<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR409344_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Inspraakverordening Regio Twente</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Regio Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>1997-09-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Borne</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dinkelland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellendoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hengelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Losser</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oldenzaal</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tubbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Twenterand</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Inspraakverordening Regio Twente</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=150">Gemeentewet, art. 150</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>1997-09-29</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1997-09-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2022-06-09</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Paragraaf 7 bevat een overgangsbepaling.</al><al>De datum inwerkingtreding is bij benadering ingevuld.</al><al>De datum en bron bekendmaking is niet te achterhalen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Inspraakverordening Regio Twente</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>De verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>inspraak : het ten aanzien van beleidsvoornemens van de Regio
                                    Twente kenbaarmaken van een zienswijze en daarover van gedachten
                                    wisselen.</al></li><li nr="b."><al>inspraakprocedure : de wijze waarop de inspraak gestalte wordt
                                    gegeven.</al></li><li nr="c."><al>ingezetenen : ingezetenen van de bij de Regio Twente aangesloten
                                    gemeenten en in deregio een belang hebbende rechtspersonen.</al></li><li nr="d."><al>regio : de Regio Twente.</al></li><li nr="e."><al>dagelijks bestuur : het dagelijks bestuur van de Regio
                                    Twente.</al></li><li nr="f."><al>regioraad : het Algemeen Bestuur van de Regio Twente.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Object van inspraak</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al/><lijst><li nr="a."><al>Inspraak is mogelijk ten aanzien van de belangen die de
                                        Regio behartigt.</al></li><li nr="b."><al>Indien en voorzover in bijzondere wetgeving specifieke
                                        bepalingen aangaande inspraak opgenomen zijn, neemt het
                                        dagelijks bestuur die bepalingen in acht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In beginsel wordt inspraak verleend op beleidsvoornemens die de
                                ingezetenen rechtstreeksraken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Geen inspraak wordt verleend:</al><lijst><li nr="a."><al>ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder
                                        vastgesteld beleidsvoornemen;</al></li><li nr="b."><al>indien inspraak bij of krachtens de wet is uitgesloten;</al></li><li nr="c."><al>indien sprake is van uitvoering van regelingen van hogere
                                        overheden waarbij van enigebeleidsvrijheid geen sprake
                                        is.</al></li></lijst></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Subject van inspraak</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Inspraak wordt verleend aan ingezetenen.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Inspraakprocedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al/><lijst><li nr="a."><al>Het dagelijks bestuur stelt voor elk beleidsvoornemen,
                                        waarop inspraak wordt verleend, een inspraakprocedure
                                        vast.</al></li><li nr="b."><al>De inspraakprocedure omvat ondermeer:1</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>1.</lidnr><al>de beslispunten ofwel de aspecten van het beleidsvoornemen waarover
                                ingezetenenwordt gevraagd hun zienswijze te formuleren;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>de tijdsplanning van de procedure;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>de wijze waarop de ingebrachte zienswijzen bij de besluitvorming
                                worden betrokken.Alsmede voorzover mogelijk en relevant:</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>de financiële middelen, die naar verwachting voor de uitvoering van
                                het te nemenbeleidsvoornemen beschikbaar zullen worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan de inspraakprocedure wijzigen in die
                                gevallen waarin de vaststelling vanhet beleidsvoornemen dit vereist.
                                Zij geven hiervan kennis overeenkomstig het gestelde in artikel3:42
                                van de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Op de in deze verordening bedoelde inspraakprocedure is afdeling 3.4 van
                            de Algemene wetbestuursrecht van overeenkomstige toepassing.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Eindverslag en informatie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter afronding van de inspraak maakt het dagelijks bestuur een
                                eindverslag op.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het eindverslag bevat in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>een overzicht van de gevolgde procedure;</al></li><li nr="b."><al>een weergave van de zienswijzen die tijdens de inspraak
                                        mondeling of schriftelijk naar vorenzijn gebracht;</al></li><li nr="c."><al>een reactie op deze zienswijzen waarbij met redenen omkleed
                                        wordt aangegeven op welkepunten al dan niet tot aanpassing
                                        van het beleidsvoornemen zou kunnen worden overgegaan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur brengt het eindverslag onmiddellijk ter kennis
                                van de regioraad, tenzij heteen beleidsvoornemen betreft dat tot de
                                verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur behoort.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur stelt belanghebbenden op de hoogte van het
                            bestuursbesluit over hetbeleidsvoornemen. In het geval het
                            bestuursbesluit afwijkt van de ingebrachte zienswijzen, geeft
                            hetdagelijks bestuur gemotiveerd aan op welke punten sprake is van een
                            afwijking.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Beklagrecht</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ingezetenen kunnen over de wijze van uitvoering van deze verordening
                                en de inspraakprocedurebij het dagelijks bestuur een schriftelijke
                                klacht indienen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een klacht, als bedoeld in het eerste lid, dient uiterlijk vier
                                weken na afloop van de inspraakprocedurete worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het vorige lid genoemde termijn geldt niet wanneer het een
                                klacht betreft over het nietplaatsvinden van inspraak op een
                                beleidsvoornemen waarop deze verordening van toepassinghad kunnen
                                zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur beslist binnen vier weken na ontvangst van het
                                klaagschrift over de ingediendeklacht. Zij kan deze termijn met ten
                                hoogste vier weken verdagen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur brengt de beslissing over het klaagschrift
                                onmiddellijk ter kennis van deklager en de regioraad, tenzij het een
                                beleidsvoornemen betreft dat tot de verantwoordelijkheidvan het
                                dagelijks bestuur behoort.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7</nr><titel>Slot- en overgangsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>De verordening kan worden aangehaald als ‘Inspraakverordening Regio
                            Twente’.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>De verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die
                            van haar bekendmaking.</al></artikel></paragraaf></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><titel>TOELICHTING</titel></kop><al>Algemeen</al><al>In artikel 150 van de Gemeentewet wordt aan de gemeenteraad de verplichting
                    opgelegd een inspraakverordening vast te stellen. Daar de Regio Twente een
                    openbaar lichaam is in de zin van de</al><al>Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) en op grond van artikel 33 WGR de regels
                    voor de bevoegdheden van het gemeentebestuur overeenkomstig van toepassing zijn
                    op WGR-besturen,</al><al>dient ook de regioraad een dergelijke verordening vast te stellen.</al><al>Inspraak kan op zeer uiteenlopende manieren vorm worden gegeven. Een flexibele
                    en globale raamregeling maakt het mogelijk dat recht wordt gedaan aan de
                    behoefte van insprekers en</al><al>regiobestuur mede in relatie tot aard, schaal en reikwijdte van het
                    beleidsvoornemen waarop inspraak plaatsvindt.</al><al/><al>Een gedetailleerde en daardoor rigide wijze van regelgeving dient de belangen
                    van insprekers geenszins. Het zwaartepunt ligt hier bij de door het dagelijks
                    bestuur vast te stellen inspraakprocedure</al><al>(zie artikel 4). In dat besluit worden voor elk beleidsvoornemen of categorieën
                    van beleidsvoornemens, de termijnen (conform art. 3:4 Algemene Wet bestuursrecht
                    (Awb), bestuurlijke randvoorwaarden</al><al>(beleid van andere bestuursorganen, bestaand beleid, politieke
                    prioriteitenstelling, enz.), financiële voorwaarden (wat is de financiële ruimte
                    voor eventuele alternatieven), de wijze van informatieverstrekking, etc.
                    aangegeven. Anders geformuleerd: aan het begin van elke ‘inspraakrit’ wordt, al
                    naar gelang de behoeften en mogelijkheden, de procedure vastgesteld.</al><al/><al>Artikelgewijs</al><al>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</al><al>Er zijn veel omschrijvingen van het begrip inspraak. Bij de in dit artikel
                    opgenomen formulering is aangesloten bij de tekst van artikel 150 Gemeentewet.
                    Inspraak is een onderdeel van de voorbereiding</al><al>en uitvoering van het regionale beleid en heeft een tweeledig doel. Enerzijds
                    wordt aan belanghebbenden de mogelijkheid geboden om hun mening over
                    beleidsvoornemens kenbaar te</al><al>maken. Anderzijds wordt er voor de voor de beleidsvoorbereiding noodzakelijke
                    belangenafweging, een belangrijk hulpmiddel geboden.</al><al>De verantwoordelijkheid voor het houden van inspraak over beleidsvoornemens
                    ligt, zo volgt uit de tekst van de wet, bij de regioraad. De
                    verantwoordelijkheid voor de uitvoering, de nadere regeling en organisatie van
                    de inspraak behoort aan het dagelijks bestuur. Inspraak is onderdeel van het
                    totale besluitvormingsproces, een naar tijd en strekking begrensde fase daarin.
                    Het moet onderscheiden worden van de andere mogelijkheden die men heeft om zich
                    tot het regiobestuur te wenden. Te denken valt hierbij aan het spreekrecht bij
                    commissievergaderingen</al><al>(regeling via Reglement vaste commissies van advies Regio Twente). Het gaat dan
                    echter al vaak om door het dagelijks bestuur vastgestelde beleidsvoornemens.
                    Inspraak is uiteraard ook van een andere orde dan de mogelijkheid om de
                    uitkomsten van de beleidsvaststelling aan te vechten door bezwaar</al><al>en beroep. </al><al>Het begrip beleidsvoornemen is niet gedefinieerd. Het zal duidelijk zijn dat het
                    hierbij niet gaat om de vaststelling van concrete besluiten en/of maatregelen
                    maar om de vorming van het beleid waarop deze kunnen worden gebaseerd.</al><al/><al>Artikel 2 Object van inspraak</al><al>Inspraak is mogelijk op beleidsvoornemens betreffende alle terreinen waar de
                    regio bevoegdheden van regeling en bestuur heeft, zoals weergegeven in artikel 5
                    van de Regeling Regio Twente. Bij ieder</al><al>beleidsvoornemen is het derhalve van belang na te gaan welke belanghebbenden er
                    zijn. Het tweede lid sluit wat betreft terminologie aan bij de Awb. In het derde
                    lid zijn de situaties gegeven wanneer geen inspraak wordt verleend.</al><al/><al>Artikel 3 Subject van inspraak</al><al>Deze omschrijving vloeit rechtstreeks voort uit de tekst van de
                    Gemeentewet.</al><al/><al>Artikel 4, 5 Inspraakprocedure</al><al>In artikel 4 lid 1.b.1. is bepaald dat het dagelijks bestuur zal aangeven over
                    welke onderwerpen zij een besluit wil nemen of voorbereiden, met andere woorden
                    over welke aspecten van het voor te bereiden beleid de standpunten van de
                    belanghebbenden worden gevraagd. Dit zijn de beslispunten. Artikel 4 lid 2
                    regelt de wijziging van de inspraakprocedure. Wijziging is niet mogelijk met
                    betrekking</al><al>tot de inzagetermijn. Tevens kan de besluitvorming niet plaatsvinden binnen de
                    termijn van inzage. Artikel 5 bepaalt dat op de inspraakprocedure afdeling 3.4
                    van de Awb overeenkomstig van</al><al>toepassing is. Deze procedure ziet er als volgt uit:</al><al>A. Voorafgaand aan het ter inzage leggen van een beleidsvoornemen (zie B) wordt
                    in een of meer nieuws-, of huis-aan-huisbladen of op een andere geschikte wijze
                    kennis gegeven van het beleidsvoornemen. Volstaan kan worden met het vermelden
                    van de zakelijke inhoud. Tevens wordt vermeld waar en wanneer de stukken ter
                    inzage zullen liggen en wie in de gelegenheid wordt gesteld - en op wat voor
                    wijze - hun zienswijze over de beleidsvoornemens</al><al>te geven.</al><al>B. Het beleidsvoornemen wordt met de daarop betrekking hebbende stukken voor een
                    periode</al><al>van tenminste vier weken ter inzage gelegd voor belanghebbenden.</al><al>C. Binnen de gegeven vier weken kunnen belanghebbenden hun zienswijze
                    schriftelijk of mondeling naar voren brengen. Indien dit mondeling gebeurt dan
                    wordt hiervan een verslag</al><al>gemaakt.</al><al/><al>Artikel 6, 7 Eindverslag en informatie</al><al>Met het gestelde in deze artikelen wordt voldaan aan artikel 150, tweede lid,
                    onder c, Gemeentewet. De eindrapportage dient een volledig overzicht te bevatten
                    van zowel de mondelinge als de</al><al>schriftelijke inspraakreacties. Voor wat betreft artikel 6 lid 2, onder b, wordt
                    verwezen naar datgene wat in de Memorie van toelichting bij de Awb wordt
                    opgemerkt. Daarin is aangeduid dat in het verslag</al><al>kan worden volstaan met een korte zakelijke weergave van de naar voren gebrachte
                    opvattingen en vermelding van de personen die hun opvatting naar voren hebben
                    gebracht.</al><al/><al>Artikel 8 Beklagrecht</al><al>De Gemeentewet schrijft in artikel 150 lid 2.d. voor dat in de
                    inspraakverordening een regeling wordt getroffen voor de wijze waarop
                    ingezetenen in de gelegenheid worden gesteld hun beklag te doen over de
                    uitvoering van de verordening.</al><al>Artikel 9, 10 Slot- en overgangsbepaling Deze artikelen hoeven geen
                    toelichting.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>