<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR439934_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel Short Stay tijdelijke werknemers Velsen 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Velsen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Velsen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch gemeenteblad en Jutter/Hofgeest 02-02-2017</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel Short Stay tijdelijke werknemers Velsen 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, titel 4.3</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-01-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-02-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B17.0021</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-30641</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel Short Stay tijdelijke werknemers Velsen 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Besluit:</label></kop><structuurtekst><al>Tot het vaststellen van beleid met betrekking tot het gebruik van zijn
                            bevoegdheid om af te wijken van de regels van het bestemmingsplan ten
                            aanzien van het gebruik van panden als short stay voorziening voor
                            tijdelijke werknemers binnen de Gemeente Velsen.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Inleiding</label></kop><afdeling><kop><label/><nr/><titel/></kop><structuurtekst><al>Context</al><al>Velsen is een gemeente met een groot aantal havengerelateerde
                                bedrijven en industrie. Met name in de maak- en windindustrie is er
                                veel sprake van projectmatige werkgelegenheid. Denk bijvoorbeeld aan
                                regelmatige onderhoudsprojecten aan fabrieken/machines en de bouw en
                                onderhoud van windmolenparken op zee. Er is hierdoor een continue
                                vraag naar (tijdelijke) arbeidskrachten in vooral het
                                midden-technisch kader. Deze vraag is echter niet constant, maar
                                varieert in omvang. Vaste werknemers kunnen voor huisvesting terecht
                                binnen de reguliere woningmarkt, zij hebben het hoofdverblijf in
                                Velsen. Voor tijdelijke werknemers, die het hoofdverblijf buiten
                                Velsen hebben, is er echter behoefte aan flexibele huisvesting.
                                Wanneer het gaat om een arbeidsperiode met een zeer korte duur, een
                                aantal dagen tot enkele weken, bieden bestaande hotels en pensions
                                voldoende mogelijkheden om in Velsen te verblijven. Voor tijdelijke
                                projecten van weken tot maanden, is er behoefte aan een meer
                                informele, huiselijke en zelfstandige verblijfsomgeving. Huisvesting
                                voor deze laatste groep wordt gevat onder de term ‘short stay’. </al><al/><al>Aanleiding</al><al>Sinds 2014 is in het bestemmingsplan Havengebied de mogelijkheid
                                opgenomen om short stay hotels te realiseren. Tot oktober 2016 was
                                de mogelijkheid voor short stay in woningen en bedrijfspanden
                                opgenomen in de beleidsregel ‘gebruik onzelfstandige woonruimte
                                Velsen 2015’. In de aangepaste versie van dit beleid (2016) is
                                besloten om aparte regels voor short stay op te stellen. Het
                                tijdelijke karakter van short stay zorgt voor een andere impact op
                                de omgeving dan vaste bewoners. Denk hierbij aan het regelmatige in-
                                en uitverhuizen en de parkeerdruk. De tijdelijkheid maakt daarnaast
                                dat er strikt genomen geen sprake is van bewoning, maar van
                                tijdelijk verblijf. Dit heeft gevolgen voor onder andere de
                                bouwregelgeving en belastingheffing. Een aparte beleidsregel voor
                                short stay geeft helderheid aan zowel aanvragers van een vergunning,
                                , belanghebbenden in de omgeving van de aanvraag, als voor de
                                beoordeling van de aanvraag.</al><al/><al>Beperking tot tijdelijke werknemers</al><al>De beleidsregel short stay richt zich uitsluitend op tijdelijke
                                huisvesting binnen de gemeente Velsen, gericht op tijdelijke
                                werknemers. Andere vormen van verhuur van kamers en appartementen
                                passen binnen bestaande kaders, namelijk:</al><lijst><li nr="-"><al>Beleidsregel gebruik onzelfstandige woonruimte 2016: Gebruik
                                        onzelfstandige woonruimte voor onbepaalde tijd, waarbij de
                                        gebruiker het hoofdverblijf in Velsen heeft blijkend uit de
                                        inschrijving in de basisregistratie persoonsgegevens
                                        (BRP).</al></li><li nr="-"><al>Beleidsnotitie Bed &amp; Breakfast 2010: Kleinschalige
                                        overnachtings- en verblijfsaccommodatie gericht op
                                        toeristisch, kortdurend verblijf.</al></li><li nr="-"><al>Bestemmingsplannen: Geldende bestemmingsplannen bieden
                                        ruimte voor reguliere verblijfsvormen zoals hotels en
                                        pensions. Binnen het bestemmingsplan Havengebied is op
                                        bepaalde locaties de mogelijkheid opgenomen om short stay
                                        accommodaties te realiseren.</al><al/></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Short Stay</label></kop><structuurtekst><al>Definitie short stay</al><al>Bij short stay is er sprake van het (laten) verhuren of in
                            gebruikstellen van kamers en/of appartementen aan personen die het
                            hoofdverblijf niet in Velsen hebben, en waarbij de personen geen
                            gezamenlijk huishouden voeren. Bewoners hebben niet de intentie om zich
                            vast in Velsen te vestigen en schrijven zich dan ook niet in bij de
                            gemeentelijke basisregistratie personen (BRP). Er is daarmee sprake van
                            de functie logies, verblijf met een tijdelijk karakter. </al><al>Vormen van short stay</al><al>In de praktijk bestaan er verschillende vormen van short stay.
                            Allereerst zijn er de zogenaamde short stay hotels. Dit zijn gebouwen
                            die volledig ingericht zijn op het huisvesten van personen die weliswaar
                            tijdelijk, maar langer dan een week verblijven op een locatie. Op dit
                            moment is alleen in het bestemmingsplan havengebied de mogelijkheid
                            opgenomen voor de realisatie van short stay accommodaties. </al><al>Short stay komt behalve in specifiek hiervoor bedoelde gebouwen, ook
                            voor in bestaande woon- of bedrijfsgebouwen die zijn ingericht om
                            meerdere personen, niet-zijnde een huishouden, te huisvesten. </al><al>Deze vorm van short stay is niet toegestaan binnen de geldende
                            bestemmingsplannen. </al><al>Wonen of logies</al><al>Tijdelijke huisvesting in panden is een gebruiksvorm die tussen ‘wonen’
                            en ‘logies’ in valt. Dit onderscheid is van belang om twee redenen: het
                            bestemmingsplan en wet- en regelgeving rond beide functies, zoals
                            bouweisen (Bouwbesluit 2012) en belastingplichten (gemeentelijke
                            woonlasten of toeristenbelasting). </al><al>De gebruiksfunctie wonen valt onder een woonbestemming. Het is in
                            bestemmingsplannen vastgelegd als huisvesting in een woning met een vast
                            karakter voor één huishouden. Dit wil zeggen dat het huishouden staat
                            ingeschreven in Velsen (BRP) en hier daarmee het hoofdverblijf heeft.
                            Deze inschrijving leidt tot een belastingplicht naar de gemeente Velsen. </al><al>De gebruiksfunctie logies valt onder de bestemming horeca. Hier vallen
                            onder andere pensions en hotels onder. Voor het houden van verblijf met
                            overnachting binnen de gemeente voor personen die niet als ingezetene
                            zijn opgenomen in het BRP van de gemeente Velsen, wordt belasting
                            geheven in de vorm van toeristenbelasting.</al><al>Short stay wordt gezien als een vorm van logies. Dit omdat het gaat om
                            een tijdelijke vorm van huisvesting, zonder dat mensen zich permanent in
                            Velsen vestigen en zich in het BRP in te schrijven. Vormen van short
                            stay in woningen of andere panden zonder short stay- of
                            horecabestemming, passen niet binnen geldende bestemmingsplannen. Het
                            college is echter van mening dat short stay in panden mogelijk moet zijn
                            wanneer dit ruimtelijk inpasbaar en wenselijk is. </al><al>Afwijkingenbeleid</al><al>Het is op grond van artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 2, van de Wet
                            algemene bepalingen omgevingsrecht juncto artikel 4, respectievelijk lid
                            9 en lid 11, Bijlage II, van het Besluit omgevingsrecht een
                            college-bevoegdheid om binnen de bebouwde kom door middel van een
                            omgevingsvergunning voor een bestaande woning of voor een bestaand
                            andersoortig pand of voor een termijn van ten hoogste tien jaar af te
                            wijken van de bepalingen van het bestemmingsplan. In zijn vergadering
                            van 27 september 2016 stelde het college al eerder beleid vast inzake
                            het gebruik van dezelfde bevoegdheid voor het gebruik van woningen voor
                            onzelfstandige bewoning. Het gebruik van panden voor short stay komt in
                            dit beleid echter niet voor. Dit beleid is aanvullend op het Wabo
                            afwijkingenbeleid 2012. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Beleidsuitgangspunt</label></kop><structuurtekst><al>Het college staat op het standpunt dat short stay mogelijk moet zijn
                            omdat er maatschappelijk behoefte aan bestaat. Het wordt echter alleen
                            toegelaten op plaatsen waar dat ruimtelijk inpasbaar is. Ruimtelijke
                            inpasbaarheid omvat tevens een toets op leefbaarheid van de
                            woonomgeving. Het gebruik van woningen door meerdere huishoudens heeft
                            immers andere effecten op de omgeving dan bewoning door een gezin. Denk
                            aan de parkeerdruk en het veelvuldiger in- en uitverhuizen. Ook hebben
                            de bewoners doorgaans minder binding met hun omgeving, kennen de
                            gebruiken niet altijd en spreken zij in sommige gevallen de taal niet.
                            Al deze afwegingen zijn van belang bij het toelaten van short stay.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Belangenafweging </label></kop><structuurtekst><al>Bij de behandeling van een aanvraag maakt de gemeente een
                            belangenafweging. Daarbij weegt het college de belangen van de aanvrager
                            af tegen het belang van behoud van een pand als zelfstandige woonruimte
                            of als bedrijfspand. Ook de leefbaarheid in de straat of de buurt wordt
                            meegenomen in de afweging. Daarnaast beoordeelt de gemeente de beoogde
                            inrichting van de woning en de situatie in de straat. De
                            toetsingscriteria en de vergunningsvoorwaarden zijn vastgelegd in
                            onderstaande beleidsregels.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Toets effecten op de woonomgeving</label></kop><structuurtekst><al>Het gebruik van panden voor short stay kan effecten hebben voor de
                            woonomgeving, waaronder het straatbeeld en de kans op overlast. Nadelige
                            effecten op het woon- en leefmilieu in de omgeving van het betreffende
                            pand moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er wordt daarom getoetst op
                            de volgende punten:</al><al>-Aanwezigheid legale short stay voorzieningen en onzelfstandige
                            woonruimte in de nabije omgeving</al><al>o Op het moment van de aanvraag mag binnen een straal van 40 meter
                            vanuit het midden van het pand, niet meer dan 5 procent van de panden
                            vergund zijn voor short stay of onzelfstandige woonruimte. </al><al>-Klachtenpatroon uit de buurt</al><al>o Er wordt gekeken naar het aantal meldingen in de afgelopen twee jaar
                            met betrekking tot woonoverlast van het betreffende pand en de panden
                            binnen een straal van 40 meter. </al><al>-Reacties op de publicatie van de aanvraag van de vergunning</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Beperking omgevingstype rustige woonwijk</label></kop><structuurtekst><al>Zoals eerder beschreven heeft short stay een andere ruimtelijke impact
                            dan gezinnen. Het college is van mening dat short stay mogelijk moet
                            zijn wanneer dit ruimtelijk inpasbaar is. Gezien de uitstraling, de
                            parkeerdruk en het veelvuldige in- en uitverhuizen van bewoners, wordt
                            het niet wenselijk geacht om een dergelijk gebruik toe te staan in
                            omgevingstype rustige woonwijk, zoals beschreven in de VNG-publicatie
                            Bedrijven en milieuzonering. Dit zijn gebieden die gedomineerd worden
                            door woonfuncties.</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsbepalingen</label></kop><al>In deze beleidsregel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Afwijking: een omgevingsvergunning waarbij wordt afgeweken van
                                    het bestemmingsplan zoals omschreven in artikel 2.12, eerste
                                    lid, onder a, sub 2, van de Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht.</al></li><li nr="b."><al>Gebruiksoppervlakte (gbo): gebruiksoppervlakte als bedoeld in
                                    NEN 2580.</al></li><li nr="c."><al>Huishouden: een verzameling van één of meer personen die een
                                    zelfstandige huishouding voeren, waarbij sprake is van
                                    continuïteit in samenstelling en onderlinge verbondenheid.</al></li><li nr="d."><al>Kamerverhuur voor vaste bewoning: het aanbieden van
                                    (nacht)verblijf, waarbij de kamerhuurder ter plaatse het
                                    hoofdverblijf heeft, blijkend uit de inschrijving in het BRP van
                                    de Gemeente Velsen.</al></li><li nr="e."><al>Logies: (nacht)verblijf bieden aan personen die niet in de
                                    gemeente wonen, maar elders hun hoofdverblijf hebben. Dit geldt
                                    zowel voor recreatief verblijf als voor tijdelijk onderdak aan
                                    personen.</al></li><li nr="f."><al>Onzelfstandige woonruimte: woonruimte die niet door een persoon
                                    of huishouden kan worden bewoond, zonder daarbij afhankelijk te
                                    zijn van wezenlijke voorzieningen (keuken, douche en/of toilet)
                                    buiten die woonruimte.</al></li><li nr="g."><al>Omgevingstype rustige woonwijk (uit VNG-publicatie Bedrijven en
                                    milieuzonering): een woonwijk die is ingericht volgens het
                                    principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden
                                    voorzieningen komen vrijwel geen andere functies zoals
                                    bedrijven, winkels, horeca of kantoren voor. Langs de randen (in
                                    de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties) is weinig
                                    verstoring door verkeer.</al></li><li nr="h."><al>Pand: De kleinste, bij de totstandkoming functioneel en
                                    bouwkundig constructief zelfstandigeeenheid, die direct en
                                    duurzaam met de aarde is verbonden.</al></li></lijst><lijst><li nr="i."><al>Short stay: Het structureel aanbieden van een kamer, appartement
                                    of deel daarvan voor tijdelijk verblijf aan personen die niet
                                    per se een huishouden vormen voor een aansluitende periode van
                                    minimaal zeven dagen en maximaal zes maanden.</al></li><li nr="j."><al>Tijdelijke werknemer: Werknemer die voor een bepaalde tijd, niet
                                    langer zijnde dan 6 maanden, werkzaam is in de omgeving van
                                    Velsen.</al></li><li nr="k."><al>Wonen: huisvesten in een woning met vast karakter.</al></li><li nr="l."><al>Woning: gebouw of een gedeelte daarvan, bestaande uit een
                                    complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van
                                    één afzonderlijk huishouden.</al></li><li nr="m."><al>Woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet samen met een of
                                    meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door
                                    een huishouden.</al></li><li nr="n."><al>Zelfstandige woonruimte: een woonruimte welke een eigen toegang
                                    heeft en welke de bewoner kan bewonen zonder daarbij afhankelijk
                                    te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten de woning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2 Werking van de beleidsregel</label></kop><al>Deze beleidsregels hebben betrekking op een aanvraag omgevingsvergunning
                            die tot doel heeft het legaliseren of realiseren van een short stay
                            accommodatie. De aanvraag omgevingsvergunning mag niet in strijd zijn
                            met een goede ruimtelijke ordening. Van een goede ruimtelijke ordening
                            is in ieder geval geen sprake indien een of meerdere van de
                            weigeringsgronden uit artikel 3 van toepassing zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Weigeringsgronden</label></kop><al>Een afwijking van het bestemmingsplan voor short stay wordt in ieder
                            geval geweigerd indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanvraag gedaan wordt voor een locatie die getypeerd kan
                                    worden als omgevingstype ‘rustige woonwijk’, rustig buitengebied
                                    of natuurgebied;</al></li><li nr="b."><al>op het moment van de aanvraag binnen een straal van 40 meter
                                    vanuit het midden van het aangevraagde object, meer dan 5
                                    procent van de panden vergund is voor short stay of
                                    onzelfstandige woonruimte;</al></li><li nr="c."><al>de afwijking wordt aangevraagd voor panden die niet voldoen aan
                                    de eisen van hetBouwbesluit 2012; </al></li></lijst><lijst><li nr="d."><al>indien er per bewoner minder dan 18m² gebruiksoppervlakte
                                    beschikbaar is;</al></li><li nr="e."><al>vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat verlening
                                    van de afwijking zou leiden tot een verstoring van de openbare
                                    orde, veiligheid of gezondheid, dan wel een verstoring van een
                                    geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van het pand of deel
                                    van een pand waarop de aanvraag betrekking heeft;</al></li><li nr="f."><al>blijkt dat de hoofdtoegang tot het pand niet gericht is op de
                                    openbare weg;</al></li><li nr="g."><al>er uiterlijke aanpassingen aan het pand of deel van het pand
                                    plaats vinden of plaats moeten vinden vanwege de onzelfstandige
                                    indeling van het pand, zoals extra brand- en/of
                                    vluchttrappen;</al></li><li nr="h."><al>belemmeringen ontstaan voor de (uitbreiding van) omliggende
                                    functies die mogelijk zijn binnen het geldende
                                    bestemmingsplan;</al></li><li nr="i."><al>de afwijking niet past binnen het geldende parkeernormenbeleid
                                    en van de ontheffingsmogelijkheid binnen dit beleid ook geen
                                    gebruik kan worden gemaakt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Voorwaarden bij vergunningverlening</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Als voorwaarde bij de omgevingsvergunning wordt in ieder geval
                                    opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>dat de afwijking van de regels niet mag leiden tot een
                                            verstoring van de openbare orde, veiligheid en
                                            gezondheid, dan wel verstoring van een geordend woon- en
                                            leefmilieu in de omgeving van het gebouw waarop de
                                            afwijking betrekking heeft;</al></li><li nr="b."><al>dat een beheerder bekend is en dat deze een
                                            nachtverblijfregister bijhoudt, in overeenstemming met
                                            de geldende Algemeen Plaatselijke Verordening en de
                                            Verordening Toeristenbelasting van de gemeente
                                            Velsen;</al></li><li nr="c."><al>dat de verhuurder op verzoek van de gemeentelijke
                                            toezichthouder een werkgeversverklaring van de
                                            gehuisveste personen kan overleggen;</al></li><li nr="d."><al>dat wanneer er geen hoofdbewoner in het pand aanwezig
                                            is, de verhuurder zorgt voor een vast aanspreekpunt voor
                                            omwonenden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan de omgevingsvergunning intrekken wanneer de
                                    voorwaarden niet worden nageleefd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Inwerkingtreding en citeertitel</label></kop><al>Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na publicatie.</al><al>De citeertitel titel van de beleidsregel is 'Beleidsregel gebruik short
                            stay tijdelijke werknemers Velsen 2017’.</al><al>Aldus vastgesteld in de vergadering van 24 januari 2017.</al></artikel><artikel><kop><label>Bijlage 1</label></kop><al/></artikel><artikel><kop><label>Toelichting op de regelgeving rond short stay</label></kop><al>Privaatrecht: het gebruik van short stay voorzieningen wordt
                            contractueel geregeld in een netwerk van overeenkomsten tussen private
                            partijen, zoals huurders, werkgevers, nutsbedrijven, verzekeraars,
                            leveranciers en schoonmaakbedrijven. De gemeente heeft hier geen
                            rol.</al><al/><al>Bestuursrecht: De gemeentelijke rol is geregeld in het Bestuursrecht.
                            Van toepassing zijn: de omgevingsvergunning, de regels van het
                            bestemmingsplan, de collegebevoegdheid om af te wijken van deze regels
                            en de voorschriften van de Bouwverordening en het Bouwbesluit.</al><al/><al>Bouwverordening</al><al>In de bouwverordening zijn technische voorschriften opgenomen over de
                            nieuwbouw, de verbouw en de staat van bestaande gebouwen. </al><al/><al>Bouwbesluit 2012</al><al>Het bouwbesluit bevat bouwtechnische voorschriften waaraan alle
                            bouwwerken minimaal moeten voldoen. Een omgevingsvergunning voor
                            brandveilig gebruik is voorgeschreven wanneer bedrijfsmatig
                            nachtverblijf aan meer dan 10 personen wordt verschaft. Een
                            gebruiksmelding is van toepassing wanneer een woning in vijf of meer
                            delen kamergewijs wordt verhuurd.</al><al>Wanneer feitelijk in een woning vijf of meer wooneenheden (kamers)
                            afzonderlijk worden bewoond, moet voor de bouwtechnische regelgeving
                            worden uitgegaan van een woonfunctie voor kamergewijze verhuur. </al><al/><al>Wet algemene bepalingen omgevingsrecht</al><al>Voor een goede ruimtelijke ordening worden in het bestemmingsplan de
                            kaders vastgelegd waarbinnen ruimtelijke ontwikkelingen plaats kunnen
                            vinden i.c. wat op een perceel het toegelaten bouwvolume en het
                            toegelaten gebruik is. Het bestemmingsplan biedt de burger
                            rechtszekerheid en bescherming tegen ongewenste ontwikkelingen in zijn
                            woon- en leefomgeving.</al><al/><al>De wetgever erkent de behoefte aan flexibiliteit in de praktijk van de
                            ruimtelijke ordening. De wet biedt daarom de mogelijkheid dat het
                            college bij de verlening van een omgevingsvergunning (tijdelijk) afwijkt
                            van de regels van het bestemmingsplan. De gevallen waarbij het gebruik
                            van deze bevoegdheid mogelijk is worden traditioneel 'kruimelgevallen'
                            genoemd, hoewel de ruimtelijke gevolgen in sommige gevallen toch
                            aanzienlijk kunnen zijn. Een tijdelijke omgevingsvergunning kan sinds 1
                            november 2014 voor een periode van 10 jaar worden verleend. De
                            tijdelijke ontheffing mag ook voorzien in een permanente behoefte. Het
                            college moet ook bij gebruikmaking van een afwijking conform de
                            kruimelgevallen binnen acht weken besluiten op de aanvraag om
                            omgevingsvergunning. Indien zij dit nalaat ontstaat de
                            omgevingsvergunning van rechtswege.</al><al/><al>Beleidsregel WABO afwijkingenbeleid Velsen 2012</al><al>In deze beleidsregel wordt aangegeven op welke manier uitvoering wordt
                            gegeven aan de mogelijkheden die de wet biedt om bij kruimelgevallen af
                            te wijken van een bestemmingsplan.</al><al/><al>Algemene plaatselijke verordening 2009</al><al>De APV regelt het toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van
                            nachtverblijf in afdeling 9 als volgt:</al><al/><al>-Artikel 2:28 Begripsbepaling</al><al>In deze afdeling wordt verstaan onder inrichting: elke al dan niet
                            besloten ruimte waarin, in de uitoefening van beroep of bedrijf, aan
                            personen de mogelijkheid van nachtverblijf of gelegenheid tot kamperen
                            wordt verschaft, waaronder ook wordt begrepen de jachthaven ten zuiden
                            van de Zuidpier.</al><al/><al>-Artikel 2:29 Kennisgeving exploitatie</al><al>Degene die een inrichting opricht, overneemt, verplaatst of de
                            exploitatie of feitelijke leiding van een inrichting staakt, is
                            verplicht binnen drie dagen daarna daarvan schriftelijk kennis te geven
                            aan de burgemeester.</al><al/><al>-Artikel 2:30 Verschaffing gegevens nachtregister</al><al>Degene die in een inrichting nachtverblijf houdt of de kampeerder is
                            verplicht de exploitant of feitelijk leidinggevende van die inrichting
                            volledig en naar waarheid naam, adres, woonplaats, geboortedatum,
                            geboorteplaats, betrekking, dag van aankomst en de dag van vertrek te
                            verstrekken.</al><al/><al>Verordening toeristenbelasting 2017</al><al>Onder naam “toeristenbelasting” wordt een directe belasting geheven voor
                            het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                            vergoeding door personen, die niet zijn opgenomen in de basisregistratie
                            personen (BRP). In de verordening is de verplichting opgenomen tot het
                            bijhouden van een nachtverblijfregister. Op basis van deze gegevens kan
                            de gemeente een aanslag opleggen.</al><al/><al>Het Wetboek van Strafrecht Artikel 438 lid 1: </al><al>Hij die er zijn beroep van maakt aan personen nachtverblijf te
                            verschaffen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of
                            geldboete van de tweede categorie indien hij: </al><lijst><li nr="1e."><al>nalaat zich onverwijld bij aankomst van de persoon die in de
                                    door hem gehouden inrichting de nacht zal doorbrengen een geldig
                                    reisdocument of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1
                                    van de Wet op de identificatieplicht te doen overleggen;</al><al/></li><li nr="2e."><al>geen doorlopend register houdt of nalaat daarin onverwijld bij
                                    de aankomst van die persoon zijn naam, woonplaats en dag van
                                    aankomst aan te tekenen of te doen aantekenen alsmede zelf
                                    daarin aantekening te houden of te doen houden van de aard van
                                    het overgelegde document, en, bij het vertrek, de dag van het
                                    vertrek;</al><al/></li><li nr="3e."><al>nalaat dat register op aanvraag te vertonen aan de burgemeester
                                    dan wel aan de door deze aangewezen ambtenaar.</al><al/></li></lijst><al>Beleidsregel Parkeernormenbeleid</al><al>Om te bepalen hoeveel parkeerplaatsen bij ontwikkeling moeten worden
                            gerealiseerd, heeft de gemeente parkeernormen vastgesteld. Deze normen
                            geven bij nieuwbouw, uitbreiding of een bestemmingswijziging aan hoeveel
                            parkeerplaatsen beschikbaar moeten zijn. Bij kamerverhuur bedraagt de
                            norm 0,9 parkeerplaats per kamer. Per situatie kan worden afgewogen of
                            er op basis van het parkeernormenbeleid mogelijkheden zijn ontheffing te
                            verlenen. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Bijlage 2</label></kop></hoofdstuk></regeling-tekst><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Velsen/i286135.pdf">NEN 2580</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>