<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR421291_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel overlegging en onderzoek brondocumenten</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad d.d. 27 oktober 2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel overlegging en onderzoek brondocumenten</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Artikel 4:81 Algemene wet Bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Basisregistratie Personen</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">ID protocol burgerzaken van de NVVB</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-10-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-10-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16cv.00340</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Basisregistratie Personen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel overlegging en onderzoek brondocumenten</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Beleidsregel overlegging en onderzoek brondocumenten</vet></al><al>Het college van burgemeester en wethouders van Zeist;</al><al>Gezien de Wet basisregistratie personen en het ID-protocol Burgerzaken
                        van de NVVB;</al><al>Overwegende dat het noodzakelijk is om een beleidsregel vast te stellen
                        met betrekking tot het overleggen en onderzoeken van brondocumenten om
                        zodoende de kwaliteit en actualiteit van in de basisregistratie personen
                        (BRP) opgenomen, en op te nemen, gegevens te waarborgen;</al><al>heeft besloten vast te stellen:</al><al>Regeling overlegging en onderzoek brondocumenten ten behoeve van de
                        basisregistratie personen (BRP).</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel 1 Begrippen</label></kop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Brondocument:</al><lijst><li nr="I."><al>identiteitsvaststellende documenten: een door enig
                                            bevoegd gezag afgegeven document bedoeld ter
                                            vaststelling van de identiteit. Naast Nederlandse
                                            paspoorten, identiteitskaarten, rijbewijzen en
                                            verblijfsdocumenten betreft het buitenlandse paspoorten
                                            en identiteitskaarten;</al></li><li nr="II."><al>documenten betreffende de burgerlijke staat: een door
                                            enig bevoegd gezag afgegeven document, houdende gegevens
                                            over de burgerlijke staat, zoals bedoeld in artikel 2.8
                                            Wet BRP.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Wet BRP: Wet basisregistratie personen</al></li><li nr="c."><al>BRP: de basisregistratie personen.</al></li><li nr="d."><al>Ingezetene: degene die zijn adres heeft in een Nederlandse
                                    gemeente en als zodanig actueel staat ingeschreven in de
                                    BRP.</al></li><li nr="e."><al>College: het college van burgemeester en wethouders van
                                    Zeist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2 Overlegging brondocumenten</label></kop><lijst><li nr="1."><al>In de volgende gevallen dienen door de ingezetene of degene die
                                    dient te worden geregistreerd als zodanig, brondocumenten te
                                    worden overgelegd:</al><lijst><li nr="a."><al>indien een persoon zich wenst te (her)vestigen in Zeist
                                            en daartoe conform artikel 2.38 Wet BRP dient te worden
                                            ingeschreven in de BRP. In ieder geval dient een geldig
                                            legitimatiebewijs te worden overgelegd. Daarnaast dienen
                                            te worden overgelegd de door of namens het college
                                            verzochte documenten die nodig zijn voor een juiste en
                                            volledige registratie in de BRP;</al></li><li nr="b."><al>indien zich ten aanzien van een ingezetene, buiten
                                            Nederland, een wijziging heeft voorgedaan in zijn
                                            burgerlijke staat en/of nationaliteit. De ingezetene
                                            overlegt zo spoedig mogelijk de brondocumenten welke
                                            nodig zijn voor opname of wijziging van zijn gegevens in
                                            de BRP;</al></li><li nr="c."><al>indien door of namens het college wordt verzocht om
                                            overlegging van brondocumenten welke nodig worden geacht
                                            voor een juiste bijhouding van gegevens over de
                                            burgerlijke staat en/of nationaliteit van de
                                            ingezetene.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De op grond van het eerste artikellid over te leggen
                                    buitenlandse brondocumenten dienen, daar waar dit wordt vereist
                                    op grond van de legalisatiecirculaire, te zijn
                                    gelegaliseerd.</al></li><li nr="3."><al>De op grond van het eerste artikellid over te leggen
                                    brondocumenten dienen te zijn opgesteld in de Nederlandse,
                                    Duitse, Engelse of Franse taal. Wordt naast het brondocument een
                                    vertaling ervan in één van bedoelde talen overgelegd, dan dient
                                    ook de vertaling, daar waar dat wordt vereist op grond van de
                                    legalisatiecirculaire, te zijn gelegaliseerd. </al></li><li nr="4."><al>Indien hierom door of namens het college wordt verzocht, dient
                                    een door een in Nederland beëdigd vertaler opgestelde
                                    Nederlandse vertaling van het brondocument te worden
                                    overgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Onderzoek brondocumenten</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Onderzoek van identiteitsvaststellende documenten vindt plaats
                                    bij overlegging hiervan waarbij gebruik kan worden gemaakt van
                                    een paspoortscanner of andere controle apparatuur. Indien geen
                                    afwijkingen worden geconstateerd wordt het document terstond aan
                                    betrokkene teruggeven. Is er twijfel over de echtheid van het
                                    document of bestaat het vermoeden dat degene die het document
                                    overlegt niet de rechtmatige houder ervan is (look alike), dan
                                    wordt het ingehouden voor nader onderzoek. Waar nodig zal
                                    tijdens het nader onderzoek een beroep worden gedaan op de
                                    expertise van derden. Worden er geen onregelmatigheden
                                    geconstateerd dan wordt het document teruggegeven aan
                                    betrokkene. </al></li><li nr="2."><al>Wordt een buitenlands document betreffende de burgerlijke staat
                                    overgelegd, dan zal dit worden ingehouden en onderzocht.
                                    Betrokkene ontvangt hiervan een bewijs. Het document wordt
                                    gecontroleerd op vorm, echtheid en inhoud waarbij gebruik kan
                                    worden gemaakt van controle apparatuur. Waar nodig zal tijdens
                                    het onderzoek een beroep worden gedaan op de expertise van
                                    derden. Indien er twijfel bestaat ten aanzien van de juistheid
                                    van de inhoud van het document kan een verificatieonderzoek
                                    worden opgestart. Worden er geen onregelmatigheden geconstateerd
                                    dan wordt het document teruggegeven aan betrokkene. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Aangifte bij ontdekking valse of vervalste documenten</label></kop><al>Indien na onderzoek van een brondocument wordt geconstateerd dat er
                            mogelijk sprake is van een vals of vervalst document, dan wel van look
                            alike fraude, zal hiervan door of namens het college aangifte worden
                            gedaan bij de politie, waarbij het onderzochte document ter inbeslagname
                            zal worden overhandigd. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Inwerkingtreding</label></kop><al>Deze regeling treedt in werking op de eerste dag na publicatie in het
                            Gemeenteblad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6 Citeertitel</label></kop><al>Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling brondocumenten.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en
                        wethouders van 4 oktober 2016</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Burgemeester en wethouders van Zeist,</ondertekening><ondertekening>De secretaris, I. Lissenberg-van Dam De burgemeester, drs. J.J.L.M.
                        Janssen</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><label>Toelichting op de Regeling overlegging en onderzoek brondocumenten</label></kop><al><vet>Toelichting artikel 1 onder a sub II</vet></al><al>Onder burgerlijke staat wordt verstaan: de algemene rechtstoestand van
                            een persoon, die onder andere wordt bepaald door afstamming, naam,
                            nationaliteit, geslacht, leeftijd en huwelijkse staat.</al><al>Artikel 2.8 Wet BRP bevat een limitatieve opsomming van brondocumenten
                            waaraan gegevens kunnen worden ontleend ter opname in de BRP. Indien
                            betrokkene aantoonbaar in de onmogelijkheid verkeerd om brondocumenten
                            te overleggen of is vrijgesteld van de verplichting om deze te
                            overleggen, kunnen gegevens over de burgerlijke staat worden ontleend
                            aan een verklaring onder ede.</al><al/><al><vet>Toelichting artikel 2 lid 2</vet></al><al>Legalisatie is de vaststelling dat een document is afgegeven door een
                            daartoe bevoegd persoon en dat de handtekening op het document inderdaad
                            van de ondertekenaar afkomstig is. In de praktijk is soms een hele reeks
                            van handtekeningen nodig van instanties die op de hoogte zijn van
                            elkaars bevoegdheid. Meestal wordt het document als laatste
                            gelegaliseerd door de Nederlandse ambassade onder welk ressort het
                            afgifteland valt. Men noemt dit wel een “legalisatieketen”. Op de
                            website van de Rijksoverheid wordt per land aangegeven welke
                            legalisatieregels er gelden. De legalisatiecirculaire geeft aan in welke
                            gevallen er een uitzondering bestaat op het legaliseren van
                            documenten.</al><al/><al><vet>Toelichting artikel 2 lid 4</vet></al><al>Documenten welke zijn opgesteld of vertaald in de Duitse, Engelse of
                            Franse taal worden in principe geaccepteerd. In voorkomende gevallen,
                            zoals bij beschikkingen van buitenlandse rechtscolleges, is soms echter
                            een vertaling in de Nederlandse taal noodzakelijk. </al><al/><al><vet>Toelichting artikel 3 lid 1</vet></al><al>Bij twijfel over de echtheid van een identiteitsvaststellend document of
                            indien het vermoeden bestaat dat degene die het document overlegt niet
                            de rechtmatige houder ervan is, zal contact worden opgenomen met het
                            ‘Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten’ (ECID), een
                            samenwerkingsverband van de Koninklijke Marechaussee en politie, voor
                            het nader onderzoeken van het document. Tevens zal in zo’n situatie,
                            daar waar betrokkene niet aantoonbaar de Nederlandse nationaliteit
                            bezit, contact worden opgenomen met de vreemdelingenpolitie voor het
                            uitvoeren van nader onderzoek naar de identiteit en verblijfsrechtelijke
                            status van betrokkene. </al><al/><al><vet>Toelichting artikel 3 lid 2</vet></al><al>Een buitenlands document betreffende de burgerlijke staat zal worden
                            ingehouden om te worden onderzocht. Met behulp van controle apparatuur
                            en de ter beschikking zijnde informatie opgenomen in diverse
                            kennisbanken wordt het document technisch, tactisch en inhoudelijk
                            onderzocht. Indien er getwijfeld wordt aan de echtheid van het document,
                            zal dit voor nader onderzoek worden gestuurd naar het Bureau Documenten
                            van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Is er twijfel ten aanzien van
                            de juistheid van de in het document opgenomen gegevens, dan kan er een
                            verzoek om verificatie (=inhoudelijke controle van een document op de
                            juistheid van de daarin opgenomen gegevens) worden gedaan via het
                            Ministerie van Buitenlandse Zaken. </al><al/><al><vet>Toelichting artikel 4</vet></al><al>Indien uit het onderzoek van het overgelegde brondocument blijkt dat er
                            mogelijk sprake is van een vals of vervalst document, zal hiervan
                            aangifte worden gedaan bij de politie. Bij de aangifte wordt het
                            document overgedragen aan de politie. Door het overdragen van het
                            document wordt voorkomen dat betrokkene het document opnieuw zou kunnen
                            aanbieden bij een andere gemeente of overheidsinstantie. Justitie
                            beslist uiteindelijk of het document aan betrokkene wordt
                            teruggegeven.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>