<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR404380_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede de regels voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van de DCMR Milieudienst Rijnmond 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:RegionaalSamenwerkingsorgaan">DCMR Milieudienst Rijnmond</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-14</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Zuid-Holland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Albrandswaard</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Barendrecht</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Brielle</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Capelle aan den IJssel</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Goeree-Overflakkee</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hellevoetsluis</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Krimpen aan den IJssel</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lansingerland</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Maassluis</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Nissewaard</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Rotterdam</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Schiedam</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Westvoorne</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Huis-aan-huisblad</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005645&amp;artikel=Art. 216">Art. 216 Provinciewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0003740&amp;artikel=Art. 57&amp;g=2014-12-03">Art. 57 Wet gemeenschappelijke regelingen</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanRegionaalSamenwerkingsorgaan">algemeen bestuur</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-12-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-12-03</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2014-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>Deze regeling vervangt de Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2010</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>21837242</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede de
                regels voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële
                organisatie van de DCMR Milieudienst Rijnmond 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst
                        Rijnmond,</al><al/><al>Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur d.d. 5 november 2014,</al><al/><al>Gelet op het artikel 216 van de Provinciewet,</al><al/><al>Gelet op het Besluit begroting en verantwoording provincies en
                        gemeenten,</al><al/><al>Gelet op artikel 57 van de Wet gemeenschappelijke regelingen,</al><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>Vast te stellen:</al><al><vet>Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede de
                            regels voor het financieel beheer en voor de inrichting van de
                            financiële organisatie van de DCMR Milieudienst Rijnmond
                        2014</vet>.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 1. Definities</label></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a. Gemeenschappelijke regeling:</al><al>gemeenschappelijke regeling tot instandhouding en beheer van de DCMR
                            Milieudienst Rijnmond.</al><al>b. Algemeen bestuur:</al><al>het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling.</al><al>c. Dagelijks bestuur:</al><al>het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling.</al><al>d. Directeur:</al><al>de directeur van de DCMR Milieudienst Rijnmond.</al><al>e. Participant:</al><al>deelnemer aan de gemeenschappelijke regeling.</al><al>f. Bestuurlijke informatievoorziening:</al><al>het geheel van maatregelen gericht op het systematisch verzamelen,
                            vastleggen en verwerken van financiële en bedrijfsvoeringsgegevens,
                            gericht op het verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen,
                            doen functioneren en beheren van de organisatie; de verantwoording die
                            daarover moet worden afgelegd</al><al>g. Administratie:</al><al>het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van
                            informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
                            beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de DCMR Milieudienst
                            Rijnmond en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden
                            afgelegd.</al><al>h Administratieve systemen:</al><al>die onderdelen van de administratie die omvatten het systematisch
                            verzamelen, verwerken en opstellen van gegevens van de organisatie
                            teneinde te komen tot een goed inzicht in:</al><lijst><li nr="-"><al>de financieel-economische positie;</al></li><li nr="-"><al>het financieel beheer;</al></li><li nr="-"><al>de beleidsmatige en financiële uitvoering van de begroting;</al></li><li nr="-"><al>de te realiseren doelen, producten en diensten;</al></li><li nr="-"><al>het afwikkelen van vorderingen en schulden, alsmede het afleggen
                                    van rekening en verantwoording daarover;</al></li><li nr="-"><al>op basis van een daartoe vastgestelde administratieve
                                    organisatie;</al></li><li nr="-"><al>het afleggen van rekening en verantwoording over de hiervoor
                                    genoemde punten 1 tot en met 4, op basis van een daartoe
                                    vastgestelde administratieve organisatie.</al></li></lijst><al>i. Administratieve organisatie en interne controle:</al><al>het stelsel van organisatorische maatregelen, gericht op het tot stand
                            brengen en in stand houden van een goede werking van de bestuurlijke
                            informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke leiding en ter
                            verankering van de interne controle.</al><al>j. Financieel beheer:</al><al>het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen
                            en het uitoefenen van rechten.</al><al>k. Rechtmatigheid:</al><al>ontvangsten en bestedingen vinden plaats in overeenstemming met de
                            begroting en de geldende wet- en regelgeving waaronder verordeningen,
                            besluiten van het algemeen bestuur, besluiten van het dagelijks
                            bestuur.</al><al>l. Doelmatigheid:</al><al>het streven om binnen de gestelde kaders met een zo beperkt mogelijke
                            inzet van beschikbare middelen het gewenste resultaat te bereiken</al><al>m. Doeltreffendheid:</al><al>de mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid
                            worden behaald.</al><al>n. Begroting:</al><al>de samengevatte ramingen van de twee programma’s, de (externe)
                            projecten, de paragrafen, de financiële kaders van de participanten, de
                            financiële begroting en meerjarenbegroting (overzicht van baten en
                            lasten en uiteenzetting van de financiële positie) zoals is vastgelegd
                            in het BBV.</al><al>o. Programma</al><al>Een reeks samenhangende afgebakende primaire werkzaamheden om bepaalde
                            vastgestelde (maatschappelijke) doelen en afgeleide concrete
                            beleidsspeerpunten te kunnen realiseren.</al><al>p. Werkplan</al><al>afspraak tussen de directeur en de participant over de te leveren
                            producten en diensten in een bepaald jaar tegen vooraf bepaalde
                            normen.</al><al>q. Begrotingswijziging(en):</al><al>wijziging van de begroting welke gedurende het boekjaar plaatsvindt om
                            de begroting te actualiseren.</al><al>r. Jaarstukken:</al><al>De productverantwoording (productverantwoordingen per participant en de
                            (externe)projecten verantwoording en de paragrafen) en de jaarrekening
                            (exploitatierekening en de balans) zoals is vastgelegd in het BBV.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 2 Begroting en jaarstukken</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 2 Begroting</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De begroting van de DCMR bevat een raming per participant en een
                                raming van de (externe) projecten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De begroting van de DCMR bevat programma’s die de DCMR in het
                                begrotingsjaar in het kader van milieubeleid voor de betreffende
                                participant uitvoert en de hierbij behorende raming van baten en
                                lasten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Inrichting begroting en jaarstukken</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De begroting en jaarstukken van de DCMR zijn ingericht volgens de
                                eisen van het BBV.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de begroting wordt er een uitvoeringskader opgesteld en per
                                programma een raming gemaakt van de in het begrotingsjaar te
                                realiseren producten en bij de jaarstukken wordt verantwoording
                                afgelegd over het gerealiseerde beleid en wordt per programma een
                                overzicht gegeven van de in het begrotingsjaar gerealiseerde
                                producten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De begroting bevat een raming en de jaarstukken bevatten een
                                realisatie van de baten en lasten voor de participant per programma.
                                De begroting bevat voor de programma’s en externe projecten een
                                raming en de jaarstukken bevatten een vaststelling van de meerjaren
                                baten en lasten per project voor de opdrachtgever.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de uiteenzetting van de financiële positie van de begroting
                                wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde
                                investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende
                                investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming
                                van de uitputting van het krediet voorafgaande aan het
                                begrotingsjaar weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In de jaarstukken wordt van de investeringen de uitputting van de
                                geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de
                                totale uitgaven weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De begroting bevat de in het begrotingsjaar te hanteren tarieven en
                                de interne normen voor de bepaling van de kosten van de programma’s
                                van de participanten en de externe projecten. </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De begroting wordt per participant nader geconcretiseerd in een
                                werkplan. Een werkplan is beleidsmatig afgeleid van de
                                begroting.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Autorisatie begroting(swijzigingen) en investeringskredieten </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur autoriseert met het vaststellen van de
                                begroting de totale lasten en de totale baten van de DCMR en het
                                overzicht algemene dekkingsmiddelen. De totale baten en lasten van
                                de DCMR zijn gelijk aan de totale kosten van de werkplannen voor de
                                participanten en de kosten voor de opdrachtgevers voor de externe
                                projecten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur biedt de begroting aan het dagelijks bestuur aan. Het
                                dagelijks bestuur biedt de begroting aan het algemeen bestuur
                                aan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al> Indien de directeur voorziet dat een werkplan dreigt te worden
                                over- of onderschreden, wordt dit door de directeur en aan de
                                betreffende participant gemeld en voor zover relevant voor de
                                gemeenschappelijke regeling als geheel in de vergadering van het
                                dagelijks bestuur gemeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al> Indien de directeur voorziet dat een werkplan per saldo met meer
                                dan 15% dreigt te worden over- of onderschreden, wordt dit door de
                                directeur en aan de betreffende participant en in de vergadering van
                                het dagelijks bestuur gemeld. De directeur voegt hierbij een
                                voorstel voor wijziging van het budget, of een voorstel voor
                                bijstelling van het beleid. Tevens vindt bij de (wijziging van)
                                programma’s voor de participanten vooraf overleg met de betrokken
                                participant plaats.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Twee keer per jaar legt het dagelijks bestuur een
                                begrotingswijziging voor aan het algemeen bestuur. Van een
                                begrotingswijziging is sprake wanneer de totale baten en lasten van
                                de DCMR en/of het financieel kader van een participant afwijken van
                                de oorspronkelijk door het algemeen bestuur vastgestelde kader.
                                Wanneer er geen sprake is van een begrotingswijziging meldt het
                                dagelijks bestuur dit ook aan het algemeen bestuur.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Tussentijdse rapportages</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De directeur stelt de participant door middel van tussentijdse
                                rapportages op de hoogte over de realisatie van het werkplan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur stelt het dagelijks bestuur door middel van
                                tussentijdse rapportages op de hoogte over de realisatie van de
                                begroting van de DCMR. Er wordt minimaal acht maal per jaar
                                gerapporteerd en minimaal twee maal geagendeerd voor bespreking. Dit
                                betreft de rapportage over de eerste vier en de eerste acht maanden
                                van het kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rapportage over afwijkingen ten opzichte van de begroting bevat
                                een uiteenzetting over de uitvoering en de eventuele bijstelling van
                                het beleid, programma’s en de werkplannen en een overzicht met de
                                bijgestelde raming van:</al></lid><lid><lidnr/><lijst><li nr="a."><al>de baten en lasten per programma, werkplan en van de gehele
                                        DCMR (incl mutaties voorzieningen);</al></li><li nr="b."><al>het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen;</al></li><li nr="c."><al>het resultaat voor bestemming volgend uit de onderdelen a en
                                        b;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de tussenrapportage worden minimaal de bestuurlijk relevante
                                afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten in
                                de begroting toegelicht.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 3 Financieel beleid</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 6 Waardering en afschrijving vaste activa</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Geactiveerde kosten voor onderzoek en ontwikkeling voor een actief
                                en het saldo van agio en disagio worden lineair in 5 jaar
                                afgeschreven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste
                                van de exploitatie gebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De materiële vaste activa met economisch nut worden ingaande op de
                                datum van oplevering respectievelijk ingebruikname lineair
                                afgeschreven in maximaal.</al><al>a. 40 jaar : kantoren en gebouwen</al><al>b. 10 jaar : technische installaties en apparatuur in gebouwen</al><al>c. 10 jaar : kantoormeubilair en (veiligheids)voorzieningen in
                                gebouwen</al><al>d. 5 jaar : transportmiddelen aanhangwagens en personenauto’s </al><al>e. 3 jaar : (automatiserings)apparatuur en telefooninstallaties</al><al>f. 1 jaar : meetapparatuur</al><al>g. Applicaties met een investering groter dan EUR 150.000 worden
                                lineair afgeschreven gedurende de contractduur (licentie en
                                onderhoud) mits de contractduur groter is dan 3 jaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Activa met een economisch nut en een verkrijgingprijs van minder dan
                                of gelijk aan € 50.000 of een levensduur minder dan 3 jaar worden
                                niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen en
                                meetapparatuur. Deze laatste worden altijd geactiveerd. Op gronden
                                en terreinen met een economisch nut worden niet afgeschreven.</al><al> Daarnaast wordt de componententheorie toegepast. Dit houdt in dat
                                investeringen met een individueel investeringsbedrag lager dan €
                                50.000 maar met een afschrijvingstermijn van 3 jaar of langer, toch
                                kunnen worden geactiveerd. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De DCMR kan geen activa met een meerjarig maatschappelijk nut
                                vervaardigen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De directeur is bevoegd tot het afstoten van roerende goederen tegen
                                minimaal de marktwaarde .</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Restwaarde van de activa niet zijnde kantoren en gebouwen, die
                                geheel is afgeschreven, wordt bij verkoop via de resultaatbestemming
                                toegevoegd aan de algemene reserve van de DCMR.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Voor het bepalen van de afschrijvingsduur wordt de economische
                                levensduur bepaald De economische levensduur is beëindigd op het
                                moment dat de aan het actief toe te rekenen jaarlasten hoger zijn
                                dan de aan het actief toe te rekenen jaaropbrengsten. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 7 Kostprijsberekening</label></kop><al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van de producten en diensten
                            van de DCMR wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Alle
                            (directe en indirecte) kosten worden toegerekend aan de tarieven die in
                            rekening worden gebracht voor directe uren van de DCMR. De directe uren
                            zijn de uren die besteed worden aan het te leveren product of de te
                            leveren dienst.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 8 Vaststelling hoogte (uur)tarieven</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur doet het algemeen bestuur jaarlijks bij de
                                begroting een voorstel voor de hoogte van de te hanteren
                                (uur)tarieven voor participanten en niet-participanten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur biedt tenminste eens in de 3 jaar het algemeen
                                bestuur een nota aan met de kaders voor het bepalen van de prijzen
                                van de producten en diensten van de DCMR.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 9 Financieringsfunctie </label></kop><al>De directeur zorgt voor de kaders en de inrichting van
                            financieringsfunctie en zorgt voor:</al><al>a. het aantrekken van voldoende financiële middelen om de
                            productramingen binnen de door het algemeen bestuur vastgestelde kaders
                            van de begroting uit te voeren;</al><al>b. Een liquiditeitenplanning van uitgaven en inkomsten per maand;</al><al>c. Het voldoen van de uitvoeringsorganisatie aan de eisen die worden
                            gesteld aan deze functie vanuit wet- en regelgeving;</al><al>d. Een door het Algemeen Bestuur vast te stellen treasurystatuut waarin
                            de kaders voor uitvoering en de bijbehorende limieten zijn
                            opgenomen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 4 Financieel beheer en interne controle</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 10 Administratieve organisatie en interne controle</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij dienstbaar
                                is voor</al></lid><lid><lidnr/><al>a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen van de
                                DCMR als geheel en in de afdelingen;</al></lid><lid><lidnr/><al>b. het verschaffen van informatie over uitputting van de toegekende
                                budgetten, de investeringskredieten en voor het maken van
                                kostencalculaties;</al></lid><lid><lidnr/><al>c. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking
                                tot de productie van producten diensten en de bereikte doelen van de
                                DCMR;</al></lid><lid><lidnr/><al>d. het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de
                                doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in
                                relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante
                                wet- en regelgeving;</al></lid><lid><lidnr/><al>e. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de
                                daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de
                                rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het
                                gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de
                                begroting en relevante wet- en regelgeving;</al></lid><lid><lidnr/><al>f. de toetsing van de werking van de interne controle zoals
                                verankerd in de processen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de
                                jaarrekening en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de
                                balansmutaties voor procedures waarin is verankerd de interne
                                toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de
                                rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt de
                                directeur maatregelen tot herstel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 11 Misbruik en oneigenlijk gebruik</label></kop><al>De directeur zorgt voor een beleid ten aanzien van misbruik en
                            oneigenlijk gebruik en legt de regels vast voor het voorkomen van
                            misbruik en oneigenlijk gebruik van DCMR regels en eigendommen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 5 Financiële organisatie</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 12 Financiële organisatie</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur zorgt voor en legt bij begroting vast:</al></lid><lid><lidnr/><al>a. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                verplichtingen respectievelijk het verkrijgen van rechten ten laste
                                respectievelijk ten gunste van de toegekende budgetten en
                                investeringskredieten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De directeur zorgt voor en legt vast:</al></lid><lid><lidnr/><al>a. een eenduidig toewijzing van de taken van de DCMR aan de
                                afdelingen;</al></lid><lid><lidnr/><al>b. een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                                verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van de administratieve
                                organisatie en interne controle wordt voldaan en de betrouwbaarheid
                                van de verstrekte informatie aan beleids- en beheersorganen is
                                gewaarborgd;</al></lid><lid><lidnr/><al>c. de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                verplichtingen respectievelijk rechten ten laste respectievelijk ten
                                gunste van de toegekende budgetten en investeringskredieten;</al></lid><lid><lidnr/><al>d. de regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties
                                en de bijbehorende informatievoorziening van de
                                financieringsfunctie;</al></lid><lid><lidnr/><al>e. de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van de
                                lasten en baten aan de producten van de productraming en de
                                productrealisatie.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk 6 Slotbepalingen</label></kop><artikel><kop><label>Artikel 13 Inwerkingtreding</label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 3 december 2014 en werkt terug
                                tot en met 1 januari 2014.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De Financiële verordening DCMR Milieudienst Rijnmond 2010 wordt
                                gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening
                                ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 14 Citeertitel</label></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald onder de naam ‘Financiële verordening
                            DCMR Milieudienst Rijnmond 2014’.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur van 3
                        december 2014.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter, </ondertekening><ondertekening>R.A. Janssen</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de secretaris, </ondertekening><ondertekening> J.H. van den Heuvel</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>