<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR4123_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Dronten</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2003, nr. 18</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Dronten</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/bwbid=BWBR0005416/article=149">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-05-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-08-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-07-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>diverse artikelen</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>541851</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>onderwijs</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Dronten</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>school:</al><lijst><li nr="-"><al>een basisschool of speciale school voor basisonderwijs
                                            als bedoeld in de Wet op het Primair Onderwijs (Stb.
                                            1998, 495);</al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal onderwijs of speciaal en
                                            voortgezet speciaal onderwijs of voorgezet speciaal
                                            onderwijs als bedoeld in de Wet op de Expertise Centra
                                            (Stb. 1998, 496);</al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal voortgezet onderwijs als
                                            bedoeld in deel II van de Wet op het Voortgezet
                                            Onderwijs (Stb. 1998, 512);</al></li><li nr="-"><al>een school of afdeling voor praktijkonderwijs als
                                            bedoeld in de Wet op het Voortgezet Onderwijs (Stb.
                                            1998, 512); of</al></li><li nr="-"><al>een afdeling voor leerwegondersteunend onderwijs als
                                            bedoeld in artikel 10 e van de Wet op het Voortgezet
                                            Onderwijs;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>ouders:</al><al>de ouders, voogden of verzorgers van de leerling;</al></li><li nr="c."><al>leerling:</al><al>een leerling van een school bedoeld onder a;</al></li><li nr="d."><al>woning:</al><al>de plaats waar de leerling feitelijk zijn hoofdverblijf
                                    heeft;</al></li><li nr="e."><al>afstand:</al><al>de afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de
                                    kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige
                                    weg;</al></li><li nr="f."><al>vervoer:</al><al>openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen de
                                    woning dan wel de opstapplaats en de school dat plaatsvindt
                                    voorafgaand aan het begin van de schooldag en in aansluiting op
                                    einde van de schooldag volgens het schoolplan, tenzij de
                                    structurele handicap van een leerplichtige leerling dit
                                    onmogelijk maakt;</al></li><li nr="g."><al>openbaar vervoer:</al><al>voor een ieder openstaand personenvervoer volgens een
                                    dienstregeling per trein, metro, tram, bus, veerdienst of
                                    auto;</al></li><li nr="h."><al>aangepast vervoer:</al><al>vervoer per besloten (school)busvervoer, taxi, trein -taxi of
                                    bustaxi;</al></li><li nr="i."><al>eigen vervoer:</al><al>vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of fiets;</al></li><li nr="j."><al>reistijd:</al><al>de totale reisduur die ligt tussen het verlaten van de woning en
                                    de aanvang van de schooldag volgens het schoolplan, minus
                                    maximaal 10 minuten indien en voorzover de leerling het
                                    schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt
                                    dan het schoolplan aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die
                                    ligt tussen het einde van de schooldag volgens het schoolplan en
                                    de aankomst bij de woning;</al></li><li nr="k."><al>toegankelijke school:</al><lijst><li nr="-"><al>voor wat betreft basisscholen en speciale scholen voor
                                            basisonderwijs: de basisschool van de verlangde
                                            godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel
                                            de openbare school of de speciale school voor
                                            basisonderwijs waarop de leerling is aangewezen van de
                                            verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting
                                            dan wel openbare school van de soort waarop de leerling
                                            is aangewezen;</al></li><li nr="-"><al>voor wat betreft scholen voor (voortgezet) speciaal
                                            onderwijs, scholen voor speciaal voortgezet onderwijs en
                                            scholen voor praktijkonderwijs en leerwegondersteunend
                                            onderwijs: de school van de soort waarop de leerling is
                                            aangewezen van de verlangde godsdienstige of
                                            levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school
                                            van de soort waarop de leerling is aangewezen;</al></li></lijst></li><li nr="l."><al>inkomen:</al><al>het ingevolge de Wet op de inkomstenbelasting 2001 (Stb. 2000,
                                    215) vastgestelde gecorrigeerde verzamelinkomen van de ouders in
                                    het tweede kalenderjaar voorafgaande aan het schooljaar waarvoor
                                    bekostiging van de vervoerskosten wordt gevraagd;</al></li><li nr="m."><al>opstapplaats:</al><al>plaats aangewezen door burgemeester en wethouders, vanaf waar de
                                    leerling gebruik kan maken van het vervoer;</al></li><li nr="n."><al>Commissie voor de begeleiding:</al><al>de commissie die is ingesteld door het bevoegd gezag van een
                                    school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                                    expertisecentra, niet zijnde een instelling, of de bevoegde
                                    gezagsorganen van twee of meer instellingen als bedoeld in
                                    artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, niet zijnde
                                    instellingen, die hetzelfde regionaal expertisecentrum in stand
                                    houden;</al></li><li nr="o."><al>vervoersvoorziening:</al><lijst><li nr="-"><al>een gehele of gedeeltelijke vergoeding van de door
                                            burgemeester en wethouders noodzakelijk geachte
                                            vervoerskosten van de leerlingen zo nodig voor diens
                                            begeleider of</al></li><li nr="-"><al>de verstrekking van een abonnement of strippenkaart voor
                                            de leerling en zo nodig voor diens begeleider, of:</al></li><li nr="-"><al>aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente
                                            verzorgt of doet verzorgen;</al></li></lijst></li><li nr="p."><al>Permanente commissie leerlingenzorg:</al><al>de commissie als bedoeld in artikel 23e van de Wet op het
                                    primair onderwijs;</al></li><li nr="q."><al>samenwerkingsverband:</al><al>het samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a van de Wet
                                    op het primair onderwijs;</al></li><li nr="r."><al>regionale verwijzingscommissie:</al><al>de commissie als bedoeld in artikel 10 g van de Wet op het
                                    Voortgezet Onderwijs;</al></li><li nr="s."><al>opdc:</al><al>orthopedagogisch en –didactisch centrum als bedoeld in artikel
                                    10 h, derde lid Wet op het Voortgezet Onderwijs;</al></li><li nr="t."><al>ambulante begeleiding:</al><al>de begeleiding door een personeelslid van een school of
                                    instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                                    expertisecentra van leerlingen die zijn geplaatst op een
                                    basisschool of leerlingen die zin geplaatst op een school voor
                                    voortgezet onderwijs en naar het oordeel van het bevoegd gezag
                                    zonder die begeleiding zouden zijn aangewezen op het speciaal
                                    onderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs;</al></li><li nr="u."><al>commissie voor de indicatiestelling:</al><al>de commissie als bedoeld in artikel 28c van de Wet op de
                                    expertisecentra.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Vergoeding van de door de burgemeester en wethouders noodzakelijk
                                te achten vervoerskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ten behoeve van het schoolbezoek kennen burgemeester en wethouders
                                aan de ouders van in de gemeente verblijvende kinderen op aanvraag
                                een vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in
                                deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan ouders aan wie op grond van deze verordening een gedeeltelijke
                                vergoeding van de vervoerskosten toekomt wordt een eigen bijdrage
                                gevraagd als bedoeld in artikel 24 wanneer sprake is van de
                                verstrekking van een abonnement of strippenkaart of van aangepast
                                vervoer dat de gemeente verzorgt of laat verzorgen. Weigering tot of
                                nalatigheid in de betaling van deze bijdrage doet de aanspraak op
                                een vervoersvoorziening vervallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in deze verordening laten de verantwoordelijkheid van
                                de ouders voor het schoolbezoek van hun kinderen onverlet.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                                vergoeding op aanvraag verstrekt aan de leerling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Vergoeding naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergoeding van de vervoerskosten wordt toegekend over de afstand
                                tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor
                                de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder
                                weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich meebrengt
                                en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk
                                instemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als ouders een vergoeding van de vervoerskosten aanvragen voor het
                                bezoeken van een school, die op grotere afstand dan 6 kilometer van
                                de woning is gelegen, terwijl een of meer scholen van dezelfde
                                onderwijssoort dichterbij de woning zijn gelegen, ontstaat alleen
                                aanspraak op een vergoeding als de ouders schriftelijk verklaren dat
                                zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel
                                tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen, die
                                dichterbij de woning zijn gelegen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs
                                uit cluster 4 bezoekt, geldt als dichtstbijzijnde toegankelijke
                                school, de school die door de commissie voor de indicatiestelling is
                                geadviseerd. Dit is van toepassing zolang de leerling zijn
                                woonplaats heeft in het gebied van het regionaal expertisecentrum
                                waaraan voornoemde commissie is verbonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Uitbetaling van de vergoeding</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders bepalen bij de toekenning van een vergoeding
                            de wijze en het tijdstip van de uitbetaling, alsmede de tijdsduur van de
                            vergoeding.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een vergoeding van de vervoerskosten wordt gedaan
                                door indiening bij burgemeester en wethouders van een volledig
                                ingevuld en door de ouders ondertekend formulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag wordt, indien het een aanvraag voor het eerstvolgende
                                schooljaar betreft, voor 1 juni voorafgaand aan dat schooljaar
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als het voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk is,
                                kunnen burgemeester en wethouders de ouders verzoeken aanvullende
                                gegevens te verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders besluiten over de aanvraag binnen acht
                                weken na ontvangst van alle benodigde gegevens.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen het in het vorige lid bedoelde
                                besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Zij delen dit de
                                aanvrager schriftelijk mee.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Als een vervoersvoorziening wordt toegekend wordt deze
                                getroffen:</al><lijst><li nr="a."><al>met ingang van het nieuwe schooljaar als de aanvraag voor 1
                                        juni is ingediend;</al></li><li nr="b."><al>met ingang van de door de ouders verzochte datum als het een
                                        aanvraag tijdens het schooljaar betreft, met dien verstande,
                                        dat de datum waarop de vergoeding wordt toegewezen niet ligt
                                        voor de datum waarop de aanvraag door burgemeester en
                                        wethouders is ontvangen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Doorgeven van wijzigingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouders zijn verplicht wijzigingen die van invloed kunnen zijn op
                                de toegekende vergoeding van de vervoerskosten, onder vermelding van
                                de datum van wijziging, zonder uitstel schriftelijk mee te delen aan
                                burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als sprake is van een wijziging die van invloed is op de toegekende
                                vergoeding, vervalt de vergoeding en kennen burgemeester en
                                wethouders al dan niet opnieuw een vergoeding van de vervoerskosten
                                toe.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid en
                                burgemeester en wethouders een wijziging als bedoeld in het tweede
                                lid vaststellen, waardoor ten onrechte een vergoeding is genoten,
                                vervalt de vergoeding meteen en kennen burgemeester en wethouders al
                                dan niet opnieuw een vergoeding van de vervoerskosten toe.
                                Burgemeester en wethouders delen hun besluit schriftelijk mee aan de
                                ouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een ten onrechte genoten vergoeding kan van de ouders worden
                                teruggevorderd, dan wel worden verrekend bij een eventuele nieuwe
                                toekenning van een vergoeding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor de toekenning van een vergoeding op basis van artikel 12 is
                            bepalend de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar
                            waarop de vergoeding betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Andere vergoedingen</titel></kop><al>Een vergoeding wordt verminderd met de aanspraak op een toelage,
                            voorzover die voor de betreffende leerling betrekking heeft op de
                            reiskosten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>2.</nr><titel>BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE LEERLINGEN VAN SCHOLEN VOOR
                            PRIMAIR ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Vergoeding naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale school
                                voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 kunnen de kosten worden
                            vergoed van het vervoer over de afstand tussen de woning dan wel de
                            opstapplaats en</al><lijst><li nr="a."><al>de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale
                                    school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de
                                    basisschool waarvan de leerling afkomstig is, indien de ouders
                                    met het vervoer naar die speciale school voor basisonderwijs
                                    instemmen, of</al></li><li nr="b."><al>een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a.
                                    bedoelde samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die
                                    school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen
                                    dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs,
                                    bedoeld onder a en de ouders daarmee instemmen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Permanente commissie leerlingenzorg</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders nemen bij de beoordeling van de aanvraag
                                voor leerlingenvervoer de beslissing in acht van de permanente
                                commissie leerlingenzorg over de noodzaak tot plaatsing van de
                                leerling op een speciale school voor basisonderwijs.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders betrekken bij de beoordeling van de
                                aanvraag voor leerlingenvervoer eventuele adviezen van de permanente
                                commissie leerlingenzorg die voor beoordeling van die aanvraag van
                                belang zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een school voor basisonderwijs of een speciale school voor
                                basisonderwijs bezoekt een vergoeding toe op basis van de kosten van
                                het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de
                                dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes
                                kilometer bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kennen burgemeester en wethouders de
                                ouders een vergoeding toe op basis van de kosten van het vervoer per
                                fiets, indien de leerling naar het oordeel van burgemeester en
                                wethouders, al dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het
                                vervoer per fiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Vergoeding van de kosten van vervoer ten behoeve van een
                                begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een in artikel 11 bedoelde vergoeding,
                                vergoeden burgemeester en wethouders ook de kosten voor een
                                begeleider, als de leerling jonger dan negen jaar is en de ouders
                                tegenover burgemeester en wethouders voldoende aantonen dat de
                                leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de
                                fiets gebruik te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt, komen
                                alleen de kosten van het vervoer van één begeleider voor vergoeding
                                in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kennen een vergoeding toe op basis van de
                            kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een
                            school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs
                            bezoekt, als voldaan wordt aan het afstandscriterium van artikel 11
                            en</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school
                                    of terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                    aangepast vervoer tot 50% of minder kan worden teruggebracht,
                                    of:</al></li><li nr="b."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel
                                    van burgemeester en wethouders zonder begeleiding gebruik kan
                                    maken van het vervoer per fiets.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten,
                                kunnen burgemeester en wethouder de ouders toestaan een of meer
                                leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als deze toestemming is verleend, vergoeden burgemeester en
                                wethouders:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        als aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van de
                                        kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in
                                        het vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, als aanspraak
                                        zou bestaan op een vergoeding van de kosten van aangepast
                                        vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als toestemming ingevolge het eerste lid is verleend, vergoeden
                                burgemeester en wethouders aan de ouders die meer dan een leerling
                                tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op
                                basis van een kilometervergoeding voor de auto afgeleid van de
                                Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die daarvoor op grond van deze verordening een vergoeding
                                ontvangen, wordt geen vergoeding verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel vinden, dat
                                de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets, vergoeden
                                burgemeester en wethouders aan ouders een bedrag op basis van een
                                kilometervergoeding voor de fiets, afgeleid van de Reisregeling
                                binnenland.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>3.</nr><titel>BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE LEERLINGEN VAN SCHOLEN VOOR
                            (VOORTGEZET) SPECIAAL ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs, een school voor
                                speciaal voortgezet onderwijs bezoekt, een vergoeding toe op basis
                                van de kosten van het openbaar vervoer, als de afstand van de woning
                                naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes kilometer
                                bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kennen burgemeester en wethouders de
                                ouders een vergoeding toe op basis van de kosten van het vervoer per
                                fiets dan wel bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van
                                burgemeester en wethouders, al dan niet onder begeleiding, gebruik
                                kan maken van het vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan
                                maken van het vervoer per bromfiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Commissie voor de begeleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als burgemeester en wethouders de gevraagde voorziening vooreen
                                leerling op een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs niet of
                                slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de beschikking het
                                advies van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere
                                deskundigen te betrekken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>(vervallen)</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als de Commissie voor de begeleiding binnen vier schoolweken na
                                verzending van de adviesaanvraag geen advies heeft uitgebracht of
                                niet schriftelijk om verlenging van de adviestermijn met ten hoogste
                                twee weken heeft verzocht, nemen burgemeester en wethouders een
                                besluit zonder het advies van de Commissie voor de begeleiding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Vergoeding van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van een
                                begeleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een in artikel 15 bedoelde vergoeding,
                                vergoeden burgemeester en wethouders ook de daarin bedoelde kosten
                                van een begeleider als de ouders tegenover burgemeester en
                                wethouders voldoende aantonen dat de leerling, gelet op zijn
                                geestelijke, zintuiglijke of lichamelijke handicap of leeftijd, niet
                                in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik
                                te maken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij hun
                                beschikking het advies van de Commissie voor de begeleiding of het
                                advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt, komen
                                alleen de kosten van het openbaar vervoer van één begeleider voor
                                vergoeding in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen een vergoeding toe op basis van de
                                kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een
                                school voor (voortgezet) speciaal onderwijs, bezoekt, als voldaan
                                wordt aan het afstandscriterium van artikel 15, en</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling, naar het oordeel van burgemeester en
                                        wethouders, gelet op zijn geestelijke, lichamelijke of
                                        zintuiglijke handicap niet in staat is - ook niet onder
                                        begeleiding - van openbaar vervoer gebruik te maken,
                                        of:</al></li><li nr="b."><al>de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar
                                        school of terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de
                                        reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder wordt
                                        teruggebracht, of:</al></li><li nr="c."><al>openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
                                        oordeel van burgemeester en wethouders al dan niet onder
                                        begeleiding gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan
                                        wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                        bromfiets.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de Commissie voor de begeleiding of het
                                advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten,
                                kunnen burgemeester en wethouders de ouders op aanvraag toestaan een
                                of meerdere leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als deze toestemming is verleend, vergoeden burgemeester en
                                wethouders:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer,
                                        als aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van de
                                        kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in
                                        het vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, als aanspraak
                                        zou bestaan op een vergoeding van de kosten van aangepast
                                        vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als toestemming ingevolge het eerste lid is verleend, vergoeden
                                burgemeester en wethouders aan de ouders die meer dan een leerling
                                tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op
                                basis van een kilometervergoeding voor de auto afgeleid van de
                                Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die daarvoor op grond van deze verordening een vergoeding
                                ontvangen, wordt geen vergoeding verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel vinden, dat
                                de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets of
                                bromfiets, vergoeden burgemeester en wethouders aan ouders een
                                bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de fiets of
                                bromfiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Vergoeding vervoerskosten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen eveneens een vergoeding toe op
                                basis van de kosten van aangepast vervoer aan de ouders van de
                                leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs
                                bezoekt, in het geval de afstand van de woning naar de
                                dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school minder
                                bedraagt dan is bepaald in artikel 15, indien burgemeester en
                                wethouders van oordeel zijn dat de lichamelijke, zintuiglijke of
                                geestelijke handicap van de leerling dat vereist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de Commissie voor de begeleiding of het
                                advies van andere deskundigen te betrekken.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>4.</nr><titel>BEPALINGEN OMTRENT WEEKEINDE- EN VAKANTIEVERVOER EN BIJ VERBLIJF IN
                            EEN LOGEERHUIS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Vergoeding van de kosten van het weekeinde- en vakantievervoer
                                aan de in de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders vergoeden desgewenst de kosten van het
                            weekeinde- en vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders van
                            de leerling die, met het oog op het volgen van voor hem passend
                            (voortgezet) speciaal onderwijs in een internaat of pleeggezin
                            verblijft, volgens het bepaalde in deze Titel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Vergoeding kosten weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vergoeden aan de ouders de kosten van het
                                weekeindevervoer van de leerling voor de, eenmaal per weekeinde
                                gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                                verblijft naar de woning van de ouders en terug, voorzover de
                                weekeinden niet vallen binnen de in het tweede lid bedoelde
                                schoolvakanties.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders vergoeden de kosten van het
                                vakantievervoer van de leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie
                                van twee dagen of meer, gemaakte reis van het internaat of het
                                pleeggezin waar de leerling verblijft naar de woning van de ouders
                                en terug, voorzover de vakantie voorkomt in het schoolplan van de
                                school die de leerling bezoekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing, met
                                uitzondering van artikel 17, tweede lid, artikel 18, eerste lid
                                onder c, artikel 18, tweede lid, en artikel 20.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Vervoersvoorziening bij verblijf in een logeerhuis</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als een leerling in een logeerhuis verblijft en op grond van deze
                                verordening recht heeft op een voorziening voor het vervoer van de
                                woning/opstapplaats naar school vv, ontstaat ook recht op een
                                vervoersvoorziening van het logeerhuis naar school vv.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze vervoervoorziening kan alleen worden getroffen als hierbij
                                deelname mogelijk is aan een bestaande vervoersvoorziening van een
                                andere gemeente.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een verzoek om gebruik te mogen maken van deze voorzieningen moet
                                door de ouders minimaal twee weken van te voren schriftelijk worden
                                ingediend bij burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing, met
                                uitzondering van artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel 18,
                                eerste lid onder b, artikel 18, tweede lid, en artikel 20.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>5.</nr><titel>EIGEN BIJDRAGE EN VERGOEDING NAAR FINANCIËLE DRAAGKRACHT</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of
                                een speciale school voor basisonderwijs of een school voor
                                praktijkonderwijs bezoekt, van wie het gezamenlijk inkomen meer
                                bedraagt dan € 19.900,00 wordt een vergoeding verleend voorzover de
                                kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar
                                vervoer over de in artikel 11 bepaalde afstand te boven gaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval burgemeester en wethouders in plaats van een vergoeding in
                                geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgen dan wel doen
                                verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor
                                basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs of een
                                school voor praktijkonderwijs bezoekt, per schooljaar een eigen
                                bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over
                                de in artikel 11 bepaalde afstand, als het inkomen van de ouders
                                tezamen meer bedraagt dan € 19.900,00.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede
                                lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de
                                zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 27, eerste
                                lid, van de Wet personenvervoer 2000, voor de afstand redelijkerwijs
                                zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer
                                of het daadwerkelijk gebruik ervan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bedrag van € 19.900,00 genoemd in het eerste en tweede lid,
                                wordt met ingang van 1 januari 2003 jaarlijks aangepast aan de
                                wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen
                                werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en
                                rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450.</al><al>Het aangepaste bedrag treedt in de plaats van de in het eerste en
                                tweede lid genoemde bedrag van € 19.900,00.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Financiële draagkracht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                                toegankelijke school voor basisonderwijs of school voor speciaal
                                voortgezet onderwijs meer dan 20 kilometer bedraagt, wordt de
                                vastgestelde vergoeding verminderd met een van de financiële
                                draagkracht van de ouders afhankelijk bedrag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval burgemeester en wethouders in plaats van een vergoeding in
                                geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgen dan wel doen
                                verzorgen, en de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde
                                toegankelijke school voor basisonderwijs of school voor speciaal
                                voortgezet onderwijs meer dan 20 kilometer bedraagt, betalen de
                                ouders een van de financiële draagkracht afhankelijke bijdrage tot
                                ten hoogste het bedrag van de kosten van het vervoer.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de
                                bijdrage als bedoeld in het tweede lid zijn afhankelijk van de
                                hoogte van het belastbaar inkomen van de ouders in de zin van de Wet
                                op de inkomstenbelasting 2001 en bedragen:</al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="398.25pt"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="1.00*"/><thead><row><entry colname="col1"><al>inkomen in euro per 1 januari 2002</al></entry><entry colname="col2"><al>eigen bijdrage in euro per 1 januari 2002</al></entry></row></thead><tbody><row><entry colname="col1"><al>0 – 26.500</al><al>26.500 – 32.000</al><al>32.000 – 37.000</al><al>37.000 – 42.000</al><al>42.000 – 48.000</al><al>48.000 – 53.000</al><al>meer dan 53.000: per 4.500 extra</al></entry><entry colname="col2"><al>Nihil</al><al>95</al><al>400</al><al>750</al><al>1090</al><al>1440</al><al>300 erbij</al></entry></row></tbody></tgroup></table></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang van
                                1 januari 2002 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het
                                indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft
                                ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig
                                afgerond op een veelvoud van € 500.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid, worden
                                met ingang van 1 januari 2002 jaarlijks aangepast aan de wijziging
                                die het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle huishoudens op
                                het onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan ten opzichte van 1
                                januari van het voorafgaande jaar, en rekenkundig afgerond op een
                                veelvoud van € 5.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>6.</nr><titel>BEPALINGEN omtrent het vervoer van gehandicapte leerlingen van
                            scholen voor primair en voortgezet onderwijs</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een basisschool, een speciale school voor basisonderwijs of een
                                school voor voortgezet onderwijs bezoekt en vanwege een
                                lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet
                                zelfstandig van het openbaarvervoer gebruik kan maken, een
                                vergoeding toe op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding. Ten aanzien van een leerling van een speciale school
                                voor basisonderwijs nemen burgemeester en houders artikel 9 in
                                acht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de permanente commissie leerlingenzorg,
                                de ambulante begeleider of het advies van andere deskundigen te
                                betrekken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een begeleider meer dan een leerling tegelijk begeleidt,
                                komen slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van een
                                begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kennen burgemeester en wethouders
                                aan de ouders een vergoeding toe op basis van de kosten van het
                                vervoer per fiets dan wel bromfiets, indien de leerling naar het
                                oordeel van burgemeester en wethouders, al dan niet onder
                                begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan wel
                                zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Vergoeding op basis van kosten van aangepast vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kennen aan de ouders van de leerling die
                                een basisschool, speciale school voor basisonderwijs of een school
                                voor voortgezet onderwijs bezoekt een vergoeding toe op basis van de
                                kosten van aangepast vervoer, indien</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling, naar het oordeel van burgemeester en
                                        wethouders, gelet op zijn lichamelijke, verstandelijke of
                                        zintuiglijke handicap niet in staat is, ook niet onder
                                        begeleiding, van openbaar vervoer gebruik te maken. Ten
                                        aanzien van een leerling van een speciale school voor
                                        basisonderwijs neemt het college artikel 9 in acht. of:</al></li><li nr="b."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 26
                                        en de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar
                                        school en terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de
                                        reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van dc
                                        reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht,
                                        of:</al></li><li nr="c."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 26
                                        en openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het
                                        oordeel van het college al dan niet onder begeleiding
                                        gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan wel
                                        zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per
                                        bromfiets.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als burgemeester en wethouders de in het vorige lid bedoelde
                                aanvraag niet of slechts gedeeltelijk toekennen, dienen zij bij de
                                beschikking het advies van de permanente commissie leerlingenzorg,
                                de ambulante begeleider of het advies van andere deskundigen te
                                betrekken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Vergoeding op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op de vergoeding van de vervoerskosten, kunnen
                                burgmeester en wethouders de ouders op verzoek toestaan een of meer
                                leerlingen zelf te vervoeren of te laten vervoeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als deze toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is
                                verleend, bekostigen burgemeester en wethouders aan de ouders die
                                een leerling zelf vervoeren of laten vervoeren:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer
                                        als aanspraak zou bestaan op een vergoeding van de kosten
                                        van het openbaar vervoer behoudens het bepaald in het vijfde
                                        lid.</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de
                                        auto, afgeleid van de Reisregeling binnenland, als aanspraak
                                        zou bestaan op een vergoeding van de kosten van aangepast
                                        vervoer, behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als toestemming ingevolge het eerste lid is verleend, vergoeden
                                burgemeester en wethouders aan de ouders die meer dan een leerling
                                tegelijk zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op
                                basis van een kilometervergoeding voor de auto afgeleid van de
                                Reisregeling binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                                ouders die daarvoor op grond van deze verordening een vergoeding
                                ontvangen, wordt geen vergoeding verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als aanspraak bestaat op een vergoeding van de vervoerskosten en
                                burgemeester en wethouders desgewenst toestaan, dan wel vinden, dat
                                de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets of
                                bromfiets, vergoeden burgemeester en wethouders aan ouders een
                                bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de fiets of
                                bromfiets, afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>TITEL</label><nr>7.</nr><titel>SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.</nr><titel>Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de
                                regeling niet voorziet</titel></kop><al>In gevallen, de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffende, waarin
                            deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en
                            wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30.</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen ten gunste van
                            de ouders afwijken van de bepalingen in deze verordening, zo nodig na
                            advies te hebben gevraagd aan de permanente commissie leerlingenzorg,
                            commissie voor begeleiding of andere deskundigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening
                            leerlingenvervoer gemeente Dronten”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32.</nr><titel>Overgangsregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor een leerling als bedoeld in titel 6 voor wie in het schooljaar
                                2001 – 2002 krachtens de Wet Rea een vervoersvoorziening werd
                                verstrekt, niet zijnde een voorziening in de vorm van een
                                bruikleenauto of een voorziening deel uitmakend van of samenhangend
                                met een leefvervoervoorziening, blijft, indien de ouders dat wensen,
                                zo nodig in afwijking van artikel 3 aanspraak bestaan op een
                                gelijkwaardige voorziening van en naar school die de leerling in het
                                schooljaar 2001 – 2002 bezocht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de leerling van leerwegondersteunend onderwijs of
                                praktijkonderwijs die in het schooljaar 2001 – 2002 een
                                vervoersvoorziening kreeg naar een school voor speciaal voortgezet
                                onderwijs, leerwegondersteunend onderwijs, praktijkonderwijs of een
                                opdc, blijft aanspraak bestaan op een vervoersvoorziening van en
                                naar de school of opdc die de leerling in het schooljaar 2001 – 2002
                                bezocht, indien de afstand van de woning naar de school meer dan zes
                                kilometer bedraagt. Titel 5 is van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen in titel 6 zijn voor de eerste maal van toepassing in
                                het schooljaar 2002 – 2003. Op het vervoer van leerlingen
                                voorafgaand aan het schooljaar 2002 – 2003 en daarop betrekking
                                hebbende geschillen, blijven de regelingen die voorafgaand aan de
                                inwerkingtreding van deze verordening luiden van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voor de leerling van het ZMOK-onderwijs, die in het schooljaar 2002
                                – 2003 een vervoersvoorziening kreeg naar een school voor
                                ZMOK-onderwijs, blijft aanspraak bestaan op een vervoersvoorziening
                                naar de school die de leerling in het schooljaar 2002 – 2003
                                bezocht, indien de afstand van de wonig naar de school meer dan zes
                                kilometer bedraagt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken
                            van een termijn van zes weken na de datum van uitgifte van het
                            Gemeenteblad waarin zij is geplaatst.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>