<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR426350_1</dcterms:identifier><dcterms:title>verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting                2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Súdwest-Fryslân</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-11-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Súdwest-Fryslân</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-159893.html">www.officielebekendmakingen.nl</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening watertoeristenbelasting 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=224">Artikel 224 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-11-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>geen.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Verordening watertoeristenbelasting 2017</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting
                2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 oktober
                        2016;</al><al>b e s l u i t:</al><al>vast te stellen de</al><al><vet>verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting
                            2017</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al><cursief>etmaal:</cursief> een aaneengesloten tijdvak van 24 uren;</al><al><cursief>historische schepen:</cursief> schepen die als zodanig door de
                        “Commissie Historische Schepen” worden aangemerkt;</al><al><cursief>kapitein:</cursief> de gezagvoerder van een vaartuig of degene die
                        deze vervangt;</al><al><cursief>lengte:</cursief> de lengte over alles;</al><al><cursief>maand:</cursief> een aaneengesloten tijdvak van 30 etmalen;</al><al><cursief>passanten:</cursief> diegenen die verblijf houden in de gemeente,
                        met of op een vaartuig, zonder het hebben van een vaste ligplaats;</al><al><cursief>vaartuig:</cursief> een vaartuig, niet zijnde een woonark, dat is
                        bestemd of wordt gebezigd voor vakantie of andere recreatieve
                        doeleinden;</al><al><cursief>vaste ligplaats:</cursief> een ligplaats die naar plaatselijk
                        gebruik is bestemd voor het regelmatig afmeren of ter anker leggen van een
                        zelfde vaartuig gedurende een periode van ten minste een maand;</al><al><cursief>woonarken:</cursief> woonarken, die zijn bestemd of worden gebezigd
                        voor vakantie of andere recreatieve doeleinden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Ter zake van het houden van verblijf binnen het watergebied van de gemeente
                        op of met vaartuigen, waarvoor in welke vorm dan ook een vergoeding wordt
                        betaald door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente
                        in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, wordt onder de naam
                        ‘watertoeristenbelasting’ een directe belasting geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene, die tegen vergoeding gelegenheid biedt tot
                            verblijf, als bedoeld in artikel 2, op hem ter beschikking staande
                            ligplaatsen dan wel op of met hem ter beschikking staande
                            vaartuigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op
                            degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan
                            te wijzen, is belastingplichtig de kapitein, de eigenaar of de gebruiker
                            van een vaartuig, als bedoeld in artikel 1, dan wel een andere persoon
                            die werkelijk verblijf houdt aan boord van een dergelijk vaartuig.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:</al><lijst><li nr="a."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van hospitaalschepen of
                                schepen die als zodanig dienst doen met een charitatief
                                karakter;</al></li><li nr="b."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van een vaartuig dat zich
                                op last of bevel van de overheid in het gemeentelijk watergebied
                                bevindt;</al></li><li nr="c."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van vaartuigen in directe
                                dienst van het rijk, de provincie, het waterschap of de
                                gemeente;</al></li><li nr="d."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van
                                oorlogsvaartuigen;</al></li><li nr="e."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van
                                reddingsvaartuigen;</al></li><li nr="f."><al>door degenen die verblijf houden aan boord van historische
                                schepen.</al></li><li nr="g."><al>waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
                                heffing en invordering van toeristenbelasting;</al></li><li nr="h."><al>waarvoor de gemeente belasting heft ingevolgde de verordening op de
                                heffing en invordering van forensenbelasting;</al></li><li nr="i."><al>van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de
                                Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de
                                zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en
                                voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als
                                bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid
                                van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.</al></li><li nr="j."><al>van degene die bij aanvang van het eerste etmaal dat verblijf wordt
                                gehouden, de leeftijd van 4 jaar nog niet heeft bereikt;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar het aantal etmalen, dat verblijf is
                            gehouden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt een gedeelte van een etmaal
                            voor een vol etmaal gerekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien
                                    een belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is
                                    aangewezen:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal personen, dat verblijf heeft gehouden, bepaald op
                                    2,3.</al></li><li nr="b."><al>het aantal etmalen, dat door de onder a bedoelde personen
                                    verblijf is gehouden, bepaald op 17,1.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ter zake van charterschepen zonder vaste ligplaats voor korter
                                    dan drie maanden wordt, indien een belastingplichtige als
                                    bedoeld in artikel 3, eerste lid, is aangewezen:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal personen, dat verblijf heeft gehouden,
                                            bepaald op:</al><al>1° 8, bij een vaartuig met een lengte van 10 tot 20
                                            meter;</al><al>2° 15, bij een vaartuig met een lengte van 20 meter tot
                                            30 meter;</al><al>3° 22, bij een vaartuig met een lengte van 30 meter of
                                            meer;</al></li><li nr="b."><al>het aantal etmalen gesteld op het daadwerkelijk
                                            verbleven aantal etmalen blijkens de
                                            verblijfsregistratie van de belastingplichtige.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter zake van woonarken met een vaste ligplaats wordt, indien een
                                    belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is
                                    aangewezen:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantal personen, dat verblijf heeft gehouden, bepaald op
                                    2,6.</al></li><li nr="b."><al>het aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen
                                    verblijf is gehouden bepaald op 52.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Opteren voor niet forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door
                        debelastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing
                        vastgesteld op het werkelijke aantal etmalen, dat verblijf is gehouden,
                        indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op de voet van artikel 6
                        berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Het tarief bedraagt € 1,25 per persoon, per etmaal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan een kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijze van belastingheffing</titel></kop><al>Belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Belastingaanslagen van minder dan € 10,00 worden niet opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet
                                    1990 moeten de voorlopige en definitieve aanslagen worden
                                    betaald in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op
                                    de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
                                    dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, en de tweede
                                    termijn twee maanden later.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
                            lid gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van watertoeristenbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Aanmeldingsplicht</titel></kop><al>De belastingplichtige, bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden,
                        voordat hij voor de eerste maal na het inwerkingtreden van deze verordening
                        gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de
                        gemeente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Registratieplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden
                            verblijfhoudenden te registreren in een daarvoor bestemd eigen register
                            dat aan de gemeentelijke voorwaarden voldoet of een door de gemeente
                            verstrekt verlijfsregister.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders stelt genoemd
                            verblijfregister kosteloos beschikbaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven
                            omtrent de inrichting en het gebruik van het verblijfregister.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover
                            de belastingplichtige gebruik maakt van de forfaitaire berekeningswijze
                            als bedoeld in artikel 6.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de
                        watertoeristenbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ‘Verordening watertoeristenbelasting 2016’ van 12 november 2015,
                            wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van
                            ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing op de belastbare feiten
                            die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2017.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De verordening wordt aangehaald als “Verordening watertoeristenbelasting
                            2017”.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 november 2016</al></slotformulering><ondertekening>drs. H.H. Apotheker</ondertekening><ondertekening>voorzitter</ondertekening><ondertekening>G.W. Stegenga</ondertekening><ondertekening>griffier</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>