<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR433940_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting Boxmeer 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Boxmeer</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Boxmeer</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="http://www.boxmeer.nl/gemeenteblad">Website gemeente Boxmeer en Boxmeers Weekblad d.d. 27 december 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening toeristenbelasting Boxmeer 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 224 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>O-FIN/2016/1129</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting Boxmeer
                2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Gemeente Boxmeer</vet></al><al/><al><vet>Onderwerp:</vet></al><al>Vaststelling van de Verordening toeristenbelasting Boxmeer 2017.</al><al/><al><vet>Nummer:</vet></al><al>6f.</al><al/><al>De raad van de gemeente Boxmeer;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 1 november
                        2016;</al><al/><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al><al/><al>B E S L U I T :</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting
                        Boxmeer 2017</vet></al><al>(Verordening toeristenbelasting Boxmeer 2017).</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor
                        het houdenvan verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een
                        vergoeding in welke vormdan ook door personen die niet als ingezetene met
                        een adres in de gemeente in debasisregistratie personen zijn
                        ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als
                            bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf,
                            is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel
                            1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
                                artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van
                                de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan
                                opvang Asielzoekers.</al></li><li nr="3."><al>van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk
                                verblijf forensenbelasting is verschuldigd;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het
                        belastingjaar. Hetaantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal
                        overnachtende personenvermenigvuldigd met het aantal nachten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel
                                    enig ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of
                                    een gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde waarvoor
                                    een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in
                                    artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen
                                    omgevingsrecht is vereist; een en ander voor zover deze
                                    onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn
                                    bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt
                                    voor recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="b."><al>kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk
                                    ingericht, en volgens die inrichting bestemd, om daarop
                                    gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van
                                    kampeermiddelen (merendeels /hoofdzakelijk / geheel of nagenoeg
                                    geheel) ten behoeve van recreatief nachtverblijf.</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel
                                    uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt
                                    gesteld voor de plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende
                                    een seizoen of een jaar.</al></li><li nr="d."><al>volgtijdige standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel
                                    uitmaakt van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt
                                    gesteld voor de volgtijdige plaatsing van verschillende
                                    kampeermiddelen.</al></li><li nr="e."><al>woning: een huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare
                                    ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar
                                    onderkomen.</al></li><li nr="f."><al>particulier: een natuurlijk persoon die buiten de uitoefening
                                    van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf.</al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: een woning die door een
                                    particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van
                                    verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan
                                    ook.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor particulier verhuurde woningen en voor kampeermiddelen op vaste of
                            volgtijdige standplaatsen kan het aantal overnachtingen op een bij de
                            aangifte gedaan verzoek van de belastingplichtige forfaitair worden
                            vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor particulier verhuurde woningen wordt
                            per woning:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op het aantal
                                    slaapplaatsen;</al></li><li nr="b."><al>het aantal nachten op 100 gesteld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op vaste
                            standplaatsen wordt per standplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op 2 personen. </al></li><li nr="b."><al>het aantal nachten gesteld op 35 nachten als een kampeermiddel
                                    in het belastingjaar geschikt is voor gebruik of alleen mag
                                    worden gebruikt gedurende niet meer dan 8 maanden.</al></li><li nr="c."><al>het aantal nachten gesteld op 60 nachten als een kampeermiddel
                                    in het belastingjaar geschikt is voor gebruik of alleen mag
                                    worden gebruikt gedurende meer dan 8 maanden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij de forfaitaire berekening voor kampeermiddelen op volgtijdige
                            standplaatsen, wordt: per standplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal overnachtende personen gesteld op 2 personen.</al></li><li nr="b."><al>het aantal nachten gesteld op de gemiddelde bezetting per
                                    kalenderdag vermenigvuldigd met 365 dagen. De gemiddelde
                                    bezetting per kalenderdag is het gemiddelde van zes tellingen
                                    gedurende het belastingjaar, waarbij iedere telling binnen een
                                    afzonderlijke periode van twee maanden valt.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Per overnachting bedraagt het tarief € 1,14</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid, bedraagt het tarief voor groepen
                                vanaf vijftienpersonen tot en met de leeftijd van 16 jaar € 0,25 per
                                overnachting.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 100,00 worden niet opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
                            moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de
                            maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet
                            is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, ingeval het
                            totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
                            aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan minder is dan €
                            2.000,00, dat de aanslagen moeten worden betaald in drie gelijke
                            termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de
                            maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet
                            is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                            later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de
                        heffing ende invordering van de toeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overgangsbepaling</titel></kop><al>De 'Verordening toeristenbelasting Boxmeer 2016' van 10 december 2015 wordt
                        ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van
                        ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op
                        de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die van
                            bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening toeristenbelasting
                        Boxmeer 2017'.</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten door de raad van de gemeente Boxmeer</ondertekening><ondertekening>in zijn openbare vergadering van 15 december 2016.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening>A.W.J.M. Cornelissen MMC</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>K.W.T. van Soest</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>