<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR43349_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Vergunninghoudersparkeren 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ouder-Amstel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ouder-Amstel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Amstelgids</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Vergunnnighoudersparkeren 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26 juli 1990</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wegenverkeerswet 1994</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-12-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2000-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2008/45</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Vergunninghoudersparkeren 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Ouder-Amstel,</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 17 november
                        2008, nummer 2008/45,</al><al><vet>s t e l t v a s t:</vet></al><al>de “Verordening vergunninghoudersparkeren Ouder-Amstel 2008”. </al><al/><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>Definities en begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26
                                    juli 1990, Stb. 459;</al></li><li nr="b."><al>Motor(voertuig): hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV
                                    1990; parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of
                                    laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die
                                    nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of
                                    uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
                                    van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
                                    verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen
                                    of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                    verboden;</al></li><li nr="c."><al>houder: degenen die naar de omstandigheden als houder van een
                                    voertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een
                                    motorvoertuig dat is ingeschreven in het krachtens de
                                    Wegenverkeerswet 1994 (Stb. 1994, 475) aangehouden register van
                                    opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens
                                    naam het voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van
                                    het parkeren in het register was ingeschreven;</al></li><li nr="d."><al>bewoner: degenen die in de Gemeentelijke Basisadministratie
                                    staat geregistreerd als bewoner van een hierin opgenomen
                                    woonadres; vergunninghoudersparkeerplaats: een parkeerplaats
                                    die:</al><lijst><li nr="1."><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990,
                                            of</al></li><li nr="2."><al>gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit
                                            bijlage 1 van het RVV 1990 met het opschrift zone, voor
                                            zover deze plaats niet is uitgezonderd;</al></li></lijst></li><li nr="e."><al>vergunning: een door burgemeester en wethouders verleende
                                    vergunning, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig
                                    te parkeren op daartoe aangewezen
                                    vergunninghoudersparkeerplaatsen;</al></li><li nr="f."><al>vergunninghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan
                                    wie een vergunning is verleend;</al></li><li nr="g."><al>Zone: een gebied met vergunninghoudersparkeerplaatsen;</al></li><li nr="h."><al>Vergunninggebied: het gebied dat alle zones omvat.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>Plaatsen voor vergunninghouders, vergunningen en
                            vergunningbewijzen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit,
                                weggedeelten aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door
                                vergunninghouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit, de
                                tijdstippen vaststellen waarop het parkeren alleen aan
                                vergunninghouders is toegestaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen op een daartoe strekkende aanvraag
                                een vergunning verlenen voor het parkeren op
                                vergunninghoudersparkeerplaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vergunning voor het parkeren op een
                                vergunninghoudersparkeerplaats kan worden verleend:</al><lijst><li nr="a."><al>aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig, die
                                        aantoont dat deze parkeerplaats op grond ligt die zijn
                                        eigendom is cq aan hem, al dan niet tegen vergoeding, door
                                        de eigenaar van deze parkeerplaats ter beschikking is
                                        gesteld; </al></li><li nr="b."><al>aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig, die in de
                                        Gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven op een
                                        woonadres in een zone, waar vergunninghoudersparkeren is
                                        ingesteld en die behoort tot de categorie personen die door
                                        het college van burgemeester en wethouders zijn aangewezen
                                        om voor een vergunninghoudersparkeerplaats in aanmerking te
                                        komen;</al></li><li nr="c."><al>aan een eigenaar of houder van een motorvoertuig die een
                                        beroep of bedrijf uitoefent en aantoont dat het in het
                                        belang van diens beroep- of bedrijfsuitoefening noodzakelijk
                                        is een motorvoertuig op een vergunninghoudersparkeerplaats
                                        te kunnen parkeren.</al></li><li nr="d."><al>het onder c bepaalde is alleen van toepassing indien de
                                        aanvrager door burgemeester en wethouders is uitgezonderd
                                        van de verplichting om voor zijn beroeps- of
                                        bedrijfsuitoefening voldoende bedrijfsparkeerplaatsen op
                                        eigen terrein aanwezig te hebben.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen ook een
                                vergunning verlenen aan een eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, danwel natuurlijke of rechtspersoon die niet voldoet
                                aan één van de in het tweede lid genoemde voorwaarden;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De vergunning kan door burgemeester en wethouders worden verleend
                                voor hetzij een afzonderlijke vergunningenparkeerplaats, voor een
                                zone als voor elk gebied in de gemeente waarvoor
                                vergunninghoudersparkeren is ingesteld. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen binnen 8 weken na ontvangst van
                                een aanvraag voor een vergunning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede lid genoemde
                                termijn met ten hoogste 8 weken verlengen. Van een verlenging van
                                deze termijn wordt de aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen, met in achtneming van het
                                gestelde in het eerste en tweede lid, regels geven voor het
                                aanvragen en verlenen van de vergunning.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergunning kan zowel voor een bepaalde tijd als voor onbepaalde
                                tijd worden verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vergunning voor bepaalde tijd wordt automatisch verlengd, indien
                                na deze periode nog steeds wordt voldaan aan de voorwaarden van
                                artikel 3 van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="b."><al>de plaats, zone of gebied(en) waarvoor de vergunning
                                        geldt</al></li><li nr="c."><al>de naam van de vergunninghouder of het kenteken van het
                                        motorvoertuig waarvoor de vergunning is verleend.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>ARTIKEL</label><nr>6</nr><titel/></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken
                                        of wijzigen:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></li><li nr="b."><al>wanneer de vergunninghouder de zone of het
                                                vergunninghoudersparkerengebied, waarvoor de
                                                vergunning is verleend, metterwoon verlaat of het
                                                daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt;</al></li><li nr="c."><al>wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de
                                                omstandigheden die relevant waren voor het verlenen
                                                van de vergunning;</al></li><li nr="d."><al>wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van
                                                vergunningen komt te vervallen;</al></li><li nr="e."><al>wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de
                                                aan de vergunning verbonden voorschriften;</al></li><li nr="f."><al>wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning
                                                onjuiste gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="g."><al>om redenen van openbaar belang.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>Verbodsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een
                                                motorvoertuig te plaatsen of te laten staan op een
                                                vergunninghoudersparkeerplaats.</al></li><li nr="2."><al>Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing
                                                verlenen van het bepaalde in het eerste lid van dit
                                                artikel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning
                                                weigeren cq aan een vergunning voorschriften en
                                                beperkingen verbinden met het oog op het belang van
                                                een goede verdeling van de beschikbare
                                                parkeerruimte.</al></li><li nr="2."><al>De in het eerste lid verbonden voorschriften en
                                                beperkingen kunnen in ieder geval betrekking hebben
                                                op:</al><lijst><li nr="a."><al>de tijdsduur waarvoor een
                                                  vergunninghoudersparkeerplaats wordt aangewezen;
                                                  </al></li><li nr="b."><al>het type motorvoertuig dat geparkeerd mag
                                                  worden de wijze waarop het motorvoertuig op de
                                                  vergunninghoudersparkeerplaats geparkeerd moet
                                                  worden;</al></li><li nr="c."><al>de zichtbaarheid en leesbaarheid van de
                                                  vergunning de plaats waar of manier waarop de
                                                  vergunning in of aan het motorvoertuig moet zijn
                                                  aangebracht.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel/></kop><al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze
                                        verordening wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste
                                        twee maanden of geldboete van de eerste categorie.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel/></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                                        krachtens deze verordening zijn belast: </al><lijst><li nr="a."><al>de politie;</al></li><li nr="b."><al>de hiertoe door burgemeester en wethouders
                                                aangewezen personen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel/></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: 'Verordening
                                        Vergunninghoudersparkeren Ouder-Amstel 2008'.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel/></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na de openbare
                                        bekendmaking. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Ouder-Amstel, 18 december 2008</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>L.J. Heijlman M.T.J. Blankers-Kasbergen</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Toelichting:</vet></al><al>Deze verordening regelt het parkeren op een
                                        vergunninghoudersparkeerplaats, als bedoeld in RVV artikel
                                        24 lid 1d in combinatie met het bord E9. Met deze regeling
                                        wordt een parkeerplaats exclusief toegewezen voor het
                                        parkeren door één specifieke persoon (of een beperkte groep
                                        van personen), namelijk zij aan wie hiervoor een vergunning
                                        is verleend. Deze regeling is vergelijkbaar met die geldt
                                        voor het parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats, zij het
                                        dat de vergunningverlening hier niet plaatsvindt in verband
                                        met de lichamelijke toestand van de vergunninghouder maar
                                        een andere omstandigheid. </al><al>Nu een dergelijke regeling haaks staat op de vaak
                                        nagestreefde flexibiliteit van het gebruik van een openbaar
                                        gebied om te kunnen parkeren, moet er sprake zijn van
                                        bijzondere omstandigheden. In veel gevallen is het namelijk
                                        ook mogelijk het nagestreefde doel te bereiken door de
                                        instelling van een parkeerschijfzone (“blauwe zone”) met een
                                        ontheffing voor een bepaalde doelgroep. </al><al>In artikel 3 is aangegeven wie voor zo’n vergunning in
                                        aanmerking kunnen komen. De eerste categorie, omschreven in
                                        lid 1, zijn degenen die eigenaar zijn van de (grond onder
                                        de) parkeerplaats terwijl de parkeerplaats, bijvoorbeeld op
                                        grond van het feit dat hij naast de openbare weg ligt en
                                        fysiek vrij toegankelijk is, wel onder de werking van de
                                        Wegenverkeerswet valt. Een voorbeeld hiervan zijn de
                                        parkeerplaatsen in de Vosmeerstraat in Ouderkerk aan de
                                        Amstel. Deze parkeerplaatsen zijn specifiek aangelegd voor
                                        en op grond van de bewoners van de woningen aan de
                                        Vosmeerstraat maar maken onderdeel uit van de openbare weg.
                                        In deze situatie wordt voor iedere parkeerplaats een
                                        (eventueel meer) afzonderlijke vergunninghouder aangewezen,
                                        hetgeen per parkeerplaats word aangegeven met een bord E9 en
                                        een onderbord met daarop het kenteken van het voertuig
                                        (eventueel de voertuigen) die hierop mogen parkeren.
                                        Hetzelfde geldt voor de parkeerplaatsen op het Vondelpad </al><al>De tweede categorie, omschreven in lid 2, zijn de bewoners
                                        van een gebied waarvoor door het college van burgemeester en
                                        wethouders vergunninghoudersparkeren is ingesteld. Als
                                        bijvoorbeeld de Vosmeerstraat zou worden aangewezen als zone
                                        voor vergunninghoudersparkeren, dan wordt bord E9 zonaal
                                        toegepast en geldt voor iedere parkeerplaats binnen dit
                                        gebied (tenzij hiervan specifiek en kenbaar uitgezonderd)
                                        dat men over een vergunning dient te beschikken om hier te
                                        mogen parkeren. Binnen het gebied mag echter iedere
                                        vergunninghouder op een vergunninghoudersparkeerplaats
                                        parkeren. </al><al>De derde categorie, omschreven in lid c en d, zijn de
                                        gevallen waarin er voor één bewoner of één bedrijf een
                                        duidelijke noodzaak bestaat om hier te kunnen parkeren, er
                                        kan worden afgeweken van de hoofdregel van het
                                        parkeerbeleidsplan 2004, dat een bedrijf de verplichting
                                        heeft het aan de bedrijfs- of beroepsuitoefening verbonden
                                        parkeren volledig op eigen terrein af te wikkelen. </al><al>Te denken valt bijvoorbeeld aan iemand die een medisch
                                        beroep uitoefent waarbij levens op het spel kunnen staan en
                                        waarbij het dringend nodig is dat deze binnen zeer korte
                                        tijd oproepbaar is en daarom voortdurend zijn (haar)
                                        motorvoertuig op de openbare weg vlak bij zijn woning moet
                                        kunnen parkeren. (Indien er beschikt wordt over een
                                        parkeerplaats op eigen terrein zal die noodzaak slechts in
                                        uitzonderlijke gevallen aanwezig zijn. Een tweede voorbeeld
                                        is het gebruik van de voor vergunninghouders gereserveerde
                                        vrachtautoparkeerplaatsen aan de Ambachtenstraat. Op grond
                                        van het parkeerbeleid zoals neergelegd in het
                                        Parkeerbeleidsplan Ouder-Amstel 2004 zijn bedrijven
                                        verplicht al het aan de bedrijfsvoering verbonden parkeren
                                        op eigen terrein op te lossen. </al><al>De vrachtautoparkeerplaatsen voor vergunninghouders zullen
                                        daarom niet snel aan een in Ouder-Amstel gevestigd bedrijf
                                        kunnen worden toegewezen maar wel bijvoorbeeld beschikbaar
                                        worden gesteld als aan bijvoorbeeld een chauffeur van een
                                        vrachtauto (of bijvoorbeeld bus) in Ouder-Amstel woont, die
                                        het voertuig mee naar huis neemt na afloop van zijn werk
                                        maar dit voertuig vanwege het formaat niet in de woonwijk
                                        mag parkeren. Om te verhinderen dat een buiten Ouder-Amstel
                                        gevestigd bedrijf op deze manier eventuele parkeerproblemen
                                        afwentelt op de gemeente, moet er voor de chauffeur ook een
                                        noodzaak aanwezig zijn om de auto mee te nemen naar huis. </al><al>De vierde categorie is een “restcategorie”: er kunnen zich
                                        gevallen voordoen, die niet in de vorige drie categorieën
                                        passen en het redelijkerwijs toch noodzakelijk kan zijn
                                        (eventueel tijdelijk) een vergunning te verlenen. Uiteraard
                                        zal hier terughoudend mee om moeten worden gegaan, nu iedere
                                        vergunningverlening op basis van het gelijkheidsbeginsel een
                                        precedent voor de toekomst schept. In artikel 4 is
                                        aangesloten bij de standaardtermijn voor de afhandeling van
                                        brieven en is de mogelijkheid gecreëerd dat bijvoorbeeld er
                                        bij een aanvraag gebruik gemaakt moet worden van een
                                        standaardaanvraagformulier. </al><al>Artikel 5 regelt de geldigheidsduur van de vergunning.
                                        Artikel 6 regelt de mogelijkheid om een verleende vergunning
                                        weer in te trekken of te wijzigen. </al><al>Artikel 7 regelt dat de parkeerplaats alleen voor het
                                        parkeren van een motorvoertuig kan worden gebruikt. Dit
                                        betekent bijvoorbeeld dat hij niet gebruikt mag worden om
                                        een aanhangwagen of caravan op te parkeren e.d. In
                                        bijzondere gevallen, bijvoorbeeld voor een brommobiel of in
                                        een tijdelijke situatie, zoals bij een verhuizing of
                                        verbouwing, kan hiervan worden afgeweken. </al><al>Artikel 8 regelt de situatie wanneer een vergunning
                                        geweigerd kan worden en welke beperkingen en voorschriften
                                        in ieder geval aan vergunning kunnen worden verbonden. De
                                        opsomming is met nadruk niet limitatief. </al><al>Artikel 9 en 10 regelen de strafbaarstelling en wie bevoegd
                                        zijn tot handhaving. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>