<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR437983_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Oisterwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oisterwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-187942.html">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=228 a">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening op de heffing en de invordering van Rioolheffing 2017.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van
                                voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport
                                van afvalwater, hemelwater of grondwater, in eigendom, in beheer of
                                in onderhoud bij de gemeente;</al></li><li nr="b."><al>water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater of
                                grondwater, afgevoerd via de gemeentelijke riolering; </al></li><li nr="c."><al>perceel: een roerende of een onroerende zaak of een zelfstandig
                                gedeelte daarvan;</al></li><li nr="d."><al>waterleidingbedrijf: de naamloze vennootschap Brabant Water,
                                gevestigd te 's-Hertogenbosch of diens rechtsopvolger;</al></li><li nr="e."><al>verbruiksperiode: de periode waarop de afrekening van het
                                waterleidingbedrijf betrekking heeft;</al></li><li nr="f."><al>jaar: een kalenderjaar;</al></li><li nr="g."><al>woning: een perceel dat in hoofdzaak dient tot woning, daaronder
                                mede begrepen recreatiewoningen;</al></li><li nr="h."><al>niet-woning: een perceel dat niet in hoofdzaak dient tot
                                woning;</al></li><li nr="i."><al>garagebox: een perceel dat bestemd is voor en gebruikt wordt voor
                                opslag van goederen en/of stalling van motorvoertuigen met een
                                maximaal oppervlakte van 24 vierkante meter.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de belasting</titel></kop><al>Onder de naam ‘rioolheffing’ wordt een directe belasting geheven ter
                        bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan:</al><lijst><li nr="a."><al>de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en
                                bedrijfsafvalwater;</al></li><li nr="b."><al>de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het
                                ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde
                                structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de
                                grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of
                                beperken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastbaar feit en belastingplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belasting wordt geheven van de eigenaar van een perceel dat
                                direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke riolering en
                                van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering
                                kan worden afgevoerd.</al></li><li nr="2."><al>Met betrekking tot de heffing als bedoeld in het eerste lid wordt
                                als eigenaar aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die op 1 januari van het belastingjaar, volgens de
                                        basisregistratie kadaster, als houder van het zakelijk recht
                                        krachtens eigendom, bezit of beperkt recht bekend
                                        staat;</al></li><li nr="b."><al>dan wel degene die op 1 januari van het belastingjaar, naar
                                        omstandigheden beoordeeld, als eigenaar kan worden
                                        aangemerkt, ofwel zich als zodanig bekend maakt.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Onder de naam 'rioolheffing' wordt een belasting geheven van de
                                gebruiker van een perceel dat direct of indirect is aangesloten op
                                de gemeentelijke riolering en van waaruit water direct of indirect
                                op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.</al></li><li nr="4."><al>Met betrekking tot de heffing als bedoeld in het derde lid wordt als
                                gebruiker aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld het eigendom al
                                        dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of
                                        persoonlijk recht gebruikt;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een eigendom (niet een gedeelte als
                                        bedoeld in artikel 3) ten gebruike is afgestaan: degene die
                                        dat gedeelte in gebruik heeft afgestaan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Zelfstandige gedeelten</titel></kop><al>Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun indeling
                        bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de heffing
                        geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande
                        dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel worden
                        gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De heffing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt geheven naar
                                een vast bedrag per perceel.</al></li><li nr="2."><al>De heffing als bedoeld in artikel 3, derde lid, wordt geheven naar
                                het aantal kubieke meters afvalwater dat vanuit het perceel wordt
                                afgevoerd.</al></li><li nr="3."><al>Het aantal kubieke meters afvalwater wordt gesteld op het aantal
                                kubieke meters water dat in het belastingtijdvak naar het perceel is
                                toegevoerd of is opgepompt.</al></li><li nr="4."><al>Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die
                                installatie voorzien zijn van een:</al><lijst><li nr="a."><al>watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan
                                        worden afgelezen, of</al></li><li nr="b."><al>bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een
                                        pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest
                                        kan worden afgelezen.</al></li></lijst></li></lijst><al>De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de
                        hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke
                        bepaling.</al><lijst><li nr="5."><al>Indien het waterverbruik over het belastingtijdvak niet bekend is,
                                wordt het aantal kubieke meters afvalwater door de in artikel 231,
                                tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaar
                                vastgesteld op basis van een schatting, bij welke schatting het
                                waterverbruik in - maximaal - de afgelopen drie verbruiksperioden
                                als leidraad dient.</al></li><li nr="6."><al>Indien door de gebruiker wordt aangetoond, dat een hoeveelheid
                                afvalwater niet op de in artikel 3, derde lid, bedoelde wijze is
                                afgevoerd, wordt de op grond van het tweede lid bepaalde hoeveelheid
                                water verminderd met de op andere wijze afgevoerde hoeveelheid
                                afvalwater.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Tarief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De heffing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt:</al><lijst><li nr="a."><al>voor percelen zijnde woningen, per jaar € 100,00</al></li><li nr="b."><al>voor percelen zijnde niet-woningen, per jaar € 170,00</al></li><li nr="c."><al>voor percelen zijnde garageboxen, per jaar € 50,00</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De heffing als bedoeld in artikel 3, derde lid, bedraagt voor
                                percelen zijnde woningen en niet-woningen, per jaar, bij een
                                hoeveelheid afgevoerd water, als bedoeld in artikel 5, tweede
                                lid:</al><lijst><li nr="a."><al>tot en met 130 m3 € 29,70</al></li><li nr="b."><al>van 131 m3 tot en met 250 m3 € 130,00</al></li><li nr="c."><al>bij 251 m3 tot en met 500 m3 € 310,00</al></li><li nr="d."><al>bij 501 m3 tot en met 1.500 m3 € 1.128,00</al></li><li nr="e."><al>bij 1.501 m3 tot en met 5.000 m3 € 3.450,00</al></li><li nr="f."><al>bij 5.001 m3 en meer € 11.066,00</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het belastingtijdvak voor de heffing als bedoeld in artikel 3,
                                eerste lid, is gelijk aan een kalenderjaar.</al></li><li nr="2."><al>Het belastingtijdvak voor de heffing als bedoeld in artikel 3, derde
                                lid, is de verbruiksperiode zoals die voor de betrokken
                                belastingplichtige voor het desbetreffende perceel geldt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het recht wordt geheven bij wege van een schriftelijke gedagtekende
                                kennisgeving, waaronder mede begrepen een aanslag. </al></li><li nr="2."><al>De schriftelijke gedagtekende kennisgeving kan worden gesteld op de
                                afrekening van het waterleidingbedrijf. Als dagtekening van de
                                kennisgeving geldt in dat geval de dagtekening van de afrekening.
                            </al></li><li nr="3."><al>Als kennisgeving van voorlopig gevorderde bedragen wordt aangemerkt
                                de voorschotnota van het waterleidingbedrijf of de kennisgeving op
                                andere wijze van betaling van voorschotbedragen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De heffing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is verschuldigd bij
                                het begin van het belastingjaar.</al></li><li nr="2."><al>Indien de belastingplicht voor de heffing als bedoeld in artikel 3,
                                eerste lid, in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat geen
                                aanspraak op restitutie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De aanslagen voor de heffing als bedoeld in artikel 3, eerste lid,
                                moeten worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste
                                vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
                                dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee
                                maanden later.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid geldt dat zolang de verschuldigde
                                bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden
                                afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel
                                gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het
                                aanslagbiljet nog maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien
                                verstande dat het aantal termijnen ten minste twee en ten hoogste
                                tien bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening
                                van het aanslagbiljet en de volgende termijnen telkens een maand
                                later.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                                moet het voorlopig gevorderde bedrag, alsmede het definitief
                                gevorderde bedrag, van de heffing als bedoeld in artikel 3, derde
                                lid, worden betaald tegelijk met en op dezelfde wijze als die waarop
                                het voorschotbedrag, onderscheidenlijk het definitieve bedrag van de
                                afrekening van het waterleidingbedrijf moet worden betaald.</al></li><li nr="4."><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste
                                en tweede lid gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                        wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de rioolheffing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De "Verordening rioolheffing 2016 " vastgesteld door de raad van de
                                gemeente Oisterwijk op 12 november 2015, wordt ingetrokken met
                                ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de
                                heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de
                                belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na
                                die van de bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening rioolheffing
                                2017".</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>