<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR449158_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen houdende regels omtrent verlof</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Vlaardingen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vlaardingen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-69072.html">Gemeenteblad 2017, 69072</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verlofregeling gemeente Vlaardingen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0001947&amp;artikel=125">artikel 125 Ambtenarenwet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.1:CVDR224900_21">hoofdstuk 6 CAR-UWO</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=160">artikel 160 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-04-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-04-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2017-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1567992</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Verlofregeling gemeente Vlaardingen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van de gemeente Vlaardingen</al><al/><al><vet>Besluit</vet></al><al/><al>gelet op artikel 125 Ambtenarenwet;</al><al/><al>gelet op hoofdstuk 6 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten (CAR) en de Uitwerkingsovereenkomst (UWO);</al><al/><al>gelet op artikel 160 Gemeentewet en</al><al/><al>na verkregen instemming van de Ondernemingsraad</al><al/><al>tot vaststelling van de navolgende regeling en deze op te nemen in de arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente Vlaardingen:</al><al/><al><vet>Verlofregeling gemeente Vlaardingen</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="1."><al><vet>Medewerker</vet></al><al>De ambtenaar in de zin van artikel 1:1, eerste lid, onder a van de CAR.</al></li><li nr="2."><al><vet>Voltijd</vet></al><al>De volledige betrekking als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, onder k van de CAR. </al></li><li nr="3."><al><vet>Deeltijd</vet></al><al>De naar rato van de volledige betrekking vastgestelde arbeidsduur per week.</al></li><li nr="4."><al><vet>Werkpatroon</vet></al><al>Het aantal te werken uren per week die verdeeld zijn over de werkdagen.</al></li><li nr="5."><al><vet>Individueel Keuze Budget (IKB)</vet></al><al>In geldwaarde uitgedrukte aanspraken resulterend in een saldo dat de medewerker kan aanwenden voor de landelijke in de CAR-UWO neergelegde en lokaal aangewezen doelen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Omvang basis vakantieverlof</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vakantie van de medewerker met een volledige dienstbetrekking bedraagt overeenkomstig art. 6:2 CAR-UWO ten minste 144 wettelijke verlof uren per kalenderjaar. Het bovenwettelijk verlof van de medewerker met een volledige dienstbetrekking bedraagt 14,4 uren per kalenderjaar. De financiële tegenwaarde van dit bovenwettelijk verlof is opgenomen in het IKB.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een medewerker die vóór 1 januari 2011 in dienst is getreden heeft, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, recht op 7,2 uur extra bovenwettelijk verlof per kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de medewerker die is aangesteld voor een arbeidsduur van minder dan 36 uur per week geldt een naar evenredigheid lager aantal uren zoals bedoeld in het eerste of tweede lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Afronding van het verlof geschiedt op 2 cijfers achter de komma volgens de gebruikelijke rekenregels.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In het geval een medewerker ziek is op een verlofdag wordt het verlof als niet genoten beschouwd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vermeerdering vakantieverlof</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het basisverlof kan overeenkomstig artikel 6:2:1, derde en vierde lid van de CAR worden vermeerderd vanwege volbrachte diensttijd of bereikte leeftijd en/of als gevolg van onregelmatige dienst en/of beschikbaarheidsdienst. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de medewerker die is aangesteld voor een arbeidsduur van minder dan 36 uur per week geldt een naar evenredigheid lager aantal uren. Bij deze verlofberekening wordt allereerst het totale verlofrecht op basis van een volledige betrekking bepaald alvorens het evenredige deel te berekenen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het geval van samenloop tussen het bovenstaande en de bepalingen uit de CAR-UWO prevaleert de meest gunstige optie voor de medewerker.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de medewerker in dienst vóór 1 januari 2017, wordt het bovenwettelijk verlof conform art. 6: 2 CAR-UWO vermeerderd met 14,4 uur per kalenderjaar vanwege het vervallen van de lokale feestdagen 1 en 5 mei.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Voor de medewerker die is aangesteld voor een arbeidsduur van minder van 36 uur per week, geldt met betrekking tot het bepaalde in lid 4 een naar evenredigheid lager aantal uren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3a</nr><titel>Vermeerdering vakantieverlof op basis van leeftijd- en/of overheidsdiensttijd</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bedoelde vermeerdering vanwege volbrachte diensttijd of bereikte leeftijd in het eerste lid van artikel 3 is afhankelijk van de datum van indiensttreding en bedraagt: </al><al/><al><vet>Medewerker in dienst gemeente Vlaardingen vóór 1 januari 1997</vet></al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Leeftijd of diensttijd</vet></al></entry><entry><al><vet>Extra verlofuren per jaar</vet></al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 35 tot en met 44 jaar of een diensttijd van   15 tot en met 24 jaar</al></entry><entry><al>7,20 uren</al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 45 tot en met 54 jaar of een diensttijd van   25 tot en met 34 jaar</al></entry><entry><al>21,60 uren</al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 55 tot en met 59 jaar of een diensttijd van   35 tot en met 39 jaar</al></entry><entry><al>28,80 uren</al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 60 of ouder of een diensttijd van 40 jaar of   meer</al></entry><entry><al>36,00 uren</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><vet>Medewerker in dienst gemeente Vlaardingen op of na 1 januari 1997</vet></al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Leeftijd of diensttijd</vet></al></entry><entry><al><vet>Extra verlofuren per jaar</vet></al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 45 tot en met 54 jaar of een diensttijd van   25 tot en met 34 jaar</al></entry><entry><al>7,20 uren</al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 55 tot en met 59 jaar of een diensttijd van   35 tot en met 39 jaar</al></entry><entry><al>14,40 uren</al></entry></row><row><entry><al>Leeftijd van 60 of ouder, of een diensttijd van 40 jaar of   meer</al></entry><entry><al>21,60 uren</al></entry></row></tbody></tgroup></table></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bepalend voor de verlofrechten is de leeftijd of diensttijd die de medewerker het betreffende jaar bereikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3b</nr><titel>Vermeerdering vakantieverlof als gevolg van onregelmatigheidsdienst en/of beschikbaarheidsdienst</titel></kop><al>De bedoelde vermeerdering als gevolg van onregelmatige dienst en/of beschikbaarheidsdienst bedraagt:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><tbody><row><entry><al><vet>Categorie</vet></al></entry><entry><al><vet>Extra verlofuren per jaar</vet></al></entry></row><row><entry><al>De medewerker, die arbeid verricht waarvoor een toelage   onregelmatige dienst is toegekend</al></entry><entry><al>14,40 uren</al></entry></row><row><entry><al>De medewerker die in een periode van 12 aaneengesloten   maanden regelmatig gemiddeld 60% per (36- urige) werkweek arbeid verricht   waarvoor een toelage onregelmatige dienst is toegekend.</al></entry><entry><al>21,60 uren</al></entry></row><row><entry><al>De medewerker die in een periode van 12 aaneengesloten   maanden regelmatig gemiddeld 75% per (36- urige) werkweek arbeid verricht   waarvoor een toelage onregelmatige dienst is toegekend.</al></entry><entry><al>                    </al><al>28,80 uren</al></entry></row><row><entry><al>De medewerker die in een periode van 12 aaneengesloten   kalendermaanden regelmatig gedurende 13 of meer volle kalenderweken beschikbaarheidsdiensten   heeft verricht.</al></entry><entry><al>14,40 uren</al></entry></row><row><entry><al>De medewerker die in een periode van 12 aaneengesloten   kalendermaanden regelmatig gedurende 6 maar niet meer dan 12 volle   kalenderweken beschikbaarheidsdiensten heeft verricht.</al></entry><entry><al>7,20 uren</al></entry></row></tbody></tgroup></table></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Feestdagen</titel></kop><al>De medewerker heeft recht op verlof met behoud van salaris en de toegekende salaristoelage(n) op de volgende feestdagen conform artikel 4:5, derde lid van de CAR-UWO:</al><lijst><li nr="•"><al>Nieuwjaarsdag;</al></li><li nr="•"><al>Tweede paasdag;</al></li><li nr="•"><al>Dag waarop de verjaardag van de koning wordt gevierd;</al></li><li nr="•"><al>Hemelvaartsdag;</al></li><li nr="•"><al>Tweede pinksterdag;</al></li><li nr="•"><al>Eerste en tweede kerstdag.</al></li></lijst><al>In aanvulling daarop wordt de volgende dag eveneens aangemerkt als feestdag:</al><lijst><li nr="•"><al>Goede Vrijdag;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Vaststellen collectief verlof</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jaarlijks kan de gemeentesecretaris met instemming van de Ondernemingsraad uren van het verloftegoed aanwijzen als collectieve verlofuren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een werkdag gelegen is tussen het weekend en twee aaneengesloten feestdagen is deze dag een brugdag met collectief verlof waarvoor geen verlof hoeft te worden opgenomen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Verlenen vakantieverlof</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leidinggevende beslist over het verlenen van verlof op basis van het dienstbelang. Hierbij wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de wensen van de medewerker. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verlofaanvragen dienen tijdig voorgelegd worden aan de leidinggevende. Tijdig betekent voor incidentele verlofdagen minimaal 2 werkdagen voorafgaand aan de opname. Voor aaneengesloten perioden vakantieverlof geldt een maximum van 2 maanden. In overleg met de leidinggevende kunnen afwijkende afspraken worden gemaakt</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opnemen verlofuren</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Verlofuren behoren in de regel te worden opgenomen in het kalenderjaar waarover ze zijn toegekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verlofopname geschiedt op basis van het aantal uren dat de medewerker volgens het werkpatroon op de betreffende dag geacht wordt te werken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In het geval dat op verzoek van de medewerker in enig kalenderjaar niet het gehele vakantieverlof is verleend mag de medewerker het verlof over laten schrijven naar het volgende kalenderjaar. Het wettelijke verlof vervalt na 12 maanden na het einde van dat kalenderjaar. Het bovenwettelijke verlof vervalt na 60 maanden na het einde van dat kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In tegenstelling tot het bepaalde in lid 3, geldt de vervaltermijn niet als de medewerker tot aan dat tijdstip om medische redenen redelijkerwijs niet in staat is geweest om dit vakantieverlof op te nemen, of dit vanwege dienstbelang niet mogelijk is geweest.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een medewerker kan een verzoek indienen om zijn wettelijk verlof gedeeltelijk in te zetten voor een langere verlofperiode. Het college kan daarbij de in lid 3 genoemde termijn verlengen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In geval van ontslag dient de medewerker in overleg met zijn leidinggevende zo veel mogelijk verlof voor de ontslagdatum te hebben opgenomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Buitengewoon verlof</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het buitengewoon verlof is geregeld in de artikelen 6:4 tot en met 6:4:4 van de CAR-UWO. Hierbuiten kent de gemeente Vlaardingen extra faciliteiten toe aan de medewerker tenzij de belangen van de dienst zich daartegen verzetten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bedoelde <cursief>extra faciliteiten</cursief> in het eerste lid zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>bij overlijden van echtgenoot of de geregistreerd partner, ouders, pleegouders, stiefouders, kinderen, pleegkinderen, stief- en aangehuwde kinderen gedurende vier werkdagen;</al></li><li nr="b."><al>bij overlijden van bloed- en aanverwanten in de 2e graad gedurende twee werkdagen, tenzij de medewerker is belast met de regeling van de begrafenis c.q. crematie of (en) nalatenschap. In dat geval wordt ten hoogste vier werkdagen verlof toegekend.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ouderschapsverlof</titel></kop><al>De medewerker heeft in aanvulling op het bepaalde in de Wet Arbeid en Zorg, recht op betaald ouderschapsverlof conform de bepalingen in hoofdstuk 6 van de CAR-UWO. Het percentage van doorbetaling wordt gebaseerd op het bepaalde in artikel 6:5 lid 2 van de CAR-UWO. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Onvoorziene omstandigheden</titel></kop><al>In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet kan het college een voorlopige voorziening treffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding regeling</titel></kop><al>Deze regeling treedt in werking met terugwerkende kracht per 1 januari 2017.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders op 18 april 2017.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de secretaris,                                                    de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mr. drs. A.G. Knol-van Leeuwen                        mr. A.M.M. Jetten MSc</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>