<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.90--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR419998_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel individuele inkomenstoeslag 2015 gemeente Leusden</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leusden</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-11-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Leusden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-141604.html">gmb-2016-141604</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsregel individuele inkomenstoeslag 2015 gemeente Leusden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=8">Participatiewet, art. 8, lid 2</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=36">Participatiewet, art. 36</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.1:CVDR353626_1">Verordening Individuele inkomenstoeslag</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005537">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-09-29</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>257501</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Beleidsregel Individuele inkomenstoeslag 2015 gemeente Leusden</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Burgemeester en wethouders van gemeente Leusden;</al><al>gelezen de nota 22 september 2015</al><al>overwegende dat het gewenst is nadere regels te stellen over het recht op de Individuele inkomenstoeslag;</al><al>gelet op artikel 8, lid 2 en artikel 36 van de Participatiewet, de verordening Individuele inkomenstoeslag en de Algemene wet bestuursrecht;</al><al>besluit vast te stellen:</al><al><cursief>de beleidsregel Individuele inkomenstoeslag 2015 gemeente Leusden</cursief></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de beleidsregel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>belanghebbende:</cursief></al><al>persoon die een individuele inkomenstoeslag aanvraagt;</al></li><li nr="b."><al><cursief>WTOS:</cursief></al><al><extref doc="1.0:v:BWBR0012438" struct="BWB">Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten</extref>;</al></li><li nr="c."><al><cursief>WSF:</cursief></al><al><extref doc="1.0:v:BWBR0011453" struct="BWB">Wet Studiefinanciering 2000</extref>;</al></li><li nr="d."><al><cursief>wet:</cursief></al><al>de <extref doc="1.0:v:BWBR0015703" struct="BWB">Participatiewet</extref>;</al></li><li nr="e."><al><cursief>verordening:</cursief></al><al><extref doc="1.1:CVDR189605_1" struct="CVDR">verordening Langdurigheidstoeslag</extref> (nu van rechtswege verordening Individuele inkomenstoeslag).</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de overige begrippen wordt aangesloten bij de begrippen zoals die gelden in de wet, de <extref doc="1.0:v:BWBR0005537" struct="BWB">Algemene wet bestuursrecht</extref>, de <extref doc="1.0:v:BWBR0005416" struct="BWB">Gemeentewet</extref> en de verordening Individuele inkomenstoeslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Uitzicht op inkomensverbetering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Uitzicht op inkomensverbetering wordt in ieder geval verondersteld ten aanzien van de belanghebbende die:</al><lijst><li nr="–"><al>onderwijs volgt of heeft gevolgd</al><lijst><li nr="a."><al>op de peildatum uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt en/of studiefinanciering ontvangt op grond van de <extref doc="1.0:v:BWBR0011453" struct="BWB">WSF</extref> of die een opleiding volgt en/of een bijdrage ontvangt als bedoeld in de <extref doc="1.0:v:BWBR0012438" struct="BWB">WTOS</extref>;</al></li><li nr="b."><al>tijdens de laatste 24 maanden van de referteperiode een opleiding of onderwijs als bedoeld in onderdeel a heeft gevolgd;</al></li></lijst></li><li nr="–"><al>een korting op het inkomen heeft als gevolg van gedragingen/ niet nakomen van verplichtingen of een schuldregeling heeft</al><lijst><li nr="c."><al>wegens een gedraging van de 2de of 3de categorie zoals bedoeld in <extref doc="1.1:CVDR353629_1" struct="CVDR">artikel 7 en 8 van de Verordening maatregelen Participatiewet, IOAW en IOAZ</extref> een maatregel opgelegd heeft gekregen tijdens de laatste 24 maanden van de referteperiode;</al></li><li nr="d."><al>overeenkomstig <extref doc="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=18" struct="BWB">artikel 18 lid 4 van de wet</extref> een verlaging van de uitkering heeft gekregen tijdens de laatste 24 maanden van de referteperiode;</al></li><li nr="e."><al>tijdens de laatste 24 maanden van de referteperiode de inlichtingenplicht ingevolge <extref doc="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=17" struct="BWB">artikel 17, eerste lid van de wet</extref> heeft geschonden en bij wie een benadelingsbedrag wegens verzwegen inkomsten uit arbeid is vastgesteld;</al></li><li nr="f."><al>door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) een maatregel of een bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen tijdens de laatste 24 maanden van de referteperiode;</al></li><li nr="g."><al>een hoger inkomen heeft dan bijstandsniveau maar op de peildatum op bijstandsniveau leeft wegens een minnelijke schuldregeling of WSNP-traject.</al></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Belanghebbenden die vallen onder de categorieën genoemd in lid 1 komen niet in aanmerking voor de individuele inkomenstoeslag.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als in een andere situatie dan genoemd in lid 1 kan worden vastgesteld dat er sprake is van uitzicht op inkomensverbetering, behoudt het college zich het recht voor de aanvraag voor de individuele inkomenstoeslag af te wijzen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze beleidsregel treedt in werking op 1 oktober 2015.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan van de bepalingen in deze beleidsregel afwijken als toepassing van deze beleidsregel tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Beleidsregel individuele inkomenstoeslag 2015 gemeente Leusden’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Vastgesteld in de vergadering van </al></slotformulering><gegeven><dagtekening><datum isodatum="2016-09-29">29 september 2015</datum></dagtekening></gegeven><ondertekening>E.D. Luchtenburg</ondertekening><ondertekening>directeur-secretaris</ondertekening><ondertekening>drs. A. Vermeulen</ondertekening><ondertekening>burgemeester</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>TOELICHTING OP BELEIDSREGEL INDIVIDUELE INKOMENSTOESLAG 2015 GEMEENTE LEUSDEN</titel></kop><al>De individuele inkomenstoeslag is een extra tegemoetkoming voor belanghebbende(n) die langdurig moeten rondkomen met een laag inkomen en geen uitzicht hebben op inkomensverbetering. Daarmee is het de opvolger van de langdurigheidstoeslag. De Verordening langdurigheidstoeslag is, ondanks de naamswijziging, van rechtswege overgegaan in de Participatiewet, omdat deze inhoudelijk niet gewijzigd is. De criteria om in aanmerking te komen voor de toeslag blijven hetzelfde, nl. dat iemand drie jaar van een inkomen ter hoogte van 100% van het relevante bijstandsniveau heeft moeten leven. Op die criteria werd al individueel getoetst en dat blijft zo. Het nieuwe artikel 36 in de Participatiewet noemt wel een extra criterium dat het college in beleidsregels verder kan uitwerken. Het gaat om het criterium dat men geen uitzicht op inkomensverbetering mag hebben om in aanmerking te komen voor de individuele inkomenstoeslag. Hierover worden in deze beleidsregel nadere regels gesteld.</al><al>Uitgangspunt is, dat het recht op individuele inkomenstoeslag gehuwden gezamenlijk toekomt. Indien belanghebbenden op de peildatum, de datum waarop de periode van drie jaar afloopt, voor de Participatiewet als gehuwd/gezamenlijke huishouding worden aangemerkt, moeten beide belanghebbenden voldoen aan de voorwaarden van artikel 36 Participatiewet. Indien één van beide gehuwden niet voldoet aan deze voorwaarden, hebben beiden geen recht op individuele inkomenstoeslag.</al><al>Iedere aanvraag wordt beoordeeld op de criteria uit artikel 36 van de Participatiewet en de verordening maar ook op de vraag of er sprake is van ‘uitzicht op inkomensverbetering’.</al><al>Bij elke aanvraag wordt daarbij gekeken naar de krachten en bekwaamheden van de aanvrager (en eventuele partner) en naar de inspanningen die betrokkene heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Als dit is beoordeeld, kan vastgesteld worden of de aanvrager (en/of de eventuele partner) uitzicht heeft op inkomensverbetering. Alleen als daar geen uitzicht op is en er wordt aan de overige voorwaarden voortvloeiend uit artikel 36 Participatiewet en de Verordening voldaan, dan is er recht op de individuele inkomenstoeslag.</al><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting.</tussenkop><tussenkop>Artikel 1 Begrippen</tussenkop><al>Behoeft geen nadere toelichting.</al><tussenkop>Artikel 2 Uitzicht op inkomensverbetering</tussenkop><tussenkop>Lid 1 sub a en b: Onderwijs/Scholing/Studiefinanciering</tussenkop><al>Belanghebbende(n) die een opleiding volgen als bedoeld in de WTOS, een studie volgen of kunnen volgen als bedoeld in de WSF, studiefinanciering ontvangen op grond van de WSF of die in de laatste 12 maanden van de referteperiode een opleiding of onderwijs hebben gevolgd worden geacht uitzicht op inkomensverbetering te hebben.</al><tussenkop>Lid 1 sub c tot en met f: Maatregel/Boete</tussenkop><al>Het college zal in het individuele geval beoordelen of belanghebbende inspanningen heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Dit is in beginsel niet het geval als belanghebbende in de laatste 24 maanden van de referteperiode één van de re-integratieverplichtingen of de inlichtingenplicht/informatieplicht heeft geschonden. In het bijzonder geldt dit voor de zwaardere overtredingen waarbij verondersteld kan worden dat door het verzuim het uitzicht op inkomensverbetering aanzienlijk is verminderd. Dit is het geval als een persoon niet of onvoldoende naar vermogen heeft getracht algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen, te behouden of te aanvaarden zonder dat er sprake is van bijzondere omstandigheden, die aanleiding hebben gegeven om af te zien van een verlaging van de uitkering. Ter voorkoming van rechtsongelijkheid met uitkeringsgerechtigden van het UWV wordt dezelfde lijn doorgetrokken voor hen.</al><tussenkop>Lid 1 sub g: Minnelijke schuldregeling of Wsnp</tussenkop><al>Belanghebbende(n) die in een minnelijk schuldregelingstraject of de WSNP zitten leven gedurende dit traject van een inkomen ter hoogte van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, het meerdere van het gezamenlijk inkomen wordt aangewend voor de aflossing van schulden. Als het college bij de berekening van het inkomen rekening gaat houden met deze aflossing van schulden, dan wordt er indirect bijstand verstrekt voor schulden en dat is onder de Participatiewet (net als onder de WWB) niet toegestaan. Daarnaast hebben belanghebbende(n) na drie jaar aflossing weer uitzicht op inkomensverbetering.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>