<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR403433_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Referendumverordening Delft 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Delft</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-16</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Delft</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadskrant, 21-11-2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Referendumverordening Delft 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=84">Gemeentewet, art.84</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=147">Gemeentewet, art. 147</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=149">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-09-27</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-11-30</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-02-17</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Niet-correctieve referendumverordening Delft 2002.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Referendumverordening Delft 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De Raad van de gemeente Delft,</al><al>Gelezen het voorstel van het Presidium van 25 augustus 2009 met betrekking
                        tot een herziening van de referendumverordening,</al><al>Gelezen het advies van de college d.d. 23 juni 2009 en het advies van de
                        commissie Bestuur, Middelen en Economie d.d. 8 september 2009,</al><al>Gelet op de artikelen 84, 147 en 149 van de Gemeentewet;</al><al><vet>Besluit:</vet></al><al>I In te trekken de Niet-correctieve referendumverordening Delft 2002;</al><al>II Vast te stellen de Referendumverordening Delft 2009</al><al><vet>Referendumverordening Delft 2009</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>referendum: een raadgevend referendum </al></li><li nr="b."><al>raadgevend referendum: een volksstemming op initiatief van één
                                    of meer kiesgerechtigden; </al></li><li nr="c."><al>kiesgerechtigde: ingezetene van de gemeente Delft, die voldoet
                                    aan de vereisten voor actief kiesrecht voor deelname aan de
                                    verkiezing van leden van de gemeenteraad; </al></li><li nr="d."><al>raad: de gemeenteraad van Delft; </al></li><li nr="e."><al>college: het college van burgemeester en wethouders van
                                    Delft;</al></li><li nr="f."><al>referendumkamer: de commissie van advies als bedoeld in artikel
                                    4 en 5 van deze verordening; </al></li><li nr="g."><al>vervallen</al></li><li nr="h."><al>werkdag: een dag, niet zijnde een zaterdag of een zondag en niet
                                    zijnde een algemeen erkende feestdag als bedoeld in artikel 3,
                                    eerste lid, van de Algemene Termijnenwet, noch een in het tweede
                                    of krachtens het derde lid van genoemd artikel met een algemeen
                                    erkende feestdag gelijkgestelde dag. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Vervallen</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Onderwerpen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Onderwerp van referendum en uitzonderingsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alleen concept-raadsbesluiten kunnen onderwerp zijn van een
                                referendum.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De volgende concept-raadsbesluiten kunnen geen onderwerp zijn van
                                een referendum:</al><lijst><li nr="a."><al>de uitvoering van besluiten van hogere bestuursorganen
                                        waaromtrent de raad geen beleidsvrijheid heeft;</al></li><li nr="b."><al>besluiten tot het voeren van rechtsgedingen; </al></li><li nr="c."><al>handelingen en gedragingen van collegeleden, raadsleden of
                                        ambtenaren waartegen een klacht kan worden ingediend op
                                        grond van de Algemene wet bestuursrecht of een door de raad
                                        of het college vastgestelde klachtenregeling; </al></li><li nr="d."><al>benoemingen of functioneren van personen;</al></li><li nr="e."><al>vaststelling en wijziging van de gemeentelijke begroting en
                                        rekening;</al></li><li nr="f."><al>gemeentelijke belastingen en tarieven;</al></li><li nr="g."><al>geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers, gewezen
                                        ambtsdragers dan wel hun nagelaten betrekkingen of hun
                                        rechthebbenden;</al></li><li nr="h."><al>besluiten betreffende bestemmingsplannen,
                                        beheersverordeningen, besluiten inhoudende inpassing van de
                                        coördinatieregeling inzake een verklaring van geen
                                        bedenkingen als bedoeld in de artikelen 2.27 en 2.28 van de
                                        Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al></li><li nr="i."><al>besluiten met een spoedeisend karakter; </al></li><li nr="j."><al>besluiten op grond van een gehouden referendum of in het
                                        kader van deze verordening;</al></li><li nr="k."><al>besluiten die naar het oordeel van de raad hun grondslag
                                        vinden in een eerder genomen besluit van de afgelopen twee
                                        jaar waarover een referendum is gehouden of kon worden
                                        gehouden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking op het eerste lid van dit artikel, kunnen
                                raadsbesluiten over het al dan niet instemmen met een
                                burgerinitiatief, onderwerp van een referendum zijn.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>De referendumkamer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Taken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een referendumkamer. De referendumkamer heeft tot taak:</al><lijst><li nr="a."><al>de raad te adviseren over de toelaatbaarheid van een
                                        onderwerp waarover een referendumverzoek is ingediend;</al></li><li nr="b."><al>de raad te adviseren over de vraagstelling voor
                                        referenda;</al></li><li nr="c."><al>te adviseren over de door het gemeentebestuur te verstrekken
                                        voorlichting inzake referenda en over de toekenning van
                                        bijdragen vor campagneactiviteiten;</al></li><li nr="d."><al>toezicht te houden op de uitvoering van de verordening;
                                    </al></li><li nr="e."><al>te adviseren bij geschillen tussen direct bij het referendum
                                        betrokken partijen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De referendumkamer adviseert voorts gevraagd en ongevraagd over
                                aanpassingen van deze verordening, over de bij referenda en
                                referendumaanvragen te volgen procedure en over overige zaken het
                                referendum betreffende.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De agenda, verslagen , hoorzittingen en de adviezen van de
                                Referendumkamer zijn openbaar;</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De beraadslagingen over de adviezen vinden in beslotenheid
                                plaats;</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad heeft inzage in de stukken waaromtrent door de
                                referendumkamer geheimhouding is opgelegd. De referendumkamer kan
                                inzage slechts weigeren voor zover zij in strijd is met het openbaar
                                belang.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De referendumkamer bestaat uit maximaal vijf leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor besluitvorming binnen de referendumkamer is een quorum vereist
                                van drie leden. Bij het staken van de stemmen is de stem van de
                                voorzitter doorslaggevend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad benoemt de leden op een door het presidium in te dienen
                                aanbeveling. Voor het lidmaatschap komen niet in aanmerking leden
                                van de gemeenteraad, leden van het college van burgemeester en
                                wethouders en ambtenaren in dienst van de gemeente Delft, met
                                uitzondering van onderwijzend personeel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad wijst één van de leden als voorzitter aan. De
                                referendumkamer wijst een van de leden als plaatsvervangend
                                voorzitter aan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftredende
                                leden kunnen, maximaal twee keer, terstond worden herbenoemd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Zij kunnen te allen tijde ontslag nemen en dienen dit schriftelijk
                                in bij de raad. Zij die aftreden, dan wel zij die ontslag hebben
                                genomen, blijven hun functie waarnemen totdat in hun opvolging is
                                voorzien.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De referendumkamer kan zich laten bijstaan door externe
                                adviseurs.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De griffier of een door deze aangewezen griffiemedewerker verzorgen
                                de ambtelijke ondersteuning van de referendumkamer. Zo nodig doet de
                                griffier hiertoe een verzoek om ambtelijke bijstand.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Vergoedingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de referendumkamer, niet zijnde de voorzitter,
                                        ontvangen voor het bijwonen van vergaderingen van de
                                        commissie en andere noodzakelijke bijeenkomsten een
                                        vergoeding van € 125,-- (prijspeil 2010).</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter van de vergaderingen van de referendumkamer
                                        ontvangt een hogere vergoeding als bedoeld in het eerste
                                        lid. De vergoeding is gelijk aan € 203,50 (prijspeil
                                        2010).</al></li><li nr="3."><al>Overige kosten ter zake van andere werkzaamheden of
                                        bemoeiingen ten behoeve van de referendumkamer worden
                                        vergoed op basis van de werkelijk gemaakte en aantoonbare
                                        kosten.</al></li><li nr="4."><al>De vergoedingen genoemd in het eerste en tweede lid worden
                                        jaarlijks geïndexeerd met het door het college vastgestelde
                                        materiële prijsstijgingspercentage.</al></li><li nr="5."><al>Het college voorziet in de benodigde middelen voor de
                                        werkzaamheden van de referendumkamer.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>Inleidend verzoek</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Voorwaarden inleidend verzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een verzoek van kiesgerechtigden om een referendum te houden
                                        dient uiterlijk zes werkdagen vóór de dag van plenaire
                                        behandeling om 16.00 uur, voorzien van de handtekeningen van
                                        300 kiesgerechtigden van het concept-raadsbesluit bij de
                                        voorzitter van de raad te worden ingediend. Leden van de
                                        raad en commissieleden/niet-raadsleden kunnen geen inleidend
                                        verzoek indienen.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het eerste lid, moet het inleidende verzoek
                                        naar aanleiding van het definitieve raadsbesluit over een
                                        burgerinitiatief binnen 6 weken bij de voorzitter van de
                                        raad zijn ingediend. </al></li><li nr="3."><al>In het geval van een inleidend verzoek, als bedoeld in het
                                        tweede lid, tijdig maar korter dan vijf werkdagen
                                        voorafgaand aan een reguliere raadsvergadering wordt
                                        ingediend, dan wordt het verzoek behandeld in de
                                        eerstvolgende reguliere raadsvergadering .</al></li><li nr="4."><al>De ondertekenaars geven, op door de gemeente verstrekte
                                        lijsten, aan hun: a. naam; b. adres; c. woonplaats; d.
                                        geboortedatum; en ondertekenen het inleidend verzoek.</al></li><li nr="5."><al>Indien het verzoek namens meerdere initiatiefnemers wordt
                                        gedaan, wordt in het verzoek aangegeven welke groep van ten
                                        minste twee en ten hoogste vier van de ondertekenaars geacht
                                        kan worden voor het vervolg van de procedure te fungeren als
                                        gesprekspartners namens de indieners.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Behandeling inleidend verzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voorafgaand aan de plenaire behandeling als bedoeld in
                                        artikel 7, het eerste lid, adviseert de referendumkamer de
                                        raad over de toelaatbaarheid van het onderwerp. Indien het
                                        college van mening is dat er redenen zijn het verzoek niet
                                        in te willigen, stelt zij de referendumkamer hiervan tijdig
                                        in kennis.</al></li><li nr="2."><al>Indien naar de mening van de referendumkamer het inleidende
                                        verzoek onvoldoende duidelijk is, treedt de referendumkamer
                                        hierover in overleg met de indieners van het inleidend
                                        verzoek. </al></li><li nr="3."><al>Het college onderzoekt uiterlijk binnen vijf werkdagen na
                                        binnenkomst van een verzoek als bedoeld in artikel 7, eerste
                                        lid, of het verzoek door een voldoende aantal
                                        kiesgerechtigden is ondersteund en of het voldoet aan de in
                                        artikel 7 lid 4 opgenomen vereisten.</al></li><li nr="4."><al>Indien het verzoek niet voldoende wordt ondersteund of niet
                                        binnen de gestelde termijn is ingediend, stelt het college
                                        de raad voor het verzoek niet-ontvankelijk te
                                        verklaren.</al></li><li nr="5."><al>Het raadsvoorstel met betrekking tot het inleidend verzoek
                                        wordt voorbereid door het presidium.</al></li><li nr="6."><al>De voorzitter van de raad maakt het besluit inzake het
                                        inleidende verzoek zo spoedig mogelijk openbaar op de in de
                                        gemeente gebruikelijke wijze.</al></li><li nr="7."><al>De voorzitter van de raad maakt het besluit inzake het
                                        inleidende verzoek zo spoedig mogelijk openbaar op de in de
                                        gemeente gebruikelijke wijze.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>5</nr><titel>Definitief verzoek</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vraagstelling</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Zo spoedig mogelijk na het besluit van de raad om de
                                                kiesgerechtigden in de gelegenheid te stellen een
                                                definitief verzoek in te dienen, treedt de
                                                referendumkamer in overleg met de indieners over de
                                                vraagstelling en antwoordcategorieën. De
                                                referendumkamer brengt binnen 10 werkdagen na het
                                                genoemde besluit advies uit over de vraagstelling en
                                                antwoordcategorieën aan de raad tenzij de raad een
                                                andere termijn vaststelt.</al></li><li nr="2."><al>De raad stelt met inachtneming van het advies van de
                                                referendumkamer in de eerstvolgende vergadering de
                                                vraagstelling en antwoordcategorieën vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Voorwaarden definitief verzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Binnen zes weken na de dag waarop het besluit
                                                bedoeld in artikel 9, tweede lid, is bekend gemaakt,
                                                wordt door initiatiefnemers een definitief verzoek
                                                tot het houden van een referendum bij de voorzitter
                                                van de raad ingediend.</al></li><li nr="2."><al>Het verzoek moet worden ondersteund door de
                                                handtekeningen van tenminste 4000
                                                kiesgerechtigden.</al></li><li nr="3."><al>Het definitieve verzoek kan worden ondersteund door
                                                het plaatsen van een handtekening op door het
                                                college vastgestelde lijsten of formulieren die zijn
                                                voorzien van de vastgestelde vraagstelling.</al></li><li nr="4."><al>De handtekeninglijsten of formulieren zijn gedurende
                                                zes weken - of zoveel eerder als het benodigde
                                                aantal geldige verklaringen is verkregen -
                                                beschikbaar in het Stadhuis en op tenminste vier
                                                andere door het college aangewezen locaties. Het
                                                college draagt er zorg voor dat op een wekelijkse
                                                koopavond en op zaterdag ten minste een van deze
                                                locaties geopend is.</al></li><li nr="5."><al>Bij het plaatsen van een handtekening op een lijst
                                                of een formulier dient de kiesgerechtigde zich te
                                                legitimeren met een geldig identiteitsbewijs.</al></li><li nr="6."><al>Wekelijks maakt de burgemeester bekend hoeveel
                                                ondersteunende handtekeningen door de
                                                kiesgerechtigden zijn geplaatst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Behandeling definitief verzoek</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als het definitieve verzoek voldoende wordt
                                                ondersteund, neemt de raad zo spoedig mogelijk een
                                                beslissing op het verzoek.</al></li><li nr="2."><al>Indien het verzoek niet voldoende wordt ondersteund,
                                                verklaart de raad het verzoek
                                                niet-ontvankelijk.</al></li><li nr="3."><al>Indien het definitief verzoek voldoet aan de in deze
                                                verordening bepaalde vereisten, besluit de raad dat
                                                een raadgevend referendum wordt gehouden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Aanhouden beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Nadat de raad heeft ingestemd met het inleidende
                                                verzoek, wordt het betreffende raadsvoorstel op de
                                                gangbare wijze behandeld.</al></li><li nr="2."><al>De stemming over het door de raad te nemen besluit
                                                zoals dat luidt na verwerking van de aanvaarde
                                                amendementen, wordt aangehouden tot de eerstvolgende
                                                vergadering na de dag waarop de uitslag van het
                                                referendum bekend is, tenzij eerder negatief over de
                                                ontvankelijkheid van het inleidende of het
                                                definitieve verzoek wordt beslist. </al></li><li nr="3."><al>In afwijking op het tweede lid van dit artikel
                                                worden raadsvoorstellen met betrekking tot een
                                                burgerinitiatief wel in stemming gebracht. </al></li><li nr="4."><al>Indien de eerstvolgende vergadering na de uitslag
                                                van het referendum niet binnen vier weken valt,
                                                wordt binnen die termijn ten behoeve van de stemming
                                                een extra vergadering bijeengeroepen.</al></li><li nr="5."><al>In de vergadering kunnen met betrekking tot het
                                                raadsvoorstel geen amendementen meer worden
                                                ingediend. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>6</nr><titel>Organisatie en uitvoering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Datum referendum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt tegelijkertijd met het besluit tot het
                                                houden van een referendum de datum daarvan vast, met
                                                dien verstande dat het referendum niet later plaats
                                                vindt dan uiterlijk vier maanden na dit
                                                besluit.</al></li><li nr="2."><al>In het geval de in het eerste lid genoemde termijn
                                                van vier maanden afloopt binnen twee maanden voor
                                                een algemene verkiezing kan de termijn worden
                                                overschreden opdat de stemmingen kunnen worden
                                                gecombineerd.</al></li><li nr="3."><al>Een referendum vindt niet plaats in de voor de regio
                                                aangewezen schoolvakanties voor het basis- en
                                                voortgezet onderwijs. De in het eerste lid van dit
                                                artikel genoemde termijn van vier maanden kan door
                                                de raad worden verlengd met maximaal zes weken,
                                                indien een deel van de zomervakantie in die vier
                                                maanden valt.</al></li><li nr="4."><al>Er kunnen meer referenda op dezelfde dag worden
                                                gehouden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Subsidie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt een budget beschikbaar ten behoeve van
                                                de organisatie, de voorlichting en het publieke
                                                debat.</al></li><li nr="2."><al>Indien het definitief verzoek wordt ingewilligd, kan
                                                het college aan maatschappelijke groeperingen
                                                subsidie verlenen in de kosten van de activiteiten
                                                ten behoeve van het publieke debat over het besluit
                                                waarop het referendum betrekking heeft.</al></li><li nr="3."><al>Voor het verlenen van subsidie is de beleidsregel
                                                subsidieverlening bij referenda 2006 van
                                                kracht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Organisatie en uitvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De bepalingen van de Kieswet voor wat betreft de
                                                raadsverkiezingen zijn zoveel mogelijk
                                                overeenkomstig van toepassing, tenzij deze
                                                verordening anders bepaalt.</al></li><li nr="2."><al>Een referendum wordt gehouden onder de
                                                kiesgerechtigden van het gehele grondgebied van de
                                                gemeente Delft.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter van de raad doet openbare kennisgeving
                                                van een besluit tot het houden van een
                                                referendum.</al></li><li nr="4."><al>De stukken met betrekking tot de te nemen beslissing
                                                liggen voor een ieder ter inzage op door de
                                                voorzitter van de raad aan te wijzen plaatsen. In de
                                                openbare kennisgeving wordt daarvan mededeling
                                                gedaan. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ten behoeve van het referendum wordt een
                                                afzonderlijk kiesgerechtigdenregister bijgehouden,
                                                waarin de kiesgerechtigden voor het referendum
                                                worden opgenomen.</al></li><li nr="2."><al>Een kiesgerechtigde voor het referendum ontvangt een
                                                afzonderlijke oproeping.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Uitslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het referendum wordt als geldig beschouwd, indien
                                                het totaal aantal geldig uitgebrachte stemmen meer
                                                dan 25% bedraagt van het aantal
                                                kiesgerechtigden.</al></li><li nr="2."><al>De uitslag van het referendum wordt berekend op
                                                basis van de gewone meerderheid van het totale
                                                aantal uitgebrachte stemmen. Indien aan de
                                                kiesgerechtigde meer dan twee mogelijkheden is
                                                voorgelegd wordt de uitslag bepaald door de
                                                keuzemogelijkheid met de meeste geldige
                                                stemmen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Bekendmaking</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het hoofdstembureau, als bedoeld in artikel E5 van
                                                de Kieswet, stelt uiterlijk op de tweede dag na de
                                                dag waarop het referendum is gehouden, het aantal
                                                voor- en tegenstemmen vast dan wel het aantal
                                                stemmen voor de verschillende varianten.</al></li><li nr="2."><al>De uitslag wordt openbaar bekend gemaakt.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>7</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Na afloop van het referendum maakt de
                                                referendumkamer een eindverslag op.</al></li><li nr="2."><al>Het eindverslag bevat in ieder geval een
                                                verantwoording over de uitvoering van de taken
                                                genoemd in artikel 4.</al></li><li nr="3."><al>De referendumkamer brengt het eindverslag 16 weken
                                                na de datum waarop het referendum is gehouden ter
                                                kennis van de raad en het college.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad is belast met de uitvoering van de
                                                  evaluatie van het referendum.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan het college opdragen de evaluatie
                                                  uit te voeren. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label/><nr/><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag
                                                nadat de leden van de referendumkamer zijn benoemd.
                                            </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr></kop><al> De Niet-correctieve referendumverordening Delft 2002 wordt
                                        ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Referendumverordening
                                        Delft 2009.</al></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 24
                        september 2009.</ondertekening><ondertekening>mr. drs. G.A.A. Verkerk ,burgemeester.</ondertekening><ondertekening>R.H. van Luyk ,griffier.</ondertekening><ondertekening>Gewijzigd bij raadsbesluit van 28 januari 2010.</ondertekening><ondertekening>Gewijzigd bij raadsbesluit van 23 september 2010.</ondertekening><ondertekening>Laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 27 september
                        2012. Bekendgemaakt 21 november 2012.</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>