<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR409150_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Subsidieverordening mobiliteit Regio Twente</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">Regio Twente</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Almelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Borne</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dinkelland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Enschede</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Haaksbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellendoorn</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hengelo</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hof van Twente</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Losser</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Oldenzaal</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rijssen-Holten</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tubbergen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Twenterand</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wierden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/bgr-2015-482.html">Blad gemeenschappelijke regeling, 2015, 482</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Subsidieverordening mobiliteit Regio Twente</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0011470&amp;artikel=22">Wet personenvervoer 2000, art. 22</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005537&amp;artikel=4:23">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:23</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-01-19</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Subsidieverordening mobiliteit Regio Twente</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><nr>1.</nr><titel>Algemeen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Aanvrager: de rechtspersoon die een subsidieaanvraag indient.</al><al>Dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van Regio Twente.</al><al>Infrastructuur: wegen en daaraan gelieerde voorzieningen (zoals
                            transferia, fietsenstallingen</al><al>en stations) voor individueel en collectief vervoer.</al><al>Minister: minister van verkeer en waterstaat.</al><al>Portefeuillehouders- het portefeuillehoudersoverleg Mobiliteit.</al><al>overleg:</al><al>Project: het geheel van werkzaamheden dat is gericht op de aanleg van
                            infrastructuur</al><al>of het treffen van verkeersveiligheidsmaatregelen.</al><al>Regioraad: het algemeen bestuur van Regio Twente.</al><al>Regio Twente: het regionaal openbaar lichaam Regio Twente ingesteld op
                            basis van de</al><al>artikelen 8 en 104 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.</al><al>RMP: het laatstelijk door de regioraad vastgestelde Regionaal
                            Mobiliteitsplan</al><al>Twente als bedoeld in artikel 16 van de Planwet verkeer en vervoer.</al><al>Deelnemende een aan Regio Twente deelnemende gemeente voor zover op de
                            betreffende</al><al>gemeente: gemeente het bepaalde in artikel 104 van de Wet
                            gemeenschappelijke</al><al>regelingen van toepassing is.</al><al>Twente: het grondgebied van de deelnemende gemeenten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.2</nr><titel>Bestedingsplan en subsidieplafond</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur stelt, gehoord het portefeuillehoudersoverleg,
                                jaarlijks voor 15september het bestedingsplan vast als bedoeld in
                                artikel 6 van de Wet BDU verkeer envervoer. Dit bestedingsplan
                                bepaalt voor elke in deze verordening opgenomensubsidiecategorie het
                                subsidiebudget dat voor het daaropvolgende jaar beschikbaar is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het in lid 1 bedoelde subsidiebudget geldt als subsidieplafond als
                                bedoeld in artikel 4:22 vande Algemene wet bestuursrecht. Het
                                dagelijks bestuur kan dit subsidieplafond aanpassendoor toevoeging
                                van financiële middelen uit andere doeluitkeringen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.3</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor een project dat is opgenomen in het in artikel 2.1 bedoelde
                                uitvoeringsprogramma kanaanvrager een aanvraag om subsidieverlening
                                indienen bij het dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij uitvoeringsbesluit stelt het dagelijks bestuur per
                                subsidiecategorie vast de wijze vanindiening van een aanvraag
                                alsmede de gegevens en bescheiden die daarbij moeten
                                wordenverstrekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur neemt aanvragen die niet voldoen aan het
                                bepaalde in deze verordeningen/of in het uitvoeringsbesluit niet in
                                behandeling en stelt de aanvrager daarvan schriftelijk opde
                                hoogte.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur is bevoegd op eigen initiatief een subsidie te
                                verlenen voor een projectdat zij voor het uitvoeringsprogramma heeft
                                aangemeld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.4</nr><titel>Cumulatie subsidies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag kan slechts betrekking hebben op één
                                subsidiecategorie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor een project kan geen subsidie worden verkregen uit meerdere
                                subsidiecategorieën;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan besluiten een bijdrage die voortkomt uit
                                het regionaalmobiliteitsfonds in mindering te brengen op de door dit
                                bestuur te verstrekken subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.5</nr><titel>Aanvang voorziening</titel></kop><al>Met de uitvoering van een project waarvoor subsidie wordt aangevraagd
                            mag pas een aanvangworden gemaakt nadat het dagelijks bestuur een
                            aanvraag als bedoeld in artikel 1.3 heeft ontvangen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.6</nr><titel>Besluit op aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur neemt binnen acht weken na ontvangst van de
                                aanvraag een besluitover de subsidieverlening. Het dagelijks bestuur
                                kan deze termijn met acht weken verlengenen deelt dit aanvrager voor
                                het verstrijken van de eerste termijn van acht weken mee.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidieverlening wordt geweigerd indien:</al><lijst><li nr="a."><al>De aanvraag niet voldoet aan doelstelling van de
                                        subsidiecategorie en geen project isdat behoort tot de
                                        betreffende subsidiecategorie ;</al></li><li nr="b."><al>Er geen of onvoldoende budget beschikbaar is in verband met
                                        het bereiken van hetsubsidieplafond als bedoeld in artikel
                                        1.2; verdeling van het beschikbare bedrag vindtplaats in de
                                        volgorde van prioriteit als bedoeld in artikel , waarbij een
                                        aanvraagwaarop artikel 1.3, lid 3 van toepassing is geacht
                                        wordt niet te zijn ingediend.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan, naast het in artikel 1.8 bepaalde, aan de
                                subsidieverleningvoorwaarden verbinden, waar onder het bepalen van
                                een termijn waarbinnen het project moetzijn gerealiseerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.7</nr><titel>Uitbetaling subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een verzoek om uitbetaling van (een deel van) de subsidie kan worden
                                gedaan per 1 juni enper 1 december.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De eerste 60% van de subsidie wordt op basis van de werkelijk
                                gemaakte kosten in maximaaldrie termijnen betaalbaar gesteld. Tot
                                betaalbaarstelling wordt alleen overgegaan indienaanvrager tenminste
                                20% dan wel 40% dan wel 60% van de geraamde projectkostenaantoonbaar
                                heeft gemaakt en het verzoek om uitbetaling een bedrag inhoudt van
                                tenminste €50.000,=.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De laatste termijn, groot tenminste 40 % van de subsidie, wordt
                                betaalbaar gesteld op basisvan de subsidievaststelling als bedoeld
                                in artikel 1.9.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan in het besluit tot subsidieverlening,
                                onder opgaaf van redenen,afwijken van het bepaalde in de leden 1 t/m
                                3.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.8</nr><titel>Verplichtingen aanvrager</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvrager draagt zorg voor de uitvoering van het project
                                overeenkomstig de aanvraag alsbedoeld in artikel 1.3.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvrager is verplicht het dagelijks bestuur onverwijld te
                                informeren over wijzigingen in enafwijkingen van de ingediende
                                aanvraag, die leiden tot wijzigingen in de uitvoering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvrager verschaft op verzoek van het dagelijks bestuur alle
                                bescheiden en inlichtingendie nodig zijn om te beoordelen of de
                                aanvrager voldoet aan zijn subsidieverplichtingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.9</nr><titel>Subsidievaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Binnen drie maanden na het verstrijken van de termijn als bedoeld in
                                artikel 1.6, lid 3 dientaanvrager een verzoek om vaststelling van de
                                subsidie in bij het dagelijks bestuur. Inbijzondere omstandigheden
                                kan het dagelijks bestuur deze termijn op verzoek van
                                aanvragerverlengen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verzoek om subsidievaststelling dient vergezeld te gaan
                                van:</al><lijst><li nr="a."><al>Een opgave van hetgeen is uitgevoerd of verricht;</al></li><li nr="b."><al>Ingeval de hoogte van de vast te stellen subsidie hoger of
                                        gelijk is aan € 25.000,= eenspecificatie van de gemaakte
                                        kosten en is voorzien van een verklaring van eenaccountant
                                        als bedoeld in artikel 393, lid 1 van Boek 2 van het
                                        Burgerlijk Wetboek,waaruit blijkt dat de subsidie
                                        overeenkomstig de subsidieverlening is besteed;</al></li><li nr="c."><al>Ingeval de hoogte van de vast te stellen subsidie lager is
                                        aan € 25.000,= eenspecificatie van de gemaakte kosten
                                        voorzien van kopieën van facturen;</al></li><li nr="d."><al>Een verslag van de resultaten van het gerealiseerde project
                                        indien dit als voorwaardeaan de subsidieverlening is
                                        verbonden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De financiële verantwoording en de accountantsverklaring geschieden
                                volgens het meestactuele, door het dagelijks bestuur vastgestelde,
                                model van verantwoording respectievelijkcontroleprotocol.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op basis van de werkelijke kosten van realisatie van het project
                                wordt de subsidie vastgesteld,waarbij als maximum geldt het bedrag
                                van de subsidieverlening als bedoeld in artikel 1.6.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.10</nr><titel>Intrekking subsidie</titel></kop><al>Het dagelijks bestuur kan de op grond van artikel 1.6 verleende subsidie
                            intrekken indien:</al><lijst><li nr="1."><al>Aanvrager niet heeft voldaan aan het doel waarvoor de subsidie
                                    is verleend en/of aan de bijde subsidieverlening gestelde
                                    voorwaarden;</al></li><li nr="2."><al>Aanvrager niet heeft voldaan aan de verplichtingen als bedoeld
                                    in artikel 1.8;</al></li><li nr="3."><al>Na de subsidieverlening blijkt dat aanvrager onjuiste of
                                    onvolledige gegevens heeft verstrekten die gegevens tot een
                                    andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid;</al></li><li nr="4."><al>Aanvrager niet heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 1.9,
                                    lid 1;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.11</nr><titel>Afwijkingsmogelijkheid en hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan bepalingen gesteld bij of krachtens deze
                                verordening buitentoepassing verklaren indien sprake is van
                                medesubsidiëring en</al><lijst><li nr="a."><al>de betreffende bepalingen in strijd zijn of komen met de
                                        door medesubsidiëntengestelde voorwaarden, bepalingen, dan
                                        wel beperkingen, of</al></li><li nr="b."><al>redelijkerwijs voorrang dient te worden gegeven aan de door
                                        één van demedesubsidiënten gestelde voorwaarden, bepalingen
                                        dan wel beperkingen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan afwijken van de bepalingen gesteld bij of
                                krachtens dezeverordening indien de subsidie valt onder de
                                omschrijving van een steunmaatregel in artikel87, lid 1 van het
                                EG-verdrag en voor het verstrekken van de subsidie goedkeuring is
                                vereistvan de Europese Commissie, uitsluitend voorzover afwijking
                                noodzakelijk is in verband methet verkrijgen van goedkeuring van de
                                Europese Commissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan de bepalingen gesteld bij of krachtens
                                deze verordening buitentoepassing laten of daarvan afwijken,
                                voorzover toepassing gelet op het belang van eendoelgerichte of
                                evenwichtige subsidieverstrekking leidt tot een onbillijkheid van
                                overwegendeaard.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>2.</nr><titel>Subsidiecategorie infrastructuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Uitvoeringsprogramma</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur stelt, gehoord het portefeuillehoudersoverleg,
                                tweejaarlijks eenuitvoeringsprogramma vast waarin voor een periode
                                van twee jaar worden opgenomenregionale projecten en TOP-projecten
                                die in beginsel in aanmerking komen voorsubsidieverlening en
                                onderverdeeld in thema’s, de hoogte van het
                                gereserveerdesubsidiebedrag, de volgorde in prioriteit en het
                                voorziene uitkeringsjaar. In het programmawordt tevens voor de
                                daarop volgende twee jaren een doorkijk gegeven van projecten die
                                voordie jaren in voorbereiding zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In een door het dagelijks bestuur vast te stellen regeling worden de
                                criteria opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>waaraan projecten als bedoeld in lid 1 moeten voldoen om in
                                        hetuitvoeringsprogramma te worden opgenomen;</al></li><li nr="b."><al>voor het bepalen van de volgorde in prioriteit; deze
                                        criteria hebben betrekking opeffectiviteit,
                                        realiseerbaarheid en efficiency van een project;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De daarvoor in aanmerking komende aanvragers kunnen projecten als
                                bedoeld in lid 1 bij hetdagelijks bestuur aanmelden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het eerste uitvoeringsprogramma wordt vastgesteld voor de jaren 2008
                                en 2009.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Subsidiabele kosten</titel></kop><al>Bij het vaststellen van de hoogte van de subsidie neemt het dagelijks
                            bestuur de volgende kosten in</al><al>aanmerking:</al><lijst><li nr="a."><al>kosten van verwerving van onroerende zaak, met uitzondering van
                                    onroerende zaken diereeds tenminste drie jaar in eigendom zijn
                                    van aanvrager dan wel van een (andere) overheidsinstantie;</al></li></lijst><lijst><li nr="b."><al>met het project samenhangende redelijk te achten
                                    schadevergoedingen aan derden;</al></li><li nr="c."><al>de kosten van de voor het project noodzakelijke vergunningen en
                                    andere leges;</al></li><li nr="d."><al>de materiaalkosten voor het project;</al></li><li nr="e."><al>de kosten van de aanleg, bouw, wijziging of inrichting van de
                                    betrokken infrastructuur;</al></li><li nr="f."><al>de kosten van de bijkomende voorzieningen nodig om de betrokken
                                    infrastructuur navoltooiing zijn functie te kunnen laten
                                    vervullen;</al></li><li nr="g."><al>de BTW over de voornoemde kosten, voor zover die niet door
                                    aanvrager kan wordenteruggevorderd;</al></li><li nr="h."><al>de kosten van voorbereiding, administratie en toezicht, die
                                    worden vastgesteld op maximaal15% van de kosten als bedoeld
                                    onder a tot en met f;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.3</nr><titel>Nieuw voor oud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan de in aanmerking te nemen kosten
                                verminderen met de eventuelebaten die voor aanvrager of derden
                                voortvloeien uit de vervanging van bestaandeinfrastructuur en
                                overige voorzieningen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan bij de toepassing hiervan nadere
                                uitvoeringsregels vaststellen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>2.1</nr><titel>Regionale Projecten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie moet
                            betrekking hebben op het uitvoeren van projecten die zijn opgenomen in
                            het RMP of een uitwerkingsprogramma daarvan dan wel betrekking hebben op
                            het uitvoeren van projecten die bijdragen aan de doelstellingen van het
                            RMP.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1.2</nr><titel>Aanvragers</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komt uitsluitend in
                            aanmerking een openbaar lichaamals bedoeld in artikel 3, lid 2 van de
                            Wet BDU verkeer en vervoer dat in Twente een project realiseert.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1.3</nr><titel>Minimale projectomvang</titel></kop><al>Alleen die projecten komen voor een subsidie in aanmerking waarvan de in
                            aanmerking te nemenprojectkosten tenminste € 100.000,= bedragen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1.4</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><al>De subsidie bedraagt 25 % van de in aanmerking te nemen
                            projectkosten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>2.2</nr><titel>TOP projecten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie moet
                            betrekking hebben op hetuitvoeren van projecten die zijn opgenomen in
                            het RMP of een uitwerkingsprogramma daarvan en dievan essentieel belang
                            zijn voor de uitvoering van het RMP.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2.2</nr><titel>Aanvragers</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komt uitsluitend in
                            aanmerking een openbaar lichaamals bedoeld in artikel 3, lid 2 van de
                            Wet BDU verkeer en vervoer die in Twente een project realiseert.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2.3</nr><titel>Minimale projectomvang</titel></kop><al>Alleen die projecten komen voor een subsidie in aanmerking waarvan de in
                            aanmerking te nemenprojectkosten tenminste € 100.000,= bedragen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2.4</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie bedraagt bij weg-/fietsprojecten:</al><al>50% over het bedrag tot € 15.000.000,=</al><al>40% over het bedrag tussen € 15.000.000,= en € 20.000.000,=</al><al>25% over het bedrag tussen € 20.000.000,= en € 30.000.000,=</al><al>15% over het bedrag tussen € 30.000.000,= en € 40.000.000,=</al><al>10% over het bedrag tussen € 40.000.000,= en € 60.000.000,=</al><al>5% over het bedrag tussen € 60.000.000,= en € 112.500.000,=</al><al>van de in aanmerking te nemen projectkosten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidie bedraagt bij projecten voor openbaar vervoer:</al><al>75% over het bedrag tot € 15.000.000,=</al><al>50% over het bedrag tussen € 15.000.000,= en € 20.000.000,=</al><al>35% over het bedrag tussen € 20.000.000,= en € 30.000.000,=</al><al>25% over het bedrag tussen € 30.000.000,= en € 40.000.000,=</al><al>20% over het bedrag tussen € 40.000.000,= en € 60.000.000,=</al><al>10% over het bedrag tussen € 60.000.000,= en € 112.500.000,=</al><al>van de in aanmerking te nemen projectkosten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op basis van het bestedingsplan als bedoeld in artikel 1.2 bepaalt
                                het dagelijks bestuur bij desubsidieverlening in hoeveel jaarlijkse
                                termijnen de subsidie betaalbaar wordt gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>3.</nr><titel>Subsidiecategorie verkeersveiligheid</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Een subsidie op grond van deze categorie moet in Twente bijdragen aan
                            het verbeteren van deverkeersveiligheid. Er wordt een onderscheid
                            gemaakt tussen verkeersveiligheid binnen en buiten debebouwde kom.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2</nr><titel>Instanties die voor een subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komt uitsluitend in
                            aanmerking een deelnemende</al><al>gemeente.</al><al/><al><onderstreept>3.1 Binnen de bebouwde kom</onderstreept></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1.1</nr><titel>Projecten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Een subsidie kan worden verstrekt voor:</al><lijst><li nr="a."><al> Infrastructurele maatregelen in verblijfsgebieden;</al></li><li nr="b."><al> Infrastructurele maatregelen op (voorlopige)
                                    verkeersaders;</al></li><li nr="c."><al>Bewustwording, educatie en training;</al></li><li nr="d."><al> Bevordering van persoonlijke bescherming en naleving van
                                    verkeersregels;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1.2</nr><titel>Programma</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Een deelnemende gemeente komt alleen voor een subsidie in
                                aanmerking op basis van een door het dagelijks bestuur goedgekeurd
                                programma waarin is opgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al> een beschrijving van de te ondernemen acties;</al></li><li nr="b."><al> een onderbouwing, waar mogelijk cijfermatig, van de
                                        effecten van de acties in relatie tot de doelstellingen van
                                        het RMP en/of eventuele uitwerkingen daarvan;</al></li><li nr="c."><al> een gedetailleerde begroting van de kosten van de
                                        acties;</al></li><li nr="d."><al> een financieringsoverzicht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al> Het dagelijks bestuur beoordeelt het programma op de doelstellingen
                                van het RMP en/of de eventuele uitwerkingen daarvan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Het programma als bedoeld in lid 1 heeft een looptijd van twee
                                jaren en dient te worden ingediend uiterlijk 1 september van het
                                jaar voorafgaande aan het eerste jaar waarop het betrekking
                                heeft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Het dagelijks bestuur kan bij uitvoeringsbesluit een model
                                vaststellen voor het opstellen van het programma als bedoeld in lid
                                1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.1.3</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In het bestedingsplan als bedoeld in artikel 1.2, lid 1 wordt
                                    een bedrag opgenomen datbeschikbaar is voor verkeersveiligheid
                                    binnen de bebouwde kom. Dit bedrag wordt verdeeldover de
                                    deelnemende gemeenten op basis van het percentage van de formule
                                    x = a + b + cgedeeld door 3, waarbij:</al><al>x = het percentage van de gemeente in het beschikbare
                                    budget;</al><al>a = het percentage dat wordt bepaald door het aantal inwoners
                                    van de gemeente te delendoor het totaal aantal van de
                                    deelnemende gemeenten;</al><al>b = het percentage dat wordt bepaald door de weglengte 50 km/u
                                    wegen van degemeente te delen door het totaal aantal van de
                                    deelnemende gemeenten;</al><al>c = het percentage dat wordt bepaald door de weglengte 30 km/u
                                    wegen van degemeente te delen door het totaal aantal van de
                                    deelnemende gemeenten.</al><al>Als peildatum wordt aangehouden 1 januari van het jaar waarin
                                    het bestedingsplan wordtvastgesteld.</al></li><li nr="2."><al>Een deelnemende gemeente kan slechts aanspraak maken op (een
                                    deel van) het berekendebedrag op basis van een door het
                                    dagelijks bestuur goedgekeurd programma. Toekenningvan subsidie
                                    vindt plaats op basis van werkelijk gemaakte kosten.</al></li><li nr="3."><al>De subsidie bedraagt bij projecten als bedoeld in artikel 3.1.1
                                    onder a en b:</al><lijst><li nr="a."><al>50% voor de aanpak van een schoolomgeving en de aanpak
                                            van verkeersonveiligeconcentraties;</al></li><li nr="b."><al>25% voor overige projecten.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De subsidie bedraagt bij projecten als bedoeld in artikel 3.1.1
                                    onder c en d:</al><lijst><li nr="a."><al>75% voor projecten van regionale betekenis;</al></li><li nr="c."><al>75% voor projecten van subregionale betekenis binnen het
                                            regionaaluitvoeringsprogramma als bedoeld in artikel
                                            3.2.2. lid 2;</al></li><li nr="d."><al>50% voor projecten van locale betekenis.</al></li></lijst></li></lijst><al/><al><onderstreept>3.2. Buiten de bebouwde kom</onderstreept></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.1</nr><titel>Projecten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Een subsidie kan worden verstrekt voor infrastructurele
                            maatregelen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.2</nr><titel>Regionaal uitvoeringsprogramma</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een deelnemende gemeente komt alleen voor een subsidie in aanmerking
                                op basis van eendoor het dagelijks bestuur goedgekeurd regionaal
                                uitvoeringsprogramma waarin isopgenomen:</al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de te ondernemen acties;</al></li><li nr="b."><al>een onderbouwing, waar mogelijk cijfermatig, van de effecten
                                        van de acties in relatietot de doelstellingen van het RMP
                                        en/of eventuele uitwerkingen daarvan;</al></li><li nr="c."><al>een gedetailleerde begroting van de kosten van de
                                        acties;</al></li><li nr="d."><al>een financieringsoverzicht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij uitvoeringsbesluit bepaalt het dagelijks bestuur welke
                                deelnemende gemeentengezamenlijk een gebied vormen voor het
                                opstellen van een regionaal uitvoeringsprogramma.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur beoordeelt het programma op de doelstellingen
                                van het RMP en/of deeventuele uitwerkingen daarvan.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het programma als bedoeld in lid 1 heeft een looptijd van twee jaren
                                en dient te wordeningediend uiterlijk 1 september van het jaar
                                voorafgaande aan het eerste jaar waarop hetbetrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan bij uitvoeringsbesluit een model
                                vaststellen voor het opstellen vanhet programma als bedoeld in lid
                                1.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.2</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In het bestedingsplan als bedoeld in artikel 1.2, lid 1 wordt een
                                bedrag opgenomen datbeschikbaar is voor verkeersveiligheid buiten de
                                bebouwde kom en hoe dit bedrag wordtverdeeld over de gebieden als
                                bedoeld in artikel 3.2.2, lid 2.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De hoogte van de subsidie bedraagt 50% van de werkelijke kosten van
                                realisering van hetproject.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>4.</nr><titel>Openbaar vervoer</titel></kop><structuurtekst><al><onderstreept>4.1 Subsidiecategorie sociale
                            veiligheid</onderstreept></al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie moet in
                            Twente leiden tot een afnamevan het gevoel van onveiligheid en
                            anonimiteit van de reiziger in de bus en trein alsmede op enrondom de
                            halte.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.2</nr><titel>Aanvragers</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komen uitsluitend in
                            aanmerking:</al><lijst><li nr="1."><al>Een aan Regio Twente deelnemende gemeente;</al></li><li nr="2."><al>Een vervoerder die in het bezit is van een geldige, door het
                                    dagelijks bestuur verleende,concessie op grond van de Wet
                                    personenvervoer 2000 voor het verrichten van openbaarvervoer per
                                    bus en/of per trein;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.3</nr><titel>Projecten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een project als bedoeld in lid 2 moet worden gerealiseerd in
                                Twente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidie kan worden verstrekt ten behoeve van:</al><lijst><li nr="a."><al>Investeringen in het sociaal veiliger maken van
                                        haltevoorzieningen en (bus)stations,met uitzondering van
                                        gronden en opstallen van de Nederlandse Spoorwegen;</al></li><li nr="b."><al>Investeringen in het sociaal veiliger maken van
                                        voertuigen;</al></li><li nr="c."><al>Kosten van de inzet van toezichthouders, niet zijnde
                                        controleurs, die onder meer defunctie hebben toe te zien op
                                        de sociale veiligheid in voertuigen alsmede op(bus)stations
                                        en vervoersknooppunten;</al></li><li nr="d."><al>Kosten voor de opleiding van personeel, voor zover
                                        betrekking hebbend op hun takeninzake sociale veiligheid in
                                        voertuigen;</al></li><li nr="e."><al>Kosten in de sfeer van voorlichting omtrent sociale
                                        veiligheid;</al></li><li nr="f."><al>Overige investeringen en kosten die naar het oordeel van het
                                        dagelijks bestuur ingelijke mate bijdragen of invulling
                                        geven aan de in artikel 1 omschreven doelstelling;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Niet voor een subsidie in aanmerking komt een project van een
                                vervoerder als bedoeld inartikel 4.1.2, lid 2 indien dit project
                                voortvloeit uit de aan de vervoerder verleende concessieen/of
                                daaraan voorafgaande aanbesteding en offerte van de vervoerder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.4.</nr><titel>Niet subsidiabele kosten</titel></kop><al>Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten voor:</al><lijst><li nr="a."><al>Plaatsen en afschrijven van opstallen;</al></li><li nr="b."><al>Beheer, onderhoud en herstel;</al></li><li nr="c."><al>(Bege)leiding toezichthouders;</al></li><li nr="d."><al>Verbeteren zichtlijnen op een afstand van meer dan 25 meter
                                    vanaf de halte;</al></li><li nr="e."><al>Reis- en verblijfkosten voor bezoek cursus;</al></li><li nr="f."><al>Loonbetaling in verband met het deelnemen aan een cursus;</al></li><li nr="g."><al>Promotiemateriaal.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1.5</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><al>De subsidie bedraagt 50% van de werkelijke kosten van realisering van
                            het aangevraagde project.</al><al/><al><onderstreept>4.2 Subsidiecategorie toegankelijkheid</onderstreept></al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie moet in
                            Twente leiden tot een beteretoegankelijkheid van het openbaar vervoer en
                            richt zich daarbij op de halte, de voertuigen en
                            deinformatievoorzieningen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.2</nr><titel>Aanvragers</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komen uitsluitend in
                            aanmerking:</al><lijst><li nr="1."><al>Een aan Regio Twente deelnemende gemeente;</al></li><li nr="2."><al>Een vervoerder die in het bezit is van een geldige, door het
                                    dagelijks bestuur van RegioTwente verleende, concessie op grond
                                    van de Wet personenvervoer 2000;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.3</nr><titel>Projecten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een project als bedoeld in lid 2 moet worden gerealiseerd in
                                Twente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidie kan worden verstrekt ten behoeve van:</al><lijst><li nr="a."><al>Investeringen in het toegankelijk maken van halteperrons tot
                                        een hoogte van 18centimeter en het aanpassen van de route
                                        naar het perron tot 50 meter vanaf dehalte;</al></li><li nr="b."><al>Investeringen in het toegankelijk maken van de
                                        informatievoorziening bij de halte;</al></li><li nr="c."><al>Kosten voor de opleiding van personeel, voor zover
                                        betrekking hebbend op hun takeninzake de toegankelijkheid in
                                        voertuigen;</al></li><li nr="d."><al>Kosten in de sfeer van voorlichting over
                                        toegankelijkheid;</al></li><li nr="e."><al>Overige investeringen en kosten die naar het oordeel van het
                                        dagelijks bestuur ingelijke mate bijdragen of invulling
                                        geven aan de in artikel 1 omschreven doelstelling;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Niet voor een subsidie in aanmerking komt een project van een
                                vervoerder als bedoeld inartikel 4.2.2, lid 2 indien dit project
                                voortvloeit uit de aan de vervoerder verleende concessieen/of
                                daaraan voorafgaande aanbesteding en offerte van de vervoerder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.4.</nr><titel>Niet subsidiabele kosten</titel></kop><al>Niet voor subsidie komen in aanmerking de kosten voor:</al><lijst><li nr="a."><al>Plaatsen en afschrijven van opstallen;</al></li><li nr="b."><al>Beheer, onderhoud en herstel;</al></li><li nr="c."><al>Reis- en verblijfkosten voor bezoek cursus;</al></li><li nr="d."><al>Loonbetaling in verband met het deelnemen aan een cursus;</al></li><li nr="e."><al>Promotiemateriaal.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2.5</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><al>De subsidie bedraagt 80% van de werkelijke kosten van realisering van
                            het aangevraagde projectindien het betreft de ophoging van een halte die
                            in het kader van het Halteplan wordt aangelegd envoor overige projecten
                            50%.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>5</nr><titel>Subsidiecategorie buurtbus</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie is bedoeld
                            voor het stimuleren van hetvrijwilligerswerk bij de uitvoering van
                            buurtbusprojecten in Twente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2</nr><titel>Aanvragers</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komen uitsluitend in
                            aanmerkingbuurtbusverenigingen/-stichtingen die door het dagelijks
                            bestuur zijn erkend op grond van de Regelingbuurtbusprojecten Regio
                            Twente 2004.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.3</nr><titel>Project dat voor subsidie in aanmerking komt</titel></kop><al>Een subsidie kan worden verstrekt indien de uitvoering van een
                            buurtbusproject geschiedt doorvrijwilligers.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.4</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie per buurtbusproject bedraagt € 3.236 per jaar (prijspeil
                                2004) en wordt in juni vanelk jaar overgemaakt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het in het eerste lid gestelde bedraagt de subsidie
                                in het eerste jaar eentwaalfde maal het aantal maanden vanaf de
                                datum dat het project van start is gegaan. Desubsidie wordt betaald
                                binnen 8 weken na de start van het project.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De subsidie ter bekostiging van het vrijwilligerswerk wordt door het
                                dagelijks bestuurvastgesteld voor het aantal jaren dat gelijk is aan
                                de duur van het contract of de duur van deconcessie van het
                                vervoerbedrijf dat het regulier openbaar vervoer in het betreffende
                                gebiedverricht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De subsidie aan de buurtbusvereniging/-stichting wordt jaarlijks
                                aangepast aan het loon- enprijspeil.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>6.</nr><titel>Subsidiecategorie bedrijfsvervoer</titel></kop><structuurtekst><al>p.m.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>7.</nr><titel>Subsidiecategorie regionaal onderzoek/planvoorbereiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.1</nr><titel>Doelstelling</titel></kop><al>Het verstrekken van een subsidie op grond van deze categorie moet een
                            bijdrage leveren aan derealisering van het RMP.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.2</nr><titel>Instanties die voor een subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Voor een subsidie op grond van deze categorie komt uitsluitend in
                            aanmerking een openbaar lichaamals bedoeld in artikel 3, lid 2 van de
                            Wet BDU verkeer en vervoer dat in Twente een project realiseert.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.3</nr><titel>Projecten die voor een subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Een subsidie kan worden verstrekt ten behoeve van:</al><lijst><li nr="a."><al>onderzoek van regionale relevantie;</al></li><li nr="b."><al>voorbereiding van projecten die van essentieel belang zijn voor
                                    de uitvoering van het RMP.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.4</nr><titel>Hoogte subsidie</titel></kop><al>De subsidie bedraagt 50% van de werkelijke kosten van de realisering van
                            het aangevraagde project.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><nr>8.</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.1</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Subsidieverordening mobiliteit
                            Regio Twente.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.2</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2008
                                onder gelijktijdige intrekkingvan de Bijdrageregeling kleine
                                infrastructuur Regio Twente, Subsidieverordeningtoegankelijkheid
                                openbaar vervoer Twente, Subsidieverordening sociale veiligheid
                                openbaarvervoer Twente en de artikelen 8 en 9 van de Regeling
                                buurtbusprojecten Regio Twente 2001.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanvragen die voor het jaar 2007 of eerder zijn ingediend op basis
                                van de in lid 1 bedoeldeverordeningen worden overeenkomstig het
                                hierin bepaalde afgehandeld.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>