<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR410944_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Roerdalen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Roerdalen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 93582</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Besluit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Venlo 2015</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-04-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-07-13</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2016-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>C.3</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Beschermd wonen en opvang</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Besluit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roerdalen;</al><al>gelezen het voorstel van 29 maart 2016,</al><al>gelet op de artikelen 3, vierde lid, 4, zesde lid, 5, vierde lid, 6, 8,
                        vijfde lid, 9, derde lid, 10, vijfde lid, 11, vijfde lid, 12, 13, tweede
                        lid, 14, 15, tweede lid en 18 van de Verordening jeugdhulp en
                        maatschappelijke ondersteuning Venlo 2015;</al><al>overwegende dat:</al><al/><lijst><li nr="-"><al>ter uitvoering van de Verordening nadere regels met betrekking tot
                                beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang dienen te
                                worden vastgesteld;</al></li><li nr="-"><al>deze nadere regels duidelijkheid moeten bieden aan inwoners en
                                professionals bij de beoordeling van de benodigde hulp en
                                ondersteuning om te komen tot een arrangement aan oplossingen;</al></li><li nr="-"><al>de gemeenten van Noord- en Midden Limburg (Beesel, Bergen,
                                Echt-Susteren, Horst aan de Maas,</al></li></lijst><al>Leudal, Maasgouw, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Venlo,
                        Venray en Weert<sup>1</sup>) aan de gemeente Venlo mandaat verlenen om de
                        verantwoordelijkheden ten aanzien van Beschermd Wonen, Maatschappelijke
                        Opvang en Vrouwenopvang uit te voeren voor deze gemeenten;</al><lijst><li nr="-"><al>dit besluit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en
                                Vrouwenopvang 2016 is afgestemd met de gemeenten uit de regio Noord-
                                en Midden-Limburg. Dit besluit is het afgesproken kader waarbinnen
                                de centrumgemeente Venlo de bevoegdheid tot het beoordelen en
                                toekennen van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang voor deze
                                gemeenten dient uit te voeren;</al></li><li nr="-"><al>het Zorg- en Veiligheidshuis Limburg Noord (ZVH) de toegang tot het
                                Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang verzorgt;</al></li></lijst><al>besluit vast te stellen het Besluit Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang
                        en Vrouwenopvang 2016.</al><al/><al>1.De gemeenten Gennep en Mook &amp; Middelaar zijn voor deze regionale taak
                        aangelsoten bij gemeente Nijmegen.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><structuurtekst><al/><al><vet>Hoofdstuk1- Algemene bepalingen</vet></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                            onder:</al><lijst><li nr="-"><al>Aanbieder: de organisatie of persoon die hulp of ondersteuning
                                    levert in de vorm van een algemene voorziening of een
                                    maatwerkvoorziening, zoals bedoeld in artikel 1.1.1 Wet
                                    maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015);</al></li><li nr="-"><al>Adviseur: deskundige aan wie specialistisch advies kan worden
                                    gevraagd, bijvoorbeeld een huisarts, (medisch) specialist,
                                    ergotherapeut of bouwkundig adviseur;</al></li><li nr="-"><al>Beschermd Wonen (BW):</al></li></lijst><al>∘ wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorend
                            toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid
                            en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren,
                            stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van
                            verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar
                            voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of
                            psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te
                            handhaven in de samenleving, en;</al><al>∘ wonen in een therapeutische leefomgeving, waarbij planbare en niet
                            planbare zorg, begeleiding en toezicht 24 uur per dag aanwezig of
                            oproepbaar is;</al><lijst><li nr="-"><al>Bijstandsnorm: de van toepassing zijnde normen, inclusief
                                    gemeentelijke toeslagen c.q. verlagingen en inclusief
                                    vakantietoeslag, e.e.a. als bedoeld in hoofdstuk 3 van de
                                    Participatiewet; <vet>1</vet></al></li><li nr="-"><al>College: het college van de gemeente Venlo;</al></li><li nr="-"><al>Keukentafelgesprek: gesprek zoals bedoeld in artikel 3, lid 1,
                                    van de Verordening dat bij voorkeur bij de cliënt thuis
                                    plaatsvindt en tot doel heeft om naar aanleiding van een
                                    ondersteuningsvraag de persoonlijke situatie van de cliënt in
                                    kaart te brengen; - Kleinschalig wooninitiatief: een
                                    woonsituatie waarbij:</al><lijst><li nr="•"><al>minimaal 3 en maximaal 26 bewoners een persoonsgebonden
                                            budget ontvangen voor ten minste de functies
                                            persoonlijke verzorging en begeleiding individueel,
                                            en;</al></li><li nr="•"><al>de bewoners verblijven op één woonadres als bedoeld in
                                            artikel 1 van de Wet gemeentelijke basisadministratie
                                            persoonsgegevens, of op meerdere woonadressen binnen een
                                            straal van 100 meter, waarin ten minste één
                                            gemeenschappelijke verblijfsruimte aanwezig is die
                                            geschikt is voor het ontplooien van gezamenlijke
                                            activiteiten;</al></li></lijst></li><li nr="-"><al>Maatschappelijke Opvang (MO) en Vrouwenopvang (VO):
                                    voorzieningen zoals omschreven in de Wmo 2015, artikel 1.1.1
                                    onder opvang;</al></li><li nr="-"><al>Norm persoonlijke uitgaven: de van toepassing zijnde normen
                                    ingevolge artikel 23 lid 1 van de WWB bij verblijf in een
                                    inrichting (zak- en kleedgeld, artikel 23 lid 1 van de
                                    Participatiewet) vermeerderd met de netto kosten zorgverzekering
                                    (premie minus zorgtoeslag cf. artikel 23 lid 2 van de
                                    Participatiewet);</al></li><li nr="-"><al>Verordening: Verordening jeugdhulp en maatschappelijke
                                    ondersteuning Venlo 2015;</al></li><li nr="-"><al>Voltijdsopvang: een tijdelijk verblijf gedurende een volledig
                                    etmaal of langer, voor mensen die dakloos of thuisloos zijn,
                                    inclusief kortdurende crisisopvang en vrouwenopvang, en welke
                                    voorziening onderdak, slaapgelegenheid, begeleiding op diverse
                                    aspecten en eventueel voeding omvat;</al></li><li nr="-"><al>Zorg- en Veiligheidshuis Limburg-Noord (ZVH): vormt de toegang
                                    tot de maatschappelijke opvang, vrouwenopvang en beschermd
                                    wonen. Het ZVH is organisatorisch gepositioneerd binnen de
                                    afdeling Samen Leven en Werken van de gemeente Venlo.</al></li></lijst><al>Alle begrippen die in dit besluit worden gebruikt en die niet nader
                            worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wmo 2015 (in het
                            bijzonder artikel 1.1.1), het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 (in het
                            bijzonder artikel 1.1) en de Verordening (in het bijzonder artikel
                            1).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.2</nr><titel>Toegang</titel></kop><al>1.2.1 Een cliënt of zijn vertegenwoordiger doet een melding bij het
                            ZVH.</al><al>1.2.2 Wanneer er door de cliënt of zijn vertegenwoordiger melding voor
                            een ondersteuningsvraag wordt ingediend, zoals bedoeld in artikel 2, lid
                            1 van de Verordening, wordt deze in behandeling genomen door het
                            ZVH.</al><al>1.2.3 Het ZVH beoordeelt er sprake is van een ondersteuningsvraag voor
                            een maatwerkvoorziening BW/MO/VO . Het ZVH stelt vast of een cliënt
                            behoort tot de doelgroep die gebruik mag maken van de
                            maatwerkvoorziening BW.</al><lijst><li nr="a."><al>Indien een cliënt niet behoort tot de doelgroep die in
                                    aanmerking komt voor BW/MO/VO, wordt deze doorverwezen naar de
                                    herkomst-gemeente dan wel naar een andere voorliggende
                                    voorziening.</al></li><li nr="b."><al>Indien de cliënt daarmee instemt, draagt het ZVH de reeds
                                    bekende informatie over de cliënt over aan de organisatie
                                    waarnaar wordt doorverwezen.</al></li><li nr="c."><al>Indien sprake is van een ondersteuningsvraag maatwerkvoorziening
                                    BW/MO/VO, neemt het ZVH de melding in behandeling.</al></li></lijst><al>1.2.4 In spoedeisende gevallen:</al><al>a.wordt een melding voor BW/MO/VO gezien als een aanvraag en organiseert
                            het college in overleg met aanbieders onverwijld de inzet van een
                            tijdelijke (maatwerk-)voorziening voor BW/MO/VO, in afwachting van de
                            uitkomst van het onderzoek en op grond van artikel 2.3.3</al><al>Wmo 2015,</al><lijst><li nr="b."><al>neemt het ZVH binnen vijf werkdagen na de inzet van een
                                    tijdelijke maatwerkvoorziening zoals bedoeld onder a. contact op
                                    met de aanbieder om afspraken te maken over de
                                    vervolgprocedure.</al></li><li nr="c."><al>wordt aan de aanbieder gevraagd om voor zover mogelijk de in het
                                    behandelplan of plan van aanpak afgesproken resultaten te
                                    betrekken bij het onderzoek.</al></li><li nr="d."><al>wordt de tijdelijke (maatwerk-)voorziening, zoals bedoeld onder
                                    a. ingezet voor de duur van het onderzoek, zoals bedoeld in
                                    artikel 1.3, en geldt voor maximaal 6 weken.</al></li></lijst><al><vet>.</vet></al><al><vet>.</vet></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3</nr><titel>Onderzoek</titel></kop><al>1.3.1 Wanneer het ZVH de melding in behandeling heeft genomen, start het
                            ZVH een onderzoek naar de cliënt om zijn situatie in beeld te
                            brengen.</al><al>1.3.2 In het onderzoek wordt de situatie van cliënt en eventueel zijn
                            gezin en mantelzorger(s) in kaart gebracht door een toets op elf
                            leefdomeinen (opvoeden, regie, mobiliteit, Algemene, dagelijkse
                            levensverrichtingen/ huishouden, wonen, mentale gezondheid, fysieke
                            gezondheid, sociale participatie, werk/ opleiding en financiën).</al><al>1.3.3 Het keukentafelgesprek maakt onderdeel uit van het onderzoek en
                            vindt plaats binnen 2 weken na de melding van de cliënt (of zijn
                            vertegenwoordiger). In overleg met de cliënt (of zijn vertegenwoordiger)
                            kan van deze termijn afgeweken worden.</al><lijst><li nr="a."><al>Tijdens het keukentafelgesprek worden alle voor het onderzoek
                                    van belang zijnde aspecten overonder andere de mogelijkheden, de
                                    persoonlijke situatie en leefomgeving van de cliënt, zijn gezin
                                    en/of mantelzorger besproken, zoals bedoeld in artikel 2.3.2 lid
                                    4 Wmo 2015, om te komen tot een afweging voor de noodzaak,
                                    omvang en duur van de ondersteuning.</al></li><li nr="b."><al>De medewerker van het ZVH legitimeert zich bij aanvang van het
                                    keukentafelgesprek met de cliënt(en de eventuele
                                    vertegenwoordiger).</al></li><li nr="c."><al>De cliënt (en eventuele vertegenwoordiger) wordt geïnformeerd
                                    over de toestemmingsverklaringvoor het uitwisselen van gegevens
                                    en wordt verzocht deze te ondertekenen.</al></li></lijst><al>1.3.4 Indien blijkt dat nader (medisch) advies nodig is, schakelt het
                            ZVH een adviseur in, nadat de cliënt (en eventuele vertegenwoordiger) is
                            geïnformeerd welk advies aan welke deskundige wordt gevraagd om tot een
                            beoordeling van de ondersteuningsbehoefte te komen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.4</nr><titel>Leefzorgplan</titel></kop><al>1.4.1 Het resultaat van het onderzoek en gesprek wordt vastgelegd in een
                            Leefzorgplan.</al><lijst><li nr="a."><al>Het ZVH maakt dit Leefzorgplan binnen 6 weken na de datum van de
                                    melding bekend aan de cliënt,of indien van toepassing aan zijn
                                    vertegenwoordiger, en vraagt om ondertekening voor een akkoord
                                    of een ondertekening voor gezien en niet akkoord. Dit kan
                                    eventueel per e-mail.</al></li><li nr="b."><al>Indien tijdens het onderzoek blijkt dat de cliënt (en eventueel
                                    zijn vertegenwoordiger) het niet eensis met de (voorlopige)
                                    uitkomst van het onderzoek, of dat er onduidelijkheid is over de
                                    gemaakte afspraken, vindt er overleg plaats tussen de cliënt en
                                    het ZVH.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.5</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><al>1.5.1 Een aanvraag BW/MO/VO wordt bij het college ingediend via het bij
                            dit Leefzorgplan gevoegde aanvraaggedeelte voor een
                            maatwerkvoorziening.</al><al>1.5.2 Ook indien een cliënt op basis van het onderzoek en het
                            Leefzorgplan niet in aanmerking zou komen voor een maatwerkvoorziening,
                            is aan de cliënt (of zijn vertegenwoordiger) het recht voorbehouden om
                            alsnog een aanvraag voor een maatwerkvoorziening BW/MO/VO in te
                            dienen.</al><al>1.5.3 De aanvraag dient in alle gevallen te worden ondertekend door de
                            cliënt, of indien van toepassing, diens vertegenwoordiger.</al><al>1.5.4 De dag waarop de in lid 1.5.1 genoemde aanvraag is ontvangen door
                            het college geldt als aanvraagdatum.</al><al>1.5.5 Indien een aanvraag later dan vier weken nadat het Leefzorgplan
                            bekend is gemaakt, zoals bedoeld in artikel 1.4.1 van dit besluit,
                            ondertekend wordt geretourneerd aan het college, dan is aan het college
                            het recht voorbehouden om, indien het aannemelijk is dat er sprake is of
                            kan zijn van nieuwe feiten en/of gewijzigde omstandigheden, een nieuw
                            onderzoek te laten starten</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.6</nr><titel>Beschikking</titel></kop><al>1.6.1 Het college besluit en is verantwoordelijk voor het toekennen en
                            beschikbaar stellen van de maatwerkvoorziening BW/MO/VO aan de
                            cliënt.</al><al>1.6.2 De beschikking voor een maatwerkvoorziening BW geldt voor maximaal
                            2 jaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.7</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><al>1.7.1 Een cliënt (of zijn vertegenwoordiger) stelt het ZVH uit eigen
                            beweging of na en verzoek van het ZVH, zo spoedig mogelijk op de hoogte
                            van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk
                            moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een
                            beslissing, zoals bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de Wmo 2015</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Maatwerkvoorziening BW</titel></kop><structuurtekst><al><vet>.</vet></al><al><vet>.</vet></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Criteria voor de toekenning van een maatwerkvoorziening
                                BW</titel></kop><al>2.1.1 Een cliënt kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening BW
                            als:</al><lijst><li nr="a."><al>de cliënt 18 jaar of ouder is en zich niet zelfstandig kan
                                    handhaven in de samenleving en dit niet opte lossen is met eigen
                                    kracht, mantelzorg, een algemene voorziening of een algemeen
                                    gebruikelijke voorziening, en;</al></li><li nr="b."><al>een ter zake kundige professional de psychiatrische of
                                    psychische aandoening of beperking heeftvastgesteld
                                    (bijvoorbeeld een arts, psychiater, GZ psycholoog, of
                                    verpleegkundig specialist), en;</al></li><li nr="c."><al>(intramurale) behandeling voor de psychiatrische of psychische
                                    aandoening of beperking is afgerondof niet (meer) op de
                                    voorgrond staat, en;</al></li><li nr="d."><al>er niet sprake is van een acute situatie in de geestelijke
                                    gezondheid of op andere leefdomeinen, en;</al></li><li nr="e."><al>de cliënt voor zijn eigen veiligheid en die van zijn omgeving 24
                                    uur per dag zorg, begeleiding en/ oftoezicht nodig heeft. Deze
                                    zorg, begeleiding en toezicht zijn intensief en onplanbaar. Deze
                                    zorg, begeleiding en toezicht zijn aanwezig of oproepbaar.</al></li><li nr="f."><al>een maatwerkvoorziening Beschermd Wonen wordt toegekend wanneer
                                    een of beide volgende criteriavan toepassing zijn.</al><lijst><li nr="•"><al>Aanwezigheid van een aantoonbaar positief sociaal
                                            netwerk (familie en vrienden). Ten minste 1 fami-lielid
                                            of vriend heeft zijn woonplaats in Noord- en Midden
                                            Limburg, zoals blijkt uit Basisregistraties</al></li></lijst></li></lijst><al>Personengegevens (BRP) en bevestigt zijn relatie met de cliënt;</al><lijst><li nr="•"><al>De cliënt heeft in de voorgaande periode zijn hoofdverblijf in
                                    de regio Noord- en Midden Limburggehad, zoals blijkt uit de
                                    BRP.</al></li><li nr="•"><al>Aantoonbare bekendheid bij instellingen of ziekenhuizen. Dit
                                    blijkt uit een bevestiging door de betref-fende instellingen of
                                    ziekenhuizen.</al></li><li nr="•"><al>Er is een gegronde reden om tegemoet te komen aan de wens van de
                                    cliënt om in een bepaalde ge-meente in de regio Noord- en Midden
                                    Limburg te willen wonen.</al></li></lijst><al>2.1.2 Een besluit tot toekenning van een maatwerkvoorziening BW kan,
                            naast de relevante bepalingen in de Wmo 2015 en de Verordening, worden
                            geweigerd, herzien of ingetrokken indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de cliënt niet langer meewerkt aan het goed functioneren van de
                                    maatwerkvoorziening BW, of</al></li><li nr="b."><al>de cliënt niet langer meewerkt aan het komen tot de in het
                                    Leefzorgplan vastgelegde resultaten.</al></li></lijst><al>2.1.3 De cliënt, die in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening BW,
                            ontvangt deze ondersteuning zoveel mogelijk in de gemeente waar hij de
                            meeste kans heeft op herstel en toename van zelfredzaamheid en
                            participatie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Overdracht van cliënten tussen verschillende
                                centrumgemeenten</titel></kop><al>2.2.1 Wanneer een cliënt in een gemeente wil wonen buiten zijn huidige
                            regio, moet hij zich wenden tot de toegang tot de maatwerkvoorziening BW
                            in de betreffende gemeente.</al><al>2.2.2 Wanneer een cliënt van buiten de regio Noord- en Midden Limburg
                            zich tot het ZVH wendt met een melding voor een maatwerkvoorziening BW
                            binnen de regio Noord- en Midden Limburg, zal het ZVH de melding in
                            behandeling nemen zoals beschreven onder artikel 1.1.</al><al>2.2.3 De cliënt moet, eventueel met hulp van een vertegenwoordiger,
                            begeleider of cliëntondersteuner zijn wens tot verhuizing motiveren.
                            Zonder deze motivatie zal het ZVH de melding niet onderzoeken en in
                            behandeling nemen.</al><al>2.2.4 Indien een cliënt of zijn vertegenwoordiger, die een toekenning
                            voor een maatwerkvoorziening heeft, een (voornemen tot) verhuizing naar
                            een andere gemeente mededeelt aan het ZVH, dan neemt het ZVH na overleg
                            met de cliënt of zijn vertegenwoordiger contact op met de gemeente van
                            nieuwe vestiging om een goede overdracht te organiseren.</al><al>2.2.5 Indien een cliënt of zijn vertegenwoordiger, die in een andere
                            gemeente een toekenning voor een maatwerkvoorziening heeft ontvangen,
                            een (voornemen tot) verhuizing naar de gemeente Roerdalen mededeelt aan
                            het ZVH, dan neemt het ZVH na overleg met de cliënt of zijn
                            vertegenwoordiger contact op met de gemeente van herkomst om een goede
                            overdracht te organiseren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr><titel>Maatwerkvoorziening BW</titel></kop><al>2.3.1 Wanneer een cliënt een maatwerkvoorziening BW toegekend krijgt,
                            kan dat bij een gecontracteerde aanbieder BW ingezet worden in de vorm
                            van Zorg in Natura (ZIN).</al><al>2.3.2 De zorg, zoals beschreven in de beschikking moet binnen 3 maanden
                            na de datum op de beschikking afgenomen worden. Indien een cliënt zich
                            later meldt bij de aanbieder, kan het college een nieuw onderzoek
                            instellen.</al><al>2.3.3 Indien de cliënt de beschikte maatwerkvoorziening wil ontvangen
                            via een persoonsgebonden budget (PGB ), dan geldt als aanvullende
                            voorwaarde dat de cliënt en eventueel zijn vertegenwoordiger een plan
                            moet opstellen. Dit plan, zoals bedoeld in artikel 8, lid 2 van de
                            Verordening dient een motivering te bevatten:</al><lijst><li nr="a."><al>op welke wijze een PGB leidt tot het bereiken van de voor cliënt
                                    gewenste doelen en resultaten,</al></li><li nr="b."><al>welke vorm van ondersteuning hierbij passend is,</al></li><li nr="c."><al>op welke wijze het budget besteed gaat worden,</al></li><li nr="d."><al>hoe de cliënt, op eigen kracht of met zijn vertegenwoordiger, de
                                    bij een PGB behorende taken en verplichtingen uit kan voeren
                                    zoals bedoeld in artikel 2.3.6, lid 2 onder a Wmo 2015.</al></li></lijst><al>2.3.4 Het ZVH beoordeelt of het plan zoals bedoeld in lid 2.3.3 leidt
                            tot het behalen van de doelen uit het Leefzorgplan van de cliënt.</al><al>2.3.5 Bij de beoordeling van de kwaliteit van een maatwerkvoorziening in
                            de vorm van een PGB, wordt uitgegaan van wettelijke kwaliteitseisen voor
                            de maatwerkvoorzieningen waarvoor het PGB bedoeld is.</al><al>2.3.6 Het college kent, met inachtneming van het bepaalde in de Wmo
                            2015, geen PGB toe als:</al><lijst><li nr="a."><al>er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende
                                    situatie,</al></li><li nr="b."><al>aan de cliënt eerder een PGB is verleend en de cliënt zich niet
                                    gehouden heeft aan de bij de verleningvan dat eerdere PGB
                                    gemaakte afspraken.</al></li></lijst><al>2.3.7 De aanbieder, die het PGB uitvoert voor de cliënt, kan nooit het
                            budget beheren van de cliënt aan wie hij de ondersteuning verleent.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.4</nr><titel>Hoogte en besteding van het PGB</titel></kop><al>2.4.1 De hoogte van een PGB, zoals vermeld in bijlage 1 bij dit besluit,
                            wordt als volgt berekend:</al><lijst><li nr="a."><al>professionele en gediplomeerde hulp: zoals weergegeven in tabel
                                    1 van bijlage 1.</al></li><li nr="b."><al>professionele hulp door gediplomeerde ZZP’ers, maximaal 90% van
                                    het tarief voor professionele hulp zoals bedoeld onder a, zoals
                                    weergegeven in tabel 2 van bijlage 1.</al></li><li nr="c."><al>niet-professionele hulp uit het eigen sociaal netwerk: 75% van
                                    het tarief voor professionele hulp zoals bedoeld onder a, zoals
                                    weergegeven in tabel 3 van bijlage 1.</al></li></lijst><al>2.4.2 De bedragen, zoals vermeld in bijlage 1 bij dit besluit, gaan uit
                            van een toekenningsperiode van een jaar.</al><al>2.4.3 Een PGB beschermd wonen bestaat uit een viertal afzonderlijke
                            componenten:</al><lijst><li nr="a."><al>persoonlijke verzorging,</al></li><li nr="b."><al>verpleging,</al></li><li nr="c."><al>begeleiding individueel,</al></li><li nr="d."><al>dagbesteding.</al></li></lijst><al>2.4.4 De tarieven zoals bedoeld in artikel 2.4.1 kunnen worden toegekend
                            per afzonderlijke component zoals bedoeld in bijlage 1.</al><al>2.4.5 Indien alle afzonderlijke componenten, zoals bedoeld in artikel
                            2.4.3, tegelijkertijd worden toegekend, wordt het jaarbedrag opgehoogd
                            met een toeslag voor het zorgzwaartepakket (ZZP) zoals bedoeld in
                            bijlage 1.</al><al>2.4.6 Indien een cliënt in een gezamenlijk wooninitiatief verblijft
                            wordt het jaarbedrag voor het PGB opgehoogd met een woontoeslag zoals
                            bedoeld in bijlage 1.</al><al>2.4.7 De cliënt aan wie een PGB is toegekend of de vertegenwoordiger die
                            het PGB namens de cliënt beheert:</al><lijst><li nr="a."><al>sluit een schriftelijke (zorg)overeenkomst met iedere persoon of
                                    instantie bij wie hij een maatwerkvoorziening betrekt in
                                    overeenstemming met de door het college afgegeven beschikking,
                                    instructies van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en zoals
                                    bedoeld in artikel 2.6.2 Wmo 2015.</al></li><li nr="b."><al>houdt zich aan de door de SVB gestelde voorwaarden voor het
                                    indienen van declaraties van de door hem gecontracteerde
                                    zorgverlener(s), zodat deze kunnen worden getoetst aan de
                                    afgesloten (zorg)overeenkomst(en).</al></li><li nr="c."><al>bewaart de originele overeenkomst(en) en declaraties gedurende
                                    vijf jaar en stelt desgevraagd kopieën ter beschikking aan het
                                    college of SVB.</al></li></lijst><al>2.4.8 Bij toetsing van de (zorg)overeenkomst(en) geldt in ieder geval
                            dat gemiddeld genomen de toegekende uren zijn ingekocht tegen het
                            toegekende tarief, of meer uren tegen een lager tarief.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.5</nr><titel>Verantwoording van het PGB</titel></kop><al> 2.5.1 De financiële toets van het PGB wordt uitgevoerd door de Sociale
                            Verzekeringsbank.</al><al>2.5.2 Indien blijkt dat het PGB niet of niet volledig wordt ingezet ten
                            behoeve van de maatwerkvoorziening Beschermd Wonen, kan het college
                            besluiten tot het voeren van een nieuw onderzoek zoals bedoeld in
                            artikel 1.3 van dit besluit, om de situatie opnieuw in kaart te
                            brengen.</al><al>2.5.3 Het college kan besluiten tot een aanvullend onderzoek, indien op
                            grond van de ingediende verantwoording niet kan worden vastgesteld of
                            het PGB rechtmatig is besteed.</al><al>2.5.4 Bij ernstige twijfel over de rechtmatige besteding kan het college
                            opdracht geven om, in afwachting van de uitkomst van het aanvullend
                            onderzoek, de betaling van het PGB per direct stop te zetten.</al><al>2.5.5 De uitkomst van het aanvullend onderzoek wordt meegenomen in het
                            oordeel over de verantwoording.</al><al>2.5.6 Indien blijkt dat het PGB geheel of gedeeltelijk onterecht is
                            betaald vanwege een foutieve declaratie dan kan dit, naast wat is
                            bepaald bij artikel 2.4.1 Wmo 2015, indien mogelijk worden verrekend met
                            het beschikbaar gestelde budget, of teruggevorderd bij de cliënt die de
                            declaratie heeft ingediend. Het niet-geaccepteerde deel van de
                            verantwoording wordt verrekend met het beschikbaar gestelde budget
                            waarna de budgethouder binnen acht weken na verantwoording een besluit
                            tot verrekening ontvangt.</al><al>2.5.7 Er vindt elk kwartaal aanvullend onderzoek plaats naar de
                            besteding van het PGB bij elke budgethouder die in het vorige kwartaal
                            een besluit tot verrekening heeft ontvangen.</al><al>2.5.8 Indien uit onderzoek blijkt dat de met een PGB ingekochte
                            maatwerkvoorziening niet voldoet aan de kwaliteitscriteria, zoals
                            bedoeld in artikel 2.3.5 van dit besluit, krijgt de budgethouder 4 weken
                            de tijd om hiervoor aanpassingen door te voeren.</al><al>2.5.9 Na deze periode van 4 weken vindt een nieuw onderzoek plaats.
                            Indien uit dit nieuwe onderzoek blijkt dat de ingekochte
                            maatwerkvoorzieningen nog steeds niet voldoet aan de kwaliteitscriteria,
                            kan het college besluiten tot wijziging of intrekking van de
                            desbetreffende maatwerkvoorziening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.6</nr><titel>Eigen Bijdrage BW</titel></kop><al>2.6.1 De eigen bijdrage voor Beschermd Wonen wordt berekend tot het
                            maximum dat op grond van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 is
                            toegestaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.7</nr><titel>Aflopende indicaties en beschikkingen</titel></kop><al>2.7.1 Iedere cliënt met een indicatie of beschikking voor beschermd
                            wonen meldt zich bij het ZVH, twaalf weken voordat de indicatie of
                            beschikking verloopt.</al><al>2.7.2 Indien de cliënt een andere vorm van zorg wenst, draagt het ZVH de
                            cliënt over naar de gemeente waar de cliënt woonachtig is of een naar
                            landelijke voorziening. Indien de cliënt daarmee instemt, draagt het ZVH
                            de reeds bekende informatie over de cliënt over aan de betreffende
                            gemeente of voorziening.</al><al>2.7.3 Indien een cliënt alle gesprekken weigert, meldt het ZVH bij de
                            gemeente waar de cliënt woonachtig is, dat de beschikking BW
                            afloopt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.8</nr><titel>Overgangsperiode</titel></kop><al>2.8.1 Indien een maatwerkvoorziening BW is toegekend aan een cliënt,
                            maar er (nog) geen plek is bij de door de cliënt gewenste aanbieder voor
                            BW, is het mogelijk dat de cliënt op grond van zijn beschikking op zijn
                            huidige verblijfplaats (intensieve) ambulante begeleiding ontvangt. Dit
                            is bedoeld als overbrugging en deze situatie mag maximaal 8 weken
                            duren.</al><al>2.8.2 Indien er na deze 8 weken nog steeds geen plek is, dan moet BW
                            door een andere aanbieder geboden worden, die passend is bij het
                            Leefzorgplan.</al><al>2.8.3 Wanneer een indicatie voor BW afloopt, maar nog niet zeker is of
                            een cliënt een volgende stap kan zetten naar zichzelf handhaven met
                            minder zorg en begeleiding, is het mogelijk om op proef te wonen met
                            (intensieve) ambulante begeleiding op basis van een maatwerkvoorziening
                            BW. Dit is bedoeld als overbrugging en deze situatie mag niet langer dan
                            8 weken duren.</al><al>2.8.4 Wanneer het na 8 weken duidelijk is dat de cliënt deze stap
                            aankan, dient de cliënt zich te melden voor ambulante begeleiding in de
                            gemeente waar hij woont. Zodra hij een nieuwe beschikking heeft
                            ontvangen van de woonplaats-gemeente, wordt de beschikking BW
                            ingetrokken.</al><al>2.8.5 Wanneer een cliënt voor BW tijdelijk geen gebruik kan maken van
                            het Beschermd Wonen, omdat andere problematiek (tijdelijk) op de
                            voorgrond staat, kan de cliënt terugkeren naar het Beschermd Wonen,
                            zonder een nieuwe indicatie aan te hoeven vragen bij het ZVH. Deze
                            andere problematiek mag niet langer dan 6 weken duren.</al><al>2.8.6 Duurt deze problematiek langer, dan wordt de maatwerkvoorziening
                            door middel van een intrekkingsbesluit ingetrokken.</al><al>2.8.7 Mocht de cliënt weer willen terugkeren naar BW, dan moet de cliënt
                            een nieuwe melding doen bij het ZVH. Het ZVH beoordeelt deze melding
                            dan, zoals beschreven in artikel 1.2 en verder.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Criteria voor de toekenning van een maatwerkvoorziening
                                MO/VO</titel></kop><al>3.1.1 Een cliënt kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening
                            MO/VO als hij:</al><lijst><li nr="a."><al>feitelijk dakloos is, of als bewoner staat ingeschreven bij een
                                    door de gemeente erkende 24uurs woonvoorziening, al dan niet
                                    voorafgaand aan opname in een (psychiatrische) kliniek, of aan
                                    detentie, en</al></li><li nr="b."><al>niet in staat is om zich op eigen kracht te handhaven in de
                                    samenleving op meerdere leefdomeinen, en</al></li><li nr="c."><al>niet beschikt over alternatieven die de situatie van feitelijke
                                    of residentiële dakloosheid op kunnen heffen.</al></li></lijst><al>3.1.2 Een slachtoffer van huiselijk geweld kan in aanmerking komen voor
                            een maatwerkvoorziening MO/VO als deze:</al><lijst><li nr="a."><al>slachtoffer is van geweld in huiselijke kring, en vanwege
                                    aspecten van veiligheid de thuissituatie moet verlaten, of
                                    indien sprake is van kindermishandeling en opvang van kind(eren)
                                    met de beschermende ouder/verzorger in de opvang noodzakelijk
                                    is, en</al></li><li nr="b."><al>geen mogelijkheden heeft om zelf, al dan niet met gebruikmaking
                                    van het eigen sociale netwerk of door interventie van derden,
                                    een veilige situatie te creëren, of in alternatieve huisvesting
                                    te voorzien.</al></li></lijst><al>3.1.3 Het naleven van de leef- en gedragsregels binnen de opvang maakt
                            onderdeel uit van de afspraken die via het Leefzorgplan met de cliënt
                            worden gemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr><titel>Eigen bijdrage MO/VO</titel></kop><al>3.2.1 De eigen bijdrage voor een maatwerkvoorziening voor opvang, zoals
                            bedoeld in artikel 2.1.4, zesde lid Wmo 2015, wordt vastgesteld en geïnd
                            door het college.</al><al>3.2.2 De eigen bijdrage voor de voltijdsopvang is gelijk aan het
                            verschil tussen de voor de cliënt geldende bijstandsnorm en de norm
                            persoonlijke uitgaven. Indien de aanbieder geen voeding verstrekt, wordt
                            de norm persoonlijke uitgaven verhoogd met een bedrag voor voeding,
                            gelijk aan het bedrag dat het Nibud hiervoor hanteert.</al><al>3.2.3 Voor cliënten van 18 tot en met 20 jaar in de in de opvang van de
                            maatschappelijke opvang bedraagt de eigen bijdrage € 300,- per
                            maand.</al><al>3.2.4 Voor cliënten in de opvang van de vrouwenopvang bedraagt de eigen
                            bijdrage € 207,14 per maand, waarbij de cliënten zelf verantwoordelijk
                            zijn voor de dagelijkse voeding.</al><al>3.2.5 Een maand bestaat uit dertig (30) dagen.</al><al>3.2.6 De eigen bijdrage voor voltijdsopvang wordt voor de cliënt bepaald
                            per maand, waarbij de bijdrage is verschuldigd voor iedere dag dat de
                            cliënt gebruik maakt van de voltijdsopvang.</al><al>3.2.7 Bij de toepassing van de hardheidsclausule voor cliënten met
                            aantoonbare dubbele woonlasten, wordt de eigen bijdrage verminderd met
                            een forfaitair bedrag, gelijk aan 20% van de geldende
                            bijstandsnorm.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Onderzoek kwaliteit, meldingsregeling en toezichthouder</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1</nr><titel>Onderzoek naar kwaliteit en resultaten</titel></kop><al>4.1.1 Het college kan via een gerichte controle, mede vanuit het oogpunt
                            van kwaliteit van de geleverde zorg, onderzoek doen naar de uitvoering
                            en bereikte resultaten bij de ingezette maatwerkvoorziening.</al><al>4.1.2 Na afloop van elk kwartaal kan via een aselecte steekproef onder
                            cliënten met een maatwerkvoorziening, uit het oogpunt van kwaliteit van
                            de geleverde zorg, door of namens het college onderzoek worden gedaan
                            naar de uitvoering en bereikte resultaten bij de ingezette
                            maatwerkvoorziening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2</nr><titel>Meldingsregeling calamiteiten en geweld</titel></kop><al>4.2.1 Aanbieders melden iedere calamiteit en ieder geweldsincident dat
                            zich heeft voorgedaan bij de verstrekking van een voorziening onverwijld
                            aan de toezichthoudende ambtenaar zoals bedoeld in artikel 6.1 Wmo
                            2015.</al><al>4.2.2 De toezichthouder doet onafhankelijk en steekproefsgewijs
                            onderzoek bij aanbieders om klachten, calamiteiten en
                            (gewelds)incidenten zoveel mogelijk te voorkomen.</al><al>4.2.3 De toezichthouder doet onafhankelijk onderzoek naar de
                            calamiteiten en geweldsincidenten en adviseert het college jaarlijks
                            over het voorkomen van verdere calamiteiten en het bestrijden van
                            geweld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.3</nr><titel>Bevoegdheden toezichthouder</titel></kop><al>4.3.1 De toezichthoudende ambtenaar gaat in gesprek met andere
                            toezichthoudende organisaties die op het gebied van zorg en welzijn
                            actief zijn, om samen te werken en kennis uit te wisselen.</al><al>4.3.2 In geval van meldingen, inclusief de meldingen zoals bedoeld in
                            artikel 4.2.1, gaat de toezichthouder in eerste instantie in gesprek met
                            de aanbieder of persoon op wie deze melding betrekking heeft, in het
                            kader van hoor en wederhoor, om samen tot een oplossing te komen.</al><al>4.3.3. Wanneer het gesprek zoals bedoeld in lid 4.3.2 niet leidt tot een
                            oplossing voor alle partijen, dan kan de toezichthouder, met
                            inachtneming van wat er in de met de aanbieders afgesloten contracten is
                            afgesproken, een voorstel doen aan het college om:</al><lijst><li nr="a."><al>de betreffende aanbieder tijdelijk uit te sluiten van de
                                    overlegtafel;</al></li><li nr="b."><al>tijdelijk geen cliënten toe te wijzen aan de betreffende
                                    aanbieder;</al></li><li nr="c."><al>indien er sprake is van ernstige overtredingen een aanwijzing
                                    met hersteltermijn te bieden;</al></li><li nr="d."><al>indien er sprake is van herhaalde en/of grote overtredingen de
                                    contracten op te zeggen;</al></li><li nr="e."><al>andere maatregelen te treffen.</al></li></lijst><al>4.3.4 De maatregelen zoals bedoeld in lid 4.3.3 dienen in alle gevallen
                            proportioneel te zijn naar de aard van de overtreding of melding.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Slotbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><al>5.1.1 Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2016.</al><al>5.1.2 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Beschermd Wonen,
                            Maatschappelijke Opvang en Vrouwenopvang 2016.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van 5 april 2016,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Burgemeester en wethouders van de gemeente Roerdalen,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening>J.J.W.M. L'Ortije, mr. M.D. de Boer-Beerta</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage 1 </titel></kop><tussenkop>Tabel 1 Professionele en gediplomeerde hulp</tussenkop><tussenkop>(artikel 2.4.1 lid a)</tussenkop><table><tgroup cols="7"><colspec colname="col1" colwidth="24*"/><colspec colname="col2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colwidth="12*"/><colspec colname="col4" colwidth="15*"/><colspec colname="col5" colwidth="12*"/><colspec colname="col6" colwidth="13*"/><colspec colname="col7" colwidth="8*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Componenten en bijbehorende pgb bedragen</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Persoonlijke verzorging</al></entry><entry colname="col3"><al>Verpleging</al></entry><entry colname="col4"><al>Begeleiding individueel</al></entry><entry colname="col5"><al>Dagbesteding</al></entry><entry colname="col6"><al>Ophoging ZZP</al></entry><entry colname="col7"><al>Toeslag wonen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.244,45</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 10.348,35</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 15.904,90</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 15.904,90</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.244,45</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 4.235,10</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 15.904,90</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 10.348,35</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 7.752,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 7.252,30</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 7.752,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 7.252,30</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.244,45</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 7.752,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 7.252,30</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 10.348,35</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 16.197,50</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 16.197,50</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.244,45</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 16.197,50</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 13.295,25</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 21.489,95</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 10.348,35</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>Tabel 2 Professionele hulp door gediplomeerde ZZP'ers</tussenkop><tussenkop>(artikel 2.4.1 lid b)</tussenkop><table><tgroup cols="7"><colspec colname="col1" colwidth="24*"/><colspec colname="col2" colwidth="16*"/><colspec colname="col3" colwidth="12*"/><colspec colname="col4" colwidth="15*"/><colspec colname="col5" colwidth="12*"/><colspec colname="col6" colwidth="13*"/><colspec colname="col7" colwidth="8*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Componenten en bijbehorende pgb bedragen</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Persoonlijke verzorging</al></entry><entry colname="col3"><al>Verpleging</al></entry><entry colname="col4"><al>Begeleiding individueel</al></entry><entry colname="col5"><al>Dagbesteding</al></entry><entry colname="col6"><al>Ophoging ZZP</al></entry><entry colname="col7"><al>Toeslag wonen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 8.320,01</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.313,52</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 14.314,41</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 14.314,41</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 8.320,01</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.811,59</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 14.314,41</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.313,52</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 6.976,80</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 6.527,07</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 6.976,80</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 6.527,07</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 8.320,01</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 6.976,80</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 6.527,07</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.313,52</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 14.577,75</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 14.577,75</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 8.320,01</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 14.577,75</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 11.965,73</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 19.340,96</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 9.313,52</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al><vet>Tabel 3 Niet-professionele hulp uit het eigen sociaal
                                            netwerk (artikel 2.4.1 lid c)</vet></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Componenten en bijbehorende pgb bedragen</al></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry><entry colname="col5"><al/></entry><entry colname="col6"><al/></entry><entry colname="col7"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Persoonlijke verzorging</al></entry><entry colname="col3"><al>Verpleging</al></entry><entry colname="col4"><al>Begeleiding individueel</al></entry><entry colname="col5"><al>Dagbesteding</al></entry><entry colname="col6"><al>Ophoging ZZP</al></entry><entry colname="col7"><al>Toeslag wonen</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 6.933,34</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al> € -</al></entry><entry colname="col4"><al> € 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 7.761,26</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 11.928,68</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 11.928,68</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 6.933,34</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 3.176,33</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 11.928,68</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 7.761,26</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 5.814,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5.439,23</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 5.814,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5.439,23</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 6.933,34</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 5.814,00</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5.439,23</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 7.761,26</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C zonder BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 12.148,13</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al> € -</al></entry><entry colname="col6"><al> € 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 12.148,13</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 6.933,34</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6 GGZ C met BG-groep en vervoer</al></entry><entry colname="col2"><al>€ 12.148,13</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 9.971,44</al></entry><entry colname="col4"><al>€ 16.117,46</al></entry><entry colname="col5"><al>€ 7.761,26</al></entry><entry colname="col6"><al>€ 3.165,40</al></entry><entry colname="col7"><al>€ 3.800,00</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/></bijlage><nota-toelichting><kop><label/><titel>Algemene toelichting</titel></kop><al/><al>De Wmo 2015 legt de nadruk op de eigen kracht en samenredzaamheid van burgers.
                    Daar waar een burger niet meer in staat is om zelf, met behulp van zijn netwerk
                    of algemene voorzieningen te voorzien in zijn zelfredzaamheid en participatie,
                    kan hij een beroep doen op een maatwerkvoorziening. Hierbij wordt eerst gekeken
                    naar de mogelijkheden van de cliënt, de mogelijkheden van gebruikelijke hulp,
                    het netwerk rondom de cliënt, de beschikbaarheid van voorliggende voorzieningen,
                    voorzieningen in de buurt of algemene voorzieningen zoals beschikbaar gesteld
                    door het college. </al><al/><al>Het antwoord op de vraag wie in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening is
                    afhankelijk van de persoonlijke situatie. Zodoende, zowel bij opvang als ook bij
                    beschermd wonen gaat het om maatwerkvoorzieningen voor mensen die als gevolg van
                    ernstige en complexe problemen een sterk verminderde zelfredzaamheid hebben. In
                    dit besluit wordt helder uiteengezet hoe men in aanmerking komt voor een
                    maatwerkvoorziening en wie ervoor in aanmerking komt.</al><al/><al>Het Zorg- en Veiligheidshuis Limburg-Noord vormt de toegang tot de
                    Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang en Beschermd Wonen. Het ZVH is
                    organisatorisch gepositioneerd binnen de afdeling Samen Leven en Werken van de
                    gemeente Venlo. De gemeente Venlo wordt door het college gemandateerd voor de
                    uitvoering van de taken en bevoegdheden die samenhangen met de maatschappelijke
                    opvang, vrouwenopvang en beschermd wonen. Voor de Maatschappelijke Opvang van de
                    gemeente Weert geldt dat de toegang tot de maatschappelijke opvang binnen het
                    afsprakenkader Flexibele maatschappelijke opvang Weert 2016 door de
                    samenwerkende partners wordt bepaald. </al><al/><al>Dit besluit wordt vastgesteld door de colleges van de gemeente Beesel, Bergen,
                    Echt-Susteren, Horst aan de Maas, Leudal, Maasgouw, Nederweert, Peel en Maas,
                    Roerdalen, Roermond, Venlo, Venray en Weert en treedt in werking op 1 januari
                    2016. </al><al/><al><vet>Beschermd wonen</vet></al><al>Beschermd wonen is een passende maatwerkvoorziening voor mensen die als gevolg
                    van een ernstige psychische of psychiatrische aandoening niet in staat zijn zich
                    op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Beschermd wonen is voor mensen
                    die als gevolg van deze aandoening 24-uurs toezicht en begeleiding nodig hebben.
                    De ondersteuning is gericht op het leren functioneren met deze (blijvende)
                    beperking, met als doelstelling om zo veel mogelijk zelfredzaamheid en
                    participatie in de maatschappij te bereiken. Bij beschermd wonen staat hulp op
                    maat centraal.</al><al/><al>Alhoewel de Wmo 2015 geen grondslagen kent voor de ondersteuningsbehoefte, wordt
                    hiervoor bij beschermd wonen een uitzondering gemaakt. Mensen die als gevolg van
                    een ernstige psychische aandoening zodanig beperkt zijn in hun zelfredzaamheid
                    dat ze niet zonder 24-uurstoezicht of begeleiding kunnen, vormen een bijzonder
                    kwetsbare groep. Hoewel de ondersteuning uiteraard zo veel mogelijk gericht is
                    op het verbeteren van zelfredzaamheid en participatie, is een beschermde
                    omgeving waarin zij zich veilig kunnen voelen en hen gespecialiseerde
                    ondersteuning geboden kan worden onontbeerlijk voor hun functioneren en herstel.
                    Beschermd wonen is dan ook niet bedoeld voor mensen met psychosociale problemen,
                    die met eigen inzet oplosbaar zijn, of voor mensen die in de eerste plaats een
                    woonprobleem hebben. Daarbij is de beschermde component niet in lijn met de
                    ondersteuningsbehoefte. Bovendien is beschermd wonen een zeer kostbare
                    ondersteuningsvorm en is voor oplosbare psychosociale problemen een tijdelijke
                    maatwerkvoorziening zoals opvang of begeleiding toereikend.</al><al/><al>Dit besluit maakt gebruik van de termen psychisch en psychosociaal. Aangezien
                    deze termen niet in bovenliggende wetgeving zijn gedefinieerd vult dit besluit
                    de termen in. Waar in dit besluit ‘psychisch’ als term wordt gebruikt gaat het
                    om een aandoening van geestelijke aard die aanwijsbaar is in DSM-5. De term
                    psychosociaal is complexer van aard. Het gaat daarbij om sociale en/of
                    emotionele problemen die de leefsituatie aantoonbaar ernstig ontwrichten,
                    bijvoorbeeld een combinatie van schulden, middelengebruik en overlast gevend
                    gedrag, of ernstige relatie- en opvoedingsproblemen in combinatie met
                    economische onzelfstandigheid. Psychosociale problemen hebben een psychische
                    component, bijvoorbeeld ernstige stress, angst, of agressieregulatieproblemen.
                    Deze problemen, alhoewel niet definieerbaar als een ernstige psychische
                    aandoening op grond van DSM 5, kunnen wel reden zijn dat een maatwerkvoorziening
                    nodig is waarbij de regie tijdelijk geheel of grotendeels moet worden
                    overgenomen.</al><al/><al><vet>Maatschappelijke opvang</vet></al><al>Opvang is altijd gericht op een tijdelijk verblijf, met als doelstelling om
                    iemand weer in staat te stellen zich zelfstandig of met lichte ondersteuning te
                    redden in de samenleving. Of, als er sprake is van een ernstige beperking, toe
                    te leiden naar langdurige zorg met verblijf. De algemene principes van de Wmo,
                    zoals gebruik maken van eigen kracht, het sociale netwerk, rekening houden met
                    voorzienbare omstandigheden e.d. zijn ook hier van toepassing. Als iemand
                    bijvoorbeeld zijn woning verloren heeft, maar bij familie of vrienden kan
                    overnachten, is opvang niet nodig. Opvang is tevens geen hostel voor mensen die
                    bijvoorbeeld op reis zijn en een goedkope overnachtingsplek zoeken. </al><al/><al>De klassieke bed-bad-brood-opvangvoorzieningen, huisvesting bij extreem
                    winterweer, dag- en nachtopvang zijn algemene voorzieningen. Wie gebruik maakt
                    van de nachtopvang betaalt een kleine bijdrage voor overnachting, eten en
                    drinken en het gebruik van wasmachine. 24-uurs opvangvoorzieningen daarentegen
                    zijn maatwerkvoorzieningen waarop dit besluit voornamelijk van toepassing
                    zijn.</al><al/><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>