<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR433013_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissie van Hillegom 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hillegom</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">www.officielebekendmakingen.nl, 28-12-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissie van Hillegom 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">art. 82, Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-12-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-12-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-06889</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissie van Hillegom 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Hillegom,</al><al>gelezen het voorstel van het presidium van 6 oktober 2016,</al><al>gelet op artikel 82 van de Gemeentewet,</al><al>besluit vast te stellen de volgende</al><al><vet>Verordening op de raadscommissie van Hillegom 2016</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1:</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>brede fractie: een fractie inclusief de door die fractie
                                    voorgedragen en door de raad benoemde burgerleden;</al></li><li nr="b."><al>burgerlid: lid van de raadscommissie, niet zijnde een
                                    raadslid;</al></li><li nr="c."><al>driehoek: burgemeester, gemeentesecretaris en griffier;</al></li><li nr="d."><al>fractie: een fractie als bedoeld in artikel 6 van het Reglement
                                    van orde voor de gemeenteraad;</al></li><li nr="e."><al>griffier: de griffier of zijn plaatsvervanger;</al></li><li nr="f."><al>lid: lid van de raadscommissie;</al></li><li nr="g."><al>portefeuillehouder: burgemeester of wethouder.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2:</nr><titel>taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taken</titel></kop><al>De raadscommissie heeft de volgende taken:</al><lijst><li nr="1."><al>het voorbereiden van besluitvorming door de raad. Die
                                    voorbereiding beoogt de raad technisch-inhoudelijk voldoende
                                    over het voorstel of onderwerp te informeren alsook over opinies
                                    die er met betrekking tot het voorstel of onderwerp leven;</al></li><li nr="2."><al>het voeren van overleg met het college of de burgemeester over
                                    door hen verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadsleden zijn lid van de raadscommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad kan op voordracht van de fracties ook niet-raadsleden als
                                lid benoemen (burgerleden).</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Per brede fractie mag het aantal burgerleden niet hoger zijn dan
                                drie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De artikelen 10, 11, 12 en 13 van de Gemeentewet zijn van
                                overeenkomstige toepassing op een burgerlid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitters van de raadscommissie worden door de raad uit zijn
                                midden benoemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitters fungeren als technisch voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zittingsperiode van een lid en voorzitter eindigt in ieder geval
                                aan het einde van de zittingsperiode van de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid houdt op lid te zijn als hij niet meer voldoet aan de in
                                artikel 3, vierde lid, gestelde eisen of als de fractie op wiens
                                voordracht hij is benoemd, niet langer vertegenwoordigd is in de
                                raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een burgerlid houdt op lid te zijn, als de fractie op wiens
                                voordracht het lid is benoemd, dit schriftelijk aan de raad
                                meedeelt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad kan een voorzitter en een burgerlid ontslaan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een burgerlid en een voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen.
                                Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag
                                gaat direct in.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De griffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier ondersteunt de raadscommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hij is in iedere vergadering aanwezig en kan, als hij daartoe door
                                de voorzitter wordt uitgenodigd, deelnemen aan de
                                beraadslagingen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3:</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Vergaderfrequentie; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><al>De raadscommissie vergadert als de driehoek dit nodig oordeelt of
                                als ten minste vier raadsleden schriftelijk met opgaaf van redenen
                                hierom verzoeken. In het laatste geval wordt binnen 14 dagen na
                                ontvangst van het verzoek een vergadering gehouden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Oproep en beschikbaarheid stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier zendt, na overleg in de driehoek, ten minste 7 dagen
                                    voor een vergadering –spoedeisende vergaderingen uitgezonderd -
                                    de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van dag,
                                    tijdstip en plaats van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde oproep wordt gelijktijdig ter
                                    informatie verzonden aan de leden van het college. Zij worden
                                    geacht voor alle vergaderingen van de raadscommissie te zijn
                                    uitgenodigd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden
                                    tegelijkertijd met de schriftelijke oproep via het
                                    raadsinformatiesysteem aan eenieder beschikbaar gesteld. Stukken
                                    bedoeld in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet
                                    worden via het besloten raadsinformatiesysteem aan de leden
                                    beschikbaar gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als op een later tijdstip stukken beschikbaar worden gesteld,
                                    wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in
                                    een openbare kennisgeving.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In spoedeisende gevallen kan de driehoek na het verzenden van de
                                    schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Deze
                                    wordt aan de leden verzonden en openbaar gemaakt. De
                                    bijbehorende stukken worden gelijktijdig via het (besloten)
                                    raadsinformatiesysteem beschikbaar gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Openbare vergaderingen worden op de voor afkondigingen in de
                                    gemeente gebruikelijke wijze en door vermelding op de
                                    gemeentelijke website openbaar gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openbare kennisgeving vermeldt:</al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats en voorlopige agenda
                                            van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar eenieder de agenda en
                                            de daarbij behorende stukken kan inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het bezoeken van het raadspreekuur
                                            en uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld in artikel
                                            13.</al></li></lijst></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde van de vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid dat deelneemt
                                aan de vergadering de presentielijst. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op degene die op grond van dit artikel is toegelaten deel te
                                    nemen aan de beraadslaging zijn de bepalingen van dit reglement
                                    van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vaststellen agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                    vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de
                                    raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan
                                    de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    bij de vaststelling van de agenda de volgorde of de wijze van
                                    behandeling van de agendapunten wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een voorstel dat vermeld staat op de agenda van de
                                    raadscommissie kan niet worden ingetrokken zonder toestemming
                                    van de raadscommissie. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een hamerstuk wordt een bespreekstuk als ten minste twee leden
                                    van verschillende brede fracties hierom verzoeken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgers kunnen in een openbare vergadering het woord voeren over
                                    al dan niet op de agenda vermelde onderwerpen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan niet gevoerd worden over:</al><lijst><li nr="a."><al>een onderwerp dat niet tot het werkterrein van de
                                            gemeente behoort;</al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
                                            personen;</al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de
                                            Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
                                            ingediend;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degenen die van het spreekrecht gebruik willen maken melden dit
                                    ten minste 24 uur voor de vergadering aan de griffie. Zij
                                    vermelden hun naam, adres en telefoonnummer of e-mailadres en
                                    het onderwerp waarover zij willen spreken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan een verzoek om gebruik te maken van het
                                    spreekrecht weigeren als hij het onderwerp niet voldoende
                                    nauwkeurig acht aangegeven.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De totaal beschikbare spreektijd bedraagt maximaal 30 minuten.
                                    Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                    voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
                                    er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan in bijzondere
                                    gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De leden kunnen aan insprekers korte, verhelderende vragen
                                    stellen. Er vindt geen discussie met insprekers plaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Vragenkwartier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Commissieleden kunnen mondeling korte, actuele vragen stellen
                                    aan het college bij het agendapunt Vragenkwartier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het commissielid dat hiervan gebruik wil maken, meldt dit onder
                                    aanduiding van het onderwerp uiterlijk om 12 uur op de dag van
                                    de vergadering bij de griffie. De voorzitter kan weigeren een
                                    onderwerp tijdens het vragenkwartier aan de orde te stellen als
                                    hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven of
                                    als het onderwerp in een commissievergadering van die week aan
                                    de orde komt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                    tijdens het vragenkwartier aan de orde worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Na beantwoording krijgt de vragensteller desgewenst de
                                    gelegenheid om aanvullende vragen te stellen en vervolgens kan
                                    de voorzitter ook andere leden het woord geven om aanvullende
                                    vragen over hetzelfde onderwerp te stellen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Tijdens het vragenkwartier worden geen interrupties
                                    toegelaten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Spreekregels en advisering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Per brede fractie hebben gelijktijdig maximaal twee leden
                                    zitting aan de vergadertafel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij onderwerpen ter informatie kunnen zij vragen stellen. Als
                                    zij dit willen kunnen zij ook hun mening over het onderwerp
                                    geven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij onderwerpen ter advisering aan de raad zijn er twee
                                    spreektermijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist. In
                                    elke spreektermijn voert niet meer dan één lid per brede fractie
                                    het woord.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de eerste spreektermijn worden technische en politieke vragen
                                    gesteld. De portefeuillehouders beantwoorden aan hen gestelde
                                    vragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In de tweede termijn worden opinies over het voorstel gegeven en
                                    vindt debat over deze opinies plaats.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>In de tweede termijn voeren de portefeuillehouders niet het
                                    woord, tenzij de voorzitter meent dat verduidelijking door een
                                    portefeuillehouder zinvol is voor het debat.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Na sluiting van de tweede termijn adviseert elke fractie of het
                                    voorstel als bespreekstuk of hamerstuk in de raad geagendeerd
                                    moet worden. De voorlopige agenda van de raad wordt aan de hand
                                    hiervan opgesteld. Een onderwerp wordt als bespreekstuk voor de
                                    raad geagendeerd als ten minste twee leden van verschillende
                                    brede fracties dit adviseren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                    mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden
                                    toegelicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de vergadering terstond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Eerst stemmend lid bij hoofdelijke stemming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als de raadscommissie een besluit moet nemen waarvoor
                                    hoofdelijke stemming wordt verlangd, deelt de voorzitter mee bij
                                    welk lid de hoofdelijke stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij
                                    loting een volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het
                                    daar genoemde lid begint de hoofdelijke stemming.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alleen de leden die op het moment van de stemming zitting hebben
                                    aan de vergadertafel, conform artikel 15, eerste lid, nemen deel
                                    aan de stemming.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van een
                                    presentielijst en voor een verslag van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag bevat ten minste:</al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de ter
                                            vergadering aanwezige leden, de aanwezige leden van het
                                            college en de naam en de hoedanigheid van die personen
                                            aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 11 is
                                            toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen;</al></li><li nr="b."><al>een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                            geweest;</al></li><li nr="c."><al>in de raadscommissie gedane toezeggingen;</al></li><li nr="d."><al>bij onderwerpen ter advisering aan de raad: een weergave
                                            van de opinies van de brede fracties;</al></li><li nr="e."><al>het advies van de brede fracties voor de verdere
                                            behandelwijze van de onderwerpen of voorstellen;</al></li><li nr="f."><al>een overzicht van het verloop van elke stemming, met
                                            vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                            leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van
                                            de namen van de leden die zich overeenkomstig de
                                            Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij
                                            het uitbrengen van hun stem hebben vergist.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het schriftelijke conceptverslag wordt aan de leden en overige
                                    personen die het woord hebben gevoerd toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden, de voorzitter en overige personen die het woord hebben
                                    gevoerd, hebben het recht een voorstel tot verandering aan de
                                    raad te doen, als het schriftelijke conceptverslag naar hun
                                    mening onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft wat
                                    geadviseerd is. Een voorstel tot verandering dient, ten minste
                                    24 uur voor de vergadering waarin het verslag wordt vastgesteld,
                                    schriftelijk bij de griffier te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt door de raad vastgesteld.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4:</nr><titel>Toehoorders en media</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Toehoorders en media</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de media wonen openbare
                                vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is hen verboden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op
                                enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig
                                andere toehoorders te doen vertrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Hij is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de
                                vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot
                                de vergadering te ontzeggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die van een openbare commissievergadering geluid- en/of
                            beeldregistraties willen maken melden dit aan de voorzitter en gedragen
                            zich naar zijn aanwijzingen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5:</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Toepassing verordening op besloten vergaderingen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn met het
                            besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de sluiting van de besloten vergadering beslist de vergadering,
                            overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6:</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing van de verordening, beslist de vergadering op voorstel van
                            de voorzitter.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking de dag nadat deze is
                                    bekendgemaakt.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de Verordening op de raadscommissie van
                                    Hillegom 2011, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van 10
                                    februari 2011.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de vergadering van 10 november 2016. </ondertekening><ondertekening>drs. P.M. Hulspas-Jordaan, griffier</ondertekening><ondertekening>A.van Erk, voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting op de Verordening op de raadscommissie
                            van Hillegom</titel></kop><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1:</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>De Gemeentewet kent het begrip ‘fractie’ niet maar gaat in artikel 33,
                            tweede lid, wel uit van het bestaan van in de raad vertegenwoordigde
                            groeperingen (recht op fractie-ondersteuning). Tot de fractie behoren de
                            gekozen vertegenwoordigers (raadsleden). In deze verordening wordt voor
                            de gekozen leden en burgerleden samen de term “brede fractie”
                            gehanteerd.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2:</nr><titel>Taken en samenstelling</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Taken</titel></kop><al>De taken van de raadscommissie zijn vastgelegd in artikel 82, eerste
                            lid, van de Gemeentewet. Naast de technisch-inhoudelijke voorbereiding
                            vindt in de raadscommissie een politieke bespreking plaats. Brede
                            fracties geven in de tweede termijn hun opinie. De raadscommissie biedt
                            ook ruimte aan opinies die leven bij de bevolking en bij organisaties en
                            groeperingen in de gemeente. De raadscommissie heeft zo ook een
                            belangrijke taak bij de vervulling van de volksvertegenwoordigende rol
                            van de raad.</al><al>Ter invulling van het tweede lid staat op de agenda van de
                            raadscommissie staat ook het agendapunt ‘Korte mededelingen uit college
                            en samenwerkingsverbanden’. Bij dit agendapunt kunnen
                            portefeuillehouders informatie geven over niet-geagendeerde onderwerpen.
                            Ook raadsleden die benoemd zijn als vertegenwoordigers in
                            samenwerkingsverbanden, kunnen hierover bij dit agendapunt informatie
                            geven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><al>De raadsfracties hebben er behoefte aan ook anderen dan gekozen
                            raadsleden te laten deelnemen aan de voorbereiding van de besluitvorming
                            door de raad. Deze zogenoemde burgerleden kunnen de taken van de
                            raadsleden verlichten. Vaak blijkt het burgerlidmaatschap ook een
                            “kweekvijver” voor toekomstige raadsleden. Daarmee dient het niet alleen
                            het fractiebelang, maar ook het gemeentelijk belang. Van burgerleden
                            wordt verwacht dat ze actief deelnemen aan de
                            raadscommissievergaderingen.</al><al>Op grond van het vierde lid moeten ook niet-raadsleden voldoen aan
                            hetgeen is bepaald in de artikelen 10, 11, 12 en 13 van de Gemeentewet.
                            Dit betekent onder andere dat zij ingezetene van de gemeente moeten zijn
                            en ten minste achttien jaar, over een geldige verblijfstitel moeten
                            beschikken, hun andere functies openbaar moeten maken en niet tevens
                            bepaalde in de wet genoemde functies mogen vervullen. De verwijzing naar
                            artikel 15 van de Gemeentewet (‘verboden handelingen’) is geschrapt
                            omdat er een taak bij gedeputeerde staten belegd werd (verlenen
                            ontheffing) zonder dat gemeenten daar een expliciete grondslag voor
                            hebben. De burgerleden worden wel gewezen op de onwenselijkheid van het
                            verrichten van bepaalde werkzaamheden.</al><al>Voorgedragen burgerleden hoeven niet op de verkiezingslijst van een
                            politieke partij te hebben gestaan. Hierdoor komen ook inwoners die ná
                            de verkiezingen actief willen worden voor een politieke partij, in
                            aanmerking voor het burgerlidmaatschap.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><al>Artikel 82, vierde lid, van de Gemeentewet schrijft voor dat de
                            voorzitter van de raadscommissie raadslid moet zijn. Om die reden
                            bepaalt artikel 4, eerste lid, dat de raad de voorzitters “uit zijn
                            midden” benoemt. Het tweede lid geeft aan dat een voorzitter niet als
                            vertegenwoordiger van zijn fractie optreedt, maar als onafhankelijk
                            voorzitter.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><al>Een burgerlid neemt deel aan de vergaderingen namens de fractie op wier
                            voordracht hij is benoemd. Raadsleden zijn lid uit hoofde van hun
                            raadslidmaatschap (artikel 3 eerste lid). De voorzitters en burgerleden
                            zijn door de raad benoemd en kunnen ook door de raad ontslagen worden
                            (lid 4). Dit zou aan de orde kunnen komen als een voorzitter niet meer
                            het vertrouwen van de raad bezit of als een burgerlid bij herhaling
                            commissievergaderingen verstoort en de eigen fractie het burgerlid niet
                            wenst terug te trekken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De griffier</titel></kop><al>De griffier heeft als taak de raadscommissie te ondersteunen. Dit
                            betreft met name logistieke en procedurele ondersteuning van de
                            raadscommissie. Indien gewenst kan technische beleidsinhoudelijke
                            ondersteuning door de griffier, via de gemeentesecretaris, uit het
                            reguliere ambtelijke apparaat worden betrokken.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3:</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Vergaderfrequentie; voorbereidingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><al>De driehoek wordt hier genoemd omdat deze de voorlopige agenda van
                                de raadscommissie opstelt en daarmee bepaalt hoeveel vergaderavonden
                                nodig zijn. Het presidium bepaalt per kalenderjaar in het
                                vergaderschema alle raadscommissiedata en –reservedata.</al><al>Het aantal raadsleden dat nodig is om een vergadering van de
                                raadscommissie bijeen te roepen is gelijkgesteld aan het aantal dat
                                nodig is om een raadsvergadering bijeen te roepen (art. 17
                                Gemeentewet).</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Oproep en beschikbaarheid stukken</titel></kop><al>De schriftelijke oproep kan per post worden verstuurd of op een
                                andere wijze, bijvoorbeeld e-mail. De in artikel 25, eerste en
                                tweede lid van de Gemeentewet bedoelde stukken zijn stukken ten
                                aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><al>Met dit artikel wordt invulling gegeven aan het voorschrift van
                                artikel 82, vijfde lid, van de Gemeentewet.</al></divisie><divisie><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde van de vergadering</titel></kop><al>In de verordening is weinig geregeld met betrekking tot de orde van
                                de vergaderingen om de werkwijze zo flexibel mogelijk te houden. De
                                mogelijkheid om een voorstel van orde in te dienen (artikel 16) legt
                                de sturing geheel bij de vergadering zelf.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><al>Dit artikel maakt het mogelijk dat de raadscommissie zich door niet
                                alleen het college laten informeren. Door derden formeel toe te
                                staan deel te nemen aan de beraadslaging geldt voor hen ook het in
                                artikel 22 Gemeentewet geregelde verschoningsrecht, dat in artikel
                                82, vijfde lid, van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing
                                wordt verklaard op leden van de raadscommissie en andere personen
                                die aan de beraadslagingen deelnemen. Uiteraard hebben deze andere
                                sprekers voor het overige niet dezelfde rechten als de leden. Een
                                andere spreker heeft onder meer geen recht om een voorstel te doen
                                over de orde van de vergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vaststellen agenda</titel></kop><al>De driehoek stelt de voorlopige agenda van de raadscommissie op,
                                maar uiteindelijk bepaalt de raadscommissie zijn eigen agenda.
                                Hieruit vloeit ook voort dat het college niet meer zelf kan
                                beslissen over de behandeling van een voorstel dat het aan de raad
                                heeft aangeboden en dat op de voorlopige agenda staat vermeld (derde
                                lid).</al><al>Met “wijze van behandeling” (tweede lid) wordt bedoeld de
                                behandeling als bespreekstuk of als hamerstuk.</al><al>Dit artikel heeft tot doel de raadscommissie een actieve rol te
                                geven in de agendering en geeft het individuele commissielid invloed
                                op de agenda.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><al>Voor de goede orde is een aantal onderwerpen van het spreekrecht
                                uitgezonderd. </al><al>In het derde lid is bepaald dat een inspreker zich ten minste 24 uur
                                voor de vergadering dient aan te melden. Hierdoor wordt het mogelijk
                                het beoogde onderwerp te toetsen aan de bepalingen van het tweede
                                lid.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Vragenkwartier</titel></kop><al>De hier opgenomen regeling is gelijk aan de regeling die geldt voor
                                de raad.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Spreekregels</titel></kop><al>Het is de bedoeling dat technische vragen over een voorstel of
                                onderwerp zoveel mogelijk al voorafgaand aan de commissievergadering
                                gesteld en beantwoord zijn. Zo nodig biedt de eerste termijn in de
                                raadscommissie de mogelijkheid nog een enkele technische vraag te
                                stellen. De eerste termijn is echter vooral bedoeld voor politieke
                                vragen aan het college die van belang zijn voor de oordeelsvorming
                                van de commissieleden. Na de eerste termijn geeft elke brede fractie
                                aan of het voorstel politiek kan worden behandeld, waarna de
                                voorzitter een conclusie trekt.</al><al>In de tweede termijn geven de commissieleden hun mening over het
                                raadsvoorstel (benoemen plus- en/of minpunten) en vindt een
                                verkennende discussie op inhoud plaats, zodat de opinies helder
                                zijn. De brede fracties adviseren na de beraadslagingen over de
                                agendering als bespreekstuk of hamerstuk in de volgende
                                raadsvergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><al>Ieder lid heeft te allen tijde het recht een voorstel van orde te
                                doen. De beslissing of er inderdaad sprake is van een voorstel van
                                orde is aan de raadscommissie. Over een voorstel van orde wordt
                                direct besloten door de raadscommissie. Een voorstel van orde
                                betreft bijvoorbeeld het schorsen van de vergadering voor een
                                (overleg) pauze of een voorstel over de (beperking van de)
                                spreektijden van de leden en overige deelnemers aan de
                                commissievergadering.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Eerst stemmend lid bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>In de raadscommissie vindt in het algemeen geen besluitvorming
                                plaats. Voor de enkele keer dat dit wel gebeurt (b.v. voor stemming
                                over een ordevoorstel) is artikel 17 opgenomen.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verslag</titel></kop><al>Onder “het woord voeren” wordt in het derde lid niet begrepen het
                                gebruik maken van het spreekrecht volgens artikel 13. Insprekers
                                krijgen geen schriftelijk concept verslag toegestuurd omdat daarin
                                alleen het onderwerp van hun bijdrage wordt vermeld. Zij worden
                                vooraf gewezen op het openbare audioverslag.</al><al>De commissievergaderingen kennen een steeds wisselende
                                samenstelling. Er is mede daarom voor gekozen de verslagen van deze
                                bijeenkomsten door de raad te laten vaststellen.</al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4:</nr><titel>Toehoorders en media</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Toehoorders en media</titel></kop><al>Artikel 26, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet regelt dat de
                            voorzitter van de raad toehoorders die de orde verstoren, kan doen
                            vertrekken en bij volharding in hun gedrag de toezegging kan ontzeggen.
                            Voor de raadscommissie ontbreekt een dergelijke bepaling in de
                            Gemeentewet. Het derde en vierde lid van dit artikel voorzien
                            hierin.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al><al><vet>Hoofdstuk5:</vet><vet> Besloten vergadering</vet></al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Toepassing reglement op besloten vergaderingen</titel></kop><al>In artikel 82 van de Gemeentewet verklaart artikel 23 van
                            overeenkomstige toepassing op een vergadering van een raadscommissie. In
                            artikel 23 van de Gemeentewet zijn procedurevoorschriften opgenomen voor
                            'het sluiten van de deuren', de wijze waarop een vergadering een
                            besloten vergadering wordt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Hetgeen besproken wordt in een besloten vergadering, valt niet van
                            rechtswege onder de geheimhoudingsplicht. Daarvoor is toepassing van de
                            procedure volgens artikel 86 van de Gemeentewet nodig. Ook de voorzitter
                            van de raadscommissie, het college van burgemeester en wethouders en de
                            burgemeester kunnen geheimhouding aan de raadscommissie opleggen. De
                            geheimhouding geldt ten aanzien van eenieder die aanwezig is bij een
                            besloten vergadering of die kennis draagt van stukken ten aanzien
                            waarvan geheimhouding geldt. </al></divisie><divisie><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6:</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Uitleg verordening en artikel 24 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze artikelen behoeven geen toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>