<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR435205_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Geldrop-Mierlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Geldrop-Mierlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2016 nr. 185003</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikelen 219 en 227 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-12-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RV GM2016-023740</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Verordening Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Verordening Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017</vet></al><al>De raad van de gemeente Geldrop-Mierlo;</al><al>voorgenomen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders RV
                        GM2016-023740 d.d. 15 november;</al><al>overwegende, dat de bevoegdheid tot het invoeren, wijzigen en afschaffen van
                        een gemeentelijke belasting aan de gemeenteraad is;</al><al>gehoord de Algemene Kamer op 8 december 2016;</al><al>gelet op de artikelen 219 en 227 van de Gemeentewet;</al><al><vet>besluit :</vet></al><al>vast te stellen de volgende verordening: </al><al><vet>Verordening op de </vet><vet>h</vet><vet>effing en de invordering van
                    </vet><vet>Reclamebelasting Geldrop-centrum</vet><vet>
                        20</vet><vet>17</vet><vet>. </vet>(Verordening Reclamebelasting
                        Geldrop-centrum 2017). </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>reclameobject: een openbare aankondiging in letters, cijfers,
                                tekens, logo’s, symbolen of kleuren, of een reclamevoorwerp, of een
                                combinatie daarvan, zichtbaar vanaf de openbare weg.</al></li><li nr="b."><al>Wet WOZ: de Wet waardering onroerende zaken.</al></li><li nr="c."><al>waarde: de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet WOZ voor het
                                kalenderjaar, als bedoeld in artikel 7, voor de onroerende zaak
                                vastgestelde waarde. Indien met betrekking tot een onroerende zaak
                                geen waarde op de voet van hoofdstuk IV van de Wet WOZ is
                                vastgesteld, is de waarde de met overeenkomstige toepassing van het
                                bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van
                                de Wet WOZ vastgestelde waarde.</al></li><li nr="d."><al>vestiging: </al><lijst><li nr="1."><al>de onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ,
                                        of een deel daarvan dat door één organisatie of bedrijf
                                        wordt gebruikt;</al></li><li nr="2."><al>twee of meer onroerende zaken, als bedoeld in artikel 16 van
                                        de Wet WOZ, of delen daarvan, die direct naast of boven
                                        elkaar gelegen zijn en die tezamen door één organisatie of
                                        bedrijf voor één doel worden gebruikt.</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>voorziening: specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen, tonen
                                of vertonen van één of meer (al dan niet wisselende) openbare
                                aankondigingen.</al></li><li nr="f."><al>jaar: een kalenderjaar.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Gebiedsomschrijving</titel></kop><al>Deze verordening is van toepassing binnen het gebied van de gemeente
                        Geldrop-Mierlo, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende en
                        daarvan deel uitmakende kaart (Bijlage 1).</al><al>Het gebied waarop de verordening van toepassing is wordt begrensd door de
                        straten als volgt aangeduid:</al><al><onderstreept>Achter de Kerk</onderstreept>, tot aan de woningen aan de Jan
                        van Geldropstraat, achterlangs naar de Heuvel tot Heuvel 90;</al><al><onderstreept>Heuvel</onderstreept>, achterlangs Heuvel 90, en Heuvel 1,
                        Hofstraat kruisend tot aan parkeerterrein de Meent achterlangs de panden
                        Heuvel 5, 6, en 6a de Wielstraat kruisend, achterlangs de panden aan de
                        Heuvel tot en met nummer 16;</al><al><onderstreept>Molenstraat</onderstreept>, achterlangs de oneven nummers tot
                        en met 17, de Molenstraat kruisend achter Molenstraat 2 en 4 via het
                        parkeerterrein de Dommeldalseweg kruisend;</al><al><onderstreept>De Burght</onderstreept>, achter parkeerterrein Het Machinaal
                        overgaand in Burghtstraat;</al><al><onderstreept>Boga</onderstreept><onderstreept>rdeind</onderstreept>, </al><al>Oneven huisnummers: achter de nummer 33 tot en met 71A tot aan de kruising
                        met Gijzenrooiseweg / Laan der vier Heemskinderen;</al><al>Even huisnummer achter 58 tot aan de Laarstraat, naast Laarstraat 2A over
                        het parkeerterrein van het ziekenhuis naar Heggestraat 47.</al><al><onderstreept>Heggestraat</onderstreept>, Oneven huisnummers (aflopend)
                        vanaf 47A tot aan het even huisnummer 10;</al><al><onderstreept>Stationsstraat</onderstreept><onderstreept>,</onderstreept></al><al>Oneven nummers tot en met huisnummer 11D, de Stationsstraat kruisend;</al><al>Even nummer tot en met 12</al><al><onderstreept>Nieuwendijk,</onderstreept></al><al>Oneven nummers tot en met nummer 37A, de Nieuwendijk kruisend;</al><al>Even nummers aflopend vanaf 44A achterlangs tot en met nummer 14;</al><al>Daarna over de rotonde Mierloseweg aansluitend op <onderstreept>Achter de
                            Kerk.</onderstreept></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de titel ‘reclamebelasting’ wordt, onder de bij deze verordening
                        gestelde voorwaarden, binnen het gebied als bedoeld in artikel 2 een directe
                        belasting geheven ter zake van openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de
                        openbare weg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven van de gebruiker van de vestiging waarop,
                        waaraan, waarin of waarbij één of meer reclameobjecten zijn aangebracht dan
                        wel zijn geplaatst.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingobject</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven per vestiging waarop, waaraan, waarin of
                        waarbij één of meer reclameobjecten zijn aangebracht dan wel zijn
                        geplaatst.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Heffingsmaatstaf</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De heffingsmaatstaf is een vast bedrag per vestiging en een bedrag dat
                            afhankelijk is van de waarde van de vestiging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de vestiging gelijk is aan de onroerende zaak als bedoeld in
                            artikel 16 van de Wet WOZ, is de heffingsmaatstaf een vast bedrag en een
                            bedrag dat afhankelijk is van de waarde van de vestiging.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de vestiging deel uitmaakt van een onroerende zaak als bedoeld in
                            artikel 16 van de Wet WOZ, is de heffingsmaatstaf een vast bedrag en een
                            bedrag dat afhankelijk is van het deel van de waarde dat aan de
                            vestiging kan worden toegerekend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor een vestiging als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, sub 2, is de
                            heffingsmaatstaf een vast bedrag en een bedrag dat afhankelijk is van de
                            waarden of de delen van de waarden die aan de vestiging kunnen worden
                            toegerekend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf wordt buiten aanmerking gelaten
                            de waarde van delen van de vestiging die in hoofdzaak tot woning dienen
                            dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het vaste bedrag voor de reclamebelasting bedraagt € 292,20 per
                            vestiging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor zover de waarde van de vestiging meer bedraagt dan € 139.000,-,
                            wordt het in het vorige lid genoemde bedrag vermeerderd met € 2,10 per €
                            1.000,- waarde. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De reclamebelasting bedraagt maximaal € 585,00 per vestiging. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de waarde naar beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag
                            ambtshalve verminderd indien de lagere waarde leidt tot een lager
                            belastingbedrag voor de reclamebelasting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingschuld ontstaat bij het begin van het belastingtijdvak.
                        </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht na het begin van het belastingtijdvak
                            aanvangt, ontstaat de belastingschuld bij de aanvang van de
                            belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt,
                            is de reclamebelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van
                            de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting als er in dat jaar, na
                            het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, nog volle
                            kalendermaanden overblijven. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt,
                            wordt de aanslag op verzoek van belastingplichtige verminderd met zoveel
                            twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde reclamebelasting
                            als er in dat jaar, na het tijdstip van de beëindiging van de
                            belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt geheven bij wege van aanslag. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen: </al><lijst><li nr="a."><al>die korter dan 13 weken aanwezig zijn, tenzij deze openbare
                                aankondigingen zijn aangebracht of worden getoond of vertoond in een
                                voorziening waarin, waaraan of waarop wisselende openbare
                                aankondigingen worden aangebracht, getoond of vertoond, die
                                individueel korter dan 13 weken aanwezig zijn, maar waarbij de
                                verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken of meer
                                aanwezig zijn;</al></li><li nr="b."><al>die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt
                                gediend, kunnen worden aangemerkt;</al></li><li nr="c."><al>die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst of
                                aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt
                                ter uitvoering van de publieke taak;</al></li><li nr="d."><al>die door (semi-)overheden of culturele, maatschappelijke of daarmee
                                gelijk te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn
                                aangebracht en betrekking hebben op activiteiten die uitsluitend een
                                cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang
                                dienen;</al></li><li nr="e."><al>aangebracht door of namens winkeliersverenigingen of
                                centrummanagement, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat uit
                                een vlag, banier of zuil met de naam van de winkeliersvereniging of
                                het centrummanagement;</al></li><li nr="f."><al>aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften
                                rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering
                                zijnde bouwwerkzaamheden;</al></li><li nr="g."><al>die door politieke partijen zijn aangebracht;</al></li><li nr="h."><al>die onderdeel uitmaken van voor de verkoop of verhuur bestemde
                                artikelen en producten in een etalage of in de winkel;</al></li><li nr="i."><al>bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze
                                aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen of te
                                verhuren zaak;</al></li><li nr="j."><al>aangebracht op scholen, zorginstellingen, ziekenhuizen, kerken en
                                moskeeën, en die uitsluitend betrekking hebben op de functie van het
                                gebouw; </al></li><li nr="k."><al>waarvan de (gezamenlijke) oppervlakte per vestiging minder dan 0,1
                                vierkante meter bedraagt;</al></li><li nr="l."><al>die uitsluitend zijn aangebracht met het doel de negatieve
                                uitstraling van leegstand te vermijden, en zijn aangebracht in
                                vestigingen die leegstaan en in afwachting van een huurder of koper
                                uitsluitend worden gebruikt als etalage of niet te betreden
                                expositieruimte.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten
                        de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste
                        vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
                        dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden
                        later.</al><al>Indien de aanslag in één keer wordt betaald, moet dit vóór de eerste
                        vervaldag.</al><lijst><li nr="2."><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, in geval het
                                totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, zolang
                                de verschuldigde bedragen door middel van automatische
                                betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
                                worden betaald in 8 gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één
                                maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende
                                termijnen telkens een maand later. </al></li><li nr="3."><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in voorgaande
                                leden gestelde termijnen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Van deze belasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen met
                        betrekking tot de heffing en invordering van de reclamebelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De ‘Verordening Reclamebelasting Geldrop-centrum 2016’ wordt
                                ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van
                                ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing
                                blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                voorgedaan.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend op
                                haar bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></li><li nr="4."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening
                                Reclamebelasting Geldrop-centrum 2017".</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad</ondertekening><ondertekening>van de gemeente Geldrop-Mierlo d.d. 19 december 2016</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>G.A.A. van Luijn, B.H.M. Link,</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>