<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR428731_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Rioolheffing 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-21</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Driehoek en website 14-12-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Rioolheffing 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet artikel 228a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-09-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16-01013</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Rioolheffing 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>GEMEENTE WIERDEN</vet></al><al/><al><vet>RAADSBESLUIT</vet></al><al/><al>Nr.: RAA-16-01013</al><al>Besluit van de gemeenteraad van Wierden over vaststelling Verordening
                        Rioolheffing 2017.</al><al>De raad, gelezen</al><al> het voorstel van het college van burgemeester en wethouders </al><al>van 27 september 2016;</al><al>gelet op artikel 228a van de </al><al>Gemeentewet;</al><al><vet>besluit vast te stellen de:</vet></al><al>Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2017.</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al><vet>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</vet></al><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte
                                daarvan;</al></li><li nr="b."><al>gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van
                                voorzieningen voor inzameling,</al></li></lijst><al> verwerking, zuivering of transport van afvalwater, hemelwater of
                        grondwater, in eigendom, </al><al> in beheer of in onderhoud bij de gemeente;</al><al>c.water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater,
                        grondwater en oppervlaktewater.</al><al>c.Artikel 2 Aard van de belasting</al><al>c.Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter
                        bestrijding van de kosten </al><al>c.die voor de gemeente verbonden zijn aan:</al><al>a.de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en
                        bedrijfsafvalwater, alsmede</al><al>c. de zuivering van huishoudelijk afvalwater; en</al><al>b.de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het
                        ingezamelde</al><al>c. hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel
                        nadelige gevolgen </al><al>c. van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel
                        mogelijk te </al><al>c. voorkomen of te beperken.</al><al>c.Artikel 3 Belastbaar feit en belastingplicht</al><al>1.De belasting wordt geheven:</al><al>c. van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op
                        de gemeentelijke </al><al>c. riolering wordt afgevoerd.</al><lijst><li nr="2."><al>Met betrekking tot het gebruik, wordt als gebruiker aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die naar de omstandigheden beoordeeld het perceel al
                                        dan niet krachtens eigendom,</al><al> bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt;</al></li><li nr="b."><al>ingeval een gedeelte van een perceel – niet een gedeelte als
                                        bedoeld in artikel 4 – voor gebruik</al><al> is afgestaan: degene die dat gedeelte voor gebruik heeft
                                        afgestaan.</al></li></lijst></li></lijst><al>c.<vet>Artikel 4 Zelfstandige gedeelten</vet></al><al>c.Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun
                        indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt
                        de belasting geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien
                        verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel
                        worden gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt.</al><al>c.<vet>Artikel 5 Maatstaf van heffing</vet></al><al>c.Vast bedrag per perceel voor de gebruiker.</al><al>c.De belasting wordt geheven naar een vast bedrag per perceel.</al><al>c.<vet>Artikel 6 Belastingtarieven</vet></al><al>c.Het tarief voor het gebruik per perceel per belastingjaar bedraagt €
                        255,00. </al><al>c.<vet>Artikel 7 Belastingjaar</vet></al><al>c.Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al><al>c.<vet>Artikel 8 Wijze van heffing</vet></al><al>c.De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al><al>c.<vet>Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                            tijdsgelang</vet></al><al>1.De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of voor
                        het gebruik, zo</al><al>c. dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al><al>2.Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel voor het
                        gebruikersdeel in de loop van</al><al>c. het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd over zoveel
                        twaalfde gedeelten van het </al><al>c. voor dat jaar verschuldigde gebruikersdeel. De aanvang van de
                        belastingplicht is de datum van </al><al>c. inschrijving, waarbij de maand van inschrijving voor een volle maand
                        wordt gerekend. </al><al>3.Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel voor het
                        gebruikersdeel in de loop van het</al><al>c. belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op vermindering voor zoveel
                        twaalfde gedeelten van het </al><al>c. voor dat jaar verschuldigde gebruikersdeel. De belastingplicht eindigt op
                        de datum van </al><al>c. uitschrijving, waarbij de maand van uitschrijving niet in rekening wordt
                        gebracht. </al><al>4.Belastingbedragen van minder dan € 5,- worden niet geheven.</al><al>c.<vet>Artikel 10 Termijnen van betaling</vet></al><al>1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten
                        de aanslagen</al><al>c. worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de
                        laatste dag van </al><al>c. de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet
                        is vermeld </al><al>c. en de tweede twee maanden later. </al><al>2.In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaal bedrag van de
                        op één aanslagbiljet</al><al>c. verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat, het
                        bedrag daarvan minder </al><al>c. is dan € 2.500,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van
                        automatische </al><al>c. betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
                        worden betaald in </al><al>c. zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het
                        aanslagbiljet nog maanden in </al><al>c. het belastingjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met
                        dien verstande dat het </al><al>c. aantal termijnen ten minste drie en ten hoogste tien bedraagt. De eerste
                        termijn vervalt op de </al><al>c. laatste dag van de maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk
                        van de volgende </al><al>c. termijnen telkens een maand later.</al><al>3.In afwijking van het tweede lid van dit artikel moeten aanslagen, die
                        voldoen aan de daar</al><al>c. genoemde criteria, die worden opgelegd ná het belastingjaar waarop zij
                        betrekking hebben, </al><al>c. worden betaald in drie gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de
                        laatste dag van de maand </al><al>c. volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is
                        vermeld en de volgende </al><al>c. termijnen telkens een maand later.</al><al>4.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                        leden gestelde</al><al>c.<vet>Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en
                            wethouders</vet></al><al>c.Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de rioolheffing.</al><al>c.<vet>Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De 'Verordening Rioolheffing 2016', vastgesteld bij raadsbesluit van
                                8 december 2015, nummer 15-00921, wordt ingetrokken met ingang van
                                de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met
                                dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten
                                die zich voor die datum hebben voorgedaan. </al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking. </al></li><li nr="3."><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017. </al></li><li nr="4."><al>Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening Rioolheffing
                                2017'. </al></li></lijst></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>c.Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Wierden
                        d.d. .. december 2016</ondertekening><ondertekening>c.De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>c.de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>c.drs. W.H.J. Wienk ing. J.H.M. Robben </ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>