<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR40274_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Koggenland 2009</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Koggenland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-30</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Koggenland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Kogge Express, 18-03-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Koggenland 2009</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 82</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/geldigheidsdatum_07-09-2010"/><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-03-09</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-03-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-06-20</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Geen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Koggenland 2009</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In dit reglement wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: de voorzitter van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="b."><al>amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening
                                    of ontwerp-beslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te
                                    worden opgenomen;</al></li><li nr="c.."><al>subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig
                                    amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen
                                    in het amendement, waarop het betrekking heeft;</al></li><li nr="d."><al>motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp
                                    waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;</al></li><li nr="e."><al>voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de
                                    vergadering;</al></li><li nr="f."><al>initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een
                                    ander voorstel.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><al>De voorzitter is belast met: </al><lijst><li nr="1."><al>het leiden van de vergadering; </al></li><li nr="2."><al>het handhaven van de orde; </al></li><li nr="3."><al>het doen naleven van het reglement van orde; </al></li><li nr="4."><al>hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder opdraagt.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De griffier</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier is in elke vergadering van de raad aanwezig. </al></li><li nr="2."><al>Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door
                                    een door de raad daartoe aangewezen plaatsvervangend griffier.
                                </al></li><li nr="3."><al>De griffier kan, indien daartoe door de voorzitter uitgenodigd,
                                    aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.
                                </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>De raad kan het college verzoeken de secretaris in de vergadering
                            aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als
                            bedoeld in dit reglement. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Het presidium</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad heeft een presidium. </al></li><li nr="2."><al>Het presidium bestaat uit de voorzitter en de
                                    fractievoorzitters. De griffier is in elke vergadering van het
                                    presidium aanwezig. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor
                                    het presidium. </al></li><li nr="4."><al>De fractievoorzitter wordt bij afwezigheid vervangen door zijn
                                    waarnemer. </al></li><li nr="5."><al>Elke fractievoorzitter heeft één stem in het presidium. </al></li><li nr="6."><al>Het presidium heeft, naast de taken opgenomen in de artikelen 6,
                                    9, 16, 20, 40, 42 en 43 van deze verordening, als taak
                                    aanbevelingen te doen aan de raad inzake de organisatie van de
                                    werkzaamheden van de raad en van zijn commissies en overlegt
                                    hiertoe tenminste een maal per jaar met de agendacommissie over
                                    de lange termijn agenda, en bespreekt algemeen bestuurlijke
                                    aangelegenheden. </al></li><li nr="7."><al>Het presidium is toegankelijk voor raadsleden en commissieleden
                                    als bedoeld in artikel 4 lid 3 van de Verordening op de
                                    raadscommissies Koggenland 2009.</al></li><li nr="8."><al>Het presidium kan bepalen dat zijn vergaderingen niet
                                    toegankelijk zijn voor de personen als bedoeld in lid 7.</al></li><li nr="9."><al>De griffier maakt een kort verslag van de vergadering van het
                                    presidium.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5a</nr><titel/></kop><lijst><li nr="1."><al>In aansluiting op een vergadering van het presidium kan op
                                    verzoek van een van de leden van het presidium een
                                    seniorenconvent plaatsvinden.</al></li><li nr="2."><al>Het seniorenconvent bestaat uit de voorzitter en de
                                    fractievoorzitters. De griffier is in elke vergadering van het
                                    seniorenconvent aanwezig.</al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor
                                    het seniorenconvent.</al></li><li nr="4."><al>De fractievoorzitter wordt bij afwezigheid vervangen door zijn
                                    waarnemer.</al></li><li nr="5."><al>Een bijeenkomst van het seniorenconvent is besloten.</al></li><li nr="6."><al>Van een bijeenkomst van het seniorenconvent wordt geen verslag
                                    gemaakt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De agendacommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De agendacommissie bestaat uit het presidium en de
                                    commissievoorzitters. De griffier en commissiegriffiers zijn in
                                    elke vergadering van de agendacommissie aanwezig. </al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan voorstellen de secretaris uit te nodigen voor
                                    de agendacommissie. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Toelating van nieuwe leden; benoeming wethouders; fracties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging; benoeming wethouders</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij elke benoeming van nieuwe leden van de raad stelt de raad
                                    een commissie in bestaande uit drie leden van de raad. De
                                    commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking
                                    hebbende stukken van nieuw benoemde leden en het proces-verbaal
                                    van het (centraal)stembureau. </al></li><li nr="2."><al>De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven
                                    verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een
                                    besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een
                                    minderheidsstandpunt. </al></li><li nr="3."><al>Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten leden
                                    van de raad op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe
                                    samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de
                                    voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. </al></li><li nr="4."><al>In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de
                                    voorzitter een nieuw benoemd lid van de raad op voor de
                                    vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt
                                    beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te
                                    leggen. </al></li><li nr="5."><al>Bij de benoeming van een wethouder wordt overeenkomstig het
                                    eerste lid een commissie ingesteld welke onderzoekt of de
                                    kandidaat voldoet aan de eisen van de Gemeentewet. De werkwijze
                                    van deze commissie is overeenkomstig het tweede lid. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Fractie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De leden van de raad, die door het centraal stembureau op
                                    dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de
                                    aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een
                                    lijstnummer slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een
                                    afzonderlijke fractie beschouwd. </al></li><li nr="2."><al>Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst,
                                    voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien
                                    geen aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de
                                    fractie in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter
                                    mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren. </al></li><li nr="3."><al>De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als
                                    diens plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk
                                    doorgegeven aan de voorzitter.</al><lijst><li nr="a."><al>Indien:</al><lijst><li nr="-"><al>één of meer leden van een fractie als
                                                  zelfstandige fractie gaan optreden;</al></li><li nr="-"><al>twee of meer fracties als één fractie gaan
                                                  optreden;</al></li><li nr="-"><al>één of meer leden van een fractie zich
                                                  aansluiten bij een andere fractie;</al></li></lijst><al>wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk
                                            mededeling gedaan aan de voorzitter.</al></li><li nr="b."><al>met de onder a beschreven veranderde situatie wordt
                                            rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende
                                            vergadering van de raad na de mededeling daarvan.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen; voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op
                                        maandag volgens een jaarlijks door het presidium vast te
                                        stellen rooster op basis van een in beginsel vijf-wekelijkse
                                        cyclus, beginnen om 20.00 uur en worden gehouden in het
                                        gemeentehuis of een, op voorstel van het presidium, nader te
                                        bepalen locatie. </al></li><li nr="2."><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en
                                        aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen.
                                        Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende
                                        situatie, overleg in het presidium. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Oproep</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een vergadering
                                        de leden van de raad een schriftelijke oproep onder
                                        vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering.
                                    </al></li><li nr="2."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                        uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van
                                        de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met
                                        de schriftelijke oproep aan de leden van de raad verzonden.
                                    </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Agenda</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden
                                        van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 12.00 uur op de
                                        vrijdag voorafgaand aan de raadsvergadering een aanvullende
                                        agenda opstellen. Deze wordt met de daarbij behorende
                                        stukken aan de leden van de raad verzonden, en openbaar
                                        gemaakt. </al></li><li nr="2."><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast.
                                        Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de
                                        raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de
                                        agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. </al></li><li nr="3."><al>Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare
                                        beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp
                                        verwijzen naar een commissie of aan het college nadere
                                        inlichtingen of advies vragen. </al></li><li nr="4."><al>Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan
                                        de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten
                                        wijzigen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De wethouder</titel></kop><al/><al>De wethouders zijn als regel bij een raadsvergadering aanwezig en
                                kunnen, na toestemming van de voorzitter, deelnemen aan de
                                beraadslagingen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of
                                        voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het
                                        verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder op het
                                        gemeentehuis ter inzage gelegd. Indien na het verzenden van
                                        de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd,
                                        wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en
                                        zo mogelijk in een openbare kennisgeving. </al></li><li nr="2."><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet
                                        buiten het gemeentehuis gebracht. </al></li><li nr="3."><al>Indien omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of
                                        tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd,
                                        blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder
                                        berusting van de griffier en verleent de griffier de leden
                                        van de raad inzage. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergadering wordt door aankondiging in één of meer dag-,
                                        nieuws-, of huis-aan-huisbladen, in het gemeentelijk
                                        informatieblad of op de voor afkondigingen in de gemeente
                                        gebruikelijke wijze en door plaatsing op de gemeentelijke
                                        website openbaar gemaakt. </al></li><li nr="2."><al>De openbare kennisgeving vermeldt: a. de datum, aanvangstijd
                                        en plaats, alsmede de voorlopige agenda van de vergadering;
                                        b. de wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de
                                        vergadering behorende stukken kan inzien.</al></li><li nr="3."><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende voorstellen en
                                        concept-besluiten worden, voor zover mogelijk, op de website
                                        van de gemeente geplaatst. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Presentielijst</titel></kop><al>Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid van de raad de
                                presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst
                                door de voorzitter en de griffier door ondertekening
                                vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Zitplaatsen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben
                                        een vaste zitplaats, door de voorzitter na overleg in het
                                        presidium bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van
                                        de raad aangewezen. </al></li><li nr="2."><al>Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de
                                        indeling herzien na overleg in het presidium. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de
                                        wethouders, secretaris en overige personen, die voor de
                                        vergadering zijn uitgenodigd. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                        indien het daarvoor door de wet vereiste aantal leden van de
                                        raad blijkens de presentielijst aanwezig is. </al></li><li nr="2."><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                        vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na
                                        voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van
                                        de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van
                                        de Gemeentewet. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Primus bij hoofdelijke stemming</titel></kop><al>Alvorens de aangekondigde onderwerpen aan de orde te stellen deelt
                                de voorzitter mede, bij welk lid van de raad, de hoofdelijke
                                stemming zal beginnen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van
                                de presentielijst aangewezen; bij het daar genoemde lid begint de
                                hoofdelijke stemming. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Verslag en besluitenlijst</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De griffier draagt zorg voor het bijhouden van een
                                        presentielijst, een verslag en de besluitenlijst van de
                                        vergadering. </al></li><li nr="2."><al>Het conceptverslag van de voorgaande vergadering wordt aan
                                        de leden van de raad toegezonden binnen twee weken na de
                                        vergadering en uiterlijk gelijktijdig met de schriftelijke
                                        oproep. Het conceptverslag wordt gelijktijdig aan de overige
                                        personen die het woord gevoerd hebben, toegezonden. </al></li><li nr="3."><al>De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de
                                        secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering
                                        aan de raad te doen, indien het conceptverslag onjuistheden
                                        bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen gezegd of besloten
                                        is. Een voorstel tot verandering dient voor de aanvang van
                                        de vergadering bij de griffier te worden ingediend. </al></li><li nr="4."><al>Het verslag bevat ten minste: a. de namen van de voorzitter,
                                        de griffier, de secretaris, de wethouders en de ter
                                        vergadering aanwezige leden, alsmede van de leden die
                                        afwezig waren en overige personen die het woord gevoerd
                                        hebben; b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn
                                        geweest; c. een zakelijke samenvatting van het gesprokene
                                        met vermelding van de namen van de aanwezigen die het woord
                                        voerden; d. een overzicht van het verloop van elke stemming,
                                        met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de
                                        leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de
                                        namen van de leden die zich overeenkomstig de Gemeentewet
                                        van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van
                                        hun stem hebben vergist; e. de tekst van de ter vergadering
                                        ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde,
                                        moties, amendementen en subamendementen; f. bij het
                                        desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die
                                        personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 25
                                        door de raad is toegestaan deel te nemen aan de
                                        beraadslagingen. </al></li><li nr="5."><al>Het verslag wordt in de eerstvolgende vergadering
                                        vastgesteld, waarna dit door de voorzitter en de griffier
                                        wordt ondertekend. </al></li><li nr="6."><al>De besluitenlijst wordt opgesteld onder zorg van de
                                        griffier. Voor zover de aard en de inhoud van de
                                        besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de
                                        besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de vergadering
                                        openbaar gemaakt door plaatsing op de gemeentelijke website.
                                    </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Ingekomen stukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke
                                        mededelingen van het college aan de raad, worden op een
                                        lijst geplaatst. Deze lijst wordt met de agenda aan de leden
                                        van de raad toegezonden en ter inzage gelegd. </al></li><li nr="2."><al>Na de vaststelling van het verslag stelt de raad, zonodig op
                                        voorstel van het presidium, de wijze van afdoening van de
                                        ingekomen stukken vast. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in
                                        ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
                                    </al></li><li nr="2."><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.
                                    </al></li><li nr="3."><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                        voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. </al></li><li nr="4."><al>Het derde lid is niet van toepassing op: a. de rapporteur
                                        van een commissie; b. het lid dat een (sub)amendement, een
                                        motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend, voor wat
                                        betreft dat amendement, die motie of dat voorstel. </al></li><li nr="5."><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde
                                        onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet
                                        meegerekend het spreken over een voorstel van orde. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Spreektijd</titel></kop><al>Een lid van de raad kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                                leden en de overige aanwezigen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij:
                                        a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van
                                        dit reglement te herinneren; b. een lid hem interrumpeert.
                                        De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere
                                        interrupties zijn betoog zal afronden. </al></li><li nr="2."><al>Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke
                                        uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling
                                        zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
                                        interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt
                                        hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de
                                        betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de
                                        voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats
                                        heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.
                                    </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
                                        voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de
                                        heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering
                                        sluiten. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Beraadslaging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de
                                        raad beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp
                                        of voorstel afzonderlijk te beraadslagen. </al></li><li nr="2."><al>Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de
                                        voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een
                                        door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of
                                        de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad.
                                        De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode
                                        verstreken is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad kan bepalen dat anderen dan de in de vergadering
                                        aanwezige leden van de raad, de wethouder, de secretaris, de
                                        griffier en de voorzitter deelnemen aan de beraadslaging.
                                    </al></li><li nr="2."><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter
                                        of één der leden van de raad genomen alvorens met de
                                        beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde
                                        agendapunt een aanvang wordt genomen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Stemverklaring</titel></kop><al>Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming
                                overgaat, heeft ieder lid het recht zijn stemgedrag te motiveren.
                            </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Beslissing</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of
                                        voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de
                                        beraadslaging, tenzij de raad anders beslist. </al></li><li nr="2."><al>Nadat de beraadslaging is gesloten vindt, na een stemming
                                        over eventuele amendementen, de stemming plaats over het
                                        voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen
                                        stemming wordt gevraagd. </al></li><li nr="3."><al>Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel
                                        plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de
                                        te nemen eindbeslissing. </al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>Procedures bij stemmingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Algemene bepalingen over stemming</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien
                                        geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet
                                        verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder
                                        hoofdelijke stemming is aangenomen. </al></li><li nr="2."><al>In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in het
                                        verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
                                        tegengestemd of zich op grond van artikel 28 Gemeentewet van
                                        stemming te hebben onthouden. </al></li><li nr="3."><al>Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd, doet
                                        de voorzitter daarvan mededeling. </al></li><li nr="4."><al>De voorzitter (of de griffier) roept de leden van de raad
                                        bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij
                                        het lid dat daarvoor overeenkomstig artikel 18 is
                                        aangewezen. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de
                                        volgorde van de presentielijst. </al></li><li nr="5."><al>Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig
                                        lid dat zich niet van deelneming aan de stemming op grond
                                        van artikel 28 Gemeentewet moet onthouden verplicht zijn
                                        stem uit te brengen. </al></li><li nr="6."><al>De leden brengen hun stem uit door het woord 'voor' of
                                        'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging. </al></li><li nr="7."><al>Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist,
                                        dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het
                                        volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing
                                        pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de
                                        stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij
                                        zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit
                                        echter geen verandering. </al></li><li nr="8."><al>De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming
                                        mede, met vermelding van het aantal voor en tegen
                                        uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van
                                        het genomen besluit. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Stemming over amendementen en moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een amendement op een aanhangig voorstel is
                                        ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd. </al></li><li nr="2."><al>Indien op een amendement een subamendement is ingediend,
                                        wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens
                                        over het amendement. </al></li><li nr="3."><al>Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een
                                        aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de
                                        volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt
                                        de regel, dat het meest verstrekkende amendement of
                                        subamendement het eerst in stemming wordt gebracht. </al></li><li nr="4."><al>Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is
                                        ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en
                                        vervolgens over de motie. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Stemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer een stemming over personen voor het doen van een
                                        voordracht of het opstellen van een voordracht of
                                        aanbeveling moet plaatshebben, benoemt de voorzitter 3 leden
                                        tot stembureau. </al></li><li nr="2."><al>Ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet op grond
                                        van de Gemeentewet van stemming moet onthouden is verplicht
                                        een stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen
                                        identiek te zijn. </al></li><li nr="3."><al>Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te
                                        benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op
                                        voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen
                                        worden samengevat op één briefje. </al></li><li nr="4."><al>Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde
                                        stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge
                                        het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren.
                                        Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes
                                        vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe
                                        stemming gehouden. </al></li><li nr="5."><al>Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld
                                        in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te
                                        hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje
                                        hebben ingeleverd. </al></li><li nr="6."><al>In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje
                                        beslist de raad, op voorstel van de voorzitter. </al></li><li nr="7."><al>Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes
                                        onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.
                                    </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Herstemming over personen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte
                                        meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming
                                        overgegaan. </al></li><li nr="2."><al>Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de
                                        volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde
                                        stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede
                                        stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij
                                        de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee
                                        personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming
                                        uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal
                                        plaatshebben. </al></li><li nr="3."><al>Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de
                                        stemmen staken, beslist terstond het lot. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Beslissing door het lot</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen
                                        tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de
                                        voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes
                                        geschreven. </al></li><li nr="2."><al>Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn
                                        gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal
                                        gedeponeerd en omgeschud. </al></li><li nr="3."><al>Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de
                                        stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is
                                        gekozen. </al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Rechten van leden</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Amendementen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan tot het sluiten van de beraadslagingen
                                    amendementen indienen. Een amendement kan het voorstel inhouden
                                    om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te
                                    splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming zal
                                    plaatsvinden. Alleen beraadslaagd kan worden over amendementen
                                    die ingediend zijn door leden van de raad, die de presentielijst
                                    getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn. </al></li><li nr="2."><al>Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het
                                    amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te
                                    stellen (subamendement). </al></li><li nr="3."><al>Elk (sub)amendement en elk voorstel moet om in behandeling
                                    genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter worden
                                    ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige
                                    karakter van het voorgestelde -oordeelt, dat met een mondelinge
                                    indiening kan worden volstaan. </al></li><li nr="4."><al>Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is
                                    mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft
                                    plaatsgevonden. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>34</nr><titel>Moties</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ieder lid van de raad kan ter vergadering een motie indienen.
                                </al></li><li nr="2."><al>Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden
                                    schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. </al></li><li nr="3."><al>De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of
                                    voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp
                                    of voorstel plaats. </al></li><li nr="4."><al>De behandeling van een motie over een niet op de agenda
                                    opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda
                                    voorkomende onderwerpen zijn behandeld. </al></li><li nr="5."><al>Intrekking, door de indiener(s), van de motie is mogelijk totdat
                                    de besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>35</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter en ieder lid van de raad kunnen tijdens de
                                    vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan
                                    worden toegelicht. </al></li><li nr="2."><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen. </al></li><li nr="3."><al>Over een voorstel van orde beslist de raad terstond. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>36</nr><titel>Initiatiefvoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een initiatiefvoorstel moet om in behandeling genomen te kunnen
                                    worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. </al></li><li nr="2."><al>De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de
                                    eerstvolgende vergadering, tenzij de schriftelijke oproep
                                    hiervoor reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het
                                    voorstel op de agenda van de daaropvolgende vergadering
                                    geplaatst. </al></li><li nr="3."><al>De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de
                                    agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld,
                                    tenzij de raad oordeelt dat: a. het voorstel met het oog op de
                                    orde van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd
                                    voorstel of onderwerp dient te worden behandeld; b. het voorstel
                                    eerst dient te worden behandeld in een raadscommissie; c. het
                                    voorstel voor advies naar het college dient te worden gezonden.
                                    In dit geval bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel
                                    opnieuw geagendeerd wordt. </al></li><li nr="4."><al>De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling
                                    van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een verordening.
                                </al></li><li nr="5."><al>Op een spoedeisend initiatiefvoorstel, inhoudende het ontslag
                                    van een wethouder, zijn de bepalingen in dit artikel niet van
                                    toepassing. Een dergelijk voorstel kan na instemming van de raad
                                    terstond aan de agenda toegevoegd worden. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>37</nr><titel>Collegevoorstel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een voorstel van het college aan de raad, dat vermeld staat op
                                    de agenda van de raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken
                                    zonder toestemming van de raad. </al></li><li nr="2."><al>Indien de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in
                                    het eerste lid voor advies terug aan het college moet worden
                                    gezonden, bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel
                                    opnieuw geagendeerd wordt. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Interpellatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verzoek tot het houden van een interpellatie wordt,
                                    behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende
                                    gevallen, uiterlijk 12.00 uur op de donderdag voorafgaand aan de
                                    raadsvergadering schriftelijk bij de voorzitter ingediend. Het
                                    verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp
                                    waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen
                                    vragen. </al></li><li nr="2."><al>De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig
                                    mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en de
                                    wethouders. Bij de vaststelling van de agenda van de
                                    eerstvolgende vergadering na indiening van het verzoek wordt het
                                    verzoek in stemming gebracht. De raad bepaalt op welk tijdstip
                                    tijdens de vergadering de interpellatie zal worden gehouden.
                                </al></li><li nr="3."><al>De interpellant voert niet meer dan tweemaal het woord, de
                                    overige leden van de raad, de burgemeester en de wethouders niet
                                    meer dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Schriftelijke vragen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
                                    vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen
                                    wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording
                                    wordt verlangd. Vragen die niet voldoen aan het hiervoor
                                    gestelde worden per omgaande aan de indiener teruggestuurd.
                                </al></li><li nr="2."><al>De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg
                                    voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige
                                    leden van de raad en het college of de burgemeester worden
                                    gebracht. </al></li><li nr="3."><al>Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
                                    ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn
                                    binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering, door plaatsing van de vragen op
                                    de lijst van ingekomen stukken. Indien beantwoording niet binnen
                                    deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid
                                    van het college of de burgemeester de vragensteller hiervan
                                    gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt,
                                    waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt
                                    behandeld als een antwoord. </al></li><li nr="4."><al>De antwoorden van het college of de burgemeester worden door
                                    tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad
                                    toegezonden. </al></li><li nr="5."><al>De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
                                    eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
                                    in dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de
                                    agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
                                    omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
                                    antwoord, tenzij de raad anders beslist.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Vragenhalfuur</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Op de dag van de raadsvergadering is voorafgaand aan de
                                    vergadering is er een vragenhalfuur, tenzij er bij de voorzitter
                                    geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan het
                                    presidium bepalen dat het vragenhalfuur op een ander tijdstip
                                    wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het
                                    vragenhalfuur eindigt. </al></li><li nr="2."><al>Het lid van de raad dat tijdens het vragenhalfuur vragen wil
                                    stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp uiterlijk
                                    11.00 uur op de vrijdag voorafgaand aan het vragenhalfuur bij de
                                    voorzitter. De voorzitter kan na overleg met het presidium
                                    weigeren een onderwerp tijdens het vragenhalfuur aan de orde te
                                    stellen indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht
                                    aangegeven of indien het onderwerp in de raadsvergadering op
                                    diezelfde dag aan de orde komt. </al></li><li nr="3."><al>De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde onderwerpen
                                    tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden gesteld. </al></li><li nr="4."><al>De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de
                                    vragensteller, voor het college, voor de burgemeester en voor de
                                    overige leden van de raad. </al></li><li nr="5."><al>Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om
                                    één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen
                                    en een toelichting daarop te geven. </al></li><li nr="6."><al>Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt
                                    de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te
                                    stellen. </al></li><li nr="7."><al>Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad het
                                    woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het
                                    college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde
                                    onderwerp. </al></li><li nr="8."><al>Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden ingediend en
                                    worden geen interrupties toegelaten. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Inlichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een lid van de raad over een onderwerp inlichtingen als
                                    bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van
                                    de Gemeentewet verlangt, wordt een verzoek daartoe, door
                                    tussenkomst van de griffier schriftelijk ingediend bij het
                                    college of de burgemeester. </al></li><li nr="2."><al>De griffier draagt er zorg voor dat de overige leden van de raad
                                    een afschrift van dit verzoek krijgen. </al></li><li nr="3."><al>De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de
                                    eerstvolgende of in de daarop volgende vergadering gegeven.
                                </al></li><li nr="4."><al>De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de
                                    vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Begroting en rekening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Procedure begroting</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding,
                            het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting
                            volgens een procedure die de raad, op voorstel van het presidium,
                            vaststelt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>43</nr><titel>Procedure jaarrekening</titel></kop><al>Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding
                            en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de
                            vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel
                            indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad, op voorstel van
                            het presidium, vaststelt.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Lidmaatschap van andere organisaties</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>44</nr><titel>Verslag en verantwoording</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de
                                    secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van
                                    het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander
                                    gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
                                    gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in
                                    aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken
                                    òf voor het sluiten van de vergadering) verslag te doen over
                                    zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn.
                                    Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de
                                    voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie. </al></li><li nr="2."><al>Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het
                                    stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 39,
                                    zijn van overeenkomstige toepassing. </al></li><li nr="3."><al>Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het
                                    eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze
                                    van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan
                                    daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld
                                    in artikel 41, zijn van overeenkomstige toepassing. </al></li><li nr="4."><al>Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere
                                    organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden
                                    heeft benoemd.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>45</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van
                            overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>46</nr><titel>Verslag</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het verslag van een besloten vergadering wordt niet rondgedeeld,
                                    maar ligt uitsluitend voor de leden ter inzage. </al></li><li nr="2."><al>Dit verslag wordt zo spoedig mogelijk in een besloten
                                    vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze
                                    vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet
                                    openbaar maken van dit verslag. Het vastgestelde verslag wordt
                                    door de voorzitter en de griffier ondertekend. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>47</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raad
                            overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de
                            inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De
                            raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>48</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, artikel 55,
                            tweede en derde lid, of artikel 86, tweede en derde lid, van de
                            Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt, indien
                            daarom wordt verzocht door het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd,
                            in een besloten vergadering met het desbetreffende orgaan overleg
                            gevoerd. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>8</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>49</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen
                                    uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare
                                    vergaderingen bijwonen. </al></li><li nr="2."><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere
                                    wijze verstoren van de orde is verboden. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>50</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens een openbare raadsvergadering
                            geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling
                            aan de voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Deze
                            aanwijzingen kunnen niet zover gaan dat zij de vrijheid van pers
                            aantasten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>51</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele
                            telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de
                            orde van de vergadering, zonder toestemming van de voorzitter, niet
                            toegestaan. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>9</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>52</nr><titel>Uitleg reglement</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent
                            de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de
                            voorzitter. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>53</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>De werkwijze zoals neergelegd in de verordening wordt jaarlijks
                            geëvalueerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>54</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Dit reglement treedt in werking op 21 maart 2009.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt het reglement van orde voor de
                                    vergaderingen van de raad van de Koggenland, vastgesteld op 2
                                    januari 2007. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>