<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR407811_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening rechtpositie gedeputeerden provincie Flevoland 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Flevoland</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-06-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Flevoland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/prb-2016-3181.html">Provinciaal blad, 2016, 3181</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Rechtspositie gedeputeerden Provincie Flevoland 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Provinciewet, art. 143</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Rechtpositiebesluit gedeputeerden, art. 18, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Rechtpositiebesluit gedeputeerden, art. 19, lid 1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Rechtpositiebesluit gedeputeerden, art. 22a, lid 5</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">provinciale staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-05-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-06-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-09-25</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1917491</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuurlijke organisatie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Verordening rechtspositie gedeputeerden, Staten- en commissieleden 2008.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening rechtpositie gedeputeerden provincie Flevoland 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Provinciale Staten van de provincie Flevoland</al><al>Gelezen het voorstel van Gedeputeerde Staten d.d. 27 oktober 2015, nummer
                        1899838</al><al>Gelet op de artikelen 143 Provinciewet, de artikelen 18, eerste lid, 19,
                        eerste lid, 22a, vijfde lid van het Rechtpositiebesluit gedeputeerden</al><al>Gezien het advies van de commissie voor Bestuur van 11 mei 2016</al><al>Besluiten vast te stellen de Verordening rechtpositie gedeputeerden
                        provincie Flevoland 2016</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk I Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al> provinciesecretaris: de secretaris als bedoeld in artikel 97,
                                    eerste lid, van de Provinciewet;</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk II Voorzieningen voor gedeputeerden</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2 Reiskosten woon-werkverkeer</titel></kop><al>De gedeputeerde wordt voor het reizen tussen zijn woning en zijn plaats
                            van tewerkstelling naar keuze:</al><lijst><li nr="a."><al> een openbaar vervoerjaarkaart eerste of tweede klasse
                                    verstrekt;</al></li><li nr="b."><al> een tegemoetkoming in de kosten van het reizen verleend
                                    overeenkomstig het bepaalde in de ministeriële regeling als
                                    bedoeld in artikel 19, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit
                                    gedeputeerden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Zakelijke reiskosten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Aan de gedeputeerde wordt naast de tegemoetkoming, bedoeld in
                                artikel 2, vergoeding verleend voor reiskosten ter zake van andere
                                dan de in artikel 2 bedoelde reizen ten behoeve van de provincie
                                gemaakt. De vergoeding betreft: </al><lijst><li nr="a."><al> bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een
                                        taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid
                                        gemaakte noodzakelijke reiskosten, met inachtneming van
                                        artikel 2, onderdeel a;</al></li><li nr="b."><al> bij gebruik van een eigen personenauto: een vergoeding van
                                        de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten
                                        overeenkomstig het bedrag, genoemd in artikel 4,onderdeel b,
                                        van de ministeriële regeling als bedoeld in artikel 19,
                                        tweede lid, van het Rechtspositiebesluit gedeputeerden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Aan de gedeputeerde aan wie ingevolge artikel 2 een openbaar
                                vervoerjaarkaart is verstrekt worden de in het eerste lid, onderdeel
                                b, bedoelde reiskosten alleen vergoed als met het openbaar vervoer
                                niet of slechts met aanzienlijk tijdverlies kan worden gereisd.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Dienstauto</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> De gedeputeerde kan voor reizen ten behoeve van de provincie
                                gebruik maken van een dienstauto met chauffeur. Onder dienstauto
                                wordt voor de toepassing van dit artikel mede verstaan een door de
                                provincie ingehuurde auto.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> De dienstauto met chauffeur kan door de gedeputeerde ook worden
                                gebruikt voor het reizen tussen de woning en de plaats van
                                tewerkstelling en voor reizen ten behoeve van nevenfuncties die de
                                gedeputeerde vervult uit hoofde van zijn ambt en nevenfuncties die
                                op grond van artikel 3 gedragscode voor gedeputeerden en van te
                                voren zijn gemeld aan het college van Gedeputeerde Staten. Voor deze
                                laatste categorie nevenfuncties geldt een maximum aantal onbelaste
                                kilometers van 500 op jaar basis .</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Indien de gedeputeerde gebruik maakt van een dienstauto met
                                chauffeur dan heeft hij voor die reizen geen recht op een
                                tegemoetkoming voor de reiskosten. Indien de gedeputeerde op basis
                                van artikel 2 een openbaar vervoerjaarkaart is verstrekt wordt bij
                                gebruik van een dienstauto voor het reizen tussen de woning en de
                                plaats van tewerkstelling een korting op zijn bezoldiging toegepast
                                van 1/40 van de maandprijs van de openbaarvervoerjaarkaart voor elke
                                enkele reis.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Indien de gedeputeerde voor reizen ten behoeve van in het tweede
                                lid bedoelde nevenfuncties gebruik maakt van de provinciale
                                dienstauto en daarvoor van een derde ook een vergoeding van
                                reiskosten ontvangt wordt die vergoeding in de provinciale kas
                                gestort.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al> Terughoudend privé-gebruik van de dienstauto is toegestaan voor
                                zover de privéafspraak een integraal onderdeel uitmaakt van het
                                reisschema en de agenda.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Verblijfkosten</titel></kop><al>De gedeputeerde worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                            verblijfkosten ter zake van reizen, bedoeld in artikel 3 volledig
                            vergoed.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Buitenlandse dienstreis</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Indien de gedeputeerde in het provinciaal belang een reis buiten
                                Nederland maakt worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                reis- en verblijfkosten vergoed.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Voor een reis in het provinciaal belang buiten Nederland, niet
                                zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming
                                van Gedeputeerde staten vereist. Provinciale staten kunnen aan deze
                                toestemming voorwaarden verbinden.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Computer en internetverbinding</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> De gedeputeerde aan wie een computer c.q. een Ipad, bijbehorende
                                apparatuur en software in bruikleen ter beschikking wordt gesteld,
                                ondertekent voor de bruikleen een bruikleenovereenkomst met de
                                provincie. Gedeputeerde staten stellen het model van de
                                bruikleenovereenkomst vast.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Indien geen computer, bijbehorende apparatuur en software ten laste
                                van de provincie ter beschikking is gesteld, verlenen gedeputeerde
                                staten de gedeputeerde op aanvraag voor de uitoefening van het ambt
                                een tegemoetkoming voor de aanschaf of het gebruik van een eigen
                                computer, bijbehorende apparatuur en software. De tegemoetkoming
                                bedraagt per jaar 1/36 van de aanschafwaarde daarvan voor een
                                periode van 36 maanden. Daarbij wordt ten hoogste uitgegaan van de
                                aanschafwaarde van de computer, bijbehorende apparatuur en software
                                welke aan de gedeputeerden ten laste van de provincie in bruikleen
                                ter beschikking worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Op aanvraag ontvangt de gedeputeerde een vast bedrag ter vergoeding
                                van de aanleg-en abonnementskosten voor de internetverbinding voor
                                de in het eerste of tweede lid genoemde computerapparatuur voor
                                zover dit noodzakelijk is voor de uitoefening van het ambt.
                                Gedeputeerde staten stellen de hoogte van het in de eerste volzin
                                bedoelde bedrag van de vergoeding vast.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al> Gedeputeerde staten kunnen ter uitvoering van dit artikel nadere
                                regels vaststellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Communicatie-apparatuur</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Op aanvraag wordt de gedeputeerde voor de uitoefening van zijn ambt
                                communicatieapparatuur in bruikleen ter beschikking gesteld.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> De gedeputeerde ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met
                                de provincie.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Gedeputeerde staten stellen het model van de bruikleenovereenkomst
                                vast.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Reis- en pensionkosten en verhuiskosten</titel></kop><al>De gedeputeerde die bij benoeming nog niet over woonruimte in de
                            provincie beschikt heeft ten laste van de provincie aanspraak op
                            vergoeding van:</al><lijst><li nr="a."><al> reis- en pensionkosten overeenkomstig het bepaalde in artikel 1
                                    van de Regeling rechtspositie gedeputeerden, en</al></li><li nr="b."><al> verhuiskosten in verband met de benoeming als gedeputeerde
                                    overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 van de Regeling
                                    rechtspositie gedeputeerden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid,
                                onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen:
                                de vergoedingen en verstrekkingen als bedoeld in artikel 23a
                                rechtspositiebesluit gedeputeerden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid,
                                onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder
                                aangewezen de vergoedingen en verstrekkingen bedoeld in hoofdstuk
                                III van deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een
                                vergoeding of verstrekking als bedoeld in artikel 31a,tweede lid,
                                onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk III De procedure van declaratie voor gedeputeerden</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 11 Betaling vaste vergoedingen</titel></kop><al>De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden, de bezoldiging voor de
                            gedeputeerden op grond van het Rechtspositiebesluit gedeputeerden, de
                            onkostenvergoedingen en declaraties geschiedt maandelijks of in
                            maandelijkse termijnen als er sprake is van een vergoeding op jaarbasis
                            tenzij het Rechtspositiebesluit gedeputeerden of de Regeling
                            rechtspositie gedeputeerden anders bepalen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12 Rechtstreekse facturering bij de provincie</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Gedeputeerden dragen ten behoeve van het vergoeden van kosten zorg
                                voor rechtstreekse toezending van de factuur aan de provincie.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Verantwoording van de vergoeding door de gedeputeerde vindt plaats
                                door een door gedeputeerde staten vastgesteld formulier volledig in
                                te vullen en (digitaal) te ondertekenen.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> Facturen komen alleen voor vergoeding in aanmerking als voldaan
                                wordt aan de bepalingen in deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al> Het formulier wordt binnen 2 maanden na factuurdatum ingediend bij
                                de provinciesecretaris of de door hem aangewezen ambtenaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13 Declaratie van vooruit betaalde kosten</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn
                                betaald en de vergoeding van de reiskosten met de eigen auto vindt
                                plaats door gebruikmaking van een door gedeputeerde staten
                                vastgesteld formulier.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Het formulier wordt binnen twee maanden na de betaling cq de datum
                                van de gemaakte rit volledig ingevuld en (digitaal) ondertekend
                                ingeleverd bij de provinciesecretaris of een door hem aangewezen
                                ambtenaar in, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken.</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14 Gebruik creditcard</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al> Een provinciale creditcard wordt de gedeputeerde op aanvraag in
                                bruikleen ter beschikking gesteld voor het doen van uitgaven die
                                voor vergoeding of tegemoetkoming ten laste van de provincie in
                                aanmerking komen. Aan de verstrekking van de creditcard kunnen
                                voorwaarden worden verbonden.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> De provinciesecretaris draagt zorg voor de aanvraag, verstrekking
                                en intrekking van provinciale creditcards. Bij de aanvraag wordt
                                aangegeven of een persoonlijke pincode voor het opnemen van contant
                                geld gewenst wordt.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al> De vergoeding van reis- en verblijfkosten in het buitenland kan
                                plaatsvinden door gebruikmaking van de creditcard.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al> Verantwoording van deze wijze van vergoeding vindt plaats door
                                gebruikmaking van een door gedeputeerde staten vastgesteld formulier
                                volledig in te vullen en (digitaal) te ondertekenen door de
                                gedeputeerde voor wie de kosten zijn gemaakt.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al> Het formulier en de factuur worden binnen 1 maand na afloop van de
                                kalender maand van inhouding door de creditcardmaatschappij ter
                                goedkeuring ingediend bij de provinciesecretaris of de door hem
                                aangewezen ambtenaar.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al> Niet tijdige inlevering van het formulier heeft, tenzij er sprake
                                is van overmacht, tot gevolg dat de gemaakte kosten voor rekening
                                van de gedeputeerde komen.</al></lid><lid><lidnr>7</lidnr><al> Bij beëindiging van het ambt van gedeputeerde wordt de creditcard
                                onverwijld ingeleverd.</al></lid><lid><lidnr>8</lidnr><al> Verlies of diefstal van de creditcard wordt direct gemeld bij de
                                betreffende creditcardmaatschappij en zo spoedig mogelijk ook bij de
                                provincie. Het eigen risico bij verlies en diefstal komt, mits is
                                voldaan aan de daarvoor geldende regels, voor rekening van de
                                provincie.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Hoofdstuk IV Citeertitel en inwerkingtreding</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 15 Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening rechtspositie gedeputeerden, Staten- en commissieleden
                            2008 wordt ingetrokken op het moment dat de nieuwe verordening in
                            werking treedt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze Verordening treedt in werking op 1 juni 2016.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Verordening Rechtspositie
                            gedeputeerden Provincie Flevoland 2016.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Vastgesteld in de openbare vergadering van Provinciale Staten 25 mei
                        2016</al></slotformulering><ondertekening>de griffier de voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>