<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR399519_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Participatieverordening sociaal domein Ridderkerk 2016</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-03-18</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Ridderkerk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-31982.html">Elektronisch gemeentejournaal, 2016, 31982</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Participatieverordening sociaal domein Ridderkerk 2016</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416&amp;artikel=150">Gemeentewet, art. 150</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0015703&amp;artikel=47">Participatiewet, art. 47</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0035362&amp;artikel=2.1.3">Wet maatschappelijke ondersteuning, art. 2.1.3 lid 3</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0034925&amp;artikel=2.10">Jeugdwet, art. 2.10</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0008903&amp;artikel=2">Wet sociale werkvoorziening, art. 2, lid 3</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2016-02-18</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2016-03-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-12-29</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>104956</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De Verordening Wmo Participatie Ridderkerk 2013, vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad van 25 april 2013 wordt met ingang van 18 februari 2016 ingetrokken.</al><al>De verordening Klantenparticipatie Sociale Zaken gemeente Ridderkerk 2009, vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad van 11 augustus 2009 wordt met ingang van 18 februari 2016 ingetrokken.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Participatieverordening sociaal domein Ridderkerk 2016</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Ridderkerk;</al><al/><al>Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 januari 2016, no.
                        1047956;</al><al/><al>Gelet op artikel 150 Gemeentewet, artikel 47 Participatiewet, artikel 2.1.3
                        lid 3 Wet maatschappelijke ondersteuning, artikel 2.10 Jeugdwet en artikel 2
                        lid 3 Wet sociale werkvoorziening;</al><al/><al>Overwegende dat de raad bij verordening regels dient te stellen over de
                        wijze waarop de personen of hun vertegenwoordigers die een beroep doen op de
                        Participatiewet, Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet en de Wet
                        sociale werkvoorzieningen betrokken worden bij de uitvoering van deze
                        wetten;</al><al/><al>Overwegende dat het voor cliënten en/of hun vertegenwoordigers mogelijk moet
                        zijn om invloed uit te oefenen op het lokale beleid;</al><al>Overwegende dat binnen het sociale domein steeds meer sprake is van
                        vergaande samenwerking;</al><al/><al>B E S L U I T</al><al/><al>vast te stellen de:</al><al/><al><vet>Participatieverordening sociaal domein Ridderkerk 2016</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>cliënt: degene die een beroep doet op ondersteuning door de gemeente
                                binnen het sociale domein;</al></li><li nr="b."><al>cliëntenparticipatie: de gestructureerde wijze waarop de gemeente
                                betrokkenen, waaronder in ieder geval personen als bedoeld in
                                artikel 7, lid 1 van de Participatiewet en hun vertegenwoordigers
                                betrekt bij de beleidsvorming, uitvoering en evaluatie van het
                                gemeentelijk beleid binnen het sociaal domein;</al></li><li nr="c."><al>Maatschappelijk Burgerplatform Ridderkerk (hierna: Maatschappelijk
                                Burgerplatform): het door het college ingestelde orgaan dat het
                                college gevraagd adviseert over beleidskaders die door de
                                gemeenteraad worden vastgesteld binnen het sociale domein (exclusief
                                armoedebeleid) in de gemeente Ridderkerk. Daarnaast kan dit platform
                                het college ongevraagd adviseren over de realisering van dit beleid
                                en over signalen uit de samenleving;</al></li><li nr="d."><al>Burgerplatform voor de Minima van Ridderkerk (hierna:
                                Minimaplatform): het door het college ingestelde orgaan dat het
                                college gevraagd adviseert over beleidskaders die door de
                                gemeenteraad worden vastgesteld met betrekking tot het armoedebeleid
                                in de gemeente Ridderkerk. Daarnaast kan dit platform het college
                                ongevraagd adviseren over de realisering van het armoedebeleid en
                                over signalen uit de samenleving;</al></li><li nr="e."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente Ridderkerk;</al></li><li nr="f."><al>de raad: de gemeenteraad van Ridderkerk;</al></li><li nr="g."><al>sociaal domein: sociaal domein is het overheidsbeleid gericht op het
                                verbeteren van de sociale positie van een gemeente en haar inwoners
                                en alle netwerken, instellingen, scholen, ondernemers en individuele
                                inwoners die daaraan een bijdrage leveren. Het gaat daarbij om de
                                uitvoering van de WMO 2015, de WSW, de Jeugdwet en de
                                Participatiewet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Invulling van cliëntenparticipatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college organiseert en faciliteert bijeenkomsten waar
                            cliëntenorganisaties,(vertegenwoordigers van) doelgroepen/cliënten,
                            participatieplatformleden, inwoners en professionals afhankelijk van het
                            (beleids)onderwerp bij betrokken worden, waarbij zij:</al><lijst><li nr="a."><al>vroegtijdig in staat worden gesteld gevraagd en ongevraagd
                                    advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen
                                    en beleidsvoorstellen;</al></li><li nr="b."><al>worden voorzien van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen
                                    vervullen;</al></li><li nr="c."><al>onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden;</al></li><li nr="d."><al>worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het
                                    overleg benodigde informatie. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij beleidsvorming van kaders, waaronder verordeningen die door de raad
                            worden vastgesteld, worden in ieder geval het Maatschappelijk
                            Burgerplatform en het Minimaplatform betrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Bevoegdheden Maatschappelijk Burgerplatform en Minimaplatform</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het Maatschappelijk Burgerplatform adviseert het college inhoudelijk
                            over de beleidskaders binnen het sociale domein (exclusief
                            armoedebeleid) die door de gemeenteraad worden vastgesteld en over de
                            realisering van het beleid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het Minimaplatform adviseert het college inhoudelijk over de
                            beleidskaders met betrekking tot het armoedebeleid die door de
                            gemeenteraad worden vastgesteld en over de realisering van het
                            beleid.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De platforms vertalen signalen van inwoners en doelgroepen in gevraagd
                            of ongevraagd advies voor het college.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De platforms kunnen het college om nadere informatie vragen over zaken
                            die het sociaal domein betreffen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De platforms zijn niet bevoegd te adviseren naar aanleiding van
                            klachten, bezwaarschriften en andere zaken die op individuele cliënten
                            betrekking hebben. Evenmin kan worden geadviseerd op het gebied van het
                            personeels- en organisatiebeleid.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De platforms zijn bevoegd hun aan het college uitgebrachte advies, zowel
                            gevraagde als ongevraagde, ook ter kennisname te sturen naar de
                            gemeenteraad. De gemeenteraad neemt kennis van de adviezen bij het
                            agendapunt Overige stukken in de commissievergadering en het vaststellen
                            van de Lijst van ingekomen stukken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Opvolging adviezen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt de gemeenteraad, voor zover het kwesties betreffen die
                            tot de bevoegdheid van de gemeenteraad behoren op de hoogte van een
                            uitgebracht advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als het college afwijkt van een door een platform gegeven advies, dan
                            wordt deze afwijking beargumenteerd aan de gemeenteraad aangeboden. Het
                            platform wordt van deze argumentatie op de hoogte gebracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere voorschriften
                            geven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De samenstelling, werkwijze en facilitering van het Maatschappelijk
                            Burgerplatform en het Minimaplatform worden vastgelegd in een
                            samenwerkingsconvenant. Deze convenanten worden aangegaan door het
                            college en de beide platforms. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op de dag nadat deze is
                                bekendgemaakt.</al></li><li nr="2."><al>De Verordening Wmo Participatie Ridderkerk 2013, vastgesteld in de
                                vergadering van de gemeenteraad van 25 april 2013 wordt met ingang
                                van 18 februari 2016 ingetrokken.</al></li><li nr="3."><al>De verordening Klantenparticipatie Sociale Zaken gemeente Ridderkerk
                                2009, vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad van 11
                                augustus 2009 wordt met ingang van 18 februari 2016 ingetrokken.
                            </al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van 18 februari
                        2016.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier,</ondertekening><ondertekening>mr. J.G. van Straalen</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De burgermeester,</ondertekening><ondertekening>mw. A. Attema</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>ALGEMENE TOELICHTING</vet></al><al>Gemeenten zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen
                        en zorg aan langdurig zieken en ouderen. In de Participatiewet, de Wet
                        maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet en de Wet sociale
                        werkvoorzieningen wordt bepaald dat de gemeente participatie moet
                        organiseren. Met deze verordening wordt uitvoering gegeven aan de verplichte
                        cliëntenparticipatie binnen de decentralisaties. De niet wettelijk
                        verplichte participatie die we in Ridderkerk willen toepassen, werken we
                        verder uit. De Ridderkerkse participatiepraktijk, zoals deze zich de laatste
                        jaren heeft ontwikkeld, krijgt een formele basis in deze verordening.</al><al/><al>In Ridderkerk zijn twee platforms actief binnen het sociale domein, het
                        Maatschappelijk burgerplatform Ridderkerk en het Burgerplatform voor de
                        minima van Ridderkerk. Deze platforms zijn bevoegd gevraagd en ongevraagd
                        advies te geven over te ontwikkelen beleid. Adviesaanvragen met betrekking
                        tot armoedebeleid zullen gericht worden aan het Minimaplatform. Overige
                        adviezen binnen het sociale domein worden voorgelegd aan het Maatschappelijk
                        Burgerplatform</al><al/><al>Naast de participatie via de platforms zullen in Ridderkerk, als daar
                        behoefte aan is, bijeenkomsten worden georganiseerd waarbij inwoners
                        cliëntenorganisaties, (vertegenwoordigers van) doelgroepen/cliënten,
                        participatieplatformleden, inwoners en professionals worden
                        uitgenodigd.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>