<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR442718_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening van de raad van Goeree-Overflakkee houdende de uitgangspunten voor het financiële beleid, het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie (Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2017)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Goeree-Overflakkee</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-02-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Goeree-Overflakkee</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2017-40359.html">Gemeenteblad 2017, 40359</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=212">Gemeentewet, art. 212</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-02-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-03-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2017-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-04-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z-16-73501/8212</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2016</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Goeree-Overflakkee;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 10 januari 2017;</al><al/><al>gelet op artikel 212 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>b</vet><vet>e</vet><vet>s</vet><vet>l</vet><vet>u</vet><vet>i</vet><vet>t</vet><vet>:</vet></al><al>vast te stellen de <vet>Financiële verordening Goeree-Overflakkee 201</vet><vet>7</vet>.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>begroting: het geheel van budgetten voor de uitvoering van de programma’s, nader onderverdeeld in thema´s;</al></li><li nr="-"><al>kapitaalgoederen: door de gemeente aangekochte of tot stand gebrachte objecten die gedurende meerdere jaren nut geven; </al></li><li nr="-"><al>thema: onderdeel van een programma en opgebouwd uit een of meerdere taakvelden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Programma-indeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan bij aanvang van een raadsperiode de programma-indeling wijzigen, nader onderverdeeld in thema’s.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de begroting is voor elk thema opgenomen: </al><lijst><li nr="a."><al>het hoofddoel, de beoogde maatschappelijke effecten;</al></li><li nr="b."><al>de te bereiken doelen binnen de raadsperiode;</al></li><li nr="c."><al>de te bereiken (sub)doelen voor het komende begrotingsjaar.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad stelt op voorstel van het college per thema de beleidsindicatoren vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inrichting begroting en jaarstukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de begroting worden onder elk van de programma’s de lasten en baten per thema weergegeven en bij de jaarstukken worden onder elk van de programma’s de gerealiseerde lasten en baten per thema weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringskrediet in het lopende boekjaar weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Kaders begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders bieden in het eerste halfjaar de raad een Kadernota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in de begroting en meerjarenbegroting opgenomen onderhoudsbudgetten voor kapitaalgoederen zijn normaliter gebaseerd op meerjarige periodiek geactualiseerde onderhoudsplannen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Autorisatie begroting en investeringskredieten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per thema.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de begrotingsbehandeling kan de raad expliciet aangeven van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. De overige nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Na de vaststelling van de begroting kunnen burgemeester en wethouders de raad ter autorisatie een afzonderlijk voorstel doen tot het opnemen van nieuwe baten en lasten in de begroting en het vaststellen van nieuwe investeringskredieten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de behandeling van de tussenrapportages in de raad kunnen burgemeester en wethouders de raad voorstellen doen voor: </al><lijst><li nr="a."><al>het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten per thema en de investerings-kredieten, met name bij (dreigende) overschrijdingen van de totaal geautoriseerde lasten per thema en investeringskredieten of wanneer de geautoriseerde baten per thema worden onderschreden of dreigen te onderschrijden;</al></li><li nr="b."><al>het opnemen van nieuwe baten en lasten; </al></li><li nr="c."><al>het saldo van de wijzigingen van de te autoriseren baten en lasten, genoemd onder a en b, bedraagt maximaal een extra last van € 100.000,- per thema;</al></li><li nr="d."><al>het bijstellen van het beleid.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Tussentijdse rapportages</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders informeren de raad periodiek door middel van tussentijdse rapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De tussenrapportages bestaan uit:</al><lijst><li nr="a."><al>een weergave van de stand van zaken van de (sub)doelen binnen een thema voor het lopende begrotingsjaar;</al></li><li nr="b."><al>de ontwikkeling van de baten en lasten per thema, inclusief de mutaties van de reserves;</al></li><li nr="c."><al>een overzicht van de wijzigingen van de geautoriseerde baten en lasten en investe-ringskredieten;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de tussenrapportages worden in ieder geval incidentele en structurele afwijkingen groter dan € 25.000,- op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten binnen de thema’s toegelicht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Nota’s</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders beoordelen tenminste eens in de vier jaar de noodzaak van het actualiseren van de door de raad vastgestelde onderstaande nota’s. Dit oordeel wordt opgenomen in de Kadernota. De raad bepaalt uiteindelijk de noodzaak tot het al dan niet actualiseren van de nota’s. Het betreffen de navolgende nota’s:</al><lijst><li nr="a."><al>reserves en voorzieningen;</al></li><li nr="b."><al>verbonden partijen;</al></li><li nr="c."><al>kadernota grondbeleid;</al></li><li nr="d."><al>inkoop- en aanbestedingsbeleid;</al></li><li nr="e."><al>misbruik en oneigenlijk gebruik;</al></li><li nr="f."><al>risicomanagement.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Waardering en afschrijving vaste activa</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de aangeschafte activa tot en met het verslagjaar 2015 worden de al eerder bepaalde afschrijvingstermijnen gecontinueerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Kosten voor het afsluiten van geldleningen en een saldo voor agio en disagio worden direct ten laste van de exploitatie gebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het afschrijven op activa begint in beginsel in het jaar volgend op de totstandkoming c.q. realisatie van het investeringswerk.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Afschrijving vindt in principe lineair plaats. Indien op een andere wijze wordt afgeschreven wordt dit gemotiveerd aangegeven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Investeringen met een aanschaffingswaarde kleiner dan € 25.000,- worden niet geactiveerd.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Investeringen worden volledig afgeschreven met uitzondering van vervoers-/tractiemiddelen waar rekening gehouden wordt met een restwaarde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Voorziening voor oninbare vorderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor openstaande vorderingen betreffende belastingen en heffingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd ter grootte van het historische percentage van oninbaarheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de overige openstaande vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een historisch percentage van oninbaarheid of een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen ouder dan drie maanden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kostprijsberekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de omslagrente van de lopende begroting betrokken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de directe kosten worden betrokken de bijdragen aan en de vrijval van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa en de afschrijvingskosten van de in gebruik zijnde activa. Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW) en de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid betrokken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de kostenonderbouwing van de overheadkosten bedoeld in het 1e lid wordt gebruik gemaakt van een kostenverdeelstaat waarin de toerekening van de kosten plaatsvindt op basis van fte’s en uiteindelijk wordt uitgedrukt in een bedrag per direct productief uur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente aan de taakvelden voor de financiering van de in gebruik zijnde activa wordt jaarlijks met de begroting vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij een verstrekte lening wordt voor de bepaling van de rentekosten in de kostprijs uitgegaan van het gemiddelde rentepercentage op de leningportefeuille van de lopende begroting. Deze rente kan worden verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Financieringsfunctie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders nemen bij het uitzetten en het aantrekken van middelen de volgende kaders in acht:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het aantrekken van financieringen met een looptijd langer dan één jaar worden tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; en </al></li><li nr="b."><al>er wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet financiering decentrale overheden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het verstrekken van leningen, het verstrekken van garanties en het verstrekken van risicodragend kapitaal bedingen burgemeester en wethouders indien mogelijk zekerheden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dragen zorg voor een treasurystatuut waarin is opgenomen het sturen en het beheersen van, en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico's. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Bedrijfsvoering</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders geven in de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting en de jaarstukken in algemene zin de stand van zaken aan en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Daarnaast worden in ieder geval opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten; </al></li><li nr="b."><al>de kosten van inhuur derden;</al></li><li nr="c."><al>ziekteverzuimpercentage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Financiële organisatie</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders dragen voor wat betreft de financiën zorg voor: </al><lijst><li nr="a."><al>een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie; </al></li><li nr="b."><al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkheden;</al></li><li nr="c."><al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten;</al></li><li nr="d."><al>de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie;</al></li><li nr="e."><al>de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van de lasten en baten aan de producten of taakvelden binnen een thema.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Interne controle</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders zorgen voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de financiële beheershandelingen. Bij afwijkingen nemen burgemeester en wethouders zo nodig maatregelen tot herstel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Intrekken oude verordening</titel></kop><al>De Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2016 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regeling genoemd in artikel 15 blijft van toepassing op de jaarrekening en het jaarverslag met bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Besluiten, genomen op grond van de regeling genoemd in artikel 15, worden aangemerkt als besluiten op grond van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2017.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2017.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad</ondertekening><ondertekening>van de gemeente Goeree-Overflakkee op 23 februari 2017.</ondertekening><ondertekening>griffier, voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. J. Mimpen mr. A. Grootenboer-Dubbelman</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting Financiële verordening Goeree-Overflakkee 2017</label></kop><tussenkop><vet>Algemeen</vet></tussenkop><al>De financiële verordening is op grond van artikel 212 Gemeentewet verplicht. Dit artikel bepaalt het volgende:</al><al/><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt bij verordening de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie vast. Deze verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. </al></li><li nr="2."><al>De verordening bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>regels voor waardering en afschrijving van activa;</al></li><li nr="b."><al>grondslagen voor de berekening van de door het gemeentebestuur in rekening te brengen prijzen en van tarieven voor rechten als bedoeld in artikel 229b, alsmede, voor zover deze wordt geheven, voor de heffing bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; </al></li><li nr="c."><al>regels inzake de algemene doelstellingen en de te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie.</al></li></lijst></li></lijst><al/><al>Met de financiële verordening kan de gemeenteraad nadere invulling geven aan zijn kaderstellende rol voor de financiële functie van de gemeente.</al><al/><tussenkop>Financiële functie </tussenkop><al>De financiële functie omvat alle directe en indirecte activiteiten en processen ter uitvoering van de onderwerpen die zijn opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De kernonderwerpen in het besluit zijn de begroting, de meerjarenraming, de paragrafen en de jaarstukken. Het zijn onderwerpen waarbij vooral de raad een centrale rol vervult. De begroting betreft immers het vaststellen van de beschikbare gelden en de programma’s met de thema’s die daarmee gerealiseerd moeten worden. Om de financiële positie van de gemeente te kunnen beoordelen, moet de vraag beantwoord worden of de financiën met name op de langere termijn gezond zijn. Zo kan de begroting sluitend zijn, terwijl de meerjarige financiële positie kwetsbaar is. Andersom kan de financiële positie gezond zijn en de rekening een tekort laten zien. De raad zal de begroting steeds in relatie moeten bezien met de financiële positie. De begroting en de financiële positie zijn in onderlinge samenhang van belang voor het inzicht in de gemeentelijke financiën. </al><al>De paragrafen gaan over onderwerpen die van invloed zijn op de begroting en de financiële positie en waarbij sprake is van bestuurlijke en financiële risicofactoren.</al><al/><tussenkop>Financieel beleid </tussenkop><al>Het financieel beleid omvat de uitgangspunten voor de financiële functie. In de eerste plaats zijn dat de algemene uitgangspunten en doelen voor uitoefening, organisatie en werking van de financiële functie en de daarbij behorende informatievoorziening. Ten tweede gaat het specifiek om uitgangspunten die de budgettaire ruimte beïnvloeden. Artikel 212 noemt in dat verband drie onderwerpen: </al><lijst><li nr="1."><al>de regels voor de waardering en afschrijving van activa; </al></li><li nr="2."><al>de grondslagen voor de berekening van de tarieven, heffingen en prijzen die gemeenten heffen;</al></li><li nr="3."><al>de algemene doelstellingen, richtlijnen en limieten voor de financieringsfunctie;</al></li></lijst><tussenkop>Financieel beheer </tussenkop><al>Het financieel beheer omvat de activiteiten die moeten bewerkstelligen dat de uitvoering van de begroting volgens de gestelde plannen en doelen en binnen de gestelde kaders plaatsvinden en dat de financiële positie daarmee in overeenstemming is. Die activiteiten dienen er voor te zorgen dat de financiële situatie onder controle is. </al><al/><tussenkop><vet>Toelichting op de artikelen</vet></tussenkop><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 1 </vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Begripsbepalingen</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>De omschrijving van het begrip begroting is overgenomen uit de budgethoudersregeling Goeree-Overflakkee 2016. De term budgetten is in voornoemde regeling als volgt verwoord: het geheel van directe (financiële) middelen voor het realiseren van een samenhangend geheel aan doelstellingen, resultaten en activiteiten.</al><al>Onder kapitaalgoederen worden verstaan investeringen met een economisch nut en investeringen met een maatschappelijk nut. Deze goederen worden geactiveerd en hierop afgeschreven.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 2</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Programma-indeling</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Na gehouden gemeenteraadsverkiezingen heeft de nieuwe raad de mogelijkheid de bestaande indeling van de begroting te wijzigen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>De vraag wat willen we bereiken is uitgewerkt in drie verschillende niveaus voor de doelen. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Het gaat hier vooral om de gewenste maatschappelijke effecten en de te realiseren beleidsdoelen te kunnen meten met behulp van indicatoren.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 3</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Inrichting begroting en jaarstukken</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1e lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Het autorisatieniveau van de begroting is bepaald op het niveau onder die van de programma’s. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Ingevolge het Besluit begroting verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dient bij de uiteenzetting van de financiële positie van de gemeente aandacht besteed te worden aan investeringen. In dit lid wordt dit geregeld voor nieuwe investeringen, maar ook voor de nog lopende investeringen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Bij de jaarrekening dient eveneens aandacht geschonken te worden aan de stand van zaken ten aanzien van de geautoriseerde investeringskredieten.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 4</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Kaders begroting</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Voor het opstellen van de begroting en de meerjarenbegroting worden aan burgemeester en wethouders beleidsuitgangspunten en financiële kaders meegegeven die door de raad zijn vastgesteld in de Kadernota. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Een belangrijk kader voor de begroting is het beschikbaar hebben van geactualiseerde ramingen voor het onderhoud van kapitaalgoederen. Het inzichtelijk hebben van de onderhoudstoestand van deze goederen is nodig voor het kunnen beoordelen van de financiële positie van de gemeente. Voorbeelden van deze kapitaalgoederen zijn: wegen, riolering, gebouwen, openbare verlichting.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 5</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Autorisatie begroting en investeringskredieten</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Art. 191 van de Gemeentewet bepaalt dat de raad de begroting vaststelt in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. Met deze vaststelling worden burgemeester en wethouders gemachtigd om alle baten en lasten van de begroting te behartigen. Het autorisatieniveau is in dit lid bepaald op themaniveau.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Met het vaststellen van de begroting door de raad zijn alle opgenomen investeringen gelijktijdig mee vastgesteld. De raad kan een voorbehoud maken ten aanzien van expliciet genoemde investeringen. De raad heeft dan de mogelijkheid burgemeester en wethouders overwegingen mee te geven voor de daadwerkelijke invulling van de beoogde investering. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Na de vaststelling van de begroting kunnen zich nieuwe baten en lasten en investeringen zich voordoen die met behulp van een begrotingswijziging ter autorisatie worden voorgelegd aan de raad. In de regel vindt dit vooraf plaats. Voor het pragmatisch kunnen handelen hebben burgemeester en wethouders de mogelijkheid om nieuwe baten en lasten mee te nemen in de tussenrapportages, ingevolge het 4<sup>e</sup> lid. Dit geldt niet voor nieuwe investeringen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Voor het behandelen van de daadwerkelijke begrotingswijzigingen en bijstellingen van beleid is er voor gekozen deze mee te nemen bij de behandeling van de tussenrapportages. Dit geldt in ieder geval voor geconstateerde overschrijdingen of bij dreigende overschrijdingen. In de tussenrapportages mogen nieuwe baten en lasten opgenomen worden, zie ook de toelichting bij het vorige lid. </al><al>Daar het maximum bijstellingsbedrag kan bestaan uit de volgende componenten:</al><al>a.het bijstellen van de raming voor al opgetreden overschrijdingen;</al><al>b.het bijstellen van de raming voor (verder) dreigende overschrijdingen;</al><al>c.het opnemen van het saldo van nieuwe lasten en baten;</al><al>wordt de echte ruimte voor het achteraf rechtmatig laten bijramen van de begroting voor het opnemen van nieuwe lasten beperkt.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 6</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Tussentijdse rapportage</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Het aantal tussentijdse rapportages vindt plaats naar behoefte, ontwikkelingen en mogelijkheden.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2e lid</al></entry><entry colname="col2"><al>In dit lid is aangegeven wat burgemeester en wethouders dienen op te nemen in de tussenrapportages. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Een grensbedrag is opgenomen voor het verplicht toelichten van de gerapporteerde afwijking. In art. 5 lid 4a is geregeld dat burgemeester en wethouders maatregelen dienen te nemen ter voorkoming van overschrijdingen op themaniveau. Afwijkingen van deze omvang, ongeacht van het al of niet overschrijden van een thema, moeten altijd toegelicht worden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 7</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Nota’s</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Het in de Kadernota beargumenteerd opnemen van de noodzaak van het al of niet actualiseren van een beleidsnota komt het efficiënt werken ten goede. De raad blijft op deze manier in positie om te bepalen de daadwerkelijke noodzaak en kan zo nodig nadere kaders of richtlijnen aan burgemeester en wethouders meegeven voor de actualisatie. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 8</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Waardering en afschrijving vaste activa</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>De verordening moet volgens artikel 212 van de Gemeentewet in elk geval bevatten de “regels voor waardering en afschrijving activa”. Een aantal basisregels is voor het waarderen en afschrijven opgenomen in dit artikel. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 9</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Voorziening voor oninbare vorderingen</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>De mogelijke oninbaarheid van openstaande vorderingen betreffende belastingen en heffingen wordt beoordeeld op basis van het historisch percentage van oninbaarheid. Hierin wordt een bestendige gedragslijn gevolgd.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Voor de overige vorderingen geldt hetzelfde als de te hanteren gedragslijn voor de belastingen en heffingen met daarnaast de mogelijkheid van individuele beoordeling.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 10 </vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Kostprijsberekening</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Artikel 212 Gemeentewet bepaalt in het tweede lid, onder b, dat de verordening in ieder geval bevat de grondslagen voor de berekening van de door het gemeentebestuur in rekening te brengen prijzen en tarieven voor rechten en heffingen. De grondslag voor de prijzen en tarieven vormt de opbouw van de kostprijs van de goederen en diensten waarvoor prijzen en heffingen in rekening worden gebracht. In dit artikel staan de kaders voor de bepaling van de kostprijzen van de gemeentelijke diensten die worden geleverd aan derden.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Hier wordt bepaald dat de kostprijs bestaat uit de directe kosten, overheadkosten en het percentage van de omslagrente. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Een aantal specifieke lasten worden in dit lid betrokken bij het begrip kosten. </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>De toerekening van de overhead wordt met behulp van een kostenplaats verdeeld op basis van direct productieve uren.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>De jaarlijkse vaststelling van de omslagrente vindt plaats via de begroting.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Wanneer de gemeente een lening aan een derde wordt verstrekt, wordt voor het bepalen van de rentevergoeding de omslagrente toegepast.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 11</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Financieringsfunctie</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Voor het aantrekken van lang lopende leningen geldt de verplichting om tenminste twee offertes op te vragen. Daarnaast is verboden gebruik te maken van financiële derivaten.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Hier is geregeld dat de raad wordt geïnformeerd indien de toezichthouder wordt bericht over de genoemde overschrijdingen.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Burgemeester en wethouders hebben een inspanningsverplichting voor het zoveel mogelijk zorgdragen voor zekerheden wanneer leningen worden verstrekt of garanties worden afgegeven.</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4<sup>e</sup> lid</al></entry><entry colname="col2"><al>Burgemeester en wethouders zijn verplicht een treasurystatuut op te stellen. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 12</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Bedrijfsvoering</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>In dit artikel is aangegeven wat burgemeester en wethouders naast hetgeen al wettelijk verplicht is dient op te nemen in de paragraaf bedrijfsvoering. </al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 13</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Financiële organisatie</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>In dit artikel zijn de uitgangspunten opgesomd voor de financiële organisatie en draagt burgemeester en wethouders op hiervoor zorg te dragen. Verschillende aspecten dienen uitgewerkt te worden in nadere beleidsregels.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 14 </vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Interne controle</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Burgemeester en wethouders zijn verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen voor het zorgdragen van de betrouwbaarheid van de gegevens in de administraties en het toetsen of de financiële beheershandelingen rechtmatig hebben plaatsgevonden.</al></entry></row></tbody></tgroup></table><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="13*"/><colspec colname="col2" colwidth="87*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Artikel 15</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Intrekken oude verordening en overgangsrecht</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bij het inwerkingtreden van de nieuwe verordening moet de oude worden ingetrokken. Volgens de Gemeentewet is een begrotingsjaar gelijk aan een kalenderjaar. Het overgangsrecht is van toepassing op de jaarrekening en het jaarverslag van het begrotingsjaar 2016 voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop deze nieuwe verordening van toepassing is.</al></entry></row></tbody></tgroup></table></nota-toelichting><bijlage><kop><titel>Bijlage - Afschrijvingstabel ingevolge art. 8 lid 2</titel></kop><al>In de tabel wordt uitgegaan van het principe van een maximale afschrijvingstermijn. Dit houdt in dat de afschrijving op het actief nooit langer mag zijn dan het aangegeven aantal jaren. Wel mag afgeweken worden naar een kortere duur. Deze methodiek is overeenkomstig de modelverordening van de VNG. De hierop betrekking hebbende tekst uit de modelverordening is als volgt:</al><al/><al>”<cursief>Optioneel is het stellen van een maximale afschrijvingstermijn. Van een maximale afschrijvingstermijn kan naar beneden worden afgeweken. Reden hiervoor is dat de economische levensduur van bijvoorbeeld nieuwe riolering langer is dan die van oude riolering. Door het opnemen van de maximale afschrijvingstermijn kan voor oude riolering een korte afschrijvingstermijn worden toegepast zonder hiervoor in de verordening een aparte bepaling op te nemen.</cursief><cursief>”</cursief></al><al/><al>In de tabel is voor enige activa een bandbreedte opgenomen ten aanzien van de afschrijvingstermijn. Dit houdt in dat naast een maximale termijn ook een minimale termijn in acht genomen moet worden.</al><al/><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry><al><vet>Soort actief</vet></al></entry><entry><al><vet>Maximale </vet></al><al><vet>Afschrijvingstermijnen</vet></al><al><vet>Huidige verordening </vet></al></entry><entry><al><vet>Maximale </vet></al><al><vet>Afschrijvingstermijnen</vet></al><al><vet>Concept nwe verordening </vet></al><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet>1. Immateriële vaste activa</vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>-saldo van agio en disagio</al></entry><entry><al>-</al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>-kosten van sluiten van geldleningen</al></entry><entry><al>-</al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>-kosten van onderzoek en ontwikkeling</al></entry><entry><al>-</al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet>2. Materiële vaste activa</vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.1 gronden en terreinen</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- gronden en terreinen</al></entry><entry><al>-</al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.2 woonruimten</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- woonruimten</al></entry><entry><al>40 jaar</al></entry><entry><al>40 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- woonwagens</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.3 bedrijfsgebouwen </cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Gebouwen - algemeen (incl. school en verenigingsgebouwen)</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Gebouwen - noodgebouwen/tijdelijke gebouwen</al></entry><entry><al>20 jaar</al></entry><entry><al>20 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Gebouwen - bouwkundige aanpassingen/renovatie (incl. school en verenigingsgebouwen)</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Gebouwen - reddings- en strandpost en daarbij behorende schuren, werkplaatsen, loodsen</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.4 grond-, weg-, en waterbouwkundige werken</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Riolering - Algemeen</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Riolering - persleidingen</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Riolering - gemalen bouwkundig</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry><entry><al>50 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Riolering - gemalen elektrisch/mechanisch (drukpompen, drainage e.d.)</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Wegen - aanleg en reconstructie van wegen, pleinen, rotondes en </al><al> fietspaden</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Openbare verlichting - masten</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Openbare verlichting - armaturen</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Verkeersmeubilair - w.o. abri’s, plattegrondkasten e.d.</al></entry><entry><al>5 jaar</al></entry><entry><al>5 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Civiele kunstwerken (aanleg, renovatie en vervanging)</al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al> * bruggen en tunnels</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry></row><row><entry><al> * kademuren</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry></row><row><entry><al> * watergangen</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry></row><row><entry><al> * beschoeiingen</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry></row><row><entry><al> * steigers, stuwen, remmingswerken</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry></row><row><entry><al> * overige kunstwerken (w.o. geluidswallen, duikers en keermuren)</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry><entry><al>25 - 75 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Begraafplaatsen - aanleg (incl. uitbreiding)</al></entry><entry><al>40 jaar</al></entry><entry><al>40jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Begraafplaatsen - herinrichting</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry><entry><al>25 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Sportaccommodaties - aanleg kunst- en natuurgrasvelden </al><al> (onderbouw incl hekwerken en beregeningsinstallaties)</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry><entry><al>30 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Sportaccommodaties - aanleg toplaag en renovatie van kunst- en </al><al> natuurgrasvelden, inclusief bijbehorende investeringen (doelen </al><al> e.d.)</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Aanschaf (ondergrondse) containers afvalinzameling (waaronder glas, kunststof, papier e.d.)</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.5 vervoersmiddelen/tractiemiddelen</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Groot materieel - w.o. vrachtwagens, </al><al> gladheidsbestrijdingsmaterieel, tractoren, reinigingsvoertuigen</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Vervoermiddelen - w.o. personenauto’s, bestelwagens, lichte </al><al>  transportmiddelen</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Klein materieel - w.o. maaimachines e.d.</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.6 machines, apparaten en installaties</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Klein materieel - w.o. gereedschappen, apparatuur e.d. </al></entry><entry><al>5 jaar</al></entry><entry><al>5 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Investeringen begraafplaatsen (grafliften e.d.)</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry><entry><al>8 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Investeringen reiniging/milieu</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>- Inventaris/meubilair</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry><entry><al>10 jaar</al></entry></row><row><entry><al>- Installaties/machines</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry><entry><al>15 jaar</al></entry></row><row><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al><vet><cursief>2.7 ICT</cursief></vet></al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>  </al></entry></row><row><entry><al>Hard- en software </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>5 jaar</al></entry></row><row><entry><al>Mobiele devices (smartphones, notebooks, laptops en tablets) </al></entry><entry><al>  </al></entry><entry><al>3 jaar</al></entry></row></tbody></tgroup></table></bijlage></regeling></body></cvdr>