<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR405952_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Deelsubsidieverordening Sport</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Publicatie via www.officielebekendmakingen.nl d.d. 23-5-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Deelsubsidieverordening Sport</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene Subsidie Verordening artikel 2, tweede lid, artikel 4, derde lid, artikel 6, tweede lid</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-05-10</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-05-26</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-01-09</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging artikel 1, 6, 7, 12, 16a en 16b</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>BW16-0166</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>nadere regels</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Deelsubsidieverordening Sport </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr.BW16-0166</al><al>Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente
                        Heerhugowaard;</al><al>gelezen het voorstel d.d. 22 november 2011;</al><al>gelet op artikel 2, tweede lid, artikel 4, derde lid en artikel 6, tweede
                        lid van de Algemene subsidieverordening Heerhugowaard 2011</al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de deelsubsidieverordening Sport </al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>Algemene subsidieverordening</cursief>: de Algemene
                                subsidieverordening Heerhugowaard 2011</al></li><li nr="b."><al><cursief>Instelling</cursief>. Elke rechtspersoon die zonder
                                winstoogmerk de behartiging van door het gemeentebestuur erkende
                                belangen als hoofddoel heeft.</al></li><li nr="c."><al><cursief>Activiteiten</cursief>. Activiteiten die zich richten op de
                                inwoners van Heerhugowaard op het gebied van sport, .</al></li><li nr="d."><al><cursief>Prestaties</cursief>. De schriftelijk vastgelegde afspraken
                                over de resultaten die met gesubsidieerde activiteiten moeten worden
                                behaald. Hierbij kan de activiteit zelf de prestatie zijn of de
                                concrete effecten van de activiteit.</al></li><li nr="e."><al><cursief>Ontmoeting. </cursief>Het in contact komen met anderen.
                                Deze contacten kunnen incidenteel zijn maar ook uitmonden in een
                                regelmatig contact, waardoor een sociaal netwerk ontstaat.
                                Ontmoeting is voorloper van participatie en perspectief.</al></li><li nr="f."><al><cursief>Participatie. </cursief>Het stimuleren en bieden van
                                mogelijkheden om deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer en
                                gebruik te maken van voorzieningen.</al></li><li nr="g."><al><cursief>Perspectief</cursief>. Het vergoten van kansen op studie,
                                werk en een zinvolle tijdsbesteding.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op alle subsidieverzoeken ten behoeve
                            van activiteiten, gericht op inwoners van Heerhugowaard.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening is niet van toepassing op regionale instellingen die
                            vallen onder een zogenoemde gemeenschappelijke regeling.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Met de regionale instellingen die met een bedrijfsplan werken, worden in
                            regionaal verband afspraken gemaakt. Deze afspraken kunnen afwijken van
                            hetgeen in deze verordening is neergelegd. Dit laatste geldt ook voor
                            afspraken van het college met door haar aangewezen instellingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Subsidie wordt voor een periode van maximaal vier jaar verleend.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De subsidie bedraagt niet meer dan het exploitatietekort van de
                            instelling.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het subsidiebedrag kan alleen op verzoek en na schriftelijke toestemming
                            van het college van burgemeester en wethouders voor andere dan de
                            afgesproken activiteiten worden aangewend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen</titel></kop><al>Subsidie kan slechts voor een activiteit worden verleend, indien de
                        activiteit bijdraagt aan:</al><al>· Ontmoeting;</al><al>· Participatie;</al><al>· Perspectief.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Algemene subsidievoorwaarden</titel></kop><al>1.De vraag.</al><al>De vraag / behoefte dient duidelijk door de aanvrager aangetoond en door het
                        college van burgemeester en wethouders onderschreven te worden. Indien dit
                        niet of onvoldoende het geval is, wordt geen subsidie verleend. </al><al>2.De financiële noodzaak<cursief>.</cursief></al><al>Indien de activiteit, naar het oordeel van het college van burgemeester en
                        wethouders, zichzelf kan bedruipen door bijv. het innen van contributies,
                        het heffen van toegangsgelden, barinkomsten, sponsorgelden of andere vormen
                        van inkomsten, en/of het bedrag van de egalisatiereserve hoger is dan de
                        vastgestelde norm op basis van art. 14 lid 5<cursief>, </cursief>vindt geen
                        subsidiëring plaats. Het college van burgemeester en wethouders kan ter
                        ondersteuning daarvan normen vaststellen. Deze normen kunnen als bijlage bij
                        de verordening worden gevoegd.</al><al>3.De markt.</al><al>Indien de markt mogelijkheden ziet om de activiteit aan te bieden, vindt
                        geen subsidiëring plaats, tenzij het college van burgemeester en wethouders
                        vindt dat het voor iedereen toegankelijk moet zijn. Onder de markt wordt
                        verstaan alle aanbieders die niet van gemeentelijke subsidie afhankelijk
                        zijn. Dat kunnen zowel commerciële als non-profit instellingen zijn.</al><al>4.De prestaties.</al><al>De aanvrager zal de te verwachten prestaties of resultaten aan moeten tonen.
                        Vooraf wordt overeengekomen welke prestaties worden geleverd. Afhankelijk
                        van de aard van de activiteit kunnen zowel input- als output-prestaties
                        worden geëist. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de artikel 4:35 van de algemene wet
                        bestuursrecht en artikelen 8 en 9 van de algemene subsidieverordening wordt
                        de subsidie in ieder geval geweigerd indien:</al><lijst><li nr="a."><al>De activiteiten een overwegend religieus of politiek karakter
                                hebben, hetgeen onder andere kan blijken uit de doelstelling,
                                inhoud, accommodatie, doelgroep of toegankelijkheid.</al></li><li nr="b."><al>De aanvrager de aanvraag of bijbehorende stukken te laat heeft
                                ingediend;</al></li><li nr="c."><al>De aanvrager beroepskrachten inschakelt die niet beschikken over een
                                op de functie gerichte opleiding;</al></li><li nr="d."><al>De aanvrager gebruik maakt van een accommodatie die voor de
                                uitvoering van de activiteiten onvoldoende geschikt of toegerust
                                is.</al></li><li nr="e."><al>Het algemene belang het lokale belang duidelijk overstijgt. Het gaat
                                hierbij onder andere om bovenlokale liefdadigheidsinstellingen of
                                belangengroeperingen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Doelgroep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidie op grond van deze regeling wordt uitsluitend verstrekt aan
                            rechtspersonen (stichtingen en verenigingen) met notarieel vastgelegde
                            statuten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Vervallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Landelijke of regionale instellingen kunnen alleen voor subsidie in
                            aanmerking komen indien het aanbod aanwijsbaar gericht is op de inwoners
                            van Heerhugowaard én er een aantoonbare belangstelling of behoefte is
                            vanuit de inwoners van Heerhugowaard.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Procedurebepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor subsidie dient bij voorkeur voor 1 juni van het jaar
                            voorafgaand aan het subsidiejaar, maar uiterlijk 14 weken voor aanvang
                            van de activiteiten bij het college van burgemeester en wethouders te
                            worden ingediend. De subsidie wordt aangevraagd op het daartoe door de
                            gemeente verstrekte aanvraagformulier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor instellingen van wie op grond van artikel 17 lid 2d van de algemene
                            subsidieverordening een accountantsverklaring wordt verlangd geldt een
                            uiterste indieningstermijn van 1 juni.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Indieningsvereisten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In aanvulling op het gestelde in artikel 5 van de algemene
                                subsidieverordening dienen aanvragen om subsidie vanaf € 50.000
                                vergezeld te gaan van een bedrijfsplan.</al></li><li nr="2."><al>Een bedrijfsplan dient te bevatten:</al><lijst><li nr="a."><al>Beleidsplan:</al></li></lijst></li></lijst><al>· doelstelling organisatie</al><al>· beschrijving van de gestelde doelen, activiteiten en prestaties, alsmede
                        de wijze waarop de prestaties worden gemeten en geregistreerd</al><al>· werkgebied</al><al>· doelgroepenbeleid</al><al>· toegankelijkheid van de voorziening (fysiek, financieel)</al><al>· afstemming van activiteiten in relatie tot andere beleidsvelden of
                        instellingen</al><al>b.Organisatieplan:</al><al>· bestuurs- en personeelsplan</al><al>· visie op vrijwilligersbeleid</al><al>· public relations en marketingplan</al><al>c.Financieel plan:</al><al>· investerings-, reserverings- en onderhoudsplan, inclusief doelbeschrijving
                        en termijnvisie</al><al>· exploitatiebegroting voor het eerstkomende jaar en een meerjarenraming
                        voor de drie daaropvolgende jaren, waaronder financiële termijnvisie en
                        toelichting</al><al>· balans</al><al>3.Het vigerende bedrijfsplan van een instelling geldt financieel als
                        uitgangspunt voor de nieuw overeen te komen bedrijfsplanperiode.</al><al>De gemeentelijke kaders waarbinnen het bedrijfsplan opgesteld dient te
                        worden, zijn:</al><al>· bestuurlijke doelstellingen</al><al>· beleidsplannen binnen diverse werkvelden </al><al>· subsidiebeleid.</al><al>4.Voor het tot stand komen van een bedrijfsplan geldt de procedure in de
                        bijlage van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Berekening van de subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidie wordt berekend aan de hand van normen die als bijlage aan de
                            verordening is toegevoegd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In die gevallen waarin deze bijlage niet voorziet beslist het college
                            van burgemeester en wethouders.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Betaling</titel></kop><al>De subsidie wordt betaalbaar gesteld, overeenkomstig onderstaand
                        betaalschema.</al><lijst><li nr="a."><al>Subsidiebedragen tot € 5.000 : betaling in de maand februari</al></li><li nr="b."><al>Subsidiebedragen vanaf € 5.000 tot € 50.000 : betaling 50% in de
                                maand februari : betaling 50% in de maand mei</al></li><li nr="c."><al>Subsidiebedragen vanaf € 50.000 : betaling 25% in de maand februari
                                : betaling 50% in de maand mei : betaling 25% in de maand
                                september</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vaststelling</titel></kop><al>Het bedrag van de subsidievaststelling is per instelling nooit hoger dan het
                        bedrag van de subsidieverlening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Verdeling van het subsidieplafond</titel></kop><al>Indien het subsidiebedrag, voor de in beginsel voor honorering in aanmerking
                        komende aanvragen, het subsidieplafond overtreft, gelden achtereenvolgens de
                        onderstaande verdeelregels: </al><lijst><li nr="1."><al>Instellingen die vóór 1 juni voorafgaande aan het betreffende
                                subsidiejaar, hun aanvraag hebben ingediend (groep A) gaan voor
                                instellingen die op of ná 1 juni voorafgaand aan het betreffende
                                subsidiejaar hun aanvraag hebben ingediend (groep B);</al></li><li nr="2."><al>Indien het subsidiebedrag voor de in beginsel voor honorering in
                                aanmerking komende aanvragen van groep A het subsidieplafond
                                overtreft, wordt het subsidiebudget naar rato van de in beginsel te
                                verlenen subsidie verdeeld over de subsidieaanvragen van groep
                                A.</al></li><li nr="3."><al>Indien het resterende subsidiebedrag voor de in beginsel voor
                                honorering in aanmerking komende aanvragen van groep B ontoereikend
                                is om alle aanvragen uit groep B te honoreren, wordt het
                                subsidiebudget in volgorde van ontvangst van de subsidieaanvragen
                                verdeeld.</al></li><li nr="4."><al>Indien bij toepassing van lid 3 blijkt dat het resterende budget
                                dient te worden verdeeld tussen twee of meer instellingen van wie de
                                aanvraag die op dezelfde datum zijn ontvangen, waarbij het budget
                                ontoereikend is om deze aanvragen volledig te honoreren, dan wordt
                                het budget naar rato van de in beginsel te verlenen subsidie
                                verdeeld over de betreffende subsidieaanvragen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Loon- en prijsstijgingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De percentages voor loon- en prijsstijgingen wordt jaarlijks door het
                            college van burgemeester en wethouders vastgesteld als onderdeel van de
                            uitgangspunten van de begroting van de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de bepaling van de loon- en prijscompensatie wordt een onderscheid
                            gemaakt tussen bedrijfsplangefinancierde instellingen en
                            niet-bedrijfsplangefinancierde instellingen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het bedrijfsplan, de begroting en jaarrekening van een
                            bedrijfsplangefinancierde instelling dient inzicht te verschaffen in het
                            loongevoelige- prijsgevoelige- en constante deel van de uitgaven. De
                            looncompensatievoor het subsidiejaar (X+1) wordt berekend over het
                            loongevoelige deel van hetsubsidiebedrag van het daaraan voorafgaande
                            jaar (X) en de prijscompensatie voor het subsidiejaar (X+1) wordt
                            berekendover het prijsgevoelige deel van het subsidiebedrag van het
                            daaraan voorafgaande jaar (X).</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Binnen de niet-bedrijfsplangefinancierde instellingen wordt een
                            onderscheid gemaakt tussen instellingen die een subsidie ontvangen tot €
                            5.000,- per jaar en instellingen die € 5.000,- of meer subsidie
                            ontvangen per jaar.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Instellingen met een subsidie tot € 5.000,- per jaar ontvangen alleen
                            een prijscompensatie De prijscompensatie voor het subsidiejaar (X+1)
                            wordt berekend over het totale subsidiebedrag van het daaraan
                            voorafgaande jaar (X).</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Instellingen met een subsidie van € 5.000,- of hoger per jaar ontvangen
                            conform lid 3 een loon- en prijscompensatie. De begroting en
                            jaarrekening van deze instellingen dient inzicht te verschaffen in het
                            loongevoelige- prijsgevoelige- en constante deel van de uitgaven.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien de loon- en/of prijscompensatie hoger is dan de feitelijke loon
                            en/of prijsstijging, dan dient het meerdere na afloop van het
                            subsidiejaar te worden toegevoegd aan de egalisatiereserve. Indien de
                            loon- en/of prijscompensatie lager is dan de feitelijke loon en/of
                            prijsstijging, dan kan het tekort worden onttrokken aan de
                            egalisatiereserve.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Reserveringen en voorzieningen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bestemmingsreserveringen en voorzieningen zijn alleen toegestaan
                                indien zij onderdeel uitmaken van de subsidieaanvraag en in de
                                beschikking tot toekenning zijn vermeld<cursief>.</cursief></al></li><li nr="2."><al>De volgende reserves en voorzieningen worden onderscheiden:</al></li></lijst><al>· Egalisatiereserve: voor het opvangen van schommelingen in de
                        exploitatie</al><al>· Bestemmingsreserve: voor periodieke investeringen op basis van een
                        meerjarenplan </al><al>· Voorzieningen: voor redelijkerwijs te verwachten
                        betalingsverplichtingen.</al><lijst><li nr="3."><al>De hoogte van de toegestane reserves en voorzieningen is afhankelijk
                                van de aard van de organisatie en haar activiteiten. Het college van
                                burgemeester en wethouders kunnen hiervoor normen vaststellen.</al></li><li nr="4."><al>Het is instellingen toegestaan het positieve verschil tussen het
                                bedrag van de subsidieverlening en de (lagere) subsidievaststelling
                                toe te voegen aan de egalisatiereserve.</al></li><li nr="5."><al>De egalisatiereserve mag maximaal 10% bedragen van de gemiddelde
                                inkomsten van de instelling over de afgelopen 4 jaar.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Terugvordering</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De instelling is bij beëindiging van de subsidie, bij vervreemding van
                            roerende en onroerende zaken of bij wijziging van de bestemming, zoals
                            deze door het college van burgemeester en wethouders met de instelling
                            is overeengekomen, aan de gemeente Heerhugowaard een vergoeding
                            verschuldigd, die na overleg met de instelling door het college van
                            burgemeester en wethouders, gehoord de desbetreffende raadscommissie(s)
                            voor advies, wordt vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de bepaling van de vergoeding houdt het college van burgemeester en
                            wethouders rekening met de mate waarin de subsidie van de gemeente heeft
                            bijgedragen tot het verwerven en/of verbeteren van de eigendommen en met
                            eventuele bijdragen van andere geldschieters en van particulieren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Verplichtingen</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan aan de subsidiëring
                        aanvullende voorwaarden verbinden, voor zover dit naar verwachting de
                        kwaliteit verbetert of de resultaten beter zichtbaar en verantwoord kunnen
                        worden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16a</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies tot en met € 5.000 kunnen burgemeester en wethouders op
                            grond van artikel 13 lid 3, 4 en 5 van de Algemene subsidieverordening
                            bepalen dat de subsidie-ontvanger uiterlijk binnen 13 weken nadat de
                            gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling
                            indient.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat:</al><lijst><li nr="-"><al>een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de
                                    gesubsidieerde activiteiten zijn verricht;</al></li><li nr="-"><al>een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan
                                    verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                    jaarrekening);</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen andere gegevens verlangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16b</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tussen € 5.000 en € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 5.000 doch minder dan € 50.000 kunnen
                            burgemeester en wethouders op grond van artikel 14 lid 2 en 3 van de
                            Algemene subsidieverordening bepalen dat de aanvraag tot vaststelling
                            ook een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan
                            verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening)
                            bevat;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen andere gegevens verlangen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze
                        verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover
                        toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt
                        tot onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit
                        artikel wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek verslag
                        gedaan aan de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><al>Aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor 1 januari 2012 worden afgedaan
                        volgens de bepalingen van de subsidieverordening waarop de aanvraag
                        betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2012.</al></li><li nr="2."><al>De regeling wordt aangehaald als: Deelsubsidieverordening Sport</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Heerhugowaard, 6 december 2011</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Burgemeester en wethouders van Heerhugowaard,</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><kop><titel>Bijlage 1. </titel></kop><tussenkop>Normen voor berekenen subsidie conform artikel 9 lid 1.</tussenkop><tussenkop>1. Buitensport</tussenkop><al>Criteria :</al><lijst><li nr="-"><al>Minimum aantal leden: 50 </al></li><li nr="-"><al>De contributienorm en het % van de neveninkomsten zijn als volgt
                            opgebouwd : </al></li></lijst><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="24*"/><colspec colname="col2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colwidth="25*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Contributienorm jeugd</al></entry><entry colname="col3"><al>Contributienorm volwassenen</al></entry><entry colname="col4"><al>% neveninkomsten</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Atletiek</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Honk-/softbal</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>50</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Handbal</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>50</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Voetbal</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>65</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Kanoën</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Triathlon</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>90</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Korfbal</al></entry><entry colname="col2"><al>58</al></entry><entry colname="col3"><al>115</al></entry><entry colname="col4"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Hockey</al></entry><entry colname="col2"><al>90</al></entry><entry colname="col3"><al>125</al></entry><entry colname="col4"><al>30</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Roeien</al></entry><entry colname="col2"><al>90</al></entry><entry colname="col3"><al>125</al></entry><entry colname="col4"><al>30</al></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>2. Binnensport </tussenkop><al>Criteria :</al><lijst><li nr="-"><al>Minimum aantal leden: 30 </al></li><li nr="-"><al>De contributienorm en het % van de neveninkomsten zijn als volgt
                            opgebouwd : </al></li></lijst><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colwidth="25*"/><colspec colname="col2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colwidth="25*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>Contributienorm jeugd</al></entry><entry colname="col3"><al>Contributienorm volwassenen</al></entry><entry colname="col4"><al>% neveninkomsten</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Gymnastiek</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Volleybal</al></entry><entry colname="col2"><al>58</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Badminton</al></entry><entry colname="col2"><al>90</al></entry><entry colname="col3"><al>125</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Zwem/polo</al></entry><entry colname="col2"><al>130</al></entry><entry colname="col3"><al>170</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Basketbal</al></entry><entry colname="col2"><al>85</al></entry><entry colname="col3"><al>120</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Bowls</al></entry><entry colname="col2"><al>60</al></entry><entry colname="col3"><al>100</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al><cursief>Aangepast sporten:</cursief></al></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Zwemmen</al></entry><entry colname="col2"><al>55</al></entry><entry colname="col3"><al>85</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Rolstoeldansen</al></entry><entry colname="col2"><al>45</al></entry><entry colname="col3"><al>80</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Showdown</al></entry><entry colname="col2"><al>45</al></entry><entry colname="col3"><al>80</al></entry><entry colname="col4"><al>15</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Subsidienorm</cursief>: </al><lijst><li nr="-"><al>Organisatiekosten: €17 per lid</al></li><li nr="-"><al>Huisvestingskosten: 100% van de vooraf goedgekeurde kosten </al></li><li nr="-"><al>Afdracht centrale organen: €42 per lid (maximaal)</al></li><li nr="-"><al>Kostennorm trainer senioren: €2.768 tot/per 100 leden</al></li><li nr="-"><al>Kostennorm trainer junioren: €2.768 tot/per 100 leden</al></li><li nr="-"><al>Indien de restnorm voor jeugd- en seniorleden meer dan 100 is, volgt nog
                            een bijdrage van € 2.768</al></li></lijst><al>Alle hiervoor gehanteerde normbedragen/bedragen per lid e.d. zijn
                    maximumbedragen. Indien de werkelijke kosten lager zijn, wordt van de werkelijke
                    kosten uitgegaan.</al><al>De percentages neveninkomsten zijn gebaseerd op ervaringsgetallen</al><al>Heerhugowaardse verenigingen met leden van buiten de gemeente, kunnen aanspraak
                    maken op de volledige bekostigingsbijdrage indien het aantal Heerhugowaardse
                    leden minimaal 50% is. Er vindt een korting op de bijdrage plaats gelijk aan 3x
                    het percentage van de niet-Heerhugowaardse leden boven de 50%. Voorbeeld: Een
                    Heerhugowaardse vereniging met 70% leden van buiten de gemeente krijgt een
                    korting op de bekostigingsbijdrage van 60%.</al></bijlage><bijlage><kop><titel>Bijlage 2:</titel></kop><tussenkop>Procedure bedrijfsplan conform artikel 8 lid 4</tussenkop><al><vet>Start: </vet>Twee jaar voor het verstrijken van de bedrijfsplanperiode</al><tussenkop>Periode januari tot juli:</tussenkop><al>De lopende bedrijfsplanperiode wordt met de instelling tussentijds geëvalueerd.
                    De maatschappelijke ontwikkelingen worden betrokken bij de beleidsverwachting
                    voor de nieuwe bedrijfsplanperiode.</al><tussenkop>Aansluitende periode juli tot oktober:</tussenkop><al>De instelling ontwikkelt op basis van het subsidiebeleid een
                    concept-bedrijfsplan en geeft de financiële consequenties aan.</al><tussenkop>Aansluitende periode oktober en november:</tussenkop><lijst><li nr="-"><al>Gemeente en de instelling voeren overleg over het concept-bedrijfsplan
                            en het budgettaire beslag;</al></li><li nr="-"><al>Over de uitvoering van gemeentelijk beleid en het daarop betrekking
                            hebbend budget dient tussen gemeente en instelling consensus te worden
                            bereikt.</al></li></lijst><tussenkop>Aansluitende periode december en januari:</tussenkop><al>-Het college van burgemeester en wethouders neemt een voorlopig standpunt in
                    over hetconcept-bedrijfsplan.</al><tussenkop>Aansluitende periode februari en maart:</tussenkop><al>De instelling stelt de definitieve versie van het bedrijfsplan op.</al><tussenkop>Aansluitende periode april tot en met december;</tussenkop><al>Voorafgaand aan het eerste jaar van de nieuwe bedrijfsplanperiode:</al><al>Besluitvorming door het college van burgemeester en wethouders vindt plaats
                    binnen de procedure van de ASV.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>