<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR426474_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stichtse Vecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 22-12-2016, 174062</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening parkeerbelastingen 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/2016-07-01#TiteldeelIV_HoofdstukXV_Paragraaf3_Artikel225">Artikel 225 van de Gemeentewet.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-20</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-12-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>SV201L</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2016, zoals vastgesteld op 16 december 2015 door de raad van Stichtse Vecht.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening parkeerbelastingen 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Stichtse Vecht,</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 november
                        2016;</al><al>gehoord de commissie bestuur en financiën van 6 december 2016;</al><al>gelet op artikel 225 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>besluit</vet></al><al>vast te stellen de </al><al><vet>Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen
                            2017</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>parkeren : het gedurende een aaneengesloten periode doen of
                                    laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die
                                    nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of
                                    uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen
                                    van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar
                                    verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen
                                    of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is
                                    verboden;</al></li><li nr="b."><al>motorvoertuigen : hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV
                                    1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1
                                    onder ia van het RVV 1990;</al></li><li nr="c."><al>houder : degene op wiens naam het voor het motorrijtuig
                                    opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven
                                    in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register
                                    van opgegeven kentekens;</al></li><li nr="d."><al>parkeerapparatuur : parkeermeters, parkeerautomaten, met
                                    inbegrip van verzamelparkeermeters, en hetgeen naar
                                    maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur
                                    wordt verstaan;</al></li><li nr="e."><al>seizoen : de periode van 1 april tot 1 oktober.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'parkeerbelastingen' worden de volgende belastingen
                            geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op
                                    een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin
                                    aangewezen gevallen door het college van burgemeester en
                                    wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze;</al></li><li nr="b."><al>een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende
                                    vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die
                                    vergunning aangegeven plaats en wijze.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven
                                    van de degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.</al></li><li nr="2."><al>Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede
                                    aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft
                                            of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;</al></li><li nr="b."><al>zolang geen voldoening van de belasting genoemd in
                                            artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het motorvoertuig, met
                                            dien verstande dat </al><lijst><li nr="1e"><al>als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst
                            wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge
                            deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder
                            maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft
                            geparkeerd;</al></li><li nr="2e"><al>als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan
                            ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het
                            motorvoertuig heeft geparkeerd.</al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="3."><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet
                                    geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel
                                    b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt
                                    aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het
                                    parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft
                                    gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft
                                    kunnen voorkomen.</al></li><li nr="4."><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven
                                    van degene die de vergunning heeft aangevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak</titel></kop><al>De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak
                            zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel
                            uitmakende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij
                                wege van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt
                                aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen
                                van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met
                                inachtneming van de door het college van burgemeester en wethouders
                                gestelde voorschriften.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij
                                wege van voldoening op aangifte.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij
                                de aanvang van het parkeren</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op
                                het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig
                                de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig
                                de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning
                                wordt verleend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen</titel></kop><al>De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen
                            betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden
                            geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van burgemeester
                            en wethouders bij openbaar te maken besluit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>Het parkeren van de volgende gebruikers wordt niet gereguleerd en is
                            derhalve vrijgesteld van het betalen van parkeerbelastingen als bedoeld
                            in artikel 2 van deze verordening:</al><lijst><li nr="a."><al>Gehandicapte, voor zover deze beschikt over een duidelijk
                                    zichtbaar aangebrachte:</al><lijst><li nr="-"><al>geldige Europese Gehandicapten Parkeerkaart;</al></li><li nr="-"><al>gemeentelijke parkeerontheffing voor gehandicapten;</al></li><li nr="-"><al>buitenlandse gehandicaptenparkeerkaart;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>als zodanig herkenbare politievoertuigen;</al></li><li nr="c."><al>als zodanig herkenbare brandweervoertuigen;</al></li><li nr="d."><al>als zodanig herkenbare ambulances;</al></li><li nr="e."><al>als zodanig herkenbare dierenambulances;</al></li><li nr="f."><al>als zodanig herkenbare dienstvoertuigen van de gemeente Stichtse
                                    Vecht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld
                                in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 61,00 per aanslag. (de kosten
                                van de naheffingsaanslag worden automatisch aangepast wanneer het
                                ministerie hierover een besluit heeft genomen).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De kosten bij verlies en diefstal van de seizoenkaart bedragen, na
                                overleg van een procesverbaal opgemaakt door een bijzondere
                                opsporingsambtenaar, € 15,40.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het in de tarieventabel genoemde bedrag van €
                                193,25 wordt bij verlies of diefstal zonder procesverbaal opgemaakt
                                door een bijzondere opsporingsambtenaar, de volle nog resterende
                                maanden van het seizoen in rekening gebracht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De kosten van wijziging van de parkeerkaart in verband met een
                                gewijzigd kenteken bedragen € 15,40.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de parkeerbelastingen wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en
                                wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            parkeerbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen
                            2016’ van 16 december 2015, wordt ingetrokken met ingang van de in
                            artikel 14, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met
                            dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die
                            zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening parkeerbelastingen
                            2017’.</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>20 december 2016</ondertekening><ondertekening>Griffier Voorzitter</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Tarieventabel behorende bij de Verordening parkeerbelastingen
                            2017</titel></kop><al>I.Het tarief voor het parkeren bij parkeerapparatuur als bedoeld in
                            artikel 2, sub a, bedraagt:</al><al>het bedrag per tijdseenheid voor de betreffende parkeerlocaties genoemd
                            in onderstaande tabel, met een maximum tijdsduur van 48 uur, voor zover
                            het parkeren plaatsvindt van 1 april tot 1 oktober (zie onderstaande
                            tabel):</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="2*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="51*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="22*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al><vet>Parkeerterrein, voorzien van
                                                  parkeerautomaat</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Tijdseenheid</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Bedrag </vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Scheendijk-Noord, Breukelen</al></entry><entry colname="col3"><al>per 14 minuten</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 0,20;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>met een maximum</al></entry><entry colname="col4"><al>van € 3,00 per dag</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>II.Het tarief voor het parkeren met een parkeervergunning als bedoeld in
                            artikel 2, sub b, bedraagt:</al><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="2*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="51*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="22*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al><vet>Parkeerterrein</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Tijdseenheid</vet></al></entry><entry colname="col4"><al><vet>Bedrag </vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Scheendijk-Noord, Breukelen</al></entry><entry colname="col3"><al>per seizoen</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 193,25;</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Bij het aanvragen of inleveren van de vergunning
                                                gedurende het seizoen</al></entry><entry colname="col3"><al>resterende aantal</al><al>volle maanden</al></entry><entry colname="col4"><al>resterende aantal volle maanden</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Behorende bij het raadsbesluit van 20 december 2016.</al><al>De griffier van Stichtse Vecht,</al></bijlage></regeling></body></cvdr>