<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR410021_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gemeenschappelijke regeling Regio Twente</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Regio Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Borne</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dinkelland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellendoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hengelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Losser</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oldenzaal</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tubbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Twenterand</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gemeenschappelijke regeling Regio Twente</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-01-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2016-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Enschede/383848/383848_1.html">Regeling Regio Twente</extref>.</al><al>De datum inwerkingtreding is bij benadering ingevuld.</al><al>De datum en bron bekendmaking is niet te achterhalen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gemeenschappelijke regeling Regio Twente</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de regeling: de gemeenschappelijke regeling Regio
                                        Twente;</al></li><li nr="b."><al>de regio: het rechtspersoonlijkheid bezittend regionaal
                                        openbaar lichaam, bedoeld in artikel 2 van de regeling;</al></li><li nr="c."><al>een deelnemende gemeente: een aan deze regeling deelnemende
                                        gemeente;</al></li><li nr="d."><al>Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincie
                                        Overijssel;</al></li><li nr="e."><al>de Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen;</al></li><li nr="f."><al>plusregio: een regionaal openbaar lichaam als bedoeld in
                                        artikel 104 van de Wet;</al></li><li nr="g."><al>(vervallen);</al></li><li nr="h."><al>de bevolkingscijfers: de door het Centraal Bureau voor de
                                        Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Waar in deze regeling artikelen van de Gemeentewet of van enig
                                andere wet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, treden
                                in die artikelen in plaats van de gemeente, de raad, burgemeester en
                                wethouders, de wethouder en de burgemeester, onderscheidenlijk de
                                regio, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, lid van het
                                dagelijks bestuur en de voorzitter.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2</nr><titel>HET RECHTSPERSOONLIJKHEID BEZITTEND REGIONAAL OPENBAAR
                            LICHAAM</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een regionaal openbaar lichaam dat is genaamd Regio
                                Twente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het regionaal openbaar lichaam is gevestigd te Enschede.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het rechtsgebied van de regio omvat het grondgebied van de
                                deelnemende gemeenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bestuursorganen</titel></kop><al>Het bestuur van de regio bestaat uit:</al><lijst><li nr="a."><al>het algemeen bestuur;</al></li><li nr="b."><al>het dagelijks bestuur;</al></li><li nr="c."><al>de voorzitter.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3</nr><titel>DOELSTELLING, TE BEHARTIGEN BELANGEN EN BEVOEGDHEDEN VAN DE
                            REGIO</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Doelstelling en te behartigen belangen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regio heeft tot doel, met inachtneming van hetgeen in deze
                                regeling is bepaald, die belangen te behartigen, welke verband
                                houden met een evenwichtige en harmonische ontwikkeling van zijn
                                rechtsgebied.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In het licht van de in het vorige lid omschreven doelstelling
                                behartigt de regio de volgende belangen:</al><lijst><li nr="1."><al> jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning;</al></li><li nr="2."><al> volksgezondheid;</al></li><li nr="3."><al> milieu en afvalverwerking;</al></li><li nr="4."><al> ruimtelijke ontwikkeling;</al></li><li nr="5."><al> verkeer en vervoer;</al></li><li nr="6."><al> sociaal-economische ontwikkeling;</al></li><li nr="7."><al> recreatie en toerisme;</al></li><li nr="8."><al> grensoverschrijdende samenwerking;</al></li><li nr="9."><al> arbeidsmarktbeleid;</al></li><li nr="10."><al> (vervallen);</al></li><li nr="11."><al> volkshuisvesting;</al></li><li nr="12."><al> grondbeleid.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Bevoegdheden van regeling en bestuur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Met betrekking tot de behartiging van de in artikel 4, lid 2
                                    genoemde belangen behoren aan de regio de volgende bevoegdheden
                                    van regeling en bestuur;</al><lijst><li nr="1."><al>jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning:</al><lijst><li nr="a."><al>uitvoeren en/of uitbesteden van taken waarvan de
                                                  jeugdwet beoogt dat deze regionaal worden
                                                  uitgevoerd:</al><lijst><li nr="1."><al>advies- en meldpunt huiselijk geweld en
                                                  kindermishandeling;</al></li><li nr="2."><al>jeugdbescherming en jeugdreclassering;</al></li><li nr="3."><al>jeugdzorgplus;</al></li><li nr="4."><al>residentiële/specialistische jeugdzorg;</al></li><li nr="5."><al>crisisdienst;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>overige vrijwillig overeengekomen taken:</al><lijst><li nr="1."><al>uitvoeren en/of uitbesteden van werving,
                                                  matchen en uitvoeren pleegzorg;</al></li><li nr="2."><al>inrichten en inhoudelijk faciliteren van een
                                                  regionaal reflectiepunt;</al></li><li nr="3."><al>inrichten van een advies- en
                                                  consultatiefunctie;</al></li><li nr="4."><al>inrichten van een backoffice voor taken die
                                                  regionaal worden uitgevoerd of ingekocht en
                                                  uitvoeren van ondersteunende werkzaamheden daarin;
                                                  </al></li></lijst></li></lijst></li><li nr="2."><al>volksgezondheid:</al><lijst><li nr="a."><al>de instelling en instandhouding van een
                                                  gezondheidsdienst als bedoeld in de artikel 14,
                                                  lid 1 van de Wet publieke gezondheid ter
                                                  uitvoering van de in deze wet in de artikelen 2,
                                                  5, 6 en 15 aan het college van burgemeester en
                                                  wethouders opgedragen taken, zulks met
                                                  inachtneming van de daarover in het Besluit
                                                  publieke gezondheid gegeven nadere regels;</al></li><li nr="b."><al>de in de Wet publieke gezondheid in de artikelen
                                                  16, 18, 27, 28 en 29 aan gemeentelijke
                                                  gezondheidsdienst toegekende taken en
                                                  bevoegdheden, zulks met inachtneming van de
                                                  daarover in het Besluit publieke gezondheid
                                                  gegeven nadere regels;</al></li><li nr="c."><al>de bevoegdheden voortvloeiende uit de artikel 15
                                                  van de Wet ambulancevervoer;</al></li><li nr="d."><al>de benoeming van gemeentelijke lijkschouwers als
                                                  bedoeld in artikel 4 van de Wet op de
                                                  lijkbezorging;</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>milieu en afvalverwerking:</al><lijst><li nr="a."><al>de uitvoering van coördinerende werkzaamheden en
                                                  taken op milieugebied, niet zijnde
                                                  milieuhandhaving, een en ander door het algemeen
                                                  bestuur bij verordening uit te werken;</al></li><li nr="b."><al>(vervallen);</al></li><li nr="c."><al>de verwijdering van huishoudelijke en
                                                  bedrijfsafvalstoffen als bedoeld in artikel 10.26
                                                  van de Wet milieubeheer, een en ander
                                                  overeenkomstig de bij provinciale
                                                  milieuverordening te stellen regels, alsmede de
                                                  verwijdering van gevaarlijke afvalstoffen als
                                                  bedoeld in artikel 10.44 van de Wet milieubeheer
                                                  voor zover dit in het belang is van een doelmatige
                                                  verwijdering in Nederland;</al></li><li nr="d."><al>de inzameling van (afzonderlijke bestanddelen
                                                  van) huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in
                                                  artikel 10.13 van de Wet milieubeheer en
                                                  bedrijfsafvalstoffen als bedoeld in artikel 10.21
                                                  van de Wet milieubeheer voor zover dit door één of
                                                  meer deelnemende gemeente(n) wordt opgedragen,
                                                  alsmede het zorgdragen voor de verwijdering
                                                  daarvan voor zover dit niet reeds voortvloeit uit
                                                  de onder sub c vermelde bevoegdheid;</al></li><li nr="e."><al>het stimuleren, coördineren en uitvoeren van
                                                  activiteiten gericht op preventie en</al><al> hergebruik van afvalstoffen;</al></li><li nr="f."><al>het deelnemen in en het vertegenwoordigen van de
                                                  deelnemende gemeenten in</al><al> overkoepelende (branche)organisaties;</al></li><li nr="g."><al>de nazorg van gesloten
                                                  afvalbergingsterreinen;</al></li><li nr="h."><al>de voorlichting over afvalverwerking
                                                  voortvloeiende uit de onder sub b tot en met sub f
                                                  vermelde bevoegdheden, alsmede dienstverlening aan
                                                  de deelnemende gemeenten op het gebied van
                                                  voorlichting over afvalinzameling en
                                                  afvalverwijdering;</al></li><li nr="i."><al>(vervallen);</al></li><li nr="j."><al>(vervallen);</al></li><li nr="k."><al>de bij of krachtens de Wet milieubeheer aan een
                                                  plusregio toegekende taken en/of
                                                  bevoegdheden;</al></li><li nr="l."><al>de bij of krachtens de Wet bodembescherming aan
                                                  een plusregio toegekende taken en of
                                                  bevoegdheden;</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>ruimtelijke ontwikkeling:</al><al> de bij of krachtens de Wet op de Ruimtelijke Ordening
                                            en de Woningwet aan een plusregio toegekende taken en/of
                                            bevoegdheden;</al></li><li nr="5."><al>verkeer en vervoer:</al><al> de bij of krachtens de Wet personenvervoer 2000,
                                            Planwet verkeer en vervoer, Tracéwet, Wet bereikbaarheid
                                            en mobiliteit, Wet infrastructuurfonds, Wet van 24 april
                                            1991 en Wet BDU verkeer en vervoer aan een plusregio
                                            toegekende taken en/of bevoegdheden;</al></li><li nr="6."><al>sociaal-economische ontwikkeling:</al><al> de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 118 van
                                            de Wet;</al></li><li nr="7."><al>recreatie en toerisme:</al><lijst><li nr="a."><al>het stimuleren en coördineren van de
                                                  toeristische productontwikkeling in Twente;</al></li><li nr="b."><al>de instandhouding en verbetering van natuur- en
                                                  landschapsschoon;</al></li><li nr="c."><al>de bevordering van totstandkoming en
                                                  instandhouding van de publieke toeristisch /
                                                  recreatieve infrastructuur in Twente;</al></li><li nr="d."><al>de aanleg, het onderhoud en het beheer van
                                                  publieke toeristisch / recreatieve</al><al> voorzieningen die hetzij op zichzelf, hetzij in
                                                  routeverband, hetzij door opname in </al><al> arrangementen, een bovenlokaal karakter
                                                  hebben;</al></li><li nr="e."><al>de advisering over toeristisch / recreatieve
                                                  plannen, beleidsvoornemens en</al><al> beleidsmaatregelen;</al></li><li nr="f."><al>het verlenen van medewerking, onder andere door
                                                  subsidiëring, bij de uitvoering van werken en / of
                                                  activiteiten door een deelnemende gemeente en/of
                                                  een derde;</al></li><li nr="g."><al>de bevordering van overleg tussen overheid en
                                                  toeristische organisaties en bedrijven.</al></li></lijst></li><li nr="8."><al>grensoverschrijdende samenwerking:</al><lijst><li nr="a."><al>de regeling van de Twentse afvaardiging naar de
                                                  Euregio-organen;</al></li><li nr="b."><al>de bevordering van gemeenschappelijke
                                                  standpuntbepalingen van de Twentse</al><al> afvaardiging in de Euregio-organen;</al></li><li nr="c."><al>de goedkeuring van de begroting, de jaarrekening
                                                  en het jaarverslag van Euregio;</al></li><li nr="d."><al>het voor rekening van Euregio in dienst nemen
                                                  van personeel dat werkzaamheden verricht ten
                                                  behoeve van deze organisatie, een en ander
                                                  overeenkomstig de op het personeel van de Regio
                                                  van toepassing zijnde rechtspositie.</al></li></lijst></li><li nr="9."><al>arbeidsmarktbeleid:</al><al> deelname in regionaal arbeidsmarktplatform Twente.</al></li><li nr="10."><al>(vervallen).</al></li><li nr="11."><al>volkshuisvesting:</al><al> de bij of krachtens de Huisvestingswet en Woningwet aan
                                            een plusregio toegekende taken en bevoegdheden;</al></li><li nr="12."><al>grondbeleid:</al><al> de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 119 van
                                            de Wet;</al></li><li nr="13."><al>bevordering van belangen: de bevoegdheid tot het voeren
                                            van overleg over gemeenschappelijke aangelegenheden al
                                            dan niet op verzoek van de gemeenten, waarvan het belang
                                            niet beperkt blijft tot de afzonderlijke gemeenten. Deze
                                            gemeenschappelijke aangelegenheden betreffen onder meer
                                            de in artikel 4, lid 2 genoemde belangen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het bepaalde in lid 1, sub 2c leidt uitzondering voor de
                                    gemeente Haaksbergen voor wat betreft ambulancevervoer;</al></li><li nr="3."><al>Ten behoeve van de in lid 1 genoemde bevoegdheden komen, voor
                                    zover het gaat omgemeentelijke bevoegdheden, aan de organen van
                                    de regio de bevoegdheden toe van de besturen van de deelnemende
                                    gemeenten. Het bepaalde in lid 2 en in artikel 53, lid 1, is van
                                    overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Bevoegdheid tot het aangaan van geldleningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regio is bevoegd tot het aangaan van geldleningen en van
                                rekening-courantovereenkomsten, het uitlenen van gelden, het
                                waarborgen van geldelijke verplichtingen, door anderen aan te
                                gaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelnemende gemeenten staan gezamenlijk garant voor de juiste
                                betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de op grond van
                                het bepaalde in het vorige lid opgenomen en op te nemen gelden en
                                verstrekte waarborgen, zulks op basis van de voor de betreffende
                                taakuitoefening geldende financiële verdeelsleutel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Dienstverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regio is bevoegd tot het verrichten van diensten voor één of meer
                                deelnemende gemeenten, indien deze daarom verzoeken en het algemeen
                                bestuur dat verzoek inwilligt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een besluit tot dienstverlening wordt genomen door het algemeen
                                bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en de overige
                                voorwaarden, waaronder tot de gevraagde dienstverlening wordt
                                overgegaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een afschrift van dit besluit wordt ter kennis van de deelnemende
                                gemeenten gebracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7a</nr><titel>Deelneming</titel></kop><al>De regio is bevoegd tot het aangaan van en deelnemen in een
                            gemeenschappelijke regeling waarbij geen openbaar lichaam of een
                            gemeenschappelijk orgaan wordt ingesteld.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4</nr><titel>VERPLICHTINGEN VAN DE BESTUREN DER DEELNEMENDE GEMEENTEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuursorganen der deelnemende gemeenten zijn gehouden aan de
                                overeenkomstige bestuursorganen van de regio kennis te geven van de
                                bij hen in voorbereiding zijnde plannen en of maatregelen op een
                                gebied als bedoeld in artikel 4 voorzover ten aanzien van die
                                maatregelen redelijkerwijs kan worden aangenomen, dat zij voor de
                                regio van belang zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuursorganen der deelnemende gemeenten kunnen bij de in het
                                eerste lid bedoelde kennisgeving het gevoelen vragen van het
                                betrokken orgaan van de regio. Ook ongevraagd kunnen de organen van
                                de regio hun zienswijze aan het betrokken gemeentebestuur kenbaar
                                maken omtrent plannen en of maatregelen als bedoeld in het eerste
                                lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De organen der deelnemende gemeenten zullen de vaststelling c.q. de
                                uitvoering van een plan en / of maatregel als bedoeld in het eerste
                                lid, opschorten gedurende drie weken na de dag van verzending der in
                                het eerste lid bedoelde kennisgeving. Hiervan kan in spoedeisende
                                gevallen worden afgeweken, mits van het voornemen daartoe bij de in
                                het eerste lid bedoelde kennisgeving mededeling wordt gedaan.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5</nr><titel>HET ALGEMEEN BESTUUR</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Elke deelnemende gemeente heeft in het algemeen bestuur twee leden,
                                waarvan één uit het college van burgemeester en wethouders en één
                                uit de leden van de raad.</al><al>De burgemeester van Enschede is toegevoegd lid van het algemeen
                                bestuur en behoort voor wat betreft Enschede niet tot de twee
                                hiervoor bedoelde leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid van het algemeen bestuur, niet zijnde een lid van het
                                dagelijks bestuur, kan bij afwezigheid worden vervangen door een
                                daartoe aangewezen plaatsvervangend lid. Op deze</al><al> plaatsvervangende leden zijn de bepalingen van dit hoofdstuk van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het plaatsvervangend lid vervangt alleen in het algemeen
                                bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>(vervallen)</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met de
                                betrekking van ambtenaar door of vanwege het bestuur van de regio of
                                van een deelnemende gemeente aangesteld of daaraan ondergeschikt,
                                met uitzondering van onderwijzend personeel en vrijwilligers die
                                niet bij wijze van beroep hulpdiensten voor de regio verrichten. Met
                                ambtenaar worden voor detoepassing van dit artikel gelijkgesteld
                                zij, die op arbeidscontract naar burgerlijk recht werkzaam
                                zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanwijzing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad van een deelnemende gemeente beslist in de eerste
                                vergadering van elke zittingsperiode over de aanwijzing van nieuwe
                                leden en plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur.
                                Aftredende (plaatsvervangende) leden kunnen opnieuw als
                                (plaatsvervangend) lid worden aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 13 van de Wet eindigt het
                                (plaatsvervangend) lidmaatschap van het algemeen bestuur op de dag
                                aangegeven in artikel C4, lid 2 van de Kieswet. </al><al>Aftredende leden die opnieuw als gemeenteraadsleden zijn benoemd of
                                nog fungeren als voorzitter van de gemeenteraad of wethouder,
                                blijven hun functie waarnemen tot het tijdstip waarop het algemeen
                                bestuur in nieuwe samenstelling bijeenkomt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorziening in een tussentijdse vacature geschiedt binnen tien
                                weken. Van elke aanwijzing tot (plaatsvervangend) lid van het
                                algemeen bestuur geeft het betrokken college van burgemeester en
                                wethouders binnen acht dagen kennis aan het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het (plaatsvervangend) lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt
                                eveneens op het moment van uittreding uit de gemeenschappelijke
                                regeling van de gemeente die het (plaatsvervangend) lid
                                vertegenwoordigt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Stemrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr="1."><al> Een lid van het algemeen bestuur beschikt over het aantal
                                        stemmen dat wordt bepaald door het aantal inwoners van zijn
                                        gemeente bij aanvang van het kalenderjaar waarin de stemming
                                        plaatsvindt, welk inwoneraantal wordt gedeeld door het
                                        aantal leden dat de betreffende gemeente in het algemeen
                                        bestuur heeft.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het onder 1 bepaalde hebben de voorzitter
                                        en andere leden van het dagelijks bestuur in het algemeen
                                        bestuur één stem en komende de overige stemmen van de
                                        gemeente waaruit betrokkene afkomstig is toe aan het andere
                                        lid respectievelijk de andere leden in het algemeen
                                        bestuur.</al></li><li nr="3."><al>Indien een lid van het algemeen bestuur, niet zijnde de
                                        voorzitter of ander lid van het dagelijks bestuur, afwezig
                                        is worden de stemmen toegewezen aan het andere lid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De stemprocedure wordt bepaald in het reglement van orde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Vergoedingen</titel></kop><al>De leden van het algemeen bestuur genieten, voor zover het algemeen
                            bestuur dit bepaalt, een vergoeding voor hun werkzaamheden en een
                            tegemoetkoming in de kosten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van
                            orde vast.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6</nr><titel>HET DAGELIJKS BESTUUR</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur, inclusief de voorzitter, bestaat uit minimaal
                                vijf en maximaal tien leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur wijst in de eerste vergadering van elke
                                zittingsperiode de voorzitter en andere leden van het dagelijks
                                bestuur aan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met betrekking tot de leden van het dagelijks bestuur zijn de
                                artikelen 40 en 41 van de Gemeentewet van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in artikel 13, lid 2 van de Wet treden de
                                leden van het dagelijks bestuur af op de dag waarop de
                                zittingsperiode van de leden van het algemeen bestuur eindigt. Zij
                                zijn terstond herkiesbaar.</al><al>De aftredende leden die opnieuw als gemeenteraadslid zijn benoemd of
                                nog fungeren als voorzitter van de gemeenteraad of wethouder,
                                blijven hun functie waarnemen tot het tijdstip waarop het algemeen
                                bestuur uit zijn midden een nieuw dagelijks bestuur heeft
                                aangewezen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien tussentijds een plaats in het dagelijks bestuur beschikbaar
                                komt, kiest het algemeen bestuur een nieuw lid.</al><al> Gaat het openvallen van een plaats in het dagelijks bestuur gepaard
                                met het openvallen van een plaats in het algemeen bestuur, dan zal
                                het algemeen bestuur het kiezen van een nieuw lid van het dagelijks
                                bestuur uitstellen totdat de opengevallen plaats in het algemeen
                                bestuur wederom zal zijn bezet. Dit uitstel zal niet meer dan drie
                                maanden mogen belopen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur is het bepaalde in de
                                artikelen 52 tot en met 60 van de Gemeentewet van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering één
                                stem.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de eerste vergadering van elke zittingsperiode regelt het
                                dagelijks bestuur onderling de werkzaamheden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur genieten, voor zover het algemeen
                                bestuur dit bepaalt, een vergoeding voor hun werkzaamheden en een
                                tegemoetkoming in de kosten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse leiding van de
                            regio.</al><al>Hiertoe behoort in elk geval:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden van al hetgeen aan het algemeen bestuur ter
                                    overweging en beslissing zal worden voorgelegd;</al></li><li nr="b."><al>het uitvoeren van besluiten van het algemeen bestuur;</al></li><li nr="c."><al>het beheer van activa en passiva van de regio;</al></li><li nr="d."><al>de zorg, voor zover die niet aan anderen toekomt, voor de
                                    controle op het geldelijke beheer en de boekhouding;</al></li><li nr="e."><al>het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten
                                    rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van
                                    verjaring en verlies van recht of bezit;</al></li><li nr="f."><al>het houden van een gedurig toezicht op al wat de regio
                                    aangaat.</al></li><li nr="g."><al>het beheren en onderhouden van de gebouwen, werken en
                                    inrichtingen welke de regio bezit of op enigerlei wijze onder
                                    zich heeft;</al></li><li nr="h."><al>het vaststellen van de plannen en voorwaarden van aanbesteding
                                    van werken en leverantiën ten behoeve van de regio.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur oefent, indien en voorzover het algemeen bestuur
                            daartoe besluit en naar de door deze te stellen regelen, de aan het
                            algemeen bestuur toekomende bevoegdheden uit, met uitzondering van:</al><lijst><li nr="a."><al>het vaststellen, dan wel wijzigen van de begroting;</al></li><li nr="b."><al>het vaststellen van de rekening;</al></li><li nr="c."><al>het vaststellen van belastingverordeningen overeenkomstig
                                    artikel 40.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>7</nr><titel>DE VOORZITTER</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden de burgemeester van
                                Enschede aan als voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en van het
                                dagelijks bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor een spoedige afdoening van
                                zaken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hij tekent de stukken die van het algemeen bestuur en van het
                                dagelijks bestuur uitgaan.</al><al> Artikel 75, tweede lid, van de Gemeentewet is van overeenkomstige
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter vertegenwoordigt de regio in en buiten rechte. Indien
                                hij behoort tot het bestuur van een deelnemende gemeente die partij
                                is in een geding, waarbij de regio betrokken is, oefent een ander
                                door het dagelijks bestuur aan te wijzen lid van dat college deze
                                bevoegdheid uit. Hij die bevoegd is de regio in en buiten rechte te
                                vertegenwoordigen, kan deze vertegenwoordiging aan een door hem aan
                                te wijzen gemachtigde toevertrouwen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>8</nr><titel>INFORMATIE- EN VERANTWOORDINGSPLICHT EN ONTSLAGRECHT</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Binnen de Regio Twente</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder
                                    afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording
                                    verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde
                                    bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur geven, tezamen en ieder
                                    afzonderlijk, aan het algemeen bestuur ongevraagd alle
                                    informatie die voor een juiste beoordeling van het door het
                                    dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is. Zij
                                    geven, tezamen dan wel afzonderlijk, aan het algemeen bestuur,
                                    wanneer dit bestuur dan wel een of meer leden daarvan hierom
                                    verzoeken, alle gevraagde inlichtingen, een en ander voor zover
                                    zulks niet strijdig is met het openbaar belang.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan een lid van het dagelijks bestuur als
                                    zodanig ontslag verlenen indien deze het vertrouwen van het
                                    algemeen bestuur niet meer bezit.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op het ontslag is artikel 50 van de Gemeentewet van
                                    overeenkomstige toepassing .</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 22</label></kop><al>Het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing op de
                                voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Tussen regio en deelnemende gemeenten</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 23</label></kop><al>Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter
                                verstrekken de raden van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle
                                informatie die voor een juiste beoordeling van het door hen gevoerd
                                en te voeren bestuur nodig is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 24</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter
                                        verstrekken aan de raad van een deelnemende gemeente de door
                                        één of meer leden overeenkomstig het reglement van orde van
                                        die raad verlangde inlichtingen, een en ander voor zover
                                        zulks niet in strijd is met het openbaar belang.</al></li><li nr="2."><al>Een verzoek om inlichtingen kan schriftelijk of mondeling
                                        worden ingediend bij het desbetreffende bestuursorgaan.</al></li><li nr="3."><al>Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter
                                        verstrekt de gevraagde inlichtingen binnen een maand na
                                        ontvangst van het verzoek.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Tussen lid van het algemeen bestuur en gemeenteraad</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 25</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van het algemeen bestuur voorziet de gemeenteraad
                                        die hem als lid heeft aangewezen van alle informatie die
                                        voor een juiste beoordeling van het door het lid in het
                                        algemeen bestuur gevoerde en te voeren bestuur noodzakelijk
                                        is.</al></li><li nr="2."><al>Het college van burgemeester en wethouders verleent daartoe
                                        de nodige medewerking door onder meer tijdig de agenda’s van
                                        openbare vergaderingen van het algemeen bestuur, waarvan het
                                        lid deel uitmaakt, ter inzage te leggen voor de
                                        gemeenteraad.</al></li><li nr="3."><al>Een lid van het algemeen bestuur geeft de gemeenteraad, die
                                        hem als lid heeft aangewezen, de door één of meer leden,
                                        overeenkomstig het reglement van orde van die raad,
                                        verlangde</al><al> inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met
                                        het openbaar belang.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 26</label></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van het algemeen bestuur is aan de gemeenteraad, die
                                        hem als lid heeft aangewezen, verantwoording verschuldigd
                                        voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde
                                        bestuur.</al></li><li nr="2."><al>Een raadslid heeft het recht de gemeenteraad te verzoeken om
                                        een door die raad aangewezen lid van het algemeen bestuur te
                                        interpelleren of vragen te stellen tijdens een
                                        raadsvergadering.</al></li><li nr="3."><al>De interpellatie of vragenstelling als bedoeld in lid 2
                                        vindt plaats op de wijze, geregeld in het reglement van orde
                                        voor de vergaderingen van de desbetreffende
                                        gemeenteraad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel 27</label></kop><lijst><li nr="1."><al>De gemeenteraad kan een door hem aangewezen
                                        (plaatsvervangend) lid van het algemeen bestuur ontslag
                                        verlenen indien deze het vertrouwen van de gemeenteraad niet
                                        meer bezit.</al></li><li nr="2."><al>Op het ontslag is artikel 50 van de Gemeentewet van
                                        overeenkomstige toepassing..</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>9</nr><titel>Commissies</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Instelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan commissies van advies instellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur is bevoegd commissies in de zin van artikel 25,
                                lid 1 en 112, lid 1 van de Wet in te stellen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het voorzitterschap van de commissies, bedoeld in lid 1 en 2 berust
                                bij leden van het dagelijks bestuur. In afwijking hiervan kan het
                                voorzitterschap van een commissie als bedoeld in artikel 112, lid 1
                                van de Wet berusten bij een door het algemeen bestuur aan te wijzen
                                lid van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van de commissies bedoeld in lid 1 en 2 genieten, voor
                                zover het algemeen bestuur dit bepaalt, een vergoeding voor hun
                                werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Openbaarheid commissies</titel></kop><al>De vergaderingen van de commissies als bedoeld in artikel 28 zijn
                            openbaar, behoudens de mogelijkheid tot het vergaderen achter gesloten
                            deuren, een en ander volgens nader door het algemeen bestuur vast te
                            stellen regelen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>10</nr><titel>Personeel en Organisatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>De secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur beslist omtrent benoeming, schorsing en ontslag
                                van de secretaris. Voor een benoeming wordt door het dagelijks
                                bestuur een aanbeveling van één persoon gedaan. Het dagelijks
                                bestuur kan in spoedeisende gevallen tot schorsing overgaan. Het
                                dagelijks bestuur doet daarvan terstond mededeling aan het algemeen
                                bestuur. De schorsing vervalt, wanneer het algemeen bestuur haar
                                niet in zijn eerstvolgende vergadering bekrachtigt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt voor de secretaris een instructie
                                vast.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur regelt de vervanging van de secretaris.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Alle stukken uitgaande van het algemeen bestuur en het dagelijks
                                bestuur worden door de secretaris mede ondertekend. Het vorenstaande
                                is niet van toepassing indien de ondertekening van stukken die van
                                het dagelijks bestuur uitgaan ingevolge artikel 75, lid 2 van de
                                Gemeentewet, aan de secretaris of een andere ambtenaar van de regio
                                is opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op de secretaris is van overeenkomstige toepassing het bepaalde in
                                artikel 15, leden 1 en 2 van de Gemeentewet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr></kop><al>(Vervallen).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr></kop><al>De overige ambtenaren, alsmede het personeel werkzaam op
                            arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht, worden benoemd, geschorst en
                            ontslagen door het dagelijks bestuur.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Rechtspositie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr></kop><al>Het algemeen bestuur regelt overeenkomstig het bepaalde in de artikelen
                            125 en 134 van de Ambtenarenwet 1929 de rechtspositie van de ambtenaren
                            en van het personeel werkzaam op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk
                            recht.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>11</nr><titel>VERORDENINGEN VAN DE REGIO</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur is bevoegd binnen het kader van de regeling al
                                dan niet door strafbepaling en bestuursdwang te handhaven
                                verordeningen vast te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op deze verordeningen is het bepaalde in de artikelen 139 tot en met
                                145 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>12</nr><titel>FINANCIËLE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Algemeen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast met
                                betrekking tot de organisatie van de administratie en van het beheer
                                van vermogenswaarden. Deze regels dienen te waarborgen dat aan de
                                eisen van doelmatigheid en controle wordt voldaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van de controle op de administratie en op het beheer van
                                vermogenswaarden zijn de artikelen 213, 214 en 215 van de
                                Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten van de regio, voor zover daarin niet op andere wijze wordt
                                voorzien, komen ten laste van de deelnemende gemeenten, naar
                                verhouding van de bevolkingscijfers, op 1 januari van het jaar
                                waarop ze betrekking hebben, met inachtneming van het bepaalde in
                                artikel 5, lid 2.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met de opstelling van de ontwerp-begroting, bedoeld in artikel 35
                                van de Wet, is het dagelijks bestuur belast. De ramingen in de
                                ontwerp-begroting worden toegelicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorafgaande aan de opstelling van de ontwerp-begroting vindt in een
                                daartoe door het dagelijks bestuur te beleggen bijeenkomst overleg
                                plaats met vertegenwoordigers van de colleges van burgemeester en
                                wethouders van de deelnemende gemeenten over de bij die opstelling
                                te hanteren uitgangspunten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als begrotingswijzigingen, waarop het bepaalde in de laatste zin van
                                artikel 35, lid 5, van de Wet van toepassing is, worden aangewezen
                                die, welke niet leiden tot een verhoging van de</al><al> deelbijdragen van de deelnemende gemeenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de begroting wordt aangegeven de naar raming door elke
                                deelnemende gemeente voor het jaar, waarop de begroting betrekking
                                heeft, verschuldigde bijdrage.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelnemende gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks
                                voor 16 januari en voor 16 juli, telkens de helft van de in het
                                vorige lid bedoelde bijdrage.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De deelnemende gemeenten nemen de in de begroting geraamde bedragen
                                voor hun gemeente op in de gemeentebegroting.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voorzover de vastgestelde begroting afwijkt van het aan hen
                                toegezonden ontwerp, wordt de begroting ter kennisneming gezonden
                                aan de raden van de deelnemende gemeenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Rekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur biedt de rekening waarin opgenomen een verslag
                                van werkzaamheden over het afgelopen jaar – na toevoeging van een
                                verslag van het onderzoek naar de deugdelijkheid van de rekening,
                                ingesteld door de overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet
                                aangewezen deskundige, met alle bijbehorende bescheiden ter
                                vaststelling aan het algemeen bestuur aan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op de rekening is het bepaalde in artikel 198, leden 2 tot en met 4
                                en de artikelen 199 tot en met 202 van de Gemeentewet van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur zendt een afschrift van deze rekening aan de
                                raden der deelnemende gemeenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de rekening wordt het door elk der deelnemende gemeenten over het
                                desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Verrekening van het verschil tussen de op grond van artikel 37, lid
                                1, verschuldigde bijdrage en het werkelijk verschuldigde vindt
                                plaats terstond na de vaststelling van de rekening.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>13</nr><titel>BELASTINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur is bij verordening bevoegd tot het heffen van
                                rechten als bedoeld in artikel 229 van de Gemeentewet en rechten
                                waarvan de heffing krachtens bijzondere wetten geschiedt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op verordeningen als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde in
                                artikel 34, lid 2, van deze regeling van toepassing.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>14</nr><titel>ARCHIEF</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor archiefbescheiden
                                en het toezicht op de bewaring en het beheer van de
                                archiefbescheiden van de regio en zijn organen overeenkomstig een
                                door het algemeen bestuur met inachtneming van artikel 30, lid 1 van
                                de Archiefwet 1995 vast te stellen verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor de bewaring van de op grond van de artikelen 12, lid 1 en 13,
                                lid 1 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst
                                het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats aan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris is belast met de bewaring en het beheer van de
                                archiefbescheiden als bedoeld in het eerste lid, overeenkomstig de
                                door het dagelijks bestuur nader vast te stellen regelen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>15</nr><titel>TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING, OPHEFFING</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toetreding door andere gemeenten kan plaatsvinden wanneer het
                                algemeen bestuur daarin bewilligt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In een besluit van het algemeen bestuur als bedoeld in het vorige
                                lid, kan de toetreding afhankelijk worden gesteld van de voldoening
                                aan bepaalde voorwaarden door de betrokken gemeenten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De toetreding gaat, na goedkeuring van Gedeputeerde Staten, in op de
                                eerste dag van de maand volgende op die waarin van Gedeputeerde
                                Staten bericht is ontvangen over de opname in het provinciaal
                                register als bedoeld in artikel 27 van de wet, tenzij het besluit
                                een latere datum van ingang heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad van de toegetreden gemeente doet zo spoedig mogelijk de
                                nodige benoemingen overeenkomstig de artikel 9 en volgende.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een deelnemende gemeente kan uittreden door toezending aan het
                                algemeen bestuur van een daartoe strekkend besluit van de
                                bestuursorganen van die gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uittreding kan, behoudens door het algemeen bestuur toe te stane
                                afwijking, slechtsplaatsvinden tegen 1 januari, doch niet eerder dan
                                tegen 1 januari van het tweede jaar volgende op dat waarin het in
                                het eerste lid bedoelde besluit de vereiste goedkeuring heeft
                                verkregen en de uittreding is ingeschreven in het provinciaal
                                register, als bedoeld in artikel 27 van de Wet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur regelt, onder goedkeuring van Gedeputeerde
                                Staten, de gevolgen van de uittreding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling kan worden gewijzigd bij daartoe strekkende besluiten
                                van de gemeenteraden van tweederde van de deelnemende gemeente
                                omvattende ten minste tweederde van het aantal inwoners, gebaseerd
                                op de bevolkingscijfers, van de aan de regio deelnemende gemeenten,
                                op 1 januari van dat jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval van wijzigingen, bedoeld in het eerste lid, dienen – voor
                                zover bij de wijziging wettelijke bevoegdheden van het college van
                                burgemeesters en wethouders respectievelijk de burgemeester zijn
                                betrokken – de besluiten ook door tweederde van het aantal colleges
                                van burgemeester en wethouders respectievelijk burgemeesters van de
                                deelnemende gemeentenomvattende ten minste tweederde van het aantal
                                inwoners, gebaseerd op de bevolkingscijfers, van de aan de regio
                                deelnemende gemeenten, te worden genomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het algemeen bestuur wijzigingen in de regeling wenselijk
                                acht, doet het een daartoestrekkend voorstel aan de raden, de
                                colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de
                                deelnemende gemeenten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bepaalde in de leden 1 tot en met 3 is niet van toepassing op
                                een wijziging van de regeling die uitsluitend betrekking heeft op
                                aanpassingen aan veranderde wettelijke bepalingen.Tot dergelijke
                                wijzigingen kan worden besloten door middel van een besluit van het
                                algemeen bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regeling wordt opgeheven wanneer de raden, de colleges van
                                burgemeester en wethouders en de burgemeesters van tweederde van de
                                deelnemende gemeenten, omvattende ten minste tweederde van het
                                aantal inwoners, gebaseerd op de bevolkingscijfers, van de aan de
                                regio deelnemende gemeenten, op 1 januari van dat jaar daartoe
                                besluiten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan niet eerder worden
                                genomen dan nadat het algemeen bestuur daarover zijn mening kenbaar
                                heeft gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De opheffing gaat in op de eerste dag van de maand volgende op die
                                waarin van Gedeputeerde Staten bericht is ontvangen over schrapping
                                uit het provinciaal register als bedoeld in artikel 27 van de Wet,
                                tenzij het besluit een latere datum van ingang heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur
                                tot liquidatie en stelt het daarvoor de nodige regelen vast. Hierbij
                                kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de
                                bestuursorganen van de deelnemende gemeenten gehoord,
                                vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemende
                                gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de
                                beëindiging. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de
                                opheffing heeft voor het personeel.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Zonodig blijven de organen van de regio ook na het tijdstip van de
                                opheffing in functie, totdat de liquidatie is beëindigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr></kop><al>De besturen van de deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat de
                            verwerking in het gemeentelijk register als bedoeld in artikel 27 van de
                            Wet zal plaatsvinden binnen 14 dagen na bericht van goedkeuring van de
                            wijzigingen die voortvloeien uit de artikelen 42, 43, 44 en 45.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>16</nr><titel>GESCHILLEN EN KLACHTRECHT</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat over een geschil, als bedoeld in artikel 28 van de Wet, de
                                beslissing van Gedeputeerde Staten wordt ingeroepen, legt het
                                algemeen bestuur het geschil ter advies voor aan een daartoe door
                                partijen in te stellen geschillencommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken besturen
                                en brengt advies aan het algemeen bestuur uit over de mogelijkheden
                                partijen tot overeenstemming te brengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr></kop><al>Tot behandeling van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18 van de
                            Algemene wet bestuursrecht is bevoegd de Stichting De Overijsselse
                            Ombudsman voor zover één van de deelnemende gemeenten eveneens deze
                            stichting als ombudsman heeft aangewezen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>17</nr><titel>OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr></kop><al>(Vervallen).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten dragen zorg
                                voor de verwerking van deze regeling in het gemeentelijk register
                                als bedoeld in artikel 27 van de Wet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd, met uitzondering
                                van:</al><lijst><li nr="a."><al> de taak grensoverschrijdende samenwerking die wordt
                                        aangegaan tot de dag waarop een grensoverschrijdende
                                        gemeenschappelijke regeling voor Euregio in werking treedt
                                        op basis van de overeenkomst van 23 mei 1991 tussen het
                                        Koninkrijk der Nederlanden, de Bondsrepubliek Duitsland, het
                                        Land Nedersaksen en het Land Noordrijn-Westfalen;</al></li><li nr="b."><al> (vervallen)</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr></kop><al>(Vervallen).</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De verordeningen vastgesteld door de besturen van de in de aanhef
                                vermelde samenwerkings- verbanden blijven van kracht totdat deze
                                worden gewijzigd en/of ingetrokken met toepassing van deze
                                regeling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De regio neemt de rechten en verplichtingen van de in de aanhef
                                vermelde samenwerkingsver- banden over, een en ander – voor zover
                                van toepassing – overeenkomstig het liquidatieplan c.q. het document
                                financiële structuur van het betreffende samenwerkingsverband.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Zolang een deelnemende gemeente voor de behartiging van één of meer
                                van de in artikel 4 genoemde belangen nog aangesloten is bij een
                                samenwerkingsverband, niet genoemd in deaanhef, onthoudt het bestuur
                                van de regio zich in die gemeente van uitvoering van taken en
                                bevoegdheden, die ingevolge de betreffende gemeenschappelijke
                                regeling tot het werkterrein van dat samenwerkingsverband behoren.
                                Het betreffende gemeentebestuur verbindt zich maatregelen te nemen,
                                die leiden tot uittreding van de gemeente uit dat
                                samenwerkingsverband.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor deelname aan de behartiging van de belangen binnen de regio is
                                het bepaalde in artikel 42, lid 2, van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>54</nr></kop><al>Totdat hierin door het algemeen bestuur wijziging wordt aangebracht,
                            worden de kosten verbonden aan de uitvoering van de ingevolge deze
                            regeling aan de regio opgedragen belangen, toegerekend en omgeslagen
                            overeenkomstig het stelsel, dat in de afzonderlijke begrotingen van de
                            in de aanhef vermelde samenwerkingsverbanden terzake is toegepast.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>55</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regeling kan worden aangehaald als “Regeling Regio Twente”.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De onderhavige regeling treedt in werking op 1 mei 1995.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>56</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De volgende besluiten worden door het algemeen bestuur genomen met
                                tweederde van het aantal ter vergadering aanwezige gemeenten
                                omvattende tenminste tweederde van het aantal uitgebrachte
                                stemmen:</al><lijst><li nr="a."><al> alle besluiten met betrekking tot grondbeleid;</al></li><li nr="b."><al> het vaststellen van het regionaal structuurplan;</al></li><li nr="c."><al> de instelling van een bestuurscommissie als bedoeld in
                                        artikel 112, lid 1 van de Wet;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De overige besluiten die betrekking hebben op bevoegdheden van een
                                plusregio worden door het algemeen bestuur genomen met de helft plus
                                één van het aantal ter vergadering aanwezige gemeenten omvattende
                                een gewone meerderheid van het aantal uitgebrachte stemmen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>57</nr></kop><al>Deelnemende gemeenten aan deze regeling zijn: Almelo, Borne, Dinkelland,
                            Enschede, Haaksbergen, Hellendoorn, Hengelo (O), Hof van Twente, Losser,
                            Oldenzaal, Rijssen-Holten, Tubbergen, Twenterand en Wierden.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>