<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR432341_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-12-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Kapelle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-184745.html">Gemeenteblad 27 december 2016, nr 184745</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 16</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-06-03</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2016/6</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Kapelle 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad der gemeente Kapelle;</al><al>overwegende dat het wenselijk is om het Reglement van Orde voor de
                        vergaderingen enandere werkzaamheden van de raad te actualiseren;</al><al>gelezen het voorstel van het presidium van 23 november, nummer 2016/68;</al><al>gelet op artikel 16 van de Gemeentewet;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen het navolgende:</al><al><vet>REGLEMENT VAN ORDE VOOR VERGADERINGEN EN ANDERE WERKZAAMHEDEN VAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE KAPELLE 2017</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><structuurtekst><al><onderstreept>Artikel 1</onderstreept><onderstreept>
                            Begripsbepalingen</onderstreept></al><al>In dit reglement wordt verstaan onder:</al><al><vet>A amendement:</vet></al><al>voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of
                        ontwerpbeslissing;</al><al><vet>B subamendement:</vet></al><al>voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement;</al><al><vet>C griffier:</vet></al><al>griffier van de raad of diens plaatsvervanger;</al><al><vet>D voorzitter:</vet></al><al>tenzij anders is aangegeven wordt onder voorzitter verstaan de voorzitter
                        van de raad of diens plaatsvervanger;</al><al><vet>E initiatiefvoorstel:</vet></al><al>voorstel van een raadslid voor een verordening of ander voorstel;</al><al><vet>F voorstel van orde:</vet></al><al>Voorstel betreffende de orde van de vergadering;</al><al><vet>G</vet><vet> motie:</vet></al><al>verklaring waarmee een standpunt, oordeel, wens of verzoek wordt
                        uitgesproken.</al><al/><al><cursief>Paragraaf 1 Bepalingen omtrent de organisatie van de
                            gemeenteraad</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 2</onderstreept><onderstreept> Het
                            presidium</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter en de
                                fractievoorzitters.</al></li><li nr="2."><al>Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij
                                afwezigheid in het presidium vervangt.</al></li><li nr="3."><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in het presidium.</al></li><li nr="4."><al>Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn
                                vergaderingen.</al></li><li nr="5."><al>Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie
                                en het functioneren van de raad.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 3</onderstreept><onderstreept>
                                    De agendacommissie en het vaststellen van
                                    vergaderingen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Er is een agendacommissie die bestaat uit de waarnemend
                                        voorzitter van de raad en twee door de raad uit hun midden
                                        aangewezen leden. De voorzitter van de raad is als adviseur
                                        bij de vergaderingen aanwezig.</al></li><li nr="2."><al>Ze heeft in ieder geval de volgende taken: </al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden en vaststellen van voorlopige
                                                agenda’s voor raadsvergaderingen;</al></li><li nr="b."><al>het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in
                                                artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet.</al><al/></li></lijst></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 4</onderstreept><onderstreept> Financiële
                                    commissie</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Er is een financiële commissie, bestaande uit drie door de
                                        raad uit hun midden aangewezen leden.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de commissie kiezen uit hun midden een
                                        voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>De taken van de commissie zijn:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden van en deelnemen aan het overleg
                                                met de accountant als bedoeld in artikel 4, derde
                                                lid, van de Controleverordening gemeente
                                                Kapelle;</al></li><li nr="b."><al>het voorbereiden van en deelnemen aan het overleg
                                                met de accountant als bedoeld in artikel 7, vierde
                                                lid, van de Controleverordening gemeente
                                                Kapelle;</al></li><li nr="c."><al>het voeren van de aanbestedingsprocedure voor een
                                                nieuw accountantscontract;</al></li><li nr="d."><al>het adviseren aan de raad over de vaststelling van
                                                de verantwoording van de fractievergoedingen.</al><al/></li></lijst></li></lijst></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 5</onderstreept><onderstreept> De
                            griffier</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Met inachtneming van de instructie als bedoeld in artikel 107a,
                                tweede lid, van de Gemeentewet zijn de taken van de griffier:</al><lijst><li nr="a."><al>het ondersteunen van het presidium;</al></li><li nr="b."><al>het adviseren van de agendacommissie;</al></li><li nr="c."><al>het ondersteunen van de financiële commissie.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen
                                in raadsvergaderingen deelnemen.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel
                            </onderstreept><onderstreept>6</onderstreept><onderstreept>Werk</onderstreept><onderstreept>groepen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De raad kan op voorstel van een raadslid, de agendacommissie, het
                                presidium of het college, op ad hoc basis, een of meer werkgroepen
                                instellen. De fracties kunnen daartoe voorstellen doen.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de werkgroep kiezen uit hun midden een voorzitter en
                                een plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter van de werkgroep
                                roept de werkgroep bijeen en draagt zorg voor de agenda van de
                                vergadering.</al></li><li nr="3."><al>De werkgroep krijgt voor het uitvoeren van haar taak vooraf een
                                opdracht van de raad ten aanzien van onderwerpen welke (nog) niet in
                                de raadsvergadering ter besluitvorming aan de orde zijn geweest. De
                                raad bepaalt tevens de wijze waarop en de termijn waarbinnen de
                                werkgroep dient te rapporteren aan de raad.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter van de werkgroep doet, door tussenkomst van de
                                griffier en indien nodig, een voorstel aan het college voor
                                ambtelijke ondersteuning bij de uitvoering van de gestelde
                                opdracht.</al></li><li nr="5."><al>Na behandeling van de rapportage in de raad, houdt de werkgroep op
                                te bestaan, tenzij de raad anders beslist.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 7 Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging
                                    raadsleden</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Voor de benoeming van raadsleden stelt de raad een vaste
                                        commissie in bestaande uit drie raadsleden.</al></li><li nr="2."><al>Deze commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop
                                        betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde
                                        raadsleden. Bij het onderzoek wordt de door de raad
                                        vastgestelde gedragscode betrokken.</al></li><li nr="3."><al>De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over
                                        de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad.
                                        Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt
                                        melding gemaakt in dit advies.</al></li><li nr="4."><al>Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal
                                        stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude
                                        samenstelling na de raadsverkiezingen.</al></li><li nr="5."><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten
                                        raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe
                                        samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                        voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te
                                        leggen.</al></li><li nr="6."><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de
                                        voorzitter in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd
                                        raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens
                                        toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of
                                        verklaring en belofte af te leggen.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 8 </onderstreept><onderstreept> Benoeming
                                    wethouders</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Bij de benoeming van een wethouder onderzoekt de ingevolge
                                        artikel 7, eerste lid, van dit reglement ingestelde
                                        commissie of de benoeming van de kandidaat voldoet aan de
                                        vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en
                                        vierde lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet.</al></li><li nr="2."><al>Bij het onderzoek wordt de door de raad vastgestelde
                                        gedragscode voor het college betrokken. De commissie brengt
                                        vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot
                                        wethouder. Indien van toepassing, wordt van een
                                        minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies.</al></li><li nr="3."><al>De kandidaat-wethouder legt de documenten en informatie over
                                        die nodig zijn voor het door de commissie te verrichten
                                        onderzoek. Daaronder valt in ieder geval een door het
                                        Ministerie van Veiligheid en Justitie verstrekte Verklaring
                                        omtrent gedrag. De kandidaat-wethouder maakt bovendien alle
                                        overige in dat verband relevant geachte informatie aan de
                                        commissie kenbaar, waaronder relevante zakelijke en
                                        financiële belangen.</al></li><li nr="4."><al>De kandidaat-wethouder wordt in de gelegenheid gesteld de
                                        documenten en aangedragen informatie mondeling toe te
                                        lichten.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 9 </onderstreept><onderstreept>
                                    Fracties</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde
                                        kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de
                                        aanvang van de zitting als één fractie beschouwd.</al></li><li nr="2."><al>Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst,
                                        voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als
                                        daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de
                                        eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam
                                        deze fractie in de raad zal voeren.</al></li><li nr="3."><al>De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger
                                        worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de
                                        voorzitter.</al></li><li nr="4."><al>Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als
                                        zelfstandige fractie gaan optreden of als één of meer
                                        raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere
                                        fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk
                                        mededeling gedaan aan de voorzitter.</al></li><li nr="5."><al>Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit
                                        artikel G 3 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van
                                        de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.</al><al/></li></lijst><al><cursief>Paragraaf 2 Bepalingen omtrent
                                steunfractieleden</cursief></al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 10 Steunfractieleden</onderstreept></al><al>De raad kan, op voordracht van een fractie, zoals bedoeld in artikel 9 van
                        dit reglement, per fractie maximaal twee personen benoemen tot
                        steunfractielid van die betreffende fractie.</al><al/><al><onderstreept>Artikel </onderstreept><onderstreept>11
                            </onderstreept><onderstreept> Benoembaarheidseisen</onderstreept></al><al>Om in aanmerking te komen voor benoeming tot steunfractielid moeten de
                        kandidaten voldoen aan de volgende benoembaarheidseisen:</al><lijst><li nr="a."><al>zij moeten worden voorgedragen door een fractie, zoals bedoeld in
                                artikel 8 van dit reglement;</al></li><li nr="b."><al>zij moeten in de gemeente Kapelle woonachtig zijn en over het
                                passief kiesrecht beschikken.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel </onderstreept><onderstreept>12
                            </onderstreept><onderstreept> Afleggen belofte</onderstreept></al><al>Alvorens hun functie uit te kunnen oefenen leggen de steunfractieleden in de
                        vergadering van de raad, in handen van de voorzitter van de raad, de
                        volgende eed (verklaring en belofte) af:</al><al>“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot steunfractielid benoemd te worden,
                        rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook,
                        enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.</al><al>Ik zweer ( verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te
                        laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb
                        aangenomen of zal aannemen.</al><al>Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten
                        zal nakomen en dat ik mijn plichten als steunfractielid naar eer en geweten
                        zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! </al><al>(Dat verklaar en beloof ik). “</al><al/><al><onderstreept>Artikel 13 </onderstreept><onderstreept>Eisen
                            voor steunfractieleden</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De artikelen 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige
                                toepassing op de steunfractieleden.</al></li><li nr="2."><al>Van het bepaalde in het eerste lid, aanhef en onder d, van artikel
                                15 van de Gemeentewet kan, in geval van toepassing op een
                                steunfractielid, de gemeenteraad ontheffing verlenen.</al></li><li nr="3."><al>Op de steunfractieleden is de Gedragscode voor raadsleden van
                                overeenkomstige toepassing.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 14 </onderstreept><onderstreept>
                            Zittingstermijn</onderstreept></al><al>Steunfractieleden worden benoemd voor de zittingstermijn van de raad. Aan
                        het einde van de zittingstermijn verliezen de steunfractieleden van
                        rechtswege hun benoeming.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 15 </onderstreept><onderstreept> Bevoegdheden
                            steunfractieleden</onderstreept></al><al>Steunfractieleden mogen deelnemen aan werkvergaderingen van de raad als
                        bedoeld in artikel 22 van dit reglement, niet zijnde raadsvergaderingen.
                        Eveneens kunnen zij deelnemen in bepaalde werkgroepen van de raad als
                        bedoeld in artikel 6 van dit reglement, zulks ter beoordeling van de raad.
                        Zij vervangen of ondersteunen daarbij de raadsleden van de fractie waarvoor
                        zij zijn benoemd.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 16 </onderstreept><onderstreept> Rechten van
                            steunfractieleden</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Steunfractieleden ontvangen een sleutel voor toegang tot de
                                raadsledenkamer in het gemeentehuis. Daarmee kunnen zij zich tijdens
                                en buiten kantoortijd toegang verschaffen tot de
                                raadsledenkamer.</al></li><li nr="2."><al>Zij ontvangen de raadsstukken met uitzondering van stukken waarop
                                geheimhouding is gelegd.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 17 </onderstreept><onderstreept>
                            Geheimhouding</onderstreept></al><al>Steunfractieleden zijn verplicht tot geheimhouding omtrent hetgeen hen ter
                        kennis komt en waarvan zij het geheime of vertrouwelijke karakter daarvan
                        moeten aannemen.</al><al/><al><onderstreept>Artikel
                            18</onderstreept><onderstreept>Vergoeding</onderstreept></al><al>De steunfractieleden ontvangen geen vergoeding van de gemeente voor het
                        bijwonen van vergaderingen en bijeenkomsten.</al><al/></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Raadsvergaderingen</titel></kop><structuurtekst><al><cursief>Paragraaf 1 Vergadermodel</cursief></al><al><onderstreept>Artikel 19 Beeldvorming, oordeelsvorming en
                            besluitvorming</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De gemeenteraad maakt onderscheid in een beeldvormende, een
                                oordeelsvormende en een besluitvormende behandeling van
                                onderwerpen.</al></li><li nr="2."><al>De agendacommissie stelt het karakter van de behandeling van een
                                onderwerp vast.</al></li></lijst><al>3.Beeldvormende behandeling van onderwerpen is vormvrij.</al><al>4.Oordeelsvormende en besluitvormende behandeling van onderwerpen vinden
                        plaats in de raadsvergadering.</al><al>5.Oordeelsvormende en de daarop volgende besluitvormende behandeling van een
                        onderwerp vinden niet in dezelfde raadsvergadering plaats tenzij de
                        agendacommissie of de raad anders beslist.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 20 Vergaderdoelen</onderstreept></al><al>1.Beeldvormende behandeling van een onderwerp heeft tot doel raadsleden te
                        informeren over het onderwerp en heeft zoveel mogelijk een informeel
                        karakter.</al><al>2.Oordeelsvormende behandeling van een onderwerp heeft tot doel dat de
                        raadsleden argumenten wisselen en zich politiek kunnen profileren over het
                        geagendeerde onderwerp.</al><al>3.Besluitvormende behandeling van een onderwerp heeft tot doel besluiten te
                        nemen over geagendeerde onderwerpen.</al><al/><al><cursief>Paragraaf 2 </cursief><cursief>Tijdstip van vergaderen en
                            v</cursief><cursief>oorbereiding</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel
                            </onderstreept><onderstreept>21</onderstreept><onderstreept>
                            Vergaderfrequentie</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op een
                                dinsdag, vangen aan om 19.30 uur en worden gehouden in de raadszaal
                                van het gemeentehuis.</al></li><li nr="2."><al>Eindtijd van de vergaderingen is 23.00 uur. In voorkomend geval
                                wordt een vergadering voortgezet op de aansluitende donderdag vanaf
                                19.30 uur. De raad kan besluiten af te wijken van de eindtijd of van
                                de aansluitende dag.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij
                                voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie,
                                overleg in het presidium.</al></li><li nr="4."><al>De reguliere vergaderdata worden door de raad op voorstel van de
                                agendacommissie telkens voor een kalenderjaar vastgesteld.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 22 Oordeelsvorming en informatieverstrekking over
                            gemeenschappelijke regelingen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van het
                                algemeen bestuur van een samenwerkingsorgaan ingesteld op grond van
                                de Wet gemeenschappelijke regelingen of tot vertegenwoordiger in het
                                bestuur van een andere organisatie of institutie, heeft het recht om
                                in aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                of vóór het sluiten van de vergadering verslag te doen over zaken
                                die in dat bestuur aan de orde zijn.</al></li><li nr="2."><al>De raad behandelt verzoeken om zienswijzen of bedenkingen over
                                voorgenomen besluiten van de volgende gemeenschappelijke regelingen
                                via een agendapunt: Veiligheidsregio Zeeland, GGD Zeeland, De Betho,
                                Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio, Samenwerking
                                De Bevelanden en de Regionale Uitvoeringsdienst Zeeland.</al></li><li nr="3."><al>Voor de overige gemeenschappelijke regelingen waaraan een of meer
                                organen van de gemeente deelnemen, kan worden volstaan met het via
                                de lijst van ingekomen stukken aanbieden van verzoeken om
                                zienswijzen of bedenkingen over voorgenomen besluiten vergezeld van
                                een voorstel tot afhandeling, tenzij het college anders
                                oordeelt.</al></li><li nr="4."><al>Verzoeken om zienswijze over concept begrotingswijzigingen van alle
                                gemeenschappelijke regelingen waaraan een of meer organen van de
                                gemeente deelnemen, worden via de lijst van ingekomen stukken
                                afgehandeld, tenzij er sprake is van verhoging van de bijdrage met
                                meer dan € 15.000,-- of van politiek gevoelige zaken.</al></li><li nr="5."><al>Alle gemeenschappelijke regelingen worden minimaal één keer per
                                raadsperiode als agendapunt opgevoerd en besproken.</al></li><li nr="6."><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid, schriftelijke vragen stellen overeenkomstig artikel 46 van dit
                                reglement.</al></li><li nr="7."><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste
                                lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van
                                functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan.
                                Artikel 47 is van overeenkomstige toepassing.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 23 </onderstreept><onderstreept> Oproep en voorlopige
                            agenda</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een raadsvergadering de
                                raadsleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de
                                daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25,
                                eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. De oproep
                                kan ook digitaal worden verzonden.</al></li><li nr="2."><al>Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 15, eerste lid,
                                wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo
                                spoedig mogelijk, doch uiterlijk 34 uur voor aanvang van de
                                raadsvergadering aan de leden gezonden.</al></li><li nr="3."><al>De agenda bevat geen rondvraag.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel </onderstreept><onderstreept>24
                            </onderstreept><onderstreept> Aanvullende agenda; vaststellen
                            agenda</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een
                                schriftelijke of digitale oproep een aanvullende voorlopige agenda
                                opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar
                                gemaakt.</al></li><li nr="2."><al>Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of
                                tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven
                                deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de
                                griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage.</al></li><li nr="3."><al>De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad
                                vastgesteld.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 25 </onderstreept><onderstreept> Ter inzage leggen van
                            stukken</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een
                                voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van
                                de schriftelijke of digitale oproep op het gemeentehuis ter inzage
                                gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke of digitale oproep
                                stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan
                                aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare
                                kennisgeving.</al></li><li nr="2."><al>Stukken die digitaal beschikbaar zijn worden op de website van de
                                gemeente geplaatst.</al></li><li nr="3."><al>Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid,
                                van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken
                                in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de
                                griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 26 </onderstreept><onderstreept> Openbare
                            kennisgeving</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt ter openbare kennis gebracht door aankondiging
                                in het gemeentelijk informatieblad, welke huis aan huis wordt
                                verspreid, of op de voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke
                                wijze en door plaatsing op de internetsite van de gemeente.</al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt: </al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige
                                        agenda van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de
                                        vergadering behorende stukken kan inzien.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden, indien
                                digitaal beschikbaar, op de internetsite van de gemeente
                                geplaatst.</al><al/></li></lijst><al><cursief>Paragraaf 3 </cursief><cursief> Ter vergadering</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 27 </onderstreept><onderstreept>
                            Presentielijst</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van
                                raadsvergaderingen.</al></li><li nr="2."><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de
                                presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die
                                lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 28</onderstreept><onderstreept>
                            Zitplaatsen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben een vaste
                                zitplaats, door de voorzitter na overleg in het presidium bij
                                aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad
                                aangewezen.</al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling
                                herzien na overleg in het presidium.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel </onderstreept><onderstreept>29 Opening
                            vergadering</onderstreept></al><al>1.De voorzitter opent de vergadering door het uitspreken van het volgende
                        gebed:</al><al>“Almachtige God. Wij komen als gemeenteraad tot U en vragen U om Uw bijstand
                        en zegen bij de vervulling van onze taak. Geef ons wijsheid in de
                        beraadslagingen en bij het nemen van de besluiten. Dit vragen wij u in de
                        naam van Jezus Christus. Amen.”</al><al>2.Indien de voorzitter het gebed niet wil uitspreken zal hij een raadslid
                        verzoeken dit te doen. Dat laat onverlet dat geen der raadsleden verplicht
                        kan worden het gebed uit te spreken.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 30 Volgorde sprekers en
                        spreekregels</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter
                                gevraagd en van hem verkregen te hebben. De voorzitter bepaalt de
                                volgorde van de sprekers.</al></li><li nr="2."><al>De leden van de raad spreken vanaf de zitplaats en richten zich tot
                                de voorzitter. Overige aanwezigen spreken vanaf de spreekplaats en
                                richten zich eveneens tot de voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de leden
                                van de raad en de overige aanwezigen van achter de katheder
                                spreken.</al></li><li nr="4."><al>Interrumperen is slechts toegestaan na toestemming van de
                                voorzitter.</al></li><li nr="5."><al>Een interruptie is een onderbreking van het betoog van een raads- of
                                collegelid en dient een korte vraag te zijn en inhoudelijk een
                                relatie te hebben met het betoog van een ander.</al><al/><al><onderstreept>Artikel </onderstreept><onderstreept>31
                                    </onderstreept><onderstreept> Aantal
                                    spreektermijnen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders
                                        beslist.</al></li><li nr="2."><al>Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.</al></li><li nr="3."><al>Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan één maal het
                                        woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></li><li nr="4."><al>Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een
                                        amendement, een subamendement, een motie of een
                                        initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de
                                        beraadslaging over het door dat raadslid ingediende.</al></li><li nr="5."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 32</onderstreept><onderstreept>
                                    Spreektijd</onderstreept></al><al>De agendacommissieof een lid van de raad kunnen een voorstel
                                doen over de spreektijd van de leden en de overige aanwezigen.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 33 </onderstreept><onderstreept> Deelname aan
                                    de beraadslaging door anderen</onderstreept></al><al>Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig
                                moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de
                                beraadslaging.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 34</onderstreept><onderstreept> Spreekrecht
                                    </onderstreept><onderstreept>van
                                    </onderstreept><onderstreept>burgers</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Er is spreekrecht in de vergadering tot maximaal 30
                                        minuten.</al></li><li nr="2."><al>Om van het spreekrecht gebruik te kunnen maken dient een
                                        verzoek daartoe door een of meer burgers te worden gemeld
                                        bij de gemeente vóór 12.00 uur op de dag van de betreffende
                                        vergadering waarin het voorstel wordt behandeld.</al></li><li nr="3."><al>Tijdens de vergadering wordt per inspreker 5 minuten
                                        spreektijd gegeven. De voorzitter kan besluiten om hiervan
                                        af te wijken.</al></li><li nr="4."><al>Tijdens het spreekrecht kan het woord niet worden
                                        gevoerd:</al><lijst><li nr="a."><al>over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
                                                bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft
                                                opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>over benoemingen, keuzen, voordrachten of
                                                aanbevelingen van personen;</al></li><li nr="c."><al>indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet
                                                bestuursrecht kan of kon worden ingediend.</al><al/></li></lijst></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 35 </onderstreept><onderstreept> Voorstellen
                                    van orde</onderstreept></al><al>Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een
                                voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist
                                hier terstond over.</al><al/><al><cursief>Paragraaf </cursief><cursief>4 </cursief><cursief>
                                    Stemmingen</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 36 </onderstreept><onderstreept>Primus bij
                                    hoofdelijke stemming</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Bij aanvang van de vergadering deelt de voorzitter mede, bij
                                        welk lid van de raad, de hoofdelijke stemming zal
                                        beginnen.</al></li><li nr="2."><al>Daartoe wordt tijdens de eerste vergadering van de raad na
                                        de verkiezingen het raadslid aangewezen die naar
                                        alfabetische volgorde boven aan de lijst staat.</al></li><li nr="3."><al>Voor iedere daaropvolgende vergadering wordt de alfabetische
                                        volgorde aangehouden.</al></li><li nr="4."><al>Bij tussentijdse wijziging van de samenstelling van de raad
                                        wordt de naam van het nieuwe raadslid alfabetisch aan de
                                        lijst toegevoegd.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 37 </onderstreept><onderstreept>
                                    Stemverklaring</onderstreept></al><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag kort
                                toelichten.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 38 </onderstreept><onderstreept>
                                    Beslissing</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter bij de besluitvormende behandeling van
                                        een onderwerp vaststelt dat een onderwerp voldoende is
                                        toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raad
                                        anders beslist.</al></li><li nr="2."><al>Bij het sluiten van de oordeelsvormende behandeling van een
                                        onderwerp, beslist de raad op voorstel van de voorzitter of
                                        in de daarop volgende besluitvormende behandeling
                                        besluitvorming zal plaatsvinden zonder voorafgaande
                                        aanvullende beraadslagingen (hamerstuk).</al></li><li nr="3."><al>Bij de besluitvorming vindt, na een stemming over eventuele
                                        amendementen, de stemming plaats over het voorstel, zoals
                                        het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen stemming wordt
                                        gevraagd.</al></li><li nr="4."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                        plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de
                                        te nemen eindbeslissing.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 39 </onderstreept><onderstreept> Stemming;
                                    procedure hoofdelijke stemming</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Stemming vindt plaats bij handopsteken tenzij hoofdelijke
                                        stemming wordt verlangd.</al></li><li nr="2."><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in het
                                        verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                        tegengestemd of zich op grond van artikel 28 van de
                                        Gemeentewet van stemming te hebben onthouden.</al></li><li nr="3."><al>Indien door een of meer leden hoofdelijke stemming wordt
                                        gevraagd, doet de voorzitter daarvan mededeling.</al></li><li nr="4."><al>Bij hoofdelijke stemming roept de voorzitter of de griffier
                                        de leden van de raad bij naam op hun stem uit te brengen. De
                                        stemming begint bij het lid dat daarvoor overeenkomstig
                                        artikel 26 van dit reglement is aangewezen. Vervolgens
                                        geschiedt de oproeping naar de volgorde van de
                                        presentielijst.</al></li><li nr="5."><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig
                                        lid dat zich niet van deelneming aan de stemming op grond
                                        van artikel 28 van de Gemeentewet moet onthouden, verplicht
                                        zijn stem uit te brengen.</al></li><li nr="6."><al>De leden brengen hun stem uit door het woord 'voor' of
                                        'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging.</al></li><li nr="7."><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                        dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het
                                        volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing
                                        pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de
                                        stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij
                                        zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit
                                        echter geen verandering.</al></li><li nr="8."><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming
                                        mede, met vermelding van het aantal voor en tegen
                                        uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van
                                        het genomen besluit.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 40 </onderstreept><onderstreept> Volgorde
                                    stemming over amendementen en moties</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend,
                                        wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over
                                        het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel.</al></li><li nr="2."><al>Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het
                                        subamendement gestemd en vervolgens over het amendement
                                        waarop dat betrekking heeft.</al></li><li nr="3."><al>Als meerdere amendementen of subamendementen op een
                                        aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het
                                        eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende
                                        amendement of subamendement gestemd.</al></li><li nr="4."><al>Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend,
                                        wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de
                                        motie.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 41 </onderstreept><onderstreept> Stemming over
                                    personen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Bij stemming over personen voor voordrachten of het
                                        opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de
                                        voorzitter drie raadsleden tot stembureau.</al></li><li nr="2."><al>Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau
                                        verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij
                                        overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de
                                        stemming deel behoren te nemen.</al></li><li nr="3."><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde
                                        stemmingen worden samengevat op één briefje.</al></li><li nr="4."><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                        stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge
                                        het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren.
                                        Wanneer de aantallen niet gelijk zijn, worden de
                                        stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een
                                        nieuwe stemming gehouden.</al></li><li nr="5."><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje
                                        hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld
                                        stembriefje wordt verstaan:</al><lijst><li nr="-"><al>een blanco ingevuld stembriefje;</al></li><li nr="-"><al>een niet identiek stembriefje;</al></li><li nr="-"><al>een ondertekend stembriefje;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld,
                                                tenzij de stemming verschillende vacatures
                                                betreft;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op
                                                voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die
                                                niet is voorgedragen;</al></li><li nr="-"><al>een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt
                                                gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad, op voorstel van het stembureau.</al></li><li nr="7."><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes na
                                        vaststelling van de uitslag vernietigd.</al><al/></li></lijst><al><cursief>Paragraaf 5 </cursief><cursief> Verslaglegging; ingekomen
                                    stukken</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 42
                                    </onderstreept><onderstreept>B</onderstreept><onderstreept>esluitenlijst</onderstreept><onderstreept>en
                                    audiov</onderstreept><onderstreept>erslag</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor besluitenlijsten en
                                        audioverslagen van de raadsvergaderingen.</al></li><li nr="2."><al>Een besluitenlijst bevat in ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>de namen van de voorzitter, de griffier, de
                                                wethouders en de raadsleden, allen voor zover
                                                aanwezig, alsmede van de overige personen die het
                                                woord gevoerd hebben;</al></li><li nr="b."><al>een aantekening van welke raadsleden afwezig
                                                waren;</al></li><li nr="c."><al>de formulering van de door de raad genomen besluiten
                                                met vermelding van de stemverhouding, inclusief de
                                                tekst van de ten aanzien van die besluiten
                                                aangenomen moties, ingediende amendementen en
                                                subamendementen;</al></li><li nr="d."><al>bij hoofdelijke stemming vindt vermelding plaats van
                                                de namen van de raadsleden die voor of tegen
                                                stemden, onder aantekening van de namen van de
                                                raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet
                                                van stemming hebben onthouden of zich bij het
                                                uitbrengen van hun stem hebben vergist;</al></li><li nr="e."><al>de tekst van de ter vergadering ingediende
                                                initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties
                                                met vermelding van de besluitvorming daarover.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich
                                        daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig
                                        mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt door
                                        plaatsing op de gemeentelijke website.</al></li><li nr="4."><al>Een concept besluitenlijst wordt tijdens een eerstvolgende
                                        vergadering ter vaststelling voorgelegd aan de raad.</al></li><li nr="5."><al>De vastgestelde besluitenlijst wordt ondertekend door de
                                        voorzitter en griffier.</al></li><li nr="6."><al>Van de openbare raadsvergadering wordt een audioverslag
                                        gemaakt dat via de gemeentelijke website of op andere
                                        geschikte wijze blijvend kan worden beluisterd.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 43 </onderstreept><onderstreept> Ingekomen
                                    stukken</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst
                                        die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt
                                        gelegd.</al></li><li nr="2."><al>Op voorstel van de agendacommissie stelt de raad de wijze
                                        van afdoening van de ingekomen stukken vast.</al></li><li nr="3."><al>Tenminste twee maal per jaar bespreekt de raad een overzicht
                                        van de door het college gedane toezeggingen aan de raad en
                                        de aangenomen moties, vergezeld van een voorstel van de
                                        agendacommissie.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 44</onderstreept><onderstreept> Sluiting
                                    vergadering</onderstreept></al><al>1.De voorzitter sluit de vergadering door het uitspreken van het
                                volgende gebed:</al><al>“Here, wij danken U dat wij mochten samenkomen om de belangen van
                                onze gemeente te bespreken. Mag het dienen tot het welzijn van onze
                                burgers. Amen.”</al><al>2.Indien de voorzitter het gebed niet wil uitspreken zal hij een
                                raadslid verzoeken dit te doen. Dat laat onverlet dat geen der
                                raadsleden verplicht kan worden het gebed uit te spreken.</al><al/><al><cursief>Paragraaf 6 </cursief><cursief> Besloten
                                    raadsvergaderingen</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 45 </onderstreept><onderstreept> Toepassing
                                    reglement op besloten vergaderingen</onderstreept></al><al>Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige
                                toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter
                                van de vergadering.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 46 </onderstreept><onderstreept> Verslag
                                    besloten vergadering</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Van een besloten raadsvergadering wordt een audioverslag
                                        gemaakt. Het audioverslag is niet openbaar en voor
                                        raadsleden te beluisteren bij de griffier. Collegeleden die
                                        bij een besloten vergadering aanwezig waren kunnen het
                                        audioverslag eveneens bij de griffier beluisteren.</al></li><li nr="2."><al>Daarnaast wordt er een besluitenlijst gemaakt.</al></li><li nr="3."><al>De in het vorige lid bedoelde besluitenlijst wordt zo
                                        spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter
                                        vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de
                                        raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het
                                        audioverslag en de besluitenlijst.</al></li><li nr="4."><al>De vastgestelde besluitenlijsten worden door de voorzitter
                                        en de griffier ondertekend.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 47 </onderstreept><onderstreept> Opheffing
                                    geheimhouding</onderstreept></al><al>Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55,
                                tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet
                                voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan
                                dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een
                                besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                                gevoerd.</al><al/><al><cursief>Paragraaf 6</cursief><cursief> Toehoorders en
                                    pers</cursief></al><al/><al><onderstreept>Artikel 48 </onderstreept><onderstreept> Toehoorders
                                    en pers</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare
                                        raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde
                                        plaatsen.</al></li><li nr="2."><al>Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op
                                        andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 49 </onderstreept><onderstreept> Geluid- en
                                    beeldregistraties</onderstreept></al><al>Pers, andere media of organisaties die beroepsmatig van een openbare
                                raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen
                                hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens
                                aanwijzingen.</al><al/></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Bevoegdheden, instrumenten
                            raadsleden</titel></kop><structuurtekst><al><onderstreept>Artikel 50 </onderstreept><onderstreept> Amendementen en
                            subamendementen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten
                                van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben
                                in bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk, tenzij de voorzitter
                                oordeelt dat mondelinge indiening volstaat.</al></li><li nr="2."><al>Er wordt alleen beraadslaagd over amendementen en subamendementen
                                die ingediend zijn door raadsleden die de presentielijst hebben
                                getekend.</al></li><li nr="3."><al>Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is
                                mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is
                                afgerond.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 51 </onderstreept><onderstreept>
                        Moties</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de
                                beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking
                                heeft.</al></li><li nr="3."><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen
                                onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen
                                zijn behandeld.</al></li><li nr="4."><al>Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de
                                besluitvorming daarover door de raad is afgerond.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 52 </onderstreept><onderstreept>
                            Initiatiefvoorstel</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de
                                voorzitter.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter stelt een ontvangen initiatiefvoorstel zo spoedig
                                mogelijk in handen van de agendacommissie die, met inachtneming van
                                het bepaalde in artikel 147a van de Gemeentewet, een voorstel doet
                                voor welke vergadering van de raad het voorstel op de agenda wordt
                                geplaatst.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel
                            53</onderstreept><onderstreept>Collegevoorstel</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de
                                voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden
                                ingetrokken zonder toestemming van de raad.</al></li><li nr="2."><al>Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het
                                eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden
                                gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw
                                geagendeerd wordt.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 54 </onderstreept><onderstreept>
                            Interpellatie</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie
                                schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval
                                de te stellen vragen.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk
                                ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders.</al></li><li nr="3."><al>Als het verzoek vóór 09.00 uur van de dag voorafgaande aan de dag
                                van een raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de
                                voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de
                                eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens
                                de daaropvolgende raadsvergadering.</al></li><li nr="4."><al>De interpellatie vindt plaats als tenminste éénderde van de
                                aanwezige leden, afgerond naar boven, daarmee instemt.</al></li><li nr="5."><al>De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige
                                raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal,
                                tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 55 </onderstreept><onderstreept> Schriftelijke
                            vragen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Schriftelijke vragen aan de wethouders, aan de burgemeester of aan
                                het college als geheel worden uitsluitend door middel van het
                                digitale vragenformulier ingediend. De vragen worden kort en
                                duidelijk geformuleerd en kunnen zo nodig van een toelichting worden
                                voorzien. Op deze vragen wordt schriftelijk geantwoord.</al></li><li nr="2."><al>De griffier draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk
                                ter kennis worden gebracht van de secretaris en van de overige leden
                                van de raad.</al></li><li nr="3."><al>Bij de schriftelijke vragen wordt onderscheid gemaakt tussen:</al><lijst><li nr="a."><al>algemene vragen die geen betrekking hebben op onderwerpen
                                        die geagendeerd zijn voor de eerstvolgende vergadering
                                        en</al></li><li nr="b."><al>technische en feitelijke vragen die betrekking hebben op
                                        onderwerpen die geagendeerd zijn voor de eerstvolgende
                                        vergadering.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Schriftelijke beantwoording van de algemene vragen als bedoeld in
                                het derde lid, sub a, vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder
                                geval binnen dertig dagen nadat de vragen digitaal zijn
                                ingediend.</al></li><li nr="5."><al>Indien de in het vorige lid bedoelde beantwoording niet binnen deze
                                termijn kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het
                                college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in
                                kennis, waarbij de termijn wordt aangegeven waarbinnen beantwoording
                                zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.</al></li><li nr="6."><al>Schriftelijke antwoorden van de wethouders, de burgemeester of het
                                college worden door tussenkomst van de griffier aan de vragensteller
                                toegezonden met een afschrift aan de overige leden van de raad.</al></li><li nr="7."><al>Schriftelijke vragen als bedoeld in het derde lid, sub b, moeten
                                uiterlijk op vrijdagochtend voorafgaande aan de raadsvergadering
                                waarvoor het onderwerp is geagendeerd vóór 09.00 uur worden
                                ingediend.</al></li><li nr="8."><al>De beantwoording door wethouders, burgemeester of het college van de
                                in het vorige lid bedoelde vragen vindt plaats rechtstreeks aan de
                                vragen steller uiterlijk vóór 12.00 uur van de dag van de
                                betreffende vergadering. Het antwoord wordt in afschrift tevens
                                toegezonden aan de overige raadsleden.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 56 </onderstreept><onderstreept>
                            Inlichtingen</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de
                                artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet
                                schriftelijk in bij de griffier .</al></li><li nr="2."><al>De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter
                                kennis van de overige raadsleden en het college of de
                                burgemeester.</al></li><li nr="3."><al>De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad
                                verschaft, in ieder geval binnen dertig dagen nadat het verzoek is
                                ingediend.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 57</onderstreept><onderstreept>
                            Vragenuur</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Tijdens de vergadering van de raad is er een vragenuur, tenzij er
                                bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Raadsleden die tijdens het vragenuur vragen wil stellen, melden dit
                                onder aanduiding van het onderwerp en indiening van de te stellen
                                vragen ten minste vóór 09.00 uur van de dag voorafgaande aan de dag
                                van de betreffende raadsvergadering en via het daartoe bestemde
                                digitale formulier bij de voorzitter.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan weigeren een onderwerp tijdens het vragenuur aan
                                de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende
                                nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de
                                raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt.</al></li><li nr="4."><al>De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen
                                tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld.</al></li><li nr="5."><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één
                                of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een
                                toelichting daarop te geven.</al></li><li nr="6."><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de
                                vragensteller desgewenst het woord om enkele aanvullende vragen te
                                stellen.</al></li><li nr="7."><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere raadsleden het woord
                                verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of
                                de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.</al></li><li nr="8."><al>Tijdens het vragenuur kunnen geen moties worden ingediend en worden
                                geen interrupties toegelaten.</al><al/></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><structuurtekst><al><onderstreept>Artikel 58 </onderstreept><onderstreept> Uitleg
                            reglement</onderstreept></al><al>In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de
                        toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                        voorzitter.</al><al/><al><onderstreept>Artikel 59 Intrekken reglement en regeling</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden
                                van de raad van de gemeente Kapelle 2012, vastgesteld bij besluit
                                van 18 december 2012, besluitnummer 2012/73, wordt ingetrokken.</al></li><li nr="2."><al>De Regeling steunfractieleden gemeente Kapelle 2015, vastgesteld bij
                                besluit van 21 april 2015, besluitnummer 2015/20, wordt
                                ingetrokken.</al><al/></li></lijst><al><onderstreept>Artikel 60 </onderstreept><onderstreept> Inwerkingtreding en
                            citeertitel</onderstreept></al><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt in werking op de achtste dag na die van de
                                bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor
                                vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente
                                Kapelle 2017.</al><al/></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Kapelle van
                        20 december 2016.</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>