<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR435874_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2016/12-09</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Vastgesteld bij raadsbesluit van 08 december 2016, 2016/12-09….</al><al>De raad van de gemeente West Maas en Waal;</al><al>Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        18 oktober 2016, kenmerk …….</al><al>Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>Besluit vast te stellen de volgende verordening: </al><al>Algemene subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2017</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="-"><al><vet><cursief>algemene
                                        groepsvrijstellingsverordening</cursief></vet>: verordening
                                    (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij
                                    bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108
                                    van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden
                                    verklaard (PbEU L 127), dan wel later daarvoor in de plaats
                                    tredende Europese regelgeving;</al></li><li nr="-"><al><vet><cursief>de-minimisverordening:</cursief></vet> verordening
                                    (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013
                                    betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het
                                    Verdrag op de-minimissteun (PbEU L 352), verordening (EU) nr.
                                    1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de
                                    toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op
                                    de-minimissteun in de landbouwproductiesector (PbEU L 352/9) en
                                    verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014
                                    inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag
                                    op de-minimissteun in de visserij- en aquacultuursector (PbEU L
                                    190/45), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese
                                    regelgeving;</al></li><li nr="-"><al><vet><cursief>Europees steunkader:</cursief></vet> een
                                    mededeling, richtsnoer, kaderregeling, besluit of
                                    vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun die de
                                    Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op de
                                    artikelen 106, derde lid, 107, 108 of 109 van het Verdrag heeft
                                    vastgesteld;</al></li><li nr="-"><al><vet><cursief>onderneming:</cursief></vet> iedere eenheid,
                                    ongeacht haar rechtsvorm of wijze van financiering, die een
                                    economische activiteit uitoefent;</al></li><li nr="-"><al><vet><cursief>Verdrag:</cursief></vet> Verdrag betreffende de
                                    werking van de Europese Unie.</al></li><li nr="-"><al><vet><cursief>o</cursief></vet><vet><cursief>rganisatie:</cursief></vet>
                                    Instelling of vereniging die een activiteit verzorgt en een
                                    eigen bestuur heeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies
                                door burgemeester en wethouders op de volgende beleidsterreinen, met uitzondering van
                                subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en
                                subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (subsidies
                                waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is): </al><lijst><li nr="a."><al>algemeen bestuur;</al></li><li nr="b."><al>openbare orde en veiligheid;</al></li><li nr="c."><al>verkeer, vervoer</al></li><li nr="d."><al>economische zaken;</al></li><li nr="e."><al>onderwijs;</al></li><li nr="f."><al>kunst, cultuur en recreatie;</al></li><li nr="g."><al>sociale voorzieningen en maatschappelijke
                                        dienstverlening;</al></li><li nr="h."><al>volksgezondheid;</al></li><li nr="i."><al>milieu;</al></li><li nr="j."><al>ruimtelijke ordening en volkshuisvesting.</al></li><li nr="k."><al>sport</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig
                                is kunnen burgemeester en wethouders bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk van
                                toepassing is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Beleidsregels</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen beleidsregels vaststellen welke
                            activiteiten in aanmerking kunnen komen voor subsidie. Voor zover van
                            toepassing, wordt hierin tevens bepaald welke doelgroepen voor subsidie
                            in aanmerking komen, hoe de subsidie wordt berekend en hoe de
                            subsidiebedragen worden uitbetaald. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Europees steunkader</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees
                                steunkader noodzakelijk is, kunnen burgemeester en wethouders bij
                                beleidsregel afwijken van deze verordening en deze aanvullen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij beleidsregels waarbij is bepaald dat toepassing kan worden
                                gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de beleidsregel naar
                                het desbetreffende steunkader.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is,
                                verwijst de verlenings-</al><al> beschikking naar de toepasselijke bepalingen van het
                                steunkader.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is,
                                komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten
                                voor vergoeding in aanmerking die voldoen aan de eisen van het
                                desbetreffende steunkader.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is,
                                komen ondernemingen alleen in aanmerking voor zover de
                                subsidieverstrekking voldoet aan de voorwaarden van het
                                desbetreffende steunkader.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidieplafonds vaststellen. In
                                dat geval bepalen zij bij beleidsregel de wijze van verdeling van de betrokken subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een subsidieplafond verlagen
                                als:</al><lijst><li nr="a."><al>het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het
                                        betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en</al></li><li nr="b."><al>de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking
                                        heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het
                                        betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd
                                overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van
                                verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende
                                aanvragen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld
                                of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende
                                middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de
                                verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij
                                burgemeester en wethouders. Als hiervoor een aanvraagformulier is
                                vastgesteld geschiedt dit met gebruikmaking daarvan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de aanvraag legt de aanvrager in ieder geval de volgende
                                gegevens over:</al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie
                                        wordt aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>in bijzonder ook in welke mate de activiteiten gericht zijn
                                        op de gemeente of haar inwoners en op de door de gemeente
                                        vastgestelde doelen of beleidsterreinen.</al></li><li nr="c."><al>een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van
                                        deze activiteiten. Het dekkingsplan bevat een opgave van bij
                                        anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve
                                        van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van
                                        zaken daarvan;</al></li><li nr="d."><al>als de aanvrager een onderneming is:</al><al> 1° een opgave van subsidies, vergoedingen of
                                        tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden
                                        ontvangen voor de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;</al><al> 2° een verklaring als bedoeld in de de-minimisverordening
                                        (de-minimisverklaring);]</al></li><li nr="e."><al>alleen van toepassing voor verenigingen en instellingen bij
                                        een subsidie hoger dan € 5.000,=de stand van de financiële
                                        reserve(s) op moment van de aanvraag.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een rechtspersoon die voor de eerste maal subsidie aanvraagt, voegt
                                een exemplaar van de oprichtingsakte of de statuten, alsmede van het
                                jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar
                                toe aan de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college is bevoegd om bij beleidsregel van de voorgaande leden
                                af te wijken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt,
                                wordt ingediend <vet>vóór</vet></al><al><vet>1 september</vet> voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop
                                de aanvraag betrekking heeft. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Andere (incidentele) aanvragen om subsidie worden ingediend
                                        <vet><cursief>niet eerder
                                        dan</cursief></vet><vet><cursief>13 weken maar uiterlijk
                                    </cursief></vet><vet><cursief>8 weken voordat</cursief></vet> de
                                aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor de
                                subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij beleidsregel kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie
                                als bedoeld in artikel 7, eerste lid, uiterlijk op <vet>31
                                    december</vet> van het jaar waarin de aanvraag is
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een
                                (incidentele) subsidie als bedoeld in artikel 7, tweede lid, binnen
                                    <vet>13</vet><vet> weken</vet> nadat de volledige aanvraag is
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij beleidsregel kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde
                                lid, van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie
                                wordt de termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een
                                eindbeslissing heeft genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene
                                wet bestuursrecht weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in
                                ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde
                                        lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
                                        onverenigbaar is met de interne markt.</al></li><li nr="b."><al>als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot
                                        terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking
                                        van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en
                                        onverenigbaar met de interne markt is verklaard.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het vorige lid weigeren burgemeester en wethouders de
                                subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou
                                zijn met een Europees steunkader omdat:</al><lijst><li nr="a."><al>subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een
                                        onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld
                                        in het desbetreffende steunkader, of</al></li><li nr="b."><al>de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het
                                        desbetreffende steunkader.</al></li><li nr="c."><al>de activiteiten een politieke, godsdienstige of
                                        levensbeschouwelijke boodschap hebben;</al></li><li nr="d."><al>de aanvrager de activiteiten uit eigen middelen kan
                                        bekostigen of daarvoor over middelen van derden kan
                                        beschikken. Alleen van toepassing op incidentele subsidie
                                        aanvragen.</al></li><li nr="e."><al>de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de
                                        gemeente.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Onverminderd de vorige leden kunnen burgemeester en wethouders de
                                subsidie verder in ieder geval weigeren:</al><lijst><li nr="a."><al>als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in
                                        overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar
                                        ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de
                                        gemeente of haar ingezetenen;</al></li><li nr="b."><al>als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor
                                        het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt
                                        gevraagd;</al></li><li nr="c."><al>als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om
                                        voor subsidie in aanmerking te komen;</al></li><li nr="d."><al>als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een
                                        wettelijk voorschrift;</al></li><li nr="e."><al>als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de
                                        Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde
                                        lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
                                        verenigbaar is met de interne markt;</al></li><li nr="f."><al>als de aanvrager voor het jaar of de jaren waarop de
                                        aanvraag betrekking heeft met een functionaris een
                                        bezoldiging als bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet
                                        normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en
                                        semipublieke sector overeenkomt of is overeengekomen die
                                        hoger is dan het bedrag, bedoeld in artikel 2.3, eerste lid,
                                        van die wet;</al></li><li nr="g."><al>in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde
                                        gevallen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als
                                dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de
                                Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke
                                uitspraak.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Voor zover dit niet is bepaald bij beleidsregel wordt bij de
                            verleningsbeschikking vermeld op welke wijze de subsidie-ontvanger de
                            besteding van de subsidie dient te verantwoorden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Algemene verplichtingen van subsidie-ontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de
                                subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden
                                verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de
                                subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan, meldt de
                                subsidie-ontvanger dat onverwijld schriftelijk aan burgemeester en
                                wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>. Een subsidie-ontvanger informeert burgemeester en wethouders
                                onverwijld schriftelijk over:</al><lijst><li nr="a."><al>beslissingen of procedures die zijn gericht op de
                                        beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is
                                        verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde
                                        rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                        verhouding met derden;</al></li><li nr="c."><al>ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de
                                        subsidie verbonden verplichtingen niet, niet tijdig of niet
                                        geheel zullen kunnen worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van
                                        de gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de
                                        bestuurder of bestuurders en het doel van de
                                        rechtspersoon.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij subsidies hoger dan € 50.000 verleend voor activiteiten die
                                    meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden
                                    opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en
                                    verantwoording over de tot dan verrichte activiteiten en de
                                    daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De verantwoording wordt
                                    niet vaker dan één keer per jaar verlangd.</al></li><li nr="2."><al>Bij beleidsregel of verleningsbeschikking kunnen aan de
                                    subsidie-ontvanger ook andere verplichtingen dan genoemd in
                                    artikel 4:37, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht
                                    worden opgelegd, voor zover deze strekken tot verwezenlijking
                                    van het doel van de subsidie.</al></li><li nr="3"><al>Bij beleidsregel kunnen verplichtingen die niet strekken tot
                            verwezenlijking van het doel van de subsidie aan de subsidie worden
                            verbonden, voor zover deze verplichtingen betrekking hebben op de wijze
                            waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt
                            verricht.</al></li><li nr="4."><al>Bij beleidsregel of verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de
                            subsidie-ontvanger, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft
                            geleid tot vermogensvorming, daarvoor aan burgemeester en wethouders een
                            vergoeding verschuldigd is als zich een gebeurtenis als bedoeld in
                            artikel 4:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht voordoet.
                            Daarbij wordt tevens aangegeven hoe de hoogte van de vergoeding wordt
                            bepaald.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12a.</nr><titel>Egalisatiereserve</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de
                                subsidie-ontvanger van een per kalender- of boekjaar verstrekte
                                subsidie die meer dan € 50.000 bedraagt een egalisatiereserve als
                                bedoeld in artikel 4:72, eerste lid, van de Algemene wet
                                bestuursrecht vormt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ontvanger van een andere subsidie dan bedoeld in het eerste lid
                                kan burgemeester en wethouders verzoeken een egalisatiereserve te
                                mogen vormen. In dat geval is artikel 4:72 van de Algemene wet
                                bestuursrecht van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Wijze van verstrekken en eindverantwoording subsidies tot en met
                                € 5.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot en met € 5.000 worden door burgemeester en wethouders
                                direct vastgesteld of verleend en – tenzij toepassing wordt gegeven
                                aan het volgende lid – binnen 13 weken nadat de activiteiten
                                uiterlijk moeten zijn verricht, ambtshalve vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als bij verleningsbeschikking de subsidie-ontvanger wordt verplicht
                                om op de daarbij aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten
                                waarvoor de subsidie wordt verstrekt zijn verricht en dat is voldaan
                                aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen vindt de
                                vaststelling plaats binnen 13 weken nadat de gevraagde inlichtingen
                                zijn verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 5.000
                                wordt een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende
                                subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tussen € 5.000 en € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 5.000 doch ten hoogste € 50.000 dient
                                de subsidie-ontvanger uiterlijk13 weken nadat de gesubsidieerde
                                activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre
                                de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de
                                verplichtingen is voldaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij beleidsregel kan worden bepaald dat op een andere manier wordt
                                aangetoond in hoeverre de activiteiten zijn verricht en aan de
                                verplichtingen is voldaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies van meer dan € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 50.000 dient de subsidie-ontvanger een
                                aanvraag tot vaststelling in:</al><lijst><li nr="a."><al>in geval van een subsidie die per kalenderjaar wordt
                                        verstrekt, uiterlijk op <vet>1 juni</vet> van het jaar dat
                                        volgt op het betrokken kalenderjaar;</al></li><li nr="b."><al>in geval van een subsidie die per boekjaar wordt verstrekt,
                                        uiterlijk <vet>13</vet><vet>weken</vet> na afloop van het
                                        betrokken boekjaar;</al></li><li nr="c."><al>in andere gevallen uiterlijk <vet>13 weken</vet> nadat de
                                        gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de
                                        gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de
                                        verplichtingen is voldaan;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de
                                        hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag
                                        of jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een
                                        toelichting daarop; en</al></li><li nr="d."><al>een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk
                                        accountant.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij beleidsregel kunnen andere termijnen worden vastgesteld of
                                andere gegevens worden verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Subsidievaststelling subsidies van meer dan € 5.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen een subsidie van meer dan € 5.000
                                vast binnen 13 weken na de ontvangst van een aanvraag tot
                                subsidievaststelling, tenzij bij beleidsregel anders is
                                bepaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste 8 weken worden
                                verdaagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij beleidsregel kunnen categorieën subsidie-ontvangers worden
                                aangewezen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat
                                een aanvraag tot subsidievaststelling hoeft te worden
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip,
                                bedoeld in de artikelen 14, eerste lid en 15, eerste lid, aanhef en
                                onder a, b of c, is ingediend, kunnen burgemeester en wethouders de
                                subsidie-ontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de
                                aanvraag niet binnen deze termijn ingediend dan kunnen zij overgaan
                                tot ambtshalve vaststelling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Berekening van uurtarieven, uniforme kostenbegrippen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als bij de bepaling van de subsidiabele kosten gebruik wordt gemaakt
                                van uurtarieven, worden deze door de subsidieaanvrager berekend met
                                gebruikmaking van een bij beleidsregel voorgeschreven
                                berekeningswijze.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het hanteren van kostenbegrippen bij de berekening van
                                uurtarieven wordt uitgegaan van de bij beleidsregel voorgeschreven
                                definities.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidie waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen
                                alleen die tarieven en kostenbegrippen in aanmerking die voldoen aan
                                de eisen van het toepasselijke steunkader.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een bij of krachtens deze verordening gestelde termijn voor een
                                subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens
                                bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te
                                dienen belangen, kunnen burgemeester en wethouders een andere
                                termijn vaststellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In een beleidsregel kan worden bepaald dat door burgemeester en
                                wethouders van een of meer bepaalde artikelen of artikelleden van
                                die beleidsregel kan worden afgeweken als daaraan vasthouden voor
                                een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens
                                bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te
                                dienen belangen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Toepassing van de vorige leden wordt gemotiveerd in het besluit en
                                hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De Algemene subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2014
                                    wordt ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op 01 januari 2017</al></li><li nr="3."><al>Op aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor deze datum zijn
                                    de bepalingen van de Algemene subsidieverordening Gemeente West
                                    Maas en Waal 2014 van toepassing.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene
                                    subsidieverordening Gemeente West Maas en Waal 2017.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>DE RAAD VAN DE GEMEENTE WEST MAAS EN WAAL,</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter plv.,</ondertekening><ondertekening>J.A. (Joyce) Satijn J.E.M. (Ans) Mol – van de Camp</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>