<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR409239_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Partiële Regionale Huisvestingsverordening 2009 voor het grondgebied van de            gemeenten Hengelo en Enschede</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Regio Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Borne</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dinkelland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellendoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hengelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Losser</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oldenzaal</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tubbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Twenterand</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Partiele Regionale Huisvestings-verordening 2009 voorhet grondgebied van de gemeenten Hengelo en Enschede</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005674&amp;artikel=2">Huisvestingswet, art. 2, lid 3 tot 1 januari 2015</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-06-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-07-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Artikel 12 bevat een hardheidsclausule.</al><al>De datum inwerkingtreding is bij benadering ingevuld.</al><al>De datum en bron bekendmaking is niet te achterhalen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Partiële Regionale Huisvestingsverordening 2009 voor het grondgebied van de
            gemeenten Hengelo en Enschede</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>wet: de Huisvestingswet;</al></li><li nr="b."><al>besluit: het Huisvestingsbesluit;</al></li><li nr="c."><al>college: college van burgemeester en wethouders van de
                                        gemeente waar de woonruimte zichbevindt;</al></li><li nr="d."><al>woonruimte: het daaromtrent in artikel 1, sub 1b, van de wet
                                        bepaalde;</al></li><li nr="e."><al>zelfstandige woonruimte: een woonruimte welke een eigen
                                        toegang heeft en welke door eenhuishouden kan worden bewoond
                                        zonder dat dit afhankelijk is van wezenlijke
                                        voorzieningenbuiten die woonruimte;</al></li><li nr="f."><al>onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde
                                        woonruimte bestemd voor inwoning,welke geen eigen toegang
                                        heeft en welke niet door een huishouden kan worden
                                        bewoond,zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke
                                        voorzieningen van buiten die woonruimte;</al></li><li nr="g."><al>huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen
                                        die een gemeenschappelijkehuishouding voeren of willen gaan
                                        voeren;</al></li><li nr="h."><al>splitsingsvergunning: de vergunning bedoeld in artikel 33
                                        van de wet;</al></li><li nr="i."><al>splitsing: splitsing in appartementsrechten of de verlening
                                        van deelnemings- oflidmaatschapsrechten, als bedoeld in
                                        artikel 33 eerste en tweede lid van de wet;</al></li><li nr="j."><al>eigenaar: het daaromtrent in artikel 1, lid 2 van de wet
                                        bepaalde;</al></li><li nr="k."><al>gemeenschappelijke zaken/gedeelten: voor zover aanwezig
                                        worden tot degemeenschappelijke zaken/gedeelten ondermeer
                                        gerekend de funderingen, de dragendemuren en de kolommen,
                                        het geraamte van het gebouw met de ondergrond, het
                                        ruwemetselwerk, alsmede de vloeren met uitzondering van de
                                        afwerklagen in de privé-gedeelten.De buitengevels, waaronder
                                        begrepen de raamkozijnen en het glas, de deuren welke zich
                                        inde buitengevel bevinden de scheiding vormen tussen het
                                        gemeenschappelijk en het privégedeelte,de
                                        balkonconstructies, de borstweringen, de galerijen, de
                                        terrassen en de gangen,de daken, de schoorstenen en de
                                        ventilatiekanalen, de trappenhuizen en de hellingbanen,
                                        hethek- en traliewerk voor zover het geen
                                        privé-tuinafscheidingen betreft, alsmede het(standaard)
                                        hang- en sluitwerk aan kozijnen welke aan de buitengevel van
                                        het gebouw zitten,de technische installaties met de daarbij
                                        behorende leidingen, met name voor de centraleverwarming
                                        (met inbegrip van radiatoren en radiatorkranen in de
                                        privé-gedeelten) en voorluchtbehandeling, de vuilafvoer, de
                                        leidingen voor gas en water en verder de hydrofoor,
                                        deelektriciteits- en telefoonleidingen, de
                                        gemeenschappelijke antenne, de bliksembeveiliging, deliften,
                                        de alarminstallatie en de systemen voor oproer en
                                        deuropeners, alles voor zover dieinstallaties niet
                                        uitsluitend ten dienste van één privé-gedeelte
                                        strekken.</al></li><li nr="l."><al>omzetting: het omzetten van een zelfstandige woning in een
                                        onzelfstandige woning;</al></li><li nr="m."><al>omzettingsvergunning: de vergunning als bedoeld in artikel
                                        30 lid 1 sub c van de wet</al></li><li nr="n."><al>Algemene Woning Keuring (AWK): een keuring uitgevoerd door
                                        een instantie welke isgecertificeerd volgens de Nationale
                                        Beoordelingsrichtlijn (BRL) 5014, d.d. 2003-02-01,inhoudende
                                        een beschrijving en een beoordeling van de huidige
                                        onderhoudstoestand van hetgebouw alsmede een beschrijving en
                                        een beoordeling van het onderhoudsplan op langeretermijn (10
                                        jaar).</al></li><li nr="o."><al>Huisvestingsovereenkomst: een overeenkomst tussen
                                        gemeente(n) en een toegelateninstelling, waarin afspraken
                                        met betrekking tot woonruimteverdeling zijn vastgelegd.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2:</nr><titel>Wijzigen van de samenstelling van de woonruimtevoorraad</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergunningsvereiste</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om zonder splitsingsvergunning een recht op een
                                gebouw, te splitsen inappartementsrechten als bedoeld in artikel
                                106, eerste tot en met derde lid van Boek 5 van hetBurgerlijk
                                wetboek, indien een of meer appartementsrechten de bevoegdheid
                                omvatten tot hetgebruik van één of meer gedeelten van het gebouw als
                                woonruimte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van
                                deelnemings- oflidmaatschapsrechten of het aangaan van een
                                verbintenis daartoe door een rechtspersoon metbetrekking tot een
                                gebouw als bedoeld in het eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het eerste lid is van toepassing op de gehele woningvoorraad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Aanvragen van een splitsingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag om een splitsingsvergunning wordt schriftelijk bij Het
                                college ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag houdt in:</al><lijst><li nr="a."><al>naam en correspondentieadres in Nederland van de
                                        aanvrager;</al></li><li nr="b."><al>naam en adres van de opdrachtgever, indien dit een ander is
                                        dan de aanvrager;</al></li><li nr="c."><al>straat en huisnummer van het te splitsen gebouw;</al></li><li nr="d."><al>kadastrale ligging van het te splitsen gebouw;</al></li><li nr="e."><al>bouwjaar van het te splitsen gebouw;</al></li><li nr="f."><al>het aantal appartementsrechten waarin het recht op het
                                        gebouw zal worden gesplitst;</al></li><li nr="g."><al>de tegenwoordige en toekomstige bestemming van de te vormen
                                        appartementsrechten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvraag dient vergezeld te gaan van:</al><lijst><li nr="a."><al>een splitsingsplan dat voldoet aan de vereisten als
                                        neergelegd in artikel 109 van Boek 5 vanhet Burgerlijk
                                        wetboek en het krachtens dat artikel vastgelegde Besluit
                                        betreffende splitsing inappartementsrechten;</al></li><li nr="b."><al>een taxatierapport betreffende het gebouw en de tot
                                        afzonderlijke woonruimte bestemdegedeelten van het gebouw,
                                        opgemaakt door een geregistreerd taxateur;</al></li><li nr="c."><al>een beschrijving en een beoordeling van de
                                        onderhoudstoestand van het gebouw;</al></li><li nr="d."><al>een raming van de onderhoudskosten op korte en langere
                                        termijn (10 jaar);</al></li><li nr="e."><al>indien het gebouw waarvoor een splitsingsvergunning wordt
                                        aangevraagd ouder is dan 10 jaardient een eveneens
                                        rapportage, inhoudende een Algemene Woning Keuring te
                                        wordenovergelegd;</al></li><li nr="f."><al>een meerjarenbegroting waaruit blijkt op welke wijze de (nog
                                        te vormen) Vereniging vanEigenaars in de financiering van
                                        het onderhoud zal voorzien.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De aanvraag moet door de aanvrager en, indien dit een ander is, door
                                de opdrachtgever zijnondertekend. De overige bescheiden moeten door
                                de aanvrager en/of opdrachtgever zijnondertekend dan wel
                                gewaarmerkt.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college is bevoegd met betrekking tot de in dit artikel bedoelde
                                bescheiden nadere regelste stellen omtrent inhoud, inrichting,
                                uitvoering, vorm, aantal en wijze van indiening.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een splitsingsvergunning
                                binnen acht weken na dedag waarop de aanvraag is ontvangen. Zij
                                kunnen hun beslissing eenmaal voor ten hoogste 16weken verdagen in
                                verband met het maken van puntentellingen als bedoeld in het
                                Besluithuurprijzen woonruimte en/of het uitvoeren van een nadere
                                inspectie van het gebouw waarop deaanvraag betrekking heeft. Zij
                                zenden een afschrift van het verdagingbesluit aan de aanvrager ende
                                bewoners van het gebouw, waarop de aanvraag betrekking heeft. Het
                                college doet van deintrekking van een aanvraag om een
                                splitsingsvergunning schriftelijk mededeling aan debewoners van het
                                gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college zendt aan afschrift van hun besluit aan de aanvrager en
                                aan de bewoners van hetgebouw waarop de aanvraag betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het college kan de aanvrager in zijn aanvraag niet-ontvankelijk
                                verklaren, indien niet isvoldaan aan de in artikel 3, lid 2 en 3,
                                gestelde eisen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanhouden van de splitsingsaanvraag</titel></kop><al>Het college kan de beslissing omtrent het al dan niet verlenen van een
                            splitsingsvergunningaanhouden indien voordat de aanvraag om vergunning
                            is ingekomen, voor het gebied waarin hetgebouw is gelegen, een
                            voorbereidingsbesluit, als bedoeld in afdeling 3.2, artikel 3.7 van de
                            wetop de ruimtelijke ordening, bekend is gemaakt en redelijkerwijs mag
                            worden verwacht dat deuitvoering van sanerings-, reconstructie- of
                            verbeteringsplannen nadelig zal worden beïnvloeddoor het afgeven van de
                            vergunning en de mogelijk daaraan verbonden rechtsgevolgen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Besluiten op aanvraag splitsingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het besluit tot het verlenen, weigeren dan wel aanhouden van de
                                gevraagdesplitsingsvergunning wordt op naam gesteld van de
                                aanvrager.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een door of namens het college gewaarmerkte kopie van de overgelegde
                                bescheiden wordtgevoegd bij en maakt deel uit van het besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan een splitsingsvergunning weigeren indien:</al><lijst><li nr="a."><al>het gebouw of het gedeelte van een gebouw waarop de
                                        vergunningaanvraag betrekking heeft,een of meer woonruimten
                                        bevat die verhuurd worden of die laatstelijk verhuurd zijn
                                        geweest, danwel, indien het gebouw of het gedeelte van een
                                        gebouw waarop de vergunningaanvraagbetrekking heeft,
                                        voorzover het geheel of gedeeltelijk verhuurd is geweest
                                        voor bewoning, in strijdmet de voorschriften van een
                                        bestemmingsplan of met enig wettelijk voorschrift geheel
                                        ofgedeeltelijk voor een ander doel dan voor bewoning in
                                        gebruik is genomen, en;</al></li><li nr="b."><al>niet is gewaarborgd dat die woonruimte of woonruimten na de
                                        voorgenomen splitsing bestemdblijven voor het verhuur ter
                                        bewoning, en;</al></li><li nr="c."><al>het belang dat de aanvrager bij de splitsing heeft niet
                                        opweegt tegen het belang van hetbehoud van de
                                        woonruimtevoorraad (kernvoorraad t.b.v. de huisvesting van
                                        deaandachtsgroepen);</al></li><li nr="d."><al>de gemeenschappelijke zaken niet overeenstemmen met de
                                        beschrijving in artikel 9 van het"Modelreglement bij
                                        splitsing in appartementsrechten" van 1 mei 2005 (uitgave
                                        van de KoninklijkeNotariële Beroepsorganisatie);</al></li><li nr="e."><al>uit het advies van een instantie welke gecertificeerd is
                                        volgens de BRL 5014 d.d. 2003-02-01,inhoudende een Algemene
                                        Woning Keuring blijkt dat het gebouw of één van de
                                        onderdelen vanhet gebouw een conditie heeft die overeenkomt
                                        met een conditie 4, 5 of 6, genoemd bijlage IV vande
                                        Nationale beoordelingsrichtlijn 5014 d.d. 2003-02-01 inzake
                                        Algemene Woning Keuring.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de beoordeling van het belang van het behoud voor de
                                woonruimtevoorraad worden medede ligging en de te verwachten vraag
                                naar de in het betreffende gebouw of de in een gedeelte vanhet
                                gebouw waarop de vergunningaanvraag betrekking heeft opgenomen
                                woonruimten,betrokken.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan een splitsingvergunning weigeren indien:</al><lijst><li nr="a."><al>redelijkerwijs mag worden verwacht dat de uitvoering van
                                        sanerings-, reconstructie- ofverbeteringsplannen door het
                                        afgeven van de vergunningen de mogelijk daaraan
                                        verbondenrechtsgevolgen nadelig kan worden beïnvloed, mits
                                        voor dat de aanvraag om vergunning isingekomen voor het
                                        gebied waarin het gebouw is gelegen een ontwerp van een
                                        bestemmingsplanof een herziening daarvan ter inzage is
                                        gelegd of een bestemmingsplan van kracht is, waarinbedoelde
                                        plannen zijn vervat;</al></li><li nr="b."><al>het gebouw of het gedeelte van een gebouw waarop de
                                        vergunningaanvraag betrekking heeft,is gelegen binnen een
                                        gebied dat is aangewezen als stadsvernieuwingsproject, dan
                                        wel isgelegen binnen een gebied dat nog niet als zodanig is
                                        aangewezen, maar waarvan aannemelijk isdat het binnen
                                        afzienbare termijn als zodanig zal worden aangewezen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college kan een splitsingsvergunning weigeren indien de toestand
                                van het gebouw of vaneen gedeelte daarvan zich uit oogpunt van
                                indeling -mede in aanmerking genomen het in artikel 3van deze
                                verordening bedoelde splitsingsplan - of de staat van onderhoud
                                verzet tegen desplitsing in appartementsrechten of de verlening van
                                deelnemings- of lidmaatschapsrechten alsbedoeld in artikel 38 van de
                                Huisvestingswet. Dit is zeker het geval:</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college verleent de splitsingsvergunning nadat de voor het
                                verkrijgen van eensplitsingsvergunning vereiste voorzieningen, die
                                tegelijk met een beslissing omtrent het verzoektot
                                splitsingsvergunning schriftelijk aan de aanvrager van een
                                splitsingsvergunning dienen teworden meegedeeld, zijn
                                getroffen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Intrekking van de splitsingsvergunning</titel></kop><al>Het college kan een splitsingsvergunning intrekken indien:</al><lijst><li nr="1."><al>niet binnen een jaar nadat de beschikking onherroepelijk is
                                    geworden, is overgegaan totoverschrijving van de akte van
                                    splitsing in appartementsrechten in de openbare registers,
                                    bedoeldin artikel 109 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, of
                                    tot het verlenen van deelnemings- oflidmaatschapsrechten;</al></li><li nr="2."><al>de vergunning is verleend op grond van door de vergunninghouder
                                    verstekte gegevenswaarvan deze wist of redelijkerwijs moest
                                    vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Omzettingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om zonder een omzettingsvergunning van het college
                                een woonruimte vanzelfstandige- in onzelfstandige woonruimte om te
                                zetten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het eerste lid is van toepassing op de gehele woningvoorraad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Besluiten op aanvraag omzettingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een omzettingsvergunning
                                binnen acht weken na dedag waarop de aanvraag is ontvangen. Zij
                                kunnen hun beslissing eenmaal voor ten hoogste 16weken verdagen. Zij
                                zenden een afschrift van het verdagingsbesluit aan de
                                aanvrager.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college verleent de omzettingsvergunning tenzij het belang van
                                het behoud of desamenstelling van de woningvoorraad groter is dan
                                het met de onttrekking aan de bestemming totbewoning gediende belang
                                en het belang van het behoud of de samenstelling van
                                dewoonruimtevoorraad niet door het stellen van voorwaarden en
                                voorschriften voldoende kanworden gediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan de vergunning weigeren indien vaststaat of
                                redelijkerwijs moet wordenaangenomen dat verlening van de
                                omzettingsvergunning zou leiden tot een inbreuk op eengeordend woon-
                                en leefmilieu in de omgeving van de woonruimte waarop de aanvraag
                                betrekkingheeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan met betrekking tot de toepassing van voorgaand lid
                                nadere regels stellen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De aanvraag om een omzettingsvergunning wordt schriftelijk bij het
                                college ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De aanvraag van de eigenaar moet inhouden:</al><lijst><li nr="a."><al>naam en correspondentieadres in Nederland van de
                                        aanvrager;</al></li><li nr="b."><al>naam en adres van de opdrachtgever, indien dit een ander is
                                        dan de aanvrager;</al></li><li nr="c."><al>straat en huisnummer van het om te zetten gebouw;</al></li><li nr="d."><al>kadastrale ligging van het om te zetten gebouw;</al></li><li nr="e."><al>bouwjaar van het om te zetten gebouw;</al></li><li nr="f."><al>een (bouw)tekening van de situatie voor de omzetting;</al></li><li nr="g."><al>een (bouw)tekening van de situatie na de omzetting waarin in
                                        ieder geval is aangegevenhoeveel eenheden worden
                                        gerealiseerd en hoe deze toegankelijk zijn.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college kan de aanvraag niet-ontvankelijk verklaren, indien niet
                                is voldaan aan de in hetvoorgaande lid gestelde eisen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>vervallen en intrekking van de omzettingsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De omzettingsvergunning vervalt van rechtswege indien gedurende een
                                jaar geen gebruik isgemaakt van de vergunning of als er gedurende
                                een jaar geen sprake is geweest vanonzelfstandige bewoning op het
                                adres waar de omzettingsvergunning betrekking op heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan de verleende omzettingsvergunning intrekken of
                                wijzigen indien:</al><lijst><li nr="a."><al>ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige
                                        gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn
                                        nagekomen;</al></li><li nr="c."><al>vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat
                                        handhaving van de vergunning zouleiden tot ernstige
                                        verstoring van het geordend woon- en leefmilieu in de
                                        omgeving van hetgebouw waarop de vergunning betrekking
                                        heeft.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3:</nr><titel>Huisvestingsovereenkomsten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is toegestaan huisvestingsovereenkomsten aan te gaan tussen
                                gemeente en corporatie(s)met als doel een evenwichtige verdeling van
                                woonruimte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bestaande overeenkomsten die niet in strijd zijn met deze
                                verordening blijven in stand.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4:</nr><titel>Handhaving</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Handhaving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op naleving van het bij of krachtens deze
                                verordening bepaalde, zijn belast dedaartoe door het college
                                aangewezen ambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met de opsporing van de bij artikel 84 van de Huisvestingswet
                                strafbaar gestelde feiten zijn,behalve de in artikel 141 van het
                                Wetboek van Strafvordering en de in artikel 75 van de wetaangewezen
                                ambtenaren belast de in lid 1 bedoelde ambtenaren, voorzover zij
                                door de ministervan Justitie daartoe zijn aangewezen. De in lid 1
                                bedoelde ambtenaren hebben de bevoegdhedenals genoemd in de
                                artikelen 77 en 78 van de wet.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5:</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college is bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze
                            verordening naar hun oordeeltot een onbillijkheid van bijzondere aard
                            leidt, ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze</al><al>verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Hij die handelt in strijd met het bepaalde hoofdstuk 2 wordt bestraft
                            met hechtenis van ten hoogstevier maanden of een geldboete van de derde
                            categorie. De genoemde strafbaar gestelde feiten</al><al>zijn overtredingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking
                            ervan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Partiele Regionale
                            Huisvestings-verordening 2009 voorhet grondgebied van de gemeenten
                            Hengelo en Enschede</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>