<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR413002_6</dcterms:identifier><dcterms:title>Heffingsverordening markt- en staanplaatsgelden 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Amsterdam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-15</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amsterdam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2017, 145178</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Heffingsverordening markt en staanplaatsgelden 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet, artt. 216 en 229</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2017-06-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-08-26</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2017-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Tabellen 1, 2 en 3</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2017, nr. 167/659</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Belastingen, retributies en heffingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Datum ondertekening inwerkingtredingsbesluit:</al><al>Bron bekendmaking inwerkingtredingsbesluit: -</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-5854</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-5855</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2018-5856</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>Heffingsverordening markt- en staanplaatsgelden 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Inhoud</vet></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Art. 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr/><al>Voor toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_1_"> markt: een door het college aangewezen
                                gedeelte van de openbare weg, bestemd voor het uitoefenen van de
                                ambulante handel door tenminste zeven vergunninghouders;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_2_"> dagmarkt: markt die ten minste vier
                                dagen per week wordt gehouden;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_3_"> weekmarkt: markt die ten hoogste drie
                                dagen per week wordt gehouden;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_4_"> periodieke markt: markt die gedurende
                                maximaal 26 weken per kalenderjaar wordt gehouden;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_5_"> marktplaats: plaats op de markt, bestemd
                                voor het uitoefenen van de markthandel;</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_6_"> vaste plaats: marktplaats die in
                                beginsel voor onbepaalde tijd aan een vergunninghouder beschikbaar
                                wordt gesteld;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_7_"> tijdelijke vaste plaats: vaste
                                marktplaats waarbij de locatie tot de eerstvolgende herindeling van
                                de markt aan een vergunninghouder beschikbaar wordt gesteld;</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_8_"> losse plaats: marktplaats die per
                                marktdag beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder;</al></lid><lid><lidnr>i.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_9_"> staanplaats: plaats op of aan de
                                openbare weg buiten een markt, waarop de ambulante handel wordt
                                uitgeoefend, niet zijnde venten; </al></lid><lid><lidnr>j.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_10_"> gemeentegrond: de voor de openbare
                                dienst bestemde gemeentegrond;</al></lid><lid><lidnr>k.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_11_"> dag: een tijdvak van vierentwintig
                                opeenvolgende uren, aanvangende te 0.00uur;</al></lid><lid><lidnr>l.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_12_"> week: een kalenderweek; </al></lid><lid><lidnr>m.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_13_"> maand: een kalendermaand;</al></lid><lid><lidnr>n.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_14_"> kwartaal: een kalenderkwartaal; </al></lid><lid><lidnr>o.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_1_15_"> tabel: de bij deze verordening
                                behorende tabellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Art. 2 Belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr/><al>Onder de naam markt- en staanplaatsgelden worden rechten
                                geheven:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_2_16_"> ten aanzien van de dag-, week-, en
                                periodieke markten wegens:</al><lijst><li nr="1."><al id="anker-H99440_0_0_2_16_1_"> het innemen of het doen
                                        innemen van een plaats dan wel het hebben van een vaste
                                        plaats of een tijdelijke vaste plaats op als markt
                                        aangewezen gemeentegrond voor de verkoop van waren waarvoor
                                        de desbetreffende markt is bestemd;</al></li><li nr="2."><al id="anker-H99440_0_0_2_16_2_"> het genot van door of vanwege
                                        het gemeentebestuur verstrekte diensten (waaronder ook
                                        begrepen reclame- en promotie activiteiten);</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_2_17_"> wegens het innemen of doen innemen van
                                een staanplaats.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Art. 3 Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_3_18_"> De in art. 2, onder a, bedoelde rechten
                                worden geheven: </al><lijst><li nr="a."><al id="anker-H99440_0_0_3_18_3_"> onder 1.: van degene die een
                                        marktplaats inneemt of laat innemen dan wel een vaste plaats
                                        of tijdelijke vaste plaats heeft;</al></li><li nr="b."><al id="anker-H99440_0_0_3_18_4_"> onder 2.: van degene op wiens
                                        aanvraag dan wel ten behoeve van wie de diensten worden
                                        verricht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_3_19_"> De in art. 2, onder b, bedoelde rechten
                                worden geheven van degene die een staanplaats heeft, inneemt of laat
                                innemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel> Art. 4 Belastingtijdvak</titel></kop><al>Voor zover in de tabel rechten zijn opgenomen die per kwartaal worden
                            geheven, is het belastingtijdvak één kwartaal. Voor zover in de tabel
                            rechten zijn opgenomen die per maand worden geheven, is het
                            belastingtijdvak één maand. Voor zover in de tabel rechten zijn
                            opgenomen die per week worden geheven, is het belastingtijdvak één week.
                            Voor zover in de tabel rechten zijn opgenomen die per dag worden
                            geheven, is het belastingtijdvak één dag. </al></artikel><artikel><kop><titel>Art. 5 Belasting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_5_20_"> De rechten worden berekend volgens de
                                tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tabel.</al></lid><lid><lidnr>2.De</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_5_21_"> in de bij deze verordening behorende
                                tabel 1 vermelde dagtarieven vinden uitsluitend toepassing ten
                                aanzien van losse plaatsen. De in de bij deze verordening behorende
                                tabel 2 vermelde maandtarieven vinden uitsluitend toepassing ten
                                aanzien van vaste plaatsen en tijdelijke vaste plaatsen. De in de
                                bij deze verordening behorende tabel 3 vermelde dag-, week-, maand-,
                                en kwartaaltarieven vinden uitsluitend toepassing ten aanzien van
                                staanplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>3.Voor</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_5_22_"> de berekening van de rechten wordt een
                                gedeelte van een eenheid van tijd of afmeting voor een geheel
                                gerekend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_5_23_"> Voor zover de prestatie aan
                                omzetbelasting is onderworpen, wordt deze aan de belastingplichtige
                                in rekening gebracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel> Art. 6 Ontstaan belastingschuld; ontheffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_6_24_"> De rechten zijn verschuldigd bij de
                                aanvang van het belastingtijdvak of, indien dit later is, op het
                                tijdstip waarop de belastingplicht aanvangt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_6_25_"> Bij beëindiging van de belastingplicht
                                wordt ingeval er is geheven naar een week-, maand- of kwartaaltarief
                                ontheffing verleend tot het bedrag dat na toepassing van het
                                desbetreffende dag- of maandtarief verschuldigd zou zijn
                                geweest.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_6_26_"> Ontheffing van de rechten wordt slechts
                                verleend, indien het bedrag van de ontheffing ten minste €25,-
                                is.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Art. 7 Wijze van heffing</titel></kop><al>De rechten worden geheven bij wege van een mondelinge- of een
                            schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een nota.</al></artikel><artikel><kop><titel>Art. 8 Betaling</titel></kop><lid><lidnr/><al>De rechten moeten worden betaald indien de kennisgeving als bedoeld
                                in art. 7:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_8_27_"> mondeling wordt gedaan: op het moment
                                van het doen van de kennisgeving; </al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al id="anker-H99440_0_0_8_28_"> schriftelijk wordt gedaan: op het
                                moment van het uitreiken van de kennisgeving of, indien de
                                kennisgeving wordt toegezonden, binnen dertig dagen na dagtekening
                                hiervan. </al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Art. 9 Kwijtschelding</titel></kop><al>Van de markt- en staanplaatsgelden wordt geen kwijtschelding
                            verleend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Art. 10 Nadere regels door het College van Burgemeester en
                                Wethouders</titel></kop><al>Het College van Burgemeester en Wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de markt- en
                            staanplaatsgelden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Art. 11 Ingangsdatum</titel></kop><al>De datum van ingang van de heffing is 1 maart 2016.</al></artikel><artikel><kop><titel>Art. 12 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening Markt- en
                            staanplaatsgelden 2016.</al><al/><al/><al/></artikel></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting </titel></kop><al><vet>Toelichting bij de Heffingsverordening markt- en staanplaatsgelden
                                2016 en de bijbehorende tabellen 2017</vet></al><al><vet>Toelichting bij de artikelen van de verordening</vet></al><al>Artikel 2. Belastbaar feit</al><al>Lid a. betreft de gemeentelijke markten. Onder 1 staat vermeld dat een
                            ieder die een plaats op een markt inneemt het basistarief moet betalen.
                            Onder 2. staat vermeld dat toeslagen betaald moeten worden (voor
                            reiniging, afvalinzameling, krachtstroom en/of promotie), indien de
                            betreffende diensten aan de marktplaatshouder worden verstrekt.</al><al>Lid b. betreft de staanplaatsen buiten de markt.</al><al>Artikel 3. Belastingtijdvak</al><al>De rechten kunnen voor verschillende tijdseenheden worden geheven. In de
                            tabellen bij de verordening staat welke tijdseenheid (dag, week, maand
                            of kwartaal) in welk geval van toepassing is.</al><al>Artikel 5. Belasting</al><al>Dit artikel biedt de grondslag om de tarieven te heffen, zoals opgenomen
                            in de bij de verordening horende tabellen. Lid 4 bepaalt dat BTW moet
                            worden betaald voor zover de heffing aan omzetbelasting onderhevig is.
                            Dit betreft de toeslagen voor afvalinzameling, reiniging en
                            krachtstroom. Het basistarief en de toeslag voor promotie zijn
                            vrijgesteld van BTW.</al><al><vet>Toelichting bij de tabellen 1 en 2, betreffende de
                            markten</vet></al><al>Tabel 1 bij de verordening bevat de tarieven voor losse plaatsen op de
                            markt, die per dag in rekening worden gebracht. Tabel 2 bevat de
                            tarieven voor houders van (tijdelijke) vaste marktplaatsen. Deze
                            tarieven worden per maand geheven. </al><al>Tarieven worden geheven per marktplaats en berekend per strekkende meter
                            of gedeelte daarvan. </al><al><vet>Verklaring van begrippen betreffende de tarieven voor markten, met
                                uitzondering van markten met een overgangsregeling</vet></al><al><vet>tarief per strekkende meter</vet> tarief voor het innemen van een
                            marktplaats</al><al><vet>toeslag reiniging per strekkende meter </vet> toeslag op tarief
                            indien de gemeente zorg draagt voor reiniging van de markt </al><al><vet>toeslag afvoer bedrijfsafval per strekkende meter</vet> toeslag op
                            het tarief indien de gemeente zorg draagt voor de afvalinzameling</al><al><vet>toeslag voor promotie per strekkende meter</vet> toeslag op het
                            tarief voor promotiedoeleinden van de markt</al><al><vet>toeslag krachtstroom per aansluiting</vet> toeslag per aansluiting
                            voor het gebruik van krachtstroom, voor degenen die daar gebruik van
                            willen kunnen maken</al><al><vet>nieuwe dagmarkt</vet> van toepassing op een door de gemeente nieuw
                            ingestelde dagmarkt</al><al><vet>nieuwe weekmarkt</vet> van toepassing op een door de gemeente nieuw
                            ingestelde weekmarkt</al><al><vet>Verklaring van de begrippen betreffende de tarieven voor markten
                                met een overgangsregeling.</vet></al><al><vet>tarief 3m-plaats</vet> tarief voor het innemen van een plaats van 3
                            strekkende meters</al><al><vet>tarief 4m-plaats</vet> tarief voor het innemen van een plaats van 4
                            strekkende meters</al><al><vet>tarief per extra strekkende meter</vet> tarief per strekkende meter
                            voor een uitbreiding van een plaats</al><al><vet>toeslag elektriciteit per aansluiting</vet> toeslag per aansluiting
                            voor het gebruik van elektriciteit (230 V)</al><al><vet>toeslag krachtstroom per aansluiting</vet> toeslag per aansluiting
                            voor het gebruik van krachtstroom</al><al>Voor de dagmarkten is sprake van twee tariefgebieden, met daarnaast een
                            bijzonder tarief voor de Albert Cuypmarkt. Het eerste tariefgebied
                            behelst het Centrum en de daarom heen gelegen 19<sup>e</sup>-eeuwse
                            wijken. Dat zijn de wijken die overwegend gebouwd zijn voor 1919. Dit
                            betreft naast het centrum: de Dapperbuurt,
                            Oosterparkbuurt/Weesperzijdestrook, Oude Pijp, het grootste deel van
                            Museumkwartier/Willemspark/Schinkelbuurt, Overtoombuurt/Kinkerbuurt en
                            Hugo de Grootbuurt/Staatsliedenbuurt. De wijken in de gordel 20-40,
                            overwegend gebouwd na 1918, vormen samen met de naoorlogse wijken het
                            tweede tariefgebied.</al><al>Bij de weekmarkten bestaat het eerste tariefgebied uit het historisch
                            centrum. Dat bestaat uit het grootste deel van stadsdeel Centrum,
                            namelijk het deel dat overwegend gebouwd is voor 1800. Het tweede
                            tariefgebied betreft de rest van de gemeente. Het Haarlemmerplein ligt
                            op de grens en is ingedeeld in het tweede tariefgebied. De themamarkten
                            in het historisch centrum hebben hetzelfde tarief als de algemene
                            warenmarkten buiten het historisch centrum.</al><al>Voor de meeste markten zijn de nieuwe tarieven van kracht geworden op 1
                            maart 2016 (de ingangsdatum van de verordening) of op een latere datum
                            (na een besluit daartoe van de gemeenteraad). Voor een aantal markten
                            zijn de tarieven uit 2015 gehandhaafd op grond van een
                            overgangsregeling. Deze staan, voor zover van kracht in 2017, in een
                            apart onderdeel van de tabellen 1 en 2 vermeld. </al><al><vet>Toelichting bij de tabel 3, betreffende staanplaatsen buiten de
                                markten</vet></al><al>Tabel 3 bevat de tarieven voor staanplaatsen buiten de markt. De
                            tarieven van de stadsdelen uit 2015 zijn hierin overgenomen voor 2016 en
                            2017. Enkele ontbrekende tarieven zijn toegevoegd bijde tweede wijziging
                            van de tarieven in 2016. </al><al>Naast reguliere staanplaatsen worden drie soorten bijzondere
                            staanplaatsen onderscheiden, met afwijkende tarieven. Deze gelden
                            voor:</al><al>- staanplaatsen bij bijzondere gelegenheden, zoals braderieën,</al><al>- staanplaatsen voor de verkoop van kerstbomen en van oliebollen en
                            appelflappen rond Kerstmis en Oud&amp;Nieuw, en</al><al>- staanplaatsen voor ijsverkopers en hotdogverkopers en roulerende
                            staanplaatsen.</al></nota-toelichting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Amsterdam/i295320.pdf">Tabel 1, geldend met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2017</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Amsterdam/i295321.pdf">Tabel 2, geldend met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2017</extref></al></bijlage><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Amsterdam/i295322.pdf">Tabel 3, geldend met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2017</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>