<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR42872_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Ons Streekblad, 19-11-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening watertoeristenbelasting 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 224</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-11-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-04-16</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2009-171B</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting 2009</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raad van de gemeente Waterland,</al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet; </al><al>Bestluit:</al><al/><lijst><li nr="I."><al>tot intrekking van de Verordening op de heffing en invordering van
                                watertoeristenbelasting 2009, met ingang van 16 april 2010;</al></li><li nr="II."><al>tot vaststelling van de volgende Verordening op de heffing en
                                invordering van watertoeristenbelasting 2010:</al><al/></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>vaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebezigd voor
                                vakantie- of andere recreatieve doeleinden;</al></li><li nr="b."><al>lengte: de lengte over alles;</al></li><li nr="c."><al>vaste ligplaats: een ligplaats die naar plaatselijk gebruik, zulks
                                ter beoordeling van het college van burgemeester en wethouders, is
                                bestemd voor het regelmatig afmeren of ter anker leggen van een
                                zelfde vaartuig gedurende een periode van ten minste een maand;</al></li><li nr="d."><al>etmaal: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren, aanvangend om 21.00
                                uur;</al></li><li nr="e."><al>maand: een aaneengesloten tijdvak van 30 etmalen;</al></li><li nr="f."><al>seizoen: het tijdvak van 16 april tot en met 16 oktober;</al></li><li nr="g."><al>schipper: de gezagvoerder van een vaartuig of degene die deze
                                vervangt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente op vaartuigen
                        waarvoor wegens de aanwezigheid in het watergebied van de gemeente in welke
                        vorm dan ook een vergoeding wordt betaald door personen, die niet als
                        ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de
                        gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam watertoeristenbelasting een
                        directe belasting geheven. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die tegen vergoeding gelegenheid biedt
                            tot verblijf als bedoeld in artikel 2 aan hem ter beschikking staande
                            ligplaatsen dan wel op hem ter beschikking staande vaartuigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig de kapitein, de eigenaar of de gebruiker
                            van een vaartuig als in artikel 2 bedoeld dan wel een andere persoon die
                            werkelijk verblijf houdt aan boord van een dergelijk vaartuig.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf: </al><lijst><li nr="1."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van:</al><lijst><li nr="a."><al>een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot
                                        verpleging of verzorging van zieken, van</al><al> gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van bejaarden;</al></li><li nr="b."><al>kano’s, roei- en volgboten;</al></li><li nr="c."><al>motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4
                                        meter;</al></li><li nr="d."><al>een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in
                                        het gemeentelijke watergebied bevindt;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als
                                bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid
                                van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers;</al></li><li nr="3."><al>waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
                                heffing en invordering van forensenbelasting.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal etmalen dat verblijf is gehouden.
                        Voor de toepassing van dit artikel wordt een gedeelte van een etmaal voor
                        een vol etmaal gerekend. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire Berekeningswijze Van De Maatstaf Van Heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een
                            belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is aangewezen:
                            a. het aantal personen die verblijf hebben gehouden, bepaald op:</al><lijst><li nr="-"><al>1,5 bij een vaartuig met een lengte van 4 tot 8 meter;</al></li><li nr="-"><al>1,8 bij een vaartuig met een lengte van 8 tot 12 meter;</al></li><li nr="-"><al>2,0 bij een vaartuig met een lengte van 12 meter en meer; b. het
                                    aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen verblijf is
                                    gehouden, bepaald op:</al></li><li nr="-"><al>10 bij een vaartuig met een lengte van 4 tot 8 meter;</al></li><li nr="-"><al>13 bij een vaartuig met een lengte van 8 tot 12 meter;</al></li><li nr="-"><al>15 bij een vaartuig met een lengte van 12 meter en meer;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het aantal vaartuigen als bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld
                            op het aantal vaartuigen welke door de belastingplichtige bij aangifte
                            uit de verhuuradministratie zijn opgegeven dan wel blijken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren Voor Niet-Forfaitaire Maatstaf Van Heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de
                            belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van
                            heffing vastgesteld op het werkelijke aantal etmalen dat verblijf is
                            gehouden, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op de voet van
                            artikel 6 berekende aantal.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in het eerst lid bedoelde verzoek kan desgewenst per ligplaats
                            worden gedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per persoon per etmaal € 1,22. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingtijdvak</titel></kop><al>Het belastingtijdvak is gelijk aan het seizoen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer de belasting wordt geheven van degene als bedoeld in artikel
                            3lid 3 wordt de belasting geheven bij wege van aanslag of door middel
                            van een mondelinge of schriftelijke gedagtekende kennisgeving, onder dat
                            laatste ook te verstaan nota, bon of ander schriftuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet
                            1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen
                            waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de
                            maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de
                            tweede twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
                            gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de watertoeristenbelasting.
                    </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat
                        hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening
                        gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door
                        het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren,
                        bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet.
                    </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de watertoeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 16 april 2010.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening
                                watertoeristenbelasting 2010”.</al></li></lijst><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Waterland, </ondertekening><ondertekening>gehouden op 5 november 2009</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, </ondertekening><ondertekening>(Drs. E.G.H. Dijk) </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>(Mr. E.F. Jongmans)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>