<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR43804_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Inburgering 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heumen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heumen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De verbinding, 08-06-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Veordening Inburgering 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Inburgering, artikelen 8, 19, lid 5, 23, lid 3, 24a, lid 5, 24f en 35</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Besluit Inburgering, art. 4.27, lid 3</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-06-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-06-09</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-12-13</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING INBURGERING 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Heumen,</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 27 april 2010;</al><al>gelet op de artikelen 8, 19, vijfde lid, 23, derde lid, 24a, vijfde lid, 24f
                        en 35 van de Wet Inburgering en artikel 4.27, derde lid, van het Besluit
                        Inburgering;</al><al>overwegende dat: </al><lijst><li nr="-"><al>de raad bij verordening regels dient te stellen over de
                                informatieverstrekking door de gemeente aan inburgeringsplichtigen
                                en vrijwillige inburgeraars, het aanbieden van een
                                inburgeringsvoorziening aan bijzondere groepen
                                inburgeringsplichtigen en vrijwillige inburgeraars;</al></li><li nr="-"><al>de raad bij verordening de rechten en plichten van de
                                inburgeringsplichtige en vrijwillige inburgeraar voor wie een
                                voorziening is vastgesteld, dient vast te stellen;</al></li><li nr="-"><al>de raad bij verordening de hoogte van de bestuurlijke boete dient
                                vast te stellen die voor de verschillende overtredingen kan worden
                                opgelegd;</al></li></lijst><al>besluit:</al><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al><vet>VERORDENING INBURGERING 2010 </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening en de daarop gebaseerde nadere regelgeving wordt
                                verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van
                                        de gemeente Heumen;</al></li><li nr="b."><al>de wet: de Wet Inburgering;</al></li><li nr="c."><al>voorziening: een (duale) inburgeringsvoorziening of een
                                        taalkennisvoorziening.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De begripsomschrijvingen in de wet en de daarop berustende
                                regelingen zijn van toepassing op de begrippen die in deze
                                verordening worden gebruikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De informatieverstrekking aan inburgeringsplichtigen en
                                vrijwillige inburgeraars</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt er zorg voor dat de inburgeringsplichtigen en
                                    vrijwillige inburgeraars op een doeltreffende en doelmatige
                                    wijze worden geïnformeerd over hun rechten en plichten uit
                                    hoofde van de wet en over het aanbod van en de toegang tot
                                    inburgeringsvoorzieningen. </al></li><li nr="2."><al>Het college maakt bij de informatieverstrekking aan de
                                    inburgeringsplichtigen en vrijwillige inburgeraars in ieder
                                    geval gebruik van de volgende middelen: </al><lijst><li nr="a."><al>het verstrekken van schriftelijk
                                            voorlichtingsmateriaal;</al></li><li nr="b."><al>het inrichten van een informatie- en adviesfunctie bij
                                            de afdeling Sociale</al><al> Zaken;</al></li><li nr="c."><al>het inrichten van een digitaal informatiepunt op de
                                            gemeentelijke website.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college beoordeelt tenminste eens in de twee jaren de
                                    doeltreffendheid en doelmatigheid van de informatieverstrekking
                                    aan de inburgeringsplichtigen en vrijwillige inburgeraars en
                                    rapporteert daarover aan de raad. De raad ontvangt expliciet
                                    over de hoogte en motivering van het bestuurlijk boetebeleid en
                                    consequenties daarvan voor verblijfsvergunningen, integraal alle
                                    informatie.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Doelgroepen en samenstelling van de voorziening aan
                            inburgeringsplichtigen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aanwijzen van de doelgroepen</titel></kop><al>Het college wijst de volgende groepen inburgeringsplichtigen aan wie hij
                            bij voorrang een voorziening kan aanbieden:</al><lijst><li nr="a."><al>nieuwkomers en oudkomers die een uitkering ontvangen op grond
                                    van een sociale zekerheidswet of een sociale
                                    verzekeringsregeling;</al></li><li nr="b."><al>oudkomers die zelf geen inkomsten uit arbeid hebben, noch een
                                    uitkering ontvangen op grond van een sociale zekerheidswet of
                                    een sociale verzekeringsregeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De samenstelling van de voorziening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stemt de voorziening, met uitzondering van de
                                    voorziening aan geestelijk bedienaren, af op het startniveau en
                                    de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de
                                    maatschappelijke positie van de inburgeringsplichtige.</al></li><li nr="2."><al>Indien de inburgeringsplichtige een voorziening gericht op
                                    arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg
                                    voor dat de voorziening wordt afgestemd op de voorziening
                                    gericht op arbeidsinschakeling. </al></li><li nr="3."><al>Een voorziening kan, naast datgene wat in de wet is geregeld,
                                    een of meer van</al><al> de volgende onderdelen bevatten:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzieningen zoals bedoeld in de artikelen 11, 12, 13,
                                            14, 15, 16, 17 en 18 van de
                                            reïntegratieverordening;</al></li><li nr="b."><al>overige voorzieningen die toeleiden naar arbeid;</al></li><li nr="c."><al>overige voorzieningen die bijdragen aan een volwaardige
                                            integratie en participatie;</al></li><li nr="d."><al>overige voorzieningen zoals genoemd in de nota
                                            Minimabeleid;</al></li><li nr="e."><al>reiskosten op basis van openbaar vervoer, te vergoeden
                                            vanaf thuis tot de inburgeringsvoorziening,
                                            onafhankelijk van de afstand.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De inning van de eigen bijdrage</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
                                    wordt in ten hoogste 10 termijnen betaald.</al></li><li nr="2."><al>Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
                                    voorziening de termijnen van betaling vast. Indien het college
                                    de eigen bijdrage verrekent met de algemene bijstand, wordt dat
                                    in de beschikking vastgelegd. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opleggen van verplichtingen</titel></kop><al>Het college kan een inburgeringsplichtige bij beschikking één of meer
                            van de volgende verplichtingen opleggen: </al><lijst><li nr="a."><al>het deelnemen aan de aangeboden voorziening;</al></li><li nr="b."><al>het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider;</al></li><li nr="c."><al>het deelnemen aan voortgangsgesprekken;</al></li><li nr="d."><al>voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringsexamen of
                                    staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II op een tijdstip
                                    dat door het college wordt bepaald;</al></li><li nr="e."><al>het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante
                                    omstandigheden niet aan de verplichtingen in de beschikking kan
                                    worden voldaan;</al></li><li nr="f."><al>overige verplichtingen die het bereiken van het doel van de
                                    voorziening kunnen ondersteunen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3.</nr><titel>HET AANBOD VAN EEN VOORZIENING AAN INBURGERINGSPLICHTIGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>De procedure bij het doen van een aanbod</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of
                                    tweede lid van de wet, schriftelijk. Het aanbod wordt gezonden
                                    naar het adres waar de inburgeringsplichtige in de gemeentelijke
                                    basisadministratie is ingeschreven. </al></li><li nr="2."><al>In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de voorziening
                                    die wordt aangeboden en worden de rechten en verplichtingen
                                    vermeld die aan de voorziening worden verbonden. </al></li><li nr="3."><al>De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt
                                    binnen vier weken het college schriftelijk mee of hij het aanbod
                                    al dan niet aanvaardt. Indien de inburgeringsplichtige niet
                                    accoord kan gaan of onafhankelijk advies wil inwinnen over het
                                    aanbod, kan de inburgeringsplichtige terecht bij Vluchtelingen
                                    &amp; Nieuwkomers Zuid Gelderland, afdeling Heumen. De
                                    inburgeringsplichtige krijgt voor deze periode van extern advies
                                    vier weken extra de tijd.</al></li><li nr="4."><al>Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het
                                    college binnen 4 weken na ontvangst van deze mededeling het
                                    besluit tot toekenning van de voorziening, overeenkomstig het
                                    gedane aanbod. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>De inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot toekenning van een voorziening bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de voorziening;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de rechten en verplichtingen van de
                                    inburgeringsplichtige; </al></li><li nr="c."><al>de datum waarop het inburgeringsexamen of het staatsexamen
                                    Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald;</al></li><li nr="d."><al>de termijnen en wijze van betaling van de eigen bijdrage;</al></li><li nr="e."><al>in geval van een oudkomer: de datum waarop de termijn van
                                    handhaving van de inburgeringsplicht, bedoeld in artikel 26 van
                                    de wet, aanvangt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4.</nr><titel>DE BESTUURLIJKE BOETE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende
                                overtredingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt € 100,- indien de
                                inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college
                                op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtig is
                                geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld
                                in artikel 25, vierde lid, van de wet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt € 200,- indien de
                                inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan
                                de uitvoering van de voor hem vastgestelde voorziening, bedoeld in
                                artikel 23, eerste lid, van de wet of aan de verplichtingen, bedoeld
                                in artikel 6 van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt € 200,- indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid, van
                                de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op grond van
                                artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet verlengde termijn
                                het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I
                                of II heeft behaald. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de
                                overtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                eerste lid, bedraagt € 100,- indien de inburgeringsplichtige zich
                                binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte
                                overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                tweede lid, bedraagt € 200,- indien de inburgeringsplichtige zich
                                binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte
                                overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt € 400,- indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen of
                                het staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II heeft behaald.
                            </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt € 600,- indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen of
                                het staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II heeft behaald.
                            </al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5.</nr><titel>de voorziening aan vrijwillige inburgeraars</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanwijzen van de doelgroepen</titel></kop><al>Het college wijst de volgende groepen vrijwillige inburgeraars aan aan
                            wie hij bij voorrang een voorziening kan aanbieden:</al><lijst><li nr="1."><al>oudkomers die een uitkering ontvangen op grond van een sociale
                                    zekerheidswet of een sociale verzekeringsregeling;</al></li><li nr="2."><al>oudkomers die zelf geen inkomsten uit arbeid hebben, noch een
                                    uitkering ontvangen op grond van een sociale zekerheidswet of
                                    een sociale verzekeringsregeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De samenstelling van de voorziening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stemt de voorziening af op het startniveau en de
                                    vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de
                                    maatschappelijke positie van de vrijwillige inburgeraar.</al></li><li nr="2."><al>Indien de vrijwillige inburgeraar een voorziening gericht op
                                    arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg
                                    voor dat de voorziening wordt afgestemd op de voorziening
                                    gericht op arbeidsinschakeling. </al><al>3.Een voorziening kan, naast datgene wat in de wet is geregeld,
                                    één of meer van de volgende onderdelen bevatten:</al></li></lijst><lijst><li nr="a."><al>voorzieningen zoals bedoeld in de artikelen 11, 12, 13, 14, 15,
                                    16, 17 en 18 van de reïntegratieverordening;</al></li><li nr="b."><al>overige voorzieningen die toeleiden naar arbeid;</al></li><li nr="c."><al>overige voorzieningen die bijdragen aan een volwaardige
                                    integratie en participatie;</al></li><li nr="d."><al>overige voorzieningen zoals genoemd in de nota
                                    Minimabeleid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>De inning van de eigen bijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
                                wordt in ten hoogste 10 termijnen betaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
                                voorziening de termijnen van betaling vast. Indien het college de
                                eigen bijdrage verrekent met de algemene bijstand, wordt dat in de
                                beschikking vastgelegd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de vrijwillige inburgeraar een gecombineerde voorziening, dat
                                wil zeggen inburgering gecombineerd met een voorziening gericht op
                                arbeidsinschakeling, krijgt aangeboden, dan is op grond van artikel
                                24e, derde lid, geen eigen bijdrage verschuldigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Opleggen van verplichtingen</titel></kop><al>Het college kan in de overeenkomst met de vrijwillige inburgeraar,
                            bedoeld in artikel 24d, tweede lid, van de wet, één of meer van de
                            volgende verplichtingen opleggen: </al><lijst><li nr="a"><al>het deelnemen aan de aangeboden voorziening;</al></li><li nr="b."><al> het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider;</al></li><li nr="c."><al>het deelnemen aan voortgangsgesprekken;</al></li><li nr="d."><al>voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringsexamen of
                                    staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II op een tijdstip
                                    dat in de overeenkomst wordt vastgelegd;</al></li><li nr="e"><al>het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante
                                    omstandigheden niet aan de verplichtingen in de overeenkomst kan
                                    worden voldaan;</al></li><li nr="f"><al>overige verplichtingen die het bereiken van het doel van de
                                    voorziening ondersteunen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>De inhoud van de overeenkomst</titel></kop><al>De overeenkomst met de vrijwillige inburgeraar, bedoeld in artikel 24d,
                            tweede lid, van de wet bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de voorziening;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de rechten en verplichtingen van de vrijwillige
                                    inburgeraar; </al></li><li nr="c."><al>de datum waarop het inburgeringsexamen of het staatsexamen
                                    Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald;</al></li><li nr="d."><al>de termijnen en wijze van betaling van de eigen bijdrage.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Sancties bij niet-nakoming van de overeenkomst</titel></kop><al>Indien de vrijwillige inburgeraar de verplichtingen die zijn opgenomen
                            in de overeenkomst niet of onvoldoende nakomt, kan het college hem de
                            volgende sancties opleggen:</al><lijst><li nr="a."><al>een boete van € 100,- indien de vrijwillige inburgeraar geen of
                                    onvoldoende medewerking verleent aan het
                                    inburgeringsonderzoek;</al></li><li nr="b."><al>een boete van € 200,- indien de vrijwillige inburgeraar geen of
                                    onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor
                                    hem vastgestelde voorziening, bedoeld in artikel 12 van deze
                                    verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Het vaststellen van de identiteit van de vrijwillige
                                inburgeraar</titel></kop><al>Het college stelt de identiteit van de vrijwillige inburgeraar vast aan
                            de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                            identificatieplicht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6.</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college kan bij besluit nadere regels vaststellen omtrent de
                            uitvoering van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening Inburgering 2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Intrekking Boeteverordening Wet Inburgering Nieuwkomers,
                                intrekking Verordening Inburgering 2007 en inwerkingtreding
                                Verordening Inburgering 2010</titel></kop><al>De Boeteverordening Wet Inburgering Nieuwkomers en de Verordening
                            Inburgering 2007 vervallen per datum inwerkintreding van de Verordening
                            Inburgering 2010.</al><al>De Verordening Inburgering 2010 treedt in werking één dag na publicatie
                            in de Regiodiek ( .. juni 2010).</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 juni 2010,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>BL</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Malden, 3 juni 2010</ondertekening><ondertekening>DE RAAD VOORNOEMD;</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raadsgriffier,</ondertekening><ondertekening>L.Bosland.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De burgemeester,</ondertekening><ondertekening>drs. J. van Zomeren.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>