplichtig, zie ook onder 3.4..</al><al/><al>Het betreft hier overeenkomsten met bureaus voor het leveren van
                                    mensen met specifieke kennis op basis van een offerte waarin de
                                    werkzaamheden staan beschreven. In de standaardovereenkomst
                                    arbeidsbemiddelaar zijn de algemene voorwaarden van de
                                    Vervoerregio Amsterdam opgenomen. Opdrachten arbeidsbemiddelaar
                                    worden meestal uitgezet voor extra menskracht, ter ondersteuning
                                    bij (reguliere) werkzaamheden. Denk bijvoorbeeld aan het inhuren
                                    van een projectsecretaris of een projectleider. Alhoewel de
                                    ingehuurde personen niet in dienst zijn van de Vervoerregio
                                    Amsterdam, is er wel sprake van een hiërarchische verhouding en
                                    aansturing door de Vervoerregio Amsterdam van het ingehuurde
                                    personeel.</al><tussenkop> 3. Standaard overeenkomsten ZZP (2B-diensten)</tussenkop><al>Met een Zelfstandige Zonder Personeel (ZZP) kan een
                                    ZZP-overeenkomst gesloten worden. Een ZZP-overeenkomst is net
                                    als een arbeidsbemiddelingsovereenkomst een 2B-dienst, waarbij
                                    geldt dat als er een duidelijk grensoverschrijdend belang is,
                                    deze opdracht boven de Europese drempel Europees moet worden
                                    aanbesteed. Voor inschakeling van een ZZP-er moeten extra
                                    gegevens worden verstrekt, zoals een VAR-verklaring, recent
                                    uittreksel van KvK en een kopie van identiteitsbewijs door de
                                    ZZP’er. Met deze Verklaring Arbeids Relatie gericht op de uit te
                                    voeren werkzaamheden, toont een ZZP’er aan meerdere
                                    opdrachtgevers te hebben; dit is onder andere relevant in
                                    relatie tot de vraag of de opdrachtgevers loonheffingen moeten
                                    inhouden.</al><tussenkop> 4. Standaard overeenkomsten adviesdiensten (2A-diensten)</tussenkop><al>Bij het inhuren van personeel voor een concrete vraag, zoals het
                                    geven van advies en het laten uitvoeren van een
                                    haalbaarheidsonderzoek waarvan de aanbevelingen in een
                                    eindrapport worden opgenomen, wordt gebruik gemaakt van de
                                    standaardovereenkomsten adviesdiensten. Adviesdiensten zijn
                                    2A-diensten en derhalve Europees aanbestedingsplichtig boven de
                                    Europese drempel. Anders dan bij 2B-diensten zoals
                                    arbeidsbemiddeling &amp; ZZP, is er bij een adviesdienst
                                    weliswaar sprake van inhoudelijke aanwijzingen door de
                                    Vervoerregio Amsterdam bij de opdrachtverstrekking, maar geen
                                    hiërarchische verhouding in het aansturen van het ingehuurde
                                    personeel.</al><tussenkop> 5. Detacheringscontract</tussenkop><al>Detacheren is de situatie waarin een medewerker tijdelijk bij de
                                    ene organisatie werkt (de inlener) terwijl hij formeel bij een
                                    andere organisatie (de uitlener) tewerkgesteld blijft. </al><al>Door detachering ontstaat er een verhouding tussen drie
                                    partijen: de uitlener, de inlener en de medewerker. Hierin
                                    verschilt de detacheringsconstructie van de
                                    standaardovereenkomsten arbeidsbemiddelaar en adviesdiensten,
                                    dat betreft een verhouding tussen twee partijen.</al><al/><al>De uitlener bij detachering kan een andere overheidsorganisatie
                                    zijn, maar ook een particuliere onderneming. Door het maken en
                                    vastleggen van afspraken middels een detacheringsovereenkomst
                                    kunnen de gewenste financiële en positionele afspraken worden
                                    gemaakt. Een detacheringsovereenkomst onderscheidt zich van
                                    andere inhuur (via arbeidsbemiddeling of adviesdiensten) doordat
                                    er bij de uitoefening van de werkzaamheden door de medewerker
                                    sprake is van een gezagsverhouding ten opzichte van de inlener.
                                    De positie van het op deze wijze ingehuurde / ingeleende
                                    personeel verschilt niet of nauwelijks van de positie van de
                                    eigen werknemers. Detachering van personeel is een 2B-dienst,
                                    hetgeen betekent dat als deze opdracht boven het Europese
                                    drempelbedrag uitkomt, de opdracht in beginsel niet openbaar
                                    hoeft te worden aanbesteed. Als er echter sprake is van een
                                    opdracht waarbij een duidelijk grensoverschrijdend belang
                                    aanwezig is, dan dient een detacheringsopdracht boven de
                                    Europese drempel wel openbaar te worden aanbesteed (zie ook
                                    onder 3.4).</al><al/><al>In het kader van versterking van de samenwerking, bevordert de
                                    Vervoerregio Amsterdam detachering van het personeel dat in
                                    dienst is bij de aangesloten gemeenten.</al><tussenkop> 6. Raamovereenkomsten</tussenkop><al>Voor de inkoop van human resources kan ook gebruik worden
                                    gemaakt van raamovereenkomsten, zoals bijvoorbeeld voor
                                    juridische advisering en -dienstverlening. Een raamovereenkomst
                                    wordt afgesloten voor het plaatsen van meerdere, toekomstige
                                    opdrachten, waarbij een aantal voorwaarden, zoals prijs,
                                    kwaliteit, periode etc. worden vastgesteld, en waaronder de
                                    toekomstige opdrachten zullen worden gegund. Als de gezamenlijke
                                    waarde van de onder de raamovereenkomst te plaatsen opdrachten
                                    de Europese drempel overstijgen, dan moet de raamovereenkomst
                                    Europees worden aanbesteed. Wanneer een raamovereenkomst eenmaal
                                    Europees is aanbesteed, dan kunnen onder de daarin gestelde
                                    voorwaarden 4 jaar lang nadere opdrachten worden verstrekt,
                                    zonder dat deze nadere opdrachten (onder of boven de Europese
                                    drempel) afzonderlijk hoeven te worden aanbesteed. Voor het
                                    plaatsen van daadwerkelijke opdrachten binnen de
                                    raamovereenkomst worden vervolgens aparte overeenkomsten (nadere
                                    overeenkomsten) gesloten.</al><tussenkop> 7. Inhuur ambtelijke bijstand</tussenkop><al>Bij samenwerking in projecten kan de Vervoerregio Amsterdam voor
                                    ambtelijke bijstand personeel inhuren van deelnemende (diensten
                                    / bedrijven van) partners in het samenwerkingsverband. Het
                                    betreft hier de inhuur van grotere aantallen personeel dan bij
                                    detachering het geval is. Hierbij hoeft, als aan bepaalde
                                    voorwaarden wordt voldaan, geen aanbestedingsprocedure gestart
                                    te worden.</al><al/><al>Het moet gaan om een samenwerking:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>ter vervulling van een gemeenschappelijke taak van
                                            algemeen belang, dan wel taken die samenhangen met de
                                            verwezenlijking van doelen van algemeen belang, zoals
                                            het aanleggen van infrastructuur;</al></li><li nr="-"><al>die uitsluitend door publieke instanties plaatsvindt; er
                                            mogen geen externe, particuliere partijen bij betrokken
                                            zijn;</al></li><li nr="-"><al>die wordt vastgelegd in een
                                            (bestuurs-)overeenkomst;</al></li><li nr="-"><al>waardoor geen particuliere ondernemingen worden
                                            bevoordeeld tegenover haar concurrenten;</al></li><li nr="-"><al>de samenwerking mag niet tot doel hebben om het
                                            aanbestedingsrecht te ontduiken.</al></li></lijst><al/><al>Alleen personeel dat in dienst is van de samenwerkende gemeente
                                    mag worden ingehuurd; er mag geen gebruik worden gemaakt van
                                    eventueel door deze gemeente ingehuurd extern personeel. Wanneer
                                    de wens bestaat om toch extern ingehuurd personeel in te
                                    schakelen, zal de Vervoerregio Amsterdam de aanbestedingsregels
                                    moeten toepassen. Verder geldt dat de vergoeding voor de
                                    ambtelijke bijstand niet hoger mag zijn dan de werkelijke
                                    kosten. De Vervoerregio Amsterdam wordt hiermee feitelijk
                                    werkgever (de gemeente waar de ambtenaar in dienst is, blijft
                                    formeel werkgever), en is bevoegd tot het geven van instructies
                                    aan de ingehuurde ambtenaren. Ook hier geldt dat de Vervoerregio
                                    Amsterdam de inhuur van ambtelijke bijstand bevordert om hiermee
                                    de samenwerking tussen de aangesloten gemeenten te
                                    versterken.</al><tussenkop> 8. (Quasi-) inhouse</tussenkop><al>Onderzocht is of voor verstrekking van opdrachten van de
                                    Vervoerregio Amsterdam aan bij de Vervoerregio aangesloten
                                    gemeenten tot het verlenen van (advies)diensten, bijvoorbeeld op
                                    het vlak van infrastructuur of projectmanagement, gebruik kan
                                    worden gemaakt van de zogenaamde “quasi-inhouse” uitzondering.
                                    In beginsel zijn de aanbestedingsrichtlijnen ook van toepassing
                                    op overeenkomsten die worden gesloten tussen twee aanbestedende
                                    diensten. Opdrachten die de Vervoerregio verstrekt aan gemeenten
                                    die deel uitmaken van de Vervoerregio Amsterdam zijn in beginsel
                                    aanbestedingsplichtig. Om te kunnen beoordelen of van de
                                    “quasi-inhouse” uitzondering op de aanbestedingsplicht gebruik
                                    kan worden gemaakt, zijn twee criteria van belang:</al><al/><lijst><li nr="a."><al>het “toezichtcriterium”: de Vervoerregio Amsterdam moet
                                            doorslaggevende zeggenschap hebben op strategische
                                            doelstellingen en belangrijke beslissingen van de
                                            deelnemende gemeente;</al></li><li nr="b."><al>het “merendeelcriterium”: de deelnemende gemeente dient
                                            het merendeel van haar werkzaamheden te verrichten voor
                                            de Vervoerregio Amsterdam.</al></li></lijst><al/><al>Evident is dat aan deze criteria niet wordt voldaan. Er kan dus
                                    geen gebruik worden gemaakt van een “quasi-inhouse” constructie. </al><al/><al>Ook “inhouse opdrachtverlening” is niet aan de orde. Hieronder
                                    wordt verstaan het verstrekken van opdrachten door een
                                    aanbestedende dienst aan een onderdeel van de eigen organisatie,
                                    dat geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft . Het gaat hier om
                                    interne opdrachten. Hierop zijn de aanbestedingsrichtlijnen niet
                                    van toepassing.</al><al/><al>Tot slot dient onderscheid te worden gemaakt tussen de hiervoor
                                    omschreven vormen van inhouse opdrachtverlening en de zogenaamde
                                    “inhouse constructie” zoals aangegaan ten behoeve van de
                                    inbesteding van het openbaar vervoer in Amsterdam. Deze berust
                                    immers op een andere wettelijke grondslag. Hier is gebruik
                                    gemaakt van de uitzondering op de aanbestedingsverplichting,
                                    zoals opgenomen in de Europese PSO-Verordening. Deze is
                                    specifiek van toepassing op het verrichten van openbaar
                                    vervoer.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr>7.3</nr><titel>Maximaal te hanteren tarieven voor Inkoop personeel</titel></kop><structuurtekst><al>Met ingang van 1 januari 2013 is de Wet Normering bezoldiging
                                Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) in werking
                                getreden. Deze wet regelt de maximale bezoldiging voor (interim-)
                                topfunctionarissen; voor 2014 bedraagt deze norm maximaal €
                                230.474,- , zijnde 130% van een ministerssalaris (voorheen de Balkenende-norm)<noot id="d2131e914"><noot.nr> 8 </noot.nr><noot.al>Het
                                        kabinet streeft ernaar om de maximale bezoldigingsnorm WNT
                                        vanaf 1 januari 2015 te verlagen naar 100% van een
                                        ministerssalaris, te weten € 169.245,-; een wetsvoorstel
                                        daarover is medio juli 2014 ingediend.</noot.al></noot> . (Semi) publieke instellingen moeten jaarlijks de
                                bezoldigingsgegevens en eventuele ontslagvergoedingen van hun
                                (interim-) topfunctionarissen publiceren in de financiële
                                jaarverslagen.</al><al/><al>De WNT is echter niet alleen van toepassing op (interim-)
                                topfunctionarissen, maar ook relevant voor de overige
                                functionarissen, niet zijnde topfunctionarissen, binnen de
                                Vervoerregio. Dit geldt met name voor de inhuur van extern,
                                tijdelijk personeel (zoals voor adviesdiensten, arbeidsbemiddeling /
                                ZZP, detachering etc.).</al><al/><al>De WNT regelt <vet>niet</vet> de maximale bezoldiging van dergelijke
                                externe niet-topfunctionarissen, maar schrijft wel voor dat
                                overschrijding van de WNT-norm moet worden gepubliceerd in de
                                jaarrekening. De tarieven (excl. BTW) die bij de inhuur van externe,
                                niet-topfunctionarissen worden gehanteerd, moeten worden herberekend
                                naar een voltijds dienstverband over het hele jaar. Voor de
                                omrekening van de WNT-norm bij externe niet-topfunctionarissen zijn
                                (nog) geen universeel toepasbare rekenregels opgesteld om een
                                maximum uur-/dagtarief te kunnen bepalen. Momenteel is de toepassing
                                van de Wet normering topinkomens in volle ontwikkeling en is te
                                verwachten dat op termijn dergelijke rekenregels voor het bepalen
                                van een maximum uur-/dagtarief wel worden opgesteld.</al><al/><al>Vervoerregio Amsterdam zal in afwachting daarvan vooralsnog een
                                maximum uurtarief van € 125,- en een maximum dagtarief van € 1.000,-
                                hanteren bij de Inhuur van externe niet-topfunctionarissen. Het
                                betreft bedragen exclusief BTW. Het maximum uurtarief van € 125,- is
                                gebaseerd op de verwachte verlaging van het bezoldigingsnorm van de
                                WNT naar 100% van een ministerssalaris en gedeeld door het aantal
                                van 1375 productieve uren per jaar (op basis van een 36-urige
                                werkweek).</al><al/><al>Inhuur van externe niet-topfunctionarissen met tarieven boven het
                                maximum uurtarief van € 125,- en dagtarief van € 1.000,-, wordt vóór
                                de aanvang van de werkzaamheden via de verantwoordelijke
                                portefeuillehouder aan het Dagelijks Bestuur van de Vervoerregio
                                Amsterdam ter goedkeuring voorgelegd, ongeacht de duur of de waarde
                                van de opdracht en/of de gekozen Inkoopprocedure.</al><al/><al>Dat betekent dat ook Inhuur van een externe niet-topfunctionaris met
                                een uurtarief van € 135,- voor een korte periode van bijvoorbeeld
                                enkele weken met een totale opdrachtwaarde beneden de binnen de
                                Vervoerregio Amsterdam geldende drempelbedragen<noot id="d2131e938"><noot.nr> 9</noot.nr><noot.al>Zie
                                        paragraaf 5.5 en de opgenomen drempelbedragen in de
                                        “Handleiding voor de Budgetbeheerder” van de Vervoerregio
                                        Amsterdam.</noot.al></noot> , vóór aanvang van de werkzaamheden aan het Dagelijks
                                Bestuur ter goedkeuring moet worden voorgelegd. </al><al/></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>