<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR402952_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Korendijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-01-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hoeksche Waard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">gemeenteblad 2016, 39502</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=149">Gemeentewet, artikel 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-03-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening gemeente Korendijk 2017</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan
                        onder:</al><lijst><li nr="-"><al>algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening (EG) nr.
                                800/2008 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6
                                augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de
                                artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt
                                verenigbaar worden verklaard („de algemene
                                groepsvrijstellingsverordening”) (PbEU L 214/3), dan wel later
                                daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;</al></li><li nr="-"><al>de-minimisverordening: verordening (EG) nr. 1998/2006 van de
                                Commissie van Europese Gemeenschappen van 15 december 2006
                                betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag
                                op de-minimissteun (PbEU L379/5), verordening (EG) nr. 1535/2007 van
                                de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 20 december 2007
                                betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag
                                op de-minimissteun in de landbouwproductiesector (PbEU L 337/35) en
                                verordening (EG) nr. 875/2007 van de Commissie van de Europese
                                Gemeenschappen van 24 juli 2007 betreffende de toepassing van de
                                artikelen 87 en 88 van het Verdrag op de-minimissteun in de
                                visserijsector en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1860/2004
                                (PbEU L 193/6), dan wel later daarvoor in de plaats tredende
                                Europese regelgeving;</al></li><li nr="-"><al>Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling,
                                besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun
                                die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op
                                de artikelen 106, derde lid, 107, 108 en 109 van het Verdrag heeft
                                vastgesteld;</al></li><li nr="-"><al>onderneming: iedere eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze van
                                financiering, die een economische activiteit uitoefent;</al></li><li nr="-"><al>Verdrag: Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door
                            burgemeester en wethouders, met uitzondering van subsidies waarvoor bij
                            afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen en
                            subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de Algemene wet
                            bestuursrecht (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig
                            is).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten aanzien van subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig is
                            kunnen burgemeester en wethouders bepalen dat deze verordening geheel of
                            gedeeltelijk van toepassing is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Subsidieregelingen</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders stellen bij nadere regeling (hierna te noemen:
                        subsidieregeling) vast welke activiteiten in aanmerking kunnen komen voor
                        subsidie. Voor zover van toepassing, wordt hierin tevens bepaald welke
                        doelgroepen voor subsidie in aanmerking komen, hoe de subsidie wordt
                        berekend en hoe de subsidiebedragen worden uitbetaald. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Europees steunkader</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader
                            noodzakelijk is, kunnen burgemeester en wethouders bij subsidieregeling
                            afwijken van deze verordening en deze aanvullen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden
                            gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar
                            het toepasselijke steunkader.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidies waar een Europees steunkader op van toepassing is,
                            verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepalingen van
                            het steunkader.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen
                            alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten in
                            aanmerking die voldoen aan de eisen van het toepasselijke
                            steunkader.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij subsidies waarop de de-minimisverordening van toepassing is, komen
                            ondernemingen alleen in aanmerking voor subsidies die voldoen aan de
                            voorwaarden van de de-minimisverordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen subsidieplafonds vaststellen. In dat
                            geval bepalen zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de
                            betrokken subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen een subsidieplafond verlagen:</al><lijst><li nr="a."><al>als het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het
                                    betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; of</al></li><li nr="b."><al>als de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking
                                    heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het
                                    betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd
                            overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van
                            verlaging.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of
                            goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen
                            op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de
                            verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij
                                burgemeester en wethouders met gebruikmaking van een door
                                burgemeester en wethouders vastgesteld aanvraagformulier.</al></li><li nr="2."><al>Bij de aanvraag legt de aanvrager de volgende gegevens over:</al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie
                                        wordt aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>de doelen en resultaten of effecten welke met die
                                        activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten
                                        daaraan bijdragen;</al></li><li nr="c."><al>een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van
                                        deze activiteiten. Het dekkingsplan bevat een opgave van bij
                                        anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve
                                        van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van
                                        zaken daarvan;</al></li><li nr="d."><al>als de aanvrager een onderneming is:</al><al>1° een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm
                        ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen
                        voor de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;</al><al>2° een verklaring als bedoeld in de de-minimisverordening
                        (de-minimisverklaring);</al></li><li nr="e."><al>als het een subsidie betreft die per boekjaar aan een rechtspersoon
                                wordt verstrekt, de stand van de egalisatiereserve op het moment van
                                de aanvraag.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Een rechtspersoon die voor de eerste maal subsidie
                                        aanvraagt, voegt een exemplaar van de oprichtingsakte, de
                                        statuten, alsmede van het jaarverslag, de jaarrekening en de
                                        balans van het voorgaande jaar toe aan de aanvraag.</al></li><li nr="4."><al>Bij subsidieregeling kan van de voorgaande leden worden
                                        afgeweken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, wordt
                            ingediend uiterlijk 1 mei voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de
                            aanvraag betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een aanvraag om een subsidie die per boekjaar wordt verstrekt wordt
                            uiterlijk twaalf weken voorafgaand aan dat boekjaar ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Andere aanvragen om subsidie worden ingediend twaalf weken voordat de
                            aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor de
                            subsidie wordt aangevraagd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie als
                            bedoeld in artikel 7, eerste lid, uiterlijk op 31 decembervan het
                            jaar waarin de aanvraag is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om een subsidie als
                            bedoeld in artikel 7, tweede en derde lid, binnen acht weken nadat de
                            volledige aanvraag is ingediend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde lid,
                            van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie wordt de
                            termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft
                            genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Weigerings- en intrekkingsgronden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene
                                wet bestuursrecht weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in
                                ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde
                                        lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
                                        onverenigbaar is met de interne markt.</al></li><li nr="b."><al>als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot
                                        terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking
                                        van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en
                                        onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is
                                        verklaard.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Onverminderd het vorige lid kunnen burgemeester en wethouders de
                                subsidie verder in ieder geval weigeren:</al><lijst><li nr="a."><al>als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in
                                        overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar
                                        ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de
                                        gemeente of haar ingezetenen;</al></li><li nr="b."><al>als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor
                                        het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt
                                        gevraagd;</al></li><li nr="c."><al>in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3
                                        van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het
                                        openbaar bestuur;</al></li><li nr="d."><al>als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om
                                        voor subsidie in aanmerking te komen;</al></li><li nr="e."><al>als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een
                                        wettelijk voorschrift;</al></li><li nr="f."><al>als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de
                                        Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde
                                        lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
                                        verenigbaar is met de interne markt;</al></li><li nr="g."><al>de te subsidiëren activiteiten in strijd zijn met de
                                        openbare orde;</al></li><li nr="h."><al>in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde
                                        gevallen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Burgemeester en wethouders kunnen een subsidie in ieder geval
                                intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3
                                van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                bestuur.</al></li><li nr="4."><al>De weigering door een belanghebbende tot het verstrekken van
                                informatie dan wel de weigering mee te werken aan een onderzoek in
                                het kader van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het
                                openbaar bestuur, wordt aangemerkt als een grond tot weigering of
                                intrekking van een subsidie.</al></li><li nr="5"><al>Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als dit
                        nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese
                        Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Voor zover dit niet is bepaald bij subsidieregeling, wordt bij de
                        verleningsbeschikking vermeld op welke wijze de subsidieontvanger de
                        besteding van de subsidie dient te verantwoorden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Algemene verplichtingen van subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de
                            subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat
                            niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal
                            worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld aan
                            burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een subsidieontvanger informeert burgemeester en wethouders onverwijld
                            schriftelijk over:</al><lijst><li nr="a."><al>beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging
                                    van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot
                                    ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                    verhouding met derden;</al></li><li nr="c."><al>ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de
                                    subsidie verbonden verplichtingen niet of niet geheel zullen
                                    kunnen worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de
                                    gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of
                                    bestuurders en het doel van de rechtspersoon.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen worden
                            verbonden met betrekking tot het beheer en gebruik van hetgeen met de
                            subsidie tot stand is gebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij subsidies hoger dan € 50.000, verleend voor activiteiten die meer
                            dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden opgelegd tot
                            het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording over de tot dan
                            verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten. De
                            verantwoording wordt niet vaker dan één keer per jaar verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot en met € 5.000 worden door burgemeester en wethouders
                            direct vastgesteld of verleend en – tenzij toepassing wordt gegeven aan
                            het volgende lid – binnen twaalf weken nadat de activiteiten uiterlijk
                            moeten zijn verricht, ambtshalve vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het vorige lid kan de
                            aanvrager worden verplicht om op de daarbij aangegeven wijze aan te
                            tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt, zijn
                            verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden
                            verplichtingen. In dat geval vindt de vaststelling plaats binnen twaalf
                            weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 5.000 wordt
                            aanstonds een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende
                            subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tussen € 5.000 en € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 5.000 doch ten hoogste € 50.000 dient de
                            subsidieontvanger uiterlijk twaalf weken nadat de gesubsidieerde
                            activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de
                            gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kan worden bepaald dat op een andere manier wordt
                            aangetoond in hoeverre de activiteiten zijn verricht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies van meer dan € 50.000</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij subsidies van meer dan € 50.000 dient de subsidieontvanger een
                            aanvraag tot vaststelling in:</al><lijst><li nr="a."><al>in geval van een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt,
                                    uiterlijk op 30 april van het jaar dat volgt op het betrokken
                                    kalenderjaar;</al></li><li nr="b."><al>in geval van een subsidie die per boekjaar wordt verstrekt,
                                    uiterlijk zestien weken na afloop van het betrokken
                                    boekjaar;</al></li><li nr="c."><al>in andere gevallen uiterlijk zestien weken nadat de
                                    gesubsidieerde activiteiten zijn verricht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de
                                    gesubsidieerde activiteiten zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan
                                    verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                    jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting
                                    daarop; en</al></li><li nr="d."><al>een controleverklaring;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of
                            andere gegevens worden verlangd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Subsidievaststelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen de subsidie vast binnen twaalf weken
                            na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij bij
                            subsidieregeling anders is bepaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste vier weken worden
                            verdaagd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidieregeling kunnen categorieën subsidieontvangers worden
                            aangewezen waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat een
                            aanvraag tot subsidievaststelling hoeft te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip,
                            bedoeld in de artikelen 14, eerste lid en 15, eerste lid, onder a, b of
                            c, is ingediend, kunnen burgemeester en wethouders de subsidieontvanger
                            schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de aanvraag niet binnen
                            deze termijn ingediend dan kunnen zij overgaan tot ambtshalve
                            vaststelling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Berekening van uurtarieven, uniforme kostenbegrippen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Als bij de bepaling van de subsidiabele kosten gebruik wordt gemaakt van
                            uurtarieven, worden deze door de subsidieaanvrager berekend met
                            gebruikmaking van een bij de subsidieregeling of bij de
                            subsidieverlening voorgeschreven berekeningswijze.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het hanteren van kostenbegrippen bij de berekening van uurtarieven
                            wordt uitgegaan van bij de subsidieregeling of bij de subsidieverlening
                            voorgeschreven definities.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij subsidie waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen
                            alleen die tarieven en kostenbegrippen in aanmerking die voldoen aan de
                            eisen van het toepasselijke steunkader.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen deze verordening, met uitzondering van
                            de artikelen 2, 3 en 4, in individuele gevallen buiten toepassing laten
                            of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de
                            subsidieaanvrager of subsidieontvanger gevolgen zou hebben die
                            onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te
                            dienen doelen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en
                            hiervan wordt periodiek verslag gedaan aan de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2017 onder gelijktijdige
                            intrekking van de Algemene Subsidieverordening gemeente Korendijk 2012
                            en de Beleidsregels behorend bij de Algemene Subsidieverordening
                            gemeente Korendijk (2013).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op aanvragen om subsidie waarop is beschikt voor deze datum zijn de
                            bepalingen van de Algemene Subsidieverordening gemeente Korendijk 2012
                            en de Beleidsregels behorend bij de Algemene Subsidieverordening
                            gemeente Korendijk (2013 )van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op aanvragen om subsidie voor het subsidiejaar 2017 die zijn ingediend
                            voor 1 januari 2017, maar waarop nog niet is beslist, beslist het
                            college met toepassing van de Algemene subsidieverordening gemeente
                            Korendijk 2017.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening
                            gemeente Korendijk 2017.</al></lid></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>