<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR440836_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening 2013</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Veere</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Veere</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Faam, enGVOP 28 juli
                2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene Subsidieverordening Veere 2013</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 149 van de gemeentewet en titel 4.2 van de algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-04-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>de wijzigingen zoals opgenomen in de 1e Wijziging van de Algemene Subsidieverordening zijn geconsolideerd in deze verordening</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>15b.02901</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Algemene Subsidieverordening Veere 2013</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Op 1 oktober 2015 heeft de gemeenteraad de verordening tot wijziging van de algemene subsidieverordening vastgesteld (1e wijziging) Deze is met terugwerkende kracht in werking getreden op 1 juni 2015</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening 2013</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenteraad der gemeente Veere</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet,</al><al>gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht,</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4
                        december 2012,</al><al>besluit vast te stellen de Algemene Subsidieverordening Veere 2013.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>1</nr><titel/></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><al>aanvrager</al><al>een rechtspersoon, met volledige rechtsbevoegdheid, die zich zonder
                                winstoogmerk als hoofddoel stelt de behartiging van de belangen op
                                één of meer programma’s waarvoor deze verordening van toepassing is,
                                met uitzondering van openbare lichamen die zijn ingesteld krachtens
                                de Wet Gemeenschappelijke Regelingen.</al><al>Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere
                                gevallen voor de toepassing van deze verordening een natuurlijk
                                persoon of een groep natuurlijke personen gelijkstellen met een
                                aanvrager</al><al>activiteitenplan</al><al>een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd,
                                alsmede de relatie van de activiteiten met het gemeentelijk
                                beleid</al><al>grondslagen</al><al>is hetgeen waarop de subsidieverlening is gebaseerd</al><al>instelling</al><al>elke organisatie, niet zijnde een publiekrechtelijke instantie, die
                                zich zonder winstoogmerk het uitvoeren van een of meer activiteiten
                                ten doel stelt waarvan het college van burgemeester en wethouders de
                                ideële of materiële waarde voor de Veerse bevolking erkent</al><al>jaar</al><al>kalenderjaar</al><al>productbegroting</al><al>een overzicht van de voor het boekjaar geraamde inkomsten en
                                uitgaven van alle producten afzonderlijk, waarin begrepen zijn alle
                                vaste en variabele kosten van een jaar.</al><al>programma</al><al>een raadsprogramma, waarin de gemeenteraad politieke kaders stelt
                                aan het college van burgemeester en wethouders</al><al>publiekrechtelijke instanties</al><al>zijn bestuursorganen en publiekrechtelijke rechtspersonen zoals
                                bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht</al><al>reserve</al><al>algemene reserve: een gedeelte van het eigen vermogen dat vrij
                                ingezet kan worden als buffer voor exploitatierisico’s;</al><al>bestemmingsreserve: een gedeelte van het eigen vermogen waaraan door
                                het bestuur al een bestemming is gegeven. Het bestuur kan nog
                                beslissen een andere bestemming aan deze reserves te geven.</al><al>voorziening</al><al>Een voorziening is een onderdeel van het vreemd vermogen. Een
                                voorziening wordt gevormd voor toekomstige verplichtingen waarvan
                                het exacte tijdstip en/of omvang nog niet bekend zijn, maar wel
                                redelijk zijn in te schatten. Er is een oorzakelijk verband met
                                gebeurtenissen in de periode voorafgaand aan de datum waarop de
                                voorziening op de balans wordt opgenomen. Een voorziening kan alleen
                                gebruikt worden voor datgene waarvoor het oorspronkelijk is
                                bedoeld.</al><al>subsidie</al><al>een subsidie als bedoeld in artikel 4.21 van de Algemene wet
                                bestuursrecht, is een aanspraak op financiële middelen, door een
                                bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de
                                aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan
                                geleverde goederen en diensten</al><al>subsidieplafond</al><al>het jaarlijks door de gemeenteraad vastgestelde bedrag dat ten
                                hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies</al><al>subsidies, incidentele</al><al>een subsidie voor (een) bepaalde activiteit(en) die een eenmalig
                                karakter dragen</al><al>subsidies, structurele</al><al>een subsidie voor jaarlijks terugkerende activiteiten</al><al>uitvoeringsbesluit</al><al>een door het college genomen besluit waarin nadere uitvoering wordt
                                gegeven aan deze verordening</al><al>uitvoeringsovereenkomst</al><al>een schriftelijke overeenkomst tussen de subsidieontvanger en
                                subsidieverstrekker. In de uitvoeringsovereenkomst worden de
                                prestaties in een bepaald tijdvak die door de subsidieontvanger
                                zullen worden gerealiseerd, nader uitgewerkt</al><al>de verordening</al><al>de Algemene Subsidieverordening Veere</al><al>de Wet</al><al>de Algemene wet bestuursrecht.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><al>Voor zover overige Wet - en regelgeving niet anders bepaald, is deze
                                verordening van toepassing op subsidies die betrekking hebben op de
                                volgende programma’s:</al><al>woongebied, buitengebied, leren en leven, sociale voorzieningen,
                                zorg, veiligheid, milieu, economische zaken, openbare ruimte,
                                cultuur, bestuur en financiële middelen en overige door het college
                                van burgemeester en wethouders aan te wijzen programma’s.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bevoegdheidsverdeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt door het college verleend en vastgesteld op grond
                                    van deze door de raad vastgestelde verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beschikt op de aanvraag om subsidie met inachtneming
                                    van het terzake vastgestelde beleid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college is bevoegd ter uitvoering van een besluit tot
                                    subsidieverlening met de subsidieontvanger een overeenkomst te
                                    sluiten, de zogenaamde uitvoeringsovereenkomst.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college is bevoegd ter uitvoering van deze verordening
                                    nadere regels te stellen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad stelt jaarlijks voorafgaande aan het jaar
                                    waarvoor de subsidie wordt aangevraagd de begroting vast, waarin
                                    maximum bedragen zijn opgenomen voor het subsidieplafond per
                                    programma en verwijst voor de verdeling daarvan naar de criteria
                                    als vastgesteld in het beleid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover een subsidie wordt verleend ten laste van een
                                    begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt zij
                                    verleend onder de voorwaarde dat de gemeenteraad de begroting
                                    goedkeurt.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vormen van subsidie en grondslagen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Vormen subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>subsidievormen</titel></kop><al>Subsidies kunnen bestaan in de volgende vormen:</al><al>a. incidentele en structurele waarderingssubsidie</al><al>b. incidentele en structurele budgetsubsidie categorie A</al><al>c. budgetsubsidie categorie B</al><al>d. budgetsubsidie categorie C</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Waarderingssubsidie</titel></kop><al>Een waarderingssubsidie is een subsidie die wordt verleend van €
                                    250 tot maximaal € 2.500 per jaar, als waardering voor een
                                    organisatie of activiteit die bijdraagt aan de doelen als
                                    genoemd in de betreffende beleidsregels, ongeacht de feitelijke
                                    kosten van de organisatie of de activiteit.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Budgetsubsidie categorie A</titel></kop><al>Een budgetsubsidie categorie A is een subsidie die wordt
                                    verleend van minimaal € 250 tot maximaal € 25.000 per jaar en is
                                    bedoeld voor: vernieuwende en/of structurele activiteiten die
                                    bijdragen tot de realisatie van de beleidsnota’s en
                                    beleidsregels van de gemeente Veere.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8a</nr><titel>Budgetsubsidie categorie B</titel></kop><al>Een budgetsubsidie categorie B is een subsidie die wordt
                                    verleend van minimaal € 25.000 per jaar en is bedoeld voor:
                                    vernieuwende en/of structurele activiteiten die bijdragen tot de
                                    realisatie van de beleidsnota’s en beleidsregels van de gemeente
                                    Veere door professionele instellingen. Dit zijn instellingen die
                                    beroepskrachten in dienst hebben.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8b</nr><titel>Budgetsubsidie categorie C</titel></kop><al>Categorie C is een subsidie die wordt verleend van minimaal
                                    €25.000 tot maximaal €50.000 per initiatief en is bedoeld voor
                                    stimuleren van maatschappelijke intitatieven om de komen tot
                                    “meer samenleving minder overheid” welke getoetst worden aan de
                                    nadere regels “Leefbaarheidsbijdrage”</al><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>grondslagen voor de berekening van het subsidiebedrag</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Berekening van Waarderingssubsidie</titel></kop><al>De berekening van een waarderingssubsidie is gebaseerd op:</al><al>a. de beleidsnota’s en beleidsregels van de Gemeente Veere;</al><al>b. de subsidieaanvraag, en</al><al>c. de subsidieplafonds.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Berekening van budgetsubsidie categorie A</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De berekening van een budgetsubsidie categorie A is
                                        gebaseerd op:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de beleidsnota’s en beleidsregels van de Gemeente
                                        Veere;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de kosten van de activiteiten, zoals opgenomen in de
                                        begroting, en de subsidieplafonds</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien in het eerste lid, onder b, vermelde niet mogelijk is
                                        dan wordt onderzocht of subsidiëring op basis van kosten aan
                                        de hand van een exploitatiebegroting aan de orde kan
                                        zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Berekening van budgetsubsidie categorie B</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De berekening van een budgetsubsidie categorie B is
                                        gebaseerd op: a. de beleidsnota’s en beleidregels van de
                                        Gemeente Veere; b activiteiten en/of prestaties, en de
                                        subsidieplafonds.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien in het eerste lid, onder b, vermelde niet mogelijk is
                                        dan wordt bekeken of subsidiëring op basis van kosten aan de
                                        hand van een exploitatiebegroting aan de orde kan zijn.
                                    </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidiëring op basis van activiteiten/prestaties wordt
                                        de hoogte van de subsidie bepaald door de activiteiten die
                                        zijn opgenomen in een activiteitenplan; danwel het product
                                        van het aantal prestaties en een bedrag per prestatie zoals
                                        de gemeente en de instelling overeenkomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij subsidiëring op basis van kosten kan de hoogte van een
                                        subsidie bepaald worden aan de hand van een
                                        exploitatiebegroting van de subsidiabele activiteiten</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij subsidiëring op basis van kosten kan het college van
                                        burgemeesters en wethouders in de beschikking tot
                                        subsidieverlening per kostensoort de maximale hoogte van de
                                        subsidie bepalen. Daarbij wordt, tenzij er sprake is van
                                        bijzondere omstandigheden, onderscheiden: a.
                                        personeelskosten; b. huisvestingskosten; c.
                                        organisatiekosten; d. activiteitenkosten; e. overige
                                        kosten</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders kan vaststellen
                                        welk percentage van de subsidie verkregen voor een bepaalde
                                        kostensoort, de subsidieontvangers mag aanwenden voor een
                                        andere kostensoort;</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college geeft in de subsidiebeschikking aan welke
                                        grondslag van toepassing is.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Aanvraag van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Subsidieaanvraag incidentele en structurele
                                    waarderingssubsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een structurele waarderingssubsidie moet vóór
                                    1 oktober van het jaar voorafgaande aan het kalenderjaar
                                    waarvoor de subsidie wordt aangevraagd worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een structurele waarderingssubsidie kan voor vier jaar verleend
                                    worden. Als het een eerste aanvraag betreft, wordt deze voor één
                                    jaar verleend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor zover de aanvraag een incidentele waarderingssubsidie
                                    betreft dient de aanvrager ten minste dertien weken voor de
                                    aanvang van de geplande activiteit een aanvraag voor subsidie in
                                    te dienen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij een aanvraag betreffende een waarderingssubsidie moet het
                                    volgende worden verstrekt: a. een activiteitenplan; b. inkomsten
                                    en uitgaven die met de activiteiten samenhangen: een begroting;
                                    c. voor zover van toepassing datum en plaats van uitvoering; d.
                                    voor zover van toepassing aantal te verwachten deelnemers, en e.
                                    indien een aanvraagformulier voor een bepaalde subsidie is
                                    vastgesteld door het college, dient dit in plaats van de
                                    bovenstaande bescheiden te worden gehanteerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Subsidieaanvraag incidentele en structurele budgetsubsidie
                                    categorie A</titel></kop><al>Een aanvraag voor een structurele budgetsubsidie categorie A moet
                                vóór 1 mei van het jaar voorafgaande aan het kalenderjaar waarvoor
                                de subsidie wordt aangevraagd worden ingediend.</al><al>Voor een incidentele budgetsubsidie categorie A moet aanvrager ten
                                minste dertien weken voor de aanvang van de activiteiten een
                                aanvraag voor subsidie indienen.</al><al>Bij een aanvraag tot een maximumbedrag van € 2.500 zijn de
                                bepalingen uit artikel 12 lid 4a tot en met e van deze verordening
                                van toepassing</al><al>Bij een aanvraag betreffende een budgetsubsidie categorie A moet in
                                ieder geval worden verstrekt: a. een activiteitenplan; b. inkomsten
                                en uitgaven die met de activiteiten samenhangen: een begroting; c.
                                de balans van activa en passiva op de laatste dag van het laatst
                                voorafgaande boekjaar; d. voor zover van toepassing datum en plaats
                                van uitvoering; e. voor zover van toepassing aantal te verwachten
                                deelnemers; f. als een instelling al een budgetsubsidie ontvangt
                                redenen waarom de budgetsubsidie onvoldoende ruimte biedt, en g.
                                indien daar om verzocht wordt een overzicht waarin de activiteiten
                                ten behoeve van de gemeente Veere gespecificeerd worden.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Subsidieaanvraag budgetsubsidie categorie B</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een budgetsubsidie categorie B moet worden
                                    ingediend voor 1 mei van het jaar voorafgaande aan het
                                    kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd worden
                                    ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidie aanvrager maakt voor 1 februari van het jaar,
                                    voorafgaande aan het jaar waarin het tijdvak ingaat dat
                                    opgenomen is in het productbegroting, kenbaar als zij voorziet
                                    dat zij een substantieel grotere subsidieaanvraag zal indienen
                                    dan het jaar daarvoor.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een aanvraag voor een budgetsubsidie moet vergezeld gaan van: a.
                                    een productbegroting; b. een rekening en verantwoording over de
                                    in de productenbegroting opgenomen producten van het afgelopen
                                    boekjaar, als in dat jaar subsidie werd ontvangen van de
                                    gemeente; c. een verslag van de producten in het afgelopen
                                    boekjaar als in dat jaar subsidie werd ontvangen van de
                                    gemeente; d. de balans van activa en passiva op de laatste dag
                                    van het laatst voorafgaande boekjaar, en e. indien daar om
                                    verzocht wordt een overzicht waarin de activiteiten ten behoeve
                                    van de gemeente Veere gespecificeerd worden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Subsidieaanvraag, aanvullende bepalingen</titel></kop><al/><lijst><li nr=""><al>Onverminderd het bepaalde in de artikelen 14 tot en met 16
                                        van de Verordening zijn de volgende bepalingen van
                                        kracht:</al><lijst><li nr="1."><al>Bij een eerste aanvraag om subsidie door een
                                                rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid moet
                                                een oprichtingsakte, inclusief de statuten worden
                                                overlegd.</al></li><li nr="2."><al>Voor zover de aanvrager voor dezelfde begrote
                                                uitgaven tevens subsidie heeft aangevraagd bij een
                                                of meer bestuursorganen en/ of fondsen, doet hij
                                                daarvan mededeling onder vermelding van de stand van
                                                zaken met betrekking tot de beoordeling van die
                                                aanvraag of aanvragen.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan bepalen dat een of meer van de
                                                stukken zoals verzameld in de artikelen 14 tot en
                                                met 16 van de Verordening niet verstrekt hoeven te
                                                worden, als redelijkerwijs niet verlangd kan worden
                                                dat de aanvraag met deze stukken vergezeld gaat of
                                                dat de stukken niet bijdragen aan het inzicht.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Beslistermijnen met betrekking tot aanvragen</titel></kop><al>Het college beslist op een aanvraag voor een structurele
                                waarderingssubsidie, structurele budgetsubsidie categorie A en een
                                budgetsubsidie categorie B na de behandeling van de
                                gemeentebegroting maar vóór 1 januari van het kalenderjaar waarop de
                                aanvraag betrekking heeft.</al><al>Het college beslist op een aanvraag voor een incidentele
                                waarderingssubsidie en een incidentele budgetsubsidie categorie A
                                binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Weigering van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Een aanvraag om subsidie kan naast de in artikel 4:25 en artikel
                                4:35 van in de Wet genoemde gevallen ondermeer geweigerd worden in
                                de volgende gevallen:</al><al>a. de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien
                                die in strijd zijn met (internationale) wet- en regelgeving, het
                                algemeen belang of de openbare orde.</al><al>b. de activiteiten van de instelling strijdig zijn met de op grond
                                van internationale verdragen algemeen erkende rechten van de
                                mens.</al><al>c. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd zich niet in
                                hoofdzaak richten op de gemeente Veere dan wel niet aanwijsbaar ten
                                goede komen aan ingezetenen van de gemeente.</al><al>d. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd uitsluitend
                                of overwegend gericht zijn op het uitdragen van overtuigingen en
                                denkbeelden van religieuze, levensbeschouwelijke of politieke
                                aard.</al><al>e. de aanvrager haar activiteiten niet open heeft gesteld voor alle
                                groeperingen zonder onderscheid naar ras, land van herkomst,
                                godsdienst, levensovertuiging, sekse of seksuele geaardheid.</al><al>f. de aanvrager de activiteit(en) met winstoogmerk verricht.</al><al>g. de aanvrager geen instelling is, noch daaraan is gelijkgesteld
                                door het college van burgemeester en wethouders ingevolge artikel 1
                                van de Verordening.</al><al>h. de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende
                                gelden beschikt om de prestaties te leveren hetzij uit eigen
                                middelen hetzij uit middelen van derden.</al><al>i. de aanvrager activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd wil
                                leveren die niet passen binnen het beleid van de gemeente.</al><al>j. Als de aanvrager al een budgetsubsidie categorie B ontvangt kan
                                alleen een budgetsubsidie categorie A of een waarderingsubsidie
                                verleend worden indien de activiteit plaats zal vinden bovenop de
                                bestaande activiteiten.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Verlening van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Subsidieverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tenzij in deze verordening anders is aangegeven gaat aan een
                                    besluit tot subsidievaststelling een besluit tot
                                    subsidieverlening vooraf.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan bij de subsidieverlening aanvullende bepalingen
                                    opnemen met betrekking tot (financiële) tussentijdse
                                    verslaglegging en/of verslaglegging binnen een bepaalde termijn
                                    na afloop van een activiteit/investering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij verlening van een budgetsubsidie categorie B kan een daarbij
                                    behorende uitvoeringsovereenkomst worden afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college overlegt met de ontvanger van een budgetsubsidie
                                    categorie B over de realisatie van de prestatieafspraken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Duur van de subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies worden in principe verleend voor de duur van een
                                    jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het college voor een langere periode dan een jaar
                                    subsidie verleent, geeft het in de subsidiebeschikking aan voor
                                    welke periode dit geldt en op welke wijze het subsidiebedrag
                                    over de periode is uitgesplitst dan wel op welke wijze het
                                    toegekende bedrag jaarlijks geïndexeerd wordt.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij de subsidieverlening op grond van deze verordening kan het
                                    college de subsidieontvanger ook andere verplichtingen dan
                                    vermeld in artikel 4:37 van de Wet opleggen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan, naast de in het eerste lid genoemde
                                    verplichtingen, bijvoorbeeld de volgende verplichtingen opleggen
                                    a. de subsidieontvanger dient er zorg voor te dragen dat, waar
                                    de activiteiten worden uitgeoefend in een ruimtelijke
                                    voorziening, deze mede bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar is
                                    voor lichamelijk gehandicapten, tenzij een voorschrift zich
                                    hiertegen verzet; b. de subsidieontvanger dient, wanneer hij een
                                    instelling of vereniging is, op zodanige wijze georganiseerd te
                                    zijn, dat zijn personeel en de vrijwilligers, alsmede degenen
                                    ten behoeve van wie hij activiteiten organiseert, in de
                                    gelegenheid zijn invloed uit te oefenen op het beleid van de
                                    aanvrager.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Verantwoording en vaststelling van de subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Aanvraag tot subsidievaststelling</titel></kop><al>De subsidieontvanger dient binnen vier maanden na afloop van de
                                activiteiten of na afloop van het tijdvak waarvoor subsidie is
                                verleend, een aanvraag in tot subsidievaststelling als bedoeld in
                                artikel 4:44 van de Wet, tenzij bij de subsidieverlening een andere
                                termijn is gesteld.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Gegevens bij de aanvraag tot vaststelling budgetsubsidie
                                    categorie A</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een aanvraag om vaststelling van een budgetsubsidie
                                    categorie A dienen de gegevens te worden overlegd zoals bedoeld
                                    in de Wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met inachtneming van artikel 4:78 lid 5 van de Wet wordt
                                    vrijstelling verleend voor het indienen van de
                                    accountantsverklaring, tenzij dit bij subsidieverlening anders
                                    is bepaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Gegevens bij de aanvraag tot vaststelling budgetsubsidie
                                    categorie B</titel></kop><al>Bij een aanvraag om vaststelling van een budgetsubsidie categorie B
                                dienen de gegevens te worden overlegd zoals bedoeld in de Wet.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Beslistermijnen voor vaststelling</titel></kop><al>Het college stelt de subsidie vast binnen drie maanden nadat de
                                aanvraag daartoe is ontvangen.</al><al>Het college kan haar beslissing met ten hoogste drie maanden
                                verdagen. Een besluit tot verdaging wordt schriftelijk medegedeeld
                                aan de subsidieontvanger die de aanvraag tot vaststelling heeft
                                ingediend. Daarbij wordt de reden vermeld, en de termijn waarbinnen
                                de beslissing tegemoet kan worden gezien.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Vaststelling van de waarderingssubsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt waarderingssubsidies gelijktijdig vast met de
                                    verlening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de subsidievaststelling achteraf intrekken of
                                    lager vaststellen op basis van de Wet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Vaststelling van de budgetsubsidie categorie A en B</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Buiten de gronden voor het lager vaststellen van de subsidie
                                    zoals omschreven in artikel 4:46 van de Wet kan het college de
                                    subsidie lager vaststellen op basis van het tweede, vijfde of
                                    zesde lid van deze bepaling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als de instelling de in de beschikking en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst tot subsidieverlening aangegeven
                                    activiteiten en/of door het college bepaalde resultaten
                                    realiseert tegen een lager bedrag dan in de beschikking en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst is aangegeven, wordt de subsidie
                                    vastgesteld op basis van dit lagere bedrag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de instelling de in de beschikking en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst tot subsidieverlening aangegeven
                                    activiteiten en/of door het college bepaalde resultaten
                                    realiseert tegen een hoger bedrag dan in die beschikking en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst is aangegeven, wordt bij de vaststelling
                                    van de subsidie uitgegaan van het bij de verlening aangegeven
                                    bedrag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als de instelling meer activiteiten en/of andere resultaten
                                    realiseert dan is overeengekomen in de beschikking en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst leidt dit bij de vaststelling niet tot
                                    een hoger bedrag dan bij de verlening is aangegeven</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als de instelling kwantitatief of kwalitatief minder
                                    activiteiten en/of resultaten realiseert dan is overeengekomen
                                    in de beschikking en/of uitvoeringsovereenkomst kan bij de
                                    subsidievaststelling een evenredige korting worden
                                    toegepast.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als de instelling naar het oordeel van het college naar aard en
                                    hoedanigheid andere activiteiten en/of andere resultaten
                                    realiseert dan overeengekomen in de beschikkingen en/of
                                    uitvoeringsovereenkomst, kan bij de subsidievaststelling een
                                    evenredige korting worden toegepast.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien de instelling geld gebruikt voor activiteiten die onder
                                    een andere kostendrager vallen, kan bij de subsidievaststelling
                                    een evenredige korting worden toegepast.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien de instelling schulden fingeert of moedwillig
                                    veroorzaakt, zonder dat daar een bevredigende verklaring voor
                                    wordt verkregen, kan bij de subsidievaststelling een evenredige
                                    korting worden toegepast.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Uitbetaling, verrekening, vermogensheffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Uitbetaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Structurele waarderingssubsidies worden uitbetaald in maart van
                                    het betreffende subsidiejaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Structurele budgetsubsidies categorie A en B kunnen 100%
                                    bevoorschot worden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien besloten wordt tot bevoorschotting van de subsidie, wordt
                                    in het besluit tot subsidieverlening, de hoogte en de termijnen
                                    van de voorschotten bepaald.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een structurele budgetsubsidie categorie A van € 10.000 tot €
                                    25.000 wordt in vier termijnen, één termijn in iedere eerste
                                    maand van ieder kwartaal, bevoorschot.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een structurele budgetsubsidie categorie B van € 25.000 of meer
                                    wordt in 12 maandelijkse termijnen bevoorschot</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college kan per aanvraag besluiten gemotiveerd af te wijken
                                    van de in dit artikel genoemde uitbetalingstermijnen
                                    bijvoorbeeld indien bijzondere omstandigheden zich
                                    voordoen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien de subsidieverlening tot stand is gekomen met
                                    rijksgelden, zal de definitieve afrekening plaatsvinden nadat
                                    het college van burgemeester en wethouders daartoe bericht heeft
                                    ontvangen van de betreffende instantie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Verrekening</titel></kop><al>Onverschuldigd betaalde subsidies of voorschotten kunnen worden
                                verrekend met subsidies of voorschotten voor een volgend
                                tijdvak.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Reservevorming door budgetsubsidie categorie A en
                                    budgetsubsidie categorie B</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De algemene reserve mag niet meer bedragen dan: a. 20% van de
                                    totale jaarlasten van het jaar voorafgaande aan het jaar waarin
                                    de subsidie wordt aangevraagd bij budgetsubsidies categorie A;
                                    b. 10% van de totale jaarlasten van het jaar voorafgaande aan
                                    het jaar waarin de subsidie wordt aangevraagd bij
                                    budgetsubsidies categorie B; c. bij instellingen die naast
                                    subsidie van de gemeente Veere, subsidie ontvangen van minimaal
                                    één andere gemeente kan de maximale hoogte van de toegestane
                                    algemene reserve worden vastgesteld in afstemming met de andere
                                    subsidiërende gemeenten; d. het college kan per aanvraag
                                    besluiten gemotiveerd af te wijken van de in dit artikel
                                    genoemde maxima voor de algemene reserve, bijvoorbeeld indien
                                    bijzondere omstandigheden zich voordoen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien in enig jaar de hoogte van de algemene reserve van de
                                    instellingen bedoeld in het eerste lid van dit artikel het
                                    toegestane maximum overschrijdt, kan het meerdere teruggevorderd
                                    worden bij de vaststelling van het subsidiebedrag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bestemmingsreserves zijn toegestaan, maar dienen te worden
                                    goedgekeurd door het college. Het verzoek om toestemming wordt
                                    gemotiveerd, tezamen met de jaarrekening ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de onontkoombare verplichtingen dienen instellingen
                                    voorzieningen op te nemen. Deze worden zichtbaar gemaakt in een
                                    voorzieningenplan, die zij tezamen met de begroting
                                    indienen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>10</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>er kan periodiek een evaluatie plaatsvinden</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Administratieve verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger voert een zodanig ingerichte administratie,
                                    dat daaruit te allen tijde de voor de vaststelling van de
                                    subsidie van belang zijnde rechten en verplichtingen alsmede de
                                    betalingen en de ontvangsten kunnen worden nagegaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De administratie en de daartoe behorende bescheiden worden
                                    gedurende zeven jaren bewaard</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het boekjaar dient samen te vallen met het kalenderjaar, tenzij
                                    dit bij de subsidieverlening anders is bepaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Meldingsplicht bij wijziging omstandigheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer de subsidieontvanger de prestaties, activiteiten of
                                    investeringen waarvoor de subsidie is verleend niet kan
                                    realiseren of anderszins niet kan voldoen aan de aan de subsidie
                                    verbonden verplichtingen, is hij verplicht het college hiervan
                                    direct in kennis te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een instelling die een subsidie heeft aangevraagd of waaraan een
                                    subsidie is verleend, doet zo spoedig mogelijk mededeling aan
                                    het college van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor
                                    de beslissing op de aanvraag dan wel een beslissing tot
                                    wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie. Daarbij
                                    worden de relevante stukken overgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Zorgvuldig beheer en verzekeringsplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De instelling beheert de tot haar beschikking staande middelen
                                    zorgvuldig en treft maatregelen ter voorkoming van
                                    vermogensschade.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De instelling is verplicht haar roerende en onroerende zaken te
                                    verzekeren en verzekerd te houden tegen de schade van brand,
                                    storm en inbraak.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De instelling is verplicht het bij haar in dienst zijnde
                                    personeel en de voor haar werkzame vrijwilligers gedurende de
                                    tijd dat dezen voor haar werkzaam zijn, te verzekeren tegen de
                                    gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan van het bepaalde in het tweede en derde lid
                                    vrijstelling verlenen, als de naleving daarvan redelijkerwijs
                                    niet kan worden verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Vervreemdingen, vermogenrechtelijke handelingen, ontbinding
                                    en fusie.</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bepalingen uit artikel 4:71 van de Wet zijn van
                                    toepassing</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover een batig liquidatiesaldo mede door het verstrekken
                                    van subsidie is gevormd, kan het college terugstorting van dit
                                    saldo in de gemeentekas verlangen tot het totale bedrag dat aan
                                    subsidie is verstrekt.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Medewerking gemeentelijk onderzoek</titel></kop><al>Een subsidie-ontvangende instelling dient mee te werken aan een door
                                of namens de gemeente ingesteld onderzoek dat is gericht op het
                                verkrijgen van inlichtingen ten behoeve van de ontwikkeling van
                                beleid.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Informatieplicht</titel></kop><al>De subsidie-ontvangende instelling is gehouden, aan de door het
                                college van burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren, inzage
                                te verstrekken in de administratie alsmede aan hen alle inlichtingen
                                te verstrekken die voor de subsidievaststelling en subsidieverlening
                                van belang zijn.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan op grond van bijzondere omstandigheden een artikel
                                of artikelen van deze verordening buiten toepassing laten of daarvan
                                afwijken.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Zaken waarin de verordening niet voorziet</titel></kop><al>In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het
                                college.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>Aanvragen die zijn ingediend voor 1 januari 2013 worden afgedaan
                                volgens de bepalingen van de Algemene subsidieverordening Veere
                                2005.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2013 onder
                                gelijktijdige intrekking van de Algemene Subsidieverordening Veere
                                2005.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene Subsidieverordening
                                Veere 2013</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering</ondertekening><ondertekening>van de raad der gemeente Veere,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 13 december 2012.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>