<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR411612_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Zeeland</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-07-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Zeeland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2016-4090.html">Provinciaal Blad, 2016, 4090</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0037852">Wet Huis voor Klokkenluiders</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.1:CVDR63830_31">Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0001947">Ambtenarenwet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005537">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-07-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-07-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-03-21</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>16010139</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Personeel</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Intrekking Hamdreiking gedragscode provnciale ambtenaren per 16 juli 2016</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Besluit van gedeputeerde staten van Zeeland d.d. 12 juli 2016, kenmerk 16010139, houdende vaststelling van de Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016, onder gelijktijdige intrekking van de Handreiking gedragscode provinciale ambtenaren. </vet></al><al/><al><cursief>Gedeputeerde staten van Zeeland, </cursief></al><al/><lijst><li nr="•"><al>overwegende dat naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Wet Huis voor Klokkenluiders per 1 juli 2016, aangesloten wordt bij het van CAP naar CAPito-traject waarin de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies (CAP) wordt hertaald;</al></li><li nr="•"><al>dat in verband daarmee de vigerende Handreiking gedragscode provinciale ambtenaren als uitvoeringregeling van de CAP wordt ingetrokken;</al></li><li nr="•"><al>dat de Provincie op grond van de Ambtenarenwet en de CAP onder meer verplicht is integriteitsbeleid en een gedragscode voor provinciale ambtenaren vast te stellen;</al></li><li nr="•"><al>dat dit integriteitsbeleid in de vorm van een gedragscode voor provinciale ambtenaren thans opnieuw wordt vastgesteld als separate decentrale regelgeving ter nadere uitvoering van de verplichtingen uit de Ambtenarenwet en de CAP, met als titel: Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016;</al></li><li nr="•"><al>dat de inhoud van de vigerende Handreiking gedragscode provinciale ambtenaren ongewijzigd blijft, doch in verband met een betere kenbaarheid de citeertitel wijzigt;</al></li><li nr="•"><al>gelet op de Algemene wet bestuursrecht;</al></li></lijst><al/><al>BESLUITEN VAST TE STELLEN</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Artikel</label><nr>I</nr><titel>Gedragscode ambtelijke integriteit Provincie Zeeland 2016</titel></kop></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>1.</nr><titel>Inleiding</titel></kop><structuurtekst><al>De overheid is er voor de burgers. Zij verkeert vaak  in een monopolypositie: de burger die iets wil of juist niet wil, kan  niet om de overheid heen. Dit stelt hoge eisen aan de kwaliteit van de  overheid en van degenen die daarin werkzaam zijn. Integriteit is daarvan  een wezenlijk onderdeel. Als gevolg van allerlei maatschappelijke  ontwikkelingen kan de integriteit onder druk komen te staan. Te noemen  zijn de toenemende complexiteit van de samenleving en van het openbaar  bestuur, de steeds sterkere verstrengeling van het publieke en private  domein, de agressieve lobby vanuit de samenleving en het opleggen van  bedrijfseconomische normen aan het overheidsmanagement.</al><al/><al>Voor het  adequaat functioneren van de overheid zijn gezaghebbende bestuurders  noodzakelijk. Bestuurders die het vertrouwen genieten van de burgers  omdat ze deskundig, gedreven en integer zijn. Dit geldt ook voor de  commissaris van de Koning, de gedeputeerden en de statenleden. De  provincies hebben de nodige inspanningen geleverd om de bestuurlijke  integriteit te versterken. Hetzelfde geldt voor de gemeenten. Het IPO,  de VNG en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties  (BZK) hebben ter stimulering en ondersteuning de provincies en gemeenten  een handreiking voor de bestuurlijke integriteit aangeboden. In die  handreiking wordt voor een aantal onderwerpen aangegeven wat de  integriteitsrisico’s zijn en hoe daarmee kan worden omgegaan. De  handreiking bevat een groot aantal aanbevelingen en als bijlage is een  model voor gedragsregels opgenomen.</al><al/><al>Voor de  provinciale ambtenaren is er op het punt van integriteit het nodige  geregeld in onder meer de Ambtenarenwet en de rechtspositie. De  Ambtenarenwet verplicht de provincies onder meer om een gedragscode voor  hun personeel op te stellen. Sociale partners in het SPA geven hoge  prioriteit aan een verdere versterking van de integriteit en  onderschrijven het belang van de handreiking integriteit voor de  provinciale bestuurders. Hierin staat ook veel dat ook voor provinciale  ambtenaren van belang is.</al><al/><al>De handreiking  richt zich primair op werknemers in provinciale dienst. Vanzelfsprekend  zullen gedragsregels inzake integriteit ook moeten gelden voor hen die  bij de provincie anders dan in dienstverband werkzaam zijn  (uitzendkrachten, gedetacheerden). De provincies moeten ervoor zorgen  dat dit steeds goed is geregeld. Integriteit is echter meer dan  gedragsregels. Integriteit is in de eerste plaats een kwestie van  mentaliteit en bewustwording. Net als de bestuurders moeten ook de  provinciale ambtenaren zich er permanent van bewust zijn dat zij voor de  gemeenschap werken en uit gemeenschapsgeld worden betaald.</al><al/><al>De  handreiking integriteit bestuurders benadrukt daarnaast het grote belang  van een goede organisatie van het integriteitsbeleid en van de  ontwikkeling van integriteitsmanagement. Bij een goed integriteitsbeleid  hoort een organisatieproces dat kwetsbare plekken in de organisatie  opspoort en zoveel mogelijk afdekt. Integriteit is gediend met een  transparante organisatie waarin taken, bevoegdheden en  verantwoordelijkheden helder zijn toegedeeld (waar nodig met  functiescheiding en/of functieroulatie) en die een sluitend systeem van  controle en verantwoording kent. Een goede administratieve organisatie  is daarbij van groot belang. Maatregelen op dit terrein zullen in elke  provincie afzonderlijk moeten worden getroffen en passen bij een eigen  organisatiestructuur en cultuur.</al><al/><al>De  gedragscode voor ambtenaren bevat normen en waarden waaraan de  provinciale organisatie en de daarin werkende ambtenaren zich dienen te  houden. De ambtenaren zijn op de naleving van de gedragscode  aanspreekbaar. De gedragscode bestaat uit drie paragrafen.</al><al/><al>Paragraaf 1  beschrijft een aantal kernbegrippen van integriteit en plaatst daarmee  het vraagstuk in een breder kader. Zij vormen als het ware de algemene  uitganspunten voor de gedragscode.</al><al/><al>Paragraaf 2 bevat de feitelijke gedragsregels, waarbij een aantal thema’s wordt onderscheiden.</al><al/><al>Paragraaf 3  bevat een opsomming van bestaande wettelijke en rechtspositionele  gedragsregels die betrekking hebben op de ambtelijke integriteit. In  samenhang met deze handreiking hebben sociale partners in het SPA ook  afspraken gemaakt over een procedure voor het melden van misstanden  binnen de provinciale organisatie en de bescherming van de ambtenaar die  vermoedens van misstanden volgens die procedure heeft gemeld. Deze  procedure sluit aan op de Wet Huis voor de Klokkenluiders en maakt als  Bijlage 3 integraal onderdeel uit van de CAP.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>2.</nr><titel>Gedragscode ambtelijke integriteit </titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1 Kernbegrippen van ambtelijke integriteit</nr></kop><structuurtekst><al>Provinciale ambtenaren stellen bij hun handelen de  kwaliteit van de provinciale dienstverlening centraal. Integriteit is  daarvoor een belangrijke voorwaarde. De belangen van de provincie, en in  het verlengde daarvan de belangen van de burgers, zijn het primaire  richtsnoer. Ambtelijke integriteit houdt in dat de verantwoordelijkheid  die met de functie samenhangt wordt aanvaard en dat er de bereidheid is  om daarover rekenschap af te leggen. Een aantal kernbegrippen is daarbij  leidend een plaatst de ambtelijke integriteit in een breder  perspectief.</al><lijst><li nr="•"><al><vet>  Dienstbaarheid               </vet></al><al>Het  handelen van een ambtenaar is altijd volledig gericht op het belang van  de provincie en op de organisaties en burgers die daar onderdeel vanuit  maken;</al></li><li nr="•"><al><vet>                  P</vet><vet>rofessionaliteit               </vet></al><al>Ambtenaren  zijn vakmensen op hun terrein. Zij beschikken over de juiste kennis en  vaardigheden en weten met nieuwe situaties om te gaan. Zij houden hun  vak bij en nemen waar nodig initiatief;</al></li><li nr="•"><al><vet>  Onafhankelijkheid               </vet></al><al>Het  handelen van een ambtenaar wordt gekenmerkt door onpartijdigheid, dat  wil zeggen dat geen vermenging optreedt met oneigenlijke belangen en dat  ook iedere schijn van een dergelijke vermenging wordt vermeden;</al></li><li nr="•"><al><vet>  Verantwoordelijkheid               </vet></al><al>De  ambtenaar krijgt en neemt de verantwoordelijkheid die bij zijn functie  past en is bereid daarover verantwoording af te leggen aan collega’s,  leidinggevenden, provinciebestuur en de burger;</al></li><li nr="•"><al><vet>  Betrouwbaarheid      </vet></al><al>Op  een ambtenaar moet men kunnen rekenen. Die houdt zich aan zijn  afspraken. Kennis en informatie waarover hij uit hoofde van zijn functie  beschikt, wendt hij aan voor het doel waarvoor die zijn gegeven;</al></li><li nr="•"><al><vet>  Zorgvuldigheid               </vet></al><al>Het  handelen van een ambtenaar is zodanig dat alle organisaties en burgers  op gelijke wijze en met respect worden bejegend en dat belangen van  partijen op correcte wijze worden afgewogen.</al></li></lijst><al>Deze  kernbegrippen zijn de toetssteen voor de hierna volgende  gedragsafspraken. Gedragingen moeten aan deze kernbegrippen kunnen  worden getoetst.</al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Gedragsregels ambtelijke integriteit</titel></kop><artikel><kop><label/><nr>1.</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.1.</lidnr><al>De gedragscode is openbaar.</al></lid><lid><lidnr>1.2.</lidnr><al> De ambtenaar ontvangt bij indiensttreding een exemplaar van de gedragscode.</al></lid><lid><lidnr>1.3.</lidnr><al> In gevallen waarin de gedragscode niet voorziet of waarbij toepassing niet eenduidig is, beslissen gedeputeerde staten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label/><nr>2.</nr><titel>Aannemen van geschenken en giften</titel></kop><lid><lidnr>2.1.</lidnr><al>  Geschenken en giften worden nooit aangenomen in ruil voor een tegenprestatie.</al></lid><lid><lidnr>2.2.</lidnr><al> Geschenken en giften die een ambtenaar uit hoofde van zijn functie  ontvangt, worden gemeld en geregistreerd en zijn eigendom van de  provincie. Er wordt een provinciale bestemming voor gezocht.</al></lid><lid><lidnr>2.3.</lidnr><al> Geschenken  en giften die een waarde vertegenwoordigen van minder dan € 50, kan de  ambtenaar in afwijking van punt 2.2 behouden. Zij worden wel gemeld.</al></lid><lid><lidnr>2.4.</lidnr><al> Geschenken  en giften – van welke waarde dan ook – worden niet op het huisadres  ontvangen. Indien dit toch is gebeurd wordt dit aan de leidinggevende  gemeld en wordt een beslissing genomen over de bestemming van het  geschenk of de gift.</al></lid><lid><lidnr>2.5.</lidnr><al> Geschenken en giften worden niet geaccepteerd zolang overleg- en onderhandelingssituaties gaande zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label/><nr>3.</nr><titel>Excursies, werkbezoeken, studiereizen, congressen en evenementen</titel></kop><lid><lidnr>3.1.</lidnr><al>Excursies,  werkbezoeken, studiereizen en congressen moeten functioneel zijn en in  het belang van de provincie. Voor evenementen zal dat niet steeds een  voorwaarde kunnen zijn. Hier geldt als regel dat meerdere personen of  instanties moeten zijn uitgenodigd zodat de openheid gegarandeerd wordt</al></lid><lid><lidnr>3.2.</lidnr><al>Uitnodigingen worden nooit aanvaard in ruil voor een tegenprestatie.</al></lid><lid><lidnr>3.3.</lidnr><al>Er moet vooraf toestemming zijn verleend.</al></lid><lid><lidnr>3.4.</lidnr><al>De uitnodiging moet binnen de grenzen van de redelijkheid liggen.</al></lid><lid><lidnr>3.5.</lidnr><al>De provincie betaalt in ieder geval de reis- en verblijfkosten.</al></lid><lid><lidnr>3.6.</lidnr><al>Uitnodigingen worden vermeden zolang overleg- en onderhandelingssituaties gaande zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label/><nr>4.</nr><titel>Lunches, diners en recepties</titel></kop><lid><lidnr>4.1.</lidnr><al> Lunches, diners en receptie moeten functioneel zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.2.</lidnr><al> Uitnodigingen worden nooit aanvaard in ruil voor een tegenprestatie.</al></lid><lid><lidnr>4.3.</lidnr><al> Uitnodigingen worden gemeld, zo mogelijk vooraf.</al></lid><lid><lidnr>4.4.</lidnr><al> Bij lunches en diners moet waar mogelijk sprake zijn van wederkerigheid (bijvoorbeeld om de beurt betalen.</al></lid><lid><lidnr>4.5.</lidnr><al> Uitnodigingen worden vermeden zolang overleg- en onderhandelingssituaties gaande zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label/><nr>5.</nr><titel>Verrichten van incidentele diensten voor derden in werktijd (houden van presentatie of lezing e.d.)</titel></kop><lid><lidnr>5.1.</lidnr><al>Verzoeken aan ambtenaren om incidenteel in werktijd diensten voor derden te verrichten worden vooraf ter goedkeuring voorgelegd.</al></lid><lid><lidnr>5.2.</lidnr><al>Vergoedingen  als blijk van waardering in de vorm van cadeaubonnen, flessen wijn  e.d., voor zoveel de waarde daarvan niet meer is dan € 50, mogen worden  behouden.</al></lid><lid><lidnr>5.3.</lidnr><al>Vergoedingen en geldbedragen komen ten goede van de provincie voor </al></lid></artikel><artikel><kop><label/><nr>6.</nr><titel>Draaideurconstructies</titel></kop><al>Ambtenaren kunnen, anders dan bij hoge uitzondering, niet woorden  ingehuurd om tegelijkertijd als externe voor de provincie werkzaamheden  te verrichten. Voormalige provinciale ambtenaren worden niet binnen twee  jaar na ontslag ingehuurd voor het verrichten van provinciale  werkzaamheden.</al><al/></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Bestaande wettelijke en rechtspositionele gedragsregels inzake integriteit</titel></kop><structuurtekst><al>Ambtenaren kunnen, anders dan bij hoge uitzondering,  niet woorden ingehuurd om tegelijkertijd als externe voor de provincie  werkzaamheden te verrichten. Voormalige provinciale ambtenaren worden  niet binnen twee jaar na ontslag ingehuurd voor het verrichten van  provinciale werkzaamheden.</al><al>Paragraaf 3 Bestaande wettelijke en rechtspositionele gedragsregels inzake integriteit</al><al>Een groot  aantal gedragsregels die van belang zijn in verband met de integriteit  van de provinciale ambtenaar is neergelegd in wettelijke en  rechtspositionele voorschriften.</al><al/><al><cursief><vet>    Wetboek van Strafrecht                         </vet></cursief></al><lijst><li nr="•"><al> verduistering (artikel 359);</al></li><li nr="•"><al> vervalsing (artikel 360);</al></li><li nr="•"><al> verduistering, beschadiging, vernieling van akten, bewijsmateriaal, bescheiden e.d. (artikel 361);</al></li><li nr="•"><al>fraude en corruptie (artikelen 362 en 363).</al></li></lijst><al/><al><cursief><vet>                    Wetboek van Strafvordering                        </vet></cursief></al><al>Verder kan worden genoemd de verplichting voor de ambtenaar om aangifte te doen van misdrijven (artikel 162)</al><al>            </al><al><cursief><vet>       Ambtenarenwet                        </vet></cursief></al><al>In de Ambtenarenwet zijn diverse zaken ten aanzien van de integriteit geregeld:</al><lijst><li nr="1."><al>De  Ambtenarenwet bevat de algemene verplichting voor provincies en hun  medewerkers om zich te gedragen als een goed werkgever,  onderscheidenlijk een goed ambtenaar;</al></li><li nr="2."><al> De provincies moeten daarnaast;</al><lijst><li nr="-"><al>  een integriteitsbeleid voeren dat is ingebed in het personeelsbeleid,  o.a. via functioneringsgesprekken, werkoverleg, scholing en vorming;</al></li><li nr="-"><al> een gedragscode integriteit opstellen;</al></li><li nr="-"><al>  het (jaarlijks) afleggen van verantwoording aan provinciale staten over  het gevoerde integriteitsbeleid en over de gedragscode regelen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De provincies moeten ook:</al><lijst><li nr="-"><al> de verplichte eed of belofte voor ambtenaren bij hun aanstelling regelen; en</al></li><li nr="-"><al>voorschriften vaststellen over verbod, melding, registratie en  openbaarmaking van nevenwerkzaamheden van hun ambtenaren, alsmede over  verbod van financiële belangenverstrengeling en over melding van hun  financiële belangen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Verder  verplicht de Ambtenarenwet provincies om een procedure vast te stellen  voor de melding van vermoedens van misstanden in de organisatie en biedt  de Ambtenarenwet de “klokkenluider” rechtsbescherming.</al></li><li nr="5."><al>Tenslotte  is in de Ambtenarenwet geregeld dat de ambtenaar verplicht is tot  geheimhouding van hetgeen hem in verband met zijn functie ter kennis is  gekomen, voor zover die verplichting uit de aard der zaak volgt.</al></li></lijst><al>            </al><al><cursief><vet>Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies (CAP)                        </vet></cursief></al><al>In meer  algemene zin is geregeld dat de provincie en de ambtenaren verplicht  zijn zich als een goed werkgever en een goed ambtenaar te gedragen, dat  de ambtenaar verplicht is zich te gedragen naar de maatregelen van orde  en dat de ambtenaar disciplinair kan worden gestraft als hij opgelegde  verplichtingen niet nakomt of zich overigens aan plichtsverzuim schuldig  maakt.</al><al>            </al><al>Daarnaast is  in de CAP, onder meer ter uitvoering van de verplichtingen in de  Ambtenarenwet, een aantal specifieke gedragsregels opgenomen. Die hebben  betrekking op:</al><lijst><li nr="•"><al>de melding, registratie en openbaarmaking van nevenwerkzaamheden;</al></li><li nr="•"><al> het verbod om bepaalde nevenwerkzaamheden te verrichten;</al></li><li nr="•"><al>de verplichting om inkomsten uit q.q.-nevenfuncties in de provinciale kas te storten;</al></li><li nr="•"><al>het verbod om deel te nemen aan aannemingen of leveringen ten behoeve van de provincie;</al></li><li nr="•"><al>het verbod tot verzoeken of aannemen van steekpenningen of andere vormen van bevoordeling;</al></li><li nr="•"><al>het verbod ten eigen bate of ten bate van derden diensten te laten verrichten door provinciale ambtenaren;</al></li><li nr="•"><al>provinciale eigendommen te gebruiken of gebruik te maken van kennis uit hoofde van zijn functie;</al></li><li nr="•"><al>de verplichting voor de ambtenaar om bij aanstelling de eed of belofte af te leggen;</al></li><li nr="•"><al>de melding en registratie van financiële belangen; en</al></li><li nr="•"><al>het verbod van financiële belangenverstrengeling.</al></li></lijst><al>De hierboven  genoemde verboden hebben overigens niet steeds een absoluut karakter.  Om te voldoen aan de wettelijke verplichting uit de Wet Huis voor  Klokkenluiders, is in de CAP in een bijlage een regeling opgenomen voor  het melden van vermoeden van een misstand.</al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>II</nr><titel/></kop><structuurtekst><al>De Uitvoeringsregelingen van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies worden als volgt gewijzigd:</al><al>De Handreiking gedragscode provinciale ambtenaren wordt ingetrokken.</al><al/></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label/><nr>III</nr><titel/></kop><structuurtekst><al>Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum  van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het is geplaatst.</al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van gedeputeerde staten van 12 juli 2016.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>Drs. J.M.M. Polman, voorzitter</ondertekening><ondertekening>A.W. Smit, secretaris</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Uitgegeven 15 juli 2016</ondertekening><ondertekening>De secretaris, A.W. Smit</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>