<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR44433_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Marktverordening gemeente Houten 2004</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Houten</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-10-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Houten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Houtens Nieuws</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Marktverordening gemeente Houten 2004</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Art. 147 en 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-06-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-04-29</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2004-128</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Nummering ontbrak; alsnog genummerd</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Marktverordening gemeente Houten 2004</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Houten; </al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van 27 april 2004, nr 128, inzake het
                        weekmarktbeleid; </al><al>gelet op artikel 147, eerste lid, alsmede artikel 149 van de Gemeentewet; </al><al>gezien het advies van de marktcommissie; </al><al>overwegende dat het wenselijk is regels te stellen voor een ordelijk verloop
                        van de markt(en); </al><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Inhoudsopgave:</label></kop><artikel><kop><label>Paragraaf 1 Algemene bepalingen </label></kop><al>Artikel 1 Begripsomschrijvingen </al><al>Artikel 2 Inrichting van de markt; branche-indeling </al><al>Artikel 3 Dag, tijd en plaats van de markt </al><al>Artikel 4 De marktcommissie </al><al>Artikel 5 Nadere regels </al><al>Artikel 6 Voorschriften en beperkingen </al></artikel><artikel><kop><label>Paragraaf 2 Vergunningen </label></kop><al>Artikel 7 Standplaatsvergunning </al><al>Artikel 8 Vereisten </al><al>Artikel 9 Inhoud vaste standplaatsvergunning </al><al>Artikel 10 Inschrijving op de anciënniteitlijst </al><al>Artikel 11 Volgorde toewijzing vaste standplaatsen </al><al>Artikel 12 Overschrijving vaste standplaatsvergunning </al><al>Artikel 13 Intrekking vaste standplaatsvergunning </al><al>Artikel 14 Toewijzing dagplaats </al></artikel><artikel><kop><label>Paragraaf 3 Bepalingen over het gebruik van de standplaats </label></kop><al>Artikel 15 Persoonlijk innemen standplaats; bijstand </al><al>Artikel 16 Aantal keren innemen vaste standplaats </al><al>Artikel 17 Afwezigheid wegens ziekte, vakantie of bijzondere
                                omstandigheden </al><al>Artikel 18 Ontheffing en vervanging </al><al>Artikel 19 Legitimatie en identiteit vergunninghouder </al><al>Artikel 20 Tijdstip innemen standplaats / aan- en afvoer goederen </al><al>Artikel 21 Afval </al><al>Artikel 22 Parkeren </al></artikel><artikel><kop><label>Paragraaf 4 Hardheidsclausule </label></kop><al>Artikel 23 Hardheidsclausule </al></artikel><artikel><kop><label>Paragraaf 5 Straf-, overgangs- en slotbepalingen </label></kop><al>Artikel 24 Strafbepaling </al><al>Artikel 25 Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning </al><al>Artikel 26 Uitsluiting dagplaatshouder </al><al>Artikel 27 Onmiddellijke verwijdering </al><al>Artikel 28 Toezichthouders </al><al>Artikel 29 Intrekking oude regeling </al><al>Artikel 30 Overgangsbepalingen </al><al>Artikel 31 Inwerkingtreding </al><al>Artikel 32 Citeertitel </al><al>------------------------------------------------------------------------------</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Paragraaf 1 Algemene bepalingen</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a. markt: de door het college ingestelde warenmarkt;</al><al>b. standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is
                                aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;</al><al>c. vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter
                                beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;</al><al>d. dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt
                                gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste
                                standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;</al><al>e. vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is
                                verleend voor het innemen van een standplaats;</al><al>f. anciënniteitlijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste
                                standplaats, waarbij de datum van vergunningafgifte de rangorde
                                binnen de groep bepaalt;</al><al>g. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het
                                college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2 Inrichting van de markt; branche-indeling</label></kop><al>1. Het college bepaalt ten aanzien van de markt:</al><al>a. het aantal standplaatsen;</al><al>b. de afmetingen van de standplaatsen;</al><al>c. de opstelling en indeling van de markt;</al><al>d. welke standplaatsen worden toegewezen als vaste standplaats.</al><al>2. Het college kan voor de markt vaststellen:</al><al>a. een lijst met artikelengroepen of branches;</al><al>b. een maximum aantal standplaatsen per branche.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Dag, tijd en plaats van de markt</label></kop><al>1. De markt vindt plaats op donderdag van 8:30 uur tot 14:00 uur op
                                Het Rond te Houten.</al><al>2. Het college kan op grond van dringende redenen, in afwijking van
                                het eerste lid, bepalen dat de markt tijdelijk zal
                                plaatsvinden:</al><al>a. op een andere dag;</al><al>b. op een andere tijd;</al><al>c. op een andere plaats.</al><al>3. Het college is bevoegd te bepalen dat de markt tijdelijk zal
                                plaatsvinden op een andere dag, indien de in het eerste lid bedoelde
                                dag samenvalt met één van de in artikel 2 lid 1 sub b van de
                                Winkeltijdenwet genoemde dagen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 De marktcommissie</label></kop><al>1. Het college kan een commissie van advies instellen die tot taak
                                heeft het college al dan niet gevraagd te adviseren in zake
                                marktaangelegenheden.</al><al>2. Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de
                                samenstelling en werkwijze van deze marktcommissie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Nadere regels</label></kop><al>Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het
                                bepaalde in deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6 Voorschriften en beperkingen</label></kop><al>1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een
                                krachtens deze verordening verleende vergunning of ontheffing, ter
                                bescherming van de belangen in verband waarmee de vergunning of
                                ontheffing is vereist.</al><al>2. Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of
                                ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden
                                voorschriften en beperkingen in acht te nemen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Paragraaf 2 Vergunningen</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 7 Standplaatsvergunning</label></kop><al>Het is verboden een standplaats op de weekmarkt op Het Rond in te
                                nemen zonder vergunning van het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 8 Vereisten</label></kop><al>Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking
                                een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die een aanvraag voor een
                                vergunning heeft ingediend bij het college en die daarbij tevens
                                aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke
                                verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en
                                bedrijfsorganisatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 9 Inhoud vaste standplaatsvergunning</label></kop><al>1. Een vaste standplaatsvergunning vermeldt in ieder geval:</al><al>a. de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres en
                                de woonplaats van de vergunninghouder;</al><al>b. een duidelijke omschrijving van de toegewezen vaste standplaats
                                met vermelding van het nummer en de afmetingen daarvan;</al><al>c. de kraam of andere verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij
                                het innemen van de standplaats mag gebruiken;</al><al>d. het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de
                                branche waartoe de vergunninghouder behoort;</al><al>e. de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning
                                is verleend;</al><al>f. dat de vergunninghouder zelf zorg draagt voor de inzameling en
                                afvoer van zijn afval en dat hij het deel van het marktterrein,
                                zoals aangegeven op de plattegrond horend bij de anciënniteitlijst,
                                schoon oplevert;</al><al>g. dat het de vergunninghouder op grond van zijn vergunning slechts
                                één voertuig als bedoeld in artikel 1.1 sub bd van het
                                voertuigreglement achter de kraam mag parkeren voor het parkeren van
                                andere voertuigen achter zijn kraam, dient de vergunning te worden
                                aangepast;</al><al>h. de wijze waarop de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt;
                                en</al><al>i. welke kook-, bak- en verwarmingsapparatuur zijn toegestaan.</al><al>2. Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie
                                gehecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 10 Inschrijving op de anciënniteitlijst</label></kop><al>1. Het college schrijft de vergunninghouder van een standplaats in
                                op de anciënniteitlijst.</al><al>2. Het college vermeldt bij de inschrijving in ieder geval:</al><al>a. de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres,
                                telefoonnummer en de woonplaats van de aanvrager;</al><al>b. de datum waarop de vergunning is verleend;</al><al>c. het standplaatsnummer;</al><al>d. gebruik van eigen materiaal;</al><al>e. de soort artikelen die de vergunninghouder verhandeld of de
                                branche waartoe hij behoort;</al><al>f. de namen van vervangers van de vergunninghouder bij ziekte,
                                vakantie of bijzondere omstandigheden;</al><al>g. de namen van diegenen aan wie de vergunning overgedragen kan
                                worden bij lichamelijke- of geestelijke gebreken, het bereiken van
                                de pensioengerechtigde leeftijd of overlijden van de
                                vergunninghouder;</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 11 Volgorde toewijzing vaste standplaatsen</label></kop><al>1. Indien voor de toewijzing van een beschikbare vaste standplaats
                                meer aanvragers in aanmerking komen, wordt de standplaats
                                achtereenvolgens toegewezen aan:</al><al>a. de vergunninghouder van een vaste standplaats die aan het college
                                schriftelijk de wens te kennen heeft gegeven van standplaats te
                                willen veranderen, in volgorde van plaatsing op de
                                anciënniteitlijst;</al><al>b. een gegadigde die artikelen verkoopt uit de hoofdbranche waarin
                                de vaste standplaats is vrijgekomen, in een subbranche die niet
                                vertegenwoordigd is op de markt;</al><al>c. een gegadigde die artikelen verkoopt uit de hoofdbranche waarin
                                de vaste standplaats is vrijgekomen, in een subbranche die wel
                                vertegenwoordigd is op de markt, waarvan meer dan één standplaats is
                                toegestaan.</al><al>2. Voor een toewijzing op grond van sub a. b. of c. brengt de
                                marktcommissie een adviesstem uit in het kader van het algemeen
                                belang van de markt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 12 Overschrijving vaste standplaatsvergunning</label></kop><al>1. In geval van overlijden, het bereiken van de pensioengerechtigde
                                leeftijd of blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder
                                kan de vaste standplaatsvergunning worden overgeschreven op de
                                achterblijvende echtgeno(o)t(e), de geregistreerde partner of een
                                andere achterblijvende persoon met wie hij duurzaam
                                samenwoonde.</al><al>2. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van
                                het eerste lid, kan een kind van de vergunninghouder de vergunning
                                voor een vaste standplaats krijgen indien hij ten minste drie jaar
                                in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft
                                gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit
                                bedrijf heeft gefunctioneerd en door de vergunninghouder als
                                opvolger op de anciënniteitlijst is ingeschreven zoals omschreven in
                                artikel 10 lid 2 sub g van deze Marktverordening</al><al>3. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van
                                het eerste of tweede lid, kan een medewerker van de vergunninghouder
                                de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij ten
                                minste drie jaar onafgebroken in loondienst van het marktbedrijf van
                                de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als
                                mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd en door de
                                vergunninghouder als opvolger op de anciënniteitlijst is
                                ingeschreven zoals omschreven in artikel 10 lid 2 sub g van deze
                                Marktverordening. Voorts dient bij notariële acte te worden
                                aangetoond dat de onderneming in eigendom van de medewerker is
                                overgegaan.</al><al>4. De overschrijving op grond van lid 2 en lid 3 van dit artikel,
                                betreft alleen de overschrijving van de vergunning. Aanspraak maken
                                op de standplaats is niet mogelijk. </al><al>5. Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee
                                maanden na het overlijden van de vergunninghouder of binnen twee
                                maanden nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid is
                                vastgesteld.</al><al>6. Een aanvraag tot overschrijving op grond van het bereiken van de
                                pensioengerechtigde leeftijd kan ingediend worden vanaf twee maanden
                                voordat de vergunninghouder de pensioengerechtigde leeftijd
                                bereikt.</al><al>7. Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken
                                van het bepaalde in dit artikel.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel 13 Intrekking vaste standplaatsvergunning</label></kop><al>1. Het college trekt een vaste standplaatsvergunning in:</al><al>a. op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;</al><al>b. bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van
                                artikel 12 de vergunning wordt overgeschreven.</al><al>c. indien er maximaal 52 weken tijdelijke ontheffing is verleend op
                                grond van artikel 18 lid 1.</al><al>2. Het college kan een vaste standplaatsvergunning intrekken:</al><al>a. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige
                                gegevens zijn verstrekt;</al><al>b. indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in artikel 8
                                genoemde vereisten.</al><al>3. Indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 12 is
                                overgeschreven, reeds vergunning heeft voor een andere vaste
                                standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning
                                ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14 Toewijzing dagplaats</label></kop><al>1. Toewijzing van een dagplaats geschiedt door afgifte van een
                                vergunning door het college op het moment dat de standplaats niet
                                als vaste standplaats wordt ingenomen.</al><al>2. De dagplaats wordt toegewezen aan de gegadigde die zich daarvoor
                                op de dag zelf vóór 8:00 uur aanmeldt bij de marktmeester.</al><al>3. Indien er overeenkomstig lid 2, meerdere gegadigden zich
                                aanmelden bij de marktmeester, wijst het college de dagplaats toe
                                door middel van loting.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Paragraaf 3 Bepalingen over het gebruik van de standplaats</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 15 Persoonlijk innemen standplaats; bijstand</label></kop><al>1. De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen
                                persoonlijk in. Hij mag de standplaats niet aan een ander afstaan of
                                in gebruik geven.</al><al>2. De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen
                                bijstaan.</al><al>3. De vergunninghouder en degene die hem bijstaat mogen zich niet
                                schuldig maken aan wangedrag of bedrog.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 16 Aantal keren innemen vaste standplaats</label></kop><al>De vergunninghouder van een vaste standplaats neemt ten minste
                                eenmaal per twee weken en elfmaal per dertien weken zijn standplaats
                                op de markt in, dit met inachtneming van het bepaalde in de
                                artikelen 17 en 18.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 17 Afwezigheid wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden</label></kop><al>1. De vergunninghouder van een vaste standplaats die wegens ziekte,
                                vakantie of bijzondere omstandigheden verhinderd is zijn vaste
                                standplaats in te nemen, deelt dit schriftelijk mee aan het college.
                                Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid
                                duurt.</al><al>2. De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de desbetreffende
                                marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of
                                telefonisch aan de marktmeester gemeld, gevolgd door een
                                schriftelijke bevestiging daarvan aan het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 18 Ontheffing en vervanging</label></kop><al>1. In geval van ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden kan
                                het college op aanvraag van de vergunninghouder van een vaste
                                standplaats hem tijdelijk ontheffing verlenen van de verplichting om
                                ten minste eenmaal per twee weken en elfmaal per dertien weken de
                                standplaats op de markt in te nemen. De tijdelijke ontheffing kan
                                afhankelijk van omstandigheden maximaal 52 weken zijn.</al><al>2. Het college kan op aanvraag van de vergunninghouder hem
                                vergunning verlenen zich op zijn standplaats te laten vervangen door
                                een op grond van artikel 10 lid 2 sub f van deze verordening
                                vervanger.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 19 Legitimatie en identiteit vergunninghouder</label></kop><al>1. Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te
                                nemen, dient op eerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat
                                hij de vergunninghouder is.</al><al>2. De vergunninghouder dient bij zijn standplaats duidelijk
                                zichtbaar zijn naam en eventuele bedrijfsnaam aan te geven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 20 Tijdstip innemen standplaats / aan- en afvoer goederen</label></kop><al>1. Het is verboden voor vergunninghouders op het marktterrein meer
                                dan 2,5 uur voor aanvang en meer dan 2 uur na afloop van de markt
                                met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of
                                goederen aan of af te voeren.</al><al>2. De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot 14:00 uur
                                te blijven innemen en tot dit tijdstip te kunnen verkopen, zulks ter
                                beoordeling van het college. Het college kan hiervan ontheffing
                                verlenen.</al><al>3. Indien de vergunninghouder zijn vaste standplaats niet uiterlijk
                                om 8:30 uur heeft ingenomen, wordt de desbetreffende standplaats
                                voor die dag als dagplaats aangemerkt, tenzij de marktmeester de
                                standplaats op tijdig verzoek van de vergunninghouder voor hem
                                beschikbaar houdt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 21 Afval</label></kop><al>1. De vergunninghouder is verplicht er zorg voor te dragen, dat zijn
                                standplaats, zulks ter beoordeling van het college steeds een goed
                                verzorgd aanzien biedt.</al><al>2. Tijdens de markt dient de vergunninghouder zijn afval,
                                verpakkingsmaterialen en dergelijke zelf in te zamelen.</al><al>3. Alvorens de vergunninghouder het marktterrein verlaat, dient hij
                                zijn standplaats en de onmiddellijke omgeving daarvan, zoals
                                aangegeven op de plattegrond horend bij de anciënniteitlijst schoon
                                op te leveren en het afval zelf af te voeren.</al><al>4. Vergunninghouders aan wie tevens vergunning is verleend op hun
                                standplaats geringe eet- en drinkwaren voor de consumptie gereed te
                                maken, dienen aan de voorzijde van hun kraam of verkoopgelegenheid
                                een tweetal korven of bakken van voldoende grootte te plaatsen,
                                zulks ten genoegen van het college.</al><al>5. Lid 4 is tevens van toepassing op vergunninghouders aan wie een
                                vergunning is verleend in de artikelengroep aardappelen, groente en
                                fruit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 22 Parkeren</label></kop><al>1. Op grond van zijn vergunning is het de standplaatshouder
                                toegestaan één voertuig waarmee goederen of waren ter markt worden
                                of zijn aangevoerd op het marktterrein aanwezig te hebben op een
                                plaats, welke door het college is aangewezen.</al><al>2. Het is de vergunninghouder aan wie een vergunning is verleend
                                voor het gebruik van verkoopmaterialen anders dan een kraam, niet
                                toegestaan een ander voertuig waarmee goederen of waren ter markt
                                worden of zijn aangevoerd op het marktterrein aanwezig te
                                hebben.</al><al>3. Het college kunnen middels het verlenen van een vergunning
                                afwijken van het in lid 1 en lid 2 bepaalde. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Paragraaf 4 Hardheidsclausule</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 23 Hardheidsclausule</label></kop><al>1. De burgemeester kan van deze Marktverordening afwijken voor zover
                                toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard;</al><al>2. In de gevallen waarin deze Marktverordening niet of onvoldoende
                                voorziet en deze gevallen ook niet afdoende in beleidsregels zijn
                                geregeld, beslist de burgemeester.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Paragraaf 5 Straf-, overgangs- en slotbepalingen</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 24 Strafbepaling</label></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt
                                gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van
                                ten hoogste drie maanden en kan bovendien worden gestraft met
                                openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 25 Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning</label></kop><al>Onverminderd artikel 13 kan het college een vergunning voor een
                                vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel
                                telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen,
                                indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat:</al><al>a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de
                                voorschriften van de vergunning overtreedt;</al><al>b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; of</al><al>c. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat
                                wordt geheven op grond van artikel 229, eerste lid, onderdelen a en
                                b van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 26 Uitsluiting dagplaatshouder</label></kop><al>Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats van de
                                toewijzing van een dagplaats uitsluiten voor ten hoogste vier
                                marktdagen, indien deze:</al><al>a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt;</al><al>b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;</al><al>c. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat
                                wordt geheven op grond van artikel 229, eerste lid, onderdelen a en
                                b van de Gemeentewet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 27 Onmiddellijke verwijdering</label></kop><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het
                                college een vergunninghouder gelasten zich onmiddellijk van de markt
                                te verwijderen indien hij:</al><al>a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de
                                voorschriften van de vergunning overtreedt;</al><al>b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 28 Toezichthouders</label></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens
                                deze verordening zijn belast de marktmeester en de bij besluit van
                                het college aangewezen personen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 29 Intrekking oude regeling</label></kop><al>De Marktverordening, vastgesteld in de raad op 21 december 1993 en
                                aangepast op 14 december 1999, wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 30 Overgangsbepalingen</label></kop><al>1. Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de
                                Marktverordening 1993 gelden als besluiten genomen krachtens deze
                                verordening.</al><al>2. Op de wachtlijst zoals genoemd in artikel 17 van de
                                Marktverordening 1993, is een uitsterfbeleid van toepassing.</al><al>3. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze
                                verordening een aanvraag om vergunning op grond van de
                                Marktverordening 1993 is ingediend en voor het tijdstip van
                                inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag
                                is beslist, wordt deze verordening van toepassing verklaard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 31 Inwerkingtreding</label></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2004.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 32 Citeertitel</label></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de titel:
                                “Marktverordening gemeente Houten 2004”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 22 juni 2004.</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>