<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR409321_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening woninggebonden subsidies Regio Twente</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Regio Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Borne</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dinkelland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellendoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hengelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Losser</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oldenzaal</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tubbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Twenterand</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2015-482.html">Blad gemeenschappelijke regeling, 2015, 482</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening woninggebonden subsidies Regio Twente</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Besluit woninggebonden subsidies</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-01-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening woninggebonden subsidies Regio Twente</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><lid><lidnr>a.</lidnr><al>Algemeen bestuur: het algemeen bestuur van de Regio Twente.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Subsidieontvanger: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die
                                    een aanvraag doet om vaststellingen uitbetaling van de door de
                                    Regio Twente verleende subsidie.</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>Het Besluit: het Besluit woninggebonden subsidies (Stb. 1994,
                                    744).</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>Bouwplan: de beschrijving van de te bouwen woningen,
                                    standplaatsen of woonwagens, of de tetreffen voorzieningen aan
                                    woningen of standplaatsen, vergezeld van alle
                                    voorgeschrevengegevens, zoals vereist op grond van deze
                                    verordening.</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>Budget: bedrag aan subsidie dat jaarlijks door de minister aan
                                    de Regio Twente beschikbaarwordt gesteld, alsmede het bedrag dat
                                    resteert van in vorige jaren toegekende budgetten,alsmede het
                                    bedrag dat beschikbaar komt als gevolg van intrekking van een
                                    besluit tot verleningvan subsidie, alsmede daaraan op grond van
                                    het Besluit of op grond van een besluit van hetalgemeen bestuur
                                    toegevoegde vrijvallende middelen ten behoeve van het bouwen van
                                    woningen,standplaatsen, of woonwagens of het treffen van
                                    ingrijpende voorzieningen aan woningen enstandplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>Budgetbrief: jaarlijkse brief van de Minister waarin hij
                                    budgetten voor een budgetjaar aan debudgethouder toekent.</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van een
                                    deelnemende gemeente.</al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>Dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Regio
                                    Twente.</al></lid><lid><lidnr>i.</lidnr><al>Gemeenteraad: de raad van een deelnemende gemeente.</al></lid><lid><lidnr>j.</lidnr><al>Gereedkomingsdatum: de dag waarop de woning, de standplaats of
                                    de woonwagen gereedkomtdan wel de dag waarop de administratief
                                    in een plan samengevoegde woningen gemiddeldgereedkomen dan wel
                                    de dag waarop een buiten de standplaats gebouwde nieuwe
                                    woonwagenop de standplaats wordt geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>k.</lidnr><al>Huurder: degene die met de verhuurder een huurovereenkomst heeft
                                    gesloten als bedoeld inartikel 7A:1584 van het Burgerlijk
                                    Wetboek.</al></lid><lid><lidnr>l.</lidnr><al>Huurprijs: prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor
                                    het enkele gebruik van een woning,standplaats of woonwagen,
                                    uitgedrukt in een bedrag per maand.</al></lid><lid><lidnr>m.</lidnr><al>Ingrijpende voorziening aan een woning: voorziening aan een
                                    huurwoning waarvan de bouw isvoltooid voor 1 januari 1946, of
                                    een huurstandplaats, waarvan de kosten per woning meerbedragen
                                    dan de in het Besluit genoemde minimumkosten.</al></lid><lid><lidnr>n.</lidnr><al>Aanvrager: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die een
                                    aanvraag indient voor de verleningvan subsidie.</al></lid><lid><lidnr>o.</lidnr><al>Kosten van het verkrijgen in eigendom: de door de burgemeester
                                    en wethouders vast te stellennoodzakelijke direct met de bouw
                                    samenhangende kosten (zie toelichting).</al></lid><lid><lidnr>p.</lidnr><al>Kosten van ingrijpende voorzieningen: de door de burgemeester en
                                    wethouders vast te stellennoodzakelijke kosten die direct
                                    samenhangen met het treffen van ingrijpende voorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>q.</lidnr><al>Middeldure huurwoning: een verhuurde of te verhuren middeldure
                                    woning, waarvan de kosten vanhet verkrijgen in eigendom zijn
                                    bepaald door het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>r.</lidnr><al>Middeldure koopwoning: een middeldure woning die door de
                                    eigenaar wordt bewoond, waarvande kosten van het verkrijgen in
                                    eigendom zijn bepaald door het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>s.</lidnr><al>De minister: de minister van volkshuisvesting, ruimtelijke
                                    ordening en milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>t.</lidnr><al>Openbaar Lichaam: een regionaal openbaar lichaam als genoemd in
                                    artikel 1 van de kaderwetbestuur in verandering, of een openbaar
                                    lichaam als bedoeld in artikel 8 van de wet
                                    gemeenschappelijkeregelingen, waarin de gemeenten samenwerken
                                    die gezamenlijk volgens debevolkingscijfers van het Centraal
                                    bureau voor de statistiek op 1 januari 1991 ten minste
                                    30.000inwoners hadden.</al></lid><lid><lidnr>u.</lidnr><al>Reservering: de door het algemeen bestuur voor een gemeente
                                    gereserveerde subsidie in eenbudgetjaar.</al></lid><lid><lidnr>v.</lidnr><al>Sociale huurwoning: een verhuurde of te verhuren woning in de
                                    sociale bouwsector, in eigendomvan een toegelaten instelling of
                                    gemeente, waarvan de kosten van het verkrijgen in eigendom
                                    zijnbepaald door het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>w.</lidnr><al>Sociale koopwoning: een woning in de sociale bouwsector die door
                                    de eigenaar wordt bewoond,waarvan de kosten van het verkrijgen
                                    in eigendom zijn bepaald door het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>x.</lidnr><al>Subsidiecategorie: dat deel van de voor de gemeente
                                    gereserveerde subsidie dat door degemeenteraad beschikbaar is
                                    gesteld voor een categorie woningen, standplaatsen, woonwagensof
                                    voorzieningen dan wel toeslagen als bedoeld in artikel 5f.</al></lid><lid><lidnr>y.</lidnr><al>Toegelaten instelling: instelling toegelaten krachtens artikel
                                    70 van de Woningwet (Stb. 1991,439), die bevoegd is binnen het
                                    werkgebied van de Regio Twente te opereren.</al></lid><lid><lidnr>z.</lidnr><al>Toeslag ten behoeve van plaatselijk verschillende
                                    omstandigheden: een toeslag als tegemoetkomingbij extra kosten
                                    die aan woningbouw op bepaalde plaatsen zijn verbonden.</al></lid><lid><lidnr>aa.</lidnr><al> Vaststellen van subsidie: het besluit van het dagelijks bestuur
                                    waarbij de hoogte van de verleendesubsidie wordt vastgesteld en
                                    het openbaar lichaam zich verplicht tot uitbetaling.</al></lid><lid><lidnr>bb.</lidnr><al> Aanwendingsbesluit: besluit van de Gemeenteraad, waarin wordt
                                    vastgesteld dat bouwplannenvan in dat besluit aangegeven
                                    gegadigden op in dat besluit aangegeven locaties in
                                    aanmerkingkunnen komen voor subsidie van een
                                    subsidiecategorie.</al></lid><lid><lidnr>cc.</lidnr><al> Verdeelbesluit: besluit van het algemeen bestuur, welk deel van
                                    het budget voor de gemeentenwordt gereserveerd.</al></lid><lid><lidnr>dd.</lidnr><al> Verlenen van subsidie: het besluit van het dagelijks bestuur
                                    dat een aanspraak op subsidieverschaft.</al></lid><lid><lidnr>ee.</lidnr><al> Voorziening: bouwkundige of bouwtechnische maatregel aan een
                                    woning of standplaats, die strekttot verbetering van de indeling
                                    of het woongerief, waaronder begrepen de daartoe
                                    noodzakelijkeopheffing van technische gebreken, of tot
                                    bouwkundige splitsing of samenvoeging.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Voor de toepassing van deze verordening wordt mede verstaan
                                onder:</al><lijst><li nr="1."><al>eigenaar: opstaller, erfpachter, gerechtigde tot een
                                        appartementsrecht of degene die lid is van eencoöperatie en
                                        op die grond het uitsluitende gebruik heeft van een aan die
                                        coöperatie in eigendombehorende woning;</al></li><li nr="2."><al>eigendom: opstal, erfpacht, appartementsrecht of
                                        lidmaatschap als bedoeld in eerste lid;</al></li><li nr="3."><al>woning: onzelfstandige woonruimte;</al></li><li nr="4."><al>het verlenen van subsidie: het verlenen van subsidie ten
                                        behoeve van het bouwen dan wel hettreffen van voorzieningen
                                        van gemeentewege;</al></li><li nr="5."><al>bouwen: het verbouwen van gebouwd onroerend goed tot
                                        woonruimte, waarbij de bestemmingvan het onroerend goed
                                        wordt gewijzigd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Deze verordening is niet van toepassing op:</al><lijst><li nr="a."><al>woningen die niet geschikt of bestemd zijn om voortdurend
                                        door dezelfde persoon ofpersonen te worden bewoond;</al></li><li nr="b."><al>woningen die als ambts- of dienstwoning in gebruik zijn of
                                        als zodanig bestemd;</al></li><li nr="c."><al>bejaardenoorden als bedoeld in de Wet op de
                                        bejaardenoorden;</al></li><li nr="d."><al>(bij een woning behorende) bedrijfsruimte.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>De algemene bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing, tenzij
                                in de overige hoofdstukken vandeze verordening hiervan nadrukkelijk
                                wordt afgeweken.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Grondslag en werkingssfeer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Op grond van deze verordening kan het dagelijks bestuur subsidie
                                verlenen:</al><lijst><li nr="a."><al>voor het bouwen van woningen in de sociale bouwsector;</al></li><li nr="b."><al>voor het bouwen van middeldure woningen;</al></li><li nr="c."><al>voor het treffen van ingrijpende voorzieningen aan woningen
                                        en standplaatsen;</al></li><li nr="d."><al>voor het bouwen van standplaatsen;</al></li><li nr="e."><al>voor het bouwen van woonwagens;</al></li><li nr="f."><al>in de vorm van een toeslag ten behoeve van plaatselijk
                                        verschillende omstandigheden voor hetbouwen van woningen of
                                        standplaatsen of het treffen van ingrijpende voorzieningen
                                        aanhuurwoningen of huurstandplaatsen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>De verlening van subsidie geschiedt overeenkomstig de bepalingen van
                                de hoofdstukken II, III en IVvan deze verordening.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Vaststelling en reservering van budgetten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jaarlijks besluit het algemeen bestuur welk deel van het budget
                                    voor subsidie voor de gemeentenwordt gereserveerd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur deelt jaarlijks, binnen acht weken na
                                    ontvangst van de budgetbrief,schriftelijk aan de gemeenteraden
                                    mee hoeveel subsidie uit het budget in het
                                    desbetreffendebudgetjaar is gereserveerd voor de uitvoering van
                                    deze verordening in hun gemeente.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de reservering van het budget als bedoeld in het tweede lid
                                    neemt het algemeen bestuur decriteria, genoemd in artikel 23 van
                                    het Besluit in acht en houdt het rekening met de door het Rijken
                                    de provincie gestelde prioriteiten.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan voorwaarden en voorschriften verbinden
                                    aan de besteding van dereservering als bedoeld in het tweede
                                    lid.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien de minister een besluit heeft genomen als bedoeld in
                                    artikel 18 van het Besluit, houdt hetalgemeen bestuur daarmee
                                    rekening bij de verdeling als bedoeld in het tweede lid.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Prioriteiten en nadere voorwaarden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad besluit welke prioriteiten hij stelt bij de
                                    aanwending van het budget vooraanvragen om verlening van
                                    subsidie voor het bouwen van woningen, standplaatsen
                                    enwoonwagens en het treffen van ingrijpende voorzieningen aan
                                    woningen en standplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeenteraad besluit, welke nadere voorwaarden hij stelt bij
                                    het indienen van aanvragen omverlening van subsidie voor het
                                    bouwen van woningen, standplaatsen en woonwagens of hettreffen
                                    van voorzieningen aan huurwoningen en huurstandplaatsen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorwaarden, bedoeld in het tweede lid, zullen functioneel
                                    zijn ten opzichte van de beleidsdoelstellingvan het
                                    subsidie-instrument.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Prioriteiten kunnen zijn neergelegd in een
                                    volkshuisvestingsplan, respectievelijk andere
                                    beleidsnota’s.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De burgemeester en wethouders doen een voorstel tot het stellen
                                    van prioriteiten en nadere voorwaardennadat daaromtrent door hen
                                    de lokaal of regionaal toegelaten instellingen en anderenaar het
                                    oordeel van de gemeenteraad daarvoor in aanmerking komende
                                    natuurlijke en rechtspersonen,waaronder
                                    woonconsumentenorganisaties, zijn geraadpleegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders doen schriftelijk verslag van deze
                                    raadpleging aan de gemeenteraad.Tevens geven zij een reactie op
                                    de daarbij naar voren gebrachte argumenten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Jaarlijks, binnen acht weken na de ontvangst van de
                                    schriftelijke reservering als bedoeld in artikel7, lid 2, neemt
                                    de gemeenteraad een aanwendingsbesluit waarbij:</al><lijst><li nr="1."><al>wordt aangegeven in hoeverre de criteria, genoemd in
                                            artikel 23 van het Besluit in achtworden genomen;</al></li><li nr="2."><al>een inkomensafhankelijke subsidietabel kan worden
                                            bepaald voor sociale koopwoningen, tervervanging van de
                                            artikelen 60 en 61;</al></li><li nr="3."><al>zij de voor de gemeente gereserveerde subsidie
                                            onverdeeld in subsidiecategoriën zoalsvernoemd in
                                            artikel 5 en/of toewijst aan nieuwe bouwplannen.</al></li><li nr="2."><al>Terstond nadat het aanwendingsbesluit is genomen, zenden
                                            Burgemeester en Wethoudershiervan een afschrift aan het
                                            dagelijks bestuur.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De gemeenteraad kan burgemeester en wethouders toestemming
                                    verlenen tot nader door hem tebepalen grenzen en onder nader
                                    door hem te bepalen voorwaarden het Aanwendingsbesluit
                                    tewijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester er wethouders geven geen toepassing aan het
                                    bepaalde in het eerste lid dan nahet horen van de daarvoor in
                                    aanmerking komende raadscommissie(s).</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan op verzoek van de aanvrager en door
                                    tussenkomst van burgemeesteren wethouders de categorie waarvoor
                                    de subsidie is verleend wijzigen in een andere categorie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan de omzetting weigeren indien de
                                    aanvankelijk verleende subsidieontoereikend is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan afwijken van de op grond van artikel 7,
                                eerste lid, vastgestelde voorgemeenten gereserveerde subsidie en van
                                de op grond van artikel 7, tweede lid, vastgesteldeverdeling over de
                                gemeenten, indien door de minister op grond van het Besluit een
                                budget wordtherzien.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan afwijken van de op grond van artikel 7,
                                tweede lid, vastgestelde verdelingover de gemeenten indien de
                                betrokken gemeenten met de herverdeling instemmen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur brengt jaarlijks verslag uit aan het algemeen
                                bestuur over de wijze waaropbudgetbesteding heeft
                                plaatsgevonden.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>II</nr><titel>AANVRAGEN, VERLENEN EN VASTSTELLEN VAN SUBSIDIE</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>De aanvraag om subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr></kop><al>De aanvrager vraagt subsidie aan bij het dagelijks bestuur door
                                tussenkomst van burgemeester enwethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvrager dient de aanvraag als bedoeld in artikel 16 in bij
                                    burgemeester en wethouders vóór15 september van het jaar waarin
                                    de beslissing wordt aangevraagd of voor een ander eerdertijdstip
                                    als dat na overleg met de aanvrager is bepaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een aanvraag na de in het eerste lid genoemde datum wordt
                                    ontvangen, kan de aanvraagworden aangehouden tot het volgende
                                    jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een beslissing tot aanhouding van een plan kan voor datzelfde
                                    plan eenmaal genomen worden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders bevestigen binnen twee weken de
                                    ontvangst van de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De aanvraag bedoeld in het eerste lid geschiedt met
                                    gebruikmaking van een daartoe door hetalgemeen bestuur
                                    vastgesteld en door de aanvrager volledig ingevuld en
                                    ondertekend formulier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag als bedoeld in artikel 16 gaat in elk geval
                                    vergezeld van de volgende door deaanvrager te verstrekken
                                    gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>een specificatie van de geraamde kosten van het
                                            verkrijgen in eigendom dan wel van hettreffen van
                                            ingrijpende voorzieningen;</al></li><li nr="b."><al>bestekken c.q. technische omschrijving en tekeningen van
                                            het bouwplan;</al></li><li nr="c."><al>een opgave van het aantal woningen, standplaatsen of
                                            woonwagens waarop het bouwplanbetrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>de verlangde subsidie;</al></li><li nr="e."><al>een kosten-kwaliteitstoets, voor zover dit naar oordeel
                                            van burgemeester en wethouders dientte worden
                                            overgelegd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een aanvraag als bedoeld in artikel 16 gaat tevens vergezeld van
                                    de op grond van hoofdstuk IIIvereiste door de aanvrager te
                                    verstrekken gegevens.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr></kop><al>Indien een bouwplan niet voldoet aan de prioriteiten gesteld op
                                grond van artikel 9, lid 1, kunnenburgemeester en wethouders de
                                aanvraag aanhouden tot 15 september van het jaar waarin debeslissing
                                wordt gevraagd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders adviseren het dagelijks bestuur de
                                    aanvraag aan te houden tot hetvolgende budgetjaar indien het
                                    bouwplan niet in het aanwendingsbesluit is opgenomen dan
                                    weldaarin de betreffende subsidiecategorie of de voor de
                                    gemeente gereserveerde subsidie overschredenzou worden wanneer
                                    subsidie wordt verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een besluit tot aanhouding van een plan kan voor datzelfde plan
                                    eenmaal genomen worden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders wijken af van het bepaalde in het
                                    eerste lid indien:</al><lijst><li nr="a."><al>in het aanwendingsbesluit de betreffende
                                            subsidiecategorie dan wel de voor de
                                            gemeentegereserveerde subsidie niet of gedeeltelijk met
                                            bouwplannen is belegd;</al></li><li nr="b."><al>bouwplannen die opgenomen zijn in het aanwendingsbesluit
                                            en het betreffende jaar geendoorgang vinden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders nemen bij een afwijking als bedoeld
                                    in het derde lid de uitgangspunten in acht zoals bedoeld in
                                    artikel 8.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dienen een aanvraag om subsidie in bij
                                het dagelijks bestuur enverklaren daarbij dat:</al><lijst><li nr="a."><al>het bouwplan sober en doelmatig is;</al></li><li nr="b."><al>is voldaan aan de nadere voorwaarden als bedoeld in artikel
                                        8, tweede en derde lid;</al></li><li nr="c."><al>zij met de aanvrager overeenstemming hebben bereikt over de
                                        hoogte van de gevraagdesubsidie;</al></li><li nr="d."><al>niet reeds een begin met de werkzaamheden is gemaakt zonder
                                        hun toestemming</al></li><li nr="e."><al>is voldaan aan de door het algemeen bestuur gestelde
                                        voorwaarden en voorschriften als bedoeldin artikel 7, vierde
                                        lid;</al></li><li nr="f."><al>voor een bouwplan een bouwvergunning is verleend of zal
                                        worden verleend;</al></li><li nr="g."><al>voor het overige is voldaan aan de verordening
                                        woninggebonden subsidies Regio Twente.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders zenden binnen acht weken na ontvangst van
                                een aanvraag als bedoeldin artikel 16, doch uiterlijk vóór 15
                                november van het jaar waarin de beslissing wordt gevraagd, deze</al><al>aanvraag door aan het dagelijks bestuur.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>De verlening van subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur bevestigt binnen twee weken de ontvangst van
                                de aanvraag aan burgemeesteren wethouders en aan de aanvrager.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur beslist binnen vier weken na de ontvangst van
                                een aanvraag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur verleent subsidie onder voorwaarde dat:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder toestemming van burgemeester en wethouders bij de
                                        werkzaamheden niet wordt afgewekenvan het bouwplan;</al></li><li nr="b."><al>de gereedmelding van de werkzaamheden plaatsvindt
                                        overeenkomstig artikel 27;</al></li><li nr="c."><al>de aanvrager de informatie beschikbaar houdt die de minister
                                        noodzakelijk acht voor een juisttoezicht op de naleving van
                                        de in het Besluit gestelde voorwaarden en op verzoek van
                                        hetdagelijks bestuur of burgemeester en wethouders terstond
                                        levert;</al></li><li nr="d."><al>wordt voldaan aan de door de gemeenteraad gestelde
                                        prioriteiten en nadere voorwaarden alsbedoeld in artikel
                                        8.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur verleent subsidie onder de voorwaarde dat de
                                door burgemeester enwethouders belaste personen op door burgemeester
                                en wethouders te bepalen tijdstippen;</al><lijst><li nr="a."><al>toegang wordt verleend tot de bouwplaats, de woning, de
                                        standplaats, de woonwagen of hetgebouw dat tot woning wordt
                                        verbouwd;</al></li><li nr="b."><al>inzage wordt verleend in de op de bouw betrekking hebbende
                                        bescheiden en tekeningen;</al></li><li nr="c."><al>alle inlichtingen worden verstrekt die naar hun oordeel
                                        noodzakelijk zijn voor de beoordeling ofaan de voorwaarden
                                        verbonden aan het verlenen van subsidie wordt voldaan.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>De gereedmelding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger verklaart door tussenkomst van burgemeester
                                    en wethouders aan hetdagelijks bestuur dat de bedoelde
                                    werkzaamheden zijn voltooid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gereedmelding is tevens een aanvraag om vaststelling en
                                    uitbetaling van de subsidie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De subsidieontvanger dient de gereedmelding, bedoeld in het
                                    eerste lid, terstond na de voltooiingvan de werkzaamheden doch
                                    uiterlijk binnen drie jaar na het verlenen van de subsidie in
                                    bijburgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gereedmelding bedoeld in het eerste lid geschied met
                                    gebruikmaking van een daartoe door hetalgemeen bestuur
                                    vastgesteld en door de subsidieontvanger volledig ingevuld en
                                    ondertekendformulier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>de gereedmelding, bedoeld in artikel 27, gaat vergezeld
                                    van:</al><lijst><li nr="a."><al>een verklaring van de subsidieontvanger dat bij de bouw
                                            respectievelijk het treffen van devoorzieningen is of
                                            wordt voldaan aan de voorwaarden waaronder de subsidie
                                            is verleend;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de kosten van verkrijgen in eigendom, dan
                                            wel de kosten van het treffen vaningrijpende
                                            voorzieningen;</al></li><li nr="c."><al>Een opgave van de gereedkomingsdatum van het
                                            bouwplan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de subsidieontvanger een ander is dan de aanvrager, gaat
                                    de gereedmelding, bedoeld inhet eerste lid, vergezeld van een
                                    opgave van de afwijking van bestek en tekeningen, indien
                                    dezehebben plaatsgevonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvrager dient gedurende een periode van vijf jaar na de
                                    gereedmelding alle rekeningen enbetalingsbewijzen met betrekking
                                    tot de werkzaamheden ter controle beschikbaar te houden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een gereedmelding voor een sociale huurwoning, een
                                    huurstandplaats, een huurwoonwagen ofeen woning of standplaats,
                                    waaraan ingrijpende voorzieningen zijn getroffen, gaat daarnaast
                                    nogvergezeld van:</al><lijst><li nr="a."><al>een opgave van de voorgestelde aanvangshuurprijs;</al></li><li nr="b."><al>een verklaring dat wordt voldaan aan de voorwaarde
                                            bedoeld in artikel 44, lid 1-c, of artikel 48,lid 1-of
                                            artikel 52, lid 1-b;</al></li><li nr="c."><al>een verklaring dat de huurwoning, huurstandplaats of
                                            huurwoonwagen ten minste vijf jaar voorverhuur
                                            beschikbaar blijft.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een gereedmelding voor een koopwoning, een koopstandplaats of
                                    een koopwoonwagen gaatdaarnaast nog vergezeld van:</al><lijst><li nr="a."><al>een bewijs van eigendom in de vorm van een afschrift van
                                            de akte, bedoeld in artikel 3:89 vanhet Burgerlijk
                                            Wetboek;</al></li><li nr="b."><al>een bewijs van de datum van eerste bewoning, in de vorm
                                            van een gewaarmerkt (adres-)afschrift uit de
                                            gemeentelijke basisadministratie personen;</al></li><li nr="c."><al>een afschrift van de vergunning van de gemeente tot het
                                            bewonen van de woning of destandplaats dan wel een
                                            verklaring dat een dergelijke vergunning zal worden
                                            verstrekt, indieneen dergelijke vergunning vereist
                                            is;</al></li><li nr="d."><al>een verklaring van de eigenaar/bewoner dat het aangaan
                                            van de koopovereenkomst of dekoop- en
                                            aanneemovereenkomst niet afhankelijk wordt gesteld van
                                            het tegen een meerprijsafnemen van voorzieningen,
                                            leveringen of diensten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een gereedmelding voor een middeldure woning gaat daarnaast nog
                                    vergezeld van eenverklaring dat de middeldure huurwoning ten
                                    minste vijf jaar voor verhuur beschikbaar blijft.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Een gereedmelding voor een woning of standplaats, waaraan
                                    ingrijpende voorzieningen zijngetroffen, gaat daarnaast nog
                                    vergezeld van alle rekeningen en betalingsbewijzen metbetrekking
                                    tot de werkzaamheden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders bevestigen binnen twee weken de ontvangst
                                van de gereedmelding alsbedoeld in artikel 27 aan de
                                subsidieontvanger.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen binnen acht weken na ontvangst
                                    van een gereedmelding alsbedoeld in artikel 27, de gereedmelding
                                    door te zenden naar het dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een besluit als bedoeld in het
                                    eerste lid eenmaal met achtweken verdagen voor zover de controle
                                    op de juistheid van de gegevens daartoe aanleiding geeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr></kop><al>De doorzending van de gereedmelding gaat, naast het gestelde in
                                artikel 28, vergezeld van:</al><lijst><li nr="a."><al>een verklaring van burgemeester en wethouders, dat is
                                        voldaan aan deze verordening;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de door burgemeester en wethouders
                                        vastgestelde gereedkomingsdatum.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>De vaststelling van subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur bevestigt binnen twee weken de ontvangst van
                                de gereedmelding als bedoeld inartikel 31 aan burgemeester en
                                wethouders en de subsidieontvanger.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Binnen vier weken na ontvangst van de gereedmelding neemt het
                                    dagelijks bestuur een besluitop de aanvraag tot vaststelling en
                                    uitbetaling van subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan een besluit als bedoeld in het eerste
                                    lid eenmaal met vier wekenverdagen voor zover de controle op de
                                    juistheid van de gegevens daartoe aanleiding geeft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr></kop><al>Indien het dagelijks bestuur instemt met de aanvraag tot
                                vaststelling en uitbetaling, stelt hij de subsidievast
                                overeenkomstig het bij of krachtens het Besluit bepaalde.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie wordt uitbetaald als bijdrage ineens, 78 weken na de
                                    datum van de gereedmelding alsbedoeld in artikel 27, lid 1, of,
                                    indien de subsidieontvanger tevens eigenaar is van de woning,
                                    78weken na de datum van eerste bewoning, op de eerstkomende
                                    datum 1 januari of 1 juli, doch nieteerder dan 1 juli in het
                                    tweede kalenderjaar, volgend op het jaar waarin subsidie is
                                    toegekend enhet dagelijks bestuur een besluit heeft genomen op
                                    de aanvraag tot vaststelling en uitbetaling.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidie voor een koopwoning, koopstandplaats of een
                                    koopwoonwagen wordt uitbetaald aande natuurlijke persoon die
                                    deze als eigenaar bewoont. De overige subsidie, verleend op
                                    grond vandeze verordening, wordt uitbetaald aan aanvrager.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de Minister, middels artikel 21, vierde lid, van het
                                    Besluit, gebruik maakt van de mogelijkheideen betaling uit te
                                    stellen, zal de uitbetaling, zoals bedoeld in het eerste lid,
                                    met een evenredigetermijn worden uitgesteld.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>De intrekking van subsidie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan een besluit tot verlening van subsidie
                                    geheel of gedeeltelijk intrekkenindien:</al><lijst><li nr="a."><al>niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of
                                            krachtens deze verordening;</al></li><li nr="b."><al>een bijdrage op grond van deze verordening is verleend
                                            op grond van gegevens en geblekenis dat deze zodanig
                                            onjuist waren dat, waren de juiste gegevens bekend
                                            geweest, een anderebeslissing zou zijn genomen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien subsidie is verleend en gebleken is dat de gegevens op
                                    grond waarvan de subsidie werdverleend onjuist waren en waarvan
                                    subsidieontvanger wist of redelijkerwijs had kunnen weten
                                    datdeze onjuist waren, kan het dagelijks bestuur zijn besluit
                                    tot verlening van subsidie intrekken enkan hij reeds betaalde
                                    bijdragen geheel of gedeeltelijk met vergoeding van wettelijke
                                    renteterugvorderen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur trekt zijn besluit tot het verlenen van
                                    subsidie in ieder geval in, indien deaanvrager meldt dat de bouw
                                    geen doorgang zal vinden. Deze melding dient schriftelijk
                                    tegeschieden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan een besluit tot het verlenen van een
                                    toeslag ten behoeve van plaatselijkverschillende omstandigheden
                                    intrekken, indien de verlening van subsidie voor dezelfde woning
                                    ofstandplaats wordt ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr></kop><al>Indien niet wordt voldaan aan de vijf jaarstermijn, zoals bedoeld in
                                de artikelen 44 lid 1-d, 59 lid e, 65lid 1-c, 65 lid 2-f en 68 lid
                                1-g:</al><lijst><li nr="1."><al>zal bij constatering hiervan binnen de betalingstermijn
                                        genoemd in artikel 35, de subsidie nietworden
                                        uitbetaald;</al></li><li nr="2."><al>is de subsidieontvanger gehouden tot gedeeltelijke
                                        terugbetaling van de bijdrage ineens, te weten:</al><lijst><li nr=""><al>binnen 2 jaar na de gereedkomingsdatum 80%;</al></li><li nr=""><al>binnen 3 jaar na de gereedkomingsdatum 60%;</al></li><li nr=""><al>binnen 4 jaar na de gereedkomingsdatum 40%;</al></li><li nr=""><al>binnen 5 jaar na de gereedkomingsdatum 20%.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur voegt aan het budget het bedrag toe dat
                                beschikbaar komt als gevolg van eenintrekking van een besluit tot
                                verlening van subsidie.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Nadere bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan op een daartoe strekkend en
                                    gemotiveerd verzoek van burgemeester enwethouders ontheffing
                                    verlenen van de termijn genoemd in artikel 22.Een dergelijk
                                    verzoek wordt door het verstrijken van deze termijn bij het
                                    dagelijks bestuuringediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien het dagelijks bestuur een verzoek als bedoeld in het
                                    eerste lid honoreert, geeft hij eennieuwe termijn aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen op een daartoe strekkend en
                                    gemotiveerd verzoek van deaanvrager ontheffing verlenen van de
                                    termijnen genoemd in de artikelen 17 en 27. Een dergelijkverzoek
                                    wordt voor het verstrijken van deze termijn bij burgemeester en
                                    wethouders ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien burgemeester en wethouders een verzoek als bedoeld in het
                                    eerste lid honoreren, geven zijeen nieuwe termijn aan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan voor de uitvoering van deze verordening
                                nadere regels vaststellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr></kop><al>De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing, tenzij in
                                hoofdstuk III hiervan nadrukkelijk wordt</al><al>afgeweken.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>III</nr><titel>BEPALINGEN PER SUBSIDIECATEGORIE</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Sociale huurwoningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan subsidie verlenen voor het bouwen van een
                                sociale huurwoning aan eentoegelaten instelling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21
                                    een aanvraag om subsidie in vooreen sociale huurwoning
                                    indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom van de bouwrijpe grond waarop de sociale
                                            huurwoning wordt gebouwd, niet meerbedraagt dan de door
                                            het algemeen bestuur bepaalde maximumkoopsom van
                                            bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                            bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                            maximumbedrag voor een woning in de sociale
                                            bouwsector;</al></li><li nr="c."><al>de voorgestelde aanvangshuurprijs zodanig is dat bij een
                                            daaraan gelijke huurprijs bij aanvangvan de eerste huur
                                            naar verwachting van de aanvrager een kostendekkende
                                            exploitatievan de woning, of het complex waarvan de
                                            woning deel uitmaakt, mogelijk is binnen het
                                            totalebezit, met behulp van uitsluitend de huuropbrengst
                                            en de te verlenen bijdragen;</al></li><li nr="d."><al>de woning gedurende ten minste vijf jaar voor verhuur
                                            beschikbaar blijft.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de toepassing van het bepaalde in het eerste lid
                                    betrekking heeft op het bouwen van eenaantal administratief in
                                    een complex samengevoegde woningen gelden de van toepassing
                                    zijndebedragen, genoemd in het eerste lid, onder a en b, als de
                                    gemiddelde bedragen van de in datcomplex opgenomen
                                    woningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 43 bedraagt een door het algemeen
                                bestuur te bepalen bedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen de aanvraag om subsidie in, in
                                    aanvulling op artikel 44, methet verzoek de subsidie als bedoeld
                                    in artikel 45 te verhogen met een in dat verzoek te
                                    noemenbedrag, indien de woning is bedoeld om een naar
                                    prijsklasse zo gedifferentieerd mogelijkesamenstelling van de
                                    woningvoorraad in de wijk of buurt te bereiken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verhoging, zoals bedoeld in het eerste lid, bedraagt maximaal
                                    het door het algemeen bestuurbepaalde.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Standplaatsen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan subsidie verlenen aan:</al><lijst><li nr="1."><al>een toegelaten instelling voor het bouwen van een
                                        huurstandplaats;</al></li><li nr="2."><al>een natuurlijk persoon die de standplaats als eigenaar zal
                                        bewonen, voor het bouwen van eenkoopstandplaats.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21 een
                                aanvraag om subsidie in voor eenstandplaats indien:</al><lijst><li nr="1."><al>voor een huurstandplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom van de bouwrijpe grond waarop de
                                                huurstandplaats wordt gebouwd, niet meerbedraagt dan
                                                de door het algemeen bestuur bepaalde maximumkoopsom
                                                van bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de aanvangshuurprijs niet hoger is dan de door het
                                                algemeen bestuur bepaalde maximumhuurprijsvoor een
                                                huurstandplaats;</al></li><li nr="c."><al>de voorgestelde aanvangshuurprijs zodanig is dat bij
                                                een daaraan gelijke huurprijs bij aanvangvan de
                                                eerste huur naar verwachting van de aanvrager een
                                                kostendekkende exploitatievan de standplaats
                                                mogelijk is binnen het totale bezit, met behulp van
                                                uitsluitend de huuropbrengsten de te verlenen
                                                bijdragen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>voor een koopstandplaats:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom van de bouwrijpe grond waarop de
                                                koopstandplaats wordt gebouwd, niet meerbedraagt dan
                                                de door het algemeen bestuur bepaalde maximumkoopsom
                                                van bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                                bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                                maximumbedrag;</al></li><li nr="c."><al>deze vergezeld gaat van een verklaring van de
                                                aanvrager dat het aangaan van de koopovereenkomstof
                                                de koop- en aanneemovereenkomst niet afhankelijk
                                                wordt gesteld van het tegeneen meerprijs afnemen van
                                                voorzieningen, leveringen of diensten.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>door het bouwen van de standplaats in de onmiddellijke
                                        nabijheid van andere standplaatsen hetaantal bijeengelegen
                                        standplaatsen niet meer dan 15 zal bedragen, tenzij met
                                        instemming vangedeputeerde staten daarvan wordt
                                        afgeweken.</al></li><li nr="4."><al>wordt gebouwd overeenkomstig een goedgekeurd bestemmingsplan
                                        als bedoeld in artikel 10 vande Wet op de Ruimtelijke
                                        Ordening, dan wel overeenkomstig een vrijstelling daarvan
                                        als bedoeldin artikel 19 van die wet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 47 bedraagt een door het algemeen
                                bestuur te bepalen bedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr></kop><al>Voor een koopstandplaats zijn de artikelen 59, 62 en 63 van
                                overeenkomstige toepassing.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Woonwagens</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan subsidie verlenen aan:</al><lijst><li nr="1."><al>een toegelaten instelling voor het bouwen van
                                        huurwoonwagens;</al></li><li nr="2."><al>een natuurlijk persoon die de woonwagen als eigenaar zal
                                        bewonen, voor het bouwen van eenkoopwoonwagen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21 een
                                aanvraag om subsidie in voor eenwoonwagen indien:</al><lijst><li nr="1."><al>voor een huurwoonwagen:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanvangshuurprijs niet hoger is dan de door het
                                                algemeen bestuur bepaaldemaximumhuurprijs voor een
                                                woonwagen;</al></li><li nr="b."><al>de voorgestelde aanvangshuurprijs zodanig is dat bij
                                                een daaraan gelijke huurprijs bij aanvangvan de
                                                eerste huur naar verwachting van de aanvrager een
                                                kostendekkende exploitatievan de woonwagen mogelijk
                                                is binnen het totale bezit, met behulp van
                                                uitsluitend de huuropbrengsten de te verlenen
                                                bijdragen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>voor een koopwoonwagen :</al><lijst><li nr="a."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                                bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                                maximumbedrag;</al></li><li nr="b."><al>voor een koopwoonwagen een garantiecertificaat wordt
                                                afgegeven door een door de ministererkende ter zake
                                                kundige instantie;</al></li><li nr="c."><al>deze vergezeld gaat van een verklaring van de
                                                aanvrager dat het aangaan van de koopovereenkomstof
                                                de koop- en aanneemovereenkomst niet afhankelijk
                                                wordt gesteld van het tegeneen meerprijs afnemen van
                                                voorzieningen, leveringen of diensten.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>de standplaats waarop die woonwagen wordt geplaatst is
                                        gebouwd met subsidie van rijkswege opvoet van enige voor 1
                                        januari 1993 geldende wettelijke regeling, dan wel wordt
                                        gebouwd metsubsidie op voet van het Besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr></kop><al>Voor een koopwoonwagen zijn de artikelen 58, 59, 62 en 63 van
                                overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>54</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur verleent in aanvulling op artikel 25 subsidie
                                voor een koopwoonwagen onder devoorwaarde dat ten aanzien van de
                                subsidieontvanger zich een van de gevallen voordoet, bedoeld in</al><al>artikel 18, eerste lid, onderdeel b, onder 2°, van de woonwagenwet
                                juncto artikel II van de wet van 30oktober 1974 (stb. 703) tot
                                wijziging van eerstgenoemde wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>55</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 51 bedraagt maximaal een door het
                                algemeen bestuur te bepalenbedrag.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Sociale koopwoningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>56</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan subsidie verlenen ten behoeve van het
                                bouwen van een sociale koopwoningaan een natuurlijke persoon die de
                                woning als eigenaar zal bewonen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>57</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21
                                    een aanvraag om subsidie in vooreen sociale koopwoning
                                    indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom voor de bouwrijpe grond waarop de sociale
                                            koopwoning wordt gebouwd, nietmeer bedraagt dan de door
                                            het algemeen bestuur bepaalde maximumkoopsom van
                                            bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                            bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                            maximumbedrag voor een woning in de sociale
                                            bouwsector;</al></li><li nr="c."><al>voor een koopwoning een garantiecertificaat wordt
                                            afgegeven door een door de ministererkende ter zake
                                            kundige instantie;</al></li><li nr="d."><al>de risicoverrekening wordt afgekocht;</al></li><li nr="e."><al>deze vergezeld gaat van een verklaring van de aanvrager
                                            dat het aangaan van de koopovereenkomstof de koop- en
                                            aanneemovereenkomst niet afhankelijk wordt gesteld van
                                            het tegeneen meerprijs afnemen van voorzieningen,
                                            leveringen of diensten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de toepassing van het bepaalde in het eerste lid
                                    betrekking heeft op het bouwen van eenaantal administratief in
                                    een complex samengevoegde woningen gelden de van toepassing
                                    zijndebedragen, genoemd in het eerste lid, onder a, als de
                                    gemiddelde bedragen van de in dat complexopgenomen
                                    woningen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>58</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 57, onderdeel c, is niet van toepassing
                                    indien de aanvraag betrekking heeftop:</al><lijst><li nr="a."><al>een koopwoning of een koopwoonwagen die geheel of in
                                            belangrijke mate wordt gebouwddoor degene die deze als
                                            eigenaar zal bewonen;</al></li><li nr="b."><al>een koopwoning die wordt gebouwd als casco;</al></li><li nr="c."><al>een koopwoning die onderdeel is van een complex waarvan
                                            ook andere woningen of niet voorbewoning bestemde
                                            onderdelen deel uitmaken;</al></li><li nr="d."><al>woonruimte die ontstaat door het verbouwen van een niet
                                            voor bewoning geschikt gebouwdonroerend goed;</al></li><li nr="e."><al>een sociale huurwoning die op grond van artikel 12 wordt
                                            omgezet in een sociale koopwoning.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het bepaalde in artikel 57, onderdeel c, is evenmin van
                                    toepassing indien naar het oordeel vanburgemeester en wethouders
                                    voldoende is gewaarborgd dat aan de doelstellingen van
                                    eengarantiecertificaat wordt voldaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>59</nr></kop><al>In aanvulling op het gestelde in artikel 25 verleent het dagelijks
                                bestuur subsidie voor een koopwoning,een koopstandplaats of een
                                koopwoonwagen onder de voorwaarde dat de subsidieontvangerdegene is
                                die:</al><lijst><li nr="a."><al>als eerste de woning, de standplaats of de woonwagen als
                                        eigenaar bewoont, of</al></li><li nr="b."><al>de woning, de standplaats of de woonwagen bewoont met ingang
                                        van een tijdstip dat minderdan een jaar ligt na het tijdstip
                                        van het verlijden van de akte, bedoeld in artikel 3:89 van
                                        hetBurgerlijk Wetboek, of</al></li><li nr="c."><al>indien zodanige akte voor verkrijgen van de eigendom niet
                                        noodzakelijk was, met ingang van eentijdstip minder dan een
                                        jaar ligt na de dag waarop het dagelijks bestuur de subsidie
                                        voor de eersteeigenaar heeft vastgesteld, de woning, de
                                        standplaats of de woonwagen als eigenaar bewoont, of</al></li><li nr="d."><al>de woning, de standplaats of de woonwagen heeft bewoond
                                        bedoeld onder a, b en c, indien nadiens vertrek of
                                        overlijden diens partner of gewezen partner de woning, de
                                        standplaats of dewoonwagen is blijven bewonen;</al></li><li nr="e."><al>de woning, de standplaats of de woonwagen minimaal vijf jaar
                                        als eigenaar zal bewonen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>60</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 56 bedraagt een door het algemeen
                                bestuur te bepalen bedrag.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>61</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen de aanvraag om subsidie in, in
                                    aanvulling op artikel 57, methet verzoek de subsidie als bedoeld
                                    in artikel 60 te verhogen met een in dat verzoek te
                                    noemenbedrag, indien de woning is bedoeld om een naar
                                    prijsklasse zo gedifferentieerd mogelijke samenstellingvan de
                                    woningvoorraad in de wijk of buurt te bereiken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De verhoging, zoals bedoeld in het eerste lid, bedraagt maximaal
                                    het door het algemeen bestuurbepaalde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>62</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Acht weken, voorafgaande aan de datum van uitbetaling, zoals
                                    bepaald in artikel 35, dient desubsidieontvanger bij het
                                    dagelijks bestuur een bewoningsverklaring in op een daartoe door
                                    hetdagelijks bestuur beschikbaar gesteld formulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidie wordt door het dagelijks bestuur aan de eigenaar
                                    uitbetaald, binnen acht weken naontvangst van de in het eerste
                                    lid bedoelde verklaring.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>63</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur betaalt de subsidie voor een sociale
                                    koopwoning, een koopstandplaats ofeen koopwoonwagen niet uit,
                                    indien hij constateert dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de eigenaar bedoeld in artikel 26, eerste lid, dan wel
                                            op het tijdstip van diens overlijden in dewoning, op de
                                            standplaats of in de woonwagen woonachtige erfgenaam,
                                            dan wel de op hetmoment van diens vertrek uit de woning,
                                            van de standplaats of uit de woonwagen diens in
                                            dewoning, op de standplaats of in de woonwagen
                                            woonachtige partner of gewezen partner dewoning, de
                                            standplaats of de woonwagen niet langer bewoont, of</al></li><li nr="b."><al>eigendomsoverdracht heeft plaatsgevonden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur komt tot een besluit als bedoeld in het
                                    eerste lid aan de hand van de inartikel 62 bedoelde door de
                                    eigenaar in te zenden verklaring.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Middeldure woningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>64</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan subsidie verlenen aan:</al><lijst><li nr="1."><al>een natuurlijk of rechtspersoon die de woning zal verhuren
                                        voor het bouwen van een middeldurehuurwoning;</al></li><li nr="2."><al>een natuurlijk persoon die de woning als eigenaar zal
                                        bewonen, voor het bouwen van een middeldure koopwoning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>65</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21 een
                                aanvraag om subsidie in voor eenmiddeldure woning indien:</al><lijst><li nr="1."><al>voor een huurwoning:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom voor de bouwrijpe grond waarop de
                                                middeldure huurwoning wordt gebouwd, nietmeer
                                                bedraagt dan de door het algemeen bestuur bepaalde
                                                maximumkoopsom van bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                                bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                                maximumbedrag voor een woning in de middeldure
                                                bouwsector;</al></li><li nr="c."><al>de woning gedurende ten minste vijf jaar voor
                                                verhuur beschikbaar blijft.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>voor een koopwoning:</al><lijst><li nr="a."><al>de koopsom van de bouwrijpe grond waarop de
                                                middeldure koopwoning wordt gebouwd, nietmeer
                                                bedraagt dan de door het algemeen bestuur bepaalde
                                                maximumkoopsom van bouwrijpegrond;</al></li><li nr="b."><al>de kosten van het verkrijgen in eigendom niet meer
                                                bedragen dan het door het algemeenbestuur bepaalde
                                                maximumbedrag voor een woning in de middeldure
                                                bouwsector;</al></li><li nr="c."><al>deze vergezeld gaat van een verklaring van de
                                                aanvrager dat het aangaan van de koopovereenkomstof
                                                de koop- en aanneemovereenkomst niet afhankelijk
                                                wordt gesteld van het tegeneen meerprijs afnemen van
                                                voorzieningen, leveringen of diensten;</al></li><li nr="d."><al>een garantiecertificaat wordt afgegeven door een
                                                door de minister erkende ter zake
                                                kundigeinstantie;</al></li><li nr="e."><al>de risicoverrekening wordt afgekocht;</al></li><li nr="f."><al>de subsidieontvanger de woning minimaal vijf jaar
                                                zal bewonen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Indien de toepassing van het bepaalde in het eerste lid
                                        betrekking heeft op het bouwen van eenaantal administratief
                                        in een complex samengevoegde woningen gelden de van
                                        toepassing zijndebedragen, genoemd in het eerste lid onder
                                        a, of tweede lid onder a, als de gemiddelde bedragenvan de
                                        in dat complex opgenomen woningen.</al></li><li nr="4."><al>Artikel 58, eerste lid, onderdelen a, b, c en d zijn van
                                        overeenkomstige toepassing.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>66</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 64 bedraagt een door het algemeen
                                bestuur te bepalen bedrag.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Ingrijpende voorzieningen aan woningen en standplaatsen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>67</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan aan een verhuurder, die de woning of
                                standplaats verhuurt, subsidie</al><al>verlenen voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het treffen van ingrijpende voorzieningen aan een sociale
                                        huurwoning;</al></li><li nr="b."><al>het treffen van ingrijpende voorzieningen aan een
                                        huurstandplaats dat daardoor geacht kanworden een nieuwe
                                        standplaats te zijn;</al></li><li nr="c."><al>het treffen van ingrijpende voorzieningen aan een andere
                                        huurwoning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>68</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op artikel 21
                                    een aanvraag om subsidie in voorhet treffen van voorzieningen
                                    indien:</al><lijst><li nr="a."><al>naar het oordeel van burgemeester en wethouders in
                                            voldoende mate overleg tussen verhuurderen huurder heeft
                                            plaatsgevonden over de nieuwe huurprijs en dat met deze
                                            huurprijskan worden ingestemd;</al></li><li nr="b."><al>naar het oordeel van burgemeester en wethouders in
                                            voldoende mate overleg over het bouwplanheeft
                                            plaatsgevonden met de huurder(s) van de woning(en) of de
                                            standplaats(en), waarophet bouwplan betrekking heeft
                                            en/of de hen vertegenwoordigende organisaties;</al></li><li nr="c."><al>voor de woning of de standplaats waaraan de
                                            voorzieningen worden getroffen, geen
                                            gemeenteraadsbesluittot onteigening dan wel ontbinding
                                            van de erfpachtsrechten is genomen;</al></li><li nr="d."><al>de warmteweerstand van de gevel en het dak na het
                                            treffen van voorzieningen gelijk of hogeris dan het bij
                                            of krachtens het Besluit bepaalde met inbegrip van de
                                            daarbij gegeven uitzonderingsbepalingen;</al></li><li nr="e."><al>de kosten van het treffen van de voorzieningen,
                                            verminderd met de krachtens paragraaf 7 vandit hoofdstuk
                                            verleende toeslag, voor woningen meer bedragen dan de in
                                            het Besluit bepaaldeminimumkosten, of voor standplaatsen
                                            meer bedragen dan de door het bestuur
                                            bepaaldeminimumkosten;</al></li><li nr="f."><al>De voorgestelde aanvangshuur zodanig is dat bij een
                                            daaraan gelijke huurprijs bij aanvangvan de eerste huur
                                            naar verwachting van de aanvrager een kostendekkende
                                            exploitatie vande woning/standplaats of het complex
                                            waarvan de woning/standplaats deel uitmaakt, mogelijkis
                                            binnen het totale bezit, met behulp van uitsluitend de
                                            huuropbrengst en de te verlenenbijdragen;</al></li><li nr="g."><al>De aanvrager verklaart de woning of standplaats
                                            gedurende ten minste vijf jaar voor verhuurbeschikbaar
                                            te laten blijven.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders dienen in aanvulling op het eerste
                                    lid een aanvraag om subsidie invoor het treffen van ingrijpende
                                    voorzieningen aan een standplaats, indien de standplaats niet
                                    isgelegen op een centrum als bedoeld in artikel 2 van de
                                    Woonwagenwet dat bij ministeriële regeling,in een woonwagenplan
                                    als bedoeld in artikel 4a van die wet, in een streekplan als
                                    bedoeld inartikel 4a van de Wet op de Ruimtelijke Ordening of
                                    bij een ander besluit van provinciale staten isaangewezen om te
                                    worden opgeheven of verkleind.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het treffen van de voorzieningen leidt tot bouwkundige
                                    splitsing of samenvoeging vanwoningen, wordt voor de toepassing
                                    van het eerste lid, onder e, het aantal in het plan
                                    opgenomenwoningen gesteld op het aantal woningen na die
                                    splitsing of samenvoeging.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>69</nr></kop><al>Een aanvraag voor een huurwoning, zoals bedoeld onder artikel 67,
                                lid c, of huurstandplaats, waaraaningrijpende voorzieningen worden
                                getroffen gaat, naast het gestelde in artikel 21, nog vergezeld
                                van:</al><lijst><li nr="a."><al>een bewijs van eigendom blijkend uit een authentiek
                                        afschrift van de koopakte en een gewaarmerktrecent
                                        uittreksel uit de kadastrale legger;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>voor zover van toepassing een afschrift van de akte van
                                        splitsing;</al></li><li nr="c."><al>voor zover van toepassing een verklaring van de Vereniging
                                        van eigenaren welke bouwdelengemeenschappelijk dan wel niet
                                        gemeenschappelijk zijn.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>70</nr></kop><al>De subsidie als bedoeld in artikel 67 bedraagt maximaal een door het
                                algemeen bestuur te bepalenbedrag en wordt door het dagelijks
                                bestuur uitbetaald aan degene die het treffen van de
                                voorzieningen</al><al>heeft bekostigd.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7</nr><titel>Toeslagen ten behoeve van plaatselijk verschillende
                                omstandigheden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>71</nr></kop><al>Het dagelijks bestuur kan een toeslag verlenen aan de aanvrager ten
                                behoeve van plaatselijkverschillende omstandigheden voor het bouwen
                                van een woning of een standplaats en het treffen van</al><al>ingrijpende voorzieningen aan een huurwoning of een huurstandplaats,
                                indien de gemeente in zijnaanwendingsbesluit hiervoor middelen heeft
                                afgezonderd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>72</nr></kop><al>Burgemeester en wethouders houden bij het indienen van een aanvraag
                                om een toeslag rekening metde locatie en andere specifieke kenmerken
                                van het bouwplan.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>IV</nr><titel>OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>73</nr></kop><al>Op aanvragen, waarop voor de inwerkingtreding van deze verordening een
                            bijdrage is verleend,blijven de bepalingen van de regeling op grond
                            waarvan de bijdrage is verleend van toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>74</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan de uitvoering van bepalingen van deze
                                verordening, voor zover dieuitvoering tot hun bevoegdheid behoort,
                                overdragen aan door hen aan te wijzen ambtenaren vanhet openbaar
                                lichaam en gemeenteambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In de besluiten van ambtenaren als bedoeld in het eerste lid wordt
                                tot uitdrukking gebracht datdeze namens het dagelijks bestuur zijn
                                genomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer de uitvoering als bedoeld in het eerste lid wordt opgedragen
                                aan gemeenteambtenarenis hiervoor toestemming van burgemeester en
                                wethouders van de betreffende gemeente(n)vereist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>75</nr></kop><al>Indien vanwege bijzondere omstandigheden een strikte toepassing van het
                            bepaalde in dezeverordening naar het oordeel van het dagelijks bestuur
                            zou leiden tot een onredelijke beslissing, kanhet dagelijks bestuur
                            afwijken van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>76</nr></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening
                            woninggebonden subsidies RegioTwente”.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>77</nr></kop><al>Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1995, zulks
                            onder gelijktijdige intrekking vande verordening woninggebonden
                            subsidies gemeentekring Midden Twente, de verordeningwoninggebonden
                            subsidies gemeentekring Almelo 1992 en de verordening
                            woninggebondensubsidies voor het samenwerkingsverband Enschede,
                            1993.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>