<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR404881_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de rekenkamercommissie 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Alblasserdam</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Alblasserdam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 06-05-2016</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de rekenkamercommissie 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=81oa Gemeentewet">Artikel 81oa Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-02-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-05-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2016-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raad 2016-05</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de rekenkamercommissie 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Alblasserdam;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het presidium van 16 februari 2016,
                        registratienummer Raad 2016-05;</al><al/><al>gelet op artikel 81oa van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>B E S L U I T :</vet></al><al/><al>vast te stellen de Verordening op de rekenkamercommissie.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Raad: de gemeenteraad van Alblasserdam.</al></li><li nr="b."><al>Commissie: de raadscommissie Bestuur als bedoeld in artikel 49, lid
                                5, van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad van
                                de gemeente Alblasserdam 2014.</al></li><li nr="c."><al>Presidium: het presidium van de raad als bedoeld in artikel 4 van
                                het Reglement van Orde 2014.</al></li><li nr="d."><al>College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Alblasserdam.</al></li><li nr="e."><al>Rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente
                                Alblasserdam.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Rekenkamercommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Er is een rekenkamercommissie.</al></li><li nr="2."><al>De rekenkamercommissie voert onderzoek uit naar de
                                (maatschappelijke) effecten van het gemeentelijk beleid en naar de
                                rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van het
                                gemeentelijke beleid, van het gemeentelijk beheer en van de
                                gemeentelijke organisatie, naar de rechtmatigheid van het
                                gemeentelijk beheer, alsmede naar de doelmatigheid en
                                doeltreffendheid van instellingen waarvan de activiteiten geheel of
                                in belangrijke mate door de gemeente worden bekostigd. </al></li><li nr="3."><al>De rekenkamercommissie bestaat uit één lid.</al></li><li nr="4."><al>Het lid zoals bedoeld in het vorige lid legt, alvorens hij de
                                functie kan uitoefenen, in een vergadering van de raad in de handen
                                van de voorzitter van de raad de eed (verklaring en belofte)
                                af:</al></li></lijst><al>“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de rekenkamercommissie benoemd
                        te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk
                        voorwendsel ook, enige gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en
                        beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch
                        middellijk, enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik
                        zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal
                        nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer
                        en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar
                        en beloof ik!)”</al><lijst><li nr="5."><al>De Voorzitter van de Rekenkamercommissie Dordrecht wordt benoemd als
                                voorzitter en enig lid van de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="6."><al>De rekenkamercommissie wordt benoemd voor een periode van vier
                                jaar.</al></li><li nr="7."><al>De bevoegdheden, genoemd in artikel 183 en 184 van de gemeentewet
                                betrekking hebbende op de Rekenkamer, zijn van overeenkomstige
                                toepassing op deze verordening. </al></li><li nr="8."><al>Het lidmaatschap van het lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                        lidmaatschap van de rekenkamercommissie; </al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk
                                        een uitspraak een maatregel is opgelegd die
                                        vrijheids-beneming tot gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                        uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van
                                        faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft
                                        verkregen of wegens schulden is gegijzeld.</al></li><li nr="e."><al>Het lid van de rekenkamercommissie kan door de raad worden
                                        ontslagen wanneer deze door ziekte, gebreken of
                                        ongeschiktheid niet in staat is de functie naar behoren te
                                        vervullen.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Secretariaat en onderzoek</titel></kop><al>Het secretariaat ten behoeve van de Rekenkamercommissie wordt gevoerd door
                        de griffie Alblasserdam.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Selectie onderzoeksonderwerpen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Iedere twee jaar zal één groot onderzoek worden uitgevoerd</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Van lid 1 kan worden afgeweken als de raad daarom verzoekt. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rekenkamercommissie onderhoudt op basis van haar kennis van en
                            ervaring met de gemeentelijke organisatie, gedurende het jaar een
                            groslijst bij van potentiële onderzoeksonderwerpen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rekenkamercommissie doet in oktober van elk tweede jaar een oproep
                            aan de raad en het college om geschikte onderzoeksonderwerpen aan te
                            dragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De rekenkamercommissie houdt bij haar werkzaamheden rekening met de
                            onderzoeken die worden ingesteld door het college en de externe
                            accountant en overlegt hierover met hen om dubbele onderzoeken te
                            voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het college wordt jaarlijks in oktober schriftelijk verzocht, onder
                            verwijzing naar artikel 213a van de Gemeentewet, een opgave te doen van
                            de krachtens dit artikel uitgevoerde en voor het komende jaar geplande
                            onderzoeken en de resultaten van uitgevoerde onderzoeken.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De rekenkamercommissie maakt in november van elk tweede jaar een top
                            vijf van onderzoekswaardige onderwerpen en doet van die vijf onderwerpen
                            een kort oriënterend onderzoek naar het belang en de
                            uitvoerbaarheid.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Het opiniërend onderzoek genoemd in lid 6 wordt vóór 1 december van dat
                            jaar ter kennis van de raad gebracht, waarbij de raad zijn voorkeur voor
                            twee onderwerpen uitspreekt.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Op basis van het opiniërend onderzoek genoemd in lid 6 en de voorkeur
                            van de raad, bepaalt de rekenkamercommissie haar keuze en stelt aan het
                            einde van het kalenderjaar het onderzoeksplan voor het eerstvolgende
                            twee jaar vast en stuurt het plan uiterlijk in december naar de raad en
                            het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Rapporten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen
                            een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun
                            zienswijze op het conceptonderzoeks-rapport aan de rekenkamercommissie
                            kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taak-uitoefening (mede)
                            onderwerp van onderzoek is of is geweest. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het onderzoeksrapport
                            en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van
                            betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een
                            afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad aangeboden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar werkzaamheden
                        vast. Dit reglement wordt na vaststelling ter kennisname naar de raad
                        gezonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Contact met de raad</titel></kop><al>De rekenkamercommissie is aanwezig bij de bespreking van de uitgebrachte
                        onderzoeksrapporten in de commissie en de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van
                            bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening werkt terug tot 1 januari 2016.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Citeerartikel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening rekenkamercommissie
                        2016.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening> Alblasserdam, 16 februari 2016</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>