<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR425862_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening reinigingsheffingen Haaksbergen 2017 (9.12i)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad nr. 184550, 28 december 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening reinigingsheffingen 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0005416/2016-07-01#TITELDEELIV_HOOFDSTUKXV_PARAGRAAF3_ARTIKEL229">Artikel 229, eerste lid, onderdelen a en b van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK15_TITELDEEL15.9_ARTIKEL15.33">Artikel 15.33 van de Wet milieubeheer</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/2016-11-03">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-12-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening reinigingsheffingen Haaksbergen2017(9.12i)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Verordening reinigingsheffingen Haaksbergen2017(9.12i)</al><al><vet>Samenvatting</vet></al><al>Deze verordening bevat de voorwaarden en tarieven voor de heffing en
                        invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten.</al><al/><al><vet>De gemeenteraad van Haaksbergen</vet>;</al><al>Voorstel van het college van: 22 november 2016</al><al/><al>Wettelijke basis: bepalingen van de Gemeentewet (artikel 229, eerste lid,
                        onderdelen a en b), de Wet milieubeheer (artikel 15.33) en de Algemene wet
                        bestuursrecht.</al><al/><al><vet>Besluit:</vet></al><al>Vast te stellen de <vet>Verordening </vet><vet>op de heffing en de
                            invordering van </vet><vet>afvalstoffenheffing en reinigingsrechten
                            </vet><vet>201</vet><vet>7</vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><al>Krachtens deze verordening worden geheven:</al><lijst><li nr="a."><al>een afvalstoffenheffing;</al></li><li nr="b."><al>reinigingsrechten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>perceel:</al><lijst><li nr="1."><al>de onroerende zaak, bedoeld in <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0007119/2016-10-01#HOOFDSTUKIII" struct="BWB">Hoofdstuk III van de Wet waardering
                                                onroerende zaken</extref>; </al></li><li nr="2."><al>een binnen de gemeente gelegen roerende zaak; </al></li><li nr="3."><al>een gedeelte van een roerende zaak dat blijkens zijn
                                            indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden
                                            gebruikt; </al></li><li nr="4."><al>een samenstel van twee of meer roerende zaken of in
                                            onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde
                                            belastingplichtige in gebruik zijn en, naar de
                                            omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren. </al></li><li nr="5."><al>het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel
                                            b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld
                                            gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld
                                            samenstel;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>gebruik maken' in hoofdstuk 2 Afvalstoffenheffing: gebruik maken
                                    in de zin van <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK15_TITELDEEL15.9_ARTIKEL15.33" struct="BWB">artikel 15.33 Wet milieubeheer</extref>.</al></li><li nr="c."><al>grof bedrijfsafval: afvalstoffen, met uitzondering van
                                    autowrakken, afkomstig van bedrijven en instellingen, welke door
                                    aard, omvang of hoeveelheid niet periodiek worden ingezameld;
                                </al></li><li nr="d."><al>grove huishoudelijke restafvalstoffen: restafval geproduceerd
                                    door en afkomstig uit huishoudens, dat niet wordt aangeboden via
                                    de wekelijkse huis-aan-huis inzameling; </al></li><li nr="e."><al> grof tuinafval: tuinafval, dat door aard, omvang of hoeveelheid
                                    niet periodiek wordt ingezameld;</al></li><li nr="f."><al> witgoed: koelkasten, diepvriezers, wasmachines, centrifuges,
                                    wasdrogers, fornuizen.</al><al/></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Afvalstoffenheffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam 'afvalstoffenheffing' wordt een directe belasting
                                geheven als bedoeld in <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK15_TITELDEEL15.9_ARTIKEL15.33" struct="BWB">artikel 15.33 van de Wet
                                milieubeheer</extref>.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij
                                behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven
                                ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan
                                krachtens <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK10_TITELDEEL10.4_ARTIKEL10.21" struct="BWB">artikel 10.21</extref> en <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK10_TITELDEEL10.4_ARTIKEL10.22" struct="BWB">10.22 van de Wet milieubeheer</extref> een
                                verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen
                                geldt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de
                            omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt
                            recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien
                            waarvan ingevolge <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK10_TITELDEEL10.4_ARTIKEL10.21" struct="BWB">artikel 10.21</extref> en <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0003245/2016-07-01#HOOFDSTUK10_TITELDEEL10.4_ARTIKEL10.22" struct="BWB">10.22 van de Wet milieubeheer </extref>een verplichting
                            tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven,
                                opgenomen in de hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende
                                tarieventabel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de berekening van de belasting wordt een gedeelte van een in de
                                tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar
                                tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of,
                                zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt,
                                is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                                voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de
                                aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van
                                de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het
                                einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                                belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander
                                perceel in gebruik neemt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk twee kalendermaanden na
                                de op het aan­slagbiljet vermelde dagtekening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kunnen op verzoek van de
                                belastingplichtige de aanslagen worden betaald in zoveel gelijke
                                termijnen als er na de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden
                                in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal
                                termijnen ten minste twee bedraagt en maximaal 10, indien aan het
                                navolgende wordt voldaan:</al><lijst><li nr="a."><al>het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet
                                        verenigde aanslagen reinigingsheffingen of andere
                                        belastingen moet minder zijn dan € 6.500,--;</al></li><li nr="b."><al> de verschuldigde bedragen moeten door middel van
                                        automatische beta­lings­incas­so van de betaalre­kening van
                                        de belastingschuldige kunnen worden afge­schreven. </al></li></lijst><al>De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
                                aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
                                later.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in artikel 7 tweede lid bedoelde gedagtekende kennisgevingen
                                moeten worden betaald:</al><lijst><li nr="a."><al> ingeval van uit­reiking van de kennisgeving: op het
                                        tijdstip van uitreiking;</al></li><li nr="b."><al> ingeval van toe­zending van de kennisgeving: binnen vijf
                                        dagen na de dagtekening.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0002448/2010-10-10" struct="BWB">Algemene termijnenwet</extref> is niet van
                                toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Kwijtschelding van de belasting vindt plaats op basis van de vigerende
                            Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Reinigingsrechten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'reinigingsrechten' worden rechten geheven zowel voor het
                            genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten als voor het
                            gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken
                            of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten
                            behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de
                            bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven,
                                opgenomen in de hoofdstukken 2 en 3 van de bij deze verordening
                                behorende tarieventabel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de
                                tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid
                                aangemerkt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het
                            belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 2 en 3 van de tarieventabel worden
                                geheven bij wege van aanslag, gedagtekende bon, nota of andere
                                schriftuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als contante betaling van de rechten genoemd in hoofdstuk 3 wordt
                                mede begrepen een rechtsgeldige ondertekende eenmalige incasso
                                machtiging.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang
                                voor de jaarlijks verschuldigde rechten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel zijn
                                verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later
                                is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt
                                zijn de rechten verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de
                                voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de
                                aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt,
                                bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van
                                de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het
                                einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
                                overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
                                belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten</titel></kop><al>De rechten bedoeld in hoofdstuk 3 van de tarieventabel zijn verschuldigd
                            bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik
                            van de bezittingen, werken of inrichtingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0004770/2016-05-01#HOOFDSTUKII_ARTIKEL9" struct="BWB">artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet
                                    1990</extref> moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk twee
                                kalendermaanden na de op het aan­slagbiljet vermelde dagtekening.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kunnen op verzoek van de
                                belastingplichtige de aanslagen worden betaald in zoveel gelijke
                                termijnen als er na de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden
                                in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal
                                termijnen ten minste twee bedraagt en maximaal 10, indien aan het
                                navolgende wordt voldaan:</al><lijst><li nr="a."><al> het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde
                                        aanslagen reinigingsheffingen of andere belastingen moet
                                        minder zijn dan € 6.500,--;</al></li><li nr="b."><al> de verschuldigde bedragen moeten door middel van
                                        automatische betalings­incas­so van de betaalre­kening van
                                        de belastingschuldige kunnen worden afge­schreven.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De op grond van hoofdstuk 3 van de tarieventabel geheven rechten
                                moeten worden betaald:</al><lijst><li nr="a."><al> ingeval van uitreiking van de kennisgeving: op het tijdstip
                                        van uitreiking;</al></li><li nr="b."><al>ingeval van toezending van de kennisgeving: binnen veertien
                                        dagen na de dagtekening.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De <extref doc="HTTP://WETTEN.OVERHEID.NL/BWBR0002448/2010-10-10" struct="BWB">Algemene termijnenwet</extref> is niet van
                                toepassing op de in de leden 1, 2 en 3 gestelde termijnen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Aanvullende bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Nadere regels door het dagelijks bestuur van het Gemeentelijk
                                Belastingkantoor Twente</titel></kop><al>Het dagelijks bestuur van het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente kan
                            nadere regels geven over de heffing en invordering van de
                            afvalstoffenheffing en reinigingsrechten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Verordening reinigingsheffingen 2016 van 16 december 2015 wordt
                                ingetrokken met ingang van de in artikel 21, tweede lid, genoemde
                                datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van
                                toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum
                                hebben voorgedaan. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de
                                in artikel 21, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing,
                                blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in
                                de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor
                                zover de heffing van de rechten hiervoor in die periode
                                plaatsvindt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2017.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening reinigingsheffingen
                            2017.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening> Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 21 december
                        2016.</ondertekening><ondertekening>mr. G. Raaben</ondertekening><ondertekening>G.J. Kok MDR</ondertekening><ondertekening>griffier</ondertekening><ondertekening>burgemeester</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Tarieventabel, behorende bij de Verordening reinigingsheffingen
                                2017</vet></al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="colA"/><colspec colname="colB"/><colspec colname="colC"/><tbody><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al><cursief>Algemeen</cursief></al></entry></row><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al>De bedragen genoemd in deze tabel zijn
                                                  <vet>exclusief</vet> omzetbelasting indien deze
                                                verschuldigd zijn.</al></entry></row><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al/></entry></row><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al><cursief>Hoofdstuk 1 </cursief><vet>Maatstaven en
                                                  jaarlijkse tarieven afvalstoffenheffing</vet></al></entry></row><row><entry><al>1.1</al></entry><entry><al>De belasting bedraagt per perceel per
                                                belastingjaar</al></entry><entry><al>€81,96</al></entry></row><row><entry><al>1.2</al></entry><entry><al>Naast het onderdeel 1.1 bepaalde belastingbedrag
                                                bedraagt de belasting per belastingjaar voor het ten
                                                behoeve van het inzamelen van huishoudelijke
                                                afvalstoffen ter beschikking stellen van:</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>1.3</al></entry><entry><al>a. een container met een inhoud van 60 liter voor
                                                groente-, fruit- en tuinafval</al></entry><entry><al>€25,92</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>b. een container met een inhoud van 120 liter voor
                                                groente-, fruit- en tuinafval</al></entry><entry><al>€32,04</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>c. een container met een inhoud van 240 liter voor
                                                groente-, fruit- en tuinafval</al></entry><entry><al>€44,28</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>d. een container met een inhoud van 140 liter
                                                restafval</al></entry><entry><al>€67,92</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>e. een container met een inhoud van 240 liter
                                                restafval</al></entry><entry><al>€108,84</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>f. een blokcontainer</al></entry><entry><al>€90,72</al></entry></row><row><entry><al>1.4</al></entry><entry><al>Indien een belastingplichtige van de gemeente
                                                wisselt van container-volume, dan bedragen de kosten
                                                voor de omwisseling van één of twee containers, per
                                                keer</al></entry><entry><al>€30,00</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al><cursief>Hoofdstuk 2</cursief><vet> Maatstaven en
                                                  jaarlijkse tarieven reinigingsrechten</vet></al></entry></row><row><entry><al>2.1</al></entry><entry><al>Het recht bedraagt per belastingjaar voor het ten
                                                behoeve van het inzamelen van bedrijfsvuil ter
                                                beschikking stellen van:</al></entry><entry><al/></entry></row><row><entry><al>2.2</al></entry><entry><al>a. een container met een inhoud van 60 liter voor
                                                groente-, fruit- en tuinafval</al></entry><entry><al>€78,24</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>b. een container met een inhoud van 120 liter voor
                                                groente-, fruit- en tuinafval bij inzameling</al></entry><entry><al>€84,36</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>c. een container met een inhoud van 140 liter
                                                restafval</al></entry><entry><al>€120,24</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al>d. een container met een inhoud van 240 liter
                                                restafval</al></entry><entry><al>€160,92</al></entry></row><row><entry><al/></entry><entry><al/></entry><entry><al/></entry></row><row><entry nameend="colC" namest="colA"><al><cursief>Hoofdstuk 3</cursief><vet> Maatstaven en
                                                  tarieven overige reinigingsrechten</vet></al></entry></row><row><entry><al>3.1</al></entry><entry><al>Het recht voor het ontsmetten van een voertuig, een
                                                wagen, een kar e.d., bedraagt per kwartier of
                                                gedeelte daarvan per persoon daaraan besteed</al></entry><entry><al>€7,45</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Behorende bij raadsbesluit van 21 december 2016</al><al>De griffier van de gemeente Haaksbergen</al><al/><al>mr. G. Raaben</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>